naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens WM14T6H9NL, tekst van de handleiding

Pagina's 35–56 van 58 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 13–34

Pagina 35

Home Connect nl

Automatisch verbinden met het thuisnetwerk

Stap 2.1

Heeft uw router een WPS-functie, dan kunt u het apparaat automatisch met uw thuisnetwerk verbinden.

Heeft uw router geen WPS functie, dan moet u het apparaat handmatig met uw thuisnetwerk verbinden.

De Wi-Fi van het apparaat moet zijn ingeschakeld.

Op het display verschijnt (automatisch verbinden).

Wanneer het apparaat succesvol met het thuisnetwerk is verbonden, dan verschijnt op het display (verbonden) en brandt continu.

Aanwijzing: Kon er geen verbinding gemaakt worden, controleer dan of uw apparaat zich binnen het bereik van het thuisnetwerk bevindt. Herhaal het automatische verbinden of voer het handmatige verbinden uit.

Handmatig verbinding maken met het thuisnetwerk

Stap 2.2

Heeft u uw apparaat al automatisch met het thuisnetwerk verbonden, sla dan het handmatig verbinding maken over.

Controleer of u de Home Connect app hebt geopend en of u bent aangemeld.

Op het display verschijnt (automatisch verbinden).

3

Op het display verschijnt (handmatig verbinden).

HomeConnect.

Uw mobiele eindapparaat verbindt zich nu met het apparaat. De verbindingsprocedure kan tot wel 60 seconden duren.

Pagina 36

nl Home Connect

Aanwijzingen

Herhaal het handmatige verbinden met de Home Connect app.

Verbinden met de Home Connect app

Stap 3

Controleer of u de Home Connect app hebt geopend en of u bent aangemeld.

Als uw huishoudapparaat niet automatisch in de app wordt getoond, verbind de app dan als volgt:

Op het display verschijnt (automatisch verbinden).

3

Op het display verschijnt (verbinden met app).

Het apparaat configureert nu een verbinding met uw Home Connect app.

Aanwijzing: Kon er geen verbinding gemaakt worden, controleer dan of uw mobiel eindapparaat zich binnen het bereik van het thuisnetwerk bevindt, resp. hiermee verbonden is. Herhaal het verbinden met de Home Connect app.

Wi-Fi activeren of deactiveren

U kunt de Home Connect functie op uw apparaat te allen tijde permanent aan- of uitschakelen.

Op het display verschijnt (automatisch verbinden).

Pagina 37

Home Connect nl

3

Op het display verschijnt (Wi-Fi-functie)

Verschijnt op het display (ingeschakeld), dan is de WiFifunctie aan het apparaat geactiveerd. Verschijnt op het display (uitgeschakeld), dan is de WiFifunctie inactief.

Aanwijzingen

Netwerkinstellingen resetten

U kunt de netwerkinstellingen en de verbinding met uw smartphone of tablet wissen, door de netwerkinstellingen te resetten.

Op het display verschijnt (automatisch verbinden).

3

Op het display verschijnt (Netwerkinstellingen resetten).

Op het display verschijnt (Ja).

Aanwijzing: Vindt het bevestigen niet plaats binnen 10 seconden, dan worden de instellingen voor het netwerk gereset.

Op het display verschijnt (Einde). De netwerkinstellingen zijn nu gereset. Uw apparaat is niet langer met het thuisnetwerk en de Home Connect app verbonden.

Aanwijzingen

Software-update

U kunt de Home Connect software op uw apparaat updaten. Zodra een

Pagina 38

nl Home Connect

nieuwe update beschikbaar is, verschijnt op het display (update).

Installeer de update direct via de aanwijzing op het display of handmatig.

Op het display verschijnt (automatisch verbinden).

•

3

Op het display verschijnt software-update.

Start/Pauze knippert wanneer een software-update beschikbaar is.

Op het display verschijnt (Ja).

Aanwijzing: Vindt het bevestigen niet plaats binnen 10 seconden, dan worden de instellingen voor het netwerk gereset.

De update wordt nu geïnstalleerd en kan enkele minuten duren. Schakel het apparaat tijdens de update niet uit. Wanneer de update is afgesloten, dan verschijnt op het display (einde).

Aanwijzing: Kon de software-update niet correct worden uitgevoerd, dan verschijnt (fout) op het display.

Energiemngnt.

U kunt uw apparaat verbinden met uw Smart Energy System (Energiemanager).

Nadat u uw apparaat met het Smart Energy System (Energiemanager) heeft verbonden en de Flex Start heeft geactiveerd, kunt u uw energieverbruik optimaliseren, omdat uw apparaat pas start wanneer uw eigen fotovoltaïsche installatie voldoende energie levert of het stroomtarief gunstig is.

Meer informatie over de energiemanager vindt u op:www.home-connect.com/energymanagement

Aanwijzingen

Flex Start als volgt met het Smart Energy- System (Energiemanager) verbinden.

Op het display verschijnt (automatisch verbinden).

3

Op het display verschijnt (Energy Manager).

Pagina 39

Home Connect nl

Het apparaat maakt nu een verbinding met uw Smart Energy System (Energiemanager).

Wanneer het apparaat succesvol met het Smart Energy-System (Energiemanager) is verbonden, dan verschijnt in het display (verbonden) en .

Was het apparaat al van te voren met het Smart Energy-System (Energiemanager) verbonden, dan heeft u het apparaat en het Smart Energy-System (Energiemanager) gescheiden. Op het display verschijnt .

Aanwijzingen

Flex Start

Activeer Flex Start, zodat uw Smart Energy System (Energiemanager) uw apparaat mag starten, wanneer uw eigen fotovoltaïsche installatie voldoende energie levert of het stroomtarief laag is.

Aanwijzing: Uw Smart Energy System (Energiemanager) kan het apparaat alleen starten wanneer Smart Energy System (Energiemanager) en apparaat met elkaar verbonden zijn.

Flex Start als volgt activeren:

Op het display verschijnt bijv.

. .

De FlexStart is nu geactiveerd en het apparaat wacht op een start op afstand via het Smart Energy-Systeem (Energiemanager).

Wanneer in het display de weergave van de tijd naar bijv. . gaat, dan heeft het Smart Energy-System (Energiemanager) een tijdstip vastgelegd, waarop deze uw apparaat mag starten. Het programma eindigt na de opgegeven tijd.

Aanwijzingen

Het programma eindigt wanneer dit tijdsbestek afgelopen is.

Werd deFlex Start gedeactiveerd, dan blijft Klaar in-tijd , verder geactiveerd.

Wasgoed bijvullen of uitnemen:

Aanwijzing: Is Flex Start al geactiveerd en het programma nog niet

39

Pagina 40

nl Home Connect

gestart, dan kunt u wasgoed bijvullen of uitnemen

De FlexStart is nu geactiveerd en het apparaat wacht op een start op afstand via het Smart Energy-Systeem (Energiemanager).

Aanwijzing over gegevensbescherming

Wanneer het apparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een Wi-Fi-netwerk dat op het internet is aangesloten, dan geeft het de volgende gegevenscategorieën door aan de Home Connect server (eerste registratie):

Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u voor het eerst van de Home Connect functionaliteiten gebruik wilt maken.

Aanwijzing: Houd er rekening mee dat de Home Connect functionaliteiten

alleen kunnen worden gebruikt in verbinding met de Home Connect app. Informatie over gegevensbeveiliging kan in de Home Connect app worden opgevraagd.

Conformiteitsverklaring

Hierbij verklaart BSH Hausgeräte GmbH dat het apparaat met Home Connect functionaliteit voldoet aan de fundamentele vereisten en de overige toepasselijke bepalingen van de richtlijn 2014/53/EU.

Een uitvoerige RED conformiteitsverklaring vindt u op het internet onder www.siemens-home.bsh-group.com op de productpagina van uw apparaat bij de aanvullende documenten.

2,4 GHz band: 100 mW max.

Pagina 41

Intelligent doseringssysteem nl

Intelligent doseersysteem

Intelligent doseringssysteem in de wasmiddellade

i-Dos Intelligent doseersysteem

Uw wasmachine is voorzien van een intelligent doseringssysteem voor vloeibaar wasmiddel en wasverzachter.

Hiervoor heeft u de beschikking over de i-Dos compartimenten en in de wasmiddellade.

0 Compartiment (0,5 l) voor wasverzachter

8 Linker compartiment voor handmatige dosering Blz. 44

Afhankelijk van het gekozen programma en instellingen worden via het i-Dos-reservoir de optimale hoeveelheden wasmiddel/ wasverzachter gedoseerd.

Inbedrijfstelling/ doseerreservoir vullen

Bij de keuze van wasmiddel en wasverzorgingsmiddel de aanwijzingen van de fabrikant op de verpakking in acht nemen. Wij adviseren zelf vloeiende, vloeibare totaal-, universeel- en Colorwasmiddelen voor alle in de machine wasbare, gekleurde textiel van katoen en synthetische weefsels.

Aanwijzingen

Doseerbakjes vullen:

De doseerreservoirs in de wasmiddellade zijn hiervoor aan de hand van overeenkomstige vuldeksels gemarkeerd.

Pagina 42

nl Intelligent doseringssysteem

Bij volledig ingeschoven wasmiddellade is de indicatie bij ingeschakeld apparaat uit.

In het dagelijkse gebruik

Indicaties:

Intelligente dosering selecteren/ deselecteren en dosering aanpassen:

De intelligente dosering van wasmiddel en wasverzachter is in alle programma’s waarbij automatische dosering mogelijk is, in de fabriek gekozen.

Een overzicht van alle mogelijke programma-instellingen vindt u op het extra blad bij de gebruiksaanwijzing en plaatsingshandleiding.

De dosering voor wasmiddel is op (licht verontreinigd wasgoed) en voor wasverzachter op (normaal zacht wasgoed) vooringesteld en kan per programma individueel worden gewijzigd. Blz. 28

Naast de intelligente dosering kunnen, indien nodig, andere wasverzorgingsmiddelen (bijv.

vlekkenzout) met de hand in het linker

compartiment gedoseerd worden.

Aanwijzing: Het kiezen (aan/uit) alsmede de steeds gekozen doseersterkte van i-Dos en i-Dos blijven per programma tot de volgende wijziging behouden, ook wanneer de wasautomaat wordt uitgeschakeld.

Wasmiddel/wasverzachter bijvullen:

Het knipperen van de bijbehorende indicatie bij geselecteerde intelligente dosering geeft aan, dat het minimale niveau is onderschreden. Inhoud is nog voldoende voor ca. 3 wasbeurten.

U kunt altijd bijvullen met hetzelfde wasmiddel of dezelfde wasverzachter. Bij overstappen op een ander product/ fabrikant adviseren wij de bakjes eerst schoon te maken. Blz. 47

Eventueel de basisdosering aanpassen.

Basisinstellingen

De basisdoseerhoeveelheden zijn:

De gegevens vindt u op de verpakking van het wasmiddel of de wasverzachter of u kunt ze direct opvragen bij de fabrikant.

Gebruik een teststrookje om de waterhardheid in uw regio te bepalen of vraag de gegevens op bij uw waterleidingbedrijf.

Pagina 43

Intelligent doseringssysteem nl

Mijn waterhardheid:

Hier is een voorbeeld van een wasmiddeldosering op een verpakkingsetiket:

Mate van verontreiniging →
Waterhardheid ↓
lichtnormaalsterkzeer sterk
zacht/gemid-deld55 ml75 ml120 ml160 ml
hard/zeer hard75 ml95 ml150 ml180 ml

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 43)

De basisdoseerhoeveelheid af fabriek is regiospecifiek vooringesteld (bijv. 75 ml wasmiddel en 36 ml wasverzachter).

Stel de basisdoseerhoeveelheid wasmiddel in, overeenkomstig de aanwijzingen op de verpakking van uw wasmiddel. Houd daarbij rekening met uw waterhardheid.

De basisdoseerhoeveelheid voor wasverzachter naar wens voor de zachtheid van uw wasgoed kiezen.

De wijziging van een basisdoseerhoeveelheid heeft effect voor alle drie doseersterkten.

Aanwijzingen

Bovendien kunnen sommige vloeibare wasmiddelen tot sterke schuimvorming neigen. Wanneer de instelling van de basisdoseerhoeveelheid en doseersterkte wel juist is, dan is het aan te bevelen een ander vloeibaar wasmiddel te gebruiken.

Basisdoseerhoeveelheden wijzigen:

Pagina 44

nl Intelligent doseringssysteem

handmatige dosering

Bij programma’s waarbij geen intelligente dosering mogelijk is, of indien men dit wenst (dan intelligente dosering op Uit zetten), wordt het wasmiddel toegevoegd via het linker wasmiddelcompartiment.

Bovendien kunnen hier (ter aanvulling op de intelligente dosering) washulpmiddelen zoals ontharder, bleekmiddel of vlekkenzout worden gedoseerd.

Waarschuwing

Oog-/huidirritaties!

Als de wasmiddellade tijdens het gebruik wordt geopend, kan er was-/ wasverzorgingsmiddel uit spetteren. Open de wasmiddellade voorzichtig. Spoel bij contact met was-/ verzorgingsmiddelen goed de ogen uit, resp. de huid af.

Raadpleeg bij per ongeluk innemen een arts.

Attentie!

Schade aan het apparaat

Reinigingsmiddelen en middelen voor het voorbehandelen van was (bijv. vlekkenmiddelen, voorwas-sprays,...) kunnen het oppervlak van de wasautomaat aantasten wanneer ze hiermee in aanraking komen.

Breng deze middelen niet in contact met de oppervlakken van de wasautomaat. Eventueel sproeinevelresten en andere restanten/ druppels direct met een vochtige doek afnemen.

Aanwijzingen

Wasmiddel doseren en toevoegen:

Pagina 45

Apparaatinstellingen nl

Apparaatinstellingen

De volgende instellingen kunt u in het bedienings- en displayveld wijzigen:

Voor het wijzigen van de instellingen moet u eerst altijd de instelmodus activeren.

Instelmodus activeren

U kunt nu de instellingen wijzigen:

Signaalvolume wijzigen

Tip hiervoor op het bedieningspaneel of totdat de gewenste instelwaarde voor het volume van de instructiesignalen verschijnt:

Instelwaarden: 0 uit

1 Zacht

2 gemiddeld

3 Luid

4 Zeer luid

Instelmodus afronden of:

Tip weer op . De indicatie voor de bedieningssignalen en het vooringestelde volume gaan branden.

Met tippen op of de instelwaarde (zoals hierboven) wijzigen.

Instelmodus afronden of:

Helderheid van het touchdisplay wijzigen

Tip weer op . De indicaties voor de helderheid van het Touch-Displays en de vooringestelde helderheid gaan branden.

Met tippen op of de instelwaarde wijzigen:

Instelwaarden: 1 minder licht 2 normaal licht 3 licht

4 zeer licht

Instelmodus afronden of:

Herinneringsfunctie voor trommelverzorging in-/ uitschakelen

Tip weer op . De indicatie voor de herinneringsfunctie voor de trommelreiniging brandt.

Door tippen op of de herinneringsfunctie aan (on)- of uitschakelen (oFF).

Instelmodus afsluiten

Voor het beëindigen en opslaan van de instellingen:

Pagina 46

nl Sensoren

Sensoren

Beladingsautomaat

Afhankelijk van het soort textiel en de belading past de beladingsautomaat het waterverbruik optimaal aan elk programma aan.

Onbalans-controlesysteem

Het automatische onbalanscontrolesysteem herkent onbalans en zorgt door meermaals aanloopcentrifugeren voor een gelijkmatige verdeling van het wasgoed.

Bij een zeer ongunstige verdeling van het wasgoed wordt om veiligheidsredenen het toerental verlaagd of wordt er niet gecentrifugeerd.

Aanwijzing: Kleine en grote stukken wasgoed in de trommel doen.

VoltMonitor

afhankelijk van model

De dubbele punt van het Klaar in-tijddisplay:

Aanwijzing:

Spanningsonderschrijdingen kunnen bijv. tot programmaverlenging en / of een niet bevredigend centrifugeerresultaat leiden.

2 Reinigen en onderhouden

Waarschuwing

Levensgevaar!

Bij contact met onderdelen die onder spanning staan bestaat het risico van een elektrische schok.

Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact.

Waarschuwing

Kans op vergiftiging!

Door oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen zoals wasbenzine kunnen giftige dampen ontstaan. Gebruik geen oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen.

Attentie!

Schade aan het apparaat

Oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen, zoals bijv.

wasbenzine, kunnen oppervlakken en onderdelen van het apparaat aantasten. Gebruik geen oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen.

Zo voorkomt u biofilmvorming en geuroverlast:

Aanwijzingen

Pagina 47

Reinigen en onderhouden nl

Buitenkant van het apparaat/ Bedieningspaneel

Wastrommel

Gebruik een chloorvrij reinigingsmiddel, geen staalwol.

Bij geurvorming in de wasmachine, resp. om de trommel te reinigen, het programma Trommelreiniging 90 °C zonder wasgoed draaien. Gebruik daarbij een poederwasmiddel.

Ontkalken

Bij een correcte dosering van het wasmiddel is ontkalken niet nodig. Indien toch: te werk gaan volgens de opgaven van de fabrikant van het ontkalkingsmiddel. Geschikte ontkalkingsmiddelen zijn verkrijgbaar via onze website of via de klantenservice. Blz. 55

i-Dos-Wasmiddellade en hun behuizing

De doseerbakjes hebben aan de voorkant openingen met uitneembare stopjes. Voor het legen van het doseerreservoir eerst de greep zoals getoond er af halen:

De wasmiddellade kan er helemaal uitgehaald worden om de geleegde doseerbakjes te reinigen.

Aanwijzing: Greep van de lade pas na het reinigen weer erop zetten.

Pagina 48

nl Reinigen en onderhouden

Attentie!

De wasmiddellade kan beschadigd worden!

De wasmiddellade bevat elektrische componenten. Bij contact met water kunnen deze beschadigd raken.

Afvoerpomp verstopt, noodlediging

Waarschuwing

Risico van verbranding!

Zeepsop wordt heet bij het wassen op hoge temperaturen. Door contact met heet zeepsop kunnen brandwonden ontstaan.

Laat het zeepsop afkoelen.

Pagina 49

Reinigen en onderhouden nl

Binnenruimte, schroefdraad van het pompdeksel en pomphuis reinigen. De waaier van de pomp moet gedraaid kunnen worden.

Pompdeksel weer plaatsen en vastschroeven. De handgreep moet verticaal staan.

Aanwijzing: Om te voorkomen dat bij de volgende wasbeurt wasmiddel ongebruikt in de afvoer wegstroomt giet u 1 liter water in het linker compartiment en start u programma Afpompen.

Afvoerslang aan de sifon verstopt

1. Apparaat de wandcontactdoosuitschakelen.Stekker nemen.uit
2. Slangenklem er voorzichtiglosmaken. aftrekken,Afvoerslang erkan
resterend
3. Afvoerslang sifon
schoonmaken.waterenuit aansluitstuklopen.vande

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 49)

Zeef in de watertoevoer verstopt.

Pagina 50

nl Storingen, wat te doen?

3 Storingen, wat te doen?

Noodontgrendeling

Slang aan de achterkant van het apparaat eraf halen, Zeef met een tang eruit halen en schoonmaken.

bijv. bij een stroomstoring.

Het programma wordt hervat als er weer stroom is.

Als het wasgoed toch uit de trommel gehaald moet worden, dan kan de vuldeur geopend worden zoals hierna beschreven:

Waarschuwing

Risico van verbranding!

Bij het wassen met hoge temperaturen kunnen er bij aanraking met heet zeepsop en wasgoed brandwonden ontstaan. Eventueel eerst laten afkoelen.

Waarschuwing

Gevaar voor letsel!

Wanneer u met uw handen in de draaiende trommel komt, kunt u letsel oplopen.

Niet met uw handen in de draaiende trommel komen.

Wacht tot de trommel niet meer draait.

Attentie!

Waterschade

Wegstromend water kan tot waterschade leiden.

De vuldeur niet openen zolang er water achter het glas te zien is.

Hierna kan de vuldeur geopend worden.

Pagina 51

Storingen, wat te doen? nl

Aanwijzingen op het display

IndicatieOorzaak/Oplossing
uitDe vuldeur is ontgrendeld, aan het programma-einde of in de pauze-toestand, wanneer wasgoed bijgevuld kan worden.
brandt■ Tijdens het programma. Vuldeur vergrendeld.
■ in de pauze-toestand: temperatuur te hoog. Wachten tot de temperatuur is gedaald.
■ in de pauze-toestand: centrifugetoerental te hoog. Wachten tot de trommel stil staat.
■ in de pauze toestand: waterpeil te hoog. Bijvullen van wasgoed niet mogelijk. Voor het hervatten van het programma op tippen.
■ (Spoelstop = zonder eindcentrifugeren) gekozen? Blz. 30
knippert■ langzaam: vuldeur kan momenteel niet ver- of ontgrendeld worden. Wachttijd nodig.
■ snel: vuldeur sluiten, omdat water uit het wasgoed kan lopen.
uitbij programma-einde, bij geopende vuldeur
brandtna programmastart
knippertvoor programmastart, in pauze-toestand
i-Dos-instelwaarde bijv. knippertMinimale peil in bijbehorend reservoir gedetecteerd, bijvullen. Blz. 42
brandtWasmiddellade is uitgeschoven.
brandtWaterdruk te laag kan de programmaduur verlengen.
knippertGeen watertoevoer:
■ Kraan helemaal opendraaien.
■ Toevoerslang geknikt/afgeklemd,
■ eventueel zeef reinigen. Blz. 49
3 sec brandtKinderbeveiliging geactiveerd; deactiveren. Blz. 32
3 sec knippertKinderslot geactiveerd, programmakiezer gedraaid of een op een bedieningspaneel getipt.
knippertProgramma Trommelreiniging 90 °C of een 60 °C-programma voor reiniging en verzorging van de trommel en het interieur uitvoeren.
Aanwijzingen
■ Programma zonder wasgoed draaien.
■ Gebruik een poederwasmiddel of een bleekmiddelhoudend wasmiddel. Ter voorkoming van schuimvorming slechts de helft van de door de wasmiddelproducent aanbevolen hoeveelheid wasmiddel gebruiken. Gebruik geen wol- of fijnwasmiddel.
■ Instructiesignaal in-/uitschakelen
brandtTe veel schuim herkend, extra spoelbeurten toegevoegd. Doseer bij de volgend wasbeurt met gelijke belading minder wasmiddel.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 51)

Pagina 52

nl Storingen, wat te doen?

IndicatieOorzaak/Oplossing
Verbinding met het thuisnetwerk werd niet gerealiseerd.■ Wi-Fi is uitgeschakeld. Om verbinding te kunnen maken met het thuisnetwerk, Wi-Fi inschakelen. moet op het display verschijnen.
■ Wi-Fi is ingeschakeld, maar de verbinding met het thuisnetwerk kan niet gerealiseerd worden. Controleer of het thuisnetwerk beschikbaar is of maak opnieuw verbinding met het thuisnetwerk.
E:10 afgewisseld met - 00, - 10 of - 20Fout in het i-Dos-systeem. De i-Dos-functie is automatisch gedeactiveerd. De machine kan met handmatige dosering normaal worden gebruikt.
Voor reparatie van het i-Dos-systeem a.u.b. contact opnemen met de Servicedienst.
E:60 afwisselend met - 2b en Eindeaan het einde van het programma.
Geen fout van de machine - Het onbalans controlesysteem heeft het centrifugeren vanwege een ongelijkmatige verdeling van het wasgoed afgebroken.
Kleine en grote stukken wasgoed verdelen over de trommel. Eventueel wasgoed nogmaals centrifugeren.
E:35 afgewisseld met - 10Water in de bodemplaat, lekkage van het apparaat. Kraan dichtdraaien. Service inschakelen! Blz. 55
E: 36 afgewisseld met - 10■ Afvoerpomp verstopt. Afvoerpomp schoonmaken. Blz. 48
■ Afvoerslang/afvoerpijp verstopt. Afvoerslang bij de sifon reinigen. Blz. 49
Andere indicatiesApparaat uitschakelen, 5 seconden wachten en weer inschakelen. Verschijnt de indicatie opnieuw, schakel dan de servicedienst in. Blz. 55

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 52)

Wat te doen bij storingen?

StoringenOorzaak/Oplossing
Er lekt water.■ Afvoerslang goed vastzetten/vervangen.
■ Schroefkoppeling van de toevoerslang vastdraaien.
Geen watertoevoer. Wasmiddel niet ingespoeld.■ Programma niet gestart?
■ Kraan niet geopend?
■ Zeef eventueel verstopt? Zeef reinigen. Blz. 49
■ Toevoerslang geknikt of ingeklemd?
Het doseerreservoir is leeg is en de niveau-indicatie niet knippert.■ Deksel/stekker van de wasmiddellade vuil? Wasmiddellade schoonmaken. Blz. 47
■ Wasmiddellade niet correct erin geschoven? Blz. 42
De doseerbakjes gevuld zijn met verkeerd wasmiddel/wasverzachter.Doseerreservoir:
4. Leegmaken en reinigen. Blz. 47
5. Opnieuw vullen.
Wasmiddel/wasverzach-ter in de doseerbakjes is ingedikt.Doseerbakjes schoonmaken en opnieuw vullen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 52)

Pagina 53

Storingen, wat te doen? nl

StoringenOorzaak/Oplossing
Vuldeur gaat niet open.■ Veiligheidsfunctie actief. Programma-afbreking? Blz. 33
■ (Spoelstop = zonder eindcentrifugeren) gekozen? Blz. 33
■ Openen alleen via noodontgrendeling mogelijk? Blz. 50
Programma start niet.■ Programma gestart of Klaar in-tijd gekozen?
■ Vuldeur gesloten?
■ Kinderbeveiliging geactiveerd? Deactiveren. Blz. 32
■ brandt. Wasmiddellade is niet volledig ingeschoven. Wasmiddellade correct erin schuiven.
■ Shop modus geactiveerd? Wanneer het display gedurende 5 s weergeeft, nadat u het apparaat heeft in- of uitgeschakeld, dan bevindt het apparaat zich in de shop-modus. U schakelt de shop-modus als volgt uit:
1. Apparaat uit- en weer inschakelen.
2. Wachten tot de melding op het display gedoofd is.
3. gedurende minimaal 5 seconden ingedrukt houden.
Op het display verschijnt en het apparaat schakelt zich automatisch uit. De shop-modus is nu gedeactiveerd en u kunt het apparaat zoals gewoonlijk gebruiken.
Plotselinge schok/ draaien van de trommel na programmastart.Geen storing - bij het starten van het wasprogramma kan kortstondig een schokbeweging van de trommel optreden, als gevolg van een interne motortest.
Waswater wordt niet weggepompt.■ (Spoelstop = zonder eindcentrifugeren) gekozen? Blz. 33
■ Afvoerpomp schoonmaken. Blz. 48
■ Afvoerpijp en/of afvoerslang schoonmaken.
Water in de trommel niet zichtbaar.Geen fout – het water bevindt zich onderin en is daardoor niet te zien.
Centrifugeresultaat niet naar tevredenheid.
Wasgoed nat / te vochtig.
■ Geen fout - het onbalans controlesysteem heeft het centrifugeren afgebroken wegens ongelijkmatige verdeling van het wasgoed.
Kleine en grote stukken wasgoed verdelen over de trommel.
■ Anti-kreuk gekozen? Blz. 29
■ Te laag centrifugetoerental gekozen?
Meermalen beginnen met centrifugeren.Geen fout – het onbalans controlesysteem heft de onbalans op.
Programmaduur langer dan gewoonlijk.■ Geen fout - het onbalans controlesysteem heft de onbalans op door het wasgoed meermaals te verdelen.
■ Geen fout – schuimcontrolesysteem actief – er wordt een extra spoelbeurt uitgevoerd.
De programmaduur verandert tijdens de wascyclus.Geen fout – het programmaverloop wordt geoptimaliseerd voor het betreffende wasproces. Dit kan leiden tot een verandering van de programmaduur op het display.
Restwater in het linker compartiment voor wasverzorgingsmiddelen.■ Geen fout - werking van het verzorgingsmiddel wordt niet beïnvloed.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 53)

Pagina 54

nl Storingen, wat te doen?

StoringenOorzaak/Oplossing
Geurvorming in de wasmachine.Programma Trommelreiniging of Katoen 90 °C zonder wasgoed draaien. Gebruik daarbij een poederwasmiddel of een bleekmiddelhoudend wasmiddel. Aanwijzing: Ter voorkoming van schuimvorming slechts de helft van de door de wasmiddelproducent aanbevolen hoeveelheid wasmiddel gebruiken. Gebruik geen wol- of fijnwasmiddel.
Indicatie brandt op het Touch-Display. Er komt eventueel schuim uit de wasmiddellade.Teveel wasmiddel gebruikt?
Een eetlepel wasverzachter met 1/2 l water mengen en in het linker compartiment doen (niet bij outdoor- en sportkleding en textiel met dons!).
Bij de volgende was minder wasmiddel gebruiken.
Herhaaldelijke sterke schuimvorming.■ Basisdoseerinstelling en doseersterkte controleren.
■ Eventueel een ander vloeibaar wasmiddel gebruiken.
Wasmiddel/wasverzach-ter druppelt van de manchet en verzamelt zich op het venster of in de manchetplooi.Te veel wasmiddel/wasverzachter in de doseerreservoirs. Markering max in de doseerreservoirs in acht nemen.
Harde geluiden, trillingen en „wandelen” tijdens het centrifugeren.■ Apparaat horizontaal gesteld? Apparaat afstellen. Blz. 18
■ Zijn de voetjes vastgezet? Voetjes van het apparaat vastzetten. Blz. 18
■ Transportbeveiligingen verwijderd? Transportbeveiligingen verwijderen.
• Blz. 15
Touch-Display functioneert tijdens het bedrijf niet.■ Stroomstoring?
■ Zekeringen geactiveerd? Zekeringen inschakelen/vervangen.
■ Doet de storing zich vaker voor, servicedienst inschakelen.
Wasmiddelresten op het wasgoed.■ Soms bevatten fosfaatvrije wasmiddelen resten die niet in water oplosbaar zijn.
■ Spoelen kiezen of wasgoed na het wassen uitborstelen.
In de pauze toestand knippert en brandt.■ Waterniveau te hoog. Bijvullen van wasgoed niet mogelijk. Eventueel vuldeur direct sluiten.
■ Voor het voortzetten van het programma op tippen.
In de pauze toestand knippert en is uit.De vuldeur is ontgrendeld. Bijvullen van wasgoed mogelijk.
Home Connect werkt niet.■ Bij problemen met Home Connect vindt u hulp op www.home-connect.com
■ Of u de Home Connect functies op uw apparaat kunt gebruiken, hangt af van de beschikbaarheid van de Home Connect Services (bijv. beschikbaarheid van de app) in uw land. De Home Connect service is niet in elk land beschikbaar, informatie daarover vindt u op www.home-connect.com.
Wanneer u een storing niet zelf kunt verhelpen (na uit-/inschakelen) of wanneer een reparatie noodzakelijk is:
■ Apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken.
■ Kraan dichtdraaien en de servicedienst inschakelen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 54)

Pagina 55

Technische gegevens nl

Technische gegevens

Afmetingen:

850 x 600 x 590 mm

(hoogte x breedte x diepte)

Gewicht:

70 - 85 kg (afhankelijk van het model)

Netaansluiting:

Netspanning 220 - 240 V, 50 Hz (60 Hz al naar gelang het model)

Nominale stroom 10 A

Nominaal vermogen 1900 - 2300 W

Waterdruk:

100 - 1000 kPa (1 - 10 bar)

Opgenomen vermogen in uitgeschakelde toestand: 0,1 W

Opgenomen vermogen in nietuitgeschakelde toestand: 0,43 W

Opgenomen vermogen in netwerk (Wi-Fi) standby-modus / tijdsduur:

0,9 W / 20 min

4 Klantenservice

Neem wanneer u de storing niet zelf kunt verhelpen a.u.b. contact op met onze Servicedienst. Omslagpagina

Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om een onnodig bezoek van een monteur te voorkomen.

Aan de servicedienst dient u het typenummer (E-Nr.) en het fabricagenummer (FD) van de machine op te geven.

( 1U)'
E-nr.Typenummer
FDFabricagenummer

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 55)

Deze gegevens vindt u *afhankelijk van het model:

aan de binnenkant van de vuldeur* / de geopende serviceklep* en aan de achterkant van het apparaat..

Vertrouw op de competentie van de fabrikant.

Neem contact met ons op. Zo weet u zeker dat de reparatie wordt uitgevoerd door goed opgeleide servicemonteurs die de beschikking hebben over originele reserve-onderdelen.

Pagina 56

nl Aqua-Stop-garantie

Aquastop-garantie

Alleen voor apparaten met Aqua-Stop

Als aanvulling op de garantieregeling voor de koper voortvloeiend uit de koopovereenkomst en aanvullend op onze apparaatgarantie, wordt u schadeloos gesteld als aan onderstaande voorwaarden wordt voldaan:

Onze garantie heeft geen betrekking op defecte toevoerleidingen of armaturen tot aan de Aquastopaansluiting op de kraan.

Alleen bij langere afwezigheid, bijvoorbeeld als u een paar weken op vakantie gaat, moet de kraan worden dichtgedraaid.

← pagina's 13–34Inhoud