naslaan.comZoekenAlle merken

Zanussi ZNLE18FS1, tekst van de handleiding

Pagina's 2–18 van 56 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← begin van de handleiding

Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 2

GA NAAR ONZE WEBSITE VOOR:

Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie-informatie:

www.zanussi.com/support

VEILIGHEIDSINFORMATIE

Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeit uit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.

VEILIGHEID VAN KINDEREN EN KWETSBARE PERSONEN

ALGEMENE VEILIGHEID

Pagina 3

Pagina 4

VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

INSTALLEREN

WAARSCHUWING! Alleen een erkende installatietechnicus mag dit apparaat installeren.

Gooi het onmiddellijk weg.

ELEKTRISCHE AANSLUITING

WAARSCHUWING! Gevaar voor brand en elektrische schokken.

WAARSCHUWING! Zorg er bij het plaatsen van het apparaat voor dat het stroomsnoer niet klem zit of wordt beschadigd.

WAARSCHUWING! Gebruik geen adapters met meerdere stekkers en verlengkabels.

Servicedienst of een elektricien om de elektrische onderdelen te wijzigen.

GEBRUIK

WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel, brandwonden of elektrische schokken.

Het apparaat bevat ontvlambaar gas, isobutaan (R600a), een aardgas met een hoge ecologische compatibiliteit. Zorg ervoor dat u het koelcircuit dat isobutaan bevat, niet beschadigt.

Pagina 5

BINNENVERLICHTING

WAARSCHUWING! Gevaar voor elektrische schokken.

Deze lampen zijn bedoeld om bestand te zijn tegen extreme fysieke omstandigheden in huishoudelijke apparaten, zoals temperatuur, trillingen, vochtigheid, of zijn bedoeld om informatie te geven over de operationele status van het apparaat. Ze zijn niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zijn niet geschikt voor verlichting in huishoudelijke ruimten.

ONDERHOUD EN REINIGING

WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat.

SERVICE

VERWIJDERING

WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel of verstikking.

Neem contact met uw plaatselijke overheid voor informatie m.b.t. correcte afvalverwerking van het apparaat.

INSTALLEREN

WAARSCHUWING! Zie de hoofdstukken over veiligheid.

WAARSCHUWING! Raadpleeg het installatie-instructiedocument om uw apparaat te installeren.

WAARSCHUWING! Zet het apparaat vast in overeenstemming met de installatie-instructies om een risico op instabiliteit van het apparaat te voorkomen.

Pagina 6

AFMETINGEN

Totale afmetingen ¹
H1mm1772
W1*mm548
D1mm549

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 6)

¹ de hoogte, breedte en diepte van het apparaat zijn exclusief de handgreep

* inclusief de breedte van de onderste scharnieren (8 mm)

Benodigde ruimte tijdensgebruik ²
H2 (A+B) mm1816
W2* mm548
D2 mm551

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 6)

Benodigde ruimte tijdensgebruik ²
Amm1780
Bmm36
² de hoogte, breedteen diepte vanhet apparaat

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 6)

inclusief de handgreep, plus de ruimte die nodig is voor vrije circulatie van de koellucht

* inclusief de breedte van de onderste scharnieren (8 mm)

Totale benodigde ruimte in gebruik ³
H3 (A+B) mm1816
W3* mm548
D3 mm1071

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 6)

Pagina 7

³ de hoogte, breedte en diepte van het apparaat inclusief de handgreep, plus de ruimte die nodig is voor vrije circulatie van de koellucht, plus de ruimte die nodig is om de deur te openen tot de minimale hoek waarbij de volledige inhoud kan worden uitgenomen.

* inclusief de breedte van de onderste scharnieren (8 mm)

LOCATIE

Om de beste werking van het apparaat te garanderen, mag u het apparaat niet installeren op een plaats met direct zonlicht. Installeer het apparaat niet in de buurt van radiatoren of fornuizen, ovens of kookplaten, tenzij anders aangegeven in de installatie-instructies.

Zorg ervoor dat lucht vrij kan circuleren rond de achterkant van de kast.

Dit apparaat moet op een droge, goed geventileerde plaats binnenshuis worden geïnstalleerd.

Dit apparaat is bedoeld voor gebruik bij een omgevingstemperatuur variërend van 10°C tot 43°C.

De juiste werking van het apparaat kan enkel worden gegarandeerd bij het opgegeven temperatuurbereik.

Mocht je vragen hebben over de plek waar je het apparaat moet installeren, neem dan contact op met de leverancier, de klantenservice of het dichtstbijzijnde bevoegde servicecentrum.

Het moet mogelijk zijn om het apparaat van de hoofdstroomtoevoer af te halen. De stekker moet daarom na de installatie gemakkelijk toegankelijk zijn.

ELEKTRISCHE AANSLUITING

frequentie die op het typeplaatje staan overeenkomen met je huishoudelijke voeding.

VENTILATIEVEREISTEN

Er moet voldoende luchtstroom mogelijk zijn achter het apparaat.

min.

200 cm² min. 200 cm²

LET OP! Raadpleeg de installatie-instructies voor de installatie.

OMKEERBAARHEID VAN DE DEUR

Raadpleeg het afzonderlijke document met instructies voor installatie en omdraaien van de deur.

LET OP! Bedek tijdens iedere fase van het omdraaien van de deur de vloer met een duurzaam materiaal om krassen te voorkomen.

Pagina 8

BEDIENINGSPANEEL

Aan/Uittoets

INSCHAKELEN

UITSCHAKELEN

Blijf de toets van de temperatuurregelaar 3 seconden aanraken.

Alle indicatielampjes zijn uit.

TEMPERATUURREGELING

Druk om het apparaat te bedienen op de temperatuurregelaar totdat de LED die bij de vereiste temperatuur hoort oplicht. De selectie loopt progressief, van 2°C tot 8°C. Aanbevolen instelling is 4°C.

Het indicatielampje voor de huidige temperatuur knippert. Bij elke aanraking van de temperatuurregelaar gaat de instelling een stand vooruit. Het relevante LED knippert een tijdje.

De ingestelde temperatuur wordt binnen 24 uur bereikt. Na een stroomstoring blijft de ingestelde temperatuur opgeslagen.

FASTFREEZE -FUNCTIE

De FastFreeze-functie wordt gebruikt voor het voorvriezen en snel invriezen in volgorde in het vriesvak. Deze functie versnelt het invriezen van vers voedsel en beschermt voedsel dat reeds is opgeslagen in het vriesvak tegen ongewenste opwarming.

Activeer om vers voedsel in te vriezen de FastFreeze-functie ten minste 24 uur voordat u het voedsel erin plaatst om het voorvriezen te voltooien.

Om de FastFreeze-functie in te schakelen, drukt u op de FastFreeze-knop. Het FastFreeze-indicatielampje wordt ingeschakeld.

Deze functie stopt automatisch na 52 uur.

De functie kan te allen tijde uitgeschakeld worden door opnieuw op de FastFreeze-knop te drukken. Het FastFreeze-indicatielampje wordt uitgeschakeld.

DEUR OPEN-ALARM

Als de deur van de koelkast gedurende ongeveer 5 minuten open is blijven staan, is het geluid aan. Tijdens het alarm kan het geluid worden gedempt door op een willekeurige knop te drukken. Het geluid schakelt na ongeveer één uur automatisch uit om storingen te voorkomen.

Het alarm stopt als de deur wordt gesloten.

Pagina 9

DAGELIJKS GEBRUIK

HET PLAATSEN VAN DE DEURSCHAPPEN

Voor het bewaren van etenswaren van verschillende groottes kunnen de deurrekken op verschillende hoogtes worden geplaatst.

VERPLAATSBARE SCHAPPEN

De wanden van de koelkast zijn voorzien van een aantal glijschoenen zodat de schappen op de gewenste plaats gezet kunnen worden.

Verwijder de glasplaat boven de groentelade niet om een goede luchtcirculatie te garanderen.

GROENTELADES

In het onderste deel van het apparaat bevinden zich speciale lades die geschikt zijn voor de opslag van groenten en fruit.

VERS VOEDSEL INVRIEZEN

Het vriesvak is geschikt voor het invriezen van vers voedsel en voor het gedurende een lange periode bewaren van ingevroren en diepgevroren voedsel. Activeer deFastFreezefunctie om vers voedsel in te vriezen ten minste 24 uur voordat u het voedsel plaatst om het voorvriezen te voltooien.

Bewaar het verse voedsel gelijkmatig verdeeld in alle vakken of laden.

De maximale hoeveelheid voedsel dat kan worden ingevroren zonder ander vers voedsel toe te voegen, gedurende 24 uur, staat aangegeven op het typeplaatje (een label dat zich aan de binnenkant van het apparaat bevindt).

Wanneer het invriesproces is voltooid, keert het apparaat automatisch terug naar de vorige temperatuurinstelling (zie "FastFreeze-functie").

In deze toestand kan de temperatuur in de koelkast enigszins veranderen.

Raadpleeg voor meer informatie "Tips voor het invriezen".

HET BEWAREN VAN INGEVROREN VOEDSEL

Als u het apparaat voor het eerst of na een periode waarin het niet is gebruikt inschakelt, dient u voordat u de producten in het vak legt het apparaat minstens 3 uur te laten werken met de FastFreezefunctie ingeschakeld.

De vrieslades zorgen ervoor dat je het gewenste voedsel snel en eenvoudig kunt terugvinden. Verwijder alle lades als er grote hoeveelheden voedsel bewaard moeten worden en leg het voedsel op de schappen.

Bewaar het voedsel op minstens 15 mm afstand van de deur.

LET OP! Bij onbedoelde ontdooiing door bijvoorbeeld stroomuitval, waarbij de stroom langer is uitgeschakeld dan de waarde die op het typeplaatje staat onder 'tijdsduur', moet het ontdooide voedsel snel worden geconsumeerd of onmiddellijk worden bereid, vervolgens afgekoeld en daarna opnieuw worden ingevroren.

Pagina 10

ONTDOOIEN

Diepgevroren of gevroren voedsel kan, voordat het wordt geconsumeerd, worden ontdooid in de koelkast of in een plastic zak onder koud water. Deze handeling is afhankelijk van de beschikbare tijd en het soort voedsel. Kleine stukjes kunnen zelfs nog bevroren gekookt worden.

HET MAKEN VAN IJSBLOKJES

Dit apparaat is uitgerust met een of meer bladen voor het maken van ijsblokjes.

Gebruik geen metalen instrumenten om de laden uit de vriezer te halen.

TIPS EN ADVIES

TIPS VOOR ENERGIEBESPARING

De positie van de deurbakken heeft geen invloed op het energieverbruik.

TIPS VOOR HET INVRIEZEN

TIPS VOOR HET BEWAREN VAN INGEVROREN VOEDSEL

.

Een hogere temperatuurinstelling in het apparaat kan leiden tot een kortere houdbaarheid.

Pagina 11

WINKELTIPS

Na het boodschappen doen:

HOUDBAARHEID VOOR VRIESCOMPARTIMENT

Soort voedselHoudbaarheid (maanden)
Brood3
Fruit (met uitzondering van citrusvruchten)6 - 12
Groenten8 - 10
Restjes zonder vlees1 - 2

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)

Zuivelproducten:

Boter
Zachte kaas (zoals mozzarella)
Harde kaas (zoals Parmezaanse kaas, cheddar)
6 - 9 3 - 4 6
Vis/Zeevruchten:
Vette vis (zoals zalm, makreel) Magere vis (zoals kabeljauw, bot) Garnalen
Gepelde mosselen en mosselen Gekookte vis
2 - 3 4 - 6 12
3 - 4 1 - 2

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)

Vlees:

Gevogelte9 - 12
Rundvlees6 - 12
Varkensvlees4 - 6
Lamsvlees6 - 9
Worst1 - 2
Ham1 - 2
Restjes met vlees2 - 3
TIPS VOOR HET KOELEN VAN VERS•Gebruik altijd gesloten recipiënten voor
VOEDSELvloeistoffen en voor voedsel, om smaken of
• Een goede temperatuurinstelling die degeuren in het vak te voorkomen.
conservering van vers voedsel garandeert is een temperatuur lager dan of gelijk aan +4°C.•Om kruisbesmetting tussen gekookt en rauw voedsel te voorkomen, bedekt je het gekookte
Een hogere temperatuurinstelling in hetvoedsel en scheidt je het van het rauwe.
apparaat kan leiden tot een kortere houdbaarheid van voedsel.•Het wordt aanbevolen om het voedsel in de koelkast te ontdooien.
• Bedek het voedsel met een verpakking om de versheid en het aroma te behouden.•Plaats geen warm voedsel in het apparaat. Zorg ervoor dat het is afgekoeld bij kamertemperatuur voordat je het in het apparaat plaatst.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)

Pagina 12

TIPS VOOR HET KOELEN VAN VOEDSEL

markering (op het typeplaatje) met .

ONDERHOUD EN REINIGING

WAARSCHUWING! Zie de hoofdstukken over veiligheid.

HET REINIGEN VAN DE BINNENKANT

Voordat u het apparaat voor de eerste keer gebruikt, moet u de binnenkant en de interne accessoires wassen met lauwwarm water en een beetje neutrale zeep om de typische geur van een nieuw product te verwijderen. Daarna moet u het grondig drogen.

LET OP! Gebruik geen reinigingsmiddelen, schuurpoeders, chloor of reinigers op oliebasis. Deze beschadigen de afwerking.

LET OP! De accessoires en onderdelen van het apparaat zijn niet vaatwasserbestendig.

PERIODIEKE REINIGING

Het apparaat moet regelmatig worden schoongemaakt:

ONTDOOIEN VAN DE KOELKAST

Rijp wordt tijdens normaal gebruik automatisch van de verdamper van het koelgedeelte verwijderd. Het

dooiwater wordt via een gootje afgevoerd naar een speciale opvangbak aan de achterkant van het apparaat, boven de compressor, waar het verdampt.

Het is belangrijk om het afvoergaatje voor het dooiwater midden in het afvoerkanaal van het koelgedeelte regelmatig te reinigen, om te voorkomen dat het water overloopt en op het voedsel in de koelkast terechtkomt.

Gebruik hiervoor de buisreiniger die is meegeleverd met het apparaat.

Pagina 13

DE VRIEZER ONTDOOIEN

LET OP! Gebruik nooit scherpe metalen hulpmiddelen om rijp van de verdamper af te schrapen, omdat u deze hiermee zou kunnen beschadigen.

Gebruik geen mechanische of andere middelen om het ontdooiproces te versnellen, behalve middelen die door de fabrikant zijn aanbevolen.

Gebruik de meegeleverde ijsschraper niet bij het bereiden van voedsel.

Stel ongeveer 12 uur voordat je gaat ontdooien een lagere temperatuur in om voldoende koudereserve op te bouwen in geval van mogelijke onderbrekingen tijdens de werking.

Er zal altijd een bepaalde hoeveelheid rijp worden gevormd op de vriesvakken en rond het bovenste vak.

Ontdooi de vriezer wanneer de rijplaag een dikte van ongeveer 3-5 mm heeft.

LET OP! Een temperatuurstijging tijdens het ontdooien van de ingevroren levensmiddelen kan de veilige bewaartijd verkorten.

Raak bevroren levensmiddelen niet met natte handen aan. Uw handen kunnen dan aan het voedsel vastvriezen.

Plaats het eten pas na deze tijd terug in het vriesvak.

PERIODE DAT HET APPARAAT NIET GEBRUIKT WORDT

Neem de volgende voorzorgsmaatregelen als het apparaat gedurende lange tijd niet gebruikt wordt:

PROBLEEMOPLOSSING

WAARSCHUWING! Zie de hoofdstukken over veiligheid.
WAT TE DOEN ALS...
ProbleemMogelijke oorzaakOplossing
Het apparaat werkt niet.Het apparaat werd uitgeschakeld.Schakel het apparaat in.
De stekker zit niet goed in het stopcontact.Steek de stekker goed in het stopcontact.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)

Pagina 14

ProbleemMogelijke oorzaakOplossing
Er staat geen spanning op het stopcontact.Sluit het apparaat aan op een ander stopcontact. Neem contact op met een erkend elektrotechnisch installateur.
Het apparaat is lawaaiig.Het apparaat staat niet stabiel.Controleer of het apparaat stabiel staat.
Er is een hoorbaar of zichtbaar alarm.De deur is open blijven staan.Sluit de deur.
De compressor werkt voortdurend.De temperatuur is verkeerd ingesteld.Raadpleeg het hoofdstuk "Bedieningspaneel".
Er werden veel voedingsproducten in een keer opgeborgen.Wacht een paar uur en controleer dan de temperatuur opnieuw.
De temperatuur in de ruimte is te hoog.Raadpleeg het hoofdstuk "Installeren".
De temperatuur van de voedingsproducten in het apparaat was te hoog.Laat voedingsproducten afkoelen tot kamertemperatuur voordat je ze opbergt.
De deur is niet goed gesloten.Raadpleeg het gedeelte "De deur sluiten".
De FastFreeze-functie is ingeschakeld.Zie de rubriek over ‘FastFreeze-functie’.
De compressor start niet onmiddellijk na het drukken op "FastFreeze" , of na het veranderen van de temperatuur.De compressor start niet direct.Dit is normaal en geen storing.
De deur is niet goed gemonteerd of dekt het ventilatierooster af.Het apparaat staat niet waterpas.Raadpleeg de montage-instructies.
Deur gaat moeilijk open.Je probeerde de deur direct nadat je die sloot opnieuw te openen.Wacht even met de deur openen nadat je die hebt gesloten.
De verlichting werkt niet.De stand-bystand van de verlichting is ingeschakeld.Sluit en open de deur.
De lamp is defect.Neem contact op met de dichtstbijzijnde klantenservice.
Er is te veel bevroren rijp en ijs.De deur is niet goed gesloten.Raadpleeg het gedeelte "De deur sluiten".
Het deurrubber is vervormd of vuil.Raadpleeg het gedeelte "De deur sluiten".

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)

Pagina 15

ProbleemMogelijke oorzaakOplossing
De voedingsproducten is niet goed verpakt.Verpak de voedingsproducten beter.
De temperatuur is verkeerd ingesteld.Raadpleeg het hoofdstuk "Bedieningspaneel".
Apparaat is volledig geladen en is ingesteld op de laagste temperatuur.Stel een hogere temperatuur in. Raadpleeg het hoofdstuk "Bedieningspaneel".
De ingestelde temperatuur in het apparaat is te laag en de omgevingstemperatuur is te hoog.Stel een hogere temperatuur in. Raadpleeg het hoofdstuk "Bedieningspaneel".
Er stroomt water over de achterwand van de koelkast.Tijdens automatisch ontdooien smelt rijp op de achterwand.Dit is correct.
Er condenseert teveel water op de achterwand van de koelkast.De deur werd te vaak geopend.Open de deur alleen als het nodig is.
De deur is niet volledig gesloten.Zorg ervoor dat de deur volledig gesloten is.
Het bewaarde voedsel was niet ingepakt.Verpak voedsel in geschikt materiaal voordat je het in het apparaat plaatst.
Er stroomt water in de koelkast.Opgeborgen voedingsproducten voorkomen dat het water in de wateropvangbak loopt.Zorg ervoor dat voedingsproducten de achterwand niet raken.
De waterafvoer is verstopt.Reinig de waterafvoer.
Er stroomt water op de vloer.De smeltwaterafvoer is niet aangesloten op de verdampschaal boven de compressor.Sluit de smeltwaterafvoer aan op de verdampschaal.
De temperatuur kan niet worden ingesteld.De FastFreeze-functie wordt ingeschakeld.Schakel FastFreeze-functie handmatig uit, of wacht totdat de functie automatisch wordt gedeactiveerd om de temperatuur in te stellen. Raadpleeg de rubriek over "FastFreeze functie".
De temperatuur in het apparaat is te laag/te hoog.De temperatuur is niet correct ingesteld.Stel een hogere/lagere temperatuur in.
De deur is niet goed gesloten.Raadpleeg het gedeelte "De deur sluiten".
De temperatuur van de voedingsproducten is te hoog.Laat de voedingsproducten afkoelen tot kamertemperatuur voordat je ze opbergt.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)

Pagina 16

ProbleemMogelijke oorzaakOplossing
Er worden veel voedingsproducten in een keer opgeborgen.Berg minder voedingsproducten in een keer op.
De dikte van de rijp is groter dan 4 - 5 mm.Ontdooi het apparaat.
De deur werd vaak geopend.Open de deur alleen als dat nodig is.
De FastFreeze-functie is ingeschakeld.Zie de rubriek over ‘FastFreeze-functie’.
Er wordt geen koude lucht gecirculeerd in het apparaat.Zorg ervoor dat er koude lucht in het apparaat circuleert.
Raadpleeg het hoofdstuk "Tips en advies".
Sommige specifieke oppervlakken in het koelcompartiment zijn soms warmer.Dit is normaal.
De temperatuurinstellingleds knipperen tegelijkertijd.Er is een fout opgetreden bij het meten van de temperatuur.Neem contact op met de dichtstbijzijnde klantenservice. Het koelsysteem blijft de voedingsproducten koelen, maar de temperatuurinstelling kan niet worden gewijzigd.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)

Bel, wanneer het advies niet tot resultaten leidt, de dichtstbijzijnde servicedienst voor dit merk.

HET LAMPJE VERVANGEN

Het apparaat is uitgerust met een LED-lampje aan de binnenkant met een lange levensduur.

Alleen service mag het verlichtingsapparaat vervangen. Neem contact op met onze erkende servicedienst.

DE DEUR SLUITEN

Pagina 17

GELUIDEN

SSSRRR!

BRRR!

CLICK!

HISSS!

BLUBB!

TECHNISCHE GEGEVENS

De technische gegevens staan op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat en op het energielabel.

De QR-code op het energielabel dat bij het apparaat wordt geleverd, biedt een internetkoppeling naar de informatie gerelateerd aan de prestaties van het apparaat in de EU-EPREL-database. Bewaar het energielabel ter referentie samen met de gebruikershandleiding en alle andere documenten die bij dit apparaat worden geleverd.

Het is ook mogelijk om dezelfde informatie in EPREL te vinden via de koppeling https://eprel.ec.europa.eu en de modelnaam en het productnummer die u vindt op het typeplaatje van het apparaat.

Zie de koppeling www.theenergylabel.eu voor gedetailleerde informatie over het energielabel.

INFORMATIE VOOR TESTINSTITUTEN

De installatie en voorbereiding van het toestel voor elke EcoDesign-verificatie moeten in overeenstemming zijn met EN 62552 (EU). De ventilatievoorschriften, de afmetingen van de uitsparingen en de minimale open afstanden aan de

achterzijde moeten voldoen aan de voorschriften van deze gebruikershandleiding in “Installeren“. Neem contact op met de fabrikant voor verdere informatie, inclusief laadplannen.

Pagina 18

MILIEUBESCHERMING

Recycleer de materialen met het symbool . Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycleer op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische

apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het

symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.

← begin van de handleidingInhoud