Zanussi ZCK652J1WA, tekst van de handleiding
Pagina's 13–27 van 28 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 13
Oven - Aanwijzingen en tips
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
De temperaturen en baktijden in de tabellen zijn slechts als richtlijn bedoeld. Deze zijn afhankelijk van de recepten en de kwaliteit en de hoeveelheid van de gebruikte ingrediënten.
Algemene informatie
- Het apparaat heeft vier inzetniveaus. Tel de inzetniveaus vanaf de bodem van het apparaat.
- Het apparaat heeft een speciaal systeem dat de lucht circuleert en voor doorlopende recycling van stoom zorgt. Dankzij dit systeem is het mogelijk om voedsel te bereiden in een atmosfeer met stoom en worden de gerechten zacht van binnen en knapperig van buiten. Bovendien worden de bereidingstijd en het energieverbruik tot een minimum beperkt.
- Vocht kan in het apparaat of op de glazen deurpanelen condenseren. Dit is normaal.
Ga altijd iets terug staan van het apparaat als u de deur van het apparaat tijdens de werking opent. Om de condens te verminderen, dient u het apparaat 10 minuten te laten voorverwarmen.
- Veeg na elk gebruik het vocht van het apparaat.
- Plaats geen voorwerpen direct op de bodem van het apparaat en bedek de bodem tijdens de bereiding niet met aluminiumfolie. Dit kan de bakresultaten veranderen en de emaillelaag beschadigen.
Bakken
- Het kan gebeuren dat uw oven anders bakt of braadt dan het apparaat dat u vroeger had. Pas de instellingen (temperatuur, kooktijden) en de rekstand die u gewoon was aan volgens de waarden in de tabellen.
- De fabrikant raadt u aan de eerste keer een lagere temperatuur in te stellen.
- Als u geen concrete aanwijzingen kunt vinden voor een speciaal recept, kijkt u bij een soortgelijk product.
- Bij het bereiden van cake op meerdere niveaus kan de baktijd ca. 10 - 15 minuten langer zijn.
- Als het gebak niet overal even hoog is, wordt het gebak in het begin van het bakproces niet overal even bruin. Verander in dit geval de temperatuurinstelling niet. De verschillen verminderen tijdens het bakproces.
- Bij langere baktijden kunt u de oven ca. 10 minuten voor het einde van de baktijd uitschakelen en profiteren van de restwarmte.
Wanneer u bevroren gerechten gebruikt, kunnen de bakplaten in de oven tijdens het bakken vervormen. Wanneer de bakplaten afkoelen, verdwijnt de vervorming.
Voor de bereiding van gebak
- De ovendeur mag pas worden geopend als driekwart van de baktijd is verstreken.
- Als u twee bakplaten tegelijkertijd gebruikt, dient u één niveau ertussen leeg te laten.
Voor de bereiding van vlees en vis
- Gebruik een diepe bak voor erg vet voedsel om te oven te behoeden voor blijvende vetvlekken.
- Laat het vlees ongeveer 15 minuten rusten voordat u het aansnijdt, zodat het vleessap er niet uit stroomt.
- Om te veel rook tijdens het braden in de oven te vermijden, kunt u een beetje water in de lekbak gieten. Om rook te vermijden, voegt u water toe wanneer het is opgedroogd.
Bereidingstijden
De bereidingsduur is afhankelijk van het soort voedsel, de samenstelling en het volume.
Houd in eerste instantie het bereidingsproces in de gaten. Zoek bij het gebruik van dit apparaat de beste instellingen (temperatuur, bereidingsduur, etc.) voor uw kookgerei, recepten en hoeveelheden.
Pagina 14
Boven + onderwarmte
| Gerecht | Gewicht (g) | Temperatuur (°C) | Tijd (min) | Roosterhoogte | Accessoires |
|---|---|---|---|---|---|
| Deegreepjes voor 250 150 25 - 30 3 bakblik op vlaaien/taarten | |||||
| Platte cake ¹) 1000 160 - 170 30 - 35 2 bakblik | |||||
| Koffiebroodjes met 2000 170 - 190 40 - 50 3 bakblik appel en gist | |||||
| Appeltaart ²) 1200 + 1200 180 - 200 50 - 60 1 2 ronde aluminium bakplaten (diameter: 20 cm) | |||||
| Kleine cakejes ¹) 500 160 - 170 25 - 30 2 bakblik | |||||
| Biscuittaart zonder 350 160 - 170 25 - 30 1 1 ronde aluminium vet ¹) bakplaat (diameter: 26 cm) | |||||
| Pannenkoek 1500 160 - 170 45 - 55 ³) 2 bakblik | |||||
| Hele kip | 1350 | 200 - 220 | 60 - 70 | 2 rooster | |
| 1 bakblik | |||||
| Halve kip | 1300 | 190 - 210 | 35 + 30 | 3 rooster | |
| 1 bakblik | |||||
| Gebraden varkens- | 600 | 190 - 210 | 30 - 35 | 3 Bakrooster | |
| kotelet | 1 bakblik | ||||
| Broodtaart ⁴) 800 230 - 250 10 - 15 2 bakblik | |||||
| Gevulde gistcake 1200 170 - 180 25 - 35 2 bakblik 5) | |||||
| Pizza 1000 200 - 220 25 - 35 2 bakblik | |||||
| Kwarktaart 2600 170 - 190 60 - 70 2 bakblik | |||||
| Zwitserse appelflan 1900 200 - 220 30 - 40 1 bakblik 5) | |||||
| Kerstcake ⁵) 2400 170 - 180 55 - 65 ⁶) 2 bakblik | |||||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)
| Quiche Lorraine ⁵) | 1000 | 220 - 230 | 40 - 50 | 1 | 1 ronde aluminium bakplaat (diameter: 26 cm) |
| 14 | www.zanussi.com |
Pagina's 15–16: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 17
| Gerecht | Gewicht (g) | Temperatuur (°C) | Tijd (min) | Roosterhoogte | Accessoires |
|---|---|---|---|---|---|
| Gistbroodjes ¹) 800 190 15 3 bakblik | |||||
| Gistbroodjes ⁵) 800 + 800 190 15 1 + 3 bakblik | |||||
| Opgerolde cake 500 150 - 160 15 - 20 3 bakblik met jam ¹) | |||||
| Schuimpjes 400 110 - 120 30 - 40 2 bakblik | |||||
| Schuimpjes 400 + 400 110 - 120 45 - 55 1 + 3 bakblik | |||||
| Kruimeltaart 1500 160 - 170 25 - 35 3 bakblik | |||||
| Biscuitgebak ¹) 600 150 - 160 25 - 35 2 bakblik | |||||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
| Botertaart ¹) 600 + 600 160 - 170 25 - 35 1) Verwarm de oven 10 minuten voor. 2) Nadat u het apparaat hebt uitgeschakeld, laat u de cake nog 7 minuten in de oven. 3) Verwarm de oven 10-15 minuten voor. 4) Stel de temperatuur in op 250 °C en warm de oven 10-20 minuten voor. 5) Verwarm de oven 15 minuten voor. Licht koken | 1 + 3 | bakblik Accessoires | |
| Gerecht Gewicht (g) Tempera- Tijd (min) tuur (°C) | Roosterhoogte | ||
| Deegreepjes ¹) 250 150 - 160 20 - 25 Platte cake ¹) 500 160 - 170 35 - 40 Pizza ¹) 1000 200 - 210 30 - 40 Opgerolde cake 500 160 - 170 20 - 30 met jam ¹) Meringue ²) 400 110 - 120 50 - 60 Biscuitgebak ¹) 600 160 - 170 25 - 30 Botercake ¹) 600 160 - 170 25 - 30 Hele kip 1200 220 - 230 45 - 55 1) Stel de temperatuur in op 250 °C en warm de oven 20 minuten voor. 2) Stel de temperatuur in op 250 °C en warm de oven 10 minuten voor. | 2 2 2 2 2 2 2 2 1 | bakblik bakblik bakblik bakblik bakblik bakblik bakblik rooster bakblik | |
Pagina 18
Pizza hetelucht
Als u pizza maakt, verkrijgt u de beste resultaten door de bedieningsknop van de oven naar de stand Pizza te draaien.
Oven - Onderhoud en reiniging
1 WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
Opmerkingen over schoonmaken
- Maak de voorkant van het apparaat schoon met een zachte doek en een warm sopje.
- Gebruik voor metalen oppervlakken een specifiek reinigingsmiddel.
- Reinig de binnenkant van het apparaat na elk gebruik. Vetophoping of andere voedingsresten kunnen brand veroorzaken.
- Verwijder hardnekkig vuil met een speciale ovenreiniger.
- Reinig alle accessoires na elk gebruik en laat ze drogen. Gebruik een zachte doek met een warm sopje en een reinigingsmiddel.
- Toebehoren met antiaanbaklaag mogen niet worden schoongemaakt met een agressief reinigingsmiddel, voorwerpen met scherpe randen of een afwasautomaat. Dit kan de antiaanbaklaag beschadigen.
Apparaten van roestvrij staal of aluminium
Maak de ovendeur alleen met een vochtige doek of natte spons schoon. Droog maken met een zachte doek.
Vermijd het gebruik van staalwol, zure of schurende producten, deze kunnen de oppervlakken van de oven beschadigen. Maak het bedieningspaneel van de oven net zo voorzichtig schoon.
De ovendeur reinigen
De ovendeur heeft twee glazen panelen. U kunt de ovendeur en interne glasplaat verwijderen om ze te reinigen.
De ovendeur kan dichtslaan als u de interne glasplaat probeert te verwijderen als de deur nog gemonteerd is.
LET OP!
Gebruik het apparaat nooit zonder de interne glasplaat.
Open de deur 2 Til de hendels op de volledig en houd de twee scharnieren twee deurscharnieren omhoog en draai ze. vast.
Sluit de ovendeur 4 Leg de deur op een halverwege tot de zachte doek op een eerste stabiele ondergrond. openingsstand. Trek hem daarna naar voren en haal hem uit zijn zitting.
3
Pagina 19
90°
5 Ontgrendel het 6 Draai de twee vergrendelingssystee bevestigingen 90° en m om de interne verwijder ze uit hun glasplaat te houders.
verwijderen.
7 De glasplaat voorzichtig optillen en verwijderen.
Reinig de glasplaat met een sopje. Droog de glasplaat voorzichtig af.
Als u ze gereinigd hebt, monteer dan de glasplaat en de ovendeur. Voer bovenstaande stappen uit in de omgekeerde volgorde.
De bedrukte zone moet naar de binnenkant van de deur gericht zijn. Zorg ervoor dat het oppervlak van de glasplaat op de bedrukte zijde na de installatie niet ruw aanvoelt.
Zorg ervoor dat u de interne glasplaat correct in de uitsparingen plaatst.
De lade verwijderen
WAARSCHUWING!
Bewaar geen ontvlambare dingen in de lade (bijv. schoonmaakmiddelen, plastic zakken, ovenhandschoenen, papier, reinigingssprays, enz). Als u de oven gebruikt, kan de lade heet worden. Er kan brand ontstaan.
De lade onder de oven kan worden verwijderd om gemakkelijker te worden schoongemaakt.
- 1. Trek de lade volledig naar buiten, tot deze niet verder kan.
- 2. Til de lade langzaam op.
- 3. Trek de lade volledig uit.
Voer de bovenstaande stappen in omgekeerde volgorde uit om de lade te installeren.
Het lampje vervangen
Leg een doek op de bodem van de binnenkant van het apparaat. Dit voorkomt schade aan het afdekglas en de ovenruimte.
WAARSCHUWING!
Gevaar voor elektrocutie! Maak de zekering los voordat u de lamp vervangt.
De lamp en het afdekglas kunnen heet zijn.
- 1. Schakel het apparaat uit.
- 2. Verwijder de zekeringen in de zekeringenkast, of schakel de stroomonderbreker uit.
Het achterste lampje
- 1. Draai het afdekglas van de lamp naar rechts en verwijder het.
- 2. Reinig het afdekglas.
- 3. Vervang de lamp door een geschikte 300 °C hittebestendige lamp.
- 4. Plaats het afdekglas terug.
Pagina 20
Probleemoplossing
| WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. Problemen oplossen | ||
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
Er is geen vonk als u de vonkge- De kookplaat is niet aangesloten Controleer of de kookplaat goed
| nerator tracht te activeren. | op een stopcontact of is niet is aangesloten op het elektrici-goed geïnstalleerd. teitsnet. Raadpleeg het aansluitingsschema. |
| Er is geen vonk als u de vonkgenerator tracht te activeren. | De zekering is doorgeslagen. Controleer of de zekering de oorzaak van de storing is. Als de zekeringen keer op keer doorslaan, neemt u contact op met een erkende installateur. |
| Er is geen vonk als u de vonkgenerator tracht te activeren. | De branderdeksel en kroon zitten Plaats de branderdeksel en kroon niet goed op hun plaats. op de juiste plaats. |
| De vlam gaat uit onmiddellijk na de ontsteking. | Het thermokoppel is niet vol- Na het ontsteken van de vlam de doende opgewarmd. knop circa 10 sec. ingedrukt houden |
| De vlammenring is niet gelijkmatig. | De branderkroon is verstopt met Controleer of de inspuiter niet etensresten. verstopt is en of de branderkroon schoon is. |
| De branders werken niet. | Er is geen gastoevoer. Controleer de gasaansluiting. |
| De vlamkleur is oranje of geel. | De vlam kan op bepaalde plaatsen van de brander oranje of geel zijn. Dit is normaal. |
| Het lampje brandt niet. | Het lampje is stuk. Vervang het lampje. |
| Stoom en condens slaan neer op de gerechten en in de ovenruimte. | Het gerecht heeft te lang in de Laat gerechten na het bereiden oven gestaan. niet langer dan 15 - 20 minuten in de oven staan. |
| De oven wordt niet warm. | De benodigde kookstanden zijn Zorg ervoor dat de instellingen niet ingesteld. juist zijn. |
| De bereiding van de gerechten duurt te lang of de gerechten worden te snel gaar. | De temperatuur is te laag of te Pas indien nodig de temperatuur hoog. aan. Volg het advies in de handleiding op. |
| Onderhoudgegevens De contactgegevens van het servicecentrum staan op het typeplaatje. Het typeplaatje bevindt Als u niet zelf het probleem kunt verhelpen, zich voor aan de binnenkant van het apparaat. neem dan contact op met uw verkoper of de Verwijder het typeplaatje niet uit de ovenruimte. serviceafdeling. | |
| 20 | www.zanussi.com |
Pagina 21
Wij adviseren u om de gegevens hier te noteren:
| Model (MOD.) | ......................................... |
|---|---|
| Productnummer (PNC) | ......................................... |
| Serienummer (S.N.) | ......................................... |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
Montage
| WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. Locatie van het apparaat U kunt uw vrijstaand apparaat met kasten aan een of twee zijden en in de hoek plaatsen. Houd een afstand van ongeveer 1 cm tussen het apparaat en de achterwand zodat de deksel open kan. Zie voor minimale afstanden de tabel. B C | Minimum afstanden | |
| Afmetingen | mm | |
| A | 400 | |
| B | 650 | |
| C Technische gegevens Spanning | 150 230 V | |
| Frequentie | 50 Hz | |
| Apparaatklasse | 1 | |
| Afmetingen | mm | |
| In hoogte | 857 | |
| Breedte | 600 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
A Diepte 600
Overige technische gegevens
| Categorie apparaat: | II2L3B/P |
|---|---|
| Gas origineel: | G25 (2L) 25 mbar |
| Gasvervanging: | G30/G31 (3B/P) 30/30 mbar |
Pagina 22
Bypassdiameters
| BRANDER | Ø BYPASS¹) 1/100 mm |
|---|---|
| Sudderbrander 29 / 30 | |
| Normale brander 32 | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
| Driekronenbrander 67 1) Type bypass is afhankelijk van het model. Gasbranders voor AARDGAS G25 25 mbar | INSPUITERMARKE-RING 1/100 mm |
| BRANDER NORMAAL VER- BEPERKT VERMOGEN MOGEN kW ¹) kW ¹) | |
| Driekronenbrander 3.8 1.7 Normale brander 1.85 0.43 Sudderbrander 0.95 0.35 1) Type bypass is afhankelijk van het model. | 147 100 70 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
| Gasbranders voor LPG G30 30 | mbar | ||
|---|---|---|---|
| BRANDER NORMAAL VERMOGEN kW | BEPERKT VER-MOGEN kW | INSPUITER-MARKERING 1/100 mm | NOMINALE GAS-STROMING g/h |
| Driekronen- 4.0 brander Normale bran- 2.0 der Sudderbrander 1.0 | 1.80 0.43 0.35 | 101 71 50 | 291 145 73 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
| Gasbranders voor LPG G31 30 mbar | ||
|---|---|---|
| BRANDER NORMAAL BEPERKT VER-VERMOGEN MOGEN kW ¹) kW ¹) | INSPUITER-MARKERING 1/100 mm | NOMINALE GAS-STROMING g/h |
| Driekronen- 3.5 1.6 brander Normale bran- 1.7 0.38 der Sudderbrander 0.85 0.31 1) Type bypass is afhankelijk van het model. | 101 71 50 | 250 121 61 |
Pagina 23
Gasaansluiting
WAARSCHUWING!
De volgende instructies over de installatie en het onderhoud moeten opgevolgd worden door vakkundig personeel in overeenstemming met de geldende voorschriften.
Gebruik vaste aansluitingen of een flexibele leiding van roestvrij staal, in overeenstemming met de voorschriften die van kracht zijn. Als u flexibele metalen leidingen gebruikt, moet u opletten dat deze niet in aanraking komen met bewegende onderdelen, of dat ze niet vastgeklemd worden.
De verbinding moet worden aangelegd in overeenstemming met NEN 1078.
Controleer of de gastoevoerdruk van het apparaat voldoet aan de aanbevolen waarden. De verstelbare aansluiting wordt op de uitbreidingsbrug bevestigd met behulp van een schroefdraadmoer G 1/2" (NEN 3258). Schroef de onderdelen vast zonder kracht, stel de verbinding in de nodige richting af en draai alles vast.
WAARSCHUWING!
De gasleiding mag het deel van het apparaat niet raken zoals getoond in de afbeelding.
Aansluiting van flexibele niet-metalen leidingen
Als u eenvoudig toegang heeft tot de aansluiting, dan kunt u een flexibele leiding gebruiken. De flexibele leiding moet goed worden aangespannen door klemmen.
Gebruik bij montage altijd de leidinghouder en de pakking. De flexibele pijp is correct als:
- ze niet meer kan worden opgewarmd dan kamertemperatuur, hoger dan 30 °C;
- niet langer is dan 1.500 mm;
- nergens nauw is;
- niet gedraaid is;
- niet in aanraking komt met scherpe randen of hoeken;
- de staat eenvoudig kan worden gecontroleerd.
Zorg er bij het controleren van de flexibele pijp voor dat:
- de leiding geen barsten, sneden, vlekken of brandsporen vertoont op de twee uiteinden en over de volledige lengte;
- het materiaal niet gehard is, maar de juiste elasticiteit vertoont;
- de bevestigingsklemmen niet verroest zijn;
- de vervaldatum niet is verstreken.
Als er één of meerdere defecten waarneembaar zijn, mag de leiding niet worden gerepareerd, maar moet deze worden vervangen.
WAARSCHUWING!
Controleer waneer de installatie is voltooid of elke leidingfitting goed is afgedicht. Gebruik een zeepoplossing, geen vlam.
De gastoevoer bevindt zich aan de achterkant van het bedieningspaneel.
WAARSCHUWING!
Trek voordat u het gas aansluit eerst de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering uit.Sluit de primaire klep van de gastoevoer.
Aanpassing aan verschillende types gas
Alleen bevoegde personen mogen de afstelling aan verschillende types gas uitvoeren.
Als het apparaat is ingesteld voor aardgas, dan kunt u dit met de geschikte injectors wijzigen naar vloeibaar gas.
De hoeveelheid gas wordt aangepast.
Pagina 24
WAARSCHUWING!
Voordat u de injectors vervangt, moet u ervoor zorgen dat de gasknoppen zich in de UIT-stand bevinden. Trek de stekker uit het stopcontact. Laat het apparaat afkoelen. U kunt letsel oplopen.
Het apparaat is ingesteld op standaardgas. Om de instelling te wijzigen moet u altijd de afdichtpakking gebruiken.
A. Uiteinde van as met moer
B. Pakking
C. Elleboog (indien nodig)
Vervangen van kookplaatinjectors
Vervang de injectors wanneer u het gastype wijzigt.
- 1. Verwijder de pannendrager.
- 2. Verwijder de branderkappen en -kronen.
- 3. Maak de injectors los met een sleutel van 7 mm en verwijder deze.
- 4. Vervang ze door de injectors die nodig zijn voor het type gas dat u gebruikt.
- 5. Vervang het typeplaatje (naast de gastoevoerleiding) door het plaatje voor het nieuwe type gastoevoer.
U kunt het plaatje vinden in de zak die bij het apparaat geleverd is.
Als de druk van de gastoevoer niet constant is of verschilt van de vereiste druk, moet u een
geschikte drukregelaar op de gastoevoerleiding monteren.
Aanpassen van de minimale gasstand op de fornuisbrander
- 1. Haal de stekker uit het stopcontact.
- 2. Verwijder de knop voor de kookplaat.
Demonteer als de bypass-schroef niet toegankelijk is eerst het bedieningspaneel voor de afstelling.
- 3. Stel de stand van de bypass-schroef A af met een dunne en platte schroevendraaier.
Het model bepaalt de positie van de bypass-schroef A.
Omzetten van aardgas naar vloeibaar gas
- 1. Draai de bypass-schroef volledig vast.
- 2. Doe de knop terug.
Omzetten van vloeibaar gas naar aardgas
- 1. Draai de stand van de bypass-schroef A één draai los.
- 2. Plaats de knop voor de kookplaat terug.
- 3. Sluit het apparaat aan op het stopcontact.
WAARSCHUWING!
Steek de stekker pas in het stopcontact wanneer alle onderdelen terug op hun oorspronkelijke plaats zitten. U kunt letsel oplopen.
- 4. Steek de brander aan.
Raadpleeg het hoofdstuk 'Kookplaat - Dagelijks gebruik'.
- 5. Draai de knop voor de kookplaat naar een laagste stand.
- 6. Verwijder de knop voor de kookplaat weer.
- 7. Draai de bypass-schroef langzaam vast tot de vlam klein en stabiel wordt.
- 8. Plaats de knop voor de kookplaat weer terug.
Pagina 25
Het apparaat waterpas zetten
Gebruik kleine pootjes aan de onderkant van het apparaat om het kookoppervlak aan de bovenkant waterpas met andere oppervlakken te brengen.
Anti-kantelbescherming
Stel de correcte hoogte in en bepaal waar op het apparaat u de anti-kantelbescherming gaat plaatsen.
LET OP!
Zorg dat u de antikantelbescherming op de correcte hoogte installeert.
Zorg ervoor dat het oppervlak achter het apparaat glad is.
U moet de anti-kantelbescherming installeren. Als u dat niet doet, kan het apparaat kantelen.
Uw apparaat is voorzien van het symbool weergegeven in de afbeelding (indien van toepassing) om u te herinneren aan de montage van de anti-kantelbescherming.
- 1. Installeer de anti-kantelbescherming 232-237 mm onder het bovenvlak van het apparaat en 110-115 mm van de zijkant van het apparaat in de ronde opening op een steun. Schroef de beveiliging stevig in solide materiaal of gebruik geschikte versteviging (muur).
110-115 mm
232- 237 mm
- 2. U vindt het gat aan de linkerachterkant van het apparaat. Til de voorkant van het apparaat op en plaats dit in het midden van de ruimte tussen de kastjes. Als de afstand tussen de aanrechtkastjes groter is dan de breedte van het apparaat, moet u de zijmaten aanpassen als u het apparaat wilt centreren.
Als u de afmetingen van het fornuis hebt gewijzigd, dan moet u de antikantelbescherming correct uitlijnen.
LET OP!
Als de afstand tussen de aanrechtkastjes groter is dan de breedte van het apparaat, moet u de zijmaten aanpassen als u het apparaat wilt centreren.
Elektrische installatie
WAARSCHUWING!
De fabrikant is niet verantwoordelijk indien u deze veiligheidsmaatregelen uit hoofdstuk 'Veiligheidsinformatie' niet opvolgt.
Dit apparaat wordt geleverd met stekker en netsnoer.
WAARSCHUWING!
De stroomkabel mag het onderdeel van het apparaat dat getoond wordt in de illustratie niet raken.
Pagina 26
Energiezuinigheid
Productinformatie voor kookplaat volgens EU-richtlijn 66/2014
Modelidentificatie ZCK652J1WA
| Type kooktoestel Kookplaat in vrijstaand fornuis | ||
| Aantal gasbran- 4 ders | ||
| Energiezuinigheid | Linksachter - Sudderbrander | niet van toepassing |
| per gasbrander (EE gas burner) | Rechtsachter - Normale brander | 55.0% |
| Rechtsvoor - Normale brander | 55.0% | |
| Linksvoor - Driekronenbrander | 52.5% | |
| Energie-efficiëntie voor de gaskookplaat (EE gas hob) | 54.2% | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
EN 30-2-1: Huishoudelijke kooktoestellen op gas - Deel 2-1 : Energieverbruik - Algemeen
Kookplaat - Energiebesparing
U kunt elke dag energie besparen tijdens het koken door de onderstaande tips te volgen.
- Warm alleen de hoeveelheid water op die u nodig heeft.
- Doe indien mogelijk altijd een deksel op de pan.
- Zorg er voor gebruik voor dat de branders en pannendragers goed worden geplaatst.
- De bodem van het kookgerei moet de juiste diameter hebben voor de brandermaat.
- Zet het kookgerei meteen op de brander en in het midden.
- Wanneer de vloeistof begint te koken, draait u de vlam omlaag, totdat de vloeistof zachtjes pruttelt.
- Gebruik indien mogelijk een hogedrukpan.
Zie de gebruikshandleiding van de hogedrukpan.
Productkaart en informatie voor ovens volgens EU 65-66/2014
| Naam leverancier | Zanussi |
|---|---|
| Modelidentificatie | ZCK652J1WA |
| Energie-efficiëntie Index | 97.4 |
| Energie-efficiëntieklasse | A |
| Energieverbruik bij een standaardbelasting, stand boven + onderwarmte | 0,84 kWh/cyclus |
Pagina 27
| Energieverbruik bij een standaardbelasting, stand hetelucht | 0,76 kWh/cyclus |
| Aantal ruimten | 1 |
| Warmtebron | Electriciteit |
| Volume | 54 l |
| Soort oven | Oven in vrijstaand fornuis |
| Massa | 44.0 kg |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
EN 60350-1 - Elektrische huishoudelijke kookapparaten - deel 1: Range-ovens, ovens, stoomovens en grills - Methoden voor prestatiemeting.
Oven - Energie besparen
Dit apparaat bevat functies die u helpen energie te besparen tijdens het dagelijks koken.
Algemene tips
Zorg ervoor dat de ovendeur goed is gesloten als het apparaat werkt en houd de deur tijdens de bereiding zo veel mogelijk gesloten.
Gebruik metalen schalen om meer energie te besparen.
Indien mogelijk de oven niet voorverwarmen voordat u er voedsel in plaatst.
Verlaag bij een bereidingsduur langer dan 30 minuten de oventemperatuur met minimaal 3 - 10 minuten, afhankelijk van de bereidingsduur voordat de kooktijd verstrijkt. De restwarmte in de oven zorgt ervoor dat het gerecht wordt voltooid.
U kunt de restwarmte gebruiken om andere maaltijden op te warmen.
Bereiding met hete lucht
Gebruik indien mogelijk de bereidingsfuncties met hete lucht om energie te besparen.
Eten warm houden
Kies de laagst mogelijke temperatuurinstelling om de restwarmte te gebruiken en een maaltijd warm te houden.
MILIEUBESCHERMING
Recycle de materialen met het symbool . Gooi de verpakking in een geschikte verzamelcontainer om het te recyclen. Help om het milieu en de volksgezondheid te beschermen en recycle het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi apparaten
gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.