Whirlpool ARG 94312, tekst van de handleiding
Pagina's 82–103 van 136 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← begin van de handleidingverder op pagina 104 →
Pagina's 1–81: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 82
Dank u dat u voor dit product heeft gekozen.
Deze gebruikershandleiding bevat belangrijke informatie over veiligheid en aanwijzingen om u bij te staan in de bediening en het onderhoud van uw apparaat.
Lees deze gebruikershandleiding rustig door voordat u uw apparaat in gebruik neemt en houd het bij de hand voor raadpleging in de toekomst.
| Icoon | Type | Betekenis |
|---|---|---|
| WAARSCHUWING | Risico op ernstig of dodelijk letsel | |
| RISICO OP ELEKTRISCHE SCHOK | Risico op gevaarlijke spanning | |
| BRAND | Waarschuwing; Gevaar voor brand / ontvlambare materialen | |
| OPGELET | Risico op letsel of beschadiging van eigendommen | |
| BELANGRIJK | Juiste bediening van het systeem |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 82)
NL -82
Pagina 83
INHOUD
1 VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN................................................................... 84
1.1 BELANGRIJK MOET WORDEN GELEZEN EN IN ACHT GENOMEN........................84
2 BESCHRIJVING VAN HET APPARAAT....................................................... 95
2.1 Afmetingen....................................................................................................................96
3 GEBRUIK VAN HET APPARAAT..................................................................97
3.1 Display en bedieningspaneel........................................................................................98 3.2 Bedienen van uw koelkast............................................................................................98 3.2.1 Instelknop temperatuur..............................................................................................98 3.2.2 Temperatuurinstellingen.............................................................................................98 3.2.3 Snelvriesstand...........................................................................................................98 3.2.4 Snelkoelstand............................................................................................................98 3.2.5 Stand-by.....................................................................................................................98 3.2.6 Alarmfunctie deur open..............................................................................................98 3.3 Waarschuwingen temperatuurinstellingen....................................................................99 3.4 Accessoires...................................................................................................................99
3.4.1 IJsblokjesvorm (in bepaalde modellen)...................................................................99 3.4.2 De Vers-knop (in bepaalde modellen).....................................................................99
4 BEWAREN VAN VOEDSEL.........................................................................100
4.1 Koelkastgedeelte........................................................................................................100 4.2 Diepvriesgedeelte.......................................................................................................101
5 REINIGING EN ONDERHOUD....................................................................103
5.1 Ontdooien...................................................................................................................104
6 VERVOER EN VERPLAATSEN..................................................................105
6.1 Vervoer en van plaats veranderen..............................................................................105
7 VOORDAT U CONTACT OPNEEMT MET KLANTENSERVICE.............. 105
8 TIPS OM ENERGIE TE BESPAREN...........................................................107
9 TECHNISCHE GEGEVENS.........................................................................107
10 INFORMATIE VOOR TESTINSTITUTEN................................................. 108
11 SERVICE EN ONDERDELEN....................................................................108
Pagina 84
1 VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
1.1 BELANGRIJK MOET WORDEN GELEZEN EN IN ACHT GENOMEN.
Lees voordat u het apparaat gaat gebruiken deze veiligheidsinstructies. Houd ze binnen handbereik voor latere raadpleging. Deze instructies en het apparaat zelf zijn voorzien van belangrijke veiligheidsaanwijzingen, die te allen tijde moeten worden opgevolgd. De fabrikant kan niet aansprakelijk gesteld worden voor schade die het gevolg is van het niet opvolgen van deze veiligheidsinstructies, oneigenlijk gebruik van het apparaat of een foute instelling van de regelknoppen.
Kleine kinderen (0-3 jaar) moeten uit de buurt van het apparaat gehouden worden. Jonge kinderen (3-8 jaar) moeten uit de buurt van het apparaat gehouden worden, tenzij ze constant onder toezicht staan. Kinderen vanaf 8 jaar en personen met verminderde fysieke, sensorische of mentale vermogens of gebrek aan ervaring en kennis, mogen dit apparaat gebruiken indien ze onder toezicht staan of instructies hebben ontvangen over veilig gebruik en de mogelijke gevaren ervan begrijpen. Kinderen mogen niet spelen met het apparaat. De reiniging en het onderhoud mogen niet door kinderen worden uitgevoerd zonder toezicht.
Kinderen van 3 tot 8 jaar mogen etenswaren uit de koelapparatuur halen en er in leggen.
TOEGESTAAN GEBRUIK VOORZICHTIG: Het apparaat is niet geschikt voor inwerkingstelling met een externe schakelaar zoals een timer, of een afzonderlijk systeem met afstandsbediening.
NL -84
Pagina 85
Dit apparaat is bedoeld voor gebruik in huishoudelijke en vergelijkbare toepassingen zoals : personeelskeukens in winkels, kantoren en overige werkomgevingen; in landbouwbedrijven; door klanten in hotels, motels, bed & breakfast en andere verblijfsomgevingen.
Dit apparaat is niet voor professioneel gebruik bedoeld. Gebruik het apparaat niet buiten.
De lamp die in het apparaat wordt gebruikt is specifiek ontworpen voor huishoudapparaten en is niet geschikt voor ruimteverlichting (EC Richtlijn Nr. 244/2009). Het apparaat is bedoeld voor gebruik op plaatsen waar de temperatuur binnen het volgende bereik komt, conform de klimaatklasse op het typeplaatje. Mogelijk werkt het apparaat niet correct indien het lange tijd op een temperatuur buiten het aangegeven bereik wordt gebruikt.
Omgevingstemperaturen van klimaatklasse:
SN: van 10°C tot 32°C;
N: van 16°C tot 32°C
ST: van 16°C tot 38°C;
T: van 16°C tot 43°C
Dit apparaat bevat geen CFK. Het koelcircuit bevat R600a (HC). Apparaten met Isobutaan (R600a): isobutaan is een natuurlijk gas dat geen schadelijke invloed heeft op het milieu, maar wel ontvlambaar is.
Zorg er daarom voor dat de koelcircuitleidingen niet beschadigd raken, vooral wanneer het koelcircuit geledigd wordt.
WAARSCHUWING: Beschadig de koelcircuitleidingen van het apparaat niet.
Pagina 86
WAARSCHUWING: Houd de ventilatieopeningen in de behuizing van het apparaat of in de ingebouwde structuur vrij van obstakels.
WAARSCHUWING: Gebruik geen mechanische, elektrische of chemische middelen behalve de middelen aanbevolen door de fabrikant om het ontdooiproces te versnellen.
WAARSCHUWING: Gebruik of plaats geen elektrische apparaten binnenin de apparaatcompartimenten indien deze niet het type zijn dat uitdrukkelijk is goedgekeurd door de Fabrikant.
WAARSCHUWING: IJsmakers en/of waterdispensers die niet rechtstreeks op het waterleidingnet zijn aangesloten, mogen uitsluitend met drinkwater worden gevuld.
WAARSCHUWING: Automatische ijsmakers en/of waterdispensers moeten worden aangesloten op een waterleidingnet dat uitsluitend drinkwater levert, met een waterdruk tussen 0,17 en 0,81 MPa (1,7 en 8,1 bar). Geen ontplofbare stoffen zoals spuitbussen opslaan en geen benzine of andere brandbare materialen gebruiken in of in de buurt van het apparaat.
Slik de (niet-giftige) vloeistof uit de vrieselementen niet in (bij enkele modellen inbegrepen). Eet geen ijsblokjes of waterijsjes die net uit de vriezer komen, aangezien deze vriesbrandwonden kunnen veroorzaken. Bij producten ontworpen voor gebruik met een luchtfilter in een toegankelijke ventilatorafdekking, moet het filter altijd zijn aangebracht wanneer de koelkast in bedrijf is.
Bewaar geen glazen containers met vloeistoffen in het diepvriezercompartiment omdat ze kunnen breken.
NL -86
Pagina 87
Blokkeer de ventilator (indien aanwezig) niet met levensmiddelen. Controleer nadat u levensmiddelen in het apparaat heeft geplaatst of de deuren van Gebruik het koelkastcompartiment uitsluitend voor het bewaren van vers de vakken goed zijn gesloten, met name de deur van het vriesvak.
Een beschadigde afdichting dient zo snel mogelijk vervangen te worden.
Gebruik het koelkastcompartiment uitsluitend voor het bewaren van vers voedsel en het diepvriezercompartiment uitsluitend voor het bewaren van bevroren voedsel, het invriezen van vers voedsel en het maken van ijsblokjes.
Bewaar geen onverpakt voedsel in het koel- of vriesgedeelte om direct contact met interne oppervlakken te voorkomen.
Apparaten kunnen over speciale compartimenten beschikken (vak voor verse etenswaar, nul graden-vak,...). Indien niet anders gespecificeerd in de productbeschrijving, kunnen deze compartimenten verwijderd worden zonder dat hierdoor de prestaties veranderen.
C-pentaan wordt gebruikt als blaasmiddel in het isolatieschuim en is een licht ontvlambaar gas.
Rekening houdend met de temperatuursverschillen in de verschillende koelkastcompartimenten, kunnen etenswaren het beste als volgt worden bewaard:
- Koelkastcompartiment:
- 1) Bovenste gedeelte van het koelkastcompartiment en deurtemperatuurzone: Bewaar tropisch fruit, blikjes, drankjes, eieren, sauzen, augurken, boter, jam
Pagina 88
- 2) Middengedeelte van het koelkastcompartiment - koele zone: Bewaar kaas, melk, zuivelproducten, delicatessen, yoghurt
- 3) Onderste gedeelte van het koelkastcompartiment - koelste zone: Bewaar vleeswaren, desserts, vlees en vis, cheesecake, verse pasta, zure room, pesto/salsa, zelfgemaakte gerechten, banketbakkersroom, pudding en roomkaas
- 4) Fruit- en groentelade onderin het koelkastcompartiment: Bewaar groenten en fruit (geen tropisch fruit)
- 5) Koelcompartiment: Bewaar vlees en vis alleen in deze koudste lade - Diepvriescompartiment:
De zone met 4 sterren (****) is geschikt voor het invriezen van levensmiddelen op omgevingstemperatuur en voor het bewaren van ingevroren etenswaren, aangezien de temperatuur gelijkmatig is verdeeld over het hele compartiment. De houdbaarheidsdatum van gekochte diepvriesproducten staat op de verpakking vermeld. Deze datum houdt rekening met het type voedsel dat wordt bewaard, en moet daarom worden aangehouden. Verse etenswaren kunnen worden bewaard voor de onderstaande periodes: 1-3 maanden voor kaas, schaaldieren, ijs, ham/worst, melk, verse vloeistoffen; 4 maanden voor biefstuk of koteletten (rund, lam, varken); 6 maanden voor boter of margarine en gevogelte (kip, kalkoen); 8-12 maanden voor fruit (behalve citrusvruchten), gebraden vlees (rund, varken, lam), groenten. De houdbaarheidsdatum op de verpakking van etenswaren in de 2-sterrenzone moeten worden aangehouden. Houd rekening met de volgende punten om voedselbesmetting te voorkomen:
NL -88
Pagina 89
- Het langdurig openen van de deur kan de temperatuur in de compartimenten van het apparaat aanzienlijk verhogen.
- Reinig regelmatig oppervlakken die in contact kunnen komen met etenswaren, evenals toegankelijke afvoersystemen.
- Reinig watertanks als ze 48 uur niet zijn gebruikt; spoel het watersysteem dat is aangesloten op een watertoevoer als er gedurende 5 dagen geen water is gebruikt.
- Bewaar rauw vlees en rauwe vis in geschikte bewaarbakken in de koelkast, om contact met (of druppelen op) andere etenswaren te voorkomen.
- Vriescompartimenten met twee sterren zijn geschikt voor het bewaren van reeds ingevroren voedsel en voor het bewaren of maken van ijs en ijsblokjes.
- Vries geen verse etenswaren in compartimenten met één, twee of drie sterren.
- Als het koelapparaat gedurende lange perioden leeg blijft, schakel het dan uit, ontdooi het, maak het schoon, laat het drogen en laat de deur open om te voorkomen dat zich schimmel in het apparaat vormt.
INSTALLATIE
Het apparaat moet verplaatst en geïnstalleerd worden door twee of meer personen - gevaar voor letsel. Gebruik beschermende handschoenen om uit te pakken en te installeren - risico voor snijwonden.
Laat de installatie, m.i.v. de aansluiting op het waternet (indien van toepassing) en de elektrische aansluitingen en reparaties door een gekwalificeerd technicus verrichten. Repareer of vervang geen enkel onderdeel van het apparaat, behalve als dit expliciet aangegeven wordt in het gebruikshandleiding. Houd kinderen uit de
NL -89
Pagina 90
buurt van de installatieplaats. Controleer na het uitpakken van het apparaat of het tijdens het transport geen beschadigingen heeft opgelopen. Neem bij problemen contact op met uw leverancier of met het dichtstbijzijnde servicecentrum. Na de installatie moet het verpakkingsmateriaal (plastic, piepschuim enz.) buiten het bereik van kinderen bewaard worden - risico voor verstikking. Het apparaat moet worden losgekoppeld van het elektriciteitsnet voordat u installatiewerkzaamheden uitvoert - risico op elektrocutie. Tijdens de installatie dient u ervoor te zorgen dat het apparaat de voedingskabel niet beschadigt - risico op brand of elektrocutie. Activeer het apparaat alleen wanneer de installatie helemaal uitgevoerd is. Zorg dat u de vloer (bijv. parket) niet beschadigt tijdens het verplaatsen van het apparaat. Installeer het apparaat op een vloer of steun die sterk genoeg is om het gewicht te kunnen hebben, en op een plaats die geschikt is voor grootte en gebruik. Controleer of het apparaat niet vlak naast een warmtebron staat en of de vier pootjes stevig op de vloer rusten, stel ze naar wens af en controleer of het apparaat exact horizontaal staat en gebruik hiervoor een waterpas. Wacht minstens twee uur alvorens het apparaat in te schakelen, om zeker te stellen dat het koelcircuit volledig efficiënt is.
WAARSCHUWING: Zorg er bij het plaatsen van het apparaat voor dat de voedingssnoer niet geklemd zit of beschadigd is.
WAARSCHUWING: Om gevaar als gevolg van instabiliteit te voorkomen, moet de positionering of bevestiging van het apparaat worden uitgevoerd volgens de instructies van de fabrikant. Het is verboden de koelkast dusdanig te plaatsen dat de metalen slang van de gas-
NL -90
Pagina 91
kachel, de metalen gas- of waterleidingen of de elektrische draden in contact komen met de achterwand van de koelkast (condensatorspoel). De ruimte die nodig is voor de installatie van het apparaat is aangegeven in de handleiding. Verwijder het netsnoer van de condensatorhaak tijdens de installatie voordat u het product op de voeding aansluit.
ELEKTRISCHE WAARSCHUWINGEN
Het moet mogelijk zijn het apparaat van het elektriciteitsnet af te koppelen door de stekker uit het stopcontact te halen of via een meerpolige netschakelaar die bovenstrooms van het stopcontact is geplaatst conform de bedradingsvoorschriften en het apparaat dient geaard te zijn conform de nationale veiligheidsnormen voor elektriciteit.
Gebruik geen verlengsnoeren, meervoudige stopcontacten of adapters. Als de installatie voltooid is, mogen de elektrische onderdelen niet meer toegankelijk zijn voor de gebruiker. Gebruik het apparaat niet wanneer u natte voeten hebt of blootsvoets bent. Gebruik het apparaat niet als de stroomkabel of de stekker beschadigd is, als het apparaat niet goed werkt of als het beschadigd of gevallen is.
Als het netsnoer beschadigd is, moet het vervangen worden door de fabrikant, een servicevertegenwoordiger of gekwalificeerd personeel om risico’s te voorkomen - risico voor elektrocutie.
WAARSCHUWING: Meerdere draagbare stopcontacten of draagbare voedingen mogen niet aan de achterkant van het apparaat worden geplaatst.
Pagina 92
REINIGEN EN ONDERHOUD WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat het apparaat is uitgeschakeld en losgekoppeld van de stroomvoorziening voordat u onderhoudswerkzaamheden uitvoert. Gebruik beschermende handschoenen (gevaar voor snijwonden) en veiligheidsschoenen (gevaar voor kneuzing) om persoonlijk letsel te vermijden; het apparaat moet door twee personen worden gehanteerd (minder belasting); gebruik nooit stoomreinigers (gevaar voor elektrische schokken). Reparaties die niet door professionals zijn uitgevoerd en die niet door de fabrikant zijn goedgekeurd, kunnen een risico voor de gezondheid en de veiligheid opleveren. De fabrikant kan hiervoor niet aansprakelijk worden gesteld. Schade of defecten veroorzaakt door onderhoud of reparaties die niet door professionals zijn uitgevoerd vallen niet onder de garantie. De garantievoorwaarden staan in het document dat bij het apparaat is geleverd.
Gebruik op kunststof onderdelen, binnen- en deurranden of afdichtingen geen schurende of agressieve schoonmaakmiddelen zoals ruitenprays, schurende reinigingsmiddelen, brandbare vloeistoffen, schoonmaakwassen, geconcentreerde schoonmaakmiddelen, bleekmiddelen en reinigingsmiddelen die aardolieproducten bevatten. Gebruik geen papieren handdoeken, schuursponsjes of ander hard schoonmaakmateriaal.
Pagina 93
VERWERKING VAN DE VERPAKKING
De verpakking kan volledig worden gerecycleerd, zoals door het recyclingssymbool wordt aangegeven . De diverse onderdelen van de verpakking moeten op verantwoordelijk wijze afgevoerd worden volgens de plaatselijke voorschriften voor de verwerking van het afval.
VERWERKING VAN HUISHOUDELIJKE APPARATUUR
Dit apparaat is vervaardigd van recyclebaar of herbruikbaar materiaal.
Dank het apparaat af in overeenstemming met plaatselijke milieuvoorschriften voor afvalverwerking.
Voor meer informatie over behandeling, terugwinning en recycling van huishoudelijke apparaten kunt u contact opnemen met uw plaatselijke instantie, de vuilnisophaaldienst of de winkel waar u dit apparaat hebt gekocht. Dit apparaat is gemarkeerd in overeenstemming met de Europese Richtlijn 2012/19/EU, Afgedankte Elektrische en Elektronische Apparatuur (AEEA) en met de Regeling Afgedankte Elektrische en Elektronische Apparatuur 2013 (zoals gewijzigd). Door ervoor te zorgen dat dit product correct wordt afgedankt, helpt u schadelijke gevolgen voor het milieu en de
gezondheid te voorkomen. Het symbool op het product of op de begeleidende documentatie geeft aan dat dit apparaat niet als huishoudelijk afval behandeld mag worden, maar dat het ingeleverd moet worden bij een speciaal inzamelingscentrum voor de recyclage van elektrische en elektronische apparatuur.
TIPS OM ENERGIE TE BESPAREN
Volg de installatie-instructies om voldoende ventilatie te garanderen.
Door onvoldoende ventilatie aan de achterzijde van het product neemt het energieverbruik toe en neemt de koelefficiëntie af.
Wanneer de deur vaak wordt geopend kan dit leiden tot een verhoogd Energieverbruik. De interne temperatuur van het apparaat en het Energieverbruik worden beïnvloed door de omgevingstemperatuur en de plaats waar het apparaat opgesteld is. Bij het instellen van de temperatuur moet rekening gehouden worden met deze factoren. Beperk het openen van deuren tot een minimum.
Plaats diepgevroren etenswaren die u wilt ontdooien in de koelkast. De lage temperatuur van de diepgevroren etenswaar koelt de etenswaar in de koelkast.
Laat warme gerechten en dranken eerst afkoelen voordat ze in het apparaat geplaatst worden.
De positionering van de platen in de koelkast heeft geen invloed op het efficiënte energiegebruik. De etenswaar dient zodanig op de platen geplaatst te worden om voor voldoende luchtcirculatie te zorgen (de verschillende etenswaar dient elkaar niet te raken en de afstand tussen de etenswaar en de achterwand moet behouden blijven). U kunt de opslagcapaciteit voor ingevroren etenswaar vergroten door opslagmanden en, indien aanwezig, de Stop Frost-plaat te verwijderen.
Wees niet verontrust over geluiden die van de compressor komen want dat zijn de normale geluiden van werking.
Pagina 94
BROCHURE ECODESIGN - 2020
Dit document is bedoeld als een lijst met suggesties die kunnen helpen om de energieprestaties en het gebruik van het apparaat te optimaliseren.
De laden, manden en schappen moeten in hun huidige positie worden gehouden, tenzij anders is aangegeven in deze snelgids. Het koelvak wordt verlicht door ledlampen, die beter verlichten dan met traditionele gloeilampen en minder energie verbruiken. Deuren en deksels van de koelkast moeten worden verwijderd voordat het apparaat wordt afgevoerd, om te voorkomen dat kinderen of dieren erin vast komen te zitten.
Aanbevolen instelling:
- Koelkastcompartiment: +4 °C of MED
- Diepvriescompartiment: -18 °C (indien aanwezig)
Het diepvriescompartiment kan zonder laden worden gebruikt en het voedsel kan rechtstreeks op de bodem van het compartiment worden geplaatst om sneller in te vriezen. De hoeveelheid verse voedingswaren die in een bepaalde periode kan worden ingevroren, staat aangegeven op het typeplaatje.
De laadlimieten zijn bepaald door manden, flappen, lades, schappen enz. Zorg ervoor dat deze onderdelen nog altijd gemakkelijk kunnen sluiten na het laden.
Raadpleeg de aanbevolen instelling en bewaartijden in de online gebruikershandleiding om voedselverspilling tegen te gaan.
IJSBLOKJES
Vul het ijsbakje voor 2/3 met water en plaats het in het vriesvak. Gebruik NOOIT puntige of scherpe voorwerpen om het ijs te verwijderen (indien aanwezig).
INVRIEZEN VAN VERSE LEVENSMIDDELEN
- 1. Het wordt aanbevolen de temperatuur kouder in te stellen of Snelvries/Snel koelen* te selecteren minstens vier uur vooraleer het voedsel uit het vriesvak te halen, om de bewaartijd in de ontdooiingsfase te verlengen.
- 2. Om het compartiment te ontdooien, trekt u de stekker uit het stopcontact en verwijdert u de laden. Laat de deur open, zodat het ijs kan smelten. Om te voorkomen dat er tijdens het ontdooien water wegloopt, wordt geadviseerd een absorberende doek onderin het vriesvak te leggen en regelmatig uit te wringen.
- 3. Maak de binnenkant van het vriesvak schoon en droog zorgvuldig.
- 4. Schakel het apparaat weer in en plaats de etenswaar terug.
Als de verklaring voor de lade van de "chiller/chill" op het typeplaatje aangegeven is, is de verklaring alleen van toepassing op norm EN 62552:2013, geldig tot 28 Februari 2021.
Pagina 95
2 BESCHRIJVING VAN HET APPARAAT
Deze presentatie is alleen bedoeld als informatie over de onderdelen van het apparaat. Onderdelen kunnen afhankelijk van het toestelmodel variëren.
- 1) Deur diepvriesgedeelte
- 2) Thermostaatdoos
- 3) Koelkastschappen
- 4) Deksel van groentelade
- 5) Groentelade
- 6) Flessenrek
- 7) Deurschappen
- 8) IJsblokjesvorm
- 9) Eierrek
* In bepaalde modellen
Algemene opmerkingen:
Vak voor vers voedsel (koelkast): Het meest efficiënte energiegebruik wordt gegarandeerd als de laden onderin het apparaat zijn geplaatst en de schappen gelijkmatig verdeeld zijn. De stand van de deurschappen is niet van invloed op het energieverbruik.
Diepvriesgedeelte (diepvriezer): Het meest efficiënte energiegebruik wordt gegarandeerd als de laden en bakken zich op de bewaarpositie bevinden.
Pagina 96: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 97
3 GEBRUIK VAN HET APPARAAT
Indicator ‘Deur open’;
De indicator ‘Deur open’ op de handgreep geeft aan of de deur juist is gesloten of dat hij open is blijven staan.
Als de indicator rood is, is de deur nog open.
Als de indicator wit is, is de deur juist gesloten.
(afbeeldingen zijn representatief) Indicator ‘Deur open’
De diepvriesdeur moet altijd gesloten worden. Hierdoor wordt voorkomen dat de voedselproducten ontdooien. Zo wordt voorkomen dat er veel ijs en rijp in de vriezer worden gevormd en dat er onnodig veel energie wordt verbruikt.
Pagina 98
3.1 Display en bedieningspaneel
Instelknop Lampafdekking Temperatuuraanduiding temperatuur
Temperatuuraanduiding Instelknop temperatuur
min eco max
snel
of
3.2 Bedienen van uw koelkast
Verlichting (indien beschikbaar)
Als het product voor het eerst op het stopcontact wordt aangesloten, kan de binnenverlichting een vertraging van 1 minuut hebben wat wordt veroorzaakt door openingstests.
3.2.1 Instelknop temperatuur
Met deze knop wordt de temperatuurinstelling van de koelkast ingesteld. Druk op deze knop om de waarden voor het aparte koelgedeelte in te stellen.
3.2.2 Temperatuurinstellingen
- Bij iedere druk op de knop neemt de temperatuurinstelling toe.
- de display van de diepvriesinstellingen en u drukt binnen de opvolgende 3 seconden op geen enkele knop,
Als er zich een vriesvak in de koelkast bevindt.
3.2.3 Snelvriesstand
Wanneer moet deze worden gebruikt?
- Om een grote hoeveelheid voedsel in te vriezen.
- Om kant-en-klaar-maaltijden in te vriezen.
- Om voedsel snel in te vriezen.
- Om seizoensgebonden voedsel lang te bewaren.
Als de koelkast koeler is
3.2.4 Snelkoelstand
Wanneer moet deze worden gebruikt?
- Om een grote hoeveelheid voedsel te koelen.
- Om fastfood te koelen.
- Om voedsel snel te koelen.
- Om seizoensproducten gedurende lange tijd te bewaren.
Hoe te gebruiken?
- Houd de temperatuurinstelknop 5 seconden ingedrukt om de Snelmodus te activeren als deze op MAX staat.
- Alle lichten zullen constant aan staan.
In deze stand:
Als je de instelknop 5 seconden ingedrukt houdt, wordt de Snelmodus uitgeschakeld. De snel stand wordt na maximaal 48u automatisch geannuleerd.
3.2.5 Stand-by
Hoe te activeren?
Houd de instelknop 5 seconden ingedrukt als deze op "Min" staat. Alle leds knipperen drie keer.
Hoe werkt het?
In stand-by; alle componenten worden uitgeschakeld. Als de gebruiker in de standby de instellingsknop indrukt, gaan alle leds driemaal knipperen om aan te geven dat de stand-by actief is.
Hoe te deactiveren?
Druk de instellingsknop net zo lang in totdat de display weer normaal werkt.
3.2.6 Alarmfunctie deur open
Als de deur langer dan 2 minuten open blijft staan, gaat de binnenverlichting (indien aanwezig) knipperen.
NL -98
Pagina 99
3.3 Waarschuwingen 3.4 Accessoires temperatuurinstellingen
Visuele en tekstuele omschrijvingen op
- Uw apparaat is ontworpen om het gedeelte van de accessoires kunnen te werken binnen bereiken van afhankelijk van het model van uw omgevingstemperatuur zoals apparaat variëren.
gespecificeerd in de normen, volgens 3.4.1 IJsblokjesvorm (in bepaalde de klimaatklasse die op het typeplaatje modellen) staat vermeld. Het wordt niet aanbevolen uw koelkast te gebruiken in • Vul de ijsblokjesvorm met water en plaats omgevingen die buiten de aangegeven in het diepvriesgedeelte.
temperatuurbereiken vallen. Dit zal • Nadat het water volledig bevroren is, de koelefficiëntie van het apparaat kunt u de ijsblokjesvorm buigen zoals verminderen. hieronder om de ijsblokjes te verwijderen.
- Temperatuuraanpassingen moeten worden uitgevoerd in overeenstemming met het aantal malen dat de deur wordt geopend, de hoeveelheid voedsel dat in het apparaat wordt bewaard en de 3.4.2 De Vers-knop (in bepaalde omgevingstemperatuur van waar het modellen) apparaat zich bevindt.
(afbeeldingen zijn representatief)
- Als het apparaat voor het eerst wordt ingeschakeld, moet het 24 uur draaien om de werkingstemperatuur te bereiken.
Open de deur tijdens deze periode niet en bewaar er geen grote hoeveelheden voedsel in.
- Er wordt gebruik gemaakt van een vertragingsfunctie van 5 minuten om te voorkomen dat de compressor van uw apparaat beschadigt als u de stekker of van het apparaat in het stopcontact (afbeeldingen zijn representatief) steekt of eruit trekt, of als er zich een stroomstoring voordoet. Uw koelkast zal na 5 minuten normaal gaan werken.
Klimaatklasse en betekenis:
T (tropisch): Dit koelapparaat is bedoeld voor gebruik bij omgevingstemperaturen van 16°C tot 43°C.
ST (subtropisch): Dit koelapparaat is bedoeld voor gebruik bij omgevingstemperaturen van 16°C tot 38°C. Als de groentelade vol is, moet de Vers-N (matig): Dit koelapparaat is bedoeld voor knop op de voorkant van de groentelade gebruik bij omgevingstemperaturen van worden geopend. Hierdoor worden de lucht 16°C tot 32°C. in de groentelade en de vochtigheidsgraad SN (uitgebreid matig): Dit gecontroleerd om de levensduur van de koelapparaat is bedoeld voor gebruik bij levensmiddelen die erin zitten te verhogen. omgevingstemperaturen van 10°C tot 32°C. De knop die zich achter het schap bevindt, moet worden geopend als er condens op het glazen schap wordt waargenomen. NL -99
Pagina 100
4 BEWAREN VAN VOEDSEL
4.1 Koelkastgedeelte
- Om de vochtigheid te verminderen en de rijpvorming die daarmee gepaard gaat te voorkomen, moeten vloeistoffen altijd in de koelkast worden bewaard in afgesloten bakjes. IJsvorming concentreert zich doorgaans in de koudste delen van de verdampende vloeistof en uw apparaat zal met de tijd vaker moeten worden ontdooit.
- Bereide gerechten moeten afgedekt blijven als ze in de koelkast worden bewaard. Plaats geen warm voedsel in de koelkast. Plaats het als het is afgekoeld, anders zal de temperatuur/ vochtigheid in de koelkast toenemen de de efficiëntie van de koelkast verminderen.
- Zorg dat er geen items in direct contact staan met de achterwand van het apparaat. Want dit zorgt voor ijsvorming en de verpakking zal zich hieraan hechten. Open de deuren niet vaak.
- We raden aan vlees en schoongemaakte vis los ingewikkeld te bewaren op het glazen schap net boven de groentelade.
Hier is de lucht koeler en dit biedt de beste bewaarcondities.
- Bewaar los fruit en groenten los in de groentenladen.
- Het afzonderlijk bewaren van fruit en groenten voorkomt dat ethyleengevoelige groenten (groene bladgroente, broccoli, wortel, enz.) worden aangetast door fruit dat ethyleen afgeeft (banaan, perzik, abrikoos, vijg, enz.)
- Plaats geen natte groenten in de koelkast.
- De bewaartijd van alle etenswaar is afhankelijk van de kwaliteit die de etenswaar had toen u het plaatste en de ononderbroken koelcyclus die vooraf ging aan de bewaring in de koelkast.
- Het vocht dat uit vlees lekt kan andere producten in de koelkast besmetten.
U moet vleesproducten verpakken en gelekte vloeistoffen op de schappen schoonmaken.
- Plaats geen etenswaren voor de luchtdoorgang.
- Consumeer verpakte etenswaar voor de aanbevolen vervaldatum.
Laat voedsel niet in contact komen met de temperatuursensor, die zich bevindt in het koelvak, om het koelvak van de optimale temperatuur te voorzien.
- Voor normale werkomstandigheden is het voldoende de temperatuur van uw koelkast in te stellen op +4°C.
- De temperatuur van het koelvak moet zich bevinden tussen de 0 en 8°C, vers voedsel onder de 0°C bevriest en rottende bacteriën vermenigvuldigen zich boven de 8°C en bederven het voedsel.
- Zet heet voedsel niet direct in de koelkast, maar wacht tot het afkoelt. Heet voedsel verhoogt de temperatuur van uw koelkast en kan voedselvergiftiging veroorzaken en uw voedsel onnodig laten bederven.
- Vlees, vis e.d. dient te worden bewaard in het koelervak van voedsel en het groentevak heeft de voorkeur voor groenten (indien aanwezig).
- Om kruisbesmetting te voorkomen, moeten vleesproducten en fruit/groenten niet samen bewaard worden.
- Voedsel dient in gesloten containers of afgedekt in de koelkast te worden geplaatst om vorming van vocht en geuren te voorkomen.
De onderstaande tabel is een snelle gids die de meest efficiënte manier aangeeft hoe het merendeel van de voedselgroepen in uw koelvak te bewaren.
| Etenswaar | Maximale bewaarperiode | Hoe en waar te bewaren |
|---|---|---|
| Groenten en fruit | 1 week | Groentevak |
| Vlees en vis | 2 - 3 dagen | Wikkel in plastic folie, zakjes of in een vleesschaal en bewaar op het glazen schap |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 100)
NL -100
Pagina 101
| Etenswaar | Maximale bewaarperiode | Hoe en waar te bewaren |
|---|---|---|
| Verse kaas | 3 - 4 dagen | In het bestemde deurschap |
| Boter en margarine | 1 week | In het bestemde deurschap |
| Product in fles/pak, zoals melk en yoghurt | Tot de vervaldatum die door de producent wordt aanbevolen | In het bestemde deurschap |
| Eieren | 1 maand | In het bestemde eierrek |
| Bereid voedsel | 2 dagen | Alle schappen |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 101)
OPMERKING:
Geen aardappelen, uien of knoflook in de koelkast bewaren.
4.2 Diepvriesgedeelte
- De vriezer wordt gebruikt voor het bewaren van bevroren voedsel, invriezen van vers voedsel en het maken van ijsblokjes.
- Vloeibaar voedsel moet worden ingevroren in plastic bakjes en ander voedsel moet worden ingevroren in plastic folie of zakken. Voor het invriezen van vers voedsel; wikkel vers voedsel goed afgedicht in, zodat de verpakking luchtdicht is en niet lekt. Speciale vrieszakken, aluminium folie, plastic zakjes en kunststoffen bakken zijn hier ideaal voor.
- Plaats verse levensmiddelen niet tegen reeds ingevroren levensmiddelen, want zo kunnen reeds ingevroren levensmiddelen ontdooien.
- Verdeel het verse voedsel voor het in te vriezen in porties die in een keer geconsumeerd kunnen worden.
- Consumeer ontdooid voedsel binnen korte tijd na ontdooien.
- Volg altijd de instructies van de producent op de verpakking op bij het bewaren van diepvriesvoedsel. Indien geen informatie op de verpakking wordt vermeld, dient u de levensmiddelen niet langer dan 3
maanden vanaf de datum van aankoop te bewaren.
- Zorg er bij de aankoop van diepvriesproducten voor dat deze zijn bewaard onder de geschikte condities en dat de verpakking niet beschadigd is.
- Diepvriesproducten moeten in geschikte bakken worden vervoerd en zo snel mogelijk in de diepvriezer worden geplaatst.
- Koop geen diepvriesproducten waarvan de verpakking tekenen van vocht of abnormale uitzetting vertoont. Deze kunnen mogelijk zijn bewaard bij ongeschikte temperatuur en de inhoud kan bedorven zijn.
- De bewaartijd van ingevroren levensmiddelen is afhankelijk van de kamertemperatuur, de instelling van de thermostaat, hoe vaak de deur wordt geopend, het soort voedsel en de tijd die nodig was om het product van de winkel naar uw huis over te brengen. Volg altijd de instructies die op de verpakking staan afgedrukt en overschrijd nooit de aangegeven maximum bewaartijd.
- Als de deur van de diepvriezer voor een lange tijd open heeft gestaan of niet goed sluit, zal er rijpvorming plaatsvinden die efficiënte luchtcirculatie in de weg staat. Los dit op door de stekker van de diepvriezer uit het stopcontact te trekken en hem te laten ontdooien. Maak de vriezer na volledig te zijn ontdooid schoon.
- De capaciteit van de vriezer die op het etiket wordt vermeld is de capaciteit zonder manden, deksels enz.
- Vries ontdooid voedsel niet opnieuw in. Dit kan uw gezondheid in gevaar brengen en problemen als voedselvergiftiging veroorzaken.
OPMERKING: Als u tracht de deur van de vriezer te openen meteen nadat u deze heeft gesloten, merkt u dat dat niet makkelijk gaat. Dit is normaal. Nadat het evenwicht is teruggekeerd, zal de deur makkelijk opengaan.
Pagina 102
| De onderstaande tabel is een snelle gids het merendeel van de voedselgroepen in | die de meest efficiënte manier aangeeft hoe uw vriesvak te bewaren. | ||
| Vlees en vis | Voorbereiden | Maximale bewaarperiode (maanden) | |
| Biefstuk | In folie wikkelen | 6 - 8 | |
| Lamsvlees | In folie wikkelen | 6 - 8 | |
| Kalfsbraadstuk | In folie wikkelen | 6 - 8 | |
| Kalfsvlees in blokjes | In kleine stukjes | 6 - 8 | |
| Lamsvlees in blokjes | In stukjes | 4 - 8 | |
| Gehakt | Verpakt zonder kruiden | 1 - 3 | |
| Orgaanvlees (in stukjes) | In stukjes | 1 - 3 | |
| Bolognese-worst/salami | Moet worden verpakt zelfs als | er een vel omzit | |
| Kip en kalkoen | In folie wikkelen | 4 - 6 | |
| Gans en eend | In folie wikkelen | 4 - 6 | |
| Hert, konijn, wildzwijn | In porties van 2,5 kg en als | filets | 6 - 8 |
| Zoetwatervis (zalm, karper, meerval) | Ontdoe de vis van de ingewanden was en droog de vis. Verwijder en staart. | en schubben, indien nodig de kop | 2 |
| Magere vis (zeebaars, tarbot, tong) | 4 | ||
| Vette vis (tonijn, makreel, zeeforel, ansjovis) | 2 - 4 | ||
| Schelpdieren | Schoongemaakt en in een zak | 4 - 6 | |
| Kaviaar | In zijn verpakking, in een aluminium | of plastic bakje | 2 - 3 |
| Slakken | In zout water of in een aluminium | of plastic bakje | 3 |
| OPMERKING: Ontdooit vlees dient als vers vlees wordt bereidt, mag het niet opnieuw worden ingevroren. | te worden bereid. Als het vlees na het ontdooien niet | ||
| Groenten en fruit | Voorbereiden | Maximale bewaarperiode (maanden) | |
| Snijbonen en bonen | Gewassen, in kleine stukjes in water | gesneden en gekookt | 10 - 13 |
| Bonen | Gedopt en gekookt in water | 12 | |
| Kool | Gewassen en gekookt in water | 6 - 8 | |
| Wortel | Gewassen, in plakjes gesneden | en gekookt in water | 12 |
| Paprika | Snijd de steel eraf, snijd doormidden zaadlijsten en kook in water | en verwijder de | 8 - 10 |
| Spinazie | Was en kook in water | 6 - 9 | |
| Bloemkool | Haal het blad eraf, snijd het even staan in water met wat | hart in stukjes en laat het citroensap | 10 - 12 |
| Aubergine | Wassen en in stukken van 2 | cm snijden | 10 - 12 |
| Maïs | Was en verpak met steel of | als maïskolf | 12 |
| Appel en peer | Schil en snijd in plakken | 8 - 10 | |
| Abrikoos en perzik | Snijd doormidden en verwijder | de pit | 4 - 6 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 102)
NL -102
Pagina 103
| Groenten en fruit | Voorbereiden | Maximale bewaarperiode (maanden) | |
|---|---|---|---|
| Aardbeien en bosbessen | Wassen en schoonmaken | 8 - 12 | |
| Gekookt fruit | Voeg 10% suiker aan het bakje | toe | 12 |
| Groenten en fruit | Voorbereiden | Maximale bewaarperiode (maanden) | |
| Pruimen, kersen, zure bessen | Wassen en de steeltjes verwijderen | 8 - 12 | |
| Maximale bewaarperiode (maanden) | Ontdooiperiode op kamertemperatuur (in uren) | Ontdooiperiode in oven (in minuten) | |
| Brood | 4 - 6 | 2 - 3 | 4 - 5 (220-225°C) |
| Koekjes | 3 - 6 | 1 - 1,5 | 5 - 8 (190-200°C) |
| Gebak | 1 - 3 | 2 - 3 | 5 - 10 (200-225°C) |
| Taart | 1 - 1,5 | 3 - 4 | 5 - 8 (190-200°C) |
| Filodeeg | 2 - 3 | 1 - 1,5 | 5 - 8 (190-200°C) |
| Pizza | 2 - 3 | 2 - 4 | 15 - 20 (200°C) |
| Zuivelproducten | Voorbereiden | Maximale bewaarperiode (maanden) | Bewaarwijze |
| Pak (homogene) melk | In eigen verpakking | 2 - 3 | Pure melk - in eigen verpakking |
| Kaas, met uitzondering van witte kaas | In plakken | 6 - 8 | Voor lang bewaren moet de oorspronkelijke verpakking worden gebruikt. Voor langere perioden moet het in folie worden gewikkeld. |
| Boter, margarine | In eigen verpakking | 6 | |
| 5 REINIGING EN ONDERHOUD Verwijder de stekker uit het stopcontact voor het reinigen. Giet geen water in en over uw apparaat. Gebruik geen schurende producten, schoonmaakmiddelen of zeep om uw apparaat te reinigen. Na het reinigen afspoelen met schoon water en zorgvuldig drogen. Steek na het reinigen de stekker weer in het stopcontact met droge handen. • Zorg ervoor dat er geen water terechtkomt in de lampbehuizing en andere elektrische onderdelen. | • Het apparaat moet regelmatig gereinigd worden met een oplossing van natriumbicarbonaat en lauw water. • Reinig de accessoires afzonderlijk handmatig met zeep en water. Was de accessoires niet in de vaatwasmachine. De stekker van het apparaat moet tijdens het reinigen uit het stopcontact zijn getrokken. | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 103)