naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens WM14VMH0NL, tekst van de handleiding

Pagina's 7–44 van 76 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 2–6verder op pagina 45 →

Pagina 7

Veiligheid nl

Wanneer het apparaat aan uitstekende onderdelen wordt verplaatst, zoals bijvoorbeeld de vuldeur, dan kunnen de onderdelen afbreken.

VOORZICHTIG ‒ Kans op snijden!

Scherpe randen aan het apparaat kunnen bij aanrakingen tot snijwonden leiden.

1.5 Veiliger gebruik

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.

Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.

WAARSCHUWING ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!

Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar geraken.

Pagina 8

nl Veiligheid

WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!

Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.

WAARSCHUWING ‒ Kans op vergiftiging!

Was- en verzorgingsmiddelen kunnen bij inname tot vergiftigingen leiden.

WAARSCHUWING ‒ Kans op explosie!

Wanneer wasgoed met oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen werd voorbehandeld, kan dit in het apparaat tot een explosie leiden.

VOORZICHTIG ‒ Kans op letsel!

Bij het op het apparaat klimmen of klauteren kan de afdekplaat breken.

Bij het zitten of leunen op de geopende deur kan het apparaat kantelen.

Grijpen in de draaiende trommel kan tot letsel aan de handen leiden.

Pagina 9

Veiligheid nl

VOORZICHTIG ‒ Kans op brandwonden!

Het glas van de apparaat deur wordt heet bij het wassen met hoge temperaturen.

VOORZICHTIG ‒ Kans op brandwonden!

Het sop wordt heet bij het wassen met hoge temperaturen.

VOORZICHTIG ‒ Kans op chemische brandwonden!

Bij het openen van de wasmiddellade kunnen wasmiddel en verzorgingsmiddel uit het apparaat spatten. Contact met ogen of huid kan tot irritaties leiden.

1.6 Veilige reiniging en onderhoud

Neem de veiligheidsvoorschriften in acht bij het reinigen en onderhouden van het apparaat.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

Pagina 10

nl Veiligheid

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Het gebruiken van niet originele reserveonderdelen en niet originele accessoires is gevaarlijk.

WAARSCHUWING ‒ Kans op vergiftiging!

Bij het gebruik van oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen kunnen giftige dampen ontstaan.

Pagina 11

2 Materiële schade vermijden

Houd deze aanwijzing aan om materiële schade en schade aan het apparaat te vermijden.

LET OP!

Een verkeerde dosering van wasverzachters, wasmiddelen, verzorgingsmiddelen en reinigingsmiddelen kan de werking van het apparaat beïnvloeden.

Het overschrijden van de maximale beladingshoeveelheid heeft invloed op de werking van het apparaat.

→ "Programma's", Pagina 26

Het apparaat is voor transport met transportbeveiligingen geborgd. Niet verwijderde transportbeveiligingen kunnen leiden tot materiële schade en schade aan het apparaat.

Materiële schade vermijden nl

Een te lage of te hoge waterdruk kan de apparaatfunctie hinderen.

Gewijzigde of beschadigde waterslangen kunnen tot materiële schade en schade aan het apparaat leiden.

Het gebruik van het apparaat met vervuild of te heet water kan materiële schade veroorzaken.

Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.

11

Pagina 12

nl Milieubescherming en besparing

3 Milieubescherming en besparing

3.1 Afvoeren van de verpakking

De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.

3.2 Zuinig met energie en hulpbronnen

Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom en water.

Programma's met lage temperaturen en langere wastijden gebruiken en de maximale beladingscapaciteit → Pagina 26 gebruiken.

Zuinige programma-instelling gebruiken.

Wasmiddel overeenkomstig de mate van verontreiniging van het wasgoed doseren → Pagina 37.

Wastemperatuur bij licht en normaal verontreinigd wasgoed reduceren.

Maximaal toerental instellen, wanneer het wasgoed aansluitend in de wasdroger gedroogd moet worden.

Wasgoed zonder voorwas wassen.

Het apparaat beschikt over een beladingsautomaat.

3.3 Energiebesparingsmodus

Wanneer u het apparaat langere tijd niet bediend, dan schakelt het apparaat automatisch naar de energiebe-

Pagina 13

spaarstand. Alle aanwijzingen verdwijnen en Start/Bijvullen knippert.

De energiebespaarmodus wordt afgesloten, wanneer u het apparaat opnieuw bedient, bijv. de deur opent of sluit.

Wanneer u het apparaat in de energiebespaarmodus langere tijd niet bediend, dan schakelt het apparaat automatisch uit.

Opmerking: Het apparaat schakelt niet automatisch uit, wanneer WiFi is geactiveerd.

4 Opstellen en aansluiten

4.1 Apparaat uitpakken

Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.

Opstellen en aansluiten nl

LET OP!

Voorwerpen die in de trommel achterblijven, en die niet voor het gebruik van het apparaat bedoeld zijn, kunnen tot materiële- en apparaatschade leiden.

Voor de milieuvriendelijke afvoer van het verpakkingsmateriaal dient u de informatie over het onderwerp → "Afvoeren van de verpakking", Pagina 12 in acht te nemen.

→ "De Bediening in essentie", Pagina 38

Pagina 14

nl Opstellen en aansluiten

4.2 Inhoud van de verpakking

Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.

1
1Wasmachine
2Begeleidende documenten
3Watertoevoerslang
4Afdekkapjes

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)

4.3 Vereisten ten aanzien van de opstelplaats

Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.

14

4

WAARSCHUWING

Kans op elektrische schok!

Het apparaat bevat spanningsvoerende delen. Het aanraken van spanningsvoerende delen is gevaarlijk.

WAARSCHUWING

Kans op letsel!

Bij gebruik op een sokkel kan het apparaat kantelen.

Pagina 15

LET OP!

Wanneer het apparaat in vorstgevaarlijke zones of buiten wordt opgesteld, dan kan bevroren restwater het apparaat beschadigen en bevroren slangen kunnen scheuren of barsten.

Het apparaat werd voor het verlaten van de fabriek aan een functietest onderworpen en kan restwater bevatten. Dit restwater kan lekken als het apparaat meer dan 40° wordt gekanteld.

OpstelplaatsEisen
Op een sokkelHet apparaat met borglippen → Pagina 34 bevestigen.
Op een vloer met houten balkenHet apparaat op een waterbestendige houten plaat plaatsen, welke vast met vloer is geschroefd. De houten plaat moet minimaal 30 mm dik zijn.
In een keuken• Een nisbreedte van 60 cm is noodzakelijk.
• Het apparaat alleen onder een doorlopend werkblad plaats, welke vast met de naastliggende kast is verbonden.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)

Opstellen en aansluiten nl

OpstelplaatsEisen
Aan een wandGeen slangen tussen wand en apparaat inklemmen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)

4.4 Transportbeveiligingen verwijderen

Het apparaat is voor transport met transportbeveiligingen aan de achterzijde van het apparaat geborgd.

Opmerkingen

Pagina 16

nl Opstellen en aansluiten

4.5 Apparaat aansluiten

Watertoevoerslang aansluiten

Opmerking

Pagina 17

¾˝

min.

Aansluitsoorten waterafvoer

De informatie helpt u dit apparaat op de waterafvoer aan te sluiten.

Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.

LET OP!

Bij het afpompen staat de waterafvoerslang onder druk en kan van de geïnstalleerde aansluitpositie losraken.

Opstellen en aansluiten nl

Opmerking: Neem de afpomphoog-

tes in acht.
De maximale afpomphoogte bedraagt 100 cm.
Afvoer in een sifonDe aansluitpositie met een slangklem (24-40 mm) borgen.
Afvoer in een wastafelDe waterafvoerslang met een bochtstuk → Pagina 34 bevestigen en borgen.
Afvoer in en kunststof standpijp met rubberen mof of in een afvoerputje.De waterafvoerslang met een bochtstuk → Pagina 34 bevestigen en borgen.
4.6 Stellen vanhet apparaat

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

Om geluiden en trillingen te reduceren en het wandelen van het apparaat te vermijden, stelt u het apparaat horizontaal.

Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.

Pagina 18

nl Opstellen en aansluiten

Alle apparaatvoeten moeten stevig op de grond staan.

Het apparaatvoetje daarbij vasthouden en niet in de hoogte verstellen.

4.7 Apparaat elektrisch aansluiten

Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.

De aansluitgegevens van het apparaat vindt u in de technische gegevens → Pagina 70.

Pagina 19

Uw apparaat leren kennen nl

5 Uw apparaat leren kennen

5.1 Apparaat

Hier vindt u een overzicht van de onderdelen van uw apparaat.

5

Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op de afbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm.

7 Transportbeveiligingen → Pagina 15

1Serviceklep en pomp → Pagina 52
2Deur
3Wasmiddellade → Pagina 20
4Bedieningselementen → Pagina 20
5Waterafvoerslang → Pagina 17
6Netaansluitkabel → Pagina 18

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)

19

Pagina 20

nl Uw apparaat leren kennen

5.2 Wasmiddellade

1Wasmiddelbakje II:
• Wasmiddel voor de hoofdwas,
• Ontharder
• Bleekmiddel
• Vlekkenzout
2Compartiment :
• Wasverzachter
• Vloeibaar stijfsel
• Impregneermiddel
3Wasmiddelbakje I:
• Wasmiddel voor de voorwas
• Hygiënewasmiddel

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)

5.3 Bedieningselementen

Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.

1Programma's → Pagina 26
2Programmakiezer → Pagina 38
3Knoppen → Pagina 23
4Display → Pagina 21

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)

Pagina 21

Display nl

6 Display

Op het display ziet u de actuele instelwaarden, keuzemogelijkheden of aanwijzingsteksten.

IndicatieBenamingBeschrijving
0:40 ¹Programmaduur / resterende tijd van het programmaOngevere verwachte programmaduur of resterende tijd van het programma.
10h ¹Klaar in tijdHet programma-einde werd vastgelegd en de resterende uren worden aangegeven. → "Toetsen", Pagina 23
9 kg ¹Aanbevolen ladingMaximale beladingshoeveelheid voor het ingestelde programma in kg.
- 1400CentrifugetoerentalIngestelde centrifugetoerental in omw/min. → "Toetsen", Pagina 23 0: zonder eindcentrifugeren, alleen afpompen : Spoelstop, zonder afpompen
- 90TemperatuurIngestelde temperatuur in °C. → "Toetsen", Pagina 23 (koud)
VoorwasProgrammastatus
WassenProgrammastatus
1 VoorbeeldSpoelenProgrammastatus

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)

Pagina 22

nl Display

IndicatieBenamingBeschrijving
CentrifugerenProgrammastatus
-P-PauzeProgrammastatus
-0-Programma-eindeProgrammastatus
Kinderslotbrandt: het kinderslot is geactiveerd. knippert: het kinderslot is geactiveerd en het apparaat werd bediend.
→ "Kinderslot deactiveren", Pagina 43
BloedDe vlekkensoort is geactiveerd.
GrasDe vlekkensoort is geactiveerd.
Rode wijnDe vlekkensoort is geactiveerd.
Boter/slaolieDe vlekkensoort is geactiveerd.
EnergieverbruikEnergieverbruik voor het ingestelde programma.
: lager energieverbruik : hoger energieverbruik
WaterverbruikWaterverbruik voor het ingestelde programma.
: lager waterverbruik : hoger waterverbruik
Wi-Fibrandt: het apparaat is met het thuisnetwerk verbonden.
knippert: het apparaat probeert verbinding te maken met het thuisnetwerk. → "Home Connect ", Pagina 43
EnergiemanagerHet apparaat is met het Smart Energy System (energiemanager) verbonden.
→ "Apparaat met de energiemanager verbinden", Pagina 45
SchuimdetectieHet apparaat heeft te veel schuim geconstateerd.
DeurDe deur is vergrendeld en kan worden geopend.
Kraan• Geen waterdruk.
• De waterdruk is te laag.
E:35 / -10 ¹
1 Voorbeeld
FoutFoutcode, foutindicatie, signaal.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

Pagina 23

Toetsen nl

7 Toetsen

De selectie van de programma-instellingen is afhankelijk van het ingestelde programma. De selectiemogelijkheden voor elk programma ziet u in het overzicht voor → "Programma's", Pagina 26.

KnopKeuzeBeschrijving
Start/Bijvullenstarten annuleren pauzerenProgramma starten, annuleren of pauzeren.
varioSpeedactiveren
• Deactiveren
Wassen met verkorte tijdsduur activeren of deactiveren.
Opmerking: Het energieverbruik wordt hoger.
Het wasresultaat wordt daardoor niet beïnvloed.
(Selecteren)Meervoudige selectieDe vlekkensoort kiezen.
De temperatuur, de trommelbeweging en de inweektijd worden aan de vlekkensoort aangepast.
- Klaar in +1 - 24 uurHet programma-einde vastleggen. De programmaduur is reeds in het ingestelde aantal uren inbegrepen. Na de start van het programma wordt de programmaduur weergegeven.
Temperatuur- 90 °CDe temperatuur in °C aanpassen.
Centrifugeren anti-Vlekken systeem- 1400Het centrifugetoerental aanpassen of (spoelstop) activeren.
Met de selectie wordt het water aan het einde van de wascyclus niet afgepompt en het centrifugeren gedeactiveerd. Het wasgoed blijft in het spoelwater liggen.
(netschakelaar)• Inschakelen
• Uitschakelen
Het apparaat in- of uitschakelen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)

Pagina 24

nl Toetsen

KnopKeuzeBeschrijving
Bedien via appactiveren deactiveren
• Home Connect Menu openen
Wanneer u op de button druk, wordt het apparaat voor het starten op afstand via de Home Connect app vrijgegeven
Wanneer u de button ca. 3 s indrukt, opent het Home Connect menu.
Opmerkingen
• De start op afstand kan vanwege veiligheidsredenen niet worden geactiveerd wanneer de deur open is.
• De start op afstand wordt vanwege veiligheidsredenen onder de volgende omstandigheden gedeactiveerd:
– De deur openen.
– Start/Bijvullen indrukken.
– Bedien via app indrukken.
– Het apparaat uitschakelen.
– Na een stroomonderbreking.
3 sec.activeren deactiverenHet kinderslot activeren of deactiveren.
De bedieningspanelen tegen per ongeluk bedienen beveiligen.
Werd het kinderslot geactiveerd en het apparaat uitgeschakeld, dan blijft het kinderslot geactiveerd.
→ "Kinderslot", Pagina 43
CentrifugerenBasisinstellingenBasisinstellingen van het apparaat wijzigen.
→ "Basisinstellingen wijzigen", Pagina 50
Voorwasactiveren deactiverenVoorwas activeren of deactiveren, bijv. voor het wassen van sterk verontreinigd wasgoed.
Krachtig spoelenactiveren deactiverenDrie extra spoelcycli activeren of deactiveren.
Aanbevolen bij bijzonder gevoelige huid of in gebieden met heel zacht water.
Antikreukactiveren deactiverenWassen met minder kreuk activeren of deactiveren.
Om kreukvorming in het wasgoed te reduceren, wordt het centrifugeproces en het centrifugetoerental aangepast.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)

Pagina's 25–33: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 34

nl Accessoires

9 Accessoires

Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd.

GebruikBestelnummer
Verlenging watertoevoerslangKoudwater- of Aquastopwatertoevoerslang verlengen (2,50 m).WZ10131
BevestigingsbeugelsStevige stand van het apparaat verbeteren.WX975600
BochtstukWaterafvoerslang fixeren.00655300
Inzetunits voor vloeibaar wasmiddelVloeibaar wasmiddel doseren.00605740

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)

10 Voor het eerste gebruik

Bereid het apparaat voor voor het gebruik.

10.1 Wascyclus zonder wasgoed starten

Uw apparaat werd voor het verlaten van de fabriek grondig gecontroleerd. Om eventueel restwater te verwijderen, wast u de eerste keer zonder wasgoed.

Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.

Het inschakelen van het apparaat kan enkele seconden duren.

Pagina 35

Gebruik om schuimvorming te vermijden, slechts de helft van de door de wasmiddelfabrikant aanbevolen hoeveelheid voor lichte verontreiniging. Gebruik geen wol- of fijnwasmiddel.

→ "De Bediening in essentie", Pagina 38

Wasgoed nl

11 Wasgoed

11.1 Wasgoed voorbereiden

Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.

LET OP!

In het wasgoed achtergebleven voorwerpen kunnen het wasgoed en de trommel beschadigen.

35

Pagina 36

nl Wasgoed

11.2 Wasgoed sorteren

Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.

Wasgoed van gelijke weefsel- en vezelsoort bijelkaar wassen.

Was nieuwe bonte was de eerste keer gescheiden van ander wasgoed.

11.3 Mate van verontreiniging

Mate van vervuilingVerontreinigingVoorbeelden
lichtgeen verontreinigingen of vlekken zichtbaar
• Wasgoed heeft geuren aangenomen
lichte zomerkleding of sportkelding, die slechts enkele uren is gedragen
normaalVerontreinigingen of lichte vlekken zijn zichtbaar• T-shirts, overhemden of blouses zijn doorzweet, of werden meerdere malen gedragen
• Handdoeken of beddengoed, welke tot één week is gebruikt
sterkVerontreinigingen of vlekken zijn duidelijk zichtbaarTheedoeken, babywas of werkkleding

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)

11.4 Verzorgingsaanwijzingen op verzorgingslabels

Verzorgingsaanwijzingen wassen

SymboolWasprocesAanbevolen programma
normaalKatoen
voorzichtigKreukherst.
zeer voorzichtigFijn / zijde voor handwas
HandwasWol
niet in de wasmachine wasbaar–

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)

Pagina 37

Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel nl

12 Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel

Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.

Informatie van de fabrikant over gebruik en dosering vindt u op de verpakking.

Opmerkingen bij vloeibare wasmiddelen uitsluitend zelf stromende vloeibare wasmiddelen gebruiken verschillende vloeibare wasmiddelen niet mengen wasmiddel en wasverzachter niet mengen

geen oplosmiddelhoudende, bijtende of desinfecterende middelen, bijv. bleekwater, gebruiken

12.1 Wasmiddelaanbeveling

WasmiddelTextielProgrammaTemperatuur
Compleet wasmiddel met optische witmakerskookbestendig wit textiel van linnen of katoenKatoenvan koud tot 90°C
Bontwasmiddel zonder bleekmiddel en optische witmakersBont wasgoed van linnen of katoenKatoenvan koud tot 60°C
Bont/fijnwasmiddel zonder optisch witmiddelBont wasgoed van kreukherstellende vezels of synthetische vezelsKreukherst.van koud tot 60°C
FijnwasmiddelGevoelig fijn textiel van zijde of viscoseFijne was/ zijdevan koud tot 40°C
WolwasmiddelWolWolvan koud tot 40°C

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)

Tip: Op www.cleanright.eu vindt u een veelvoud aan verdere informatie omtrent wasmiddelen, verzorgingsmiddelen en reinigingsmiddelen voor huishoudelijk gebruik.

12.2 Wasmiddeldosering

De dosering van het wasmiddel is gebaseerd op:

37

Pagina 38

nl De Bediening in essentie

U kunt de waterhardheid opvragen bij uw plaatselijke waterbedrijf of vaststellen met een waterhardheidtester.

Waterhardheid

Hardheidbereik Totale hardheid in mmol/lDuitse hardheid in °dH
zacht (I) 0 - 1,50 - 8,4
gemiddeld (II) 1,5 - 2,58,4 - 14
hard (III) hoger dan 2,5hoger dan14
Voorbeeld van fabrikantinformatie voor wasmiddel
Deze voorbeeldwaarden hebben betrekking op een standaardbelading van 4 - 5 kg.
Verontreiniging lichtnormaalsterk
Waterhardheid: zacht / gemid- 40 ml deld55 ml80 ml
Waterhardheid: hard / zeer 55 ml hard80 ml105 ml

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)

De doseerhoeveelheden vindt u op de verpakking van de fabrikant.

13 De Bediening in essentie

13.1 Apparaat inschakelen

Het inschakelen van het apparaat kan enkele seconden duren.

Pagina 39

Opmerking: De trommel wordt verlicht na het openen, sluiten en starten van het programma. De verlichting dooft automatisch.

13.2 Programma instellen

→ "Programma's", Pagina 26

13.3 Programma-instellingen aanpassen

Vereiste: Een programma is ingesteld.

→ "Programma instellen", Pagina 39

→ "Programma's", Pagina 26

Opmerking: De programma-instellingen worden niet permanent voor het programma opgeslagen.

13.4 Trommel vullen met wasgoed

Opmerkingen

De Bediening in essentie nl

Vereiste: Het wasgoed is voorbereid en gesorteerd.

→ "Wasgoed", Pagina 35

Zorg ervoor dat de trommel leeg is.

Zorg ervoor dat er geen kleine stukken wasgoed tussen de deur klem zitten.

Pagina 40

nl De Bediening in essentie

13.5 Doseerhulp voor vloeibaar wasmiddel plaatsen

Wanneer u de doseerhulp als accessoire bestelt, moet u de doseerhulp plaatsen.

1

2

13.6 Doseerhulp voor vloeibaar wasmiddel gebruiken

Om vloeibaar wasmiddel te doseren, kunt u in de wasmiddellade een doseerhulp gebruiken.

Pagina 41

13.7 Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel doseren

Opmerkingen

Vereiste: Informeer uzelf over de optimale dosering voor wasmiddelen en verzorgingsmiddelen.

→ "Wasmiddellade", Pagina 20

13.8 Starten van het programma

Opmerking: Wanneer u de tijd tot het programma-einde wilt wijzigen, stel dan eerst de klaar-in tijd in.

De Bediening in essentie nl

13.9 Wasgoed inweken

Opmerking: Er is geen extra wasmiddel nodig. Het zeepsop wordt aansluitend voor het wassen gebruikt.

Bijvullen .

Start/Bijvullen .

13.10 Wasgoed bijvullen

Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.

Het apparaat pauzeert en controleert of het bijvullen of verwijderen van wasgoed mogelijk is. Let op de programmastatus.

Pagina 42

nl De Bediening in essentie

13.11 Progr. annuleren

Na het starten van het programma kunt u het programma te allen tijde afbreken.

Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.

Bij hoge temperatuur en hoog waterniveau blijft de deur van het apparaat om veiligheidsredenen vergrendeld.

13.12 Programma bij spoelstop hervatten

13.13 Wasgoed uitnemen

Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.

42

13.14 Apparaat uitschakelen

Pagina 43

14 Kinderslot

Beveilig uw apparaat tegen ongewenst bedienen via de bedieningselementen.

14.1 Kinderslot inschakelen

14.2 Kinderslot deactiveren

Vereiste: Om het kinderslot te deactiveren, moet het apparaat zijn ingeschakeld.

Om het lopende programma niet te annuleren, moet de programmakiezer op het uitgangsprogramma staan.

15 Home Connect

Dit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uw apparaat met een mobiel eindapparaat om functies te kunnen bedienen via de Home Connect app, basisinstellingen aan te passen of de actuele gebruikstoestand te bewaken.

De Home Connect diensten zijn niet in elk land beschikbaar. De beschikbaarheid van de functie Home Connect is afhankelijk van de beschik-

Kinderslot nl

baarheid van de Home Connect diensten in uw land. Informatie hierover vindt u op: www.home-connect.com. → "Apparaat met WLAN-thuisnetwerk (WiFi) met WPS-functie verbinden", Pagina 43 → "Apparaat met WLAN-thuisnetwerk (WiFi) zonder WPS-functie verbinden", Pagina 44

De Home Connect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces. Volg de aanwijzingen in de Home Connect app om de instellingen aan te brengen.

Tips

Opmerkingen

15.1 Apparaat met WLANthuisnetwerk (WiFi) met WPS-functie verbinden

Vereiste: Heeft uw router een WPSfunctie, dan kunt u het apparaat automatisch met uw WLAN (WiFi) thuisnetwerk verbinden.

Pagina 44

nl Home Connect

Houd de informatie aan in de documentatie van uw router.

‒ Controleer of uw apparaat zich binnen het bereik van het thuisnetwerk bevindt.

‒ Het apparaat met WLAN-thuisnetwerk (WiFi) met WPS-functie opnieuw verbinden.

15.2 Apparaat met WLANthuisnetwerk (WiFi) zonder WPS-functie verbinden

Heeft uw router geen WPS-functie, dan kunt u het apparaat handmatig met uw WLAN (WiFi) thuisnetwerk verbinden. Het apparaat bouwt kortstondig een eigen WiFi-netwerk op. U kunt met een mobiel eindapparaat verbinding maken met het WiFi-net-

44

werk en de netwerkinformatie van het WLAN-thuisnetwerk (WiFi) aan uw apparaat overdragen.

Vereiste: De Home Connect app is geopend en u heeft zich aangemeld.

Het mobiele eindapparaat met het WiFi-netwerk HomeConnect verbinden en het WiFi-wachtwoord (Key) HomeConnect invoeren.

← pagina's 2–6verder op pagina 45 →Inhoud