Siemens WI14W540EU, tekst van de handleiding
Pagina's 17–49 van 56 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–16verder op pagina 50 →
Pagina 17
Plaatsen en aansluiten nl
Transportbeveiligingen verwijderen.
Attentie!
Schade aan het apparaat
- De machine is voor transport met transportbeveiligingen geborgd. Niet verwijderde transportbeveiligingen kunnen bij gebruik van de machine bijv. de trommel beschadigen.
Verwijder voorafgaand aan het eerste gebruik absoluut de vier transportborgingen. Bewaar de transport- beveiligingen.
- Om bij later transport transportschade te voorkomen, moet u de transportbeveiligingen voor het transport beslist weer aanbrengen.
- 1. Slangen uit de houders halen.
- 2. Alle 4 transportbeveiligingsbouten met een steeksleutel SW13 losdraaien en verwijderen.
- 3. Hulzen verwijderen. Aansluitkabel uit de houders halen.
- 4. Afdekkapjes plaatsen.
- 5. Afdekkapjes boven vast aandrukken en tegelijkertijd naar beneden schuiven, tot de haakjes hoorbaar vastklikken.
Bewaar de bouten en hulzen voor een eventueel toekomstig transport.
- Blz. 28
Pagina 18
nl Plaatsen en aansluiten
Lengte van de slang en aansluitkabel
- Aansluiting aan de linkerkant A 205 cm
- Aansluiting aan de rechterkant
Tip: U kunt bij de vakhandel / Service een verlenging voor de Aquastop- resp. koudwatertoevoerslang (ca. 2,50 m) bestellen.
Bestelnr. WMZ 2380, WZ 10130, CZ 11350, Z 7070X0
Pagina 19
Plaatsen en aansluiten nl
Watertoevoer
Waarschuwing
Levensgevaar!
Bij contact met onder spanning staande onderdelen bestaat er elektrocutiegevaar.
Aqua-Stop-veiligheidssysteem niet in water onderdompelen (bevat een elektrisch ventiel).
Aanwijzingen
- Gebruik de wasmachine alleen met koud leidingwater.
- Sluit de wasmachine niet aan op de mengkraan van een geiser.
- Gebruik uitsluitend de meegeleverde of bij een geautoriseerde vakhandelaar gekochte toevoerslang, geen gebruikt exemplaar.
- De watertoevoerslang niet knikken of platdrukken.
- Verander (inkorten, doorsnijden) de watertoevoerslang niet (de sterkte is dan niet langer gegarandeerd).
- Draai de schroefverbindingen slechts handvast aan. Wanneer de schroefkoppelingen te stevig met gereedschap (tang) worden vastgedraaid, kunnen de schroefdraden beschadigd raken.
Optimale waterdruk in de waterleiding
minimaal 100 kPa (1 bar)
maximaal 1000 kPa (10 bar)
Uit de geopende kraan stroomt ten minste 8 liter water per minuut.
Bij hogere waterdruk een drukreduceerventiel inbouwen.
Aansluiting
Sluit de watertoevoerslang aan op de waterkraan (26,4 mm = ¾") en op het apparaat (bij modellen met Aquastop niet nodig, vast geïnstalleerd):
- op de kraan
- Model: Standard
- Model: Aqua-Secure
- Model: Aquastop
- op het apparaat
Model: Standard en Aqua-Secure
Aanwijzing: Kraan voorzichtig opendraaien en daarbij controleren of de aansluitingen niet lekken.
Schroefverbindingen staan onder waterleidingdruk.
Pagina 20
nl Plaatsen en aansluiten
Waterafvoer
Waarschuwing
Risico van verbranding!
Bij het wassen met hoge temperaturen kunnen er bij aanraking met heet zeepsop, bijv. wanneer er heet zeepsop in een wastafel wordt gepompt, brandwonden ontstaan.
Kom niet met uw handen in het hete zeepsop.
Attentie!
Waterschade
Wanneer de afvoerslang door de hoge druk van het water tijdens het afpompen uit de wastafel of van de aansluiting glijdt, kan het wegstromende water schade veroorzaken.
Borg de afvoerslang zodanig dat deze er niet uit kan schieten.
Attentie!
Beschadiging van het apparaat/textiel
Wanneer het uiteinde van de afvoerslang in het weggepompte water komt, kan het water in het apparaat worden teruggezogen en het apparaat / textiel beschadigd raken.
Let erop dat:
- de stop de afvoer van de wastafel niet afsluit.
- het uiteinde van de afvoerslang niet in het weggepompte water is gedompeld.
- het water snel genoeg wegstroomt.
Aanwijzing: De waterafvoerslang niet knikken of in de lengte uitrekken.
Aansluiting op een sifon
Verschil in hoogte tussen vloer en afvoer
- voor modellen Aqua-Secure, Standard min. 60 cm - max. 100 cm,
- voor model Aqua-Stop
0 - max. 100 cm.
Stellen
Overmatig geluid, vibraties en "lopen" kunnen het gevolg zijn van het niet correct stellen van het apparaat.
Alle vier de voetjes moeten stevig op de grond staan. Het apparaat mag niet wiebelen.
Controleer de horizontaal stelling van het apparaat m.b.v. een waterpas en corrigeer eventueel de stand door de apparaatvoeten af te stellen.
Het apparaat mag niet tegen de zijwanden van de inbouwnis liggen.
Contramoeren van de voorste apparaatvoetjes moet met een steeksleutel SW17 vast tegen de behuizing zijn geschroefd.
Pagina 21
Plaatsen en aansluiten nl
Elektrische aansluiting
Waarschuwing
Levensgevaar!
Bij contact met onder spanning staande onderdelen bestaat er elektrocutiegevaar.
- De stekker nooit met natte handen aanraken.
- Trek de aansluitkabel altijd uitsluitend aan de stekker en niet aan de kabel zelf, omdat deze anders beschadigd kan raken.
- Nooit de stekker uit het stopcontact trekken tijdens het gebruik.
Houd u aan de volgende instructies en zorg ervoor dat:
Aanwijzingen
- De netspanning en aangegeven spanning op de wasmachine (typeplaatje) met elkaar overeenstemmen.
De aansluitwaarde en de vereiste zekering is op het typeplaatje aangegeven.
- De wasmachine uitsluitend op wisselstroom wordt aangesloten, via een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met randaarde.
- De stekker in het stopcontact past.
- De doorsnede van de elektrische kabel groot genoeg is.
- Het aardingssysteem volgens de voorschriften is geïnstalleerd.
- Vervanging van de aansluitkabel (indien nodig) alleen door een vakkundig monteur. Een nieuwe kabel is bij de Servicedienst tegen meerprijs verkrijgbaar.
- Geen meervoudige stekkers/ contactdozen en/of verlengkabels gebruiken.
- Bij gebruik van een aardlekschakelaar alleen een type met dit symbool wordt gebruikt.
Alleen aardlekschakelaars met dit symbool voldoen aan de nu geldende voorschriften.
- Dat de netstekker te allen tijde vrij toegankelijk is. Wanneer het niet mogelijk is te voldoen aan de relevante regelgeving, dan moet een schakelaar (2-polige uitschakelaar) worden ingebouwd in de permanente installatie, overeenkomstig de regelgeving voor elektrische installaties.
- De netspanningskabel niet wordt geknikt, bekneld, gewijzigd of doorgesneden.
- De aansluitkabel niet in contact komt met warmtebronnen.
Pagina 22
nl Plaatsen en aansluiten
Inbouw van het apparaat
- 1. Voor het makkelijker inschuiven van
| het apparaatvoeten apparaat | apparaat de achterste (a) op de glijslede | indraaien | tot het (b) staat. |
| D | E | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
- 2. Inbouwnis voorbereiden.
- 3. Voedingskabel en slangen goed leggen. Apparaat erin schuiven en daarbij de voedingskabel en slangen geleiden.
Aanwijzing: Let erop dat de voedingskabel en slangen niet tussen de achterwand van het apparaat en de wand ingeklemd raken.
- 4. Slangen aansluiten. Blz. 19,
- Blz. 20
- 5. Voor het gebruik moet het apparaat op alle vier de apparaatvoeten staan, hiervoor de achterste voeten omlaag draaien.
[
Pagina 23
Plaatsen en aansluiten nl
NJ
- 6. Apparaat met een waterpas horizontaal stellen. Blz. 20
- 7. Meubeldeur op gewenste hoogte voor het apparaat houden en de bovenkant van het apparaat op de binnenkant van de deur markeren.
- Linkse aanslag
±
<DN>
- Rechtse aanslag
Pagina 24
nl Plaatsen en aansluiten
| <DN> | |
| Gaten boren. Voor het gat ∅ 35 | mm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
8.
een scharniergatboor gebruiken.
- PP
- PP
- 9. Scharnieren in de boorgaten plaatsen en vastschroeven.
Contraplaten van de magneetsluitingen vastschroeven.
- 10. Scharnieren in het apparaat plaatsen (1 + 2), Afdekrail erin schuiven (3) en vastschroeven (4).
Pagina 25: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 26
nl Plaatsen en aansluiten
- 14. Maat Y en Z opnemen.
- 15. Afstandhouder overeenkomstig de
| maten | vastschroeven. | ||
| >FP@ | |||
| ± | |||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
- 16. Plint plaatsen.
Aanwijzing: Bij een naar voren geschoven plint of bij een vlak afsluitend meubelfront is de timeLight* (optische indicatie op de vloer) niet zichtbaar.
*afhankelijk van het model
- 17. Stekker in het stopcontact steken.
Het inbouwen van uw apparaat is nu afgerond.
Pagina 27
Plaatsen en aansluiten nl
Vóór de eerste was
De wasmachine is voor het verlaten van de fabriek grondig gecontroleerd. Om eventuele restjes water van het testen te verwijderen, de wasmachine de eerste keer zonder wasgoed laten draaien.
Aanwijzing: De wasmachine moet deskundig worden geplaatst en aangesloten zijn. vanaf Blz. 14
Voorbereidende werkzaamheden:
- 1. Stekker in het stopcontact steken.
- 2. Waterkraan opendraaien.
Programma zonder wasgoed draaien:
- 1. Apparaat inschakelen.
- 2. Vuldeur sluiten t(rommel niet vullen met wasgoed!).
- 3. Programma Trommelreiniging 90 °C instellen.
- 4. Wasmiddellade openen.
- 5. Ca. 1 liter water in compartiment II gieten.
- 6. Waspoeder in compartiment II doen. Aanwijzing: Ter voorkoming van schuimvorming slechts de helft van de door de wasmiddelproducent aanbevolen hoeveelheid wasmiddel gebruiken. Gebruik geen wol- of fijnwasmiddel.
- 7. Wasmiddellade sluiten.
- 8. Toets kiezen.
- 9. Aan het einde van het programma apparaat uitschakelen.
Uw wasmachine is nu klaar voor gebruik.
Pagina 28
nl Plaatsen en aansluiten
Transporteren
bijv. bij verhuizing
Voorbereidende werkzaamheden:
- 1. Kraan dichtdraaien.
- 2. Waterdruk in de toevoerslang reduceren: Blz. 48; reinigen en onderhouden - Zeef in watertoevoer verstopt
- 3. Stekker van het apparaat uit het stopcontact trekken of de trekschakelaar uitschakelen.
- 4. Resterend sop afvoeren: Blz. 46; reinigen en onderhouden - afvoerpomp verstopt, noodlediging
- 5. Slangen demonteren.
Transportbeveiligingen monteren:
- 1. Afdekkingen eraf halen en bewaren. Schroevendraaier gebruiken.
- 2. Alle 4 de hulzen erin zetten. Aansluitkabel kan op de houders vastgeklemd worden.
- 3. Transportbeveiligingsbouten plaatsen en met een steeksleutel SW13 aandraaien.
Vóór het opnieuw in gebruik nemen:
Aanwijzingen
- absoluut de transportbeveiligingen verwijderen!
- ca. 1 liter water in compartiment II gieten, programma Afpompen kiezen en starten.
Zo voorkomt u dat bij de volgende wasbeurt wasmiddel ongebruikt in de afvoer stroomt.
Pagina 29
Het apparaat leren kennen nl
Apparaat leren kennen
Wasmachine
- Wasmiddellade
- 0 Bedieningspaneel / display
- 8 Vulvenster met greep
- Aftapslang
- Noodontgrendeling
- Afvoerpomp timeLight
3 timeLight
Wanneer het apparaat is ingeschakeld, verschijnt een optische indicatie voor programma-informatie op de vloer onder de meubeldeur.
U kunt de optische indicatie in- of uitschakelen. Blz. 43
Pagina 30
nl Het apparaat leren kennen
Bedieningspaneel
0
Programmakiezer: voor het kiezen van een programma en voor het in- en uitschakelen van de wasmachine middels de Uit-positie ;
Programma's
Een overzicht van alle programma's vindt u op het extra blad bij de gebruiksaanwijzing en plaatsingshandleiding.
Display voor instellingen en informatie
8
Pagina 31
Het apparaat leren kennen nl
Display
In het display ziet u informatie over het gekozen programma en de mogelijke instellingen.
3
| Toetsen | Display voor instelwaarden | Instelling |
|---|---|---|
| - - - 90 | Temperatuur in °C; - - = koud | |
| 0 | 0 - 1400*, - - - | Centrifugetoerental in T/min; 0 = zonder centrifugeren, - - - = spoelstop |
| 8 | 1 - 24h | Klaar in |
| speed/eco | ||
| Water+/Spoelen+ ** | ||
| Anti-kreuk ** | ||
| Voorwas ** | ||
| voor het starten, onderbreken (bijv. wasgoed bijvullen) en annuleren van het programma | ||
| 0 + 8 | Kinderbeveiliging / blokkering van het bedieningspaneel | |
| * maximale centrifugetoerental afhankelijk van model ** afhankelijk van het model | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 31)
| meer indicaties | Informatie over |
|---|---|
| 0 End - - - 0 | Programmastatus: wassen, spoelen, centrifugeren, programma-einde Programma-einde met instelling Spoelstop |
| Vuldeur vergrendeld | |
| Waterkraan gesloten / Waterdruk te laag | |
| Herinneringsfunctie voor trommelverzorging | |
| Schuim gedetecteerd | |
| : | Programmaduur bijv. 1:51; Klaar in tijd bijv. 8,5 h; aanbevolen belading bijv. 8,0 kg; programmastatus bijv. Einde |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 31)
* indicatie afhankelijk van het model
Pagina 32
nl Wasgoed
Wasgoed
Wasgoed voorbereiden
Attentie!
Beschadiging van het apparaat/textiel
Vreemde voorwerpen (bijv. munten, paperclips, naalden, spijkers) kunnen het wasgoed, of onderdelen van de wasmachine beschadigen.
Neem daarom de volgende aanwijzingen in acht bij de voorbereiding van uw was:
- Zakken leegmaken.
- Metalen voorwerpen (zoals paperclips etc.) verwijderen.
- Tere weefsels (panty’s, BH’s met beugel) in een wasnet wassen.
- Ritssluitingen sluiten, overtrekken dichtknopen.
- Zand uit zakken en omslagen borstelen.
- Rollers van vitrage verwijderen of vastbinden in een netje.
Wasgoed sorteren
Houdt u bij het sorteren van het wasgoed aan de aanwijzingen voor de verzorging en aan de opgaven van de producent, zoals aangegeven op de waslabels:
- soort weefsel/vezels
- kleur
Aanwijzing: Wasgoed kan verkleuren of niet goed schoon worden. Witte en bonte was dient u apart te wassen.
Nieuw bont wasgoed de eerste keer afzonderlijk wassen.
- mate van verontreiniging Kies steeds wasgoed dat in dezelfde mate verontreinigd is.
Enkele voorbeelden voor de mate van verontreiniging vindt u hier • Blz. 34.
- licht: niet voorwassen, eventueel instelling speed kiezen – normaal
- sterk: minder wasgoed in de wasautomaat doen, programma met voorwas kiezen
- vlekken: vlekken zolang ze nog 'vers' zijn, verwijderen/ voorbehandelen. Eerst met een sopje afdeppen/niet inwrijven.
Wasgoed hierna wassen met een geschikt programma.
Hardnekkige/ingedroogde vlekken verdwijnen pas na meerdere keren wassen.
- Symbolen op de verzorgingslabels Aanwijzing: Getallen in de symbolen verwijzen naar de maximaal in te stellen temperatuur van de wasautomaat.
- Geschikt voor normaal wasproces, bijv. programma Katoen
- Voorzichtig wasproces nodig, bijv. programma
Kreukherstellend
- Bijzonder voorzichtig wasprogramma nodig, bijv. programma Fijn/Zijde
- Geschikt voor handwas, bijv. programma Wol
- Was niet in de wasautomaat wassen.
Pagina 33
Wasgoed nl
Stijven
Aanwijzing: Het wasgoed mag niet met wasverzachter gespoeld zijn.
Stijfsel is met name bij het Spoelen en Katoen programma met vloeibaar stijfsel mogelijk. Doseer het stijfsel volgens instructies van de fabrikant in het compartiment (eventueel eerst schoonmaken).
Verven/Ontkleuren
Verf uitsluitend hoeveelheden die in het huishouden gebruikelijk zijn. Zout kan roestvrijstaal aantasten! Neem de instructies van de producent van de verf in acht!
Wasgoed niet in de machine ontkleuren!
Inweken
- 1. Giet inweekmiddel/wasmiddel in compartiment II volgens de aanwijzingen van de producent.
- 2. Selecteer het gewenste programma.
- 3. Druk op de knop om het programma te starten.
- 4. Druk na ca. tien minuten op de knop om het programma te pauzeren.
- 5. Druk na de gewenste inweektijd weer op de knop om het programma te hervatten of te wijzigen.
Aanwijzingen
- Doe wasgoed van dezelfde kleur in de machine.
- Er is geen extra wasmiddel nodig, de inweekoplossing wordt gebruikt voor het wassen.
Pagina 34
nl Wasmiddel
Wasmiddel
Juiste wasmiddelkeuze
Voor de juiste wasmiddelkeuze, temperatuur en behandeling van het wasgoed is het waslabel doorslaggevend. zie ook www.sartex.ch
Op de website www.cleanright.eu vindt u veel aanvullende informatie over was-, verzorgings- en reinigingsmiddelen voor huishoudelijk gebruik.
- Totaal wasmiddel met optische witmakers geschikt voor kookbestendige witte was van linnen of katoen Programma: Katoen / koud - max. 90 °C
- Bontwasmiddel zonder bleekmiddel en optische witmakers geschikt voor bonte was van linnen of katoen
Programma: Katoen / koud - max. 60 °C
- Bonte-/fijnwasmiddel zonder optisch witmiddel geschikt voor bonte was van kreukherstellende vezels, synthetische materialen Programma: Kreukherstellend / koud - max. 60 °C
- Fijnwasmiddel geschikt voor kwetsbaar, fijn textiel, zijde of viscose
Programma: Fijn/Zijde / koud - max. 40 °C
- Wolwasmiddel geschikt voor wol
Programma: Wol / koud - max. 40 °C
Energie en wasmiddel besparen
U kunt bij licht en normaal verontreinigde was besparen op energie (lagere wastemperatuur) en wasmiddel:
| Besparen | Mate van verontreiniging / Aanwijzing |
|---|---|
| Lagere temperatuur en minder wasmiddel volgens doseeradvies | licht Geen verontreiniging of vlekken zichtbaar. Kledingstukken hebben lichaamsgeur aangenomen, bijv.: ■ lichte zomer-/ sportkleding (enkele uren gedragen) ■ T-shirts, overhemden , blouses, (max. 1 dag gedragen) ■ Beddengoed en handdoeken van gasten (1 dag gebruikt) |
| normaal Verontreiniging zichtbaar / of een paar lichte vlekken herkenbaar, bijv.: ■ T-shirts, overhemden, blouses, (bezweet, meerdere malen gedragen) ■ Handdoeken, beddengoed (max. 1 week gebruikt) | |
| Temperatuur volgens het waslabel en wasmiddelhoeveelheid volgens doseeradvies / sterk verontreinigd | sterk Verontreiniging en/of vlekken duidelijk zichtbaar, bijv. theedoeken, babywas, werkkleding |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)
Aanwijzing: Bij dosering van alle was-/ hulp-/verzorgings- en reinigingsmiddelen moet u absoluut de aanwijzingen van de fabrikant en de overige aanwijzingen in acht nemen.
- Blz. 38
Pagina 35
nl
0 Programma voorinstellingen
De programmavoorinstellingen worden na het kiezen van het programma op het display weergegeven.
U kunt de voorinstellingen wijzigen.
Druk hiervoor zo vaak op de betreffende toets tot de gewenste instelling op het display verschijnt.
Aanwijzing: Door de toets langer ingedrukt te houden, lopen de instelwaarden automatisch verder tot de eindwaarde. Druk dan nogmaals op de toets en u kunt opnieuw de instelwaarde wijzigen.
Een overzicht van alle mogelijke programma-instellingen vindt u op het extra blad bij de gebruiksaanwijzing en plaatsingshandleiding.
Temperatuur
(Temp. °C, Temperatuur)
Voor en tijdens het programma kunt u afhankelijk van de programmavoortgang de ingestelde temperatuur wijzigen.
De maximaal in te stellen temperatuur hangt af van het gekozen programma.
Centrifugetoerental
(0, T/min, Centrifugeren, Centrifugetoerental)
Voor en tijdens het programma kunt u afhankelijk van de programmavoortgang het centrifugetoerental (in omw./min.; omwentelingen per minuut) wijzigen.
Instelling 0 : zonder eindcentrifugeren, het water wordt alleen afgepompd. Het wasgoed blijft nat in de trommel liggen,
bijv. voor wasgoed dat niet gecentrifugeerd mag worden.
Instelling - - -: spoelstop = zonder eindcentrifugeren, het wasgoed blijft na de laatste keer spoelen in het water liggen.
Spoelstop kunt u kiezen om kreukvorming te voorkomen, wanneer na afloop van het programma het wasgoed niet direct uit de wasautomaat wordt genomen.
Om het programma te hervatten/ beëindigen Blz. 41
Het maximaal in te stellen toerental hangt af van het gekozen programma en het model.
Klaar in
( , Klaar in)
Vóór programmastart kunt u het programma-einde (Klaar in-tijd) in stappen van 1 uur (h=uur) tot maximaal 24h van tevoren instellen.
Hiervoor:
- 1. Programma kiezen.
De programmaduur voor het gekozen programma bijv. 2:30 (uren:minuten) wordt weergegeven.
- 2. Toets Klaar in net zo vaak indrukken tot het gewenste aantal uren verschijnt.
- 3. Toets kiezen.
Het programma start.
Op het display wordt het gewenste aantal uren bijv. 8h weergegeven en afgeteld totdat het wasprogramma begint. Dan wordt de programmaduur weergegeven.
Aanwijzing: De programmaduur wordt bij een lopend programma automatisch aangepast.
Bepaalde factoren kunnen de programmaduur beïnvloeden, bijv.:
- programma-instellingen,
Pagina 36
nl Extra programma-instellingen
- wasmiddeldosering (evt. extra spoelbeurten vanwege schuimvorming),
- maximale belading/textielsoort (wateropname verschillend),
- onbalans (bijv. door hoeslakens) wordt door meermalige centrifugestarts gecompenseerd,
- variaties in de netspanning,
- waterdruk (toevoersnelheid).
Na programmastart kunt u het van tevoren ingestelde aantal uur als volgt wijzigen:
- 1. Toets kiezen.
- 2. Met de toets Klaar in het aantal uur wijzigen.
- 3. Toets kiezen.
Na programmastart kunt u indien nodig wasgoed bijvullen of uitnemen.
- Blz. 40
Extra programmainstellingen
Een overzicht van alle mogelijke extra instellingen vindt u op het extra blad bij de gebruiksaanwijzing en plaatsingshandleiding.
De instellingen zijn verschillend afhankelijk van model.
speed/eco
( / , speed/eco perfect)
Toets met twee instelmogelijkheden voor het aanpassen van het geselecteerde programma:
- speed
Voor het wassen in kortere tijd met vergelijkbaar wasresultaat, maar met hoger energieverbruik dan het gekozen programma zonder instelling speed/eco.
Aanwijzing: De maximale belading mag niet overschreden worden.
- eco
Energiezuinig wassen door tempertuurreductie bij vergelijkbaar wasresultaat bij het gekozen programma zonder instelling speed/eco.
Kies hiervoor toets. Eerst wordt u de speed-instelling aangeboden. Als u de toets nogmaals indrukt, is de ecoinstelling actief. Het betreffende symbool brandt op het display als de instelling geactiveerd is.
Als u de toets nogmaals indrukt, is er geen instelling actief.
Anti-kreuk
( , Licht strijken)
Toets afhankelijk van model
Beperkt de kreukvorming door een speciale centrifugemethode met aansluitend losser maken en een verlaagd centrifugetoerental.
Aanwijzing: Het restvochtgehalte van het wasgoed neemt toe.
Water+/Spoelen+
( , Extra spoelen, Extra water, Water+, Spoelen+)
Toets afhankelijk van model
Hoger waterniveau en extra spoelbeurt bij bijzonder gevoelige huid en/of voor gebieden met zeer zacht water
Voorwas
( , Voorwas)
Toets afhankelijk van model
Voor sterk verontreinigd wasgoed.
Aanwijzing: Wasmiddel over compartiment I en II verdelen.
Pagina 37
Apparaat bedienen nl
1 Apparaat bedienen
Wasmachine voorbereiden
Aanwijzing: De wasmachine moet deskundig worden geplaatst en aangesloten zijn. vanaf Blz. 14
- 1. Stekker in het stopcontact steken.
- 2. Waterkraan opendraaien.
- 3. Vuldeur openen.
- 4. Controleer of de trommel geheel leeg is. Eventueel leegmaken.
Programma kiezen/Apparaat inschakelen
Aanwijzing: Wanneer u de kinderbeveiliging hebt geactiveerd, dan moet u deze eerst deactiveren voordat u een programma kunt instellen.
Kies met de programmakiezer het gewenste programma. De knop kan in beide richtingen worden gedraaid.
Het apparaat is ingeschakeld.
Kort knipperen van de indicatie wijst u er op spoedig het programma Trommelreiniging of een ander willekeurig programma met minimaal 60 °C wastemperatuur uit te voeren.
Op het display en timeLight (wanneer de optische indicatie op de vloer geactiveerd en zichtbaar is) verschijnt bij geopende vuldeur programmainformatie voor het geselecteerde programma.
Trommelverlichting: na inschakeling van het apparaat, na het openen en sluiten van de vuldeur en na de programmastart gaat de trommelverlichting aan. De verlichting gaat automatisch weer uit.
Programma-voorinstellingen wijzigen
U kunt de voorinstellingen voor deze wasbeurt gebruiken of wijzigen.
Druk hiervoor zo vaak op de betreffende toets tot de gewenste instelling wordt weergegeven.
De instellingen zijn zonder bevestiging actief.
Deze blijven na het uitschakelen van de wasautomaat niet bewaard.
Programmavoorinstellingen Blz. 35
Extra programma-instellingen kiezen
Door het kiezen van extra instellingen kunt u het wasprogramma nog beter aanpassen aan uw wasgoed.
De instellingen kunnen afhankelijk van de programmavoortgang geselecteerd/ gedeselecteerd worden.
De indicatielampjes van de toesten branden wanneer de instelling actief is.
De instellingen worden na het uitschakelen van de wasautomaat niet bewaard.
Extra programma-instellingen
- Blz. 36
Pagina 38
nl Apparaat bedienen
Wasgoed in de trommel doen
Waarschuwing
Levensgevaar!
Wasgoed dat vóór het wassen met een reinigingsmiddel met oplosmiddel, bijv. vlekkenmiddel of wasbenzine is behandeld, kan nadat het in de wastrommel wordt gedaan tot een explosie leiden.
Spoel het wasgoed van te voren grondig met de hand.
Aanwijzingen
- Doe grote en kleine stukken wasgoed door elkaar. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. Losse stukken wasgoed kunnen tot onbalans leiden.
- Houd de aangegeven max. belading aan. Overbelading vermindert het wasresultaat en bevordert kreukvorming.
- 1. Voorgesorteerd wasgoed uit elkaar gevouwen in de trommel doen.
- 2. Vuldeur sluiten.
Aanwijzing: Let erop dat u daarbij geen wasgoed tussen vuldeur en rubberen manchet inklemt.
Was- en verzoringsmiddel doseren en bijvullen
Attentie!
Schade aan het apparaat
Reinigingsmiddelen en middelen voor het voorbehandelen van was (bijv. vlekkenmiddelen, voorwasspray,...) kunnen het oppervlak van de wasmachine aantasten wanneer ze er mee in aanraking komen.
Breng deze middelen niet in contact met de oppervlakken van de wasmachine. Eventueel sproeinevelresten en andere restanten / druppels direct met een vochtige doek afvegen.
Doseren
Doseer de was- en onderhoudsmiddelen overeenkomstig:
- de waterhardheid; welke u kunt opvragen bij uw waterleidingbedrijf
- de instructies van de fabrikant op de verpakking
- Hoeveelheid wasgoed
- Mate van verontreiniging Blz. 34
Vullen
Waarschuwing
Oog-/huidirritaties!
Bij het openen van de wasmiddellade tijdens bedrijf kan er was-/ verzorgingsmiddel uit spetteren.
Open de wasmiddellade voorzichtig. Spoel bij contact met was-/ verzorgingsmiddel de ogen uit, resp. de huid af.
Raadpleeg bij per ongeluk innemen een arts.
Aanwijzing: Dikvloeibare wasverzachter en textielversteviger met wat water aanlengen. Dit voorkomt verstopping in het leidingsysteem van de wasmachine.
Pagina 39
Apparaat bedienen nl
Doe het was- en verzorgingsmiddel in de betreffende compartimenten:
Doseerhulp A voor vloeibaar wasmiddel Compartiment II Wasmiddel voor de hoofdwas, waterontharder, bleekmiddel, vlekkenzout Compartiment Wasverzachter, vloeibaar stijfsel; max niet overschrijden Compartiment I Wasmiddel voor de voorwas
- 1. Wasmiddellade tot aan de aanslag uittrekken.
- 2. Vullen met was- en/of wasverzorgingsmiddel.
- 3. Wasmiddellade sluiten.
Inzetstuk voor vloeibaar wasmiddel
*afhankelijk van het model
Voor het doseren van vloeibaar wasmiddel positioneert u de doseerhulp:
- 1. Wasmiddellade tot aan de aanslag uittrekken.
- 2. Inzetstuk naar beneden drukken en de lade er helemaal uithalen.
- 3. Doseerstuk naar voren schuiven, naar beneden klappen en inklikken.
- 4. Lade weer terugplaatsen.
Aanwijzing: Gebruik de doseerhulp niet bij gel-achtige wasmiddelen en waspoeder en bij programma's met voorwas of wanneer Klaar in tijd gekozen is.
Bij modellen zonder doseerhulp vult u het vloeibare wasmiddel in een overeenkomstige doseerbol en legt u deze in de trommel.
Pagina 40
nl Apparaat bedienen
Starten van het programma
Kies toets . De indicatielamp brandt en het programma start.
Op het display en timeLight wordt tijdens het programma de Klaar in-tijd of, na het begin van het wasprogramma, de programmaduur en de symbolen voor de voortgang van het programma weergegeven.
Display Blz. 31 timeLight Blz. 29
Aanwijzing: Schuimdetectie
Wanneer op het display bovendien het symbool verschijnt, dan heeft de wasmachine te veel schuim tijdens het wasprogramma geconstateerd en daarna automatisch een extra spoelcyclus toegevoegd om het schuim tegen te gaan.
Doseer bij de volgend wasbeurt met gelijke belading minder wasmiddel.
Wilt u het programma tegen onbedoeld wijzigen beveiligen, kies dan als volgt de kinderbeveiliging.
Kinderbeveiliging
( 3 sec.)
U kunt de wasautomaat beveiligen tegen het per ongeluk wijzigen van de ingestelde functies. Hiervoor na de start van het programma de kinderbeveiliging activeren.
Voor het activeren/deactiveren ca. 3 seconden lang tegelijkertijd de toetsen Centrifugetoerental en Klaar in selecteren. Op het display verschijnt het symbool .
- brandt: De kinderbeveiliging is actief.
- knippert: De kinderbeveiliging is actief en er is aan de programmakiezer gedraaid. Voor het deactiveren van de kinderbeveiliging zet u de programmakiezer terug op het uitgangsprogramma. Het symbool brandt weer.
Aanwijzing: Om het afbreken van het programma te voorkomen, de programmakiezer hierbij niet over de Uit-positie heen draaien.
Aanwijzing: De kinderbeveiliging blijft na programma-einde en uitschakeling van het apparaat actief. U moet deze altijd deactiveren, wanneer u een nieuwe programma wilt starten.
Wasgoed bijvullen
Na programmastart kunt u indien gewenst wasgoed bijvullen of uitnemen.
Kies hiervoor toets .
Het indicatielampje van de toets knippert en de wasautomaat controleert of bijvullen mogelijk is.
Wanneer op het display:
- het symbool is uitgegaan, is bijvullen mogelijk.
- het symbool brandt, is bijvullen niet mogelijk.
Kies voor het hervatten van het programma de toets . Het programma wordt automatisch hervat.
Aanwijzingen
- Laat bij het bijvulllen de vuldeur niet langere tijd open staan - er kan water uit het wasgoed naar buiten lopen.
- Bij een hoog waterniveau, een hoge temperatuur of een draaiende trommel blijft de vuldeur om veiligheidsredenen vergrendeld en is bijvullen niet mogelijk.
- De beladingsindicatie is tijdens het bijvullen niet actief.
Pagina 41
Apparaat bedienen nl
Programma wijzigen
- 1. Toets kiezen.
- 2. Een ander programma kiezen.
- 3. Toets kiezen. Het nieuwe programma begint van voren af aan.
Progr. annuleren
Bij programma’s met hoge temperatuur:
- 1. Toets kiezen.
- 2. Wasgoed afkoelen: Spoelen kiezen.
- 3. Toets kiezen.
Bij programma’s met lage temperatuur:
- 1. Toets kiezen.
- 2. Centrifugeren kiezen.
- 3. Toets kiezen.
Programma-einde bij spoelstop
Op het display verschijnt - - - 0 en het indicatielampje van de toets knippert.
Hervat het programma door:
- de toets te kiezen of
- een centrifugetoerental te kiezen resp. de programmakiezer op Centrifugeren te zetten en dan toets te kiezen.
Programma-einde
Op het display verschijnt Einde en het indicatielampje van de toets is uit.
Het programma-einde wordt ook op de vloer weergegeven - mits:
- timeLight (optische indicatie) geactiveerd en zichtbaar is.
- de energiespaarmodus nog niet geactiveerd is. Blz. 13
Wasgoed uitnemen / apparaat uitschakelen
- 1. Vuldeur openen en wasgoed eruit halen.
- 2. Programmakiezer op Uit zetten. Het apparaat is uitgeschakeld.
- 3. Kraan dichtdraaien.
Aanwijzing: Niet nodig bij modellen met Aquastop.
Aanwijzingen
- Geen wasgoed achterlaten in de trommel. Dit kan bij de volgende wasbeurt krimpen of iets anders verkleuren.
- Eventuele ongewenste voorwerpen uit de trommel en de rubbermanchet verwijderen – gevaar van roestvorming.
- Rubber manchet droogvegen.
- Vuldeur en wasmiddellade open laten zodat het restwater kan opdrogen.
- Altijd het programma-einde afwachten, omdat anders het apparaat nog vergrendeld kan zijn.
Vervolgens het apparaat inschakelen en wachten op de ontgrendeling.
- Wanneer het display na afloop van het programma niet verlicht is, dan is de energiebesparingsmodus actief.
Om de displayverlichting weer in te schakelen een willekeurige toets indrukken.
Pagina 42
nl Sensoren
Sensoren
Beladingsautomaat
Afhankelijk van het soort textiel en de belading past de beladingsautomaat het waterverbruik optimaal aan elk programma aan.
Onbalans-controlesysteem
Het automatische onbalanscontrolesysteem herkent onbalans en zorgt door meermaals aanloopcentrifugeren voor een gelijkmatige verdeling van het wasgoed.
Bij een zeer ongunstige verdeling van het wasgoed wordt om veiligheidsredenen het toerental verlaagd of wordt er niet gecentrifugeerd.
Aanwijzing: Kleine en grote stukken wasgoed in de trommel doen.
- Blz. 51
VoltCheck
afhankelijk van model
Het automatische spanningscontrolesysteem herkent een ontoelaatbare spanningsonderschrijding. Op het display knippert de dubbele punt van de Klaar in-indicatie. Blz. 31
Is de voedingsspanning weer stabiel, dan brandt de dubbele punt in de Klaar in-indicatie (normale toestand).
De herkende spanningsonderschrijding wordt in het verdere programmaverloop door het branden van alle drie de punten op het display weergegeven.
Aanwijzing:
Spanningsonderschrijdingen kunnen bijv. tot programmaverlenging en/of een niet bevredigend centrifugeerresultaat leiden.
Pagina 43
Apparaatinstellingen nl
Apparaatinstellingen
U kunt de volgende instellingen wijzigen:
- het volume voor de instructiesignalen (bijv. aan het programma-einde).
- het volume voor de toetssignalen.
- de herinneringsfunctie voor het uitvoeren van het programma Trommelreiniging activeren/ deactiveren.
- timeLight (optische indicatie voor programma-informatie op de vloer) activeren/deactiveren.
Voor het wijzigen van de instellingen moet u eerst altijd de instelmodus activeren.
Instelmodus activeren
- 1. Programmakiezer op programma Katoen positie 1 zetten. De wasmachine is ingeschakeld.
- 2. Toets indrukken en tegelijkertijd de programmakiezer verder naar rechts naar positie 2 draaien. Toets loslaten.
De instelmodus is geactiveerd en op het display verschijnt het vooringestelde volume voor de instructiesignalen (bijv. aan het programma-einde).
Instellingen wijzigen
Door meerdere malen op toets Klaar in te drukken wijzigt u op de programmakiezer-posities:
- 2: het volume voor de instructiesignalen en/of
- 3: het volume voor de toetssignalen 0 = uit, 1 = zacht, 2 = gemiddeld
3 = luid, 4 = zeer luid
en/of
- 4: of de herinneringsfunctie voor het programma Trommelreiniging is geactiveerd (Aan) of gedeactiveerd (Uit) en/of
- 5: of de timeLight (optische indicatie voor programma-informatie op de vloer) is geactiveerd (Aan) of gedeactiveerd (Uit).
Instelmodus afsluiten
U kunt de procedure nu beëindigen en de programmakiezer op Uit zetten. De instellingen zijn opgeslagen.
Pagina 44
nl Reinigen en onderhouden
2 Reinigen en onderhouden
Waarschuwing
Levensgevaar!
Bij contact met onderdelen die onder spanning staan bestaat het risico van een elektrische schok.
Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact.
Waarschuwing
Kans op vergiftiging!
Door oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen zoals wasbenzine kunnen giftige dampen ontstaan. Gebruik geen oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen.
Attentie!
Schade aan het apparaat
Oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen, zoals bijv.
wasbenzine, kunnen oppervlakken en onderdelen van het apparaat aantasten. Gebruik geen oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen.
Zo voorkomt u biofilmvorming en geuroverlast:
Aanwijzingen
- Zorg voor een goede ventilatie van de ruimte waarin de wasautomaat is geplaatst.
- Laat de vuldeur en de wasmiddellade iets open staan wanneer de wasautomaat niet gebruikt wordt.
- Was af en toe met een Katoen 60 °C -programma, gebruik makend van een poederwasmiddel voor hoofdwas.
Buitenkant van het apparaat/ Bedieningspaneel
- Neem de behuizing en het bedieningspaneel af met een zachte, vochtige doek.
- Wasmiddelresten onmiddellijk verwijderen.
- Reinigen met een waterstraal verboden.
Wastrommel
Gebruik een chloorvrij reinigingsmiddel, geen staalwol.
Bij geurvorming in de wasautomaat, of om de trommel te reinigen, afhankelijk van het model programma
Trommelreiniging 90 °C of
Katoen 90 °C zonder wasgoed uitvoeren. Gebruik daarbij een poederwasmiddel.
Ontkalken
Bij een correcte dosering van het wasmiddel is ontkalken niet nodig. Indien toch: te werk gaan volgens de opgaven van de fabrikant van het ontkalkingsmiddel. Geschikte ontkalkingsmiddelen zijn verkrijgbaar via onze website of via de klantenservice. Blz. 53
Pagina 45
Reinigen en onderhouden nl
Wasmiddellade en de behuizing daarvan
Als er resten wasmiddel of wasverzachter aanwezig zijn:
- 1. Wasmiddellade tot aan de aanslag uittrekken.
- 2. Inzetstuk naar beneden drukken en de lade er helemaal uithalen.
- 3. Inzetstuk eruit halen: met de vinger het inzetstuk van onder naar boven drukken.
- 4. Wasmiddellade en inzetstuk met water en een borstel reinigen en afdrogen.
- 5. Inzetstuk plaatsen en vastklikken (cilinder op geleidestift steken).
- 6. Behuizing van de wasmiddellade in het apparaat reinigen.
- 7. Wasmiddellade erin schuiven.
Aanwijzing: Wasmiddellade open laten, zodat het resterende vocht kan opdrogen.
Pagina 46
nl Reinigen en onderhouden
Afvoerpomp verstopt, noodlediging
Waarschuwing
Risico van verbranding!
Zeepsop wordt heet bij het wassen op hoge temperaturen. Door contact met heet zeepsop kunnen brandwonden ontstaan.
Laat het zeepsop afkoelen.
- 1. De waterkraan dichtdraaien, zodat er geen water meer toestroomt dat via de afvoerpomp afgevoerd moet worden.
- 2. Apparaat uitschakelen. Stekker uit het stopcontact halen.
- 3. Plint verwijderen.
- 4. Aftapslang uit de houder halen.
- 5. Stopje verwijderen, zeepsop in een geschikte opvangbak laten stromen.
| Stopje er weer op drukken. | |
| Aftapslang in de houder plaatsen. | |
| Pompdeksel voorzichtig losschroeven, er kan restwater lopen. | uit |
| Binnenruimte, schroefdraad van pompdeksel en pomphuis reinigen. De waaier van de pomp moet gedraaid kunnen worden. | het |
Pagina 47
Reinigen en onderhouden nl
- 10. Pompdeksel weer plaatsen en vastschroeven. De handgreep moet verticaal staan.
- 11. Plint terugplaatsen.
Aanwijzing: Om te voorkomen dat bij de volgende wasbeurt wasmiddel ongebruikt in de afvoer wegstroomt giet u 1 liter water in compartiment II en start u programma Afpompen.
Afvoerslang aan de sifon verstopt
- 1. Apparaat uitschakelen. Stekker uit het stopcontact halen.
- 2. Slangenklem losmaken. Afvoerslang er voorzichtig aftrekken, er kan resterend water uit lopen.
- 3. Afvoerslang en aansluitstuk op de sifon schoonmaken.
- 4. Afvoerslang weer erop steken en de aansluiting met een slangklem vastzetten.
Pagina 48
nl Reinigen en onderhouden
Zeef in de watertoevoer verstopt.
Verlaag eerst de waterdruk in de toevoerslang:
- 1. Kraan dichtdraaien.
- 2. Willekeurig programma kiezen (behalve Centrifugeren/Afpompen).
- 3. Programma starten.
- 4. Programma ca. 40 seconden laten draaien, vervolgens het apparaat uitschakelen.
- 5. Stekker uit het stopcontact halen.
Dan zeef reinigen:
- 1. Slang loskoppelen van de kraan.
- 2. Zeef met een borsteltje reinigen.
- 3. Bij de modellen Standard en Aqua-Secure zeef op de achterkant van het apparaat reinigen:
Slang aan de achterkant van het apparaat eraf halen.
- 4. Bij de modellen Standard en Aqua-Secure zeef op de achterkant van het apparaat reinigen:
- a) Zeef met een tang eruit halen en schoonmaken.
- b) Zeef schoonmaken.
- 5. Slang weer aansluiten en controleren of deze niet lekt.
Pagina 49
3
| Storingen, wat te doen? | nl | ||
| Storingen, wat te doen? | 3. Noodontgrendeling met behulp gereedschap naar onderen trekken en loslaten. | van | |
| Noodontgrendeling bij stroomuitval programma loopt verder als er weer is. het wasgoed toch uit de trommel moet worden, dan kan de |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 49)
bijv.
Het stroom
Als gehaald vuldeur geopend worden zoals hierna 4. Vuldeur openen.
beschreven:
Waarschuwing
Risico van verbranding!
Bij het wassen met hoge temperaturen kunnen er bij aanraking met heet sop en wasgoed brandwonden ontstaan. Eventueel eerst laten afkoelen.
Waarschuwing
Gevaar voor letsel!
Wanneer u uw hand in de draaiende trommel steekt, kunt u handletsel oplopen.
Niet met uw handen in de draaiende trommel komen.
Wacht tot de trommel niet meer draait.
Attentie!
Waterschade
Wegstromend water kan tot waterschade leiden.
De vuldeur niet openen zolang er water achter het glas te zien is.
- 1. Apparaat uitschakelen. Stekker uit het stopcontact halen.
- 2. Zeepsop laten weglopen. Blz. 46