Siemens WM16XME2FG, tekst van de handleiding
Wasmachine · Siemens · 47 pagina's in het Nederlands · pdf: 56 pagina's, 4,9 MB
Handleiding openen (pdf) Bron: www.siemens-home.bsh-group.com
Storingen op pagina 39
Pagina 39
Vanaf de titel; het begin van pagina 39 staat in de pdf.
17 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Het display is gedoofd en Start/Bijvullen knippert. | De energiebesparingsmodus is actief. ▶ Druk op een willekeurige button. • Het display brandt weer. |
| "E:30 / -80" | Afvoerbuis of waterafvoerslang is verstopt. ▶ Reinig de afvoerbuis en de waterafvoerslang. |
| Afvoerbuis of waterafvoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de afvoerbuis en de waterafvoerslang niet geknikt of ingeklemd zijn. | |
| Afvoerpomp is verstopt. ▶ → "Afvoerpomp reinigen", Pagina 35 | |
| Waterafvoerslang is te hoog aangesloten. ▶ Monteer de waterafvoerslang op maximaal 1 meter hoogte. | |
| Pompdeksel is niet correct in elkaar gezet. ▶ Zet het pompdeksel correct in elkaar. | |
| Wasmiddeldosering is te hoog. ▶ Directe maatregel: meng een eetlepel wasverzachter met 0,5 l water en giet dit mengsel in het linker compartiment (niet bij outdoor-, sportswear- en donstextiel). ▶ Reduceer bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. | |
| Niet-toegestane verlenging aan de waterafvoerslang gemonteerd. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 39)
39
Pagina 40
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| "E:30 / -80" | ▶ Verwijder niet-toegestane verlengingen aan de waterafvoerslang. Apparaat aansluiten |
| Pompdeksel is niet volledig ingeschroefd. ▶ Zorg ervoor dat het pompdeksel tot aan de aanslag in het apparaat is geschroefd. De greep van het pompdeksel moet verticaal staan. | |
| "E:36 / -25 / -26" | Afvoerpomp is verstopt. ▶ → "Afvoerpomp reinigen", Pagina 35 |
| "E:38 / -25 / -26" | Afvoerpomp is verstopt. ▶ → "Trommel reinigen", Pagina 34 als de storing opnieuw wordt weergegeven, ▶ → "Afvoerpomp reinigen", Pagina 35 |
| Inlaatopening van de rubbermanchet is verstopt. ▶ → "Inlaatopening in de rubbermanchet reinigen", Pagina 38 | |
| Waterdruk is laag. Geen oplossing mogelijk. | |
| De zeven in de watertoevoer zijn verstopt. ▶ Reinig de zeven in de watertoevoer. | |
| Waterkraan is gesloten. ▶ Open de waterkraan. | |
| Watertoevoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de watertoevoerslang niet is geknikt of ingeklemd. | |
| Wasmiddeldosering is te hoog. ▶ Directe maatregel: meng een eetlepel wasverzachter met 0,5 l water en giet dit mengsel in het linker compartiment (niet bij outdoor-, sportswear- en donstextiel). ▶ Reduceer bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. | |
| brandt. | Temperatuur is te hoog. ▶ Wacht tot de temperatuur is gedaald. ▶ → "Progr. annuleren", Pagina 33 |
| Waterniveau is te hoog. ▶ Start het programma Afpompen. | |
| Wasgoed is ingeklemd tussen de deur. 1. Open de deur opnieuw. 2. Verwijder ingeklemd wasgoed. |
Pagina 41
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| brandt. | 3. Sluit de deur. 4. Om het programma te starten, drukt u op Start/Bij-vullen. |
| knippert. | Deur is niet gesloten. 1. Sluit de deur. 2. Om het programma te starten, drukt u op Start/Bij-vullen. |
| Alle andere foutcodes. | Storing ▶ Neem contact op met de klantenservice. → "Servicedienst", Pagina 49 |
| "E:30/-20" | Magneetventiel defect. ▶ Neem contact op met de klantenservice. → "Servicedienst", Pagina 49 |
| Wasmiddeldosering is te hoog. ▶ Reduceer bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. | |
| Extra water gevuld. ▶ Vul tijdens het bedrijf geen extra water in het apparaat. | |
| Apparaat werkt niet. | Netstekker van de stroomkabel is niet ingestoken. ▶ Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet. |
| Zekering is defect. ▶ Controleer de zekering in de meterkast. | |
| Stroomvoorziening is uitgevallen. ▶ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. | |
| Programma start niet. | Start/Bijvullen werd niet ingedrukt. ▶ Druk op Start/Bijvullen. |
| Deur is niet gesloten. 1. Sluit de deur. 2. Om het programma te starten, drukt u op Start/Bij-vullen. | |
| Kinderbeveiliging is geactiveerd. ▶ → "Kinderslot deactiveren", Pagina 34 | |
| - Klaar in + is geactiveerd. ▶ Controleer of - Klaar in + is geactiveerd. → "Toetsen", Pagina 24 | |
| Wasgoed is ingeklemd tussen de deur. 1. Open de deur opnieuw. |
Pagina 42
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Programma start niet. | 2. Verwijder ingeklemd wasgoed. 3. Sluit de deur. 4. Om het programma te starten, drukt u op Start/Bij-vullen. |
| Deur kan niet worden geopend. | is geactiveerd. ▶ Hervat het programma door Centrifugeren of Afpompen te kiezen en op Start/Bijvullen te drukken. → "Programma bij spoelstop hervatten", Pagina 33 |
| Temperatuur is te hoog. ▶ Wacht tot de temperatuur is gedaald. ▶ → "Progr. annuleren", Pagina 33 | |
| Waterniveau is te hoog. ▶ Start het programma Afpompen. | |
| Stroomonderbreking. ▶ Open de deur met de noodontgrendeling. → "Noodontgrendeling", Pagina 48 | |
| Waswater wordt niet weggepompt. | Afvoerbuis of waterafvoerslang is verstopt. ▶ Reinig de afvoerbuis en de waterafvoerslang. |
| Afvoerbuis of waterafvoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de afvoerbuis en de waterafvoerslang niet geknikt of ingeklemd zijn. | |
| Afvoerpomp is verstopt. ▶ → "Afvoerpomp reinigen", Pagina 35 | |
| is geactiveerd. ▶ Hervat het programma door Centrifugeren of Afpompen te kiezen en op Start/Bijvullen te drukken. → "Programma bij spoelstop hervatten", Pagina 33 | |
| Waterafvoerslang is te hoog aangesloten. ▶ Monteer de waterafvoerslang op maximaal 1 meter hoogte. | |
| Pompdeksel is niet correct in elkaar gezet. ▶ Zet het pompdeksel correct in elkaar. | |
| Wasmiddeldosering is te hoog. ▶ Directe maatregel: meng een eetlepel wasverzachter met 0,5 l water en giet dit mengsel in het linker compartiment (niet bij outdoor-, sportswear- en donstextiel). ▶ Reduceer bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 42)
42
Pagina 43
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Waswater wordt niet weggepompt. | Niet-toegestane verlenging aan de waterafvoerslang gemonteerd. ▶ Verwijder niet-toegestane verlengingen aan de waterafvoerslang. Apparaat aansluiten |
| Er stroom geen water in het apparaat. Het wasmiddel werd niet ingespoeld. | Start/Bijvullen werd niet ingedrukt. ▶ Druk op Start/Bijvullen. |
| De zeven in de watertoevoer zijn verstopt. ▶ Reinig de zeven in de watertoevoer. | |
| Waterkraan is gesloten. ▶ Open de waterkraan. | |
| Watertoevoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de watertoevoerslang niet is geknikt of ingeklemd. | |
| Meermaals beginnen met centrifugeren. | Het onbalanscontrolesysteem heft de onbalans op door het wasgoed meermaals te verdelen. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. Opmerking: Leg bij het beladen zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. |
| De programmaduur wijzigt tijdens de wascyclus. | Het programmaverloop wordt elektronisch geoptimaliseerd. Dat kan leiden tot wijzigingen in de programmaduur. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. |
| Het onbalanscontrolesysteem heft de onbalans op door het wasgoed meermaals te verdelen. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. Opmerking: Leg bij het beladen zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. | |
| Schuimcontrolesysteem voert bij te hoge schuimvorming een extra spoelbeurt toe. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. | |
| Het water is in de trommel niet zichtbaar. | Het water is onder het zichtbare bereik. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. ▶ Vul tijdens het bedrijf geen extra water in het apparaat. |
| Trommel schokt na programmastart. | Oorzaak is een interne motortest. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. |
Pagina 44
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| In het compartiment bevindt zich restwater. | Inzet in compartiment is verstopt. ▶ → "Schoonmaken van de wasmiddellade", Pagina 34 |
| Trillingen en beweging van het apparaat tijdens het centrifugeren. | Het apparaat is niet goed horizontaal gesteld. ▶ Stellen van het apparaat |
| Apparaatvoeten zijn niet gefixeerd. ▶ Zet de apparaatvoeten vast. Stellen van het apparaat | |
| Transportbeveiligingen zijn niet verwijderd. ▶ Transportbeveiligingen verwijderen | |
| Trommel draait, er stroomt geen water in het apparaat. | Beladingsherkenning is actief. ▶ Geen fout, geen handeling noodzakelijk. Opmerking: De beladingsherkenning kan tot wel 2 minuten duren. |
| Sterke schuimvorming. | Wasmiddeldosering is te hoog. ▶ Directe maatregel: meng een eetlepel wasverzachter met 0,5 l water en giet dit mengsel in het linker compartiment (niet bij outdoor-, sportswear- en donstextiel). ▶ Reduceer bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. |
| Hoog centrifugetoerental wordt niet bereikt. | Laag centrifugetoerental is ingesteld. ▶ Stel bij de volgende wasbeurt een hoger centrifugetoerental in. |
| Antikreuk is geactiveerd. ▶ Kies een geschikt programma voor de textielsoort. | |
| Onbalanscontrolesysteem compenseert onbalans door gereduceerd centrifugetoerental. ▶ Verdeel het wasgoed opnieuw in de trommel. Opmerking: Leg zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. ▶ Start het programma Centrifugeren. | |
| Programma centrifugeren start niet. | Afvoerbuis of waterafvoerslang is verstopt. ▶ Reinig de afvoerbuis en de waterafvoerslang. |
| Afvoerbuis of waterafvoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de afvoerbuis en de waterafvoerslang niet geknikt of ingeklemd zijn. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 44)
44
Pagina 45
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Programma centrifugeren start niet. | Het onbalansherkenningssysteem heeft het centrifugeren afgebroken wegens ongelijkmatige verdeling van het wasgoed. ▶ Verdeel het wasgoed opnieuw in de trommel. Opmerking: Leg zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. ▶ Start het programma Centrifugeren. |
| Bruisend, sissend geluid. | Water wordt onder druk in de wasmiddellade gespoeld. ▶ Geen fout - normaal bedrijfsgeluid. |
| Luid geluid tijdens het centrifugeren. | Het apparaat is niet goed horizontaal gesteld. ▶ Stellen van het apparaat |
| Apparaatvoeten zijn niet gefixeerd. ▶ Zet de apparaatvoeten vast. Stellen van het apparaat | |
| Transportbeveiligingen zijn niet verwijderd. ▶ Transportbeveiligingen verwijderen | |
| Geklapper, gerammel in de pomp. | Er is een vreemd voorwerp in de pomp gekomen. ▶ → "Afvoerpomp reinigen", Pagina 35 |
| Slurpend, ritmisch zuiggeluid. | Pomp is actief, het sop wordt afgepompt. ▶ Geen fout - normaal bedrijfsgeluid. |
| Kreukvorming. | Centrifugetoerental is te hoog. ▶ Stel bij de volgende wasbeurt een lager centrifugetoerental in. |
| De beladingshoeveelheid is te hoog. ▶ Reduceer bij de volgende wasbeurt de beladingshoeveelheid. | |
| Voor de textielsoort is het verkeerde programma gekozen. ▶ Kies een geschikt programma voor de textielsoort. | |
| Wasmiddel of wasverzachter druppelt van de manchet en verzamelt zich op de deur of in de manchetplooi. | Teveel wasmiddel/wasverzachter in de wasmiddellade. ▶ Let bij het doseren van het vloeibare wasmiddel en wasverzachter op de markering in de wasmiddellade en doseer niet daarboven. |
Pagina 46
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Centrifugeresultaat is niet naar tevredenheid. Het wasgoed is te nat / te vochtig. | Laag centrifugetoerental is ingesteld. ▶ Stel bij de volgende wasbeurt een hoger centrifugetoerental in. ▶ Start het programma Centrifugeren. |
| Antikreuk is geactiveerd. ▶ Kies een geschikt programma voor de textielsoort. | |
| Afvoerbuis of waterafvoerslang is verstopt. ▶ Reinig de afvoerbuis en de waterafvoerslang. | |
| Afvoerbuis of waterafvoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de afvoerbuis en de waterafvoerslang niet geknikt of ingeklemd zijn. | |
| Het onbalansherkenningssysteem heeft het centrifugeren afgebroken wegens ongelijkmatige verdeling van het wasgoed. ▶ Verdeel het wasgoed opnieuw in de trommel. Opmerking: Leg zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. ▶ Start het programma Centrifugeren. | |
| Onbalanscontrolesysteem compenseert onbalans door gereduceerd centrifugetoerental. ▶ Verdeel het wasgoed opnieuw in de trommel. Opmerking: Leg zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. ▶ Start het programma Centrifugeren. | |
| Resten wasmiddel op het vochtige wasgoed. | Wasmiddelen kunnen in water onoplosbare stoffen bevatten, welke zich op het wasgoed afzetten. ▶ Start het programma Spoelen. |
| Wasmiddelresten op het droge wasgoed. | Wasmiddelen kunnen in water onoplosbare stoffen bevatten, welke zich op het wasgoed afzetten. ▶ Borstel het wasgoed na het wassen en drogen uit. |
| Bij de watertoevoerslang lekt water. | De watertoevoerslang is niet correct / vast aangesloten. 1. Sluit de watertoevoerslang correct aan. Watertoevoerslang aansluiten 2. Draai de koppeling goed aan. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 46)
46
Pagina 47
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Er lekt water bij de waterafvoerslang. | Waterafvoerslang is beschadigd. ▶ Vervang de beschadigde waterafvoerslang. |
| Waterafvoerslang is niet correct aangesloten. ▶ Sluit de waterafvoerslang correct aan. Aansluitsoorten waterafvoer | |
| In het apparaat is geurvorming opgetreden. | Vochtigheid en wasmiddelresten kunnen de bacteriegroei stimuleren. ▶ → "Trommel reinigen", Pagina 34 ▶ Als u het apparaat niet gebruikt, laat dan de deur en wasmiddellade open zodat het restwater kan opdrogen. |
Pagina 48
nl Transporteren, opslaan en afvoeren
17.1 Noodontgrendeling
Deur ontgrendelen
Vereiste: De afvoerpomp is leeg. → Pagina 35
- 1. LET OP! Wegstromend water kan tot materiële schade leiden.
- Open de deur niet als er water achter het glas te zien is.
De noodontgrendeling met behulp van gereedschap naar onderen trekken en loslaten.
- Het deurslot is ontgrendeld.
- 2. De serviceklep plaatsen en vastklikken.
- 3. De serviceklep sluiten.
18 Transporteren, opslaan en afvoeren
Hier krijgt u uitleg over de manier waarop u het apparaat voorbereidt voor transport en opslag. Daarnaast leggen we u uit hoe u oude apparaten dient af te voeren.
18.1 Apparaat demonteren
Opmerking: Uitgebreide aanwijzingen voor het gebruik vindt u op www.siemens-home.bsh-group.com of door het inscannen van de QR-code op de titelpagina van deze gebruiksaanwijzing.
48
- 1. De kraan sluiten.
- 2. Watertoevoerslang legen.
- 3. Het apparaat uitschakelen.
- 4. De stekker van het apparaat uit het stopcontact halen.
- 5. Het sop laten laten weglopen.
→ "Afvoerpomp reinigen", Pagina 35
- 6. De slangen demonteren.
18.2 Transportbeveiligingen plaatsen
Zeker het apparaat voor transport met de transportbeveiligingen om schade te vermijden.
- 1. Verwijder de 4 afdekkapjes met behulp van een schroevendraaier.
Bewaar de afdekkapjes.
- 2. Monteer de 4 transportbeveiligingen. Houd daarbij de beschrijving Transportbeveiligingen verwijderen aan en ga in omgekeerde volgorde te werk.
18.3 Apparaat opnieuw in gebruik nemen
- Voor meer informatie, zie → "Opstellen en aansluiten", Pagina 13 en → "Voor het eerste gebruik", Pagina 21.
Pagina 49
Servicedienst nl
18.4 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
WAARSCHUWING
Kans op gevaar voor de gezondheid!
Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar geraken.
- Het apparaat niet opstellen achter een deur die het openen van de apparaatdeur blokkeert of verhindert.
- Bij afgedankte apparaten de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen, daarna het netsnoer doorknippen en het slot van de apparaatdeur dusdanig beschadigen, dat de apparaatdeur niet langer sluit.
- 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- 2. Het netsnoer doorknippen.
- 3. Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektroni-
sche apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
19 Servicedienst
Als u vragen hebt over het gebruik, een storing aan het apparaat niet zelf kunt verhelpen of als het apparaat moet worden gerepareerd, neem dan contact op met onze servicedienst. Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst in het kader van de fabrieksgarantievoorwaarden is gratis.
Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website.
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website.
Pagina 50
nl Servicedienst
19.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
Het typeplaatje bevindt zich afhankelijk van het model:
aan de binnenkant van de deur. aan de binnenkant van de onderhoudsklep.
aan de achterkant van het apparaat.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
Pagina 51: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 52
nl Technische gegevens
| netspanning | 220-240 V, 50-60 Hz |
|---|---|
| Minimale installatiezekering | 10 A |
| Nominaal vermogen | 2300 W |
| Opgenomen vermogen | • Uit-toestand: 0,10 W • Niet-uitgeschakelde toestand: 0,50 W |
| Waterdruk | • Minstens: 100 kPa (1 bar) • Maximaal: 1000 kPa (10 bar) |
| Lengte van de watertoevoerslang | 150 cm |
| Lengte van de waterafvoerslang | 150 cm |
| Lengte van de netaansluitkabel | 160 cm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 52)
1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
Dit product bevat lichtbronnen van de energieklasse F De lichtbronnen zijn leverbaar als reserveonderdeel en mogen uitsluitend door een hiervoor getrainde monteur worden vervangen.
Meer informatie over uw model vindt u op het internet onder https:// eprel.ec.europa.eu/¹. Dit webadres verwijst naar de officiële EU-productdatabank EPREL. Volg dan de aanwijzingen bij het zoeken naar het model op. De modelidentificatie bestaat uit het teken voor de slash van het E-nummer (E-Nr.) op het typeplaatje. Al-
ternatief vindt u de modelidentificatie ook in de eerste regel van het EU-energielabel.
1 Geldt alleen voor landen in de Europese Economische Ruimte
52
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
nl
Raadpleeg de Digitale Gebruikersgids voor meer informatie.
Inhoudsopgave
1 Veiligheid...................................... 4
1.1 Algemene aanwijzingen ............. 4 1.2 Bestemming van het apparaat ............................................. 4 1.3 Inperking van de gebruikers ...... 4 1.4 Veilige installatie......................... 5 1.5 Veiliger gebruik .......................... 7 1.6 Veilige reiniging en onderhoud ........................................... 9
2 Materiële schade vermijden ...... 11
3 Milieubescherming en besparing.............................................. 12
3.1 Afvoeren van de verpakking .... 12 3.2 Zuinig met energie en hulpbronnen .................................... 12 3.3 Energiebesparingsmodus ........ 12
4 Opstellen en aansluiten............. 13
4.1 Apparaat uitpakken .................. 13 4.2 Inhoud van de verpakking........ 13 4.3 Vereisten ten aanzien van de opstelplaats .............................. 13 4.4 Transportbeveiligingen verwijderen .................................... 14 4.5 Transportverstevigingen verwijderen .................................... 15 4.6 Apparaat aansluiten ................. 16 4.7 Stellen van het apparaat .......... 17 4.8 Apparaat elektrisch aansluiten............................................. 17
5 Uw apparaat leren kennen......... 19
5.1 Apparaat................................... 19 5.2 Wasmiddellade......................... 20 5.3 Bedieningspaneel..................... 20
6 Voor het eerste gebruik ............. 21
6.1 Wascyclus zonder wasgoed starten....................................... 21
7 Display........................................ 22
8 Toetsen....................................... 24
9 Programma's .............................. 26
10 Accessoires.............................. 30
11 Wasgoed................................... 30
11.1 Wasgoed voorbereiden.......... 30
12 Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel.............................. 31
13 De Bediening in essentie......... 31
13.1 Apparaat inschakelen ............ 31 13.2 Programma instellen .............. 31 13.3 Programma-instellingen aanpassen.............................. 31 13.4 Trommel vullen met wasgoed ....................................... 31 13.5 Doseerhulp voor vloeibaar wasmiddel plaatsen ............... 32 13.6 Doseerhulp voor vloeibaar wasmiddel gebruiken ............. 32 13.7 Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel doseren ............. 32 13.8 Starten van het programma ... 33 13.9 Wasgoed bijvullen .................. 33 13.10 Progr. annuleren................... 33 13.11 Programma bij spoelstop hervatten............................... 33 13.12 Wasgoed uitnemen .............. 33 13.13 Apparaat uitschakelen ......... 33
Pagina 3
nl
14 Kinderslot ................................. 34
14.1 Kinderslot inschakelen ........... 34 14.2 Kinderslot deactiveren............ 34
15 Basisinstellingen ..................... 34
16 Reiniging en onderhoud.......... 34
16.1 Trommel reinigen ................... 34 16.2 Schoonmaken van de wasmiddellade.............................. 34 16.3 Afvoerpomp reinigen.............. 35 16.4 Inlaatopening in de rubbermanchet reinigen.................... 38
17 Storingen verhelpen ................ 39
17.1 Noodontgrendeling................. 48
18 Transporteren, opslaan en afvoeren.................................... 48
18.1 Apparaat demonteren ............ 48 18.2 Transportbeveiligingen plaatsen.................................. 48 18.3 Apparaat opnieuw in gebruik nemen ........................... 48 18.4 Afvoeren van uw oude apparaat ..................................... 49
19 Servicedienst............................ 49
19.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)........... 50
20 Verbruikswaarden.................... 51
21 Technische gegevens.............. 51
Pagina 4
nl Veiligheid
1 Veiligheid
Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.
1.1 Algemene aanwijzingen
- Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
- Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor later gebruik of voor volgende eigenaren.
- Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.
1.2 Bestemming van het apparaat
Gebruik het apparaat uitsluitend:
om wasmachinebestendig textiel en wol voor de handwas volgens het onderhoudsetiket te wassen.
met leidingwater en gangbare, voor de wasmachine geschikte wasmiddelen en onderhoudsmiddelen.
voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving.
tot een hoogte van 4000 m boven zeeniveau.
1.3 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen indien deze niet onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen tot 3 jaar en huisdieren niet bij het apparaat kunnen komen.
Pagina 5
Veiligheid nl
1.4 Veilige installatie
Neem de veiligheidsvoorschriften in acht bij het installeren van het apparaat.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.
- Het apparaat uitsluitend aansluiten en gebruiken volgens de gegevens op het typeplaatje.
- Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met randaarde op een stroomnet met wisselstroom aansluiten.
- Het randaardesysteem van de elektrische huisinstallatie moet conform de elektrotechnische voorschriften zijn geïnstalleerd. De installatie moet zijn voorzien van een afdoende grote aderdiameter.
- Bij het gebruik van een aardlekschakelaar alleen een type met het teken gebruiken.
- Nooit het apparaat via een externe schakelinrichting voeden, bijvoorbeeld een tijdschakelaar of besturing op afstand.
- Wanneer het apparaat is ingebouwd, moet de netstekker van de netaansluitkabel vrij toegankelijk zijn, of wanneer vrije toegang niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie een alpolige scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften worden ingebouwd.
- Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het netsnoer niet wordt afgeklemd of beschadigd.
Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit het aansluitsnoer met hete apparaatonderdelen of warmtebronnen in contact brengen.
- Nooit het aansluitsnoer met scherpe punten of randen in contact brengen.
- Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen of veranderen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adapters is gevaarlijk.
- Geen verlengsnoeren of meervoudige stopcontacten gebruiken.
5
Pagina 6
nl Veiligheid
- Als het netsnoer te kort is, contact opnemen met de servicedienst.
- Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters gebruiken.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Het hoge gewicht van het apparaat kan bij het optillen letsels veroorzaken.
- Het apparaat niet alleen optillen.
Als dit apparaat op ondeskundige wijze in een was-droogzuil wordt opgesteld, kan het opgestelde apparaat naar beneden vallen.
- De droger uitsluitend met de verbindingset van de drogerfabrikant op een wasmachine stapelen Een andere plaatsingsmethode is niet toegestaan.
- Het apparaat niet in een was-droogzuil opstellen als de drogerfabrikant geen passende verbindingsset aanbiedt.
- Geen apparaten van verschillende fabrikanten en met verschillende diepte en breedte in een was-droogzuil opstellen.
- Geen was-droogzuil op een platform opstellen, de apparaten kunnen kantelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
- Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
- Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
VOORZICHTIG ‒ Kans op letsel!
Het apparaat kan tijdens het bedrijf trillen of bewegen.
- Het apparaat op een schone, vlakke en stevige ondergrond opstellen.
- Het apparaat middels de apparaatvoeten en een waterpas horizontaal stellen.
Bij ondeskundig gelegde slangen en netaansluitleidingen bestaat er struikelgevaar.
- De slangen en aansluitkabels zodanig leggen dat men er niet over kan struikelen.
Pagina 7
Veiligheid nl
Wanneer het apparaat aan uitstekende onderdelen wordt verplaatst, zoals bijvoorbeeld de vuldeur, dan kunnen de onderdelen afbreken.
- Het apparaat niet aan uitstekende onderdelen verplaatsen.
VOORZICHTIG ‒ Kans op snijden!
Scherpe randen aan het apparaat kunnen bij aanrakingen tot snijwonden leiden.
- Het apparaat niet aan scherpe randen aanraken.
- Veiligheidshandschoenen gebruiken bij installatie en transport van het apparaat.
1.5 Veiliger gebruik
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.
- Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen en de kraan sluiten.
- Contact opnemen met de servicedienst. → Pagina 49
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Gebruik het apparaat alleen in gesloten ruimtes.
- Stel het apparaat nooit bloot aan grote hitte en vochtigheid.
- Geen stoomreiniger, hogedrukreiniger, slangen of sproeiers gebruiken om het apparaat te reinigen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!
Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar geraken.
- Het apparaat niet opstellen achter een deur die het openen van de apparaatdeur blokkeert of verhindert.
Pagina 8
nl Veiligheid
- Bij afgedankte apparaten de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen, daarna het netsnoer doorknippen en het slot van de apparaatdeur dusdanig beschadigen, dat de apparaatdeur niet langer sluit.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.
- Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.
- Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op vergiftiging!
Was- en verzorgingsmiddelen kunnen bij inname tot vergiftigingen leiden.
- Bij per ongeluk inslikken een arts raadplegen.
- Was- en verzorgingsmiddelen buiten bereik van kinderen bewaren.
WAARSCHUWING ‒ Kans op explosie!
Wanneer wasgoed met oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen werd voorbehandeld, kan dit in het apparaat tot een explosie leiden.
- Voorbehandeld wasgoed voor het wassen grondig met water spoelen.
VOORZICHTIG ‒ Kans op letsel!
Bij het op het apparaat klimmen of klauteren kan de afdekplaat breken.
- Niet op het apparaat klimmen of klauteren.
Bij het zitten of leunen op de geopende deur kan het apparaat kantelen.
- Niet op de apparaatdeur zitten of leunen.
- Geen voorwerpen op de apparaatdeur plaatsen.
Grijpen in de draaiende trommel kan tot letsel aan de handen leiden.
- Wacht tot de trommel volledig stil staat voordat u met uw hand in de trommel grijpt.
Pagina 9
Veiligheid nl
VOORZICHTIG ‒ Kans op brandwonden!
Het sop wordt heet bij het wassen met hoge temperaturen.
- Raak het hete sop niet aan.
VOORZICHTIG ‒ Kans op chemische brandwonden!
Bij het openen van de wasmiddellade kunnen wasmiddel en verzorgingsmiddel uit het apparaat spatten. Contact met ogen of huid kan tot irritaties leiden.
- Bij contact met wasmiddelen of verzorgingsmiddelen de ogen of de huid grondig spoelen met schoon water.
- Bij per ongeluk inslikken een arts raadplegen.
- Was- en verzorgingsmiddelen buiten bereik van kinderen bewaren.
1.6 Veilige reiniging en onderhoud
Neem de veiligheidsvoorschriften in acht bij het reinigen en onderhouden van het apparaat.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon. Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger, hogedrukreiniger, slangen of sproeiers gebruiken om het apparaat te reinigen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Het gebruiken van niet originele reserveonderdelen en niet originele accessoires is gevaarlijk.
- Gebruik uitsluitend originele reserve-onderdelen en originele accessoires van de fabrikant.
Verder lezen op pagina 11Inhoud