Siemens WM14UPH5NL, tekst van de handleiding
Pagina's 32–56 van 68 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 3–31verder op pagina 57 →
Pagina 32
nl Accessoires
10 Accessoires
Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd.
Opmerking: Sommig toebehoren is in andere kleuren beschikbaar. Neem contact op met de → "Servicedienst", Pagina 62.
| Gebruik | Bestelnummer | |
|---|---|---|
| Verlenging watertoevoerslang | Koudwater- of Aquastopwatertoevoerslang verlengen (2,50 m). | WZ10131 |
| Bevestigingsbeugels | Stevige stand van het apparaat verbeteren. | WX975600 |
| Bochtstuk | Waterafvoerslang fixeren. | 00655300 |
| Verhoging | Het apparaat hoger plaatsen, zodat het gemakkelijk gevuld en leeggehaald kan worden. | WZWP20W |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 32)
11 Wasgoed
Opmerking: Meer informatie vindt u in de digitale gebruiksaanwijzing door het inscannen van de QR-code in de inhoudsopgave of op siemenshome.bsh-group.com .
11.1 Wasgoed voorbereiden
LET OP!
In het wasgoed achtergebleven voorwerpen kunnen het wasgoed en de trommel beschadigen.
- Voor gebruik alle voorwerpen uit de zakken van het wasgoed verwijderen.
- Om uw apparaat en het wasgoed te beschermen, bereidt u het wasgoed voor.
- Zakken leegmaken
- Zand uit alle omslagen en zakken borstelen
- Dekbedhoezen en kussenovertrekken sluiten
- Ritssluitingen, klittenbandsluitingen, haken en ogen sluiten
- Stoffen riemen, schortbanden enz. samenbinden, of een waszak gebruiken
- Lange trekbanden en koorden met vaste eindstukken in capu-chons of broeken samenbinden
- Gordijnrollers en loodveters verwijderen of een wasnetje gebruiken
- voor kleine stukken wasgoed, bijv. kindersokken een wasnetje gebruiken
- sommige hardnekkige, ingedroogde vlekken kunnen door meerdere malen wassen worden verwijderd
- grote en kleine stukken wasgoed door elkaar wassen
Pagina 33
- verse vlekken niet inwrijven, maar met zeepsop afdeppen
- Wasgoed uit elkaar vouwen en losmaken of de beschrijving van de programma's in acht nemen
12 Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel
Opmerkingen
- Meer informatie vindt u in de digitale gebruiksaanwijzing door het inscannen van de QR-code in de inhoudsopgave of op siemens-home.bsh-group.com .
- Neem de informatie m.b.t. Veiligheid → Pagina 4 en Materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht.
Informatie van de fabrikant over gebruik en dosering vindt u op de verpakking.
Opmerkingen bij vloeibare wasmiddelen uitsluitend zelf stromende vloeibare wasmiddelen gebruiken verschillende vloeibare wasmiddelen niet mengen wasmiddel en wasverzachter niet mengen
- Geen te lang bewaarde en sterk ingedikte producten gebruiken.
geen oplosmiddelhoudende, bijtende of desinfecterende middelen, bijv. bleekwater, gebruiken
- Verfstoffen met mate gebruiken, zout kan RVS aantasten geen ontkleuringsmiddel in het apparaat gebruiken
- Geen azijn in het doseerreservoir vullen → Pagina 36 voor het intelligente doseersysteem
Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel nl
13 De Bediening in essentie
Opmerking: Meer informatie vindt u in de digitale gebruiksaanwijzing door het inscannen van de QR-code in de inhoudsopgave of op siemenshome.bsh-group.com .
13.1 Apparaat inschakelen
Vereiste: Het apparaat is correct opgesteld en aangesloten.
→ "Opstellen en aansluiten", Pagina 13
- Druk op .
Het inschakelproces duurt enkele seconden.
- Er wordt een hoorbare functietest uitgevoerd.
13.2 Programma instellen
- 1. Programmakiezer draaien en op het gewenste programma zetten. → "Programma's", Pagina 28
- 2. Indien nodig Programma-instellingen aanpassen → Pagina 33.
13.3 Programma-instellingen aanpassen
Vereiste: Een programma is ingesteld.
→ "Programma instellen", Pagina 33
- De programma-instellingen aanpassen.
→ "Toetsen", Pagina 25
Neem de informatie over het onderwerp bedieningslogica → Pagina 19 in acht.
Opmerkingen
- De programma-instellingen worden niet permanent voor het programma opgeslagen.
33
Pagina 34
nl Bediening
- Wanneer u het intelligente doseersysteem activeert of deactiveert, wordt de instelling opgeslagen.
13.4 Programma-instellingen opslaan
U kunt uw individuele programma-instellingen als favoriet opslaan.
Vereisten
- Een programma is ingesteld.
→ "Programma instellen", Pagina 33
- De programma-instellingen zijn aangepast.
→ "Programma-instellingen aanpassen", Pagina 33
- Gedurende ca. 3 seconden op drukken.
Druk op om het opgeslagen programma op te roepen.
Opmerking: Om het opgeslagen programma te overschrijven, herhaalt u de stappen.
13.5 Trommel vullen met wasgoed
Opmerking: Om kreukvorming te vermijden, dient u de maximale belading van de programma's in acht te nemen.
→ "Programma's", Pagina 28
Vereiste: Het wasgoed is voorbereid. → "Wasgoed", Pagina 32
- 1. Open de deur.
Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
- 2. Het wasgoed in de trommel leggen.
- 3. De deur sluiten.
Zorg ervoor dat er geen kleine stukken wasgoed tussen de deur klem zitten.
13.6 Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel doseren
Bij programma's waarbij de intelligente dosering niet mogelijk of gewenst is, kunt u het wasmiddel handmatig doseren.
Tip: In aanvulling op de intelligente dosering kunt u in het compartiment voor handmatige dosering ook andere wasverzorgingsmiddelen toevoegen, zoals vlekkenzout, stijfsel of bleek. Doe geen aanvullend wasmiddel toevoegen in het compartiment voor handmatige dosering om overdosering of schuimvorming te voorkomen.
Opmerking: Houd de aanwijzingen voor wasmiddel en wasverzorgingsmiddel → Pagina 33 aan.
- 1. De wasmiddellade uittrekken.
- 2. Vullen met wasmiddel.
→ "Wasmiddellade", Pagina 19
- 3. Indien gewenst vullen met een verzorgingsmiddel.
- 4. Schuif de wasmiddellade in het apparaat.
13.7 Starten van het programma
Vereiste: Een programma is ingesteld.
→ "Programma instellen", Pagina 33
- Druk op .
- De trommel draait en er vindt een beladingsherkenning plaats, welke tot wel 2 minuten kan duren en daarna stroomt het water in het apparaat.
- In het display wordt of de programmaduur of de klaar in tijd weergegeven.
- Na het programma-einde toont het display: End.
Pagina 35
Kinderslot nl
13.8 Wasgoed bijvullen
Na het starten van het programma kunt u het wasgoed afhankelijk van de programmastatus verwijderen of bijvullen.
Vereiste: Er is een programma gestart.
→ "Starten van het programma", Pagina 34
- 1. Druk op .
Het apparaat pauzeert.
Opmerking: Als u wasgoed wilt bijleggen, neem dan de aanwijzingen op het display in acht.
→ "Display", Pagina 24
- 2. Open de apparaatdeur.
- 3. Het wasgoed bijvullen of uitnemen.
- 4. Sluit de apparaatdeur.
- 5. Druk op .
13.9 Progr. annuleren
- 1. Druk op .
- 2. Open de apparaatdeur.
Bij hoge temperatuur en hoog waterniveau blijft de deur van het apparaat om veiligheidsredenen vergrendeld.
- Start bij hoge temperatuur het programma Spoelen.
- Start bij een hoog waterniveau het programma Centrifugeren of kies een geschikt programma voor het afpompen.
→ "Programma's", Pagina 28
- 3. Het wasgoed verwijderen → Pagina 35.
13.10 Wasgoed uitnemen
- 1. Open de apparaatdeur.
- 2. Het wasgoed verwijderen.
13.11 Apparaat uitschakelen
- 1. Druk op .
- 2. De waterkraan sluiten.
- 3. De rubbermanchet droog vegen en vreemde voorwerpen verwijderen.
- 4. De apparaatdeur en wasmiddellade open laten zodat het restwater kan opdrogen.
14 Kinderslot
Beveilig uw apparaat tegen ongewenst bedienen via de bedieningselementen.
14.1 Kinderslot inschakelen
- Ca. 3 s op 3 sec drukken.
- De bedieningselementen zijn geblokkeerd.
- Het kinderslot blijft ook na het uitschakelen van het apparaat en bij een stroomuitval geactiveerd.
14.2 Kinderslot deactiveren
Vereiste: Om het kinderslot te deactiveren, moet het apparaat zijn ingeschakeld.
- Ca. 3 s op 3 sec drukken.
Pagina 36
nl Intelligent doseersysteem
15 Intelligent doseersysteem
Afhankelijk van het programma en de instellingen worden de optimale hoeveelheden vloeibaar wasmiddel en wasverzachter automatisch gedoseerd.
15.1 Programma met intelligent doseersysteem starten
Als u vloeibaar wasmiddel en wasverzachter niet handmatig wilt doseren, gebruik dan het intelligente doseersysteem. Deze functie is afhankelijk van het ingestelde programma beschikbaar en is automatisch geactiveerd.
Opmerking
Als u het intelligente doseersysteem gebruikt, vul dan geen extra wasmiddel of wasverzachter in het doseerbakje voor de handmatige dosering. → "Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel doseren", Pagina 34
Als u voor een ingesteld programma handmatig wilt doseren, neem dan de volgende aanwijzingen in acht:
- Deactiveer het intelligente doseersysteem vóór het starten van het programma. De instellingen blijven ook na het uitschakelen van het apparaat opgeslagen.
→ "Toetsen", Pagina 25 → "Toetsen", Pagina 25
- Vul het wasmiddel of de wasverzachter in het doseerbakje voor de handmatige dosering.
→ "Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel doseren", Pagina 34
- Activeer het intelligente doseersysteem na het programma-einde. → "Toetsen", Pagina 25 → "Toetsen", Pagina 25
36 Vereisten
- Het wasgoed is voorbereid.
→ "Wasgoed voorbereiden", Pagina 32
- Het wasgoed is gesorteerd.
- Het wasgoed is geplaatst.
→ "Trommel vullen met wasgoed", Pagina 34
- Het programma is ingesteld.
→ "Programma instellen", Pagina 33
- Het intelligente doseersysteem is geactiveerd.
→ "Toetsen", Pagina 25 → "Display", Pagina 23 → "Display", Pagina 23
- 1. Het doseerreservoir vullen → Pagina 36.
Om de inhoud van de doseerser-voirs door een ander product te vervangen, de wasmiddellade reinigen → Pagina 44.
- 2. Indien nodig de inhoud van de doseerreservoirs → Pagina 37 aanpassen.
- 3. Indien nodig de basisdoseerhoeveelheid → Pagina 38 aanpassen.
- 4. Indien nodig Programma-instellingen aanpassen → Pagina 33.
- 5. Het programma starten → Pagina 34.
- 6. De
→ "Wasgoed uitnemen", Pagina 35.
15.2 Doseerreservoir vullen
Als u het intelligente doseersysteem wilt gebruiken of als het apparaat tijdens het gebruik een aanwijzing toont, vul dan de doseerreservoirs.
Opmerking: Vul uitsluitend geschikte wasmiddelen en verzorgingsmiddelen → Pagina 33 in de doseerreservoirs.
Als u vloeibaar wasmiddel of wasverzachter in het doseerreservoir wilt bijvullen, gebruik dan hetzelfde product.
Pagina 37
Als u vloeibaar wasmiddel of wasverzachter in het doseerreservoir door een ander product wilt vervangen, reinig dan voordien de wasmiddellade.
→ "Schoonmaken van de wasmiddellade", Pagina 44
Wanneer u beide doseerreservoirs voor vloeibaar wasmiddel wilt gebruiken, stel dan de Inhoud van de doseerreservoirs → Pagina 37 in.
- 1. De wasmiddellade uittrekken.
- 2. Open het vuldeksel.
- 3. Vloeibaar wasmiddel en wasverzachter in de betreffende doseerreservoirs doen.
→ "Wasmiddellade", Pagina 19
Overschrijd bij het vullen de markering van het maximale vulpeil niet.
- 4. Sluit het vuldeksel.
Intelligent doseersysteem nl
Opmerking: Sluit de vuldeksels direct na het vullen om ervoor te zorgen dat het vloeibare wasmiddel of de wasverzachter niet uitdrogen.
- 5. Washulpmiddelen zoals vlekkenzout, ontharder of bleekmiddel indien nodig in het doseerbakje voor de handmatige dosering vullen.
→ "Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel doseren", Pagina 34
- 6. Schuif de wasmiddellade in het apparaat.
- 7. De basisdoseerhoeveelheid → Pagina 38 aanpassen.
15.3 Inhoud van het doseerreservoir
Opmerkingen
- Wanneer u de inhoud van het doseerreservoir wijzigt, dan wordt de basisdosering voor dit doseerreservoir gereset.
- Wanneer u beide doseerreservoirs voor vloeibaar wasmiddelen gebruikt, moet u een doseerreservoir kiezen dat tijdens het wassen moet worden gebruikt.
Inhoud van het doseerreservoir aanpassen
- 1. Druk ca. 3 s op i-Dos.
- 2. Druk op i-Dos om in te stellen.
- Op het display wordt weergegeven.
- 3. Druk opnieuw op i-Dos om in te stellen.
- 4. Om de instelling te beëindigen, kort wachten.
Pagina 38
nl Home Connect
15.4 Basisdoseerhoeveelheid
De basisdoseerhoeveelheid is gebaseerd op de informatie van de fabrikant van het wasmiddel, de waterhardheid en de mate van verontreiniging van het wasgoed.
Stel altijd een basisdoseerhoeveelheid in, die is afgestemd op een standaard belading van 4,5 kg.
Basisdoseerhoeveelheid aanpassen
- 1. Druk ca. 3 s op i-Dos.
- Het display toont de ingestelde basisdoseerhoeveelheid voor .
- 2. Druk op / om de instelling aan te passen.
- 3. Om de instelling te beëindigen, kort wachten.
Opmerking: Om de basisdoseerhoeveelheid voor aan te passen, herhaalt de stappen met i-Dos.
16 Home Connect
Dit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uw apparaat met een mobiel eindapparaat om functies te kunnen bedienen via de Home Connect app, basisinstellingen aan te passen of de actuele gebruikstoestand te bewaken.
Opmerking: Meer informatie vindt u in de digitale gebruiksaanwijzing door het inscannen van de QR-code in de inhoudsopgave of op siemenshome.bsh-group.com .
De Home Connect diensten zijn niet in elk land beschikbaar. De beschikbaarheid van de functie Home Connect is afhankelijk van de beschikbaarheid van de Home Connect diensten in uw land. Informatie hierover vindt u op: www.home-connect.com.
→ "Apparaat met WLAN-thuisnetwerk (WiFi) met WPS-functie verbinden", Pagina 38 → "Apparaat met WLAN-thuisnetwerk (WiFi) zonder WPS-functie verbinden", Pagina 39
De Home Connect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces. Volg de aanwijzingen in de Home Connect app om de instellingen aan te brengen.
Tips
- Neem de meegeleverde documenten van Home Connect in acht.
- Neem ook de aanwijzingen in de Home Connect app in acht.
Opmerkingen
- Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden nageleefd wanneer u het apparaat via de Home Connect app bedient. → "Veiligheid", Pagina 4
- De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang. Gedurende deze tijd is de bediening via de Home Connect app niet mogelijk.
16.1 Apparaat met WLANthuisnetwerk (WiFi) met WPS-functie verbinden
Vereisten
- Uw router beschikt over een WPSfunctie.
- Wifi op de router is geactiveerd.
- De basisinstelling wifi op het apparaat is geactiveerd.
→ "WiFi op het apparaat activeren", Pagina 40
- Het apparaat heeft op de opstellocatie ontvangst van het thuisnetwerk (wifi).
- De Home Connect app is op het mobiele eindapparaat geïnstalleerd.
Pagina 39
- 1. Tenminste 3 seconden op drukken.
- Op het display wordt Aut weergegeven.
- 2. Druk op .
- 3. Druk binnen 2 minuten op de WPS-knop op de router.
Houd de informatie in de documentatie van uw router aan.
- Op het display knippert .
- Het apparaat maakt verbinding met het wifi-thuisnetwerk.
- Wanneer op het display con wordt weergegeven en permanent brandt, dan is het apparaat met het wifi-thuisnetwerk verbonden.
- 4. Als het display Err toont, is het apparaat niet met het wifi-thuisnetwerk verbonden.
‒ Controleer of het apparaat zich binnen het bereik van het wifinetwerk bevindt.
‒ Het apparaat met het wifi-netwerk met WPS-functie opnieuw verbinden.
- 5. Het apparaat met de Home Connect app verbinden. → Pagina 40
Home Connect nl
16.2 Apparaat met WLANthuisnetwerk (WiFi) zonder WPS-functie verbinden
Als uw router geen WPS-functie heeft, kunt u het apparaat handmatig met uw thuisnetwerk (wifi) verbinden.
Vereisten
- Wifi op de router is geactiveerd.
- De basisinstelling wifi op het apparaat is geactiveerd.
→ "WiFi op het apparaat activeren", Pagina 40
- Het apparaat heeft op de opstellocatie ontvangst van het thuisnetwerk (wifi).
- De Home Connect app is op het mobiele eindapparaat geïnstalleerd.
- 1. Tenminste 3 seconden op drukken.
- Op het display wordt Aut weergegeven.
- 2. Stel het programma in op stand 2.
- Op het display wordt SAP weergegeven.
- 3. Druk op .
- Op het display knippert .
- Het apparaat maakt een eigen wifithuisnetwerk met de netwerknaam (SSID) HomeConnect aan.
- 4. Roep op het mobiele eindapparaat de wifi-instellingen op.
Verbind het mobiele eindapparaat met het wifi-netwerk HomeConnect en voer het wifi-wachtwoord (key) HomeConnect in.
- Uw mobiele eindapparaat maakt verbinding met het apparaat. De verbindingsprocedure kan tot wel 60 seconden duren.
- 5. Open de Home Connect app op het mobiele eindapparaat en volg de stappen in de app.
39
Pagina 40
nl Home Connect
- 6. Voer in de Home Connect app de netwerknaam (SSID) en het wachtwoord (key) van uw thuisnetwerk in.
- 7. De stappen in de Home Connect app volgen om het apparaat te verbinden.
- Wanneer op het display con wordt weergegeven en permanent brandt, dan is het apparaat met het wifi-thuisnetwerk verbonden.
- 8. Als het display Err toont, is het apparaat niet met het wifi-thuisnetwerk verbonden.
‒ Controleer of het apparaat zich binnen het bereik van het wifinetwerk bevindt.
‒ Het apparaat met het wifi-netwerk met WPS-functie opnieuw verbinden.
- 9. Het apparaat met de Home Connect app verbinden → Pagina 40.
16.3 Apparaat met de Home Connect app verbinden
Vereisten
- Het apparaat is verbonden met het WiFi thuisnetwerk.
- De Home Connect app is geopend en u heeft zich aangemeld.
- 1. Het programma op stand 3 instellen.
- Op het display wordt APP weergegeven.
- 2. Druk op .
- Het apparaat maakt verbinding met de Home Connect app.
- 3. Zodra het apparaat in de Home Connect app wordt weergegeven, de laatste stappen in de Home Connect app volgen.
- Wanneer het display con weergeeft, is het apparaat met de Home Connect app verbonden.
16.4 WiFi op het apparaat activeren
Opmerking: Het energieverbruik wordt hoger ten opzichte van de in de verbruikswaardetabellen aangegeven waarden, wanneer Wi-Fi is geactiveerd.
- 1. Ca. 3 s op drukken.
- 2. Programma op positie 4 instellen.
- Op het display wordt Con weergegeven.
- 3. Druk op totdat het display On weergeeft.
- WiFi is geactiveerd.
Opmerking: Het apparaat schakelt niet automatisch uit, wanneer WiFi is geactiveerd.
16.5 WiFi op het apparaat deactiveren
- 1. Tenminste 3 seconden op drukken.
- 2. Programma op positie 4 instellen.
- Op het display wordt Con weergegeven.
- 3. Druk op totdat het display OFF weergeeft.
- WiFi is gedeactiveerd.
Opmerking: De verbinding wordt bij het opnieuw inschakelen van wifi automatisch hersteld.
Pagina 41
16.6 Netwerkinstellingen van het apparaat resetten
- 1. Tenminste 3 seconden op drukken.
- 2. Programma op positie 5 instellen.
- Op het display wordt rES weergegeven.
- 3. Op drukken.
- Op het display wordt YES weergegeven.
- 4. Op drukken.
- De netwerkinstellingen worden teruggezet.
- Als het display End toont, zijn de netwerkinstellingen teruggezet.
16.7 Start op afstand
Het apparaat voor de start op afstand via de Home Connect app vrijgeven.
Start op afstand activeren
Opmerkingen
- De start op afstand wordt vanwege veiligheidsredenen onder de volgende omstandigheden gedeactiveerd:
- Open de apparaatdeur.
- Druk op .
- Druk op .
- Het apparaat uitschakelen.
- Na een stroomonderbreking.
- De start op afstand kan vanwege veiligheidsredenen onder de volgende condities niet worden geactiveerd:
- Deur van het apparaat is open.
- De wasmiddellade is niet volledig dichtgeschoven.
Vereisten
- Het apparaat is met uw wifi-thuisnetwerk verbonden.
- Het apparaat is met de Home Connect app verbonden.
- Er is een programma gekozen.
Home Connect nl
- Druk op .
Als u de toets minstens 3 seconden indrukt, opent u het Home Connect menu.
Wanneer u op de knop drukt, wordt het apparaat voor het starten op afstand via de Home Connect app vrijgegeven.
Als u de apparaatdeur opent, is de functie automatisch gedeactiveerd. brandt.
Opmerking: Om de functie te deactiveren op drukken.
16.8 Bescherming persoonsgegevens
Neem de aanwijzingen m.b.t. de bescherming van de persoonsgegevens in acht.
Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een thuisnetwerk dat op het internet is aangesloten, geeft het de volgende gegevenscategorieën door aan de Home Connect server(eerste registratie):
- Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de ingebouwde
Wi-Fi communicatiemodule).
- Veiligheidscertificaat van de Wi-Fi communicatiemodule (voor de informatietechnische beveiliging van de verbinding).
- De actuele software- en hardwareversie van uw huishoudapparaat.
- Status van een eventuele eerdere reset naar de fabrieksinstellingen.
Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u voor het eerst van de Home Connect functionaliteiten gebruik wilt maken.
41
Pagina 42: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 43
Basisinstellingen nl
17 Basisinstellingen
U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.
17.1 Overzicht over de basisinstellingen
| Basisinstelling | Symbool | Waarde | Beschrijving |
|---|---|---|---|
| Signaal | 0 (uit) 1 (zacht) 2 (gemiddeld) 3 (luid) 4 (zeer luid) | Het volume van het signaal na het programma-einde instellen. | |
| Toetssignaal | 0 (uit) 1 (zacht) 2 (gemiddeld) 3 (luid) 4 (zeer luid) | Het volume van het signaal bij het kiezen van de buttons instellen. | |
| Displayhelderheid | 1 (laag) 2 (gemiddeld) 3 (hoog) 4 (zeer hoog) | De helderheid van het display instellen. | |
| Herinnering trommelreiniging 1 Voorbeeld | On (aan) OFF (uit) | De herinnering voor de trommelreiniging activeren of deactiveren. |
Pagina 44
nl Reiniging en onderhoud
| Basisinstelling | Symbool | Waarde | Beschrijving |
|---|---|---|---|
| Programmateller 1 Voorbeeld | 5 | 42¹ | Het aantal beëindigde programma's weergeven. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 44)
17.2 Basisinstellingen wijzigen
- 1. Om de basisinstellingen in te stellen, op de toets drukken.
- 2. Om de basisinstellingen te verlaten, het toestel uitschakelen.
18 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
Opmerking: Meer informatie vindt u in de digitale gebruiksaanwijzing door het inscannen van de QR-code in de inhoudsopgave of op siemenshome.bsh-group.com .
18.1 Trommel reinigen
VOORZICHTIG
Kans op letsel!
Het permanent wassen op lage temperaturen en een ontbrekende beluchting van het apparaat kunnen de trommel beschadigen en kunnen letsels veroorzaken.
- Regelmatig een programma voor de reiniging van de trommel uitvoeren of met temperaturen van minstens 60°C wassen.
- Het apparaat na elk gebruik bij een geopende deur en wasmiddellade laten drogen.
- Het programma Trommel reinigen zonder wasgoed met poederwasmiddel uitvoeren.
18.2 Schoonmaken van de wasmiddellade
Als u vloeibaar wasmiddel of wasverzachter in het doseerreservoir door een ander product wilt vervangen of de wasmiddellade verontreinigd is, reinig dan de wasmiddellade.
LET OP!
De pompeenheid bevat elektrische componenten. Elektrische componenten kunnen bij contact met water beschadigd raken.
- De pompunit niet in de vaatwasser reinigen of in water dompelen.
- De elektrische aansluitingen aan de achterkant tegen vocht, wasmiddel- en wasverzachterresten beschermen.
- 1. Het apparaat uitschakelen. → "Apparaat uitschakelen", Pagina 35
- 2. De wasmiddellade uittrekken.
Pagina 45
- 3. Inzetstuk naar beneden drukken en de wasmiddellade verwijderen.
- 4. De pompeenheid verwijderen.
- 5. Het deksel van de wasmiddellade ontgrendelen en verwijderen.
Reiniging en onderhoud nl
- 6. De wasmiddellade legen.
- 7. De pompunit met een vochtige doek reinigen.
- 8. De wasmiddellade en het deksel met een zachte, vochtige doek of handdouche reinigen.
- 9. De wasmiddellade plaatsen, het deksel en de pompeenheid afdrogen en plaatsen.
Pagina 46
nl Reiniging en onderhoud
- 10. De behuizing van de wasmiddellade in het apparaat reinigen.
- 11. Schuif de wasmiddellade in het apparaat.
18.3 Afvoerpomp reinigen
Reinig de afvoerpomp in geval van storingen, bijv. bij verstoppingen of geklapper.
Afvoerpomp legen
- 1. De kraan sluiten.
- 2. Het apparaat uitschakelen.
- 3. Stekker van het apparaat van het stroomnet scheiden.
- 4. De serviceklep openen en verwijderen.
- 5. Plaats een voldoende grote opvangbak onder de opening.
- 6. Neem de aftapslang uit de houder.
Pagina 47
- 7. VOORZICHTIG - Kans op brandwonden! Het sop wordt heet bij het wassen met hoge temperaturen.
- Raak het hete sop niet aan.
Trek het afsluitstopje los, om het wassop in de opvangbak te laten stromen.
- 8. Druk het stopje er weer op.
- 9. De aftapslang in de houder klemmen.
Reiniging en onderhoud nl
Afvoerpomp reinigen
Vereiste: De afvoerpomp is leeg. → Pagina 46
- 1. Omdat er nog restwater in de pomp kan zitten, het deksel er voorzichtig uit draaien.
‒ Door grote verontreinigingen kan het filterelement in het pomphuis vastzitten. Verontreinigingen losmaken en filterelement verwijderen.
- 2. Binnenruimte, schroefdraad van het pompdeksel en pomphuis reinigen.
Het pompdeksel bestaat uit twee componenten die voor de reiniging kunnen worden gedemonteerd.
- 3. Verifieer dat de rotor van de pomp makkelijk ronddraait.
Pagina 48
nl Reiniging en onderhoud
- 4. Breng het pompdeksel aan.
‒ Controleer of de componenten van het pompdeksel correct gemonteerd zijn.
- 5. Het pompdeksel tot aan de aanslag aandraaien.
90°
De greep van het pompdeksel moet verticaal staan.
- 6. De serviceklep plaatsen en sluiten.
2
1 Vóór de volgende keer wassen
Om te voorkomen dat bij de volgende wasbeurt wasmiddel ongebruikt in de afvoer stroomt, voert u het programma Afpompen uit, nadat u de pomp heeft geleegd.
- 1. De kraan opendraaien.
- 2. De stekker in het stopcontact steken.
- 3. Het apparaat inschakelen.
- 4. Doe een liter water in het compartiment voor de handmatige dosering.
- 5. Kies een geschikt programma voor het afpompen.
→ "Programma's", Pagina 28
Pagina 49
Storingen verhelpen nl
19 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Het display is gedoofd en knippert. | De energiebesparingsmodus is actief. ▶ Druk op een willekeurige button. • Het display brandt weer. |
| "E:36 / -10" | Afvoerbuis of waterafvoerslang is verstopt. ▶ Reinig de afvoerbuis en de waterafvoerslang. |
| Afvoerbuis of waterafvoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de afvoerbuis en de waterafvoerslang niet geknikt of ingeklemd zijn. | |
| Afvoerpomp is verstopt. ▶ → "Afvoerpomp reinigen", Pagina 46 | |
| Waterafvoerslang is te hoog aangesloten. ▶ Monteer de waterafvoerslang op maximaal 1 meter hoogte. | |
| Pompdeksel is niet correct in elkaar gezet. ▶ Zet het pompdeksel correct in elkaar. | |
| Wasmiddeldosering is te hoog. ▶ Directe maatregel: meng een eetlepel wasverzachter met 0,5 l water en giet dit mengsel in het compartiment voor handmatige dosering (niet bij outdoor-, sportswear- en donstextiel). ▶ Wanneer de intelligente dosering geactiveerd is, reduceer dan de basisdoseerhoeveelheid → Pagina 38. |
Pagina 50
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| "E:36 / -10" | ▶ Reduceer, wanneer u handmatig doseert, bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. |
| Niet-toegestane verlenging aan de waterafvoerslang gemonteerd. ▶ Verwijder niet-toegestane verlengingen aan de waterafvoerslang. → "Apparaat aansluiten", Pagina 16 | |
| Pompdeksel is niet volledig ingeschroefd. ▶ Zorg ervoor dat het pompdeksel tot aan de aanslag in het apparaat is geschroefd. De greep van het pompdeksel moet verticaal staan. | |
| "E:36 / -25 / -26" | Afvoerpomp is verstopt. ▶ → "Afvoerpomp reinigen", Pagina 46 |
| "E:10 / -00 / -10 / -20" | Pomp van het intelligente doseersysteem is geblokkeerd. 1. Schakel het apparaat uit. 2. Reinig de pompeenheid. → "Schoonmaken van de wasmiddellade", Pagina 44 3. Schakel het apparaat in. 4. Als de indicatie na het reinigen van de pompeenheid opnieuw verschijnt, schakel dan de service in. → "Servicedienst", Pagina 62 Opmerking: Tot het verhelpen van de storing kunt u het intelligente doseersysteem deactiveren en handmatig doseren. → "Toetsen", Pagina 25 |
| "H:32" | Het onbalansherkenningssysteem heeft het centrifugeren afgebroken wegens ongelijkmatige verdeling van het wasgoed. ▶ Verdeel het wasgoed opnieuw in de trommel. Opmerking: Leg zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. |
| "E:30 / -10" en/of | Waterdruk is laag. Geen oplossing mogelijk. |
| De zeven in de watertoevoer zijn verstopt. ▶ Reinig de zeven in de watertoevoer. | |
| Waterkraan is gesloten. |
Pagina 51
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| "E:30 / -10" en/of | ▶ Open de waterkraan. |
| Watertoevoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de watertoevoerslang niet is geknikt of ingeklemd. | |
| Waterniveaumeetsysteem defect. Opmerking: Met de foutmelding start het apparaat een afpompprocedure. 1. Wacht eerst ca. 5 minuten tot de afpompprocedure is beëindigd. 2. Om de foutmelding te resetten, schakelt u het apparaat uit. 3. Schakel het apparaat weer in. 4. Als de foutmelding opnieuw wordt weergegeven, neemt u contact op met de servicedienst. → "Servicedienst", Pagina 62 | |
| Wasmiddellade is niet volledig ingeschoven. ▶ Schuif de wasmiddellade in tot het symbool uitgaat. | |
| Pompunit is niet geplaatst. 1. Plaats de pompunit in de wasmiddellade. → "Schoonmaken van de wasmiddellade", Pagina 44 2. Schuif de wasmiddellade in tot het symbool uitgaat. | |
| knippert. | Het Spanningscontrolesysteem herkent een ontoelaatbare spanningsonderschrijding. ▶ Geen oplossing mogelijk. Opmerking: Als de voedingsspanning zich heeft gestabiliseerd, loopt het programma normaal verder. Spanningsonderschrijding kan een programmaverlenging veroorzaken. Geen oplossing mogelijk. |
| Wasmiddeldosering is te hoog. ▶ Directe maatregel: meng een eetlepel wasverzachter met 0,5 l water en giet dit mengsel in het compartiment voor handmatige dosering (niet bij outdoor-, sportswear- en donstextiel). ▶ Wanneer de intelligente dosering geactiveerd is, reduceer dan de basisdoseerhoeveelheid → Pagina 38. ▶ Reduceer, wanneer u handmatig doseert, bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 51)
51
Pagina 52
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| brandt. | Temperatuur is te hoog. ▶ Wacht tot de temperatuur is gedaald. ▶ → "Progr. annuleren", Pagina 35 |
| Waterniveau is te hoog. ▶ Kies een geschikt programma voor het afpompen. → "Programma's", Pagina 28 | |
| knippert. | Deur is niet gesloten. 1. Sluit de deur. 2. Om het programma te starten, drukt u op . |
| Wasgoed is ingeklemd tussen de deur. 1. Open de deur opnieuw. 2. Verwijder ingeklemd wasgoed. 3. Sluit de deur. 4. Om het programma te starten, drukt u op . | |
| Alle andere foutcodes. | Storing ▶ Neem contact op met de klantenservice. → "Servicedienst", Pagina 62 |
| "E:30/-20" | Magneetventiel defect. ▶ Neem contact op met de klantenservice. → "Servicedienst", Pagina 62 |
| Wasmiddeldosering is te hoog. ▶ Reduceer, wanneer u handmatig doseert, bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. | |
| Extra water gevuld. ▶ Vul tijdens het bedrijf geen extra water in het apparaat. | |
| Apparaat werkt niet. | Netstekker van de stroomkabel is niet ingestoken. ▶ Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet. |
| De zekering in de zekeringenkast is in werking getreden. ▶ Controleer de zekering in de meterkast. | |
| Stroomvoorziening is uitgevallen. ▶ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. | |
| Programma start niet. | werd niet ingedrukt. ▶ Druk op . |
| Deur is niet gesloten. 1. Sluit de deur. |
Pagina 53
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Programma start niet. | 2. Om het programma te starten, drukt u op . |
| Kinderbeveiliging is geactiveerd. ▶ → "Kinderslot deactiveren", Pagina 35 | |
| / is geactiveerd. ▶ Controleer of / is geactiveerd. → "Toetsen", Pagina 25 | |
| Wasgoed is ingeklemd tussen de deur. 1. Open de deur opnieuw. 2. Verwijder ingeklemd wasgoed. 3. Sluit de deur. 4. Om het programma te starten, drukt u op . | |
| Wasmiddellade is niet volledig ingeschoven. ▶ Schuif de wasmiddellade in tot het symbool uitgaat. | |
| Pomp van het intelligente doseersysteem is geblokkeerd. 1. Schakel het apparaat uit. 2. Reinig de pompeenheid. → "Schoonmaken van de wasmiddellade", Pagina 44 3. Schakel het apparaat in. 4. Als de indicatie na het reinigen van de pompeenheid opnieuw verschijnt, schakel dan de service in. → "Servicedienst", Pagina 62 Opmerking: Tot het verhelpen van de storing kunt u het intelligente doseersysteem deactiveren en handmatig doseren. → "Toetsen", Pagina 25 | |
| Wasmiddellade is niet volledig ingeschoven. ▶ Schuif de wasmiddellade in tot het symbool uitgaat. | |
| Deur kan niet worden geopend. | is geactiveerd. ▶ Hervat het programma door Centrifugeren of Afpompen te kiezen en op te drukken. |
| Temperatuur is te hoog. ▶ Wacht tot de temperatuur is gedaald. ▶ → "Progr. annuleren", Pagina 35 | |
| Waterniveau is te hoog. ▶ Kies een geschikt programma voor het afpompen. → "Programma's", Pagina 28 | |
| Stroomonderbreking. |
Pagina 54
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Deur kan niet worden geopend. | ▶ Open de deur met de noodontgrendeling. → "Noodontgrendeling", Pagina 61 |
| Waswater wordt niet weggepompt. | Afvoerbuis of waterafvoerslang is verstopt. ▶ Reinig de afvoerbuis en de waterafvoerslang. |
| Afvoerbuis of waterafvoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de afvoerbuis en de waterafvoerslang niet geknikt of ingeklemd zijn. | |
| Afvoerpomp is verstopt. ▶ → "Afvoerpomp reinigen", Pagina 46 | |
| is geactiveerd. ▶ Hervat het programma door Centrifugeren of Afpompen te kiezen en op te drukken. | |
| Waterafvoerslang is te hoog aangesloten. ▶ Monteer de waterafvoerslang op maximaal 1 meter hoogte. | |
| Pompdeksel is niet correct in elkaar gezet. ▶ Zet het pompdeksel correct in elkaar. | |
| Wasmiddeldosering is te hoog. ▶ Directe maatregel: meng een eetlepel wasverzachter met 0,5 l water en giet dit mengsel in het compartiment voor handmatige dosering (niet bij outdoor-, sportswear- en donstextiel). ▶ Wanneer de intelligente dosering geactiveerd is, reduceer dan de basisdoseerhoeveelheid → Pagina 38. ▶ Reduceer, wanneer u handmatig doseert, bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. | |
| Niet-toegestane verlenging aan de waterafvoerslang gemonteerd. ▶ Verwijder niet-toegestane verlengingen aan de waterafvoerslang. → "Apparaat aansluiten", Pagina 16 | |
| Pompdeksel is niet volledig ingeschroefd. ▶ Zorg ervoor dat het pompdeksel tot aan de aanslag in het apparaat is geschroefd. De greep van het pompdeksel moet verticaal staan. |
Pagina 55
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Er stroom geen water in het apparaat. Het wasmiddel werd niet ingespoeld. | werd niet ingedrukt. ▶ Druk op . |
| De zeven in de watertoevoer zijn verstopt. ▶ Reinig de zeven in de watertoevoer. | |
| Waterkraan is gesloten. ▶ Open de waterkraan. | |
| Watertoevoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de watertoevoerslang niet is geknikt of ingeklemd. | |
| Meermaals beginnen met centrifugeren. | Het onbalanscontrolesysteem heft de onbalans op door het wasgoed meermaals te verdelen. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. Opmerking: Leg bij het beladen zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. |
| De programmaduur wijzigt tijdens de wascyclus. | Het programmaverloop wordt elektronisch geoptimaliseerd. Dat kan leiden tot wijzigingen in de programmaduur. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. |
| Het onbalanscontrolesysteem heft de onbalans op door het wasgoed meermaals te verdelen. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. Opmerking: Leg bij het beladen zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. | |
| Schuimcontrolesysteem voert bij te hoge schuimvorming een extra spoelbeurt toe. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. | |
| Het water is in de trommel niet zichtbaar. | Het water is onder het zichtbare bereik. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. ▶ Vul tijdens het bedrijf geen extra water in het apparaat. |
| Trommel schokt na programmastart. | Oorzaak is een interne motortest. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. |
| Trillingen en beweging van het apparaat tij- | Het apparaat is niet goed horizontaal gesteld. ▶ → "Stellen van het apparaat", Pagina 17 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 55)
dens het centrifugeren. Apparaatvoeten zijn niet gefixeerd.
Pagina 56
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Trillingen en beweging van het apparaat tijdens het centrifugeren. | ▶ Zet de apparaatvoeten vast. → "Stellen van het apparaat", Pagina 17 |
| Transportbeveiligingen zijn niet verwijderd. ▶ → "Transportbeveiligingen verwijderen", Pagina 14. | |
| Trommel draait, er stroomt geen water in het apparaat. | Beladingsherkenning is actief. ▶ Geen fout, geen handeling noodzakelijk. Opmerking: De beladingsherkenning kan tot wel 2 minuten duren. |
| Sterke schuimvorming. | Wasmiddeldosering is te hoog. ▶ Directe maatregel: meng een eetlepel wasverzachter met 0,5 l water en giet dit mengsel in het compartiment voor handmatige dosering (niet bij outdoor-, sportswear- en donstextiel). ▶ Wanneer de intelligente dosering geactiveerd is, reduceer dan de basisdoseerhoeveelheid → Pagina 38. ▶ Reduceer, wanneer u handmatig doseert, bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. |
| i-Dos i-Dos kan niet worden ingedrukt | Intelligent doseren voor dit programma niet mogelijk. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. → "Programma met intelligent doseersysteem starten", Pagina 36 |
| Programmavoortgang laat intelligent doseren niet toe. Geen oplossing mogelijk. | |
| Hoog centrifugetoerental wordt niet bereikt. | Laag centrifugetoerental is ingesteld. ▶ Stel bij de volgende wasbeurt een hoger centrifugetoerental in. |
| is geactiveerd. ▶ Kies een geschikt programma voor de textielsoort. | |
| Onbalanscontrolesysteem compenseert onbalans door gereduceerd centrifugetoerental. ▶ Verdeel het wasgoed opnieuw in de trommel. Opmerking: Leg zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. ▶ Start het programma Centrifugeren. | |
| Programma centrifugeren start niet. | Afvoerbuis of waterafvoerslang is verstopt. ▶ Reinig de afvoerbuis en de waterafvoerslang. |