naslaan.comZoekenAlle merken

Zanussi ZWNB7140AL, tekst van de handleiding

Pagina's 14–26 van 28 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 2–13

Pagina 14

Volg de aanbevelingen van de fabrikant op voor wat betreft de te gebruiken hoeveelheden en overschrijd het «MAX» teken in de wasmiddellade niet.

Hoeveelheid wasmiddel

Het type en de te gebruiken hoeveelheid wasmiddel hangen af van het type weefsel, de hoeveelheid wasgoed, de mate van vervuiling en de hardheid van het water.

Volg de instructies van de wasmiddelenfabrikant over de te gebruiken hoeveelheden.

Gebruik minder wasmiddel als:

Graden van waterhardheid

De hardheid van water wordt geclassificeerd in zogenaamde hardheidsgraden. Informatie over de hardheid van het water in uw omgeving kan worden verkregen bij het desbetreffende waterleidingbedrijf. Als de waterhardheid middelmatig of hoog is, raden we aan een waterontharder toe te voegen, waarbij u altijd de instructies van de fabrikant opvolgt. Als de hardheid van het water zacht is, pas dan de hoeveelheid wasmiddel aan.

Wasprogramma's

Wasmiddeldoseerbakje
Programma
Maximale en minimale temperatuur - Cyclusbeschrijving – Maximaal centrifugetoerental – Maximale belading - Type wasgoed
Opties
KATOEN1)
90° - Koud ( )
Hoofdwas - spoelgangen
Maximale centrifugeersnelheid bij 1400 toeren Max. belading 8 kg - gereduceerde belading 4 kg Wit en bont katoen (normaal vervuilde artikelen).
CENTRIFUGEREN SPOELSTOP ECO2)
EXTRA KORT3) VOORWAS STRIJKVRIJ EXTRA SPOELEN
4)
SYNTHETICA
60° - Koud ( )
Hoofdwas - spoelgangen
Maximale centrifugeersnelheid bij 900 toeren Max. belading 3,5 kg - gereduceerde belading 2 kg Synthetische of gemengde stoffen: ondergoed, gekleurde kledingstukken, krimpvrije overhemden, blouses.
CENTRIFUGEREN SPOELSTOP ECO2)
EXTRA KORT3) VOORWAS STRIJKVRIJ EXTRA SPOELEN
4)
FIJNE WAS
40° - Koud ( )
Hoofdwas - spoelgangen
Maximale centrifugeersnelheid bij 700 toeren Max. belading 3,5 kg - gereduceerde belading 2 kg Fijne was: acryl, viscose, polyester.
SPOELSTOP EXTRA KORT3) VOORWAS EXTRA SPOELEN4)
HANDWAS
30° - Koud ( )
Hoofdwas - spoelgangen
Maximale centrifugeersnelheid bij 900 toeren Max. belading 2 kg
Speciaal programma voor delicate stoffen voorzien van het symbool 'handwas'.
CENTRIFUGEREN SPOELSTOP

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)

Pagina 15

Programma

Maximale en minimale temperatuur - Cyclusbe- Wasmiddeldoseer-Opties schrijving – Maximaal centrifugetoerental – Maxi- bakje male belading - Type wasgoed

WOL
40°
Hoofdwas - spoelgangen
Maximale centrifugeersnelheid bij 900 toeren Max. belading 2 kg
Wasprogramma voor wol die in de machine kan worden gewassen en met de hand wasbare wol en kwetsbare stoffen. Opmerking: Een enkel of groot stuk wasgoed kan een verkeerd evenwicht van de trommel tot gevolg hebben. Als het apparaat de laatste centrifugefase niet uitvoert, moet u meer stukken toevoegen, de lading opnieuw handmatig verspreiden en dan het centrifugeprogramma selecteren.
CENTRIFUGEREN SPOELSTOP
MIX 20°
20°
Hoofdwas - spoelgangen
Maximale centrifugeersnelheid bij 900 toeren Max. lading 3 kg
Koud wasprogramma dat zeer energiebesparend werkt, voor licht vervuild wasgoed. Voor dit programma is een wasmiddel nodig dat actief is in koud water.
CENTRIFUGEREN SPOELSTOP EXTRA SPOELEN
INWEKEN
30°
Voorwas – gedurende 40 minuten inweken - stop met water in de kuip Max. belading 8 kg
Speciaal programma voor zwaar vervuild wasgoed. De machine voert een inweekfase uit op 30°C. Na afloop van de inweektijd stopt de machine automatisch, met het water nog in de trommel.
Voordat een nieuwe wasfase gestart kan worden, moet het water uit de trommel worden afgevoerd door:
• Alleen water wegpompen: zet de programmakeuzeknop op het programma Pompen (druk op toets Start).
• Pompen en centrifugeren: zet de programmakeuzeknop op het programma Centrifugeren, verlaag het centrifugetoerental door aan de betreffende knop te draaien en druk vervolgens op toets Start:
Belangrijk! Dit programma kan niet gebruikt worden voor heel delicate stoffen zoals zijde of wol. Giet het wasmiddel voor het inweekprogramma in het desbetreffende vakje met het symbool. Aan het einde van het inweken (als het water is afgepompt), kunt u het wasprogramma selecteren (draai de programmakeuzeknop eerst naar , dan naar het wasprogramma en druk vervolgens op de toets Start).

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)

Pagina 16

Programma
Maximale en minimale temperatuur - Cyclusbeschrijving – Maximaal centrifugetoerental – Maximale belading - Type wasgoed
OptiesWasmiddeldoseerbakje
SPOELEN
Spoelgangen
Maximale centrifugeersnelheid bij 1400 toeren Max. belading 8 kg
Met dit programma is het mogelijk om katoenen kledingstukken die met de hand gewassen zijn, uit te spoelen en te centrifugeren. De machine voert 3 spoelingen uit, gevolgd door een laatste, lange centrifugefase. De centrifugeersnelheid kan verlaagd worden.
CENTRIFUGEREN SPOELSTOP STRIJKVRIJ EXTRA SPOELEN
POMPEN
Water afpompen
Max. belading 8 kg
Om het laatste spoelwater af te voeren in programma's met de optie geselecteerd, waardoor het programma eindigt met water in de trommel.
CENTRIFUGEREN
Afpompen en lang centrifugeren
Maximale centrifugeersnelheid bij 1400 toeren Max. belading 8 kg
Aparte centrifugegang voor kledingstukken die met de hand gewassen moeten worden en na programma's met de optie geselecteerd, waardoor het programma eindigt met water in de trommel. U kunt de centrifugeersnelheid met behulp van de betreffende toets aanpassen aan de stoffen die gecentrifugeerd moeten worden.
CENTRIFUGEREN
= UIT
Om het lopende programma te annuleren of om de machine uit te schakelen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)

Volgens de regulering 1061/2010, is de “KATOEN ” met "ECO” optie geselecteerd en “KATOEN ” met "ECO” optie geselecteerd respectievelijk het “standaard 60°C katoenprogramma” en het “standaard 40°C katoenprogramma”. Dit zijn de meest efficiënte programma's qua elektriciteit- en waterverbruik bij het wassen van normaal vervuild katoenen wasgoed.

De watertemperatuur van de wasfase kan verschillen van de temperatuur die is aangegeven voor het geselecteerde programma.

Onderhoud en reiniging

Waarschuwing! U moet het apparaat LOSKOPPELEN van de elektrische voeding, voordat u welke reinigings- of

onderhoudswerkzaamheden dan ook kunt uitvoeren

Pagina 17

Ontkalken

Het water dat wij gebruiken bevat gewoonlijk kalk. Het is aan te bevelen om regelmatig een waterontharder in de machine te gebruiken. Doe dit apart van het wassen van wasgoed en volgens de aanwijzingen van de fabrikant van de waterontharder. Hiermee voorkomt u de vorming van kalkaanslag.

Buitenkant reinigen

Maak de buitenkant van het apparaat alleen schoon met water en zeep, droog het daarna grondig af.

De wasmiddellade schoonmaken

De lade voor was- en nabehandelingsmiddelen moet regelmatig worden schoongemaakt.

Verwijder de lade door de vergrendeling naar beneden te drukken en de lade naar buiten te trekken.

Spoel de lade af onder een kraan om eventuele resten waspoeder te verwijderen.

Om het schoonmaken te vergemakkelijken kan het bovenste gedeelte van het vakje voor nabehandelingsmiddelen verwijderd worden.

De uitsparing van de lade schoonmaken

Nadat u de lade verwijderd heeft, kunt u met een borsteltje de uitsparing schoonmaken, zo zorgt u er voor dat alle resten waspoeder verwijderd worden van de boven en onderkant van de uitsparing.

Schuif de lade weer naar binnen en laat het spoelprogramma lopen, zonder kleding in de trommel.

De pomp schoonmaken

De pomp moet regelmatig worden gecontroleerd en in het bijzonder als:

Waarschuwing! Voordat u het pompdeurtje opent, schakelt u de machine uit en trekt u de stekker uit het stopcontact.

Ga hiervoor als volgt te werk:

Open het pompdeurtje.

Plaats een opvangbak dichtbij de pomp om het vrijkomende water op te vangen.

Trek de noodafvoerslang naar buiten, plaats hem in de opvangbak en verwijder de dop.

Pagina 18

Als er geen water meer naar buiten komt, schroef dan het deksel van de pomp los door deze naar links te draaien en verwijder het filter. Gebruik indien nodig een tang. Houd altijd een oude doek bij de hand om het eventueel gemorste water te kunnen opvegen.

Spoel het filter af onder een kraan om eventuele resten waspoeder te verwijderen.

Verwijder vreemde materialen en waspoeder van het filter en het schoepenrad.

Controleer nauwkeurig of het schoepenrad draait (het draait schokkend). Als hij niet draait, neemt u contact op met de klantenservice.

Plaats de dop terug op de noodafvoerslang en zet de slang terug op zijn plaats.

Vervang het filter in de pomp door het op de juiste wijze in de speciale geleiders te plaatsen. Schroef de pompklep stevig vast door het naar rechts te draaien.

Sluit het pompdeurtje.

Let op! Als het apparaat in werking is en afhankelijk van het gekozen programma kan er heet water in de pomp aanwezig zijn.

Verwijder het pompdeksel nooit tijdens een wascyclus, wacht altijd tot de machine de cyclus heeft afgemaakt en u het wasgoed uit de trommel hebt kunnen halen. Wanneer u het deksel weer vastschroeft, dient u goed te controleren of het stevig is vastgezet om lekkages te voorkomen en te voorkomen dat jonge kinderen het kunnen verwijderen.

De watertoevoerfilters schoonmaken

Belangrijk! Als het apparaat niet met water wordt gevuld, het lange tijd duurt voordat het water wordt gevuld, de startknop geel knippert of het display (indien aanwezig) het bijbehorende alarm toont (zie hoofdstuk "Problemen oplossen" voor meer informatie), moet u controleren of de watertoevoerfilters niet geblokkeerd zijn.

De watertoevoerfilters schoonmaken:

Pagina 19

35° 45°

Voorzorgsmaatregelen bij vorst

Als de machine wordt blootgesteld aan temperaturen onder 0°C, dient u enkele voorzorgsmaatregelen te treffen.

plaats na eerst de stop te hebben teruggeplaatst.

Machine legen in geval van nood

Ga, als het water niet wordt afgevoerd, als volgt te werk om de machine leeg te laten lopen:

Belangrijk! Elke keer dat u het water met behulp van de noodafvoerslang afvoert, moet u 2 liter water in het vakje voor het hoofdwasmiddel van de wasmiddellade gieten en daarna het pompprogramma laten draaien. Dit activeert de SPAARKLEP-voorziening, waarmee wordt voorkomen dat een gedeelte van het wasmiddel bij de volgende wasbeurt ongebruikt blijft.

Problemen oplossen

Bepaalde problemen zijn het gevolg van een gebrek aan eenvoudig onderhoud of van onoplettendheid; dergelijke problemen kunnen gemakkelijk zonder de hulp van een monteur worden opgelost. Controleer voordat u contact opneemt

www.zanussi.com

met onze serviceafdeling eerst de onderstaande checklist.

Als de machine is ingeschakeld, is het mogelijk dat het rode controlelampje van toets 5 knippert, een van de volgende alarmcodes op het display verschijnt en tegelijkertijd iedere 20 se-

19

Pagina 20

conden geluidssignalen te horen zijn om aan te geven dat de machine niet werkt:

Druk, nadat het probleem is verholpen, op toets 5 om het programma opnieuw te starten. Als het probleem zich na alle controles nog steeds voordoet, neemt u contact op met onze serviceafdeling.

Probleem Mogelijke oorzaak/oplossing

De machine start niet:De deur is niet goed gesloten.
• Doe de deur stevig dicht.
De stekker zit niet goed in het stopcontact.
• Steek de stekker in het stopcontact.
Er staat geen spanning op het stopcontact.
• Controleer de elektrische installatie in uw woning.
De hoofdzekering is doorgebrand.
• Vervang de zekering.
De keuzeknop is niet goed ingesteld en er is niet op toets 5 gedrukt.
• Draai de keuzeknop en druk nogmaals op toets 5.
De uitgestelde start is gekozen.
• Als het wasgoed meteen gewassen moet worden, annuleert u de uitgestelde start.
Het kinderslot is geactiveerd.
• Deactiveer het kinderslot.
De machine wordt niet met water gevuld:De waterkraan is dicht.
• Draai de waterkraan open.
De toevoerslang is bekneld of geknikt.
• Controleer de aansluiting van de watertoevoerslang.
Het filter in de toevoerslang of het inlaatklepfilter is verstopt.
• Reinig de watertoevoerfilters. (Zie 'Watertoevoerfilters reinigen' voor meer informatie).
De deur is niet goed gesloten.
• Doe de deur stevig dicht.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)

De afvoerslang is bekneld of geknikt.

Het afvoerfilter is verstopt.

De machine pompt het water • Maak het afvoerfilter schoon.

niet weg en/of centrifugeert Er is een optie of programma gekozen waarbij het water in de trommel niet: niet wordt weggepompt of een programma dat alle spoelfasen annuleert.

Het wasgoed is niet gelijkmatig in de trommel verdeeld.

Pagina 21

Probleem Mogelijke oorzaak/oplossing

Er ligt water op de vloer:Er is te veel of een verkeerd wasmiddel gebruikt (te veel schuimvorming).
• Verminder de hoeveelheid wasmiddel of gebruik een ander middel. Controleer of een van de koppelingen van de toevoerslang lekkage vertoont. Dit is niet altijd gemakkelijk te zien, omdat het water langs de slang naar beneden loopt; controleer of de slang vochtig is.
• Controleer de aansluiting van de watertoevoerslang.
De afvoer- of toevoerslang is beschadigd.
• Vervang deze door een nieuwe.
De dop op de noodafvoerslang is na het schoonmaken niet teruggeplaatst of het filter is niet goed vastgeschroefd.
• Zet de dop terug op de noodafvoerslang en draai het filter volledig aan.
Onbevredigende wasresultaten:Er is te weinig of een verkeerd wasmiddel gebruikt.
• Gebruik meer wasmiddel of gebruik een ander middel.
Hardnekkige vlekken zijn niet voor aanvang van het wassen behandeld.
• Gebruik normaal in de handel verkrijgbare producten om hardnekkige vlekken te behandelen.
De juiste temperatuur is niet gekozen.
• Controleer of u de juiste temperatuur hebt gekozen.
Te veel wasgoed in de trommel.
• Verminder het wasgoed in de trommel.
De deur gaat niet open:Het programma loopt nog.
• Wacht tot het wasprogramma is afgelopen.
De deur is niet ontgrendeld.
• Wacht tot de kontroleverlichting 4 uit gaat.
Er staat water in de trommel.
• Kies het programma voor pompen of centrifugeren om het water te verwijderen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)

De transportbouten en het verpakkingsmateriaal zijn niet verwijderd.

De steunvoetjes zijn niet afgesteld

De machine staat te schud- • Controleer of de machine goed waterpas staat.

den of maakt lawaai: Het wasgoed is niet gelijkmatig in de trommel verdeeld.

Mogelijk bevat de trommel te weinig wasgoed.

Pagina 22

Probleem Mogelijke oorzaak/oplossing

Centrifugeren begint traag of de machine centrifugeert niet:De elektronische voorziening voor het detecteren van onbalans is ingeschakeld, omdat het wasgoed niet gelijkmatig in de trommel is verdeeld. Het wasgoed wordt opnieuw verdeeld doordat de machine de trommel in tegenovergestelde richting ronddraait. Dit kan verschillende keren nodig zijn voordat de verkeerde balans verdwijnt en het normale centrifugeren kan worden hervat. Als het wasgoed na 10 minuten nog steeds niet gelijkmatig in de trommel is verdeeld, zal de machine niet centrifugeren. Verdeel het wasgoed in dat geval met de hand in de trommel en selecteer het programma centrifugeren.
• Verdeel het wasgoed opnieuw.
De lading is te klein.
• Voeg meer wasgoed toe, verdeel de lading handmatig opnieuw en kies vervolgens het programma centrifugeren.
De machine maakt een vreemd geluid:De machine is uitgerust met een type motor die vergeleken met andere traditionele motoren een vreemd geluid maakt. Deze nieuwe motor zorgt voor een soepelere start en een betere verdeling van het wasgoed in de trommel tijdens het centrifugeren en voor een betere stabiliteit van de machine.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

Machines die gebaseerd zijn op moderne technologie werken erg zuinig

Er is geen water zichtbaar in en verbruiken weinig water zonder dat dit ten koste gaat van de prestatie de trommel: van de machine.

Als u het probleem niet kunt vinden of oplossen, neem dan contact op met onze Klantenservice. Noteer alvorens te bellen het model, serienummer en de aankoopdatum van de machine: de Klantenservice zal om deze informatie vragen.

Mod. ... ... ...

Prod. No. ... ... ...

Ser. No. ... ... ...

Technische gegevens

Breedte 60 cm Hoogte 85 cm Diepte 60 cm Diepte (totale afmeting) 63 cm
Afmeting
Aansluiting op het elektriciteitsnet Spanning - Totale vermogen - ZekeringInformatie over de elektrische aansluiting staat op het typeplaatje aan de binnenkant van de deur van het apparaat.
WaterdrukMinimaal 0,05 MPa Maximaal 0,8 MPa
Maximale beladingKatoen 8 kg1)
CentrifugeersnelheidMaximaal 1400 toeren per minuut

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

Pagina 23

Verbruikswaarden

De gegevens van deze tabel zijn gemiddelden. Verschillende oorzaken kunnen de gegevens wijzigen: de hoeveelheid en het type wasgoed, het water en de omgevingstemperatuur.

Programma’s Lading Energiever- Waterverbruik Gemiddelde Resterend (kg) bruik (kWh) (liter) programma- vocht (%)1) duur (minuten)

Katoen 60 °C8 8 3,5 3,5 21.463160 130 80 65 6052
Katoen 40 °C0.66352
Synthetica 40 °C0.65435
Fijne was 40 °C0.66335
Wol/Handwas 30 °C0.255530
Standaard katoenprogramma's
Standaard 60 °C katoen8 41.1761205 15952
Standaard 60 °C katoen0.774952

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)

Standaard 40 °C

4 0.7 48 161 52 katoen

Uit-modus (W)

Modus aan laten (W)

0.98

0.10

De gegevens in de bovenstaande grafieken zijn in overeenstemming met de regelgeving 1015/2010 van de EU Commissie die richtlijn 2009/125/EC implementeer.

Montage

Uitpakken

Alle transportbouten en verpakkingsmaterialen moeten worden verwijderd alvorens de machine in gebruik te nemen.

Wij raden u aan alle transportbeveiligingen te bewaren, zodat zij kunnen worden gemonteerd als de machine ooit nog eens moet worden vervoerd.

Pagina 24

Als u al het verpakkingsmateriaal hebt verwijderd, legt u de machine voorzichtig op zijn achterkant om de basis van piepschuim van de onderkant te kunnen verwijderen.Verwijder het stroomsnoer en de slang van de slanghouders op de achterkant van het apparaat.
Draai de drie bouten los.Schuif de betreffende kunststof afstandhouders naar buiten.
Open de vuldeur, verwijder het polystyreen blokje bevestigd op de afdichting van de deur en haal alles uit de trommel.Maak het kleine ga-tje aan de bovenkant en de twee grotere gaten dicht met de plastic doppen die in het zakje bij de gebruiksaanwijzing zitten.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)

Plaatsen

Installeer de machine op een vlakke harde vloer. Zorg er voor dat de luchtcirculatie rond de machine niet wordt belemmerd door tapijten, kleedjes enz. Controleer of de machine vrij staat van de muur of andere keukenmeubelen. Zet de wasmachine waterpas door de pootjes hoger of lager te zetten. Het kan enige moeite kosten om de pootjes te verstellen omdat ze voorzien zijn van een zelfborgende moer, maar de machine MOET horizontaal en stabiel staan.

Alle noodzakelijke afstellingen kunnen uitgevoerd worden met een moersleutel.

Zorgvuldige horizontale afstelling voorkomt trillingen, lawaai of verschuiving van de machine tijdens de werking. Leg nooit karton, hout of iets dergelijks onder de machine om oneffenheden van de vloer te compenseren.

Controleer de afstelling, indien nodig, met een luchtbelwaterpas.

Rubberen voetenset (4055126249)

Verkrijgbaar bij uw geautoriseerde verkooppunt. De rubberen voeten zijn vooral handig op zwevende, gladde en houten vloeren.

Monteer de rubberen voeten om trillingen, lawaai of verschuiving van de machine tijdens de werking te voorkomen.

Lees de bij de kit geleverde gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.

Pagina 25

Watertoevoer

Let op!

De toevoerslang wordt meegeleverd met de machine en zit in de trommel van de machine.

35° 45°

Open de vuldeur en haal de toevoerslang uit de trommel.

Sluit de slang met de haakse aansluiting op de machine aan. Bevestig de toevoerslang niet naar beneden gericht. Bevestig de slang altijd onder een hoek naar links of naar rechts, afhankelijk van de plaats waar de waterkraan zich bevindt.

Breng de slang in de juiste positie door de ringmoer los te draaien.

Sluit de slang aan op een kraan met 3/4”- schroefdraad.

Waterstop

A

De toevoerslang is voorzien van een waterstop, een beveiligingsvoorziening tegen schade veroorzaakt door waterlekkage die kan ontstaan door natuurlijke slijtage van de slang. Deze storing wordt aangegeven door een rood vlak in venster «A». Als dit gebeurt, draait u de kraan dicht en neemt u contact op met de klantenservice om de slang te laten vervangen.

Waterafvoer

Het uiteinde van de afvoerslang kan op drie manieren worden geplaatst:

Over de rand van een gootsteen gehaakt, met behulp van de plastic slanggeleider.

Pagina 26

Zorg er in dit geval voor dat het uiteinde niet van de rand kan losschieten als de wasautomaat aan het leeglopen is. U kunt de slang met een stuk touw aan de kraan vastbinden of aan de wand bevestigen.

In een aftakking van een gootsteenafvoer. De aftakking dient zich boven de sifon te bevinden, zodat de bocht zich ten minste 60 cm boven de grond bevindt.

Rechtstreeks in een afvoerpijp op een hoogte van min. 60 cm en max. 90 cm. Het einde van de afvoerslang moet altijd geventileerd zijn, d.w.z. dat de binnendiameter van de afvoerpijp groter moet zijn dan de buitendiameter van de afvoerslang. De afvoerslang mag niet geknikt zijn.

Milieubescherming

Recycle de materialen met het symbool . Gooi de verpakking in een geschikte verzamelcontainer om het te recyclen.

Help om het milieu en de volksgezondheid te beschermen en recycle het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.

Verpakkingsmaterialen

Materialen met het symbool zijn recyclebaar. >PE<=polyethyleen >PS<=polystyreen >PP<=polypropyleen

Dit betekent dat ze gerecycled kunnen worden als u ze netjes weggooit in de daarvoor bestemde containers.

Milieutips

Om water en energie te besparen en om het milieu te helpen beschermen, raden wij u aan de volgende tips ter harte te nemen:

← pagina's 2–13Inhoud