Siemens WM6HXF71NL, tekst van de handleiding
Pagina's 42–65 van 76 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 4–41verder op pagina 66 →
Pagina 42
nl Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel
Verzorgingsaanwijzingen op verzorgingslabels
De symbolen verwijzen naar het aanbevolen programma en de getalen in de symbolen naar de maximaal aanbevolen wastemperatuur.
Symbool
| Wasproces normaal | Aanbevolen programma Katoen |
|---|---|
| voorzichtig | Kreukherst. |
| zeer voorzichtig | Fijn / zijde voor handwas |
| Handwas | Wol |
| niet in de wasmachine wasbaar | – |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 42)
Tip: Op www.ginetex.ch vindt u meer informatie over verzorgingssymbolen.
Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel
Met de juiste selectie en het gebruik van wasmiddelen en verzorgingsmiddelen beschermt u uw apparaat en uw wasgoed. U kunt alle wasmiddelen en verzorgingsmiddelen gebruiken, die voor huishoudelijke wasmachines geschikt zijn.
Aanwijzing Neem de informatie over het onderwerp "veiligheid" → Pagina 4 en "materiële schade vermijden" → Pagina 12 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
Informatie van de fabrikant over gebruik en dosering vindt u op de verpakking.
Aanwijzingen bij vloeibare wasmiddelen uitsluitend zelf stromende vloeibare wasmiddelen gebruiken verschillende vloeibare wasmiddelen niet mengen wasmiddel en wasverzachter niet mengen geen te lang bewaarde en sterk ingedikte producten gebruiken geen oplosmiddelhoudende, bijtende of desinfecterende middelen, bijv. bleekwater, gebruiken
- Verfstoffen met mate gebruiken, zout kan RVS aantasten geen ontkleuringsmiddel in het apparaat gebruiken
Wasmiddelaanbeveling
De informatie helpt u het juiste wasmiddel voor het textiel te kiezen.
| Wasmiddel | Textiel | Programma | Temperatuur |
|---|---|---|---|
| Compleet wasmiddel met optische witmakers | kookbestendig wit textiel van linnen of katoen | Katoen | van koud tot 90°C |
| Bontwasmiddel zonder bleekmiddel en optische witmakers | Bont wasgoed van linnen of katoen | Katoen | van koud tot 60°C |
| Bont/fijnwasmiddel zonder optisch witmiddel | Bont wasgoed van kreukherstellende vezels of synthetische vezels | Kreukherstellend | van koud tot 60°C |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 42)
42
Pagina 43
Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel nl
| Wasmiddel | Textiel | Programma | Temperatuur |
|---|---|---|---|
| Fijnwasmiddel | Gevoelig fijn textiel van zijde of viscose | Fijne was/zijde | van koud tot 40°C |
| Wolwasmiddel | Wol | Wol | van koud tot 40°C |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 43)
Tip: Op www.cleanright.eu vindt u een veelvoud aan verdere informatie omtrent wasmiddelen, verzorgingsmiddelen en reinigingsmiddelen voor huishoudelijk gebruik.
Wasmiddeldosering
Met de juiste wasmiddeldosering realiseert u een optimaal wasresultaat en kunt u hulpbronnen sparen.
De dosering van het wasmiddel is gebaseerd op:
- De hoeveelheid wasgoed
- Mate van vervuiling
- Waterhardheid
U kunt de waterhardheid opvragen bij uw plaatselijke waterbedrijf of vaststellen met een waterhardheidtester.
Waterhardheid
| Hardheidbereik Totale hardheid in mmol/l Duitse hardheid in °dH | |
|---|---|
| zacht (I) 0 - 1,5 0 - 8,4 | |
| gemiddeld (II) 1,5 - 2,5 8,4 - 14 | |
| hard (III) hoger dan 2,5 hoger dan 14 | |
| Voorbeeld van fabrikantinformatie voor wasmiddel Deze voorbeeldwaarden hebben betrekking op een standaardbelading van 4 - 5 kg. | |
| Verontreiniging licht normaal | sterk |
| Waterhardheid: zacht / gemiddeld 40 ml 55 ml | 80 ml |
| Waterhardheid: hard / zeer hard 55 ml 80 ml | 105 ml |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 43)
De doseerhoeveelheden vindt u op de verpakking van de fabrikant.
- Pas de doseerhoeveelheden aan de daadwerkelijk beladingshoeveelheid aan.
Pagina 44
nl De Bediening in essentie
De Bediening in essentie
Hier wordt de bediening van het apparaat in essentie beschreven.
Apparaat inschakelen
- Druk op .
Het inschakelen van het apparaat kan enkele seconden duren.
Aanwijzing De trommel wordt verlicht na het openen, sluiten en starten van het programma. De verlichting dooft automatisch.
Programma instellen
- 1. Zet de programmakiezer op het gewenste "programma" → Pagina 30.
- 2. Indien nodig, "de programma-instellingen aanpassen" → Pagina 44.
Overige programma's instellen
- 1. Het programma Meer programma's instellen.
- 2. Druk op om het submenu voor overige programma's op te roepen.
- 3. Selecteer een programma.
- 4. Druk op Hoofdmenu om het hoofdmenu op te roepen.
- 5. Indien gewenst de programma-instellingen aanpassen.
- 6. Het programma starten.
Programma-instellingen aanpassen
Afhankelijk van het programma en de programmavoortgang kunt u de beschikbare instellingen aanpassen of activeren/deactiveren.
Aanwijzing Overzicht van alle programma-instellingen:
→ "Toetsen", Pagina 27
Voorwaarde: Een programma is ingesteld.
- De programma-instellingen aanpassen.
→ "Bedieningslogica", Pagina 23
De programma-instellingen worden niet permanent voor het programma opgeslagen.
Pagina 45
Overige programma-instellingen aanpassen
- 1. Om het submenu voor de overige programma-instellingen aan te passen op Opties drukken.
- 2. De programma-instellingen selecteren.
De programma-instellingen worden niet permanent voor het programma opgeslagen.
- 3. Druk op Opties om het hoofdmenu op te roepen.
Programma-instellingen opslaan
- 1. Het programma Memory instellen.
- 2. Druk op om het submenu voor de geheugenprogramma's op te roepen.
- 3. Selecteer een programma.
- 4. Druk op Hoofdmenu om het hoofdmenu op te roepen.
- 5. Indien gewenst de programma-instellingen aanpassen.
- Het programma is opgeslagen.
Trommel vullen met wasgoed
Aanwijzingen
- Neem de informatie over het onderwerp "veiligheid" → Pagina 4 en "materiële schade vermijden" → Pagina 12 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
De Bediening in essentie nl
- Houd om kreukvorming te voorkomen de maximale belading van het "programma" → Pagina 30 aan.
Voorwaarde: Het wasgoed voorbereiden en sorteren.
→ "Wasgoed", Pagina 40
- 1. De deur openen.
- 2. Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
- 3. Het wasgoed uit elkaar gevouwen in de trommel doen.
- 4. Aanwijzing Zorg ervoor dat er geen kleine stukken wasgoed tussen de deur klem zitten.
De deur sluiten.
Doseerhulp voor vloeibaar wasmiddel plaatsen
Wanneer u de doseerhulp als accessoire bestelt, moet u de doseerhulp plaatsen.
- 1. De wasmiddellade uittrekken.
45
Pagina 46
nl De Bediening in essentie
- 2. Inzetstuk naar beneden drukken en de wasmiddellade er uit nemen.
- 3. De doseerhulp plaatsen.
- 4. De wasmiddellade plaatsen.
Doseerhulp voor vloeibaar wasmiddel gebruiken
Om vloeibaar wasmiddel te doseren, kunt u in de wasmiddellade een doseerhulp gebruiken.
- 1. De wasmiddellade uittrekken.
- 2. De doseerhulp naar voren schuiven.
- 3. De doseerhulp naar onderen klappen en vastklikken.
- 4. De wasmiddellade erin schuiven.
Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel doseren
Aanwijzingen
- Neem de informatie over het onderwerp "veiligheid" → Pagina 4 en "materiële schade vermijden" → Pagina 12 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
- Gebruik de doseerhulp voor vloeibaar wasmiddel niet bij gel-achtige wasmiddelen, waspoeder, ingeschakelde voorwas of klaar-in tijd.
Voorwaarde: Informeer uzelf over de optimale dosering voor "wasmiddelen en verzorgingsmiddelen." → Pagina 42
Pagina 47
- 1. De wasmiddellade uittrekken.
- 2. Vullen met wasmiddel.
→ "Wasmiddellade", Pagina 22
- 3. Indien gewenst vullen met een verzorgingsmiddel.
- 4. De wasmiddellade erin schuiven.
Starten van het programma
Aanwijzing Wanneer u de tijd tot het programma-einde wilt wijzigen, stel dan eerst de klaar-in tijd in.
- Op Start/Bijvullen drukken.
- De trommel draait en er vindt een beladingsherkenning plaats, welke tot wel 2 minuten kan duren en daarna stroomt het water in het apparaat.
- In het display wordt of de programmaduur of de klaar-in tijd weergegeven.
- Wanneer u een programma met actief zuurstof start, wordt de trommel na de programmastart verlicht en is de opgewekte nevel zichtbaar.
Wasgoed bijvullen
Aanwijzingen
- Neem de informatie over het onderwerp "veiligheid" → Pagina 4 en "materiële schade vermijden" → Pagina 12 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
- Wanneer u een programma met actief zuurstof start, kunt u na de programmastart geen wasgoed bijvullen.
- 1. Druk op Start/Bijvullen .
Het apparaat pauzeert en controleert of u wasgoed kunt bijvullen of uitnemen.
- 2. Wasgoed uitnemen of bijvullen.
- 3. De deur sluiten.
- 4. Druk op Start/Bijvullen .
De Bediening in essentie nl
Progr. annuleren
Na het starten van het programma kunt u het programma te allen tijde afbreken.
Aanwijzing Neem de informatie over het onderwerp "veiligheid" → Pagina 4 en "materiële schade vermijden" → Pagina 12 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
- 1. Druk op Start/Bijvullen .
- 2. De deur openen.
Bij hoge temperatuur en hoog waterniveau blijft de deur van het apparaat om veiligheidsredenen vergrendeld.
- Start bij hoge temperatuur het programma Spoelen.
- Start bij een hoog waterniveau het programma Centrifugeren of Afpompen.
- 3. Het wasgoed uit het apparaat halen.
Programma bij spoelstop hervatten
- 1. Stel het programma Centrifugeren of Afpompen in.
- 2. Druk op Start/Bijvullen .
Wasgoed uitnemen
Aanwijzing Neem de informatie over het onderwerp "veiligheid" → Pagina 4 en "materiële schade vermijden" → Pagina 12 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
- 1. De deur openen.
Pagina 48
nl Kinderslot
- 2. Het wasgoed uit het apparaat halen.
Apparaat uitschakelen
- 1. Druk op .
- 2. De rubbermanchet droog vegen en vreemde voorwerpen verwijderen.
- 3. De deur en wasmiddellade open laten zodat het restwater kan opdrogen.
48 Kinderslot
Beveilig uw apparaat tegen ongewenst bedienen via de bedieningselementen.
Kinderslot inschakelen
- Beide toetsen Kinderbeveiliging 3 sec. ca. 3 seconden indrukken.
- Op het display wordt weergegeven.
- De bedieningselementen zijn geblokkeerd.
- Het kinderslot blijft ook na het uitschakelen van het apparaat geactiveerd.
Kinderslot deactiveren
Voorwaarde: Om het kinderslot te deactiveren, moet het apparaat zijn ingeschakeld.
- Druk ca. 3 seconden op beide buttons Kinderbeveiliging 3 sec..
Om het lopende programma niet te annuleren, moet de programmakiezer op het uitgangsprogramma staan.
- In het display dooft .
Home Connect
Dit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uw apparaat met een mobiel eindapparaat om functies te kunnen bedienen via de Home Connect app, basisinstellingen aan te passen of de actuele gebruikstoestand te bewaken.
De Home Connect diensten zijn niet in elk land beschikbaar. De beschikbaarheid van de functie Home Connect is afhankelijk van de beschikbaarheid van de Home Connect diensten in uw land. Informatie hierover vindt u op: www.home-connect.com.
Pagina 49
→ "Apparaat met WLAN-thuisnetwerk (WiFi) met WPS-functie verbinden", Pagina 49 → "Apparaat met WLAN-thuisnetwerk (WiFi) zonder WPS-functie verbinden", Pagina 50
De Home Connect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces. Volg de aanwijzingen in de Home Connect app om de instellingen aan te brengen.
Tips
- Neem de meegeleverde documenten van Home Connect in acht.
- Neem ook de aanwijzingen in de Home Connect app in acht.
Aanwijzingen
- Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden nageleefd wanneer u het apparaat via de Home Connect app bedient. → "Veiligheid", Pagina 4
- De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang. Gedurende deze tijd is de bediening via de Home Connect app niet mogelijk.
Home Connect instellingen
Pas Home Connect aan uw behoeften aan.
U vindt de Home Connect instellingen in de basisinstellingen van uw apparaat. Welke instellingen het display toont, hangt ervan af of Home Connect geïnstalleerd is en of het apparaat met het thuisnetwerk is verbonden.
Home Connect nl
Apparaat met WLAN-thuisnetwerk (WiFi) met WPS-functie verbinden
Gebruik de WPS-functie van uw router om het apparaat te verbinden met het thuisnetwerk.
Voorwaarde: Heeft uw router een WPS-functie, dan kunt u het apparaat automatisch met uw WLAN (WiFi) thuisnetwerk verbinden.
- 1. Ca. 3 s op Bedien via app drukken.
- U bevindt zich nu in het Home Connect-menu.
- 2. verbinden selecteren.
- 3. De aanwijzing op het display bevestigen.
- 4. Binnen 2 minuten op de WPS-toets van de router drukken.
Houd de informatie aan in de documentatie van uw router.
- Op het display knippert .
- Het apparaat probeert verbinding te maken met het WiFi thuisnetwerk.
- Wanneer op het display verbonden wordt weergegeven en permanent brandt, dan is het apparaat met het thuisnetwerk verbonden.
- 5. "Het apparaat met de Home Connect app verbinden." → Pagina 50
Pagina 50
nl Home Connect
Apparaat met WLAN-thuisnetwerk (WiFi) zonder WPS-functie verbinden
Heeft uw router geen WPS-functie, dan kunt u het apparaat handmatig met uw WLAN (WiFi) thuisnetwerk verbinden. Het apparaat zet kortstondig een eigen WiFi-netwerk op. U kunt met een mobiel eindapparaat verbinding maken met het WiFi-netwerk en de netwerkinformatie van het WLAN-thuisnetwerk (WiFi) aan uw apparaat overdragen.
Voorwaarde: De Home Connect app is geopend en u heeft zich aangemeld.
- 1. Tenminste 3 seconden op Bedien via app drukken.
- U bevindt zich nu in het Home Connect-menu.
- 2. Handm. log-in netw. selecteren.
- 3. verbinden selecteren
- 4. De aanwijzing op het display bevestigen.
- Op het display knippert .
- Het apparaat maakt een eigen Wi-Fi-netwerk met de netwerknaam (SSID) HomeConnect.
- 5. In het mobiele eindapparaat WLAN-instellingen oproepen.
Het mobiele eindapparaat met het WiFi-netwerk HomeConnect verbinden en het WiFi-wachtwoord (Key) HomeConnect invoeren.
- Uw mobiele eindapparaat verbindt zich met het apparaat. De verbindingsprocedure kan tot wel 60 seconden duren.
- 6. De Home Connect app op het mobiele eindapparaat openen en de stappen in de app volgen.
- 7. In de Home Connect app de netwerknaam (SSID) en het wachtwoord (Key) van uw thuisnetwerk invoeren.
- 8. De stappen in de Home Connect app volgen, om het apparaat te verbinden.
- Wanneer op het display verbonden wordt weergegeven en permanent brandt, dan is het apparaat met het thuisnetwerk verbonden.
- 9. "Het apparaat met de Home Connect app verbinden" → Pagina 50.
Apparaat met de Home Connect app verbinden
Voorwaarden
- Het apparaat is verbonden met het WiFi thuisnetwerk.
- De Home Connect app is geopend en u heeft zich aangemeld.
- 1. App verbinden selecteren.
Pagina 51
- 2. Verbinden met app selecteren.
- 3. De aanwijzing op het display bevestigen.
- Het apparaat maakt verbinding met de Home Connect app.
- 4. Zodra het apparaat in de Home Connect app wordt weergegeven, de laatste stappen in de Home Connect app volgen.
- Wanneer het display verbonden weergeeft, is het apparaat met de Home Connect app verbonden.
Apparaat met de energiemanager verbinden
Wanneer u het apparaat met het Smart Energy systeem (energiemanager) verbindt, dan optimaliseert u het energieverbruik. Het apparaat start pas, wanneer uw eigen PV-installatie voldoende energie opwekt of wanneer het elektriciteitstarief gunstig is.
Voorwaarden
- Het Smart Energy-systeem (Energiemanager) maakt gebruik van de communicatiestandaard van het EEBus initiatief.
- U heeft in de gebruiksaanwijzing van het Smart Energy-systeem (energiemanager) gelezen, hoe het Smart Energy-systeem (de energiemanager) verbinding maakt met uw apparaat.
- 1. Ca. 3 s op Bedien via app drukken.
- 2. Energiemngnt. selecteren.
- 3. verbinden selecteren.
- 4. De aanwijzing op het display bevestigen.
- Het apparaat maakt verbinding met het Smart Energy systeem (energiemanager)
Home Connect nl
- Wanneer op het display wordt weergegeven, dan is het apparaat succesvol met de energiemanager verbonden.
- 5. Wanneer het apparaat door het Smart Energy systeem (energiemanager) moet worden gestart, dan Flexstart activeren.
→ "Flexstart activeren", Pagina 51
Flexstart activeren
Activeer de Flexstart, zodat uw Smart Energy-systeem (energiemanager) uw apparaat mag starten, wanneer uw eigen PV-installatie voldoende energie opwekt of het elektriciteitstarief laag is.
Voorwaarde: Het Smart Energy system (energiemanager) kan het apparaat alleen starten wanneer Smart Energy systeem (energiemanager) en apparaat met elkaar verbonden zijn.
- 1. Het gewenste programma instellen.
- 2. Druk op Klaar in en stel de gewenste tijdsperiode in.
- 3. Druk op Start/Bijvullen .
- Op het display wordt Uitgestelde start weergegeven.
- 4. Druk op Bedien via app .
- Wanneer het display Flex Start weergeeft, is de Flexstart geactiveerd en wacht het apparaat op de start via het Smart Energy-systeem (energiemanager).
- Wisselt de weergave op het display naar : Klaar in ca., dan heeft het Smart Energy-systeem (energiemanager) een tijdstip vastgelegd, waarop het apparaat start.
- Wanneer het Smart Energy-systeem (energiemanager) het apparaat niet binnen de ingestelde tijd start, dan start het apparaat het programma zelfstandig, voor het verstrijken van de ingestelde tijds-
Pagina 52
nl Home Connect
periode. Het programma eindigt wanneer dit tijdsbestek afgelopen is.
Aanwijzing
De Flex Start wordt vanwege veiligheidsredenen onder de volgende omstandigheden gedeactiveerd:
- Druk op Start/Bijvullen .
- De deur openen.
- Het apparaat uitschakelen.
- Stroomonderbreking.
WiFi op het apparaat activeren
Aanwijzing Het energieverbruik wordt hoger ten opzichte van de in de verbruikswaardetabellen aangegeven waarden, wanneer WiFi is geactiveerd.
- 1. Ca. 3 s op Bedien via app drukken.
- 2. Wi-fi aan/uit selecteren.
- 3. Aan selecteren.
- WiFi is geactiveerd.
Aanwijzing Het apparaat schakelt niet automatisch uit, wanneer WiFi is geactiveerd.
WiFi op het apparaat deactiveren
- 1. Tenminste 3 s op Bedien via app drukken.
- 2. Wi-fi aan/uit selecteren.
- 3. Uit selecteren.
- WiFi is gedeactiveerd
Aanwijzing Wordt de WiFi gedeactiveerd en uw apparaat was eerder met uw thuisnetwerk verbonden, dan wordt de verbinding bij het opnieuw inschakelen van de WiFi automatisch weer hersteld.
Software update
Voorwaarde: Op het display wordt Er is een nieuwe software-versie beschikbaar. Wilt u nu een software update uitvoeren? Dit kan meerdere minuten duren. weergegeven.
- 1. Ca. 3 s op Bedien via app drukken.
- 2. Software Update selecteren.
- 3. nu installeren selecteren.
- De software-update start.
Aanwijzing De software-update kan meerdere minuten duren. Schakel het apparaat tijdens de software-updates niet uit.
Netwerkinstellingen van het apparaat resetten
- 1. Tenminste 3 s op Bedien via app drukken.
- 2. Netwerkinstelling selecteren.
- 3. terugzetten selecteren.
- De netwerkinstellingen zijn gereset.
Tip: Wilt u uw apparaat weer via de Home Connect app bedienen, dan moet u het opnieuw met het thuisnetwerk en de Home Connect app verbinden.
Afstandsdiagnose
De klantenservice kan via de diagnose op afstand toegang verkrijgen tot uw apparaat als u zich met de desbetreffende wens tot de klantenservice richt, uw apparaat met de Home Connect server verbonden is en de diagnose op afstand in het land waarin u het apparaat gebruikt, beschikbaar is.
Tip: Meer informatie alsook aanwijzingen over de beschikbaarheid van de diagnose op afstand in uw land
Pagina 53
Home Connect nl
vindt u in het gedeelte service/sup-port van de lokale website: www.ho-me-connect.com
Bescherming persoonsgegevens
Neem de aanwijzingen m.b.t. de bescherming van de persoonsgegevens in acht.
Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een thuisnetwerk dat op het internet is aangesloten, geeft het de volgende gegevenscategorieën door aan de Home Connect server(eerste registratie):
- Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de ingebouwde
Wi-Fi communicatiemodule).
- Veiligheidscertificaat van de Wi-Fi communicatiemodule (voor de informatietechnische beveiliging van de verbinding).
- De actuele software- en hardwareversie van uw huishoudapparaat.
- Status van een eventuele eerdere reset naar de fabrieksinstellingen.
Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u voor het eerst van de Home Connect functionaliteiten gebruik wilt maken.
Aanwijzing Let erop dat de Home Connect functionaliteiten alleen kunnen worden gebruikt in combinatie met de Home Connect app. Informatie over gegevensbescherming kan worden opgeroepen in de Home Connect app.
Conformiteitsverklaring
Hierbij verklaart BSH Hausgeräte GmbH dat het apparaat met Home Connect functionaliteit voldoet aan de fundamentele vereisten en de overige toepasselijke bepalingen van de richtlijn 2014/53/EU.
Een uitvoerige RED conformiteitsverklaring vindt u op het internet onder www.siemens-home.bsh-group.com op de productpagina van uw apparaat bij de aanvullende documenten.
2,4 GHz band: 100 mW max. 5 GHz band: 100 mW max.
| BE | BG | CZ | DK | DE | EE | IE | el |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| ES | FR | HR | IT | CY | LV | LT | LU |
| HU | MT | NL | AT | PL | PT | RO | SI |
| SK | FI | SE | UK | NO | CH | TR |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 53)
5 GHz WLAN (WiFi): alleen voor het gebruik binnenshuis.
Pagina 54
nl Basisinstellingen
Basisinstellingen
U kunt uw apparaat instellen volgens uw behoeften.
Overzicht over de basisinstellingen
Hier vindt u een overzicht van de basisinstellingen van het apparaat.
| Basisinstelling | Beschrijving |
|---|---|
| Signaal | Het volume van het signaal na het programma-einde instellen. |
| Toetssignaal | Het volume van het signaal bij het bedienen van de buttons instellen. |
| Auto uitschakeling | Het automatisch uitschakelen van het apparaat deactiveren of de tijdsperiode instellen, waarna het apparaat automatisch uitschakelt. → "Zuinig met energie en hulpbronnen", Pagina 13 Aanwijzing Het apparaat schakelt niet automatisch uit, wanneer WiFi is geactiveerd. |
| Info Trommelreinig. | De herinnering voor de trommelreiniging activeren of deactiveren. |
| Taa | De taal instellen. |
| Autom. log-in netw. | Het "apparaat met het WLAN-thuisnetwerk (WiFi) met WPS-functie verbinden" → Pagina 49 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 54)
| Basisinstelling | Beschrijving |
|---|---|
| Handm. log-in netw. | Het "apparaat met het WLAN-thuisnetwerk (WiFi) zonder WPSfunctie verbinden." → Pagina 50 |
| App verbinden | Het "apparaat met de Home Connect app verbinden." → Pagina 50 |
| Wi-fi aan/uit | WiFi activeren of deactiveren. → "WiFi op het apparaat activeren", Pagina 52 → "WiFi op het apparaat deactiveren", Pagina 52 |
| Software Update | De "software-update installeren." → Pagina 52 |
| Netwerkinstelling | De "netwerkinstellingen resetten." → Pagina 52 |
| Energiemngnt. | Het "apparaat met de energiemanager verbinden." → Pagina 51 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 54)
Basisinstellingen wijzigen
- 1. Om het submenu voor de basisinstellingen op te vragen, gedurende ca. 3 seconden op de beide buttons Instelmenu: 3 sec. drukken.
- 2. De gewenste basisinstelling selecteren.
→ "Overzicht over de basisinstellingen", Pagina 54
- 3. Basisinstelling aanpassen.
- 4. Druk op Instelmenu: 3 sec. om het hoofdmenu op te roepen.
Pagina 55
Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
Tips voor onderhoud van het toestel
Houd om de werking van uw apparaat langdurig te garanderen de tips voor het onderhoud van het apparaat aan.
| De behuizing en het bedieningspaneel uitsluitend met water en een vochtige doek afnemen. | De apparaatdelen blijven schoon en hygiënisch. |
| Verwijder direct alle wasmiddelresten, sproeinevelresten of achtergebleven restanten. | Recente afzettingen kunnen makkelijker en zonder resten worden verwijderd. |
| De deur van het apparaat en de wasmiddellade na gebruik open laten. | Restwater kan dan verdampen, hetgeen de geurvorming in het apparaat vermindert. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 55)
Trommel reinigen
Wanneer u vaak met een wastemperatuur van 40°C en lager wast of het apparaat langere tijd niet heeft gebruikt, reinig dan de trommel.
VOORZICHTIG
Gevaar voor letsel!
Het permanent wassen op lage temperaturen en een ontbrekende beluchting van het apparaat kunnen de trommel beschadigen en kunnen letsels veroorzaken.
- Regelmatig een programma voor de reiniging van de trommel uitvoeren of met temperaturen van minstens 60°C wassen.
Reiniging en onderhoud nl
- Het apparaat na elk gebruik bij een geopende deur en wasmiddellade laten drogen.
- Draai het programma Trommel reinigen zonder wasgoed. Gebruik een poederwasmiddel.
Schoonmaken van de wasmiddellade
Aanwijzing Neem de informatie over het onderwerp "veiligheid" → Pagina 4 en "materiële schade vermijden" → Pagina 12 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
- 1. De wasmiddellade uittrekken.
- 2. Inzetstuk naar beneden drukken en de wasmiddellade er uit nemen.
1
2
- 3. Inzetstuk van onderen naar boven uitdrukken.
Pagina 56
nl Reiniging en onderhoud
- 4. De wasmiddellade en de inzet met water en borstel reinigen en drogen.
- 5. Het inzetstuk plaatsen en vastklikken.
- 6. De opening voor de wasmiddellade reinigen.
- 7. De wasmiddellade erin schuiven.
Ontkalken
Wanneer u wasmiddel correct doseert, hoeft u uw apparaat niet te ontkalken. Als u toch ontkalkingsmiddel wilt gebruiken, neem dan de gebruiksinstructies van de fabrikant in acht.
LET OP!
Door het gebruik van ongeschikte ontkalkingsmiddelen, zoals bijv. voor koffiezetapparaten, kan het apparaat beschadigen.
- Gebruik voor dit apparaat slechts een ontkalkingsmiddel dat via de internetsite of de klantenservice van de fabrikant verkrijgbaar is.
Afvoerpomp reinigen
Reinig de afvoerpomp in geval van storingen, bijv. bij verstoppingen of geklapper.
Afvoerpomp legen
Aanwijzing Neem de informatie over het onderwerp "veiligheid" → Pagina 4 en "materiële schade vermijden" → Pagina 12 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
- 1. De kraan sluiten.
- 2. Het apparaat uitschakelen.
- 3. Stekker van het apparaat van het stroomnet scheiden.
- 4. Open de serviceklep.
Pagina 57
- 5. Verwijder de serviceklep.
- 6. Plaats een opvangbak onder de opening.
- 7. Neem de aftapslang uit de houder.
Reiniging en onderhoud nl
- 8. VOORZICHTIG - Risico van verbranding! Het sop wordt heet bij het wassen met hoge temperaturen.
- Raak het hete sop niet aan.
Trek het afsluitstopje los, om het wassop in de opvangbak te laten stromen.
- 9. Druk het stopje er weer op.
- 10. De aftapslang in de houder klemmen.
Pagina 58
nl Reiniging en onderhoud
Afvoerpomp reinigen
Aanwijzing Neem de informatie over het onderwerp "veiligheid" → Pagina 4 en "materiële schade vermijden" → Pagina 12 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
Voorwaarde: "De afvoerpomp is leeg." → Pagina 56
- 1. Omdat er nog restwater in de pomp kan zitten, het deksel er voorzichtig uit draaien.
‒ Door grote verontreinigingen kan het filterelement in het pomphuis vastzitten. Verontreinigingen losmaken en filterelement verwijderen.
- 2. Binnenruimte, schroefdraad van het pompdeksel en pomphuis reinigen.
- 3. Verifieer dat de rotor van de pomp makkelijk ronddraait.
- 4. Breng het pompdeksel aan.
‒ Controleer of de componenten van het pompdeksel correct gemonteerd zijn.
- 5. Draai het pompdeksel aan.
90°
De greep van het pompdeksel moet verticaal staan.
- 6. De serviceklep plaatsen en vastklikken.
Het pompdeksel bestaat uit twee componenten die voor de reiniging kunnen worden gedemonteerd.
58
- 1 2
- 7. De serviceklep sluiten.
Pagina 59
Vóór de volgende keer wassen
Om te voorkomen dat bij de volgende wasbeurt wasmiddel ongebruikt in de afvoer stroomt, voert u het programma Afpompen uit, nadat u de pomp heeft geleegd.
- 1. De kraan opendraaien.
- 2. Steek de stekker in het stopcontact.
- 3. Schakel het apparaat in.
- 4. Een liter water in compartiment II gieten.
- 5. Start het programma Afpompen.
Waterafvoerslang op de sifon reinigen
Wanneer de waterafvoerslang op de sifon is verontreinigd of het sop niet wordt afgepompt, dan moet u deze reinigen.
- 1. Het apparaat uitschakelen.
- 2. Stekker van het apparaat van het stroomnet scheiden.
- 3. De slangklem losmaken en de waterafvoerslang er voorzichtig aftrekken.
Er kan resterend water uitlopen.
Reiniging en onderhoud nl
- 4. De waterafvoerslang en de sifonaansluiting reinigen.
- 5. De waterafvoerslang opsteken en de aansluitklem met de slangklem borgen.
Zeef in de watertoevoer reinigen
Reinig de zeef in de watertoevoer in geval van verstoppingen of bij een te lage waterdruk.
Watertoevoerslang legen
Om de zeef te kunnen reinigen, leegt u eerst de watertoevoerslang.
- 1. De waterkraan sluiten.
- 2. Een programma instellen, maar niet Spoelen, Centrifugeren of Afpompen.
- 3. Programma starten en ca. 40 seconden laten lopen.
- 4. Het apparaat uitschakelen.
Pagina 60
nl Reiniging en onderhoud
- 5. Stekker van het apparaat van het stroomnet scheiden.
Zeef van de waterkraan reinigen
Aanwijzing Neem de informatie over het onderwerp "veiligheid" → Pagina 4 en "materiële schade vermijden" → Pagina 12 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
Voorwaarde: De watertoevoerslang is leeg.
- 1. De watertoevoerslang van de waterkraan verwijderen.
- 2. De zeef met een kleine borstel reinigen.
3.
De watertoevoerslang aansluiten en op lekdichtheid controleren.
Pagina 61
Storingen verhelpen nl
Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING
Gevaar voor een elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
Foutcode / foutindicatie / signaal
| Storing | Oorzaak | Verhelpen van storingen |
|---|---|---|
| Het display is gedoofd en Start/Bijvullen knippert. | De energiebesparingsmodus is actief. | ▶ Druk op een willekeurige button. • Het display brandt weer. |
| "E:30 / -80" | Afvoerbuis of waterafvoerslang is verstopt. | ▶ Reinig de afvoerbuis en de waterafvoerslang. |
| Afvoerbuis of waterafvoerslang is geknikt of ingeklemd. | ▶ Zorg ervoor dat de afvoerbuis en de waterafvoerslang niet geknikt of ingeklemd zijn. | |
| Afvoerpomp is verstopt. | ▶ → "Afvoerpomp reinigen", Pagina 56 | |
| Waterafvoerslang is te hoog aangesloten. | ▶ Monteer de waterafvoerslang op maximaal 1 meter hoogte. → "Technische gegevens", Pagina 75 | |
| Pompdeksel is niet correct in elkaar gezet. | ▶ Zet het pompdeksel correct in elkaar. | |
| Pompdeksel is niet correct in elkaar gezet. | ▶ Zet het pompdeksel correct in elkaar. | |
| Wasmiddeldosering is te hoog. | ▶ Directe maatregel: meng een eetlepel wasverzachter met 0,5 l water en giet dit mengsel in het linker compartiment (niet bij outdoor-, sportswear- en donstextiel). |
Pagina 62
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak | Verhelpen van storingen |
|---|---|---|
| "E:30 / -80" | ▶ Reduceer bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. | |
| Niet-toegestane verlenging aan de waterafvoerslang gemonteerd. | ▶ Verwijder niet-toegestane verlengingen aan de waterafvoerslang. Apparaat aansluiten | |
| "E:36 / -25 / -26" | Afvoerpomp is verstopt. | ▶ → "Afvoerpomp reinigen", Pagina 56 |
| "E:10 / -10" | Zeef in de watertoevoer is verstopt. | ▶ "Reinig de zeef in de watertoevoer" → Pagina 59. |
| Waterkraan is gesloten. | ▶ Open de waterkraan. | |
| Watertoevoerslang is geknikt of ingeklemd. | ▶ Zorg ervoor dat de watertoevoerslang niet is geknikt of ingeklemd. | |
| "E:35 / -10" | Water in de bodembak. | ▶ Sluit de kraan. ▶ Neem contact op met de klantenservice. → "Servicedienst", Pagina 72 |
| Apparaat lekt. | ▶ Sluit de kraan. ▶ Neem contact op met de klantenservice. → "Servicedienst", Pagina 72 | |
| Alle andere foutcodes. | Storing | ▶ Neem contact op met de klantenservice. → "Servicedienst", Pagina 72 |
| Sopafkoeling | Om afvoerleidingen te beschermen wordt heet wassop voor het afpompen afgekoeld. | ▶ Wacht tot het sop is afgekoeld. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 62)
Functiestoringen
| Storing | Oorzaak | Verhelpen van storingen |
|---|---|---|
| Apparaat werkt niet. | Netstekker van de stroomkabel is niet ingestoken. | ▶ Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet. |
| Zekering is defect. | ▶ Controleer de zekering in de meterkast. | |
| Stroomvoorziening is uitgevallen. | ▶ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 62)
62
Pagina 63
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak | Verhelpen van storingen |
|---|---|---|
| Programma start niet. | Start/Bijvullen werd niet ingedrukt. | ▶ Druk op Start/Bijvullen . |
| Deur is niet gesloten. | 1. Sluit de deur. 2. Om het programma te starten, drukt u op Start/Bijvullen . | |
| Kinderbeveiliging is geactiveerd. | ▶ → "Kinderslot deactiveren", Pagina 48 | |
| Klaar in is geactiveerd. | ▶ Controleer of Klaar in is geactiveerd. → "Toetsen", Pagina 27 | |
| Wasgoed is ingeklemd tussen de deur. | 1. Open de deur opnieuw. 2. Verwijder ingeklemd wasgoed. 3. Sluit de deur. 4. Om het programma te starten, drukt u op Start/Bijvullen . | |
| Deur kan niet worden geopend. | Spoelstop is geactiveerd. | ▶ Hervat het programma door Centrifugeren of Afpompen te kiezen en op Start/Bijvullen te drukken. → "Programma bij spoelstop hervatten", Pagina 47 |
| Temperatuur is te hoog. | ▶ Wacht tot de temperatuur is gedaald. ▶ → "Progr. annuleren", Pagina 47 | |
| Waterniveau is te hoog. | ▶ Start het programma Afpompen. | |
| Programma met actieve zuurstof werd afgebroken, de actieve zuurstof wordt af-gebouwd. | ▶ Wacht tot de actieve zuurstof is af-gebouwd. | |
| Stroomonderbreking. | ▶ Open de deur met de noodontgrendeling. → "Noodontgrendeling", Pagina 70 | |
| Waswater wordt niet weggepompt. | Afvoerbuis of waterafvoerslang is verstopt. | ▶ Reinig de afvoerbuis en de waterafvoerslang. |
| Afvoerbuis of waterafvoerslang is geknikt of ingeklemd. | ▶ Zorg ervoor dat de afvoerbuis en de waterafvoerslang niet geknikt of ingeklemd zijn. | |
| Afvoerpomp is verstopt. | ▶ → "Afvoerpomp reinigen", Pagina 56 |
Pagina 64
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak | Verhelpen van storingen |
|---|---|---|
| Waswater wordt niet weggepompt. | Spoelstop is geactiveerd. | ▶ Hervat het programma door Centrifugeren of Afpompen te kiezen en op Start/Bijvullen te drukken. → "Programma bij spoelstop hervatten", Pagina 47 |
| Waterafvoerslang is te hoog aangesloten. | ▶ Monteer de waterafvoerslang op maximaal 1 meter hoogte. → "Technische gegevens", Pagina 75 | |
| Pompdeksel is niet correct in elkaar gezet. | ▶ Zet het pompdeksel correct in elkaar. | |
| Pompdeksel is niet correct in elkaar gezet. | ▶ Zet het pompdeksel correct in elkaar. | |
| Wasmiddeldosering is te hoog. | ▶ Directe maatregel: meng een eetlepel wasverzachter met 0,5 l water en giet dit mengsel in het linker compartiment (niet bij outdoor-, sportswear- en donstextiel). ▶ Reduceer bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. | |
| Niet-toegestane verlenging aan de waterafvoerslang gemonteerd. | ▶ Verwijder niet-toegestane verlengingen aan de waterafvoerslang. Apparaat aansluiten | |
| Er stroom geen water in het apparaat. Het wasmiddel werd niet ingespoeld. | Start/Bijvullen werd niet ingedrukt. | ▶ Druk op Start/Bijvullen . |
| Zeef in de watertoevoer is verstopt. | ▶ "Reinig de zeef in de watertoevoer" → Pagina 59. | |
| Waterkraan is gesloten. | ▶ Open de waterkraan. | |
| Watertoevoerslang is geknikt of ingeklemd. | ▶ Zorg ervoor dat de watertoevoerslang niet is geknikt of ingeklemd. | |
| Meermaals beginnen met centrifugeren. | Het onbalanscontrolesysteem heft de onbalans op door het wasgoed meermaals te verdelen. | ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. Aanwijzing Leg bij het beladen zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. |
Pagina 65
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak | Verhelpen van storingen |
|---|---|---|
| De programmaduur wijzigt tijdens de wascyclus. | Het programmaverloop wordt elektronisch geoptimaliseerd. Dat kan leiden tot wijzigingen in de programmaduur. | ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. |
| Het onbalanscontrolesysteem heft de onbalans op door het wasgoed meermaals te verdelen. | ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. Aanwijzing Leg bij het beladen zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. | |
| Schuimcontrolesysteem voert bij te hoge schuimvorming een extra spoelbeurt toe. | ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. | |
| Het water is in de trommel niet zichtbaar. | Het water is onder het zichtbare bereik. | ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. |
| Trommel schokt na programmastart. | Oorzaak is een interne motortest. | ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. |
| In het compartiment bevindt zich restwater. | Inzet in compartiment is verstopt. | ▶ → "Schoonmaken van de wasmiddellade", Pagina 55 |
| Trillingen en beweging van het apparaat tijdens het centrifugeren. | Het apparaat is niet goed horizontaal gesteld. | ▶ Stellen van het apparaat |
| Apparaatvoeten zijn niet gefixeerd. | ▶ Zet de apparaatvoeten vast. Stellen van het apparaat | |
| Transportbeveiligingen zijn niet verwijderd. | ▶ Transportbeveiligingen verwijderen | |
| Trommel draait, er stroomt geen water in het apparaat. | Beladingsherkenning is actief. | ▶ Geen fout, geen handeling noodzakelijk. Aanwijzing De beladingsherkenning kan tot wel 2 minuten duren. |
| Sterke schuimvorming. | Wasmiddeldosering is te hoog. | ▶ Directe maatregel: meng een eetlepel wasverzachter met 0,5 l water en giet dit mengsel in het linker compartiment (niet bij outdoor-, sportswear- en donstextiel). ▶ Reduceer bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. |