Zanussi ZWFN8245, tekst van de handleiding
Pagina's 19–29 van 32 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 19
B
- 2. Zet de klep in stand B.
- 3. Plaats de wasmiddeldoseerlade terug in de ruimte.
Wanneer u vloeibaar wasmiddel gebruikt:
- Gebruik geen gelatineachtige of dikke vloeibare wasmiddelen.
- Gebruik niet meer dan 120 ml.
- Stel niet het programma met voorwas in.
- Stel de startuitstelfunctie niet in.
A
Wanneer de klep zich in stand B bevindt en u waspoeder wenst te gebruiken:
- 1. Verwijder de lade.
- 2. Zet de klep in stand A.
- 3. Plaats de wasmiddeldoseerlade terug in de ruimte.
EEN PROGRAMMA INSTELLEN
- 1. Draai de programmaschakelaar om het programma in te stellen:
- Het indicatielampje knippert.
- Het display toont het niveau van de Time
Manager, de programmaduur en de indicatielampjes van de programmafases.
- 2. Indien nodig, wijzig de temperatuur en de centrifugeersnelheid of voeg extra opties toe.
Als u een optie activeert, gaat het indicatielampje van de ingestelde optie branden.
Als u iets niet goed instelt, toont het
display de melding .
EEN PROGRAMMA STARTEN ZONDER EEN UITGESTELDE START
Druk op .
- Het indicatielampje stopt met knipperen en blijft branden.
- Het indicatielampje begint te knipperen.
- Het programma start, de deur is vergrendeld en het display toont de
weergave .
- De afvoerpomp kan even werken als het apparaat gevuld wordt met water.
Na ongeveer 15 minuten na de start van het programma:
- Het apparaat past automatisch de programmaduur aan aan de wasgoedbelading.
- Op de display verschijnt de nieuwe waarde.
EEN PROGRAMMA STARTEN MET EEN UITGESTELDE START
- 1. Druk nogmaals op tot op het display het gewenste startuitstel verschijnt.
Het bijbehorende indicatielampje gaat branden op het display.
- 2. Druk op :
- De machine begint de tijd af te tellen.
- De deur wordt vergrendeld, het display
toont de aanduiding .
- Nadat het aftelproces voltooid is, wordt het wasprogramma automatisch gestart.
Pagina 20
U kunt de instelling van het startuitstel
annuleren of wijzigen voordat u op drukt. De uitgestelde start annuleren:
- Druk op om het apparaat op pauze te zetten.
- Druk op tot op het ' verschijnt.
- Druk weer op om het programma direct te starten.
DE TIMECARE SYSTEM LADINGDETECTIE
Na op de toets Start/Pauze te hebben gedrukt:
- 1. Het TimeCare System begint het gewicht van de lading te schatten om de werkelijke programmaduur te berekenen. Tijdens deze fase knippert de stip op het display.
- 2. Na ongeveer 15-20 minuten wordt een nieuwe cyclusduur weergegeven.
Het apparaat past de programmaduur automatisch aan de lading aan om in de kortst mogelijke tijd zo perfect mogelijke wasresultaten te krijgen.
EEN PROGRAMMA ONDERBREKEN EN DE OPTIES WIJZIGEN
U kunt slechts enkele functies wijzigen voordat ze gaan werken.
- 1. Druk op .
Het indicatielampje knippert.
- 2. Wijzig de opties.
- 3. Druk weer op .
Het wasprogramma gaat verder.
ACTIEF PROGRAMMA ANNULEREN
- 1. Druk de programmaknop naar om het programma te annuleren en om het apparaat uit te schakelen.
- 2. Druk opnieuw op de programmaknop om het apparaat in te schakelen. Nu kunt u een nieuw wasprogramma kiezen.
Het apparaat voert het water af voordat u een nieuw programma start.
Zorg er in dit geval voor dat het wasmiddel nog in het doseerbakje zit, zo niet vul het dan bij.
DE DEUR VAN HET APPARAAT OPENEN WANNEER HET STARTUITSTEL IN WERKING IS
Als een startuitstel in werking is, is de deur van het
apparaat vergrendeld en is het indicatielampje aan.
- 1. Druk op om het apparaat te pauzeren.
- 2. Wacht tot het indicatielampje van de
deurvergrendeling uitgaat.
- 3. U kunt de deur openen.
- 4. Sluit de deur en druk weer op de toets . De uitgestelde start is weer geactiveerd.
DE DEUR OPENEN ALS HET PROGRAMMA IN WERKING IS
Als een programma in werking is, is de deur van het
apparaat vergrendeld en is het indicatielampje aan.
LET OP! Als de temperatuur en het waterniveau in de trommel te hoog zijn, kunt u de deur niet openen.
- 1. Draai de programmaknop op om het apparaat uit te schakelen.
- 2. Wacht een paar minuten met het openen van de deur.
- 3. Sluit de deur van het apparaat.
- 4. Stel het programma opnieuw in.
AAN HET EINDE VAN HET PROGRAMMA
- Het apparaat stopt vanzelf.
- Als het geluidssignaal actief is, weerklinkt het signaal.
- In het display gaat aan.
- Het lampje van gaat uit.
- Het deurvergrendelingssymbool gaat uit.
- U kunt de deur openen.
- Haal het wasgoed uit het apparaat. Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
- Draai de waterkraan dicht.
- Draai de programmaknop op om het apparaat uit te schakelen.
- Laat de deur iets open staan om de vorming van schimmel en onaangename luchtjes te voorkomen.
Het wasprogramma is voltooid, maar er staat water in de trommel:
- De trommel draait regelmatig om kreukvorming van het wasgoed te voorkomen.
Pagina 21
- Het deurvergrendelingssymbool brandt.
Het controlelampje gaat knipperen. De deur blijft vergrendeld.
- U moet het water afvoeren om de deur te kunnen openen.
Om het water weg te pompen:
- 1. De centrifugeersnelheid zo nodig verlagen. Als
u instelt, pompt het apparaat alleen.
- 2. Druk op . Het apparaat voert het water af en centrifugeert.
- 3. Als het programma is voltooid, gaat het
deurvergrendelingssymbool uit en kunt u de deur openen.
- 4. Draai de programmaknop op om het apparaat uit te schakelen.
Na ongeveer 18 uur begint het apparaat automatisch met het afvoeren van water en centrifugeren (behalve bij het wolprogramma).
STAND-BY
Enkele minuten na het einde van het wasprogramma wordt de energiezuinige modus geactiveerd, wanneer u het apparaat niet uitschakelt.
Hierdoor wordt het energieverbruik beperkt wanneer het apparaat in de standby-stand staat.
- Alle indicatielampjes en de display gaan uit.
- Het indicatielampje van knippert langzaam
- Druk op een van de opties om de energiezuinige modus te deactiveren.
Als u een programma of optie instelt die eindigt met water in de trommel, wordt de energiebesparingsfunctie niet geactiveerd om u eraan te herinneren het water weg te pompen.
AANWIJZINGEN EN TIPS
VOOR U HET WASGOED IN DE TROMMEL DOET
- Verdeel het wasgoed in: wit, gekleurd, synthetisch, fijne was en wol.
- Volg de wasinstructies die u op de waslabels van het wasgoed vindt.
- Was witte en bonte artikelen niet samen.
- Sommige bonte items kunnen verkleuren met de eerste wasbeurt. We raden je aan ze apart te wassen voor de eerste keer.
- Knoop kussenslopen dicht, sluit ritsen, haakjes en drukknopen. Rol riemen op.
- Draai meerlagige stoffen, wollen en kleding met geverfde opdrukken binnenstebuiten.
- Verwijder ingedroogde vlekken met een speciaal wasmiddel.
- Zwaar bevuilde was met vlekken moet gewassen en voorbehandeld worden voordat het in de trommel wordt gedaan
- Wees voorzichtig met gordijnen. Verwijder de haken of stop de gordijnen in een waszak of kussensloop.
- Was geen wasgoed zonder zomen of met scheuren. Gebruik een waszakje om kleine items te wassen (Bijv. beugelbh's, riemen, panty's, etc.).
- Een zeer kleine lading kan problemen veroorzaken bij de centrifugefase. Als dit gebeurt, kunt u de artikelen handmatig verdelen
in de trommel en de centrifugefase opnieuw starten.
- Vermijd het wassen van kleding vol met lange haren van dieren of van kleren van slechte kwaliteit die veel pluis afgeven, want dat kan het afvoercircuit blokkeren en daarom leiden tot de noodzaak van hulp van een technicus.
- Maak alle zakken leeg en vouw alle artikelen open.
HARDNEKKIGE VLEKKEN
Voor sommige vlekken is water en wasmiddel niet voldoende.
We raden u aan om deze vlekken te behandelen voordat u deze artikelen in de machine stopt. Er zijn speciale vlekkenverwijderaars verkrijgbaar. Gebruik een speciale vlekkenverwijderaar die geschikt is voor het type vlek en stof.
Pagina 22
WASMIDDELEN EN NABEHANDELINGSMIDDELEN
- Gebruik alleen wasmiddelen en nabehandelingsproducten die bedoeld zijn voor gebruik in een wasautomaat:
- waspoeder voor alle soorten weefsels, – waspoeder voor delicate stoffen (40 °C max) en wol, – vloeibare wasmiddelen, bij voorkeur voor wasprogramma's op lage temperatuur (60
°C max.) voor alle soorten weefsels, of speciaal voor alleen wol.
- Vermeng geen verschillende soorten wasmiddel met elkaar.
- Gebruik niet meer dan de benodigde hoeveelheid wasmiddel om het milieu te beschermen.
- Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van deze producten.
- Gebruik de juiste producten voor het type en de kleur stof, de programmatemperatuur en de mate van vervuiling.
- Als uw machine geen wasmiddeldoseerbakje heeft met klepje, voeg dan het vloeibare wasmiddel toe met een doseerbol (meegeleverd bij het wasmiddel).
MILIEUTIPS
- Stel een programma in zonder de voorwasfase om wasgoed dat normaal vervuild is te wassen.
- Start een wasprogramma altijd met de maximum toegestane hoeveelheid wasgoed.
- Gebruik indien nodig een vlekkenverwijderaar als u een programma met een lage temperatuur instelt.
- Controleer de waterhardheid van uw plaatselijke systeem om de juiste hoeveelheid wasmiddel te gebruiken. Zie "Waterhardheid".
WATERHARDHEID
Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterverzachter voor wasautomaten aan. In gebieden waar de waterhardheid zacht is, is het gebruik van een waterverzachter niet nodig. Neem contact op met het plaatselijke waterleidingbedrijf voor de waterhardheid in uw gebied.
Gebruik de juiste hoeveelheid van de waterverzachter. Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
REINIGING EN ONDERHOUD
WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
Dit apparaat is alleen bedoeld voor normaal huishoudelijk gebruik.
Lees het hoofdstuk zorgvuldig door voor het beste onderhoud en zorg.
BUITENKANT REINIGEN
Het apparaat alleen schoonmaken met milde zeep en warm water. Maak alle oppervlakken volledig droog.
LET OP! Gebruik geen alcohol, oplosmiddelen of chemische producten.
LET OP! Reinig de metalen oppervlakken niet met een reinigingsmiddel op chloorbasis.
ONTKALKEN
Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterontharder voor wasautomaten aan.
Controleer de trommel regelmatig op kalkaanslag. Normale wasmiddelen bevatten al wateronthardende middelen, maar we raden aan af en toe een cyclus te draaien met een lege trommel en een ontkalkingsproduct.
Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
ONDERHOUDSWAS
Bij herhaaldelijke en voortdurend gebruik van programma´s bij lage temperaturen kunnen er wasmiddelresten en pluizen achterblijven en kan er bacteriëngroei in de trommel en de kuip ontstaan. Dit kan slechte geurtjes en meeldauw veroorzaken. Draai om deze resten te verwijderen en de binnenkant van het apparaat te reinigen regelmatig een onderhoudswasbeurt (minstens eenmaal per maand).
Pagina 23
Raadpleeg het hoofdstuk 'Trommelreiniging'.
DE TROMMEL REINIGEN
Controleer de trommel regelmatig om ongewenste aanslag te voorkomen.
Roestaanslag in de trommel kan voorkomen vanwege roestende vreemde voorwerpen in de was of door leidingwater dat ijzer bevat
Reinig de trommel met speciale producten voor roestvrij staal.
Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
Maak de trommel niet schoon met zure ontkalkingsmiddelen, schuurmiddelen die chloor of ijzer of staalwol bevatten.
Voor een grondige reiniging:
- 1. Haal al het wasgoed uit de trommel.
- 2. Voer een Katoen-programma uit op de hoogste temperatuur.
- 3. Voeg een kleine hoeveelheid waspoeder toe aan de lege trommel om achtergebleven resten weg te spoelen.
HET WASMIDDELDOSEERBAKJE REINIGEN
1. DEURAFDICHTING MET VAL MET DUBBELE LIP
Dit apparaat is ontworpen met een zelfreinigend drainagesysteem waardoor lichte pluisvezels die van de kleren vallen samen met het water worden afgevoerd op zo'n manier dat het niet nodig is dat de klant dit gedeelte regelmatig onderhoudt en reinigt.
Controleer het deurrubber regelmatig en verwijder voorwerpen uit de binnenkant. Munten, knoppen en andere kleine items vergeten in de zakken van uw kleren worden tijdens de wascyclus gevangen in de speciale val met dubbele lip in de patrijspoortafdichting, waar ze gemakkelijk kunnen worden uit gehaald aan het einde van de cyclus.
2.
Pagina 24
- 3. 4.
HET FILTER VAN DE TOEVOERSLANG EN HET KLEPFILTER REINIGEN
VOORZORGSMAATREGELEN BIJ VORST
Als het apparaat is geïnstalleerd in een gebied waar de temperatuur lager is dan 0° C, dan dient u het resterende water uit de afvoerslang en de afvoerpomp te verwijderen.
- 1. Trek de stekker uit het stopcontact.
- 2. Draai de waterkraan dicht.
- 3. Plaats de twee uiteinden van de toevoerslang in een bak en laat het water uit de slang stromen.
- 4. Leeg de afvoerpomp. Raadpleeg de noodafvoerprocedure.
- 5. Als de afvoerpomp leeg is, installeert u de toevoerslang opnieuw.
Pagina 25
WAARSCHUWING! Zorg ervoor dat de temperatuur hoger is dan 0°C voordat u het apparaat opnieuw gebruikt.
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die door lage temperaturen is veroorzaakt.
PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
INTRODUCTIE
Het apparaat start of stopt niet tijdens de werking. Probeer eerst het probleem zelf op te lossen (zie tabel). Als het probleem aanhoudt, neemt u contact op met de Servicedienst.
Bij sommige problemen werken de geluidssignalen en toont de display een alarmcode:
- - Het apparaat wordt niet goed gevuld met water. Start het apparaat nogmaals door te
drukken op toets Start/Pauze. Na 10 seconden wordt de deur ontgrendeld.
- - Het apparaat pompt geen water weg.
- - De deur is open of niet goed gesloten.
Controleer de deur!
- - De stroomtoevoer is onstabiel. Wacht tot de stroomtoevoer stabiel is.
WAARSCHUWING! Schakel het apparaat uit voordat u controles uitvoert.
MOGELIJKE STORINGEN
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| Het programma start niet. | • Verzeker u ervan dat de netstekker is aangesloten op het stopcontact. • Verzeker u ervan dat de klep van het apparaat gesloten is. • Verzeker u ervan dat er geen beschadigde zekering in het zekeringenkastje is. • Zorg dat de knop Start/Pauze is ingedrukt. • Als uitgestelde start gekozen is: annuleer de instelling of wacht op het einde van de aftelprocedure. • Schakel het kinderslot uit. |
Pagina 26
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| Het apparaat wordt niet goed met water gevuld. | • Verzeker u ervan dat de waterkraan geopend is. • Ga na of de druk van de watervoorziening niet te laag is. Neem voor deze informatie contactpersoon op met uw plaatselijke waterleidingsbedrijf. • Verzeker u ervan dat de waterkraan niet verstopt is. • Dit probleem kan worden veroorzaakt door het filter van de toevoerslang of het filter van de afvoerklep die verstopt kan zijn. Zie het hoofdstuk 'Onderhoud en reiniging'. Als het probleem opnieuw optreedt, neemt u contact op met de Servicedienst. • Controleer of er geen knikken of bochten in de watertoevoerslang aanwezig zijn. • Verzeker u ervan dat de aansluiting van de waterinlaatslang in orde is. • Verzeker u ervan dat de aansluitingen van de waterinlaatslangen in orde zijn. |
| Het apparaat vult zich niet met water en pompt dit direct weg. | • Verzeker u ervan dat de aftapslang in de juiste positie is. De slang kan te laag hangen. Raadpleeg 'Montage-instructies'. |
| Het water niet wordt afgepompt uit de machine. | • Verzeker u ervan dat de gootsteenafvoer niet verstopt is. • Verzeker u ervan dat de aftapslang geen knikken of bochten heeft. • Verzeker u ervan dat de aansluiting van de aftapslang in orde is. • Stel het afvoerprogramma in als u een programma zonder afvoerfase instelt. • Stel het afvoerprogramma in als u een optie instelt waarbij water in de trommel blijft. • Dit probleem kan worden veroorzaakt door een verstopt afvoerfilter. Neem contact op met een erkend servicecentrum. |
| De centrifugeerfase werkt niet of de wascyclus duurt langer dan normaal. | • Stel de centrifugeersnelheid in. • Stel het afvoerprogramma in als u een optie instelt waarbij water in de trommel blijft. • Dit probleem kan worden veroorzaakt door een verstopt afvoerfilter. Neem contact op met een erkend servicecentrum. • Verdeel het wasgoed met de hand in de trommel en start de centrifugeerfase opnieuw. Dit probleem kan veroorzaakt zijn door evenwichtsproblemen. |
| Er is water op de vloer. | • Verzeker u ervan dat de koppelingen van de waterslangen goed afgedicht zijn en dat er geen waterlekkage is. • Zorg ervoor dat de watertoevoer- en afvoerslangen niet beschadigd zijn. • Zorg ervoor dat u het juiste wasmiddel in de juiste hoeveelheid gebruikt. |
| U kunt de klep van de machine niet openen. | • Controleer of het wasprogramma is voltooid. • Stel het afvoer- of centrifugeerprogramma in als er zich water in de trommel bevindt. • Houd u zich aan de noodafvoerprocedure. Zie "Voorzorgsmaatregelen bij vorst" (in het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging"). • Verzeker u ervan dat er elektrische stroom op de machine staat. • Dit probleem kan veroorzaakt zijn door een storing in de machine, Neem contact op met een erkend servicecentrum. |
Pagina 27
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| Het apparaat maakt een abnormaal geluid. | • Zorg ervoor dat de machine goed waterpas staat. Raadpleeg 'Montage-instructies'. • Verzeker u ervan dat de verpakking en/of de transportbouten verwijderd zijn. Raadpleeg 'Montage-instructies'. • Leg meer wasgoed in de trommel. De belading kan te gering zijn. |
| De cyclus is korter dan de weergegeven tijd. | • Het apparaat berekent een nieuwe tijd aan de hand van de wasgoedlading. Zie het hoofdstuk 'Verbruikswaarden'. |
| De cyclus is langer dan de weergegeven tijd. | • Een wasgoedlading die niet in balans is verlengt de duur. Dit is normaal gedrag van het apparaat. |
| De wasresultaten laten te wensen over. | • Gebruik meer wasmiddel of gebruik een ander wasmiddel. • Gebruik speciale producten voor het verwijderen van hardnekkige vlekken voordat u het wasgoed wast. • Verzeker u ervan dat u de juiste temperatuur gekozen heeft. • Verminder de wasgoedbelading. |
| U kunt geen optie instellen. | • Zorg dat u alleen op de gewenste tiptoets(en) drukt. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
Schakel na de controle de machine in. Het programma wordt voortgezet vanaf het punt van onderbreking. Als het probleem zich nogmaals voordoet: neem contact op met een erkend servicecentrum. Als het display andere alarmcodes toont. Schakel de machine uit en zet hem weer aan. Als het probleem zich blijft voordoen: neem contact op met een erkend servicecentrum.
TECHNISCHE GEGEVENS
| Afmeting Breedte / hoogte / diepte / totale diepte | 600 mm/ 850 mm/ 559 mm/ 578 mm |
| Elektrische aansluiting Spanning (Voltage) Totaal vermogen Zekering Frequentie | 230 V 2200 W 10 A 50 Hz |
| Het beschermdeksel biedt bescherming tegen vaste stoffen en vochtigheid, behalve op plaatsen waar de laagspanningsapparatuur geen bescherming tegen vocht biedt | IPX4 |
| Watertoevoerdruk Minimum Maximum | 0,5 bar (0,05 MPa) 8 bar (0,8 MPa) |
| Watertoevoer ¹) | Koud water |
| Maximale belasting Katoen | 8 kg |
| Energiebesparingsklasse | A+++ |
| Centrifugeersnelheid Maximale centrifugeersnelheid | 1351 tpm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
- 1) Sluit de waterinlaatslang aan op een waterkraan met een 3/4'' -schroefdraad.
Pagina 28
PRODUCTINFORMATIEBLAD CONFORM E.U.-VERORDENING 1369/2017
Productinformatieblad
| Handelsmerk | ZANUSSI |
|---|---|
| Model | ZWFN8245, PNC914912371 |
| Nominale capaciteit in kg | 8 |
| Energie-efficiëntieklasse | A+++ |
| Energieverbruik in kWh per jaar, gebaseerd op 220 standaard wascycli voor de katoenprogramma’s op 60 °C en 40 °C bij volledige en gedeeltelijke lading, en het verbruik in standen met een laag opgenomen vermogen. Het werkelijke verbruik wordt bepaald door de wijze waarop het apparaat wordt gebruikt. | 156 |
| Het energieverbruik van het standaard 60°C katoenprogramma bij volledige lading in kWh | 0,81 |
| Het energieverbruik van het standaard 60°C katoenprogramma bij gedeeltelijke lading in kWh | 0,57 |
| Het energieverbruik van het standaard 40°C katoenprogramma bij gedeeltelijke lading in kWh | 0,51 |
| Energieverbruik in de uitstand in W | 0,30 |
| Energieverbruik in de sluimerstand in W | 0,30 |
| Waterverbruik in liter per jaar, gebaseerd op 220 standaard wascycli voor de katoenprogramma’s op 60 °C en 40 °C bij volledige en gedeeltelijke lading. Het werkelijke waterverbruik wordt bepaald door de wijze waarop het apparaat wordt gebruikt. | 9999 |
| Centrifuge-efficiëntieklasse op een schaal van G (minst efficiënt) tot A (meest efficiënt) | B |
| De maximale centrifugesnelheid in rpm | 1351 |
| Restvochtgehalte in % | 52 |
| Het "standaard katoenprogramma op 60 °C" en het "standaard katoenprogramma op 40 °C" de standaard wasprogramma’s zijn waarop de informatie op het etiket en de productkaart betrekking heeft, dat deze programma’s geschikt zijn voor het wassen van normaal bevuild katoenen wasgoed en dat ze de meest efficiënte programma’s zijn wat het gecombineerd energie- en waterverbruik betreft. | - |
| Standaard katoenprogramma op 60 °C bij volledige en lading in minuten | 290 |
| Standaard katoenprogramma op 60 °C bij gedeeltelijke en lading in minuten | 228 |
| Standaard katoenprogramma op 40 °C bij gedeeltelijke en lading in minuten | 226 |
| De duur van de sluimerstand in minuten | 5 |
Pagina 29
| De geluidsemissie via de lucht in db(A), wassen | 51 |
| De geluidsemissie via de lucht in db(A), centrifugeren | 78 |
| Ingebouwde apparatuur J/N | Nee |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
De gegevens in de bovenstaande grafiek zijn in overeenstemming met de EU verordening 1015/2010 die richtlijn 2009/125/EC implementeert.
MILIEUBESCHERMING
Recycleer de materialen met het symbool . Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycleer op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische
apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het
symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.