Siemens WM14Q363NL, tekst van de handleiding
Pagina's 9–30 van 32 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–8verder op pagina 31 →
Pagina 9
Wasgoed nl
Wasgoed
Wasgoed voorbereiden
Attentie!
Beschadiging van het apparaat/textiel
Vreemde voorwerpen (bijv. munten, paperclips, naalden, spijkers) kunnen het wasgoed, of onderdelen van de wasmachine beschadigen.
Neem daarom de volgende aanwijzingen in acht bij de voorbereiding van uw was:
- Zakken leegmaken.
- Metalen voorwerpen (zoals paperclips) verwijderen.
- Tere weefsels wassen in een wasnet/zak (panty’s, beugel-BH's).
- Ritssluitingen sluiten, overtrekken dichtknopen.
- Zand uit zakken en omslagen borstelen.
- Rollertjes van vitrage verwijderen of in een apart netje / aparte zak doen.
Wasgoed sorteren
Sorteer uw wasgoed overeenkomstig de verzorgingsinstructies van de producent zoals aangegeven op de textiellabels:
- Soort weefsel/vezels.
- Kleur:
Aanwijzing: Wasgoed kan verkleuren of niet goed schoon worden. Was witte en bonte was gescheiden.
Nieuw bont wasgoed de eerste keer afzonderlijk wassen.
- Mate van verontreiniging:
Was wasgoed met gelijksoortige mate van verontreiniging samen.
Enkele voorbeelden voor de mate van verontreiniging:
- licht: niet voorwassen, eventueel extra instelling SpeedPerfect kiezen
- normaal
- sterk: minder wasgoed in de machine doen, programma met voorwas kiezen
- Vlekken: Vlekken, zolang ze nog 'vers' zijn, verwijderen/ voorbehandelen. Vervolgens met een sopje afdeppen / niet inwrijven. Wasgoed aansluitend met overeenkomstig programma wassen. Hardnekkige/ ingedroogde vlekken kunnen vaak pas door meerdere keren wassen verwijderd worden.
- Symbolen op de textiellabels:
Getallen in de symbolen verwijzen naar de maximaal te gebruiken wastemperatuur.
- : voor normaal wasproces geschikt, bijv. programma voor katoen.
- : voorzichtig wasproces nodig, bijv. programma Kreukherstellend.
- : bijzonder voorzichtig wasproces nodig, bijv. programma voor fijne was / zijde – : geschikt voor handwas, bijv. programma Wol.
- : Wasgoed niet in de wasmachine wassen.
Pagina 10
nl Wasmiddel
Stijven
Aanwijzing: Het wasgoed mag niet met wasverzachter gespoeld zijn.
Stijfsel is met name bij het Spoelen en Katoen programma met vloeibaar stijfsel mogelijk. Doseer het stijfsel volgens instructies van de fabrikant in het compartiment (eventueel eerst schoonmaken).
Verven/Ontkleuren
Verf uitsluitend hoeveelheden die in het huishouden gebruikelijk zijn. Zout kan roestvrijstaal aantasten! Neem de instructies van de producent van de verf in acht!
Wasgoed niet in de machine ontkleuren!
Inweken
- 1. Inweek-/wasmiddel volgens opgave van de fabrikant in compartiment II doen.
- 2. Programmakiezer op het programma voor katoen 30 °C zetten.
- 3. Druk op de starttoets.
- 4. Na ca. 10 minuten opnieuw op de starttoets drukken voor een pauze.
- 5. Na de gewenste inweektijd weer op de startknop drukken, wanneer het programma hervat of gewijzigd moet worden.
Aanwijzingen
- Wasgoed van dezelfde kleur in de trommel doen.
- Geen extra wasmiddel nodig, het inweeksop wordt ook gebruikt voor het wassen.
Wasmiddel
Juiste wasmiddelkeuze
Voor de juiste wasmiddelkeuze, temperatuur en behandeling van het wasgoed is het waslabel doorslaggevend. zie ook www.sartex.ch
Op de website www.cleanright.eu vindt u veel aanvullende nuttige informatie over was-, verzorgings- en reinigingsmiddelen voor huishoudelijk gebruik.
- Compleet wasmiddel met optische witmakers geschikt voor kookbestendige witte was van linnen of katoen Programma voor katoen / cold °C - max. 90 °C kiezen.
- Bontwasmiddel zonder bleekmiddel en optische witmakers geschikt voor bonte was van linnen of katoen.
Programma voor katoen / cold °C - max. 60 °C kiezen.
- Bonte-/fijnwasmiddel zonder optisch witmiddel geschikt voor bonte was van kreukherstellende vezels, synthetische materialen.
Programma voor kreukherstellend /
Cold °C - max. 60 °C kiezen.
- Fijnwasmiddel geschikt voor gevoelig fijn textiel, zijde of viscose
Programma voor fijne was / zijde / cold °C - max. 40 °C kiezen.
- Wolwasmiddel geschikt voor wol
Programma voor wol / Cold °C - max. 40 °C kiezen.
Pagina 11
Programmavoorinstellingen nl
Energie en wasmiddel besparen
U kunt bij licht en normaal verontreinigde was besparen op energie (lagere wastemperatuur) en wasmiddel.
| Besparen | Mate van verontreiniging / Aanwijzing |
|---|---|
| Lagere temperatuur en minder wasmiddel volgens doseeradvies | licht Geen verontreiniging of vlekken zichtbaar. Kledingstukken hebben lichaamsgeur aangenomen, bijv.: ■ lichte zomer-/sportkle-ding (enkele uren gedragen) ■ T-shirts, overhemden , blouses, (max. 1 dag gedragen) ■ Beddengoed en handdoeken van gasten (1 dag gebruikt) |
| normaal Verontreiniging zichtbaar / of een paar lichte vlekken herkenbaar, bijv.: ■ T-shirts, overhemden, blouses, (bezweet, meerdere malen gedragen) ■ Handdoeken, beddengoed (max. 1 week gebruikt) | |
| Temperatuur volgens het waslabel en wasmiddelhoeveelheid volgens doseeradvies / sterk verontreinigd | sterk Verontreiniging en/of vlekken duidelijk zichtbaar, bijv. theedoeken, babywas, werkkleding |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)
Aanwijzing: Bij dosering van alle was-/ hulp-/verzorgings- en reinigingsmiddelen moet u absoluut de aanwijzingen van de fabrikant en de overige aanwijzingen in acht nemen.
- Blz. 14
0Programmavoorinstellingen
Aanwijzing: In het overzicht vindt u mogelijke programmavoorinstellingen en extra programma-instellingen, deze verschillen afhankelijk van het model.
De programmavoorinstellingen zijn af-fabriek bij alle programma's vooringesteld en worden na keuzen van het programma op het display weergegeven.
Centrifugetoerental
(T/min; Centrifug.)
Voor en tijdens het programma kunt u afhankelijk van de programmavoortgang het centrifugetoerental (in toeren/min.) wijzigen.
Druk net zo vaak op de toets voor het centrifugetoerental totdat het gewenste centrifugetoerental op het display wordt weergegeven. Het maximaal instelbare toerental hangt af van het gekozen programma en het model.
Instelling: 2 zonder eindcentrifugeren. Het wasgoed blijft na de laatste keer spoelen in het water liggen om kreukvorming van het wasgoed te voorkomen, wanneer deze niet gelijk uit de wasautomaat genomen moet worden.
Pagina 12
nl Extra programma-instellingen
Klaar in tijd
(Klaar in)
Voor de programmastart kan het programma-einde (klaar in tijd) in stappen van één uur (h=uur) tot maximaal 24 h vooringesteld worden.
- 1. Kies het gewenste programma. Aanwijzing: . De programmaduur wordt op het display weergegeven.
- 2. Druk net zo vaak op de toets Klaar in tijd, totdat het gewenste aantal uren op het display wordt weergegeven.
- 3. Druk op de starttoets.
De ingestelde Klaar in tijd is nu actief. Het gekozen programma start automatisch en eindigt na afloop van het gekozen aantal uur.
Na de start van het programma wordt de programmaduur, bijv. 2:30 (uren:minuten), op het display weergegeven.
Wasgoed bijvullen nadat de Klaar in tijd is geactiveerd:
- 1. Druk op de starttoets.
- 2. Op het dispay brandt YES. De vuldeur kan geopend worden en u kunt wasgoed bijvullen.
- 3. Vuldeur sluiten.
- 4. Starttoets opnieuw kiezen. De vooringestelde tijd loopt verder.
Extra programmainstellingen kiezen
Aanwijzing: In het overzicht vindt u mogelijke extra programma-instellingen, deze verschillen afhankelijk van het model.
SpeedPerfect
( speed Perfect)
Om in kortere tijd te wassen bij een wasresultaat vergelijkbaar met het standaardprogramma, zonder de extra programma-instelling speedPerfect te kiezen.
Aanwijzing: Overschrijd de maximale belading van het programma niet. Zie bijblad over gebruiksaanwijzing en installatievoorschrift; programmaoverzicht.
EcoPerfect
( eco Perfect, Eco )
Energiezuinig wassen dankzij temperatuurverlaging bij vergelijkbaar wasresultaat als met standaardprogramma.
Aanwijzing: De wastemperatuur is lager dan de gekozen temperatuur. Bij bijzonder hygiënische eisen wordt geadviseerd het programma voor allergie/hygiëne/sensitive te kiezen. Wanneer u geen allergie/hygiëne/ sensitive-programma op de programmakiezer heeft, kies dan een hogere temperatuur of kies de extre programmavoorinstelling speed Perfect .
Extra spoelen
(Extra Spoelen)
Extra spoelbeurt. Voor gebieden met zeer zacht water of voor het verder verbeteren van de spoelresultaten.
Extra water
(9)
Hoger waterpeil en extra spoelcyclus, verlengde wastijd. Voor gebieden met zeer zacht water of voor het verder verbeteren van de spoelresultaten.
Antikreuk
(Antikreuk)
Voor het voorzichtig eindcentrifugeren met aansluitend luchtig maken.
Restvocht in het wasgoed iets verhoogd.
Pagina 13
Apparaat bedienen nl
1 Apparaat bedienen
Wasmachine voorbereiden
Aanwijzing: De wasautomaat moet deskundig geplaatst en aangesloten zijn. Vanaf Blz. 24.
- 1. Stekker in wandcontactdoos steken.
- 2. Kraan opendraaien.
- 3. Vuldeur openen.
- 4. Controleren of de trommel geheel leeg is. Eventueel leegmaken.
Programma kiezen/Apparaat inschakelen
Aanwijzing: Wanneer u de kinderbeveiliging heeft geactiveerd, dan moet u deze eerst deactiveren voordat u een programma kunt instellen.
- Blz. 15.
Kies met de programmakiezer het gewenste programma. De knop kan in beide richtingen worden gedraaid.
Het apparaat is ingeschakeld.
Op het display verschijnen de Programmavoorinstellingen en de informatie voer belading voor het gekozen programma:
- de programmaduur,
- het vooringestelde centrifugetoerental en
- de maximale belading.
Programmavoorinstellingen wijzigen
U kunt de programmavoorinstellingen wijzigen:
Kies hiervoor de betreffende toets voor de programmavoorinstelling net zo vaak tot de gewenste instelling wordt weergegeven op het display. Kies vervolgens de starttoets om het programma te starten.
De programmavoorinstellingen blijven na uitschakelen van het apparaat niet opgeslagen.
Programmavoorinstellingen Blz. 11.
wasgoed in de trommel doen
Waarschuwing
Levensgevaar!
Wasgoed dat vóór het wassen met een reinigingsmiddel met oplosmiddel (bijv. vlekkenmiddel of wasbenzine) is behandeld, kan na vullen in de wastrommel tot een explosie leiden. Spoel het wasgoed van te voren grondig met de hand.
Aanwijzingen
- Doe grote en kleine stukken wasgoed door elkaar. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. Losse stukken wasgoed kunnen tot onbalans leiden.
- Houd de aangegeven max. belading aan. Overbelading reduceert het wasresultaat en leidt tot meer kreukvorming.
- 1. Vouw voorgesorteerd wasgoed uit elkaar voordat u deze in de trommel doet.
Pagina 14
nl Apparaat bedienen
- 2. Let erop dat er geen wasgoed tussen vuldeur en rubberen manchet ingeklemd raakt en sluit de vuldeur.
Vullen met was- en wasverzorgingsmiddel
Attentie!
Schade aan het apparaat
Reinigingsmiddelen en middelen voor het voorbehandelen van was (bijv. vlekkenmiddelen, voorwasspray,...) kunnen het oppervlak van de wasmachine aantasten wanneer ze er mee in aanraking komen.
Breng deze middelen niet in contact met de oppervlakken van de wasmachine. Eventueel sproeinevelresten en andere restanten / druppels direct met een vochtige doek afvegen.
Doseren
Doseer de was- en onderhoudsmiddelen overeenkomstig:
- de waterhardheid. Informeer bij uw waterleidingbedrijf.
- Het advies van de fabrikant op de verpakking.
- Hoeveelheid wasgoed.
- Mate van verontreiniging Blz. 9.
Vullen
Waarschuwing
Oog-/huidirritaties!
Als de wasmiddellade tijdens het gebruik wordt geopend, kan er was-/ wasverzorgingsmiddel uitspuiten.
Open de wasmiddellade voorzichtig. Spoel bij contact met was-/ verzorgingsmiddel de ogen uit, resp. de huid af.
Raadpleeg bij per ongeluk innemen een arts.
Aanwijzing: Verdun stroperige wasverzachter en textielversteviger met water, dat voorkomt verstoppingen.
Doe het was- en verzorgingsmiddel in de betreffende compartimenten:
| Doseerhulp* A | voor vloeibaar wasmiddel |
|---|---|
| Compartiment II | Wasmiddel voor de hoofdwas, waterontharder, bleekmiddel, vlekkenzout |
| Compartiment | Wasverzachter, stijfsel Max. niet overschrijden |
| Compartiment I | Wasmiddel voor de voorwas |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)
- 1. Wasmiddellade tot aan de aanslag uittrekken.
- 2. Vullen met was- en wasverzorgingsmiddel.
- 3. Wasmiddellade sluiten.
Inzetstuk voor vloeibaar wasmiddel
*afhankelijk van het model
Plaats de doseerhulp voor vloeibaar wasmiddel:
- 1. Wasmiddelade er uit trekken, inzetstuk naar beneden drukken en laden er helemaal uitnemen.
- 2. Inzetstuk naar voren schuiven, inklikken en naar beneden klappen.
Pagina 15
Apparaat bedienen nl
- 3. Lade er weer inschuiven.
Aanwijzing: Gebruik de doseerhulp niet bij gelachtige wasmiddelen of waspoeder en bij programma's met voorwas, resp. gekozen Klaar in tijd.
Bij modellen zonder inzetstuk vult u het vloeibare wasmiddel in een doseerbol en legt u deze in de trommel
Starten van het programma
Kies de starttoets om het programma te starten.
Op het display wordt tijdens het programma de Klaar in tijd resp na het begin van het wasprogramma de programmaduur en worden de symbolen voor de programmavoortgang getoond.
Display Blz. 8.
Aanwijzing: Kies de kinderbeveiliging tegen het ongewenst wijzigen van het programma.
Kinderslot
Beveilig de wasautomaat tegen ongewenste verandering van de ingestelde functies, door na de programmastart de kinderbeveiliging te activeren.
Activeer de kinderbeveiliging door 5 seconden lang de starttoets ingedrukt te houden. Op het display verschijnt ² en dooft na enkele seconden.
Deactiveer de kinderbeveiliging door ca. 5 slang op de starttoets te drukken.
Aanwijzingen
- ² brandt: de kinderbeveiliging is actief en de programmakiezer is versteld. Om afbreken van het programma te voorkomen, draait u de programmakiezer terug naar het oorspronkelijke programma.
- De kinderbeveiliging blijft na het programma-einde en uitschakelen van het apparaat actief. U moet deze altijd deactiveren, wanneer u een nieuwe programma wilt starten.
Wasgoed bijvullen
Na de programmastart kunt u wasgoed bijvullen of uitnemen:
- 1. Kies de starttoets voor het pauzeren van het programma.
Het indicatielampje van de starttoets knippert en de machine controleert of bijvullen mogelijk is.
Aanwijzing: Laat bij het bijvulllen de vuldeur niet langere tijd open staan - er kan water uit het wasgoed naar buiten lopen.
Wanneer op het display:
- YES brandt, bijvullen is mogelijk.
- NO knippert, wachten tot YES brandt.
Vuldeur pas openen wanneer YES brandt.
- NO is verlicht, dan is bijvullen niet mogelijk.
Bij een hoge waterstand, een hoge temperatuur of een draaiende trommel blijft de vuldeur om veiligheidsredenen vergrendeld en kan men geen was toevoegen.
- 2. Kies opnieuw de starttoets om het programma voort te zetten.
Programma wijzigen
- 1. Druk op de starttoets voor een pauze.
- 2. Ander programma instellen.
Pagina 16
nl Sensoren
- 3. Starttoets opnieuwkiezen. Het nieuwe programma begint van voor af aan.
Afbreken van het programma
- 1. Druk op de starttoets om het programma af te breken.
- 2. Wasgoed afkoelen: programma om spoelen in te stellen.
- 3. Starttoets opnieuw kiezen. Het spoelprogramma start.
Na het einde van het programma kunt u het wasgoed uitnemen.
Einde van het programma
Op het display verschijnt en het indicatielampje van de starttoets is uit.
Wanneer op het display bovendien het symbool 9 verschijnt, dan heeft de wasmachine te veel schuim tijdens het wasprogramma geconstateerd en automatisch een extra spoelcyclus toegevoegd om het schuim tegen te gaan.
Aanwijzing: Doseer bij de volgend wasbeurt met gelijke belading minder wasmiddel.
Wasgoed uitnemen / apparaat uitschakelen
- 1. Vuldeur openen en wasgoed eruit halen.
Aanwijzingen
- Wanneer u de vuldeur nog niet kunt openen, dan is het apparaat nog vergrendeld. Wacht op het programma-einde.
- Wanneer het display is gedoofd, dan is de energiebesparingsmodus actief. Om de displayverlichting weer in te schakelen een willekeurige toets indrukken.
- 2. Programmakiezer op de Uit-positie draaien. Het apparaat is uitgeschakeld.
- 3. Kraan dichtdraaien.
Aanwijzing: Niet nodig bij modellen met Aquastop.
Aanwijzingen
- Geen wasgoed achterlaten in de trommel. Dit kan bij de volgende wasbeurt krimpen of iets anders verkleuren.
- Eventuele ongewenste voorwerpen uit de trommel en de rubbermanchet verwijderen – roestgevaar.
- Vuldeur en wasmiddellade open laten zodat het restwater kan opdrogen.
Sensoren
Beladingsautomaat
Afhankelijk van het soort textiel en de belading past de beladingsautomaat het waterverbruik optimaal aan elk programma aan.
Onbalans-controlesysteem
Het automatische onbalanscontrolesysteem herkent onbalans en zorgt door meermaals aanloopcentrifugeren voor een gelijkmatige verdeling van het wasgoed. Bij een zeer ongunstige verdeling van het wasgoed wordt om veiligheidsredenen het toerental verlaagd of wordt er niet gecentrifugeerd.
Aanwijzing: . Kleine en grote stukken wasgoed in de trommel doen.
- Blz. 22
Pagina 17
Signaalinstelling nl
Signaalinstelling
- 1. Toetsen en instructiesignalen instellen
Programma op de Uit-stand zetten en daarna één positie naar rechts draaien.
Toets EcoPerfect kiezen, ingedrukt houden en tegelijkertijd de programmakiezer nog een positie naar rechts draaien.
- 2. Volume voor toetssignalen instellen
Nu verschijnt het actuele signaalvolume. naar 3. om het volume van Op de Uit-positie draaien om Druk net zo vaak op de toets voor het centri- het instructiesignaal in te het menu te verlaten. fugetoerental, tot u de gewenste signaal- stellen, of sterkte heeft ingesteld.
| 3. Volume voor instructiesignalen instellen | ||
|---|---|---|
| Programmakiezer één positie verder draaien. | Toets voor het centrifugetoerental net zo vaak kiezen tot de gewenste signaalsterkte bereikt is. | Programmakiezer op de Uit-positie draaien om het menu te verlaten. |
Pagina 18
nl Reinigen en onderhouden
2 Reinigen en onderhouden
Waarschuwing
Levensgevaar!
Bij contact met onderdelen die onder spanning staan bestaat het risico van een elektrische schok.
Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact.
Waarschuwing
Kans op vergiftiging!
Door oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen zoals wasbenzine kunnen giftige dampen ontstaan. Gebruik geen oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen.
Attentie!
Schade aan het apparaat
Oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen, zoals wasbenzine, kunnen oppervlakken en onderdelen van de machine aantasten.
Gebruik geen oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen.
Buitenkant van het apparaat/ Bedieningspaneel
- Neem de behuizing en het bedieningspaneel af met een zachte, vochtige doek.
- Wasmiddelresten onmiddellijk verwijderen.
- Reinigen met een waterstraal verboden.
Wastrommel
Gebruik een chloorvrij reinigingsmiddel, geen staalwol.
Ontkalken
Bij een correcte dosering van het wasmiddel is ontkalken niet nodig. Indien toch: te werk gaan volgens de opgaven van de fabrikant van het ontkalkingsmiddel. Geschikte ontkalkers zijn verkrijgbaar via onze website of via de servicedienst.
Wasmiddellade en behuizing
Als er resten wasmiddel of wasverzachter aanwezig zijn:
- 1. wasmiddellade uittrekken. Inzetstuk naar beneden drukken en de lade er helemaal uithalen.
- 2. Inzetstuk eruit halen: met de vinger van beneden naar boven drukken.
- 3. Inspoellade en inzetstuk met water en een borstel reinigen en afdrogen. Ook de behuizing van binnen reinigen.
- 4. Inzetstuk plaatsen en vastklikken (cilinder op geleidestift steken).
- 5. Wasmiddellade erin schuiven.
Aanwijzing: Wasmiddellade open laten, zodat het resterende vocht kan opdrogen.
Afvoerpomp verstopt
Waarschuwing
Risico van verbranding!
Zeepsop wordt heet bij het wassen op hoge temperaturen. Door contact met heet zeepsop kunnen brandwonden ontstaan.
Pagina 19
Reinigen en onderhouden nl
Laat het zeepsop afkoelen.
- 1. De waterkraan dichtdraaien, zodat er geen water meer toestroomt dat via de afvoerpomp afgevoerd moet worden.
- 2. Het apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken.
- 3. Onderhoudsklep openen en eraf halen.
- 4. Het waterbakje voor het pompdeksel uitklappen.
5.
–
Afvoerslang uit de houder nemen en stopje verwijderen. Sop in een geschikte container laten wegstromen.
Stopje in de afvoerslang drukken en de afvoerslang terug in de houder plaatsen.
- Zonder afvoerslang
Daarna het pompdeksel éénmaal voorzichtig 180° graden draaien, maar niet verwijderen. Nu loopt het water uit de pomp. Herhalen totdat er geen sop meer uitloopt.
- 6. Nu het pompdeksel voorzichtig er uit schroeven. Resterend water kan lopen!
Binnenruimte, schroefdraad van het pompdeksel en pomphuis reinigen. De waaier van de pomp moet gedraaid kunnen worden.
Pompdeksel weer plaatsen en vastschroeven. De handgreep staat verticaal.
- 7. Wateropvangbakje inklappen.
- 8. Serviceklep plaatsen, inklikken en sluiten.
Aanwijzing: Om te voorkomen dat bij de volgende wasbeurt ongebruikt wasmiddel in de afvoer loopt, raden wij u het volgende aan: 2 liter water in compartiment II gieten en het programma Afpompen starten.
Afvoerslang aan de sifon verstopt
- 1. Apparaat uitschakelen. Stekker uit de wandcontactdoos nemen.
- 2. Slangenklem losmaken. Afvoerslang er voorzichtig aftrekken, er kan resterend water uit lopen.
Pagina 20
nl Storingen, wat te doen?
- 3. Afvoerslang en aansluitstuk van de sifon schoonmaken.
Zeef met een tang eruit halen en schoonmaken.
- 4. Afvoerslang weer erop plaatsen en de aansluiting met een slangklem vastzetten.
Zeef in de watertoevoer verstopt.
Verlaag eerst de waterdruk in de toevoerslang.
- 1. Kraan dichtdraaien.
- 2. Willekeurig programma kiezen (behalve Spoelen/Centrifugeren/ Afpompen).
- 3. Druk op de starttoets. Programma ca. 40 seconden laten draaien.
- 4. Programmakiezer op de Uit-positie draaien. Stekker uit het stopcontact halen.
- 5. Zeef van de waterkraan reinigen: Slang loskoppelen van de kraan. Zeef met een borsteltje reinigen.
- 6. Bij de modellen Standard en Aqua-Secure zeef op de achterkant van het apparaat reinigen:
Slang aan de achterkant van het apparaat eraf halen,
- 7. Slang weer aansluiten en op dichtheid controleren.
3 Storingen, wat te doen?
Noodontgrendeling
bijv. bij stroomstoring.
Het programma loopt door als er weer stroom is. Als het wasgoed toch uit de trommel gehaald moet worden, dan kan de vuldeur zoals hierna beschreven geopend worden:
Waarschuwing
Risico van verbranding!
Bij het wassen met hoge temperaturen kunnen er bij aanraking met heet sop en wasgoed brandwonden ontstaan. Eventueel eerst laten afkoelen.
Waarschuwing
Risico van letsel!
Wanneer u in de draaiende trommel uw hand erin steekt, kunt u handletsel oplopen.
Niet met uw handen in de draaiende trommel komen. Wacht tot de trommel niet meer draait.
Pagina 21
Storingen, wat te doen? nl
Attentie!
Waterschade
Wegstromend water kan tot waterschade leiden.
De vuldeur niet openen zolang er water achter het glas te zien is.
- 1. Programmakiezer op de Uit-positie draaien. Stekker uit het stopcontact halen.
- 2. Zeepsop laten weglopen.
Noodontgrendeling met een tang of iets dergelijks naar onderen trekken
en loslaten. Afbeeldingsvoorbeeld zonder aftapslang - afhankelijk van het model.
Hierna kan de vuldeur geopend worden.
Aanwijzingen op het display
| Indicatie | Oorzaak/Oplossing |
|---|---|
| YES | De vuldeur is ontgrendeld. Bijvullen van wasgoed mogelijk. |
| NO | ■ Vuldeur kan vanwege de hoge temperatuur in de trommel niet geopend worden. Wacht tot de temperatuur is gedaald. ■ Vuldeur kan vanwege het hoge waterpeil niet geopend worden. Water afpompen (bijv. het programma voor het centrifugeren of afpompen kiezen (wanneer alleen afpompen nodig is: tpm (centrifugetoerental) op spoelstop = 2 zonder eindcentrifugeren gekozen zetten). |
| E:16 | Wasgoed eventueel ingeklemd. Vuldeur goed sluiten. |
| E:17 E: 29 | ■ Waterkraan voor koudwater helemaal open draaien ■ Toevoerslang is geknikt of zit klem. ■ De waterdruk is te laag. Reinig de zeef in ? |
| A: 10 | ■ Waterkraan voor warmwater volledig openen, toevoerslang geknikt of zit klem. ■ Toevoerslang geknikt/ingeklemd; waterdruk te laag. Zeef reinigen. ■ Warmwaterslang niet aangesloten, wasmachine wordt alleen met koudwater gebruikt. Opmerking negeren, melding wordt alleen bij de eerste wasbeurt weergegeven. |
| E:18 | ■ Afvoerpomp verstopt. Maak de pomp schoon. ■ Afvoerslang/Afvoerpijp verstopt. Maak de afvoerslang aan de sifon schoon. |
| E:23 | Water op de bodemplaat door lekkage van het apparaat. Servicedienst inschakelen! |
| ² | Kinderbeveiliging actief, deactiveren. |
| andere indicaties | Apparaat uitschakelen, 5 seconden wachten en weer inschakelen. Als de indicatie opnieuw verschijnt: Servicedienst inschakelen. |
Pagina 22
nl Storingen, wat te doen?
Storingen, wat te doen?
| Storingen | Oorzaak/Oplossing |
|---|---|
| Er lekt water. | ■ Afvoerslang goed vastzetten/vervangen. ■ Schroefkoppeling van de toevoerslang vastdraaien. |
| Geen watertoevoer. Wasmiddel niet ingespoeld. | ■ Niet op de starttoets gedrukt? ■ Kraan niet geopend? ■ Zeef eventueel verstopt? Zeef reinigen Blz. 20. ■ Toevoerslang geknikt of ingeklemd? |
| Vuldeur gaat niet open. | ■ Veiligheidsfunctie actief. Programma-afbreking? ■ ( Spoelstop = 2 zonder eindcentrifugeren) geselecteerd? Blz. 11. ■ Openen alleen via noodontgrendeling mogelijk? Blz. 20. |
| Programma start niet. | ■ Starttoets voor een pauze of Klaar in - tijd gekozen? ■ Vuldeur gesloten? ■ Kinderbeveiliging actief? Deactiveren. |
| Waswater wordt niet weggepompt. | ■ ( Spoelstop = 2 zonder eindcentrifugeren) geselecteerd? Blz. 11. ■ Afvoerpomp schoonmaken. Blz. 18. ■ Afvoerpijp en/of afvoerslang schoonmaken. |
| Water in de trommel niet zichtbaar. | Geen fout – het water bevindt zich onderin en is daardoor niet te zien. |
| Centrifugeresultaat niet naar tevredenheid. Wasgoed nat/te vochtig. | ■ Geen fout - Het onbalansherkenningssysteem heeft het centrifugeren afgebroken wegens ongelijkmatige verdeling van het wasgoed. Kleine en grote stukken wasgoed verdelen over de trommel. ■ Te laag centrifugetoerental gekozen? |
| Meermalen beginnen met centrifugeren. | Geen fout – het onbalans controlesysteem heft de onbalans op. |
| Programmaduur langer dan gewoonlijk. | ■ Geen fout – Het onbalans-controlesysteem heft de onbalans op door het wasgoed meermaals te verdelen. ■ Geen fout – schuimcontrolesysteem actief – er wordt een extra spoelbehandeling uitgevoerd. |
| De duur van het programma wordt tijdens de wascyclus gewijzigd. | Geen fout – het programmaverloop wordt geoptimaliseerd voor het betreffende wasproces. Dit kan tot een wijziging in de duur van het programma op het display leiden. |
| Restwater in het compartiment voor wasverzorgingsmiddel. | ■ Geen fout - werking van het verzorgingsmiddel wordt niet beïnvloed. ■ Eventueel het inzetstuk reinigen. |
| Geurvorming in de wasautomaat. | Programma Katoen 90 °C zonder wasgoed uitvoeren. Gebruik hiervoor een totaalwasmiddel. |
| Symbool / “Wassen” knippert. Er komt eventueel schuim uit de wasmiddellade. | Teveel wasmiddel gebruikt? 1 eetlepel wasverzachter met ½ liter water vermengen en in wasmiddelbakje II gieten (niet bij outdoorkleding, sportswear en donzen dekbedden/kussens!) Bij de volgende was minder wasmiddel gebruiken. |
Pagina 23
Servicedienst nl
| Storingen | Oorzaak/Oplossing |
|---|---|
| Harde geluiden, trillingen en „wandelen” tijdens het centrifugeren. | ■ Is het apparaat afgesteld? Apparaat afstellen. Blz. 24. ■ Zijn de voetjes vastgezet? Voetjes van het apparaat vastzetten. Blz. 24. ■ Transportbeveiligingen verwijderd? Transportbeveiligingen verwijderen. • Blz. 26. |
| Display/indicatielampjes werken niet tijdens het gebruik. | ■ Stroomstoring? ■ Zekeringen geactiveerd? Zekeringen inschakelen/vervangen. ■ Doet de storing zich vaker voor, servicedienst inschakelen. Blz. 23. |
| Wasmiddelresten op het wasgoed. | ■ Soms bevatten fosfaatvrije wasmiddelen resten die niet in water oplosbaar zijn. ■ Spoelen kiezen of wasgoed na het wassen afborstelen. |
| Tijdens het bijvullen verschijnt NOop het display. | Waterniveau te hoog. Bijvullen van wasgoed niet mogelijk. Vuldeur direct sluiten. Om het programma te hervatten op de starttoets drukken. |
| In de bijvullen-toestand verschijnt YES op het display. | De vuldeur is ontgrendeld. Bijvullen van wasgoed mogelijk. |
| Wanneer een storing niet zelf verholpen kan worden (na uit-/inschakelen) of een reparatie noodzakelijk is: ■ Programmakiezer op de Uit-positie draaien. Het apparaat is uitgeschakeld. ■ Stekker uit het stopcontact halen. ■ Kraan dichtdraaien en de servicedienst inschakelen. Blz. 23. | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
4 Servicedienst
Als u de storing niet zelf kunt verhelpen, Storingen, wat te doen? Blz. 22, neem dan contact op met de servicedienst. Omslagpagina
Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om een onnodig bezoek van een monteur te voorkomen.
Aan de servicedienst dient u het typenummer (E-Nr.) en het fabricagenummer (FD) van de machine op te geven.
| ( 1U | )' |
| Typenummer | Fabricagenummer |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
Deze gegevens vindt u *afhankelijk van het model:
aan de binnenkant van de vuldeur* / de geopende serviceklep* en aan de achterkant van het apparaat..
Vertrouw op de competentie van de fabrikant.
Neem contact met ons op. Zo weet u zeker dat de reparatie wordt uitgevoerd door goed opgeleide servicemonteurs die de beschikking hebben over originele reserve-onderdelen.
Pagina 24
nl Technische gegevens
Technische gegevens
Afmetingen:
60 x 55 x 85 cm (breedte x diepte x hoogte)
Gewicht:
66 - 73 kg*
Netaansluiting:
Nominale spanning: 220-240 V, 50 Hz Nominale stroom: 10 A / 13 A* Nominaal vermogen: 2300 W
Waterdruk:
100 - 1000 kPa (1-10 bar)
Opgenomen vermogen in uitgeschakelde toestand: 0,17 W
Opgenomen vermogen in Standbytoestand (niet-uitgeschakelde toestand): 2,00 W
* afhankelijk van het model
5 Plaatsen en aansluiten Leveringsomvang
Aanwijzing: Controleer de machine op transportschade. Een beschadigd apparaat nooit in gebruik nemen. Voor klachten kunt u terecht bij de winkel waar u het apparaat hebt aangeschaft of bij onze servicedienst.
- Aansluitkabel 0 Waterafvoer 8 Waterafvoerslang*
- Afdekkingen voor transportzekeringen
- Bocht voor het bevestigen van de waterafvoerslang*
* afhankelijk van model
Pagina 25
Plaatsen en aansluiten nl
Daarnaast is bij het aansluiten van de waterafvoerslang op een sifon een slangenklem ∅ 24 - 40 mm (vakhandel) nodig.
Nuttig gereedschap
- Waterpas voor het horizontaal stellen
- Steeksleutel:
- SW13 voor het losdraaien van de transportbeveiligingen en – SW17 voor het stellen van de apparaatvoetjes
Veiligheidsvoorschriften
Waarschuwing
Risico van letsel!
- De wasmachine is zwaar.
Wees voorzichtig bij het tillen/ transporteren van de wasmachine.
- Wanneer de wasmachine wordt opgetild aan uitstekende onderdelen (bijv. de vuldeur), kunnen deze onderdelen afbreken en letsel veroorzaken.
De wasmachine niet optillen aan uitstekende onderdelen.
- Wanneer de slangleidingen en de aansluitkabel onjuist worden aangelegd, bestaat er struikel- en letselgevaar.
Slangen en kabels zodanig leggen dat u er niet over kunt struikelen.
Attentie!
Schade aan het apparaat
Bevroren slangen kunnen barsten/ springen.
De wasmachine niet op vorstgevoelige plaatsen en/of buiten zetten.
Attentie!
Waterschade
De aansluitingen van de watertoevoer- en waterafvoerslang staan onder druk van het water. Om lekkage of waterschade te voorkomen dient u zich absoluut te houden aan de aanwijzingen in dit hoofdstuk.
Aanwijzingen
- Naast de hier vermelde aanwijzingen kunnen speciale voorschriften van het waterleiding- en energiebedrijf in uw regio van toepassing zijn.
- In geval van twijfel de aansluiting door een vakkundig monteur laten uitvoeren.
De juiste plaats
Aanwijzing: Stabilliteit is belangrijk, zodat de wasmachine niet gaat "wandelen"!
- De ondergrond moet stevig en waterpas zijn.
- Niet geschikt voor zachte vloerbedekking.
Plaatsing op een sokkel of op een houten vloer
Attentie!
Schade aan het apparaat
De wasmachine kan tijdens het centrifugeren gaan schuiven en van de sokkel kantelen/vallen.
Bevestig de apparaatvoeten absoluut met bevestigingsbeugels.
Bestelnr. WMZ 2200, WX 975600.
Aanwijzing: Plaats bij vloeren met houten balken de wasmachine:
- indien mogelijk in een hoek,
- op een watervaste houten plaat (min. 30 mm dik) welke vast op de vloer is geschroefd.
Bij plaatsing op een verhoging met lade
Sokkel bestelnummer.: WMZ 20490, WZ 20490.
Pagina 26
nl Plaatsen en aansluiten
Onderbouw/inbouw van het apparaat in een rij keukenmeubelen
Waarschuwing
Levensgevaar!
Bij contact met onder spanning staande onderdelen bestaat er elektrocutiegevaar.
Haal de stekker van het toestel uit het stopcontact.
Aanwijzingen
- Noodzakelijke nisbreedte 60 cm.
- Installeer de wasmachine uitsluitend onder een doorlopend werkblad dat met de keukenmeubelen er naast is verbonden.
Wanneer u de afdekplaat van het apparaat voor onder- of inbouw verwijderd, moet u deze absoluut door een plaatafdekking vervangen.
Bestelnummer WMZ20331, WZ20331.
Transportbeveiligingen verwijderen.
Attentie!
Schade aan het apparaat
- De machine is voor transport met transportbeveiligingen geborgd. Niet verwijderde transportbeveiligingen kunnen bij gebruik van de machine bijv. de trommel beschadigen.
Verwijder voorafgaand aan het eerste gebruik absoluut de vier transportborgingen. Bewaar de transport- beveiligingen.
- Om bij later transport transportschade te voorkomen, moet u de transportbeveiligingen voor het transport beslist weer aanbrengen.
Aanwijzing: Bewaar schroeven en hulzen.
- 1. Slangen uit de houders halen.
- 2. Alle 4 transportborgschroeven losdraaien en verwijderen.
Hulzen verwijderen. Aanluitkabel uit de houders halen.
- 3. Afdekkingen plaatsen.
Pagina 27
Plaatsen en aansluiten nl
Lengte van de slangen en de aansluitkabel
- Aansluiting aan de linkerkant
| a | FP | |
|---|---|---|
| a FP | ||
| a | FP | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
- aansluiting aan de rechterkant
| a | FP | |
|---|---|---|
| a FP | ||
| a | FP | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
Tip: Bij de vakhandel/servicedienst de volgende onderdelen verkrijgbaar:
- Een verlenging voor de Aquastopresp. koudwater toevoerslang (ca. 2,50 m); bestelnr. WMZ2380, WZ10130.
- Een langere toevoerslang (ca. 2,20
- m) voor model Standaard.
Watertoevoer
Waarschuwing
Levensgevaar!
Bij contact met onder spanning staande onderdelen bestaat er elektrocutiegevaar.
Aqua-Stop-veiligheidssysteem niet in water onderdompelen (bevat een elektrisch ventiel).
Let bij het aansluiten op het volgende
Aanwijzingen
- Gebruik voor de wasautomaat alleen koud leidingwater bij een koudwateraansluiting.
- Gebruik de wasautomaat met koud en warm drinkwater, maximaal 60 °C, bij een warmwateraansluiting.
- Sluit de was-machine niet aan op de mengkraan van een geiser.
- Gebruik uitsluitend de meegeleverde of bij een geautoriseerde vakhandelaar gekochte toevoerslang, geen gebruikt exemplaar.
- De watertoevoerslang niet knikken, platdrukken, veranderen of doorsnijden (de sterkte is niet meer gegarandeerd).
- Draai de schroefverbindingen slechts handvast aan. Wanneer de schroefkoppelingen te stevig met gereedschap (tang) worden vastgedraaid, kunnen de schroefdraden beschadigd raken.
Optimale waterdruk in de waterleiding
minimaal 100 kPa (1 bar)
maximaal 1000 kPa (10 bar)
Uit de geopende kraan stroomt ten minste 8 liter water per minuut.
Bij hogere waterdruk een drukreduceerventiel inbouwen.
Aansluiting op koud- en warmwater
Aanwijzing:
- Warmwater-toevoerslang rood op warmwaterkraan en rode afsluiter op het apparaat
- Koudwater toevoerslang op koudwaterkraan en witte afsluiter op apparaat
Pagina 28
nl Plaatsen en aansluiten
Aansluiting op waterkraan (¾" = 26,4 mm)
Aansluiting op apparaat
Aansluiting alleen koudwater
Wanneer geen warmwateraansluiting aanwezig is, alleen de koudwatertoevoerslang aansluiten. De warmwateraansluiting op het apparaat afdekken en zo tegen verontreiniging beschermen.
Aanwijzing: Kraan voorzichtig opendraaien en daarbij de aansluitingen op dichtheid controleren. De schroefkoppeling staat onder druk van de waterleiding.
Aansluiting op koudwater
Sluit de watertoevoerslang aan op de waterkraan (¾" = 26,4 mm) en het apparaat (bij modellen met Aquastop niet nodig, vast geïnstalleerd) op:
- Model: Standard
- Model: Aqua-Secure
- Model: Aquastop
Aanwijzing: Kraan voorzichtig opendraaien en daarbij de aansluitingen op dichtheid controleren. De schroefkoppeling staat onder druk van de waterleiding.
Waterafvoer
Attentie!
Waterschade
Wanneer de afvoerslang door de hoge druk van het water tijdens het afpompen uit de wastafel of van de aansluiting glijdt, kan het wegstromende water schade veroorzaken.
Borg de afvoerslang zodanig dat deze er niet uit kan schieten.
Aanwijzing: De waterafvoerslang niet knikken of in de lengte uitrekken.
Pagina 29
U kunt de waterafvoerslang als volgt leggen:
- Afvoer in een wastafel
| Plaatsen | en aansluiten | nl | ||||||
| ■ Afvoer met afvoerputje | rubberen | in | een | kunststof mof | of | in | standpijp een | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
Waarschuwing
Risico van verbranding!
Bij het wassen met hoge temperaturen kunnen er bij aanraking met heet zeepsop, bijv.
wanneer het naar een wastafel wordt gepompt, brandwonden ontstaan.
Kom niet met uw handen in het hete zeepsop. Stellen
Attentie!
Stel het apparaat horizontaal m.b.v. een Schade aan het apparaat/textiel waterpas.
Wanneer het uiteinde van de afvoerslang in het weggepompte Sterke geluidsontwikkeling, vibraties en water komt, kan het water in het „lopen” kunnen het gevolg zijn van het apparaat worden teruggezogen en niet correct stellen van het apparaat! het apparaat / textiel beschadigd raken. 1. Contramoeren met een steeksleutel Let erop dat: losdraaien met de wijzers van de
- de stop van de wastafel de afvoer klok mee.
niet afsluit. 2. De stand van de wasmachine met
- het uiteinde van de afvoerslang een waterpas controleren, eventueel niet in het weggepompte water is corrigeren. De hoogte veranderen gedompeld. door aan het voetje van het apparaat
- het water snel genoeg te draaien.
Alle vier de voetjes moeten stevig op
| wegstroomt. | de grond staan. | |||||||||||
| 3. Contramoer tegen de onderkant van het apparaat vastdraaien. Het voetje hierbij vasthouden en niet in de hoogte verstellen. De contramoeren van alle vier de | ||||||||||||
| voetjes | moeten | vast tegen de | ||||||||||
| onderkant | van | het apparaat zijn | ||||||||||
| ■ Afvoer De aansluiting | in | een | sifon | moet | met | een | geschroefd! | |||||
| slangklem, of bouwmarkt) | ∅ | 24-40 | worden | mm | (ijzerhandel geborgd. | |||||||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
29
Pagina 30
nl Plaatsen en aansluiten
Elektrische aansluiting
Waarschuwing
Levensgevaar!
Bij contact met onderdelen die onder spanning staan bestaat het risico van een elektrische schok.
- De stekker nooit aanraken met natte handen.
- Trek wanneer u de machine van de stroom haalt altijd aan de stekker en niet aan het snoer, omdat dit beschadigd kan raken.
- Nooit de stekker uit het stopcontact trekken tijdens het gebruik.
Houd u aan de volgende instructies en zorg ervoor dat:
Aanwijzingen
- De netspanning en aangegeven spanning op de wasmachine (typeplaatje) met elkaar overeenstemmen.
De aansluitwaarde en de vereiste zekering staan vermeld op het typeplaatje.
- De aansluiting van de wasmachine uitsluitend plaats vindt op wisselstroom, via een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met randaarde.
- De stekker overeenkomt met het stopcontact.
- De doorsnede van de elektrische kabel groot genoeg is.
- Het aardingssysteem volgens voorschrift is geïnstalleerd.
- Vervanging van de aansluitkabel (indien nodig) alleen plaaatsvindt door een vakkundig monteur. Een nieuwe kabel is bij de Servicedienst tegen meerprijs verkrijgbaar.
- Er geen meervoudige stekkers/ contactdozen of verlengkabels worden gebruikt.
- Bij gebruik van een aardlekschakelaar alleen een type met dit symbool wordt gebruikt.
Alleen dit symbool garandeert dat aan de momenteel geldende voorschriften is voldaan.
- De stekker altijd bereikbaar is.
- Aansluitkabel niet knikken, afklemmen, wijzigen, doorsnijden of met warmtebronnen in aanraking laten komen.
Vóór de eerste was
De wasmachine is voor het verlaten van de fabriek grondig gekeurd. Om eventuele waterresten van het testen te verwijderen, de eerste keer zonder wasgoed wassen.
Aanwijzingen
- De wasautomaat moet deskundig worden geplaatst en aangesloten zijn. vanaf Blz. 24
- Een beschadigd apparaat nooit in gebruik nemen. Neem contact op met de servicedienst.
- 1. Apparaat controleren.
- 2. Stekker in wandcontactdoos steken.
- 3. Kraan opendraaien.
- 4. Vuldeur sluiten. Trommel niet vullen met wasgoed.
- 5. Programma voor katoen kiezen en temperatuur 90 °C instellen.
- 6. Wasmiddellade openen.
- 7. Ca. 2 liter water in compartiment II gieten.
- 8. Hoofdwasmiddel in compartiment II doen.
Aanwijzing: Voorkom schuimvorming door slechts de helft van de door de fabrikant aanbevolen hoeveelheid wasmiddel te gebruiken. Gebruik geen wol- of fijnwasmiddel.