Zanussi ZM176X, tekst van de handleiding
Pagina's 10–25 van 39 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 3–9verder op pagina 26 →
Pagina 10
WAT ZIJN MICROGOLVEN?
Microgolven worden in de oven door het magnetron opgewekt en brengen de watermoleculen in levensmiddelen in trilling.
Door de veroorzaakte wrijving ontstaat warmte, die ervoor zorgt dat de gerechten ontdooid, verwarmd of gekookt worden.
GESCHIKT SERVIES
GLAS EN GLASKERAMIEK
Hittebestendig glazen servies is heel geschikt. Het bereidingsproces kan van alle kanten geobserveerd worden. Het servies mag echter geen metaal bevatten (loodkristal) of van een versiering van metaal voorzien zijn (bijv. gouden randje, kobaltblauw).
AARDEWERK
Is over het algemeen goed geschikt. Aardewerk moet geglazuurd zijn, omdat anders vocht in het servies kan binnendringen. Vocht verhit het materiaal en kan het laten barsten. Als u niet zeker weet of uw servies geschikt voor de magnetron is, voer dan de geschiktheidstest uit.
PORSELEIN
Is heel goed geschikt. Let erop dat het porselein geen randje van goud of zilver heeft en geen metaal bevat.
KUNSTSTOF EN PAPIER
Hittebestendig, voor de magnetron geschikt kunststof servies kunt u gebruiken bij ontdooien, verwarmen en koken. Let op de aanwijzingen van de fabrikant. Hittebestendig, voor de magnetron geschikt servies van papier kunt u ook gebruiken. Let op de aanwijzingen van de fabrikant.
KEUKENPAPIER
Kan gebruikt worden om bij korte verwarmingsprocessen, bijv. bij brood of gepaneerd vlees, vocht op te nemen. Het papier tussen de levensmiddelen en het draaiplateau leggen. Zo blijft het oppervlak van de levensmiddelen knapperig en droog. Door vettige gerechten met keukenpapier af te dekken worden spatten opgevangen.
MAGNETRONFOLIE
Magnetronfolie of hittebestendig folie is goed geschikt om gerechten af te dekken of te omwikkelen. Let op de aanwijzingen van de fabrikant.
BRAADZAKKEN
Braadzakken kunt u in de magnetron gebruiken. Metalen sluitclips zijn echter ongeschikt, omdat de braadzak dan kan smelten. Gebruik een touwtje om de braadzak af te sluiten en prik de braadzak met een vork enkele malen in. Het is niet raadzaam om niet hittebestendig folie, bijv. vershoudfolie, in de magnetron te gebruiken.
BRUINERINGSSERVIES
Speciaal braadservies voor in de magnetron met een metaallegering op de bodem die ervoor zorgt dat de levensmiddelen bruin worden. Bij gebruik van bruineringsservies moet een geschikte isolator, bijv. een porseleinen bord, tussen draaiplateau en servies worden gelegd. Let goed op de door de fabrikant van het servies aangegeven voorverwarmtijd. Bij overschrijding daarvan kan het tot beschadiging van het draaiplateau en het draaimechanisme komen en de veiligheidsinrichting kan in werking treden en het apparaat uitschakelen.
METAAL
Metaal mag in de regel niet gebruikt worden, omdat microgolven niet door metaal heen dringen en zo niet bij de levensmiddelen terechtkomen. Er zijn echter uitzonderingen: smalle stroken aluminiumfolie kunt u gebruiken om delen af te dekken, zodat deze niet te snel ontdooien of gaar worden (bijv. de vleugels bij een kip). Kleine spiesjes van metaal en aluminium schaaltjes (bijv. bij kant-en-klaar gerechten) kunnen gebruikt worden. Ze moeten echter in verhouding tot de levensmiddelen klein zijn, aluminium schaaltjes bijv. moeten voor minstens 2/3 tot 3/4 met levensmiddelen gevuld zijn. Wij raden u aan de levensmiddelen over te doen in voor de magnetron geschikt servies. Bij gebruik van aluminium schalen of ander metalen servies moet een minimale afstand van ongeveer 2 cm tot de
80
Pagina 11
GESCHIKT SERVIES
ovenwanden worden aangehouden, omdat deze anders door mogelijke vonkvorming beschadigd kunnen worden. Geen servies met metalen versieringen of metalen delen, zoals schroeven, hengsels of grepen gebruiken.
GESCHIKTHEIDSTEST
Als u niet zeker weet of uw servies geschikt voor de magnetron is, voer dan de volgende test uit. Het servies in de magnetron zetten. Een glas met 150 ml water op of naast het servies zetten.
Het apparaat 1 tot 2 minuten op 800 W vermogen inschakelen. Als het servies koel of handwarm blijft, is het geschikt. Voer deze test niet uit met kunststof servies, dat kan smelten.
TIPS EN ADVIEZEN
TIJDEN INSTELLEN
De ontdooi-, verwarm- en kooktijden zijn over het algemeen aanzienlijk korter dan in een conventionele oven. Houd u daarom aan de in deze gebruiksaanwijzing aangegeven tijden. Stel de tijden liever korter dan langer in. Controleer de gerechten na het bereiden. Liever nog even koken dan te gaar laten worden.
UITGANGSTEMPERATUUR
De ontdooi-, verwarm- en kooktijden zijn afhankelijk van de uitgangstemperatuur van de levensmiddelen. Bevroren en gekoelde levensmiddelen hebben bijvoorbeeld langer tijd nodig dan levensmiddelen op kamertemperatuur. Voor het verwarmen en koken van levensmiddelen gaan we uit van normale bewaartemperaturen (koelkasttemperatuur ongeveer 5 °C, kamertemperatuur ongeveer 20 °C). Voor het ontdooien van levensmiddelen gaan we uit van -18° C.
ALLE AANGEGEVEN TIJDEN … in deze gebruiksaanwijzing zijn richtlijnen, die afhankelijk zijn van uitgangstemperatuur, gewicht en aard (water-, vetgehalte enz.) van de levensmiddelen.
ZOUT, SPECERIJEN EN KRUIDEN
In de magnetron bereide gerechten behouden hun eigen smaak beter dan bij conventionele bereidingsmethoden. Wees daarom zeer zuinig bij gebruik van zout en voeg dit pas na het bereiden toe. Zout bindt vloeistof en droogt het oppervlak uit. Specerijen en kruiden kunt u als gewoonlijk gebruiken.
WATER TOEVOEGEN
Groente en andere waterhoudende levensmiddelen kunnen in hun eigen vocht of met weinig water worden gekookt. Daardoor blijven vele vitamines en mineralen in de levensmiddelen behouden.
VETTE GERECHTEN
Vlees met vet is sneller gaar dan mager vlees. Dek daarom deze delen met wat aluminiumfolie af of leg de levensmiddelen met de vette kant naar beneden.
LEVENSMIDDELEN MET SCHIL OF VEL zoals worstjes, kip, aardappelen, tomaten, appels, eidooier e.d., met een vork of houten prikker inprikken. Daardoor kan de stoom die ontstaat ontsnappen zonder dat de schil of het vel springt.
KLEINE EN GROTE HOEVEELHEDEN
De benodigde tijden zijn direct afhankelijk van de hoeveelheid levensmiddelen die u wilt ontdooien, verwarmen of koken. Dat betekent: kleine porties zijn sneller gaar dan grote. Als vuistregel geldt: dubbele hoeveelheid = bijna dubbele tijd halve hoeveelheid = halve tijd HOGE EN LAGE SCHALEN
Beide schalen hebben dezelfde inhoud, maar in de hoge schaal is de bereidingstijd langer dan in de lage. Gebruik daarom liefst lage schalen met een groot oppervlak. Hoge schalen alleen gebruiken voor gerechten die kunnen overkoken, bijv. pasta, rijst, melk enz.
81
Pagina 12
TIPS EN ADVIEZEN
RONDE EN OVALE SCHALEN
In ronde en ovale schalen worden gerechten gelijkmatiger gaar dan in rechthoekige, omdat zich in de hoeken microgolvenenergie concentreert en het gerecht op die plekken te gaar zou kunnen worden.
AFDEKKEN
Als levensmiddelen worden afgedekt, blijft het vocht behouden en de bereidingstijd wordt korter. Gebruik een deksel, magnetronfolie of een afdekkap. Gerechten die een korstje moeten krijgen, bijv. vlees of kip, niet afdekken. Wat in de conventionele oven wordt afgedekt, moet ook in de magnetron worden afgedekt.
ONREGELMATIGE DELEN met de dikke resp. compacte kant naar boven leggen. Groente (bijv. broccoli) met de stelen naar buiten leggen. Dikkere delen hebben een langere bereidingstijd en krijgen aan de buitenkant meer microgolvenenergie, zodat de levensmiddelen gelijkmatig gaar worden.
OMROEREN
Omroeren van de levensmiddelen is nodig , omdat de microgolven eerst de buitenste gedeelten verwarmen. Door omroeren wordt de temperatuur verdeeld en het gerecht gelijkmatig verwarmd.
RANGSCHIKKING
Verschillende enkele porties, bijv. puddingvormpjes, kopjes of aardappelen in de schil, in een kring op het draaiplateau plaatsen. Tussen de porties ruimte laten, zodat de microgolvenenergie van alle kanten kan binnendringen.
OMKEREN
Middelgrote gerechten, zoals hamburgers en steaks, tijdens het bereidingsproces eenmaal omkeren om de bereidingstijd te verkorten. Grote gerechten, zoals vlees en kip, moeten worden omgekeerd, omdat de naar boven gerichte kant meer microgolvenenergie krijgt en zou kunnen uitdrogen.
STANDTIJD
Aanhouden van de standtijd is een van de belangrijkste regels bij het gebruik van de magnetron. Bijna alle gerechten die in de magnetron worden ontdooid, verwarmd of gekookt hebben een korte of langere standtijd nodig, waarin een temperatuurcompensatie plaatsvindt en de vloeistof in het gerecht zich gelijkmatig kan verdelen.
BRUINERINGSMIDDELEN
Levensmiddelen krijgen na meer dan 15 minuten bereidingstijd een bruine kleur, die echter niet met de intensieve bruine kleur en korst bij conventioneel bereiden te vergelijken is. Om een aantrekkelijke bruine kleur te krijgen, kunt u bruineringsmidelen gebruiken. Ze dienen meestal tegelijk als specerij. Hieronder vindt u enkele tips voor het gebruik van bruineringsmiddelen.
PRODUITS DE BRUNISSAGE
Beurre fondu et paprike en poudre
Paprika en poudre
Sauce de soja
Sauce Barbecue et sauce Worcestershire, sauce de rôti
Dès de lard fondus ou oignons secs
Cacao, chocolat râpé, glaces brunes, miel et marmelade
METS
Volailles
Soufflés et grapoudre Croûtes au fromage Viandes et volailles
Rôtis, boulettes de viande
Pièces rôties à cuisson rapide Soufflés et gratins, toasts, soupes, potées Gâteaux et desserts
METHODE
Badigeonner la volaille avec le mélange de beurre et de paprika en poudre Saupoudrer de paprika en poudre Badigeonner de sauce
Badigeonner de sauce
Parsemer de dés de lard ou d’oignons secs Saupoudrer ou glacer les gâteaux et les desserts
Pagina 13
TIPS EN ADVIEZEN
VERWARMEN
- Kant-en-klare gerechten uit het aluminium schaaltje nemen en op een bord of in een schaal verwarmen.
- Gerechten met magnetronfolie, bord of afdekkap (in de handel verkrijgbaar) afdekken, opdat het oppervlak niet uitdroogt. Dranken niet afdekken.
- Bij vast afgesloten bakjes het deksel verwijderen.
- Bij het verwarmen van vloeistof, zoals water, koffie, thee of melk, een glazen staafje of lepeltje in de beker of het glas zetten.
- Grotere hoeveelheden indien mogelijk tussendoor omroeren, zodat de temperatuur zich gelijkmatig verdeelt.
- De aangegeven tijden zijn bedoeld voor levensmiddelen op kamertemperatuur (20°C). Bij gekoelde levensmiddelen wordt de tijd iets langer.
- Laat de levensmiddelen na het verwarmen 1-2 minuten staan, zodat de temperatuur zich gelijkmatig kan verdelen (standtijd).
- De aangegeven tijden zijn richtlijnen, die afhankelijk zijn van uitgangstemperatuur, gewicht, watergehalte, vetgehalte en gewenste eindtoestand van de levensmiddelen.
ONTDOOIEN
De magnetron is ideaal voor het ontdooien van levensmiddelen. De ontdooitijden zijn in de regel aanzienlijk korter dan bij ontdooien op traditionele manier. Hieronder vindt u enkele tips. Neem de diepvriesproducten uit de verpakking en leg ze op een bord.
Bakjes
Goed geschikt voor het ontdooien en verwarmen van gerechten zijn voor de magnetron geschikte bakjes, die zowel geschikt voor de diepvries (tot ongeveer -40° C) als hittebestendig (tot ongeveer 220° C) zijn. Zo kunt u in hetzelfde servies ontdooien, verwarmen en zelfs koken.
Afdekken
Dunnere delen voor het ontdooien met kleine stroken aluminiumfolie afdekken. Reeds ontdooide of warme delen tijdens het ontdooien eveneens met strookjes aluminiumfolie afdekken. Dit voorkomt dat dunnere delen al te heet worden, terwijl dikkere delen nog bevroren zijn.
Omkeren/omroeren
Bijna alle levensmiddelen moeten tussendoor eenmaal omgekeerd of omgeroerd worden. Delen die aan elkaar plakken zo snel mogelijk loshalen en anders rangschikken.
Kleinere hoeveelheden ontdooien gelijkmatiger en sneller dan grote. Wij raden u daarom aan, zo klein mogelijke porties in te vriezen. Zo kunt u snel en makkelijk hele menu's samenstellen.
Kwetsbare levensmiddelen zoals gebak, room, kaas en brood, niet helemaal, maar slechts gedeeltelijk ontdooien en bij kamertemperatuur verder laten ontdooien. Daardoor voorkomt u dat de buitenste gedeelten al te heet worden, terwijl het binnenste nog bevroren is.
De standtijd na het ontdooien van levensmiddelen is bijzonder belangrijk, omdat het ontdooiproces in die tijd wordt voortgezet. In de ontdooitabel vindt u de standtijden voor verschillende levensmiddelen. Dikke, compacte levensmiddelen hebben een langere standtijd nodig dan platte of poreuze levensmiddelen. Als de levensmiddelen niet voldoende ontdooid zijn, kunt u ze nog even in de magnetron zetten of de standtijd verlengen. De levensmiddelen na de standtijd zo snel mogelijk verder verwerken en niet opnieuw invriezen.
Pagina 14
TIPS EN ADVIEZEN
KOKEN VAN VERSE GROENTE
- Let er bij het kopen van groente op, dat de stukken zo veel mogelijk even groot zijn. Dat is vooral belangrijk als u de groente in z'n geheel wilt koken (bijv. aardappelen in de schil).
- Groente voor het bereiden wassen, schoonmaken en dan pas de benodigde hoeveelheid voor het recept afwegen.
- Kruid de groente zoals gebruikelijk, maar voeg pas na het koken zout toe.
- Per 500 gram groente ongeveer 5 eetlepels water toevoegen. Vezelrijke groente heeft wat meer water nodig. Aanwijzingen vindt u in de tabel op pag. 95.
- Groente wordt in de regel in een schaal met deksel gekookt. Groente met veel vocht, zoals uien en aardappelen, kunt u koken zonder water toe te voegen.
- Groente na de helft van de kooktijd omroeren of omkeren.
- Na het koken de groente ongeveer 2 minuten laten staan, opdat de temperatuur zich gelijkmatig verdeelt (standtijd).
- De aangegeven tijden zijn richtlijnen, die afhankelijk zijn van uitgangstemperatuur, gewicht en aard van de groente. Hoe verser de groente is, des te korter is de kooktijd.
BRADEN VAN VLEES, VIS EN GEVOGELTE
- Let er bij het kopen op, dat de stukken zo veel mogelijk even groot zijn. Zo krijgt u een goed resultaat.
- Vlees, vis en gevogelte zoals gebruikelijk verwerken.
- Rundvlees moet zo min mogelijk zenen hebben.
- Ondanks de gelijke grootte van de stukken kan het resultaat verschillend zijn. Dat ligt o.a. aan de soort, aan het vet- en vochtgehalte en aan de temperatuur voor het bereiden.
- Vanaf 15 minuten bereidingstijd ontstaat een natuurlijke bruine kleur, die door het gebruik van bruineringsmiddelen nog kan worden versterkt. Om bovendien een knapperig oppervlak te krijgen, moet u bruineringsservies gebruiken of het vlees op de kookplaat aanbraden en in de magnetron verder braden. Op deze manier krijgt u ook een bruine jus.
- Grotere stukken vlees, vis en gevogelte na de helft van de bereidingstijd omkeren, zodat ze van alle kanten gelijkmatig gebraden worden.
- Dek het vlees na het braden met aluminiumfolie af en laat het ongeveer 10 minuten rusten (standtijd). In deze tijd wordt het vlees nog verder gaar en het vocht verdeelt zich gelijkmatig, zodat bij het snijden minder vleessap verloren gaat.
ONTDOOIEN EN KOKEN
Diepgevroren gerechten kunnen in de magnetron in één proces ontdooid en tegelijk gekookt worden. In de tabel vindt u enkele voorbeelden. Let bovendien op de algemene aanwijzingen m.b.t. verwarmen en ontdooien van levensmiddelen.
Let bij het bereiden van kant-en-klare diepvriesproducten op de aanwijzingen van de fabrikant op de verpakking. In de regel worden precieze bereidingstijden en aanwijzingen voor de bereiding in de magnetron gegeven.
Pagina 15
VERMOGENSSTANDEN
Voor het handmatig gebruik kunt u kiezen uit 5 verschillende vermogensstanden. Richt u daarbij naar de aanwijzingen in de recepten.
In het algemeen gelden de volgende adviezen: 800 watt voor snel koken of verwarmen, bijv. voor soep, éénpansgerechten, gerechten uit blik, hete dranken, groente, vis enz.
560 watt voor langer koken van compactere levensmiddelen zoals vlees en gehakt en voor gerechten als cake. Bij deze lage instelling koken sauzen niet over en de gerechten worden gelijkmatig gaar, zonder dat ze aan de rand hard worden of overlopen.
400 watt voor compactere gerechten die bij het bereiden op traditionele wijze een langere tijd nodig hebben, bijv. rundvleesgerechten. Bij deze instelling blijft het vlees mals.
240 watt kiest u om gelijkmatig te ontdooien. Deze stand is ook geschikt om rijst en pasta te koken.
80 watt voor voorzichtig ontdooien, bijv. voor slagroomtaart of bladerdeeg.
Om het vermogen in te stellen toets VERMOGENSSTAND indrukken, tot de gewenste vermogensstand wordt aangegeven. Als u toets VERMOGENSSTAND één maal indrukt, verschijnt . Als u de gewenste vermogensstand mist, toets VERMOGENSSTAND zo vaak indrukken, tot de gewenste stand weer wordt aangegeven. Als u deze toets niet indrukt, werkt het apparaat automatisch met vol vermogen (800 watt).
HANDMATIG GEBRUIK
Bij handmatig gebruik kunt u een bereidingstijd van max. 90 minuten (90.00) instellen.
De tijdseenheid varieert van 10 seconden tot 5 minuten, afhankelijk van de totale bereidingstijd zoals aangegeven in de tabel.
| bereidingstijd | tijdseenheden |
|---|---|
| 0-5 minuten 5-10 minuten 10-30 minuten 30-90 minuten | 10 seconden 30 seconden 1 minuut 5 minuten |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
Voorbeeld: Soep verwarmen, 2 minuten en 30 seconden met 560 watt vermogen.
- 1. Voer door knop TIJDSCHAKELKLOK/GEWICHT rechtsom te draaien de gewenste bereidingstijd in.
- 2. Stel het gewenste vermogen in door toets VERMOGENSSTAND twee maal in te drukken.
- 3. Start het proces door toets START/+30 één maal in te drukken.
Indicatie controleren.
AANWIJZINGEN:
- 1. Als u de ovendeur tijdens het bereidingsproces opent, wordt de bereidingstijd op het display automatisch aangehouden. Het terugtellen van de tijd gaat weer verder als u de deur sluit en toets START/+30 indrukt.
- 2. Als u tijdens het bereidingsproces de vermogensstand wilt controleren, drukt u toets VERMOGENSSTAND in. Zolang uw vinger deze toets aanraakt, wordt de vermogensstand aangegeven.
- 3. U kunt knop TIJDSCHAKELKLOK/GEWICHT rechtsom of linksom draaien. Als u de knop linksom draait, wordt de bereidingstijd trapsgewijze vanaf 90 minuten verminderd.
Pagina 16
ANDERE NUTTIGE FUNCTIES
- 1. KOKEN IN VERSCHILLENDE FASES
U kunt een reeks van (maximaal) 3 standen programmeren.
Voorbeeld: koken: 5 minuten bij 800 watt vermogen (fase 1) 16 minuten bij 240 watt vermogen (fase 2)
FASE 1
- 1. Voer door knop TIJDSCHAKELKLOK/
GEWICHT rechtsom te draaien de gewenste tijd in.
- 2. Stel het gewenste vermogen in door één maal toets VERMOGENSSTAND in te drukken.
FASE 2
- 3. Voer door knop TIJDSCHAKELKLOK/
GEWICHT rechtsom te draaien de gewenste tijd in.
- 4. Stel het gewenste vermogen in door toets VERMOGENSSTAND vier maal in te drukken.
- 5. Start het proces door toets START/+30 in te drukken.
Controleer het display.
(Het apparaat werkt nu 5 minuten op 800 watt en aansluitend 16 minuten op 240 watt.)
Pagina 17
ANDERE NUTTIGE FUNCTIES
- 2. SNELSTARTFUNCTIE
Met toets START/+30 kunt u de volgende functies bedienen:
- a. Direct starten
U kunt direct 30 seconden lang op een vermogen van 800 watt koken, als u toets START/+30 indrukt.
AANWIJZING:
Om misbruik door kinderen te voorkomen, kan toets START/+30 slechts 3 minuten na de voorafgaande bedieningshandeling, d.w.z. sluiten van de deur of indrukken van toets STOP worden gebruikt.
- b. Verlengen van de bereidingstijd
Tijdens handmatig gebruik kunt u de bereidingstijd door herhaald op de toets te drukken steeds met 30 seconden verlengen.
- 3. CONTROLEREN VAN DE VERMOGENSSTAND
Om tijdens het bereidingsproces de vermogensstand te controleren, drukt u toets VERMOGENSSTAND in.
1x
Zolang u met uw vinger toets VERMOGENSSTAND aanraakt, wordt de vermogensstand aangegeven.
Het terugtellen van de tijd gaat verder, ook als op het display de vermogensstand wordt aangegeven.
- 4. VEILIGHEIDSFUNCTIE
INSTELLEN VAN DE VERGRENDELFUNCTIE
- 1. Druk toets STOP 3 seconden lang in.
1x 3 seconden
Controleer het display.
OPHEFFEN VAN DE VERGRENDELFUNCTIE
- 1. Druk toets STOP 3 seconden lang in.
1x 3 seconden
Als de veiligheidsfunctie is ingesteld, geeft het display de dagtijd aan.
AANWIJZING: als de veiligheidsvergrendeling is ingesteld, kunt u m.u.v. toets STOP geen toetsen gebruiken.
Pagina 18
AUTOMATISCH GEBRUIK
De automatische programma's berekenen de juiste methode en bereidingstijd. U kunt kiezen uit 7 automatische kookprogramma's en 5 automatische ontdooiprogramma's.
Let daarbij op het volgende:
- 1. Druk toets AUTOMATISCHE PROGRAMMA'S één maal in, de indicatie komt dan overeen met de afbeelding.
Het menu kiest u door toets AUTOMATISCHE PROGRAMMA'S in te drukken tot het gewenste menunummer wordt aangegeven. Zie pag. 89 - 91, tabellen AUTOMATISCHE PROGRAMMA'S. Om een ontdooimenu te kiezen moet u toets AUTOMATISCHE PROGRAMMA'S minstens 8 maal indrukken. Als u deze toets 8 maal indrukt, verschijnt in het display. Het menu wijzigt automatisch, als u toets AUTOMATISCHE PROGRAMMA'S ingedrukt houdt.
- 2. Voer door knop TIJDSCHAKELKLOK/GEWICHT te draaien het gewenste gewicht in.
- Alleen het gewicht van de levensmiddelen invoeren. Het gewicht van het servies niet meerekenen.
- Voor gerechten met een hoger of lager gewicht dan in de tabel aangegeven kiest u handmatig gebruik. Let op de aanwijzingen in de tabel om goede resultaten te bereiken.
toets AUTOMATISCHE PROGRAMMA'S x1
menunummer
knop TIJDSCHAKELKLOK/ GEWICHT
toets START/+30
- 3. Start het proces door toets START/+30 in te drukken.
Als een bedieningshandeling noodzakelijk is (bijv. levensmiddelen omkeren) stopt het apparaat automatisch, er klinkt een akoestisch signaal, de resterende bereidingstijd en andere symbolen worden knipperend aangegeven. Om het proces voort te zetten toets START/+30 indrukken.
De temperatuur aan het einde van de bereidingstijd hangt af van de uitgangstemperatuur. Controleer of de levensmiddelen gaar genoeg zijn. Indien nodig kunt u de bereidingstijd verlengen en een hoger vermogen instellen.
Voorbeeld: Voor het bereiden van een ovenschotel met een gewicht van 1 kg kiest u AUTOMATISCH KOOKPROGRAMMA AC-7.
- 1. Kies het gewenste menu door toets AUTOMATISCHE PROGRAMMA'S 7 maal in te drukken.
- 2. Voer door knop TIJDSCHAKELKLOK/GEWICHT rechtsom te draaien het gewicht in.
- 3. Druk toets START/+30 in.
Controleer het display.
Pagina 19
TABELLEN AUTOMATISCHE PROGRAMMA'S
| TOETS | KOOK-PROGRAMMA | HOEVEELHEID (gewichtseenheid)/SERVIES | TIPS |
|---|---|---|---|
| 1x | AC-1 koken diepgevroren groente bijv. spruitjes, bloemkool, erwtjes, broccoli, gemengde groente | 0,1 - 0,6 kg (100 g) (uitgangstemp. -18° C) schaal met deksel | • Per 100 g 1 el water en wat zout toevoegen (voor paddestoelen is geen extra water nodig). • Met een deksel afdekken. • Als het akoestische signaal klinkt en het apparaat stopt, omroeren en weer afdekken. • Na het koken ca. 2 minuten laten staan. AANWIJZING: voor compact bevroren groente handmatig gebruik kiezen. |
| 2x | AC-2 koken verse groente | 0,1 - 0,6 kg (100 g) (uitgangstemp. 20° C) schaal met deksel | • In stukjes snijden, bijv. reepjes of plakken. • Per 100 g 1 el water en wat zout toevoegen (voor paddestoelen is geen extra water nodig). • Met een deksel afdekken. |
| • Als het akoestische signaal klinkt en het apparaat stopt, omroeren en weer afdekken. • Na het koken ca. 2 minuten laten staan. | |||
| 3x | AC-3 koken diepgevroren gerechten bijv. spaghetti bolognese, Chinese menu's | 0,3 - 1,0 kg* (100 g) (uitgangstemp. -18° C) schaal met deksel * Als de fabrikant aangeeft dat water moet worden toegevoegd, de totale hoeveelheid voor het | • Gerecht in een voor de magnetron geschikte schaal doen. • Indien door de fabrikant aangegeven, wat vloeistof toevoegen. • Met een deksel afdekken. • Indien door de fabrikant aangegeven, zonder deksel koken. • Als het akoestische signaal klinkt en het |
| programma inclusief de extra vloeistof berekenen. | apparaat stopt, omroeren en weer afdekken. • Na het koken omroeren en ca. 2 minuten laten staan. | ||
| 4x | AC-4 koken diepgevroren ovenschotels bijv. lasagne, pastaschotels | 0,2 - 0,6 kg (100 g) (uitgangstemp. -18° C) platte, ovale ovenschaal met magnetronfolie of voor de magnetron geschikte originele | • Ovenschotel uit de verpakking nemen. Evt. in een ovenschaal overdoen. • Met magnetronfolie afdekken. • Als de verpakking geschikt voor de magnetron is, papieren deksel verwijderen en met magnetronfolie afdekken. |
| verpakking met magnetronfolie | • Na het bereiden ca. 5 minuten laten staan. | ||
| 5x | AC-5 koken aardappelen | 0,1 - 0,8 kg (100 g) (uitgangstemp. 20° C) schaal met deksel | Gekookte aardappelen: aardappelen schillen en in even grote stukken snijden. In de schil gekookte aardappelen: aardappelen van gelijke grootte uitzoeken en wassen. |
| • Aardappelen in een schaal doen. • Benodigde hoeveelheid water (ca. 2 el per 100 g) en wat zout toevoegen. • Met een deksel afdekken. • Als het akoestische signaal klinkt en het apparaat stopt, omroeren en weer afdekken. • Na het koken ca. 2 minuten laten staan. |
Pagina 20
TABELLEN AUTOMATISCHE PROGRAMMA'S
| TOETS | KOOK-PROGRAMMA | HOEVEELHEID (gewichtseenheid)/SERVIES | TIPS | |
|---|---|---|---|---|
| AC-6 koken | 0,4 - 1,2 kg* (100 g) | • Zie recept "visfilet met saus" op pag. 91 - 92. | ||
| 6x | visfilet met | saus | (uitgangstemp. vis 5° C, saus 20° C) ovenschaal met | * Totale gewicht van alle ingrediënten. |
| magnetronfolie | ||||
| 7x | AC-7 koken ovenschotels | 0,5 - 1,5 kg* (100 g) (uitgangstemp. 20° C) ovenschaal met magnetronfolie | • Zie recept "ovenschotels " op pag. 92. * Totale gewicht van alle ingrediënten. | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
| TOETS | ONTDOOI-PROGRAMMA | HOEVEELHEID (gewichtseenheid)/SERVIES | TIPS | |
|---|---|---|---|---|
| 8x | Ad-1 ontdooien biefstuk en karbonade | 0,2 - 0,8 kg (100 g) (uitgangstemp. -18° C) plat bord (zie AANWIJZING op pag. 91) | • Op een plat bord in het midden van het draaiplateau zetten. • Als het akoestische signaal klinkt, vlees omkeren, evt. uit elkaar halen. Dunne delen en warme plekken afdekken met kleine stroken aluminiumfolie. • Na het ontdooien met aluminiumfolie afdekken en 10-15 minuten laten staan, tot alles volledig ontdooid is. | |
| 9x | Ad-2 ontdooien gehakt | 0,2 - 0,8 kg (100 g) (uitgangstemp. -18° C) plat bord (zie AANWIJZING op pag. 91) | • Op een plat bord in het midden van het draaiplateau zetten. • Als het akoestische signaal klinkt, gehakt omkeren. Voorzover mogelijk ontdooide delen verwijderen. • Na het ontdooien met aluminiumfolie afdekken en 10-15 minuten laten staan, tot alles volledig ontdooid is. | |
| 10x | Ad-3 ontdooien gevogelte | 0,9 - 1,5 kg (100 g) (uitgangstemp. -18° C) plat bord (zie AANWIJZING op pag. 91) | • Op een plat bord in het midden van het draaiplateau zetten. • Als het akoestische signaal klinkt, gevogelte omkeren, evt. uit elkaar halen. Dunne delen en warme plekken afdekken met kleine stroken aluminiumfolie. • Na het ontdooien met aluminiumfolie afdekken en 15-30 minuten laten staan, tot alles volledig ontdooid is. • Gevogelte onder stromend water afspoelen. | |
Pagina 21
TABELLEN AUTOMATISCHE PROGRAMMA'S
| TOETS | ONTDOOI-PROGRAMMA | HOEVEELHEID (gewichtseenheid)/SERVIES | TIPS |
|---|---|---|---|
| 11x | Ad-4 ontdooien gebak | 0,1 - 1,4 kg (100 g) (uitgangstemp. -18° C) bord | • Gebak uit de verpakking nemen. • Direct op het draaiplateau of op een bord in het midden van het draaiplateau zetten. • Na het ontdooien in even grote stukken snijden, tussen de stukken wat ruimte laten en 10-30 minuten laten staan, tot het gelijkmatig ontdooid is. |
| 12x | Ad-5 ontdooien brood | 0,1 - 1,0 kg (100 g) (uitgangstemp. -18° C) plat bord (Voor dit programma alleen sneetjes brood) | • Op een plat bord in het midden van het draaiplateau zetten. Grote hoeveelheden direct op het draaiplateau leggen. • Als het akoestische signaal klinkt, sneetjes opnieuw rangschikken en ontdooide sneetjes uit de oven nemen. • Na het ontdooien met aluminiumfolie afdekken en 5-15 minuten laten staan tot het volledig ontdooid is. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
AANWIJZING: automatische ontdooiprogramma's
- 1. Biefstukken en karbonades naast elkaar (in 1 laag) invriezen.
- 2. Gehakt plat invriezen.
- 3. Na het omkeren de al ontdooide delen met strookjes aluminiumfolie afdekken.
- 4. Gevogelte direct na het ontdooien verder verwerken.
- 5. Gebak met room reageert zeer gevoelig op microgolvenenergie. Zodra de room snel vloeibaar wordt, het gebak direct uit de oven nemen en bij kamertemperatuur 10 tot 30 minuten laten staan.
RECEPTEN VOOR AUTOMATISCHE KOOKPROGRAMMA'S AC-6 EN AC-7
VISFILET MET SAUS (AC-6) visfilet met pikante saus ingrediënten
| 0,4 kg | 0,8 kg | 1,2 kg | |
| 140 g 40 g 4 g 12 g 1 tsp 200 g | 280 g 80 g 8 g 24 g 1-2 tsp 400 g | 420 g 120 g 12 g 36 g 2 tsp 600 g | tomaten uit blik (uitgelekt) mais chilisaus uien (gesnipperd) rode wijnazijn mosterd, tijm, cayennepeper visfilet zout |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
Bereiding
- 1. De ingrediënten voor de saus door elkaar mengen.
- 2. De gezouten visfilets met de dunne einden naar het midden in een ronde ovenschaal leggen.
- 3. De saus over de filets gieten.
- 4. Met magnetronfolie afdekken en met AUTOMATISCH KOOKPROGRAMMA AC-6 koken.
- 5. Na het koken ca. 2 minuten laten staan.
Pagina 22
RECEPTEN VOOR AUTOMATISCHE KOOKPROGRAMMA'S AC-6 EN AC-7
VISFILET MET SAUS (AC-6) visfilet met kerriesaus ingrediënten
| 0,4 kg | 0,8 kg | 1,2 kg | |
| 200 g 40 g 160 g | 400 g 80 g 320 g | 600 g 120 g 480 g | visfilet zout bananen (in kleine stukjes) kant-en-klare kerriesaus |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
OVENSCHOTELS (AC-7) spinazieschotel ingrediënten
| 0,5 kg | 1,0 kg | 1,5 kg | |
| 5 g 150 g 15 g 150 g 35 g 50 g 1 40 g | 10 g 300 g 30 g 300 g 75 g 100 g 2 75 g | 15 g 450 g 45 g 450 g 110 g 150 g 3 115 g | boter of margarine om de schaal in te vetten bladspinazie (ontdooien en afgieten) uien (gesnipperd) zout, peper, nootmuskaat aardappelen (in plakjes) gekookte ham (in blokjes) crème fraiche ei (eren) geraspte kaas paprikapoeder |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
OVENSCHOTELS (AC-7) aardappel-courgetteschotel ingrediënten
| 0,5 kg | 1,0 kg | 1,5 kg | |
| 200 g 115 g 75 g 1 1/2 40 g 10 g | 400 g 230 g 150 g 2 1 80 g 20 g | 600 g 345 g 225 g 3 2 120 g 30 g | aardappelen (in plakjes) courgettes (in plakjes) crème fraiche ei (eren) teentjes knoflook (geperst) zout, peper kaas (geraspt) zonnebloempitten paprikapoeder |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
Bereiding
- 1. De gezouten visfilets met de dunne einden naar het midden in een ronde ovenschaal leggen.
- 2. De saus over de filets gieten en de stukjes banaan erop leggen.
- 3. Met magnetronfolie afdekken en met AUTOMATISCH KOOKPROGRAMMA AC-6 koken.
- 4. Na het koken ca. 2 minuten laten staan.
Bereiding
- 1. De spinazie met de ui vermengen en met zout, peper en nootmuskaat kruiden.
- 2. De ovenschaal invetten. Om en om plakjes aardappel, blokjes ham en spinazie in de schaal leggen. De bovenste laag moet spinazie zijn.
- 3. Eieren en crème fraiche door elkaar roeren en over de spinazie gieten.
- 4. Met geraspte kaas en paprikapoeder bestrooien.
Met AUTOMATISCH KOOKPROGRAMMA AC-7 koken.
- 5. Na het koken 5-10 minuten laten staan.
Bereiding
- 1. De ovenschaal invetten en om en om plakjes aardappel en courgette in de schaal leggen.
- 2. Eieren en crème fraiche door elkaar roeren, met zout, peper en knoflook kruiden en over de groente gieten.
- 3. Met geraspte kaas en paprikapoeder bestrooien.
- 4. Ten slotte met zonnebloempitten bestrooien.
Met AUTOMATISCH KOOKPROGRAMMA AC-7 koken.
- 5. Na het koken 5-10 minuten laten staan.
Pagina 23
TABELLEN
el = eetlepel g = gram cm = centimeter
GEBRUIKTE AFKORTINGEN tl = theelepel l = liter
min. = minutenkg = kilogram ml = milliliter
TABEL: DRANKEN EN GERECHTEN VERWARMEN hoeveelheid vermogens- tijd tips (g/ml) stand (min.)
drank/gerecht
| koffie, 1 kopje 150 melk, 1 kopje 150 water, 1 kopje 150 6 kopjes 900 1 kom 1000 maaltijd op bord 400 (groente, vlees, bijgerecht) éénpansgerecht 200 soep, helder 200 soep, gebonden 200 groente 200 500 bijgerechten 200 500 vlees 1 plak* 200 visfilet * 200 worstjes, 2 stuks 180 gebak, 1 stuk 100 babyvoeding. 1 potje 190 | 800 W 800 W 800 W 800 W 800 W 800 W 800 W 800 W 800 W 800 W 800 W 800 W 800 W 800 W 800 W 560 W 400 W 400 W | ca. 1 ca. 1 1¹/2 -2 10-12 11¹/2-13 3-6 1¹/2-2¹/2 1¹/2-2 1¹/2-2¹/2 2-2¹/2 4-5 2-2¹/2 4-4¹/2 3-4 2-3 ca. 2 1/2 ca. 1 | niet afdekken niet afdekken niet afdekken, aan de kook brengen niet afdekken, aan de kook brengen afdekken, aan de kook brengen saus met water besprenkelen, afdekken, tussendoor omroeron afdekken, na het verwarmen omroeren afdekken, na het verwarmen omroeren afdekken, na het verwarmen omroeren evt. wat water toevoegen, afdekken, na de helft van de tijd omroeren met wat water besprenkelen, afdekken, tussendoor omroeren met wat saus besprenkelen, afdekken afdekken vel enkele malen inprikken op een rooster leggen deksel verwijderen, na het verwarmen goed omroeren en temperatuur controleren |
| margarine of boter smelten* 50 chocolade smelten 100 6 blaadjes gelatine oplossen 10 taartglazuur voor ¹/4 l vloeistof 10 | 800 W 400 W 400 W 400 W | 1/2-1 2-3 1/2 5-6 | tussendoor omroeren in water weken, goed uitdrukken en in een soepkom doen; tussendoor omroeren met suiker en 250 ml vloeistof vermengen, afdekken, tussendoor en na het verwarmen goed omroeren |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
* vanaf koelkasttemperatuur
TABEL: VLEES, VIS EN GEVOGELTE BRADEN
hoeveel vermogens- tijd tips heid (g) stand (min.)
product standtijd (min.)
| vlees | 500 | 800 W | 8-10* |
|---|---|---|---|
| (varken, | 400 W | 10-12 | |
| kalf, lam) | 1000 | 800 W | 19-21* |
| 400 W | 11-14 | ||
| 1500 | 800 W | 33-36* | |
| 400 W | 13-17 | ||
| rosbief (medium) | 1000 | 800 W | 9-11* |
| 400 W | 5-7 | ||
| gehaktbrood | 1000 | 800 W | 16-18 |
| visfilet | 200 | 800 W | 3-4 |
| kip | 1200 | 800 W | 21-24 |
| kippenbout | 200 | 800 W | 3-4 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
naar smaak kruiden, in een platte schaal leggen, na * omkeren
naar smaak kruiden, in een platte schaal leggen, na * omkeren half-om-half gehakt gebruiken, in een platte schaal leggen naar smaak kruiden, op een bord leggen, afdekken naar smaak kruiden, in een platte schaal leggen, na de helft van de tijd omkeren naar smaak kruiden, op een bord leggen, afdekken
Pagina 24
TABELLEN
TABEL: ONTDOOIEN
hoeveelheid vermogens- tijd tips (g) stand (min.)
product standtijd (min.)
| braadvlees | 1500 |
|---|---|
| (bijv. varken, rund, lam, kalf) | 1000 |
| biefstuk, schnitzel | 500 |
| karbonade, lever | 200 |
| goulash | 500 |
| worstjes: 8 stuks | 600 |
| 4 stuks | 300 |
| eend/kalkoen | 1500 |
| kip | 1200 |
| 1000 | |
| kippenbout | 200 |
| hele vis | 800 |
| visfilet | 400 |
| garnalen | 300 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
broodjes, 2 stuks 80 volkorenbrood, sneetjes 250 rogge-tarwebrood, heel 750 gebak, 1 stuk 100-150 slagroomtaart, 1 stuk hele taart, ø 25 cm boter 250 fruit, (bijv. aardbeien, 250 frambozen, kersen, pruimen)
| 80 W | 58-64 | op een omgekeerd bord leggen, 30-90 |
| 80 W | 42-48 | na de helft van de tijd omkeren 30-90 |
| 80 W | 19-23 | 30-90 |
| 80 W | 4-5 | na de helft van de tijd omkeren 30 |
| 240 W | 8-12 | tussendoor 2 x omkeren en uit elkaar halen 10-15 |
| 240 W | 6-9 | naast elkaar leggen, na de helft van 5-10 |
| 240 W | 4-5 | de tijd omkeren 5-10 |
| 80 W | 48-52 | op een omgekeerd bord leggen, na de helft 30-90 van de tijd omkeren |
| 80 W | 39-43 | op een omgekeerd bord leggen, na de helft 30-90 van de tijd omkeren |
| 80 W | 33-37 | op een omgekeerd bord leggen, na de helft 30-90 van de van de tijd omkeren |
| 240 W | 4-5 | na de helft van de tijd omkeren 10-15 |
| 240 W | 9-12 | na de helft van de tijd omkeren 10-15 |
| 240 W | 7-10 | na de helft van de tijd omkeren 5-10 |
| 240 W | 6-8 | na de helft van de tijd omkeren 30 en ontdooide delen verwijderen |
| 240 W | env. 1 | slechts gedeeltelijk ontdooien - |
| 240 W | 2-4 | sneetjes naast elkaar leggen, slechts gedeeltelijk ontdooien 5 |
| 240 W | 6-8 | na de helft van de tijd omkeren 30 |
| 80 W | 2-5 | op een bord leggen 5 |
| 80 W | 3-4 | op een bord leggen 10 |
| 80 W | 18-20 | op een bord leggen 30-60 |
| 240 W | 2-4 | slechts gedeeltelijk ontdooien 15 |
| 240 W | 4-5 | gelijkmatig naast elkaar leggen, na de helft 5 van de tijd omkeren |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
product hoeveelheid (g)
| visfilet | 300 |
|---|---|
| forel, 1 stuk | 250 |
| maaltijd op bord | 400 |
| bladspinazie | 300 |
| broccoli | 300 |
| erwtjes | 300 |
| koolrabi | 300 |
| gemengde groente | 500 |
| spruitjes | 300 |
| rode kool | 450 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
TABEL: ONTDOOIEN EN KOKEN
vermogens- tijd water tips stand (min.) toevoegen(el)
| 800 W | 10-12 | - | afdekken |
|---|---|---|---|
| 800 W | 5-7 | - | afdekken |
| 800 W | 9-11 | - | afdekken, na 6 minuten omroeren |
| 800 W | 6-8 | - | afdekken, 1 tot 2 x omroeren |
| 800 W | 7-9 | 3-5 | afdekken, na helft van de tijd omroeren |
| 800 W | 7-9 | 3-5 | afdekken, na helft van de tijd omroeren |
| 800 W | 7-9 | 3-5 | afdekken, na helft van de tijd omroeren |
| 800 W | 11-13 | 3-5 | afdekken, na helft van de tijd omroeren |
| 800 W | 7-9 | 3-5 | afdekken, na helft van de tijd omroeren |
| 800 W | 10-12 | 3-5 | afdekken, na helft van de tijd omroeren |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
standtijd (min.)
1-2 1-2 2 2 2 2 2 2 2 2
Pagina 25
TABELLEN
groente
aardappelen in de schil aardappelen, gekookt
bladspinazie
bloemkool
broccoli champignons Chinese kool courgette erwtjes koolrabi paprika prei rode kool selderij spruitjes uien venkel witte kool wortels
TABEL: VERSE GROENTE KOKEN
hoeveel- vermogens- tijd tips water toevoegen heid (g) stand (min.) (el/ml)
500 800 W 9-11 afdekken, tussendoor omroeren, 4-5 el 500 800 W 9-11 in even grote stukken snijden, iets zouten, afdekken, 150 ml tussendoor omroeren
300 800 W 5-7 na het wassen goed laten uitlekken, afdekken, - tussendoor 1-2 x omroeren
800 800 W 15-17 in roosjes verdelen, afdekken, tussendoor omroeren 5-6 el 500 800 W 10-12
500 800 W 9-11 in roosjes verdelen, afdekken, tussendoor omroeren 4-5 el 500 800 W 8-10 afdekken, tussendoor omroeren - 300 800 W 9-11 in repen snijden, afdekken, tussendoor omroeren 4-5 el 500 800 W 9-11 in plakken snijden, afdekken, tussendoor omroeren 4-5 el 500 800 W 9-11 afdekken, tussendoor omroeren 4-5 el 500 800 W 10-12 in blokjes snijden, afdekken, tussendoor omroeren 50 ml 500 800 W 7-9 in blokjes snijden, afdekken, tussendoor omroeren 4-5 el 500 800 W 9-11 in ringen snijden, afdekken, tussendoor omroeren 4-5 el 500 800 W 15-17 in repen snijden, afdekken, tussendoor 1-2 x omroeren 50 ml 500 800 W 9-11 in blokjes snijden, afdekken, tussendoor omroeren 50 ml 500 800 W 9-11 afdekken, tussendoor omroeren 50 ml 250 800 W 5-7 geheel, in magnetronfolie - 500 800 W 9-11 in vieren snijden, afdekken, tussendoor omroeren 4-5 el 500 800 W 15-17 in repen snijden, afdekken, tussendoor omroeren 50 ml 500 800 W 10-12 in plakken snijden, afdekken, tussendoor omroeren 4-5 el 300 800 W 7-9 -
RECEPTEN
AANPASSEN VAN TRADITIONELE RECEPTEN
Als u uw vanouds beproefde recepten wilt aanpassen voor de magnetron, moet u op het volgende letten: De bereidingstijden met een derde tot de helft verkorten. Zie ook de recepten in deze gebruiksaanwijzing. Levensmiddelen met veel vocht zoals vlees, vis, gevogelte, groente, fruit, éénpansgerechten en soep kunnen zonder problemen in de magnetron worden bereid. Bij gerechten met weinig vloeistof zoals maaltijden op een bord moet u het oppervlak wat vochtig maken.
Toevoegen van vloeistoffen bij rauwe levensmiddelen die gestoofd worden, tot ca. tweederde van de hoeveelheid in het originele recept reduceren. Indien nodig tijdens het bereidingsproces wat vloeistof toevoegen.
Toevoegen van vet kan aanzienlijk gereduceerd worden.
Een kleine hoeveelheid boter, margarine of olie is voldoende om het gerecht smaak te geven. Daarom is de magnetron uitstekend geschikt voor het bereiden van vetarme gerechten.
RECEPTEN GEBRUIKEN
- Alle recepten in deze gebruiksaanwijzing zijn, tenzij anders aangegeven, bedoeld voor 4 porties.
- Aanwijzingen m.b.t. servies en totale bereidingstijd vindt u aan het begin van de recepten.