naslaan.comZoekenAlle merken

Zanussi ZDT425, tekst van de handleiding

Pagina's 2–14 van 20 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← begin van de handleidingverder op pagina 15 →

Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 2

Inhoud

Waarschuwingen en belangrijke adviezen

Afdanken

Economisch en milieubewust afwassen

Installatie

Inbouw-aanwijzingen

De afwasmachine waterpas zetten Bevestigen aan aangrenzende keukenmeubelen Watertoevoer

Toevoerslang met veiligheidsklep

Waterafvoer

Elektrische aansluiting

Beschrijving van het apparaat

Het bedieningspaneel

Geluidssignalen

Voordat u de machine in gebruik neemt

Waterontharder

Zoutreservoir vullen

Glansmiddelreservoir vullen

Dagelijks gebruik

Plaatsing van het serviesgoed en het bestek Gebruik van de onderste korf

Bestekmandje

Gebruik van de bovenste korf

Hoogteregeling bovenste korf

Afwasmiddel

Verschillende soorten afwasmiddel

Programma-overzicht

Een afwasprogramma starten

Onderhoud

Schoonmaken van de zeven

Als de machine langere tijd buiten gebruik is Bescherming tegen vorst

Vervoeren van de machine

Wat is er aan de hand, als...

Service en onderdelen

Toelichtingen voor testinstituten

Technische gegevens

AfmetingenBreedte
Hoogte
Maximale diepte
Maximale diepte bij open deur
59.6 cm 81.8 - 87.8 cm 55.5 cm 114 cm
Elektrische aansluiting: Netspanning/frequentie Aansluitwaarde
Zekering
De nominale aansluitgegevens staan op het typeplaatje aan de binnenkant van de deur.
WaterdrukMinimum Maximum50 kPa (0.5 bar) 800 kPa (8 bar)
Capaciteit12 couverts

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 2)

Dit apparaat voldoet aan de volgende EU-richtlijnen:

- 73/23/EG van 19/02/73 (Laagspanning) en daaropvolgende wijzigingen; - 89/336/EG van 03/05/89 (Elektromagnetische compatibiliteit) en daaropvolgende wijzigingen.

Pagina 3

Waarschuwingen en belangrijke adviezen

Het is uiterst belangrijk dat het bij het apparaat behorende instructieboekje bewaard blijft. Zou het apparaat door u aan iemand anders gegeven of verkocht worden, of zou het apparaat in het huis van waaruit u verhuist achterblijven, dan dient de nieuwe gebruik(st)er over het instructieboekje en de daarin opgenomen waarschuwingen te kunnen beschikken. Deze waarschuwingen zijn bedoeld voor uw en andermans veiligheid. U wordt geacht ze gelezen te hebben, alvorens u het apparaat installeert en/of in gebruik neemt.

Installatie

G Indien u tijdens de aflevering een schade aan het apparaat hebt vastgesteld, meldt u dit dan, voor u het apparaat installeert en/of in gebruik neemt, direct aan uw leverancier. G Het is gevaarlijk om, in welke vorm dan ook, dit apparaat of de eigenschappen daarvan te veranderen.

G Overtuig u ervan dat na de installatie of het verplaatsen het apparaat niet op het aansluitsnoer staat.

G Een eventueel noodzakelijke wijziging aan de elektrische huisinstallatie ten behoeve van de installatie van dit apparaat, mag uitsluitend door een daartoe bevoegd persoon uitgevoerd worden.

G Een eventueel noodzakelijke wijziging van de watertoe- en/of afvoervoorzieningen ten behoeve van de installatie van dit apparaat, mag uitsluitend door een daartoe bevoegd persoon uitgevoerd worden.

G Indien het installatievoorschrift aangeeft dat het apparaat aan het keukenmeubel moet worden vastgeschroefd dan moet u zich daaraan houden om te voorkomen dat het voorover kiept als de beladen onderkorf op de deur staat.

Veiligheid van kinderen

G Dit apparaat is bedoeld en gemaakt voor het gebruik door volwassenen. Het is gevaarlijk om kinderen het apparaat te laten bedienen of als speelgoed te laten gebruiken. G Houd alle verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen. G Houd afwasmiddel, glansmiddel en speciaal zout uit de buurt van kinderen.

G Drink nooit het water dat zich in de afwasautomaat bevindt. Restjes afwasmiddel kunnen in de machine achterblijven. Zorg ervoor dat deze restjes nooit in aanraking komen met uw huid en dat ze nooit ingeslikt worden, hetgeen verstikking tot gevolg zou kunnen hebben. Houd dus kinderen uit de buurt van het apparaat, wanneer de deur openstaat.

Tijdens het gebruik

G De afwasautomaat is bedoeld en gemaakt voor het afwassen van huishoudelijk kook-, eet- en drinkgerei. Voorwerpen die bevuild zijn met verf, chemicaliën, agressieve zuren en dergelijke, mogen niet in de afwasautomaat.

G Tenzij de gebruiksaanwijzing anders vermeldt,mag tijdens het in werking zijn de vuldeur niet geopend worden; mocht dat onverhoopt toch gebeuren, schakel het apparaat dan voortijds geheel uit, eventueel door de stekker uit het stopcontact te trekken.

G Gebruik alleen speciale afwasmiddelen voor huishoudafwasmachines.

G Let erop dat de machinedeur, behalve bij vullen en leeghalen, altijd dicht is. Zo voorkomt u dat iemand over de open deur struikelt en zich bezeert.

G Ga niet op de open deur zitten of staan.

G Schakel, tenzij de gebruiksaanwijzing anders aangeeft, het apparaat na gebruik volledig uit en draai de watertoevoerkraan dicht. Het verdient aanbeveling om het apparaat door middel van een tegen barsten beveiligde toevoerslang op de waterkraan aan te sluiten. Een stijve polyethyleen slang is barstbestendig.

G Wees voorzichtig bij het schoonmaken van de binnenkant van de machine. U zou zich kunnen bezeren aan uitstekende metalen delen.

G Tracht in geval van een storing of defect, dit apparaat niet zelf te repareren. Reparaties die door niet deskundige personen uitgevoerd worden, kunnen tot schade of letsel leiden.

Afdanken

Tijdens het transport moeten onze afwasmachines goed beschermd worden, hoewel we proberen zo weinig mogelijk verpakkingsmateriaal te gebruiken.

Al het verpakkingsmateriaal is milieuvriendelijk en kan hergebruikt worden. De kartonnen delen zijn gemaakt van kringlooppapier en de houten delen hebben geen specciale behandelingen ondergaan.

De kunststoffen dragen de volgende aanduidingen: >PE< voor polyethyleen; bijv. de verpakkingsvellen. >PS< voor polystyreen; bijv. de vulstukken (voornamelijk CFK-vrij).

>POM< voor polyoximethyleen; bijv. de plastic klemmen.

Recycling en hergebruik van het verpakkingsmateriaal betekent een besparing van grondstoffen en minder afval. Breng het verpakkingsmateriaal naar de speciaal daartoe ingestelde verzamelpunten.

Informeer bij de gemeente naar de adressen van de verzamelpunten.

Wanneer u uw oude apparaat wilt afdanken, dient u het vóór u het wegdoet onbruikbaar te maken.

Let op! Kinderen kunnen zich al spelend in de afwasmachine opsluiten en daar door verstikking om het leven komen. Verwijder stekker en aansluitsnoer en maak de sluiting van de deur onbruikbaar, zodat kinderen er zich niet in kunnen opsluiten.

Informeer bij uw gemeente naar de mogelijkheden voor verwerking van uw oude apparaat.

Het symbool op het product of op de verpakking wijst erop dat dit product niet als huishoudafval mag worden behandeld. Het moet echter naar een plaats worden gebracht waar elektrische en elektronische apparatuur wordt gerecycled. Als u ervoor zorgt dat dit product op de correcte manier wordt verwijderd, voorkomt u mogelijk voor mens en milieu negatieve gevolgen die zich zouden kunnen voordoen in geval van verkeerde afvalbehandeling. Voor meer details in verband met het recyclen van dit product, neemt u het best contact op met de gemeentelijke instanties, het bedrijf of de dienst belast met de verwijdering van huishoudafval of de winkel waar u het product hebt gekocht.

Economisch en milieubewust afwassen

G Stel de waterontharder correct in.

G Spoel het servies niet onder stromend water af.

G Kies een programma aan de hand van soort servies en mate van verontreiniging.

G Doseer niet meer reinigingsmiddel, speciaal zout en glansmiddel dan door de fabrikant van deze middelen en in deze gebruiksaanwijzing wordt aangegeven.

3

Pagina 4

Installatie

Waarschuwing!

Het apparaat mag alleen door een erkend elektroinstallateur worden aangesloten.

Verwijder alle verpakkingsonderdelen alvorens de machine te plaatsen.

Plaats de machine, indien mogelijk, zo dicht mogelijk bij aansluitingen voor de watertoe- en afvoer.

Inbouw-aanwijzingen

Deze afwasautomaat is bestemd voor inbouw.

Attentie!

Volg bij de montage van het paneel aan de deur en de inbouw van de afwasautomaat de instructies op het meegeleverde boorsjabloon.

De inbouwnis hoeft niet van ventilatie-openingen voorzien te worden. Indien de nis van een achterwand voorzien is, dan is het voldoende om openingen te maken voor het aansluitsnoer, de toevoerslang en de afvoerslang.

De stelvoetjes met een groot regelbereik bieden de mogelijkheid de hoogte van de machine te regelen.

Alle ingrepen waarbij inwendige componenten toegankelijk zijn, moeten worden uitgevoerd wanneer de machine is afgesloten van het elektriciteitsnet.

Verzeker u ervan dat de watertoevoer- en waterafvoerslang en het netsnoer niet klem raken of geknikt worden tijdens het plaatsen van de machine in de inbouwnis.

De afwasmachine waterpas zetten

Een waterpas installatie is van groot belang voor de goede sluiting en waterdichtheid van de deur.

Verzeker u ervan dat de deur goed sluit, zonder wrijving aan de zijkanten.

Regel de stelvoetjes zodanig dat de deur perfect sluit.

Bevestigen aan aangrenzende keukenmeubelen

Om te voorkomen dat de afwasmachine gaat schudden, moet hij d.m.v. de meegeleverde steuntjes aan het werkblad, aan aangrenzende keukenkastjes of aan de muur worden bevestigd.

Watertoevoer

De machine mag op warm water, tot maximaal 60°C, aangesloten worden .

Wij adviseren u echter dat niet te doen omdat dan de afwasresultaten niet altijd goed zullen zijn en daarnaast ook de koude spoelgangen met warm water gebeuren, zodat van besparing nauwelijks sprake is.

Wel is de programmaduur aanzienlijk korter, omdat de noodzakelijke opwarmtijd ontbreekt. Dat is echter tevens één van de redenen waarom, met name bij sterk bevuilde afwas, de resultaten niet altijd goed zullen zijn.

De slangwartel van de toevoerslang sluit u aan op een kraan met 3/4" schroefdraad, of op een watertoevoer met snelaansluiting (press block).

Zie erop toe dat de waterleidingdruk niet de bij de "Technische gegevens" vermelde waarde overschrijdt.

Voorkom scherpe bochten of knikken in de slang, omdat deze de doorstroming van water kunnen vertragen of verhinderen.

Het uiteinde van de toevoerslang dat op de machine is aangesloten, kan in iedere gewenste stand gedraaid worden nadat de wartel is los gedraaid. Draai de wartel weer stevig aan om waterlekkage te voorkomen. (Sommige modellen zijn uitgerust met een toevoerslang zonder wartel. Bij deze modellen is de toevoerslang niet verstelbaar).

Als de machine wordt aangesloten op nieuwe of lange tijd ongebruikte leidingen, dan is het raadzaam om het water een paar minuten te laten doorstromen alvorens de watertoevoerslang op de machine aan te sluiten.

Gebruik een nieuwe slang voor de aansluiting.

De afwasmachine is voorzien van beveiligingen die voorkomen dat het afwaswater in de drinkwaterleiding kan terugstromen en die aan de terzake geldende veiligheidseisen voldoen.

Toevoerslang met veiligheidsklep

De veiligheidsklep bevindt zich in het slangeinde dat aan de waterkraan wordt gekoppeld. Als de slang tijdens het innemen van water gaat lekken, dan wordt de waterstroom door de veiligheidsklep gestopt.

Sluit de toevoerslang goed aan:

- De elektrische bedrading voor de veiligheidsklep ligt in de slang. Dompel de toevoerslang en/of de veiligheidsklep niet in water.

- Als de toevoerslang en/of de veiligheidsklep beschadigd zijn, dan moet u onmiddellijk de stekker uit het stopcontact trekken.

- Een toevoerslang met veiligheidsklep mag alleen door bevoegde vakmensen of door de service-afdeling vervangen worden.

- Plaats de toevoerslang zodanig dat hij nooit de hoogte van de onderkant van de veiligheidsklep overschrijdt.

Pagina 5

Waterafvoer

De waterafvoerslang kan op de volgende manieren gemonteerd worden

De hoogte van de afvoerslang moet tussen 30 cm (min.) en 100 cm (max.) boven de onderkant van het apparaat liggen. De afvoerslang kan links of rechts van de afwasmachine gedraaid worden.

Zorg ervoor dat de slang niet geknikt, platgedrukt of ineengestrengeld is, dat kan de waterafvoer verstoren. Als u een verlengslang gebruikt, mag deze niet langer dan 2 meter zijn en de binnendiameter mag niet kleiner zijn dan die van de oorspronkelijke afvoerslang. Ook de binnendiameter van de koppelingen die u gebruikt voor aansluiting aan de afvoerpijp mag niet kleiner zijn.

Let op!

Al onze afwasmachines zijn voorzien van een beveiliging die verhindert dat afvalwater in de machine kan terugstromen. Als de sifon (afvoerpijp, zwanenhals) van de gootsteen is voorzien van een eenrichtingsklep, dan kan deze klep de waterlozing van de afwasmachine storen. Daarom raden wij aan de klep te verwijderen.

Elektrische aansluiting

De gegevens met betrekking tot de elektrische aansluiting zijn vermeld op het typeplaatje aan de binnenkant van de deur.

Alvorens de stekker in het stopcontact te steken, moet u zich van het volgende verzekeren:

Om de afwasmachine spanningloos te maken, moet u de stekker uit het stopcontact trekken.

Let op!

Het stopcontact moet altijd bereikbaar zijn, ook wanneer het apparaat geïnstalleerd is.

Vervangen van het aansluitsnoer dient door een erkend installateur te gebeuren.

Let op!

De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade of letsel, ontstaan door het niet voldoen aan deze veiligheidsvoorschriften.

Pagina 6

Beschrijving van het apparaat

Het bedieningspaneel

Digitale display

Multifunctionele toetsen

Toets voor uitgestelde start

Toets aan/uit

Programmatoetsen

Controlelampjes

Toets voor halve belading

Multifunctionele toetsen: Met deze toetsen kunt u een afwasprogramma en de halve belading optie kiezen, en met een combinatie van deze toetsen:

- de waterontharder instellen, - een lopend programma annuleren, - de geluidssignalen in- en uitschakelen.

Programmatoetsen: met deze toetsen kunt u het gewenste afwasprogramma te kiezen (zie "Programmaoverzicht").

Toets voor «uitgestelde start»: hiermee kunt u de start van het afwasprogramma met ten minste 1 uur en ten hoogste met 19 uur uitstellen.

Pagina 7

De digitale display geeft aan:

- de huidige stand van de waterontharder,

- geluidssignalen ingeschakeld/uitgeschakeld,

- het programmanummer,

- tijd tot het einde van het lopende programma,

- de tijdsaftelling voor de uitgestelde start,

- foutcode in geval van storing.

Toets voor «halve belading»: deze optie is handig en economisch wanneer slechts een kleine vaat moet worden afgewassen; zo verbruikt u minder water en energie. Deze optie moet samen met een afwasprogramma worden gekozen.

Het corresponderende lampje gaat branden.

Plaats de vaat in beide korven (onder- en bovenkorf).

Als u deze optie kiest, slaat programma 2 (Intensief 70°C) het voorwassen automatisch over. (Vergeet niet om het voorspoelvakje van het afwasmiddelbakje met afwasmiddel te vullen).

De duur van de afwasfase programma 5 (Bio 50°C met voorspoelen) wordt korter.

Bij de programama’s 1 (Voorspoelen), 3 (30 minuten programma), 4 (Auto) en 6 (Delicaat 45°C zonder voorspoelen) is het niet mogelijk te kiezen voor halve belading (toets uitgeschakelt - controlelampje uit).

Als u deze optie kiest is het raadzaam om minder afwasmiddel te gebruiken dan bij een volle lading.

Controlelampjes: deze hebben de volgende betekenis:

Zout bijvullen: brandt als zout bijgevuld moet worden.

Glansmiddel bijvullen: brandt als glansmiddel bijgevuld moet worden.

Programma einde: brandt als het afwasprogramma klaar is.

Geluidssignalen

De afwasmachine geeft de belangrijkste gebeurtenissen aan met de volgende geluidssignalen.

- instelling van de waterontharder

- einde programma

- alarmsignaal

Inschakelen/uitschakelen van de geluidssignalen

Door de fabriek zijn de signalen standaard ingeschakeld

Als er op de digitale display een programmanummer (1 - 2 - 3 enz.) zichtbaar is, dan betekent dat dat er een afwasprogramma gekozen is.

Het programma moet worden geannuleerd: druk tegelijkertijd ca. 2 seconden op de functietoetsen 2 en 3, waarna 2 horizontale strepen op de digitale display verschijnen die aangeven dat het ingestelde programma is geannuleerd en de machine nu in de programmeerstand staat.

Geluidssignalen uitgeschakeld

Geluidssignalen ingeschakeld (fabrieksinstelling)

Pagina 8

Voordat u de machine in gebruik neemt

Alvorens de afwasmachine in gebruik te nemen, moet u:

Waterontharder

De afwasmachine is uitgerust met een automatisch werkende ontharder die kalkafzetting op het servies en in de machine voorkomt. Hoe meer kalk het leidingwater bevat, des te harder is het.

De waterhardheid wordt gemeten in verschillende schalen (zie tabel).

Stel de waterontharder op de plaatselijke waterhardheid in. Informatie daarover kunt u krijgen bij het waterleidingbedrijf.

De waterontharder moet op twee manieren worden ingesteld: èn handmatig d.m.v. de regelknop van de waterontharder èn elektronisch d.m.v. de multifunctionele toetsen.

a) Handmatige instelling

De fabrieksinstelling is stand "2"

b) Elektronische instelling

De fabrieksinstelling is stand 5

Als er op de digitale display een programmanummer (1 - 2 - 3 enz.) zichtbaar is, dan betekent dat dat er een afwasprogramma gekozen is.

Het programma moet worden geannuleerd: druk tegelijkertijd ca. 2 seconden op de functietoetsen 2 en 3, waarna 2 horizontale strepen op de digitale display verschijnen die aangeven dat het ingestelde programma is geannuleerd en de machine nu in de programmeerstand staat.

De huidige stand wordt aangeduid door een cijfer op de digitale display en door een reeks onderbroken geluidssignalen.

Voorbeeld: op de digitale display + 5 geluidssignalen = stand 5

Bijvoorbeeld:

Als de huidige hardheidsstand 5 is, dan zet u deze op 6 door eenmaal op multifunctionele toets 1 te drukken.

Als de huidige hardheidsstand 10 is, dan zet u deze op 1 door eenmaal op multifunctionele toets 1 te drukken.

WaterhardheidInstelling waterontharderAanduiding van de digitale displayAantal geluidssignalenZout gebruiken
in °dH
(Duitse graad)
mmol/l
(millimol per liter, internationele eenheid voor waterhardheid)
Bereik
handmatigelektronisch
51 - 709,0 - 12,5IV2stand 1010ja
43 - 507,6 - 8,9IV2stand 99ja
37 - 426,5 - 7,5IV2stand 88ja
29 - 365,1 - 6,4IV2stand 77ja
23 - 284,0 - 5,0IV2stand 66ja
19 - 223,9 - 3,3III2stand 55ja
15 - 182,6 - 3,2III1stand 44ja
11 - 141,9 - 2,5II1stand 33ja
4 - 100,7 - 1,8I/II1stand 22ja
< 4< 0,7I1stand 11nee

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)

Pagina 9

Zoutreservoir vullen

Gebruik alleen speciaal zout voor afwasmachines. Alle andere soorten zout, vooral tafelzout, beschadigen de waterontharder.

Zout dat tijdens het vullen van het reservoir wordt gemorst kan corrosie bevorderen. Vul daarom alleen kort voor het begin van een afwasprogramma zout bij.

Vullen:

De dop is goed dicht gedraaid wanneer u een klikgeluid hoort.

Na de eerste vulling, hoeft u alleen maar regelmatig zout bij te vullen.

Om u eraan te herinneren dat u moet bijvullen, brandt het controlelampje.

Het zout-lampje op het bedieningspaneel blijft, als de afwasmachine ingeschakeld is, nog 2 à 6 uur branden, nadat het zout is bijgevuld. Bij gebruik van langzaam smeltend zout kan het nog langer duren. Dit heeft echter geen negatieve invloed op de werking van het apparaat.

Het is normaal dat tijdens het zout vullen het water overloopt.

Glansmiddelreservoir vullen

Het glansmiddel is een "waterontspanner".

Het wordt, automatisch, vóór het drogen aan het spoelwater toegevoegd.

Het glansmiddelreservoir, in de binnendeur, heeft een inhoud van circa 110 ml. Dat is, al naar gelang de doseer-instelling, voldoende voor 16 tot 40 afwasbeurten.

Vullen van het glansmiddelreservoir

Controleer na iedere bijvulling of u het klepje goed gesloten heeft.

Veeg gemorst glansmiddel altijd met een doekje weg, anders wordt tijdens het afwassen te veel schuim gevormd.

Giet nooit afwasmiddel in het glansmiddelreservoir.

Dosering

De instelling van de dosering is afhankelijk van de bereikte glans en van het droogresultaat. In de vulopening van het glansmiddelreservoir vindt u een zes-standen regelschijfje en de markeringen 1 tot 6 (stand 1 is laagste, stand 6 hoogste dosering).

De fabrieksinstelling van de regelschijf is stand 4.

Verhoog de dosering als op het serviesgoed druppels of druppelvlekken achterblijven. Verlaag de dosering als het serviesgoed witte, kleverige strepen vertoont.

Vul glansmiddel bij wanneer het controlelampje op het bedieningspaneel gaat branden.

Pagina 10

Dagelijks gebruik

G Controleer of er zout of glansmiddel bijgevuld moet worden. G Plaats het serviesgoed en het bestek in de afwasmachine. G Vul het afwasmiddelbakje met afwasmiddel.

G Kies een geschikt afwasprogramma voor type lading en vervuiling.

G Start het afwasprogramma.

Plaatsing van het serviesgoed en het bestek

Sponzen, vaatdoekjes en alle voorwerpen die zich met water kunnen volzuigen, mogen niet in de afwasautomaat gereinigd worden.

G Alvorens het serviesgoed in de machine te plaatsen, moet u: - Alle etensresten verwijderen.

- Pannen met aangebrande etensresten weken.

G Houd u bij het plaatsen van het serviesgoed aan de volgende regels:

- Het serviesgoed en het bestek mogen de draaibeweging van de sproeiarmen niet hinderen.

- Holle voorwerpen zoals kopjes, glazen, pannen, enz. moeten met de opening naar beneden worden geplaatst zodat er geen water in achterblijft.

- Het serviesgoed en het bestek mogen niet in of op ander serviesgoed worden geplaatst.

- Glazen mogen niet tegen elkaar aan worden geplaatst, om te voorkomen dat zij breken.

- Plaats kleine voorwerpen in het bestekmandje.

G Plastic servies en pannen met anti-aanbaklaag hebben de neiging om meer waterdruppeltjes vast te houden; dit type servies droogt daarom niet zo goed als porselein en staal.

Voor machinaal afwassen is het volgende bestek/servies

niet geschikt:

G Bestek met heften van hout, hoorn, porselein of parelmoer. G Bestek met temperatuurgevoelige lijm.

G Gelijmd servies of bestek.

G Tin en koper.

G Kristal.

G Metaal dat kan roesten.

G Houten planken.

G Kunstnijverheidsartikelen.

Trek de korven naar buiten om ze te beladen.

Gebruik van de onderste korf

In de onderste korf kunt u pannen, deksels, borden, schalen en bestek kwijt. Plaats ze naar het voorbeeld in de afbeeldingen. Dienschalen en grote deksels zo veel mogelijk aan de rand van de korf plaatsen en er op toezien dat de sproeiarmen onbelemmerd kunnen ronddraaien.

beperkt geschikt:

G Aardewerk alleen in de machine afwassen, als het van de aanduiding "geschikt voor de afwasautomaat" voorzien is. G Versieringen die op het glazuur zijn aangebracht kunnen door zeer vaak machinaal afwassen verbleken.

G Zilver en aluminium kunnen bij machinaal afwassen verkleuren. Etensresten als eiwit, eigeel en mosterd veroorzaken vaak verkleuringen of vlekken op zilver. Zilver daarom altijd goed schoon spoelen, als het niet direct na gebruik wordt afgewassen.

G Sommige glassoorten kunnen na vele malen machinaal afwassen dof worden.

De rijen bordenrekken kunnen snel en eenvoudig worden neergeklapt zodat pannen en schalen makkelijk in de machine kunnen worden geplaatst.

UI91

Pagina 11

Bestekmandje

Messen met een lang lemmet die rechtop staan kunnen gevaarlijk zijn.

Plaats daarom lange en/of scherpe messen e.d. horizontaal in de bovenste korf.

Pas op bij vullen en leeghalen van de machine.

Bestek in het speciale bestekmandje, met de grepen naar beneden. Is een greep zo dun dat hij door het mandje heen steekt, dan dat bestek met de greep naar boven.

Lepels zoveel mogelijk tussen ander bestek in plaatsen, om te voorkomen dat ze aan elkaar kleven.

Was zilver bestek niet tegelijkertijd met andere metalen af.

Om het afwasresultaat te verbeteren, raden wij aan de meegeleverde bestekverdelers te gebruiken als de vorm en afmetingen van het bestek dat toestaan.

De bestekmand bestaat uit twee verwijderbare delen: men kan enkel één of beide delen gebruiken, naargelang het aantal bestekken.

Om de twee delen van elkaar los te maken, schuift u ze horizontaal uit elkaar.

Ga omgekeerd te werk om ze weer aan elkaar te haken.

Gebruik van de bovenste korf

De bovenste korf is hoofdzakelijk bedoeld voor kopjes, schoteltjes, dessertbordjes, kleine borden (max. 24 cm diameter) en glazen.

Glazen met lange steel kunnen in het hoge gedeelte opgehangen worden.

Voor groter servies kunt u de rekken omhoog klappen.

Plaats servies zodanig op en onder de opklapbare kopjesrekken, dat het water overal bij kan.

Als u borden in de bovenste korf plaatst: zet de borden schuin en vul de korf bij voorkeur van achteren naar voren.

Probeer, vóór u de machine inschakelt, of beide sproeiarmen vrij kunnen ronddraaien.

Pagina 12

Hoogteregeling bovenste korf

Mocht u erg grote borden willen afwassen dan kunt u deze in de onderste korf plaatsen, nadat u de bovenste korf hoger geplaatst heeft.

Maximumhoogte van het serviesgoed Bovenste korf Onderste korf

Bovenste korf in de hoge stand20 cm31 cm
Bovenste korf in de lage stand24 cm27 cm

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)

Ga als volgt te werk:

- haal de korf eruit.

- trek de korf door middel van de twee handgrepen aan de zijkant omhoog.

Pas op:

trek de korf nooit aan één kant omhoog of omlaag.

Met de bovenste korf in de hoge stand kunnen de kopjesrekken niet gebruikt worden.

- Om de korf weer op de lage stand te plaatsen, dient u de twee handgrepen aan de zijkant nog meer naar boven te trekken om de korf vervolgens onder begeleiding naar beneden te laten zakken.

Sluit de deur nadat u de machine hebt beladen. Een open deur kan gevaarlijk zijn.

Afwasmiddel

Gebruik uitsluitend speciale middelen voor huishoudafwasmachines.

Als u onvoldoende afwasmiddel doseert, veroorzaakt dat een slecht afwasresultaat. Te veel afwasmiddel geeft geen beter resultaat, maar alleen onnodige verspilling en belast het millieu.

Het afwasmiddel wordt voor het begin van ieder afwasprogramma gedoseerd.

Het afwasmiddel wordt tijdens het programma ingespoeld.

Volg de instructies m.b.t. de te gebruiken hoeveelheid en de bewaarinstructies die op de verpakking van het afwasmiddel vermeld zijn op.

Afwasmiddel doseren

20 = ca. 20 g afwasmiddel

30 = ca. 30 g afwasmiddel

Pagina 13

Verschillende soorten afwasmiddel

Afwastabletten

De afwastabletten van verschillende producenten lossen niet alle met dezelfde snelheid op. Tabletten die langzaam oplossen zijn niet geschikt voor korte afwasprogramma’s. Als u dit type product gebruikt raden wij aan om langere afwasprogramma’s te kiezen zodat alle restanten van het afwasmiddel verwijderd kunnen worden.

De tablet moet in het afwasmiddelbakje gedoseerd worden. Dosering op een andere plek, bijv. in het bestekmandje, zal slechte afwasresultaten geven.

Geconcentreerde afwasmiddelen

Machine-afwasmiddelen zijn naar chemische samenstelling in twee groepen onder te verdelen:

- traditionele alkalische afwasmiddelen met bijtende bestanddelen - licht alkalische geconcentreerde afwasmiddelen met natuurlijke enzymen

Het gebruik van afwasprogramma's met een temperatuur van 50°C en geconcentreerde afwasmiddelen is milieuvriendelijk en verlengt de levensduur van het serviesgoed omdat de 50°C-programma's speciaal ontworpen zijn voor een optimale vuiloplossende werking van de enzymen die geconcentreerde afwasmiddelen bevatten.

Met een 50°C-programma en een geconcentreerd afwasmiddel is het afwasresultaat even goed als met een 65°C-programma en een normaal afwasmiddel.

Combi-afwasmiddelen

Wanneer u een machine-afwasmiddel gebruikt dat al glansmiddel bevat, dan moet dit in het afwasmiddelbakje worden gedaan.

In dit geval moet het glansmiddelreservoir leeg zijn om een dubbele dosering te voorkomen. Indien het glansmiddelreservoir nog steeds glansmiddel bevat, dan moet u wachten totdat dit leeg is alvorens dit soort afwasmiddelen te gaan gebruiken.

Het glansmiddel-lampje voortdurend als de machine ingeschakeld is (niet alle modellen hebben een dergelijk controlelampje).

Het gebruik van speciaal zout is wel nodig.

"3 in 1" / combi-afwasmiddelen

Algemene aanwijzingen

Dit type afwasmiddel heeft een gecombineerde afwasmiddel/glansmiddel/zout functie.

Speciaal advies

Bij het gebruik van een "3 in 1" afwasmiddel moet de waterontharder op de minimumstand worden ingesteld. (Zie "Waterontharder").

Als u besluit om weer een normaal afwasmiddel te gebruiken, dan raden wij het volgende aan:

G vul zowel het zoutreservoir als het glansmiddelreservoir; G stel de waterhardheid in op het maximum en laat de machine 1 à 3 afwasprogramma’s uitvoeren, zonder lading; G stel de waterhardheid daarna opnieuw in overeenkomstig de hardheid van het leidingwater.

Pagina 14

Programma-overzicht

Programma Programma beschrijving

Mate van verontreiniging en soort belading

Stroomverbruik Waterverbruik

(kWh) (liter)

1.
Voorspoelen
Servies dat u pas later gaat afwassen.1 x koud spoelen (om te voorkomen dat voedselresten opdrogen).
Bij dit prograamma is geen afwasmiddel nodig.
0,14
2.
Intensief 70°C
Sterk verontreinigd.
Servies, bestek en pannen
Warm voorspoelen 70°C afwassen 2 x lauw spoelen 1 x warm spoelen Drogen1,7 - 1,923 - 25
3.
30 minuten programma
(1)
Vers vuil.
Servies en bestek
65°C afwassen 1 x warm spoelen0,89
4.
Auto 65° - 50°C
(2)
Normaal / licht verontreinigd. Servies, bestek en pannenKoud voorspoelen 65°C of 50°C afwassen 1 of 2 x koud spoelen 1 x warm spoelen Drogen1,1 - 1,512 - 25
5.
Bio 50°C met voorspoelen
(3)
Normaal verontreinigd. Servies en bestekKoud voorspoelen 50°C afwassen 1 x koud spoelen 1 x warm spoelen Drogen1,0516
6.
Delicaat 45°C zonder voorspoelen
Normal verontreinigd. Fijn vaatwerk, kristal en porcelein45°C afwassen 1 x lauw spoelen 1 x warm spoelen Drogen0,8 - 0,914 - 16

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)

Met het Auto programma bepaalt de afwasmachine de vervuilingsgraad van de vaat op basis van een meting van de troebelheid van het water.

Bij weinig vaat of een lichte vervuiling duren de programmaonderdelen «voorspoelen», «afwassen» en «spoelen» minder en het waterverbruik is beperkt.

Bij een volle lading vaat of een sterke vervuiling duren de programmaonderdelen «voorspoelen», «afwassen» en «spoelen» langer met een groter verbruik van water.

Met het Auto programma wordt de watertemperatuur automaisch geregeld op een temperatuur van 50°C t/m 65°C, naargelang de vervuilingsgraad van de vaat.

← begin van de handleidingverder op pagina 15 →Inhoud