naslaan.comZoekenAlle merken

AEG L7WBG86W, tekst van de handleiding

Pagina's 39–53 van 56 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 17–38

Pagina 39

NEDERLANDS 39

wasgoed kan dan op een lagere temperatuur worden gewassen.

"Waterhardheid".

16.5 Waterhardheid

Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterontharder voor wasautomaten aan. In gebieden waar de waterhardheid zacht is, is het gebruik van een waterontharder niet nodig.

Neem contact op met het plaatselijke waterleidingbedrijf voor de waterhardheid in uw gebied.

Gebruik de juiste hoeveelheid van de waterontharder. Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.

16.6 De droogfase voorbereiden

16.7 Items die niet geschikt zijn voor de droger

Stel voor dit wasgoed geen droogprogramma in:

16.8 Wasvoorschriften in de kleding

Bij het drogen van uw wasgoed moet u zich houden aan de voorschriften van de fabrikant:

16.9 Duur van het droogprogramma

De droogtijd kan variëren afhankelijk van:

16.10 Extra drogen

Als het wasgoed aan het einde van het droogprogramma nog steeds vochtig is, stelt u nogmaals een korte droogfase in.

WAARSCHUWING!

Om kreuken en krimpen te voorkomen dient u het wasgoed niet te lang te drogen.

16.11 Algemene tips

Raadpleeg de tabel "Droogprogramma's" om de gemiddelde droogtijden op te zoeken.

Het drogen van wasgoed zal beter gaan naarmate u het vaker doet. Houd bij hoe lang uw droogprogramma's duren.

Statische lading na het drogen voorkomen:

Pagina 40

40 www.aeg.com

Na afloop van het droogprogramma dient u het wasgoed meteen uit de trommel te halen.

17. ONDERHOUD EN REINIGING

WAARSCHUWING!

Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

17.1 Schema periodieke reiniging

Periodieke reiniging helpt de levensduur van uw apparaat te verlengen.

Houd na elke cyclus de deur en de wasmiddeldispenser een beetje op een kier om luchtcirculatie te krijgen en de vochtigheid in het apparaat te drogen: dit voorkomt schimmels en geurtjes.

Als het apparaat lange tijd niet wordt gebruikt: sluit de waterkraan en trek de stekker uit het stopcontact.

Indicatief schema periodieke reiniging:

OntkalkenTwee keer per jaar
OnderhoudswasbeurtEenmaal ter maand
Deurafdichting reinigenIedere twee maanden
Trommel reinigenIedere twee maanden
Pluis in de trommel verwijderenTwee keer per maand1)
Wasmiddeldoseerbakje reinigenIedere twee maanden
De filter van de afvoerpomp reinigenTwee keer per jaar
De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigenTwee keer per jaar

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 40)

In de volgende paragrafen wordt uitgelegd hoe u elk onderdeel moet reinigen.

17.2 Vreemde voorwerpen verwijderen

Zorg ervoor dat de zakken leeg zijn en dat alle losse elementen zijn vastgebonden voordat u uw cyclus uitvoert. Raadpleeg 'De waslading' in 'Aanwijzingen en tips'.

Verwijder alle vreemde voorwerpen (zoals metalen clip, knoppen, munten, enz.) die u kunt vinden in de deurafdichting, de filters en de trommel. Raadpleeg de paragrafen 'Deurafdichting met dubbele lip', 'De trommel reinigen', 'De afvoerpomp reinigen' en 'De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen'. Neem indien nodig contact op met een erkend servicecentrum.

17.3 Buitenkant reinigen

Het apparaat alleen schoonmaken met milde zeep en warm water. Maak alle oppervlakken volledig droog.

Gebruik geen schuursponsjes of krassend materiaal.

LET OP!

Gebruik geen alcohol, oplosmiddelen of chemische producten.

LET OP!

Reinig de metalen oppervlakken niet met een reinigingsmiddel op chloorbasis.

17.4 Ontkalken

Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterontharder voor wasautomaten aan.

Pagina 41

NEDERLANDS 41

Controleer de trommel regelmatig op kalkaanslag.

De normale wasmiddelen bevatten al wateronthardende middelen, maar we raden aan af en toe een cyclus te draaien met een lege trommel en een ontkalkingsproduct.

Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.

17.5 Onderhoudswas

Bij herhaaldelijke en voortdurend gebruik van programma´s bij lage temperaturen kunnen er wasmiddelresten en pluizen achterblijven en kan er bacteriëngroei in de trommel en de kuip ontstaan. Dit kan slechte geurtjes en meeldauw veroorzaken.

Draai om deze resten te verwijderen en de binnenkant van het apparaat hygiënisch te reinigen regelmatig een onderhoudswasbeurt (minstens eenmaal per maand):

17.6 Deurrubber

Dit apparaat is ontworpen met een zelfreinigend afvoersysteem, waardoor lichte pluisvezels die van de kleding vallen met het water kunnen worden afgevoerd. Controleer regelmatig de afdichting. Munten, knoppen en andere kleine voorwerpen kunnen aan het einde van de cyclus worden teruggevonden.

Maak schoon indien nodig met een ammoniakmiddel zonder het oppervlak van de afdichting te bekrassen.

Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.

17.7 De trommel reinigen

Controleer de trommel regelmatig om roestvorming te voorkomen.

Voor een complete reiniging:

Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.

17.8 Het wasmiddeldoseerbakje reinigen

Om mogelijke afzetting van opgedroogd wasmiddel of geklonterde wasverzachter en/of schimmelvorming in de wasmiddellade te voorkomen dient u af en toe de volgende reinigingsprocedure uit te voeren:

1

2

Pagina 42

42 www.aeg.com

17.9 Afvoerpomp reinigen

WAARSCHUWING!

Haal de netstekker uit het stopcontact.

Controleer het filter van de afvoerpomp regelmatig en houd het schoon.

Reinig de afvoerpomp wanneer:

.

WAARSCHUWING!

Voor reiniging van de pomp gaat u als volgt te werk:

2

1

Houd altijd een oude doek bij de hand om het eventueel gemorste water te kunnen opvegen als u het filter verwijdert.

Pagina 43

NEDERLANDS 43

hij niet roteert: neem contact op met een erkend servicecentrum.

Pagina 44

44 www.aeg.com

Als u het water afpompt met gebruikmaking van de noodafpompprocedure, moet u het aftapsysteem opnieuw activeren:

17.10 Het filter van de toevoerslang en het klepfilter reinigen

Het wordt aanbevolen beide filters van de toevoerslang en -klep geregeld te reinigen ter verwijdering van aanslag dat met de tijd opgehoopt:

17.11 Noodafvoer

Als het apparaat het water niet kan wegpompen, voert u dezelfde procedure uit zoals beschreven in de paragraaf 'Reinigen van de afvoerpomp'. Maak de pomp zo nodig schoon.

Als u het water met de noodafvoerprocedure afvoert, dient u het afvoersysteem opnieuw te activeren:

Pagina 45

NEDERLANDS 45

17.12 Voorzorgsmaatregelen bij vorst

Als het apparaat is geïnstalleerd op een plek waar de temperatuur 0°C of daaronder kan bereiken, dan dient u het resterende water uit de afvoerslang en de afvoerpomp te verwijderen.

4.

5.

Leeg de afvoerpomp. Raadpleeg de noodafvoerprocedure.

Als de afvoerpomp leeg is, installeert u de toevoerslang opnieuw.

WAARSCHUWING!

Zorg ervoor dat de temperatuur hoger is dan 0°C voordat u het apparaat opnieuw gebruikt.

De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die door lage temperaturen is veroorzaakt.

18. PROBLEEMOPLOSSING

WAARSCHUWING!

Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

18.1 Alarmcodes en mogelijke storingen

Het apparaat start of stopt niet tijdens de werking. Probeer eerst het probleem zelf op te lossen (zie tabellen).

WAARSCHUWING!

Voordat u een handeling verricht, de stekker uit het stopcontact trekken.

Pagina 46

46 www.aeg.com

Bij enkele problemen geeft het display een alarmcode weer en kan de Start/Pauze - Départ/Pause -knop continu knipperen:

Als de machine te vol geladen is, moet u een aantal items uit de trommel verwijderen en/of tegen de deur duwen en tegelijkertijd op de toets Start/Pauze - Départ/Pause drukken totdat het controlelampje

stopt met knipperen (zie de onderstaande afbeelding).

ProbleemMogelijke oplossing
Het apparaat wordt niet goed gevuld met water.• Zorg ervoor dat de waterkraan geopend is.
• Ga na of de druk van de watervoorziening niet te laag is. Neem voor deze informatie contactpersoon op met uw plaatselijke waterleidingsbedrijf.
• Verzeker u ervan dat de waterkraan niet verstopt is.
• Controleer of er geen knikken of bochten in de watertoevoerslang aanwezig zijn.
• Zorg dat de positie van de watertoevoerslang correct is.
• Zorg dat de filter van de toevoerslang en de filter van de klep niet verstopt zijn. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging".
Het apparaat pompt geen water weg.• Verzeker u ervan dat de gootsteenafvoer niet verstopt is.
• Verzeker u ervan dat de aftapslang geen knikken of bochten heeft.
• Controleer of de afvoerfilter niet verstopt is. Reinig indien nodig de filter. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging".
• Zorg dat de aansluiting van de waterafvoerslang correct is.
• Stel het afvoerprogramma in als u een optie heeft gekozen waarbij water in de kuip blijft.
De deur is open of niet goed gesloten.• Controleer of de deur goed gesloten is.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 46)

Pagina 47

NEDERLANDS 47

Interne fout. Geen communicatie tussen elektronische elementen van de machine.• Het programma werd niet juist voltooid of het apparaat is te vroeg gestopt. Schakel het apparaat uit en weer aan.
• Als de alarmcode weer verschijnt, neem dan contact op met een erkend servicecentrum.
De stroomtoevoer is niet stabiel.• Wacht tot de stroomtoevoer stabiel is.
Het beschermingssysteem tegen waterlekkage is aan.• Koppel het apparaat los en draai de waterkraan dicht. Neem contact op met een erkend servicecentrum.
Als het display andere alarmcodes aangeeft, schakel het apparaat dat uit en weer in. Als het probleem opnieuw optreedt, neemt u contact op met de Servicedienst.
Raadpleeg onderstaande tabel voor mogelijke oplossingen in geval van een ander probleem met de wasmachine.
ProbleemMogelijke oplossing
Het programma start niet.• Controleer of de netstekker is aangesloten op het stopcontact.
• Controleer of de deur van het apparaat gesloten is.
• Zorg dat er geen zekering in de zekeringenkast is doorgebrand.
• Verzeker u ervan dat Start/Pauze - Départ/Pause bediend is.
• Als de uitgestelde start is ingesteld, annuleert u deze functie of wacht u tot de afloop van de afteltijd.
• Schakel het kinderslot uit.
• Controleer de stand van de knop op het gekozen programma.
De machine vult zich met water en pompt dit direct weg.• Zorg dat de afvoerslang zich op de juiste hoogte bevindt. De slang kan te laag hangen. Raadpleeg 'Montage-instructies'.
De centrifugeerfase werkt niet of de wasfase duurt langer dan normaal.• Controleer of de afvoerfilter niet verstopt is. Reinig indien nodig de filter. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging".
• Verdeel het wasgoed handmatig in de trommel en start de centrifugeerfase opnieuw. Dit probleem wordt mogelijk veroorzaakt door problemen met de balans.
Er ligt water op de vloer.• Zorg dat de aansluitingen van de waterslangen goed vast zitten en dat er geen lekken zijn.
• Zorg ervoor dat de watertoevoer- en afvoerslangen niet beschadigd zijn.
• Zorg dat u het juiste wasmiddel en de juiste hoeveelheid gebruikt.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 47)

Pagina 48

48 www.aeg.com

ProbleemMogelijke oplossing
U kunt de deur van het apparaat niet openen.Zorg ervoor dat er geen wasprogramma is gekozen dat eindigt met water in de trommel.
Zorg dat het wasprogramma voltooid is.
Verzeker u ervan dat er elektrische stroom op de machine staat.
Dit probleem kan veroorzaakt worden door een storing van het apparaat. Neem contact op met een erkend servicecentrum.
Als u de deur moet openen, lees dan zorgvuldig “Nooddeuropening”.
De machine maakt abnormale geluiden en trilt.Zorg dat het apparaat waterpas staat. Raadpleeg 'Montage-instructies'.
Zorg dat de verpakking en/of de transportbouten verwijderd zijn. Raadpleeg 'Montage-instructies'.
Voeg meer wasgoed aan de trommel toe. De lading is te klein.
De programmaduur neemt toe of neemt af tijdens het draaien van het programma.Het ProSense System kan de duur van het programma aanpassen aan het type en de hoeveelheid wasgoed. Zie 'Beladingsdetectie ProSense System' onder het hoofdstuk 'Dagelijks gebruik'.
Het wasresultaat is niet bevredigend.Gebruik meer wasmiddel of gebruik een ander middel. U hebt de hardnekkige vlekken niet voor het wassen uit het wasgoed gehaald.
Zorg dat u de juiste temperatuur instelt.
Verminder de hoeveelheid wasgoed.
Te veel schuim in de trommel tijdens de wascyclus.Verminder de hoeveelheid wasmiddel.
Na de wascyclus is er wat wasmiddel achtergebleven in de wasmiddellade.Ga na of de klep zich in de juiste positie bevindt (OMHOOG voor waspoeder - OMLAAG voor vloeibaar wasmiddel). Verzeker u ervan dat u het wasmiddelvakje heeft gebruikt volgens de instructie in deze gebruiksaanwijzing.
Het apparaat droogt niet of droogt niet goed.Draai de waterkraan open.
Controleer of de afvoerfilter niet verstopt is.
Haal wat wasgoed uit de trommel.
Zorg ervoor dat u de juiste cyclus ingesteld hebt. Indien nodig, stel een kortere droogtijd in.
Het wasgoed zit vol met pluisjes van verschillende kleuren.De stof gewassen in de vorige cyclus heeft pluisjes met een andere kleur afgegeven:
De droogfase helpt een deel van deze pluisjes te verwijderen. Reinig de kleding met een pluisjesverwijderaar.
Laat bij veel pluizen in de trommel het speciale reinigingsprogramma lopen (zie “Pluisjes op kleding” voor meer details).

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 48)

Pagina 49

NEDERLANDS 49

Schakel na de controle de machine in. Het programma wordt voortgezet vanaf het punt van onderbreking.

Als het probleem opnieuw optreedt, neemt u contact op met het geautoriseerd servicecentrum.

De contactgegevens van het servicecentrum staan op het typeplaatje.

18.2 Nooddeuropening

In het geval van een stroomstoring of apparaatstoring blijft de deur van het apparaat vergrendeld. Het wasprogramma gaat verder als er weer stroom is. Als de deur door een storing vergrendeld blijft, is het mogelijk om de deur te openen met een noodontgrendeling.

Voor het openen van de deur:

LET OP!

Gevaar voor brandwonden! Zorg ervoor dat de watertemperatuur niet te hoog is en dat het wasgoed niet heet is.

Wacht indien nodig tot de watertemperatuur en het wasgoed zijn afgekoeld.

LET OP!

Gevaar voor letsel! Zorg ervoor dat de trommel niet draait. Wacht indien nodig tot de trommel stopt met draaien.

Zorg ervoor dat het waterpeil in de trommel niet te hoog is. Voer indien nodig een noodafvoerprocedure uit (zie "Water afvoeren in een noodgeval" in het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging").

Ga als volgt te werk om de deur te openen:

Arrêt om het apparaat uit te schakelen.

Pagina 50

50 www.aeg.com

19. VERBRUIKSWAARDEN

19.1 Inleiding

Deze gebruikershandleiding rapporteert twee verschillende tabellen om een geleidelijke overgang van een verordening naar de andere te bevorderen:

Zie de link www.theenergylabel.eu voor gedetailleerde informatie over het energielabel.

De QR-code op het energielabel dat bij het apparaat wordt geleverd, biedt een weblink naar de informatie gerelateerd aan de prestaties van het apparaat in de EU-EPREL-database. Bewaar het energielabel ter referentie samen met de gebruikershandleiding en alle andere documenten die bij dit apparaat worden geleverd.

Het is ook mogelijk om dezelfde informatie in EPREL te vinden via de link https:// eprel.ec.europa.eu en de modelnaam en het productnummer die u vindt op het typeplaatje van het apparaat. Raadpleeg het hoofdstuk 'Productbeschrijving' voor de positie van het typeplaatje.

19.2 Legenda

kgWasgoed. u:mmProgrammaduur.
kWhEnergieverbruik. °CTemperatuur in de was.
LiterWaterverbruik. rpmCentrifugeersnelheid.
%Resterend vocht aan het einde van de cyclus. Hoe hoger de centrifugeersnelheid, hoe hoger het geluid en hoe lager het resterende vocht aan het einde van de wascyclus.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 50)

Pagina 51

NEDERLANDS 51

Waarden en programmaduur kunnen verschillen afhankelijk van verschillende omstandigheden (bijv. kamertemperatuur, watertemperatuur en -druk, ladinggrootte en type wasgoed, voedingsspanning) en ook als u de standaardinstelling van een programma wijzigt.

19.3 Volgens Verordening (EU) 2019/2023 van de Commissie

Alleen wassen

Eco 40-60 programmakgkWhLiteru:mm%°Crpm1)
Volledige belading80.940603:3050441551
Halve belading40.605452:4550391551
Kwartbelading20.300352:4554261551
1) Maximale centrifugesnelheid. Was- en droogcyclus
Eco 40-60 programma en kastdroogniveaukgkWhLiteru:mm%°Crpm1)
Volledige belading43.100636:150381551
Halve belading21.600434:500311551

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 51)

19.4 Overeenkomstig Richtlijn 96/60/EG

Katoen Eco-programmaLading (kg)Energieverbruik (kWh)Waterverbruik (liter)Gemiddelde programmaduur (minuten)
Eco 40-60 bij 60 °C80.9054278

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 51)

19.5 Veelvoorkomende programma's - Alleen wassen

Deze waarden zijn slechts indicatief.

Pagina 52

52 www.aeg.com

ProgrammakgkWhLiteru:mm%°Crpm1)
Katoen - Blanc/ Couleurs2) 95°C83,75904:0044851600
Katoen - Blanc/ Couleurs 60°C81.75853:2044551600
Katoen - Blanc/ Couleurs3) 20°C80.35853:0544201600
Synthetica - Synthétiques 40°C30.70502:1035401200
Fijne was - Déli-cats4) 30°C20.40601:0035301200
Wol - Laine 30°C1.50.20601:0530301200

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 52)

19.6 Veelvoorkomende programma's - Wassen en drogen

Deze waarden zijn slechts indicatief.
ProgrammakgkWh Literu:mm%°Crpm1)
Synthetica - Synthétiques 40°C32.15 754:251401200

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 52)

20. MILIEUBESCHERMING

Recycleer de materialen met het symbool . Gooi de verpakking in een

geschikte afvalcontainer om het te recycleren. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycleer op een

Pagina 53

correcte manier het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval.

NEDERLANDS 53

Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.

← pagina's 17–38Inhoud