AEG L16820, tekst van de handleiding
Wasmachine · AEG · 46 pagina's in het Nederlands · pdf: 50 pagina's, 0,6 MB
Storingen op pagina 38
Pagina 38
Wat te doen als …
De was/droogautomaat heeft een modern aandrijfsysteem, dat in vergelijking met oudere wasautomaten een ietwat fluitend geluid maakt.
Als in de trommel geen water zichtbaar is, komt dat door het moderne wassysteem van de machine.
Moderne wasautomaten verbruiken minder water dan oude, was- en spoelresultaat blijven echter optimaal.
Hulp bij storingen
Aan de hand van onderstaande aanwijzingen kunt u kleine storingen aan het apparaat zelf opheffen. Helpt deze informatie u niet verder, neem dan contact op met onze service-afdeling. Als u toch voor één van de hier vermelde storingen of vanwege foutieve bediening de onze service-afdeling inschakelt, wordt dit bezoek ook tijdens de garantietermijn niet door onze garantiebepalingen gedekt.
Sommige storingen worden in het multidisplay aangegeven:
- E10: er wordt geen water toegevoerd - E20: het water wordt niet weggepompt - E40: de machinedeur is niet goed gesloten - EF0: de beveiliging tegen waterschade is in werking getreden Tegelijkertijd knippert lampje EINDE klinkt een akoestisch signaal. Na opheffen van de storing toets START/PAUZE indrukken. Als de foutcode opnieuw wordt aangegeven, neem dan contact op met de service-afdeling.
Storing
De was/droogautomaat werkt helemaal niet.
Mogelijke oorzaak
De stekker zit niet in het stopcontact.
De zekering in de huisinstallatie is niet in orde.
De deur is niet goed gesloten. (E40)
Starttijdkeuze ingesteld.
Toets START/PAUZE niet ingedrukt.
Oplossing
Stekker in het stopcontact steken.
Zekering vervangen resp. inschakelen.
Deur sluiten; de sluiting moet hoorbaar dichtvallen. Controleer de tijd op het display.
Toets indrukken.
87
Pagina 39
Wat is er aan de hand als ...
Storing
Er wordt geen water toegevoerd.
De machine neemt water in, maar dit stroomt dadelijk weer uit de afvoerslang.
De machine pompt het water niet weg resp. centrifugeert niet.
Onder de was/droogauto-maat komt water te voorschijn.
In het multidisplay wordt EF0 aangegeven.
Mogelijke oorzaak Oplossing
De waterkraan is dicht. (E10) Waterkraan opendraaien. Toevoerslang is geknikt. (E10) Slang controleren en goed leggen.
De zeef in de koppeling Slang van de waterkraan van de toevoerslang is losschroeven, zeef onder verstopt. (E10) stromend water reinigen. De deur is niet goed Deur sluiten; de sluiting gesloten. (E40) moet hoorbaar dichtvallen. Het uiteinde van de De hoogte moet min. afvoerslang ligt niet 60 cm bedragen.
hoog genoeg. Zie aansluitaanwijzing. De afvoerslang is geknikt. Slang controleren en goed (E20) leggen.
Afvoerpomp of afvoerslang Afvoerpomp reinigen of zijn verstopt. (E20) afvoerslang controleren. Spoelstop gekozen. Water wegpompen door toets START/PAUZE in te drukken of programma POMPEN, CENTRIFUGEREN of KORT CENTRIFUGEREN kiezen.
Wasgoed niet gelijkmatig Wasgoed beter verdelen. in de trommel verdeeld.
De slangkoppeling van de Toevoerslang vastschroeven. toevoerslang is lek.
De afvoerslang is lek. Afvoerslang controleren en eventueel vervangen. Afvoerpomp niet goed Afvoerpomp goed sluiten. gesloten.
De wasmiddellade is Lade reinigen.
verstopt.
Te veel of te sterk Wasmiddel precies volgens schuimend wasmiddel de aanwijzingen van de gedoseerd. wasmiddelfabrikant doseren. De beveiliging tegen Waterkraan sluiten, dan wateroverlast is in werking stekker uit het stopcontact getreden. trekken en contact opnemen met de serviceafdeling.
Pagina 40
Wat is er aan de hand als ...
Storing
Het apparaat vibreert tijdens het gebruik of staat onrustig.
De deur kan niet geopend worden.
Het centrifugeren begint traag resp. het wasgoed wordt na afloop van het programma niet gecentrifugeerd.
In de wasmiddellade bevinden zich wasmiddelresten.
Het spoelwater is troebel.
Mogelijke oorzaak Oplossing
De transportbeveiliging is Zie het betreffende hoofdstuk niet geheel verwijderd. in deze gebruiksaanwijzing. De in hoogte verstelbare Voeten afstellen schroefvoeten zijn niet (zie aansluitaanwijzing). goed ingesteld.
Er zit erg weinig wasgoed Dit heeft geen invloed op in de trommel (bijv. slechts de werking van de machine. één badjas).
De trommel is in beweging. De deur is tijdens het gehele programma vergrendeld.
Het waterniveau in de Water laten wegpompen, machine bevindt zich voordat de deur kan boven het onderste deel worden geopend.
van de deur.
De machine is aan het Wachten tot de opwarm- of opwarmen of aan het drogen. droogfase afgelopen is. Het elektronische Het wasgoed wordt, stabilisatie-controlesysteem doordat de draairichting is in werking getreden. van de trommel gewijzigd wordt, losgemaakt, beter verdeeld en er wordt opnieuw met centrifugeren begonnen. Dit kan herhaaldelijk het geval zijn, totdat de onbalans opgeheven is en het centrifugeren definitief afgewerkt kan worden, eventueel met een lager toerental als het wasgoed nog niet goed verdeeld is. Als na 10 minuten de onbalans nog niet opgeheven is, voert de machine het centrifugeprogramma niet uit. De waterkraan is Waterkraan geheel niet geheel open. opendraaien.
De zeef in de koppeling van Zeef reinigen.
de toevoerslang is verstopt.
Waarschijnlijk hebt u Geen negatieve invloed op wasmiddel met hoog het spoelresultaat, evt. silicaatgehalte gebruikt. vloeibaar wasmiddel gebruiken.
Pagina 41
Wat is er aan de hand als ...
Storing
De machine droogt niet of het wasgoed is te vochtig.
Mogelijke oorzaak Oplossing
De waterkraan is gesloten. (E10) Waterkraan opendraaien. Afvoerpomp verstopt. Afvoerpomp reinigen. Droogtijd of droogheidsgraad Droogtijd kiezen of droogniet ingesteld. heidsgraad instellen. Geen passende droogtijd Bij gewenste droogheidsgraad gekozen. en textielsoort passende droogtijd kiezen Te veel goed in de Vulgewicht reduceren. machine gedaan.
Als het wasresultaat niet bevredigend is
Als het wasgoed grauw is en zich in de trommel kalkaanslag bevindt
- U hebt niet genoeg wasmiddel gedoseerd.
- U hebt niet het juiste wasmiddel gebruikt.
- U hebt speciale verontreinigingen niet voorbehandeld.
- U hebt niet het juiste programma of de juiste temperatuur gekozen.
Als op het wasgoed nog grijze vlekken zitten
- U hebt door zalf, cräme of olie verontreinigd wasgoed met te weinig wasmiddel gewassen. De hoeveelheid wasmiddel was niet voldoende om het vet op te lossen.
- U hebt een te lage temperatuur gekozen.
- In zulke gevallen is vaak wasverzachter (vooral in geconcentreerde vorm) buiten de machine direct op het wasgoed terechtgekomen. Dergelijke vlekken zo snel mogelijk uitwassen.
Als na de laatste spoelgang nog schuim zichtbaar is
- Moderne wasmiddelen kunnen ook in het laatste spoelwater nog schuim veroorzaken. Het wasgoed is dan echter voldoende gespoeld.
Als op het wasgoed witte resten zitten
- Hierbij gaat het om onoplosbare bestanddelen van moderne wasmiddelen. Ze zijn niet het gevolg van een onvoldoende spoeleffect. Wasgoed uitborstelen of uitschudden. Evt. ook het wasgoed binnenste buiten wassen. Evt. vloeibaar wasmiddel gebruiken.
Pagina 42
Technische gegevens
| Hoogte x breedte x diepte | 84x60x60 |
| Diepte bij open deur | 101,5 cm |
| In hoogte verstelbaar | ca. 10 mm |
| Vulgewicht (afhankelijk van het programma) | max. 6 kg |
| Toepassingsgebied | huishouden |
| Trommeltoerental wassen | max. 55 tpm |
| Trommeltoerental centrifugeren | 1600/1200/900/700 |
| Waterdruk | 0,05-0,8 MPa |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 42)
Dit apparaat voldoet aan de volgende EU-richtlijnen: - 73/23/EEG van 19.2.1973 “laagspanningsrichtlijn”, incl. wijzigingsrichtlijn 93/68/EEG - 89/336/EEG van 3.5.1989 “EMC-richtlijn”, incl. wijzigingsrichtlijn 92/31/EEG
Pagina 43
ADRES SERVICE-AFDELING
AEG/ELECTROLUX fabrieksservice
Postbus 120 2400 AC Alphen aan den Rijn
Als u vragen hebt waar deze gebruiksaanwijzing geen antwoord op geeft, kunt u de volgende afdelingen raadplegen:
| Service-informatielijn tel. (voor bezoek servicetechnicus en onderdelen) | (0172) 468 300 |
| Consumentenbelangen tel. (voor algemene, product- of gebruiksinformatie) | (0172) 468 172 |
| Onderdelenverkoop tel. | 0172 - 468 400 |
| www.aeg.nl |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 43)
Belangrijk!
Houd bij het opgeven van een storing altijd het Prod.- en Ser.-nummer van uw apparaat bij de hand. Deze nummers vindt u op het typeplaatje (aan de binnenzijde van de deur van de was/droogautomaat) en kunt u het beste hieronder en voorop deze gebruiksaanwijzing noteren. Modelaanduiding . . . . . . . . . . . . . . .
Prod.-nr. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Ser.-nr. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Geef onze service-afdeling ook het volgende op:
- Hoe doet de storing zich voor?
- Onder welke omstandigheden treedt de storing op?
- Wordt op het multidisplay een foutcode aangegeven?
(E en een cijfer)
Aan de hand van deze nummers kan onze service-afdeling de juiste voorbereidingen treffen, zodat de machine bij het eerste bezoek van de servicetechnicus weer hersteld kan worden. Op deze manier hoeft u slechts één maal thuis te blijven.
Als u toch voor één van de in deze gebruiksaanwijzing vermelde storingen of vanwege foutieve bediening de AEG/ELECTROLUX service-afdeling inschakelt, wordt dit bezoek ook tijdens de garantietermijn niet door onze garantiebepalingen gedekt.
92
Pagina 44
Elektrische apparaten van AEG/ELECTROLUX voldoen aan de betreffende veiligheidsbepalingen. Reparaties aan elektrische apparaten mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd. Onvakkundige reparaties kunnen tot aanzienlijke risico’s voor de gebruiker leiden. Wend u daarom altijd tot de AEG/ELECTROLUX service-afdeling of uw vakhandelaar. Voor reparaties uitgevoerd door anderen kan AEG/ELECTROLUX geen aansprakelijkheid aanvaarden. Alleen originele AEG/ELECTROLUX-onderdelen voldoen aan alle eisen!
Onze service-afdeling voert reparaties uit overeenkomstig de voorwaarden die tussen de Consumentenbond en de VLEHAN (Vereniging Leveranciers Elektrotechnische Huishoudelijke Apparaten Nederland) zijn overeengekomen.
U kan onderdelen, toebehoren en verbruiksprodukten online bestellen op adres http://www.aeg-home.be
OPSTEL- EN AANSLUITAANWIJZING
Aanwijzingen m.b.t. de veiligheid voor de installatie
- Controleer de was/droogautomaat op transportschade. Een beschadigd apparaat in geen geval aansluiten. Neem in geval van transportschade contact op met de leverancier.
- Verwijder de transportbeveiliging geheel, zie “Transportbeveiliging verwijderen”. Een niet verwijderde transportbeveiliging kan tijdens het centrifugeren leiden tot beschadiging van het apparaat en meubelen die ernaast staan.
- Stekker altijd in een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met randaarde steken. Geen verlengsnoeren, meervoudige stopcontacten of adapters gebruiken.
- Bij vaste aansluiting moet het apparaat d.m.v. een schakelaar in de installatie (zekering, automatische zekering, aardlekschakelaar of iets dergelijks) met een contactopening van minstens 3 mm van het net gescheiden kunnen worden. Vaste aansluiting mag alleen door een erkend elektro-installateur worden uitgevoerd.
- Let er vóór het in gebruik nemen op dat de op het typeplaatje aangegeven stroomsoort en netspanning overeenkomen met stroomsoort en netspanning op de plek van opstelling. Op het typeplaatje is ook te zien welke zekering nodig is.
- Het aansluitsnoer mag alleen door de AEG service-afdeling vervangen worden.
Pagina 45: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 46
Installatie
Transportbeveiliging verwijderen
Vóór opstelling en aansluiting van het apparaat moet beslist de transportbeveiliging verwijderd worden!
U gaat als volgt te werk:
Draai met de bijgeleverde sleutel de twee onderste schroeven aan de achterzijde van de machine uit.
Verwijder de twee plastic afstandshulzen.
Leg de machine op z’n achterkant en let erop dat de slangen niet platgedrukt worden.
Leg daarom één van de verpakkingshoeken op de vloer onder de machine.
Verwijder het polystyreen blok van de onderkant van de machine en maak de plastic zakken los.
Trek de linker plastic zak voorzichtig naar rechts en dan naar beneden om hem te verwijderen.
Trek de rechter plastic zak voorzichtig naar links en dan naar boven om hem te verwijderen.
Neem de afdekking voor de onderkant van de machine uit de trommel van de wasautomaat, plaats de haak zoals pijl A aange-eft en druk op de bovenkant van de afdekking om hem goed te laten sluiten.
Belangrijk!
Gedetailleerdere informatie m.b.t. de afdekking vindt u in de verpakking.
Pagina 47
Installatie
Zet de machine weer rechtop en draai de bovenste schroef aan de achterwand los. Trek de plastic huls weg.
Sluit de schroefgaten af met de plastic plugjes die u bij de gebruiksaanwijzing vindt.
Attentie:
Alle delen van de transportbeveiliging goed bewaren. Bij een evt. later transport (verhuizing) hebt u ze weer nodig.
Plaats van opstelling voorbereiden
- De vloer moet schoon en droog zijn, vrij van bijv. resten van zeep, boenwas of andere vettige aanslag, zodat de machine niet kan wegglijden. Geen vettige stoffen of zeep als glijmiddel gebruiken!
- Opstelling op hoogpolig tapijt en op tapijt met een rug van zacht schuim is niet aan te bevelen, omdat daardoor de stabiliteit van de machine niet meer gewaarborgd is.
- Als de machine op kleine tegels wordt opgesteld, een rubber mat onder de machine leggen.
- Kleine oneffenheden in de vloer nooit compenseren d.m.v. hout, karton of iets dergelijks, maar altijd door verstellen van de stelvoeten.
- Als vanwege ruimtegebrek opstelling van de was/droogautomaat direct naast een fornuis of andere warmtebron onvermijdelijk is, moet tussen warmtebron en was/droogautomaat een warmte-isolerende plaat (85 x 57 cm) worden geplaatst, die aan de kant van de warmtebron van aluminiumfolie voorzien moet zijn.
- De was/droogautomaat niet plaatsen in een ruimte waar het kan gaan vriezen. Kans op beschadiging!
- Toevoer- en afvoerslang mogen niet geknikt of platgedrukt worden.
Pagina 48
Installatie
Oneffenheden in de vloer compenseren
De machine moet met alle 4 voeten stevig op de vloer staan. Kleine oneffenheden in de vloer kunt u compenseren door in- of uitdraai- en van de 4 voeten.
Aansluiting aan koud water
Met het apparaat wordt een drukslang van 1,5 meter lang meegeleverd. Voor de wateraansluiting is een waterkraan met schroefdraad R 3/4” nodig. De waterdruk moet 50 tot 800 kPa (0,5-8 bar) bedragen.
De machine kan zonder extra terugstroombeveiliging aan de waterleiding worden aangesloten.
Draai de wartel van de toevoerslang stevig op de 3/4” schroefdraad van de kraan.
Aqua-control
Aqua-control beschermt bovendien tegen waterschade ten gevolge van veroudering van de toevoerslang. In dit geval blokkeert Aquacontrol de watertoevoer naar het apparaat.
De storing wordt aangegeven doordat een rode markering in venster "A" verschijnt. De toevo-erslang moet worden vervangen: neem contact op net onze service-afdeling.
Vóór in gebruik nemen van de machine de waterkraan langzaam helemaal opendraaien en controleren of de aansluiting dicht is.
Als u een langere toevoerslang nodig hebt, gebruikt u dan uitsluitend een bij de onze service-afdeling verkrijgbare, goedgekeurde complete slangenset met gemonteerde slangkoppeling.
Eventuele speciale voorschriften van het plaatselijke waterleidingbedrijf dienen in acht genomen te worden!
Het uiteinde van de slang aan de achterkant van de machine kan in alle richtingen gedraaid worden. Draai de koppeling iets los, draai de slang in de juiste stand en draai de koppeling weer goed vast.
97
Pagina 49
Installatie
Waterafvoer
De afvoerslang kan als volgt worden aangesloten:
In een wastafel, gootsteen of badkuip
Om wegglijden van de slang te voorkomen, kunt u hem het beste m.b.v. een stuk touw aan de waterkraan of aan een haak in de muur bevestigen.
Op een sifon
De vertakking moet boven de sifon zitten, zodat de kromming zich min. 60 cm boven de vloer bevindt.
Op een afvoerpijp
De hoogte van de afvoerpijp moet zich tussen 60 en 90 cm vanaf de onderzijde van de machine bevinden.
Het uiteinde van de afvoerslang moet altijd belucht zijn, d.w.z. de binnendiameter van de pijp moet groter zijn dan de buitendiameter van de slang. De afvoerslang mag tot max. 4 meter verlengd worden. Daarbij moet de diameter van de verlengslang even groot zijn als de binnendiameter van de originele slang. Gebruik een geschikt verbindingsstuk.
De verlengslang moet op de vloer liggen en mag alleen omhoog komen als water wordt afgevoerd.
Elektrische aansluiting
Aansluiting alleen aan een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met randaarde, 220-230 V (50 Hz).
De aansluitwaarde bedraagt ca. 2,2 kW.
Benodigde zekering: 10 A.
Bij vaste aansluiting moet het apparaat d.m.v. een schakelaar in de installatie (zekering, automatische zekering, aardlekschakelaar of iets dergelijks) met een contactopening van minstens 3 mm van het net gescheiden kunnen worden. Vaste aansluiting mag alleen door een erkend elektro-installateur worden uitgevoerd.
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
Geachte klant,
Lees deze gebruiksaanwijzing aandachtig door.
Lees vooral de aanwijzingen m.b.t. de veiligheid op de eerste pagina’s van deze gebruiksaanwijzing! Bewaar de gebruiksaanwijzing goed, zodat u nog eens iets kunt nalezen en geef hem door aan een eventuele volgende eigenaar van het apparat.
Met de waarschuwingsdriehoek en/of door signaalwoorden (Waarschuwing!, Voorzichtig!, Attentie!) geven wij aanwijzingen die belangrijk zijn voor uw veiligheid of voor het functioneren van de machine. Let goed op deze aanwijzingen.
Dit symbool voert u stap voor stap door de bediening van het apparat.
Bij dit symbool vindt u aanvullende informatie m.b.t. bediening en praktisch gebruik van het apparat.
Het klaverblad staat voor tips en aanwijzingen m.b.t. economisch en milieuvriendelijk gebruik van het toestel.
Mocht er een storing optreden, dan vindt u onder “Wat te doen als ...” aanwijzingen om kleine storingen zelf op te heffen.
Bij technische problemen kunt u altijd contact opnemen met de AEG/ELECTROLUX fabrieksservice, zie hoofdstuk “Klantenservice”.
Gedrukt op chloorvrij papier - wie milieubewust denkt, handelt ook zo...
51
Pagina 3
INHOUD
Gebruiksaanwijzing. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 55
Aanwijzingen m.b.t. de veiligheid. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 55
Afvalverwerking. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 57
Milieutips . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 57
De belangrijkste kenmerken van uw was/droogautomaat . . . . . . . . . . . . 58
Beschrijving van het apparat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 59
Bedieningspaneel. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 60
Programmakiezer . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 60-61 Toetsen voor extra programma's . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 62
VOORWAS. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 62
VLEKKEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 62
SENSITIVE . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 62
KORT . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 62
Toets START/PAUZE . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 63
Toets EXTRADROOG, KASTDROOG, STRIJKDROOG . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 63
Toets DROOGTIJD . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 63
CENTRIFUGEREN. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 64
SPOELSTOP . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 64
Toets STARTTIJDKEUZE. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 64-65 Multidisplay . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 65
Indicatie van het programmaverloop . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 65
Wasprogramma afbreken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 66
Wijzigen van een lopend programma . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 66
Deur openen tijdens een lopend programma. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 66
Lade voor was- en nabehandelingsmiddel. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 67
Vóór het in gebruik nemen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 67
Voordat u gaat wassen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 68
Wasgoed sorteren en voorbereiden. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 68
Textielsoorten en wasetiketten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 69
Was- en nabehandelingsmiddelen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 70
Welk was- en nabehandelingsmiddel? . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 70
Hoeveel was- en nabehandelingsmiddel?. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 70
Vloeibare wasmiddelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 70
Waterontharder gebruiken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 70
Waterhardheid . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 70
Pagina 4
Inhoud
Voordat u gaat drogen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 71
Vulgewichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 71
Niet geschikt om te drogen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 71
Textielbehandelingsetiketten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 72
Droogtijd . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 72
Wijzigen van de droogtijd resp. van de droogheidsgraad . . . . . . . . . . . . . . . 72
Pluizen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 72
Nadrogen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 73
Drogen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 73
Alleen drogen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 72
Wassen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 74
Vulgewichten. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 74
Wasgoed in de machine doen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 74
Was-/nabehandelingsmiddel doseren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 74
Wasprogramma instellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 74
Eventueel extra programma's kiezen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 75
Centrifugetoerental wijzigen of SPOELSTOP kiezen . . . . . . . . . . . . . . . . 75
Extra spoelgang. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 75
Starttijdkeuze instellen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 75
Programma starten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 76
Indicatie van het programmaverloop . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 76
Multidisplay . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 76
Einde van het programma . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 77
Wassen en aansluitend drogen (NON-STOP-gebruik). . . . . . . . . . . . . . . . 78
Programmatabellen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 79
Wassen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 79
Extra programma’s . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 80
Drogen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 81
Verbruikswaarden voor droogprogramma’s met tijdsinstelling. . . . . . . . 82
Reiniging en onderhoud. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 83
In het dagelijks gebruik . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 83
Bedieningselementen reinigen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 83
Bedieningspaneel. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 83
Wasmiddellade . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 83
Wastrommel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 84
Deur. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 84
Waterinloopzeef. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 84
Afvoerpomp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 85
Water aftappen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 86
Kans op vorst . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 86
Pagina 5
Inhoud
Wat te doen als .... . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 87
Hulp bij storingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 87
Als het wasresultaat niet bevredigend is . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 90
Technische gegevens. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 91
Adres service-afdeling. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 92-93 Opstel- en aansluitaanwijzing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 93
Aanwijzingen m.b.t. de veiligheid voor de installatie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 93
Afmetingen van het apparaat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 94
Vooraanzicht en zij-aanzicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 94
Achteraanzicht. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 94
Installatie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 95
Transportbeveiliging verwijderen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 95
Plaats van opstelling voorbereiden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 96
Oneffenheden in de vloer compenseren. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 97
Aansluiting aan koud water. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 97
Waterafvoer . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 98
Elektrische aansluiting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 98
Pagina 6
GEBRUIKSAANWIJZING
Aanwijzingen m.b.t. de veiligheid
De veiligheid van elektrische apparaten van AEG/ELECTROLUX voldoet aan de Europese en Nederlandse normen. Toch zien wij ons als fabrikant genoodzaakt, u en uw eventuele medegebruikers op het volgende te wijzen.
Algemene veiligheid
- Reparaties aan elektrische apparaten mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd. Onvakkundige reparaties kunnen tot aanzienlijke risico’s voor de gebruiker leiden. Wend u bij reparaties altijd tot onze service-afdeling. Alleen originele AEG/ELECTROLUX-onderdelen voldoen aan alle eisen!
- De machine nooit in gebruik nemen, als het aansluitsnoer beschadigd is of als bedieningspaneel, bovenblad of sokkel zo beschadigd zijn, dat de binnenkant van het apparaatl toegankelijk is.
- Als u het apparaat gaat schoonmaken, moet het altijd uitgeschakeld zijn: stekker uit het stopcontact trekken of bij vaste aansluiting de groepenhoofdschakelaar uitschakelen of de zekering in de huisinstallatie uitschakelen.
- Stekker nooit aan het snoer uit het stopcontact trekken, maar aan de stekker.
- Het apparaat in geen geval met een waterstraal afsproeien. Kans op kortsluiting!
- Bij wasprogramma’s met hoge temperaturen en bij droogprogramma’s wordt het deurglas heet. Niet aanraken! Kinderen uit de buurt houden.
- Het sop laten afkoelen voordat u water gaat aftappen of de pomp gaat reinigen.
- Huisdieren, vooral kleine dieren, kunnen in snoeren en slangen bijten, kans op kortsluiting resp. overstroming!
Opstelling, aansluiting, in gebruik nemen
- Lees de opstel- en aansluitaanwijzing achter in dit boekje.
- Voer een wasgang zonder wasgoed uit (WITTE WAS 95°C, met een halve maatbeker wasmiddel), opdat vetresten (die bij de fabricage zijn ontstaan) in de wastrommel en de kuip verwijderd worden.
- Als het apparaat wordt afgeleverd terwijl de buitentemperatuur onder 0°C is: apparaat vóór het in gebruik nemen 24 uur op kamertempera-tuur laten staan.
55
Pagina 7
Aanwijzingen m.b.t. de veiligheid
Veiligheid van kinderen
- Kinderen zien de gevaren niet die ontstaan door ondeskundige omgang met elektrische toestellen. Zorg daarom voor het nodige toezicht als de machine aanstaat en laat kinderen niet met de machine spelen - ze zouden zichzelf of andere kinderen in de machine kunnen opsluiten.
- Houd de verpakking uit de buurt van kinderen; vooral folie en styropor kunnen gevaren opleveren. Verstikkingsgevaar!
- Zorg ervoor dat kinderen of kleine huisdieren niet in de trommel van de was/droogautomaat kunnen klimmen.
- Als u het toestel afdankt, maak het dan dadelijk onbruikbaar: stekker uit het stopcontact trekken, aansluitsnoer afsnijden en weggooien. Maak bovendien het deurslot onbruikbaar. Zo kunnen kinderen zichzelf of andere kinderen niet in de machine opsluiten.
Gebruik volgens de voorschriften
- De was/droogautomaat is alleen bedoeld voor huishoudelijk gebruik, voor het wassen, centrifugeren en drogen van wasgoed. Als de machine voor verkeerde doeleinden wordt gebruikt of foutief wordt bediend, wordt eventueel ontstane schade niet door de garantiebepalingen gedekt.
- Constructieve wijzigingen of veranderingen aan het toestel zijn uit veiligheidsoverwegingen niet toegestaan.
- Gebruik alleen wasmiddelen die geschikt zijn voor wasautomaten. Let op de aanwijzingen van de wasmiddelfabrikant.
- Het wasgoed mag geen ontvlambaar oplosmiddel bevatten. Let hier vooral op bij het wassen van voorbehandeld wasgoed.
- De was/droogautomaat mag niet voor chemische reiniging gebruikt worden.
- Kleur- en ontkleuringsmiddelen mogen alleen gebruikt worden, als de fabrikant van deze middelen duidelijk aangeeft dat gebruik in de wasautomaat mogelijk is. Voor eventuele schade zijn wij niet verantwoordelijk.
- Gebruik alleen leidingwater. Gebruik regenwater alleen als dat aan alle voorschriften van de Nederlandse waterleidingbedrijven voldoet.
Pagina 8
Afvalverwerking
Verpakkingsmateriaal
Alle gebruikte verpakkingsmaterialen zijn niet milieu-onvriendelijk en kunnen zonder gevaar bij het afval worden gezet.
De kunststoffen kunnen hergebruikt worden en hebben de volgende aanduidingen:
>PE<=voor polyethyleen >PS<=voor polystyreen >PP<=voor polypropyleen
Het karton kunt u het beste in een container voor oud papier deponeren.
Oude machine
Als u het apparaat afdankt, lever het dan in bij uw vakhandelaar of informeer bij uw gemeente naar de mogelijkheden voor afvalverwerking in uw woonplaats.
Het symbool op het product of op de verpakking wijst erop dat dit product niet als huishoudafval mag worden behandeld. Het moet echter naar een plaats worden gebracht waar elektrische en elektronische apparatuur wordt gerecycled. Als u ervoor zorgt dat dit product op de correcte manier wordt verwijderd, voorkomt u mogelijk voor mens en milieu negatieve gevolgen die zich zouden kunnen voordoen in geval van verkeerde afvalbehandeling. Voor meer details in verband met het recyclen van dit product, neemt u het best contact op met de gemeentelijke instanties, het bedrijf of de dienst belast met de verwijdering van huishoudafval of de winkel waar u het product hebt gekocht.
Milieutips
- Normaal verontreinigd wasgoed hoeft u niet voor te wassen. Zo bespaart u wasmiddel, water en tijd (en u ontziet het milieu).
- De wasautomaat werkt het zuinigst met een volle trommel.
- Doseer bij kleine hoeveelheden wasgoed slechts 1/2 tot 2/3 van de aangegeven hoeveelheid wasmiddel.
- Door een geschikte voorbehandeling kunnen vlekken en lichte verontreinigingen verwijderd worden. Dan kunt u op een lagere temperatuur wassen.
- Was licht tot normaal verontreinigde witte was op de E-stand.
- De machine werkt bijzonder economisch, als het wasgoed vóór het drogen zo goed mogelijk gecentrifugeerd wordt.
57
Pagina 9
- Vaak is wasverzachter niet nodig. Probeert u het eens! Als u machinaal droogt, wordt uw wasgoed ook zonder wasverzachter zacht en wollig.
- Gebruik bij gemiddelde tot hoge waterhardheid (vanaf hardheid II) een speciale ontharder (zie “Was- en nabehandelingsmiddelen”). U kunt dan wasmiddel voor hardheid I (= zacht) doseren.
De belangrijkste kenmerken van uw was/droog-automaat
- Programma- en temperatuurinstelling m.b.v. de programmakiezer.
- Vlekkenprogramma voor effectieve behandeling van wasgoed met vlekken.
- Energiespaarprogramma ECO voor licht tot normaal verontreinigde witte was.
- Maximaal centrifugetoerental 1600 tpm. Het toerental wordt automatisch aangepast aan het wasprogramma:
- WITTE/BONTE WAS 1600 tpm - KREUKHERSTELLEND 900 tpm - FIJNE WAS 900 tpm - ZIJDE/WOL/ (handwas) 900 tpm
- Het centrifugetoerental kunt u wijzigen in 1200, 900 resp. 700 tpm.
- Spoelstop instelbaar: het wasgoed blijft in het laatste spoelwater liggen, het wordt niet gecentrifugeerd.
- Dankzij de mogelijkheid om andere opties te kiezen, kunt u een “persoonlijk” wasprogramma samenstellen.
- Starttijdkeuze: de start van het programma 30, 60, 90 minuten, 2-23 uur worden uitgesteld (bijv. tot de voordeeluren).
- Het speciale wolprogramma behandelt wollen goed uiterst voorzichtig.
- Met de droogprogramma’s hebt u altijd lekker zacht wasgoed.
- Indicatie van het programmaverloop.
- Wasmiddellade met 3 doseervakjes voor was- en nabehandelingsmiddel.
- Stabilisatie-controlesysteem: stabiliteit en rustige loop.
- Dit apparaat is uitgerust met een nieuwe "beveiliging tegen waterschade". Om deze beveiliging te activeren, moet u de onderkant van de machine afsluiten met de afdekking die u binnenin de trommel vindt. Lees de meegeleverde aanwijzingen.
Pagina 10: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 11
Bedieningspaneel
( !
!
,
+
+
) & %
* &
!
" # " $
# % " ' ( "
$ " $ "
A = keuzetoetsen
B = toets START/PAUZE
C = toets CENTRIFUGEREN
D = toets ELEKTRONISCH DROGEN E = toets DROOGTIJD
F = toets STARTTIJD
G = multidisplay
H = indicatie van het programmaverloop J = programmakiezer
(
Programmakiezer
De programmakiezer bepaalt hoe het wasproces gaat verlopen (bijv. waterniveau, trommelbeweging, aantal spoelgangen) aangepast aan de betreffende textielsoort en de soptemperatuur. Met de programmakiezer kunnen ook 2 droogprogramma’s gekozen worden. De verschillende instellingen werken als volgt:
$ "
$ "
) & %
* &
!
" # " $
# % " ' ( "
WITTE WAS/BONTE WAS
Hoofdwas voor witte/bonte was (wassen op 30-95°C - spoelen/wasver-zachten - centrifugeren).
Pagina 12
Beschrijving van het toestel
E
ECO: energiebesparend programma voor licht tot normaal verontreinigde witte was, verlengde wastijd (niet te combineren met KORT). De wastemperatuur wordt verlaagd.
40-60 MIX (bonte was)
Hoofdwas voor bonte was en gemengde stoffen (wassen op 44°C - spoelen/wasverzachten - centrifugeren). Programma niet te combineren met KORT.
DROGEN (witte/bonte was)
Droogprogramma met vol verwarmingsvermogen voor witte/bonte was.
KREUKHERSTELLEND
Hoofdwas voor kreukherstellend goed (wassen op 40-60°C - spoelen/wasverzachten - centrifugeren).
STRIJKVRIJ in het programma voor kreukherstellend goed
Het wasgoed wordt bijzonder voorzichtig gewassen en gecentrifugeerd om kreuken te voorkomen zodat strijken gemakkelijker gaat.
DROGEN (kreukherstellend)
Droogprogramma met half verwarmingsvermogen voor kreukherstellend goed.
FIJNE WAS
Hoofdwas voor fijne was (wassen koud achten - centrifugeren).
-40°C - spoelen/wasverz-
ZIJDE/WOL/handwas
Hoofdwas voor in de machine wasbare wol en voor wasbare wol en zijde met het wasetiket (handwas). (wassen koud -40°C - spoelen/was-verzachten - centrifugeren, sterk verminderde trommelbeweging).
SPOELEN
Apart voorzichtig spoelen, bijv. voor het spoelen van met de hand gewassen goed (3 spoelgangen en centrifugeren).
WASVERZACHTEN
Apart stijven, apart wasverzachten (na 1 spoelgang wordt vloeibaar nabehandelingsmiddel uit doseervakje ingespoeld, centrifugeren).
POMPEN
Wegpompen van het water na spoelstop (zonder centrifugeren).
CENTRIFUGEREN
Apart centrifugeren van met de hand gewassen witte/bonte was.
KORT CENTRIFUGEREN
Voorzichtig centrifugeren, resp. apart voorzichtig centrifugeren van met de hand gewassen teer textiel (kreukherstellend goed, fijne was, wol en zijde).
61
Verder lezen op pagina 13Inhoud