AEG LR7DRESDEN, tekst van de handleiding
Wasmachine · AEG · 45 pagina's in het Nederlands · pdf: 92 pagina's, 3,3 MB
Storingen op pagina 38
Pagina 38
13. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
13.1 Alarmcodes en mogelijke storingen
Het apparaat start niet of stopt tijdens de werking. Probeer eerst het probleem zelf op te lossen (zie tabellen).
WAARSCHUWING!
Voordat u controles uitvoert, moet u de stekker uit het stopcontact trekken.
Bij sommige problemen wordt op de display een alarmcode
weergegeven en kan de Start/Pauze -knop continue knipperen:
Als de machine te vol geladen is, moet u een aantal kledingstukken uit de trommel verwijderen en/of tegen de deur duwen en tegelijkertijd op de toets Start/Pauze drukken totdat het controlelampje stopt met knipperen (zie de onderstaande afbeelding).
Probleem
Het apparaat wordt niet goed gevuld met water.
Mogelijke oplossing
- Controleer of de waterkraan geopend is.
- Controleer of de druk van de watervoorziening niet te laag is. Neem voor deze informatie contact op met je plaatselijke waterleidingbedrijf.
- Controleer of de waterkraan niet verstopt is.
- Controleer of er geen knikken, beschadigingen of bochten in de watertoevoerslang aanwezig zijn.
- Zorg ervoor dat de aansluiting van de watertoevoerslang correct is.
- Zorg ervoor dat het filter van de toevoerslang en het filter van de klep niet verstopt zijn. Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'.
Pagina 39
| de machine geen water wegpompt, | • Controleer of de gootsteenafvoer niet verstopt is. • Controleer of de afvoerslang geen knikken of bochten heeft. • Zorg ervoor dat het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig het filter indien nodig. Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'. • Zorg ervoor dat de aansluiting van de afvoerslang correct is. • Stel het afvoerprogramma in als je een programma instelt zonder afvoerfase. • Stel het afvoerprogramma in als je een optie instelt die eindigt met water in de kuip. |
| De deur is open of niet goed gesloten. | • Controleer of de deur goed gesloten is. |
| Interne fout. Geen communicatie tussen de elektronische elementen van het apparaat. | • Het programma werd niet juist voltooid of het apparaat is te vroeg gestopt. Schakel het apparaat uit en weer aan. • Als de alarmcode weer wordt weergegeven, neem je contact op met een erkende servicedienst. |
| De anti-overstromingsbeveiliging is ingeschakeld. | • Koppel het apparaat los en draai de waterkraan dicht. Neem contact op met de erkende servicedienst. |
| Als de display andere alarmcodes aangeeft, schakel je het apparaat uit en weer in. Als het probleem aanhoudt, neem je contact op met de erkende servicedienst. Raadpleeg onderstaande tabel voor mogelijke oplossingen in geval van een ander probleem met het apparaat. | |
| Probleem | Mogelijke oplossing |
| Het programma start niet. | • Controleer of de stekker is aangesloten op het stopcontact. • Controleer of de deur van het apparaat gesloten is. • Controleer of er geen beschadigde zekering in het zekeringenkastje is. • Verzeker je ervan dat Start/Pauze bediend is. • Als de optie voor uitgestelde start ingesteld is, annuleer je de instelling of wacht je tot het aftellen voorbij is. • Schakel de kinderbeveiliging uit, als deze actief is. • Controleer de stand van de knop op het gekozen programma. |
| Het apparaat wordt met water gevuld, maar dat wordt onmiddellijk afgetapt. | • Zorg ervoor dat de afvoerslang zich in de juiste positie bevindt. De slang kan te laag hangen. Raadpleeg 'Montage-instructies'. |
| De centrifugeerfase werkt niet of de wasfase duurt langer dan normaal. | • Stel het centrifugeprogramma in. • Zorg ervoor dat het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig het filter indien nodig. Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'. • Pas de kleding in de kuip handmatig aan en start de centrifugeerfase opnieuw. Dit probleem kan worden veroorzaakt door problemen met de balans. |
Pagina 40
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| Er is water op de vloer. | • Verzeker je ervan dat de koppelingen van de waterslangen stevig vastzitten en dat er geen waterlekkage is. • Verzeker je ervan dat de watertoevoerslang en de afvoerslang niet beschadigd zijn. • Zorg ervoor dat je het juiste wasmiddel en in de juiste hoeveelheid gebruikt. |
| Je kunt de deur van het apparaat niet openen. | • Verzeker je ervan dat er geen wasprogramma is gekozen dat eindigt met water in de trommel. • Verzeker je ervan dat het afwasprogramma is afgelopen. • Stel het afvoerprogramma of het centrifugeprogramma in als er water in de trommel zit. • Verzeker je ervan dat het apparaat elektriciteit krijgt. • Dit probleem kan worden veroorzaakt door een storing in het apparaat. Neem contact op met de erkende servicedienst. Als je de deur moet openen, lees je zorgvuldig 'Nooddeuropening'. |
| De machine maakt abnormale geluiden en trilt. | • Verzeker je ervan dat deze waterpas staat. Raadpleeg 'Montage-instructies'. • Verzeker je ervan dat de verpakking en/of de transportbouten verwijderd zijn. Raadpleeg 'Montage-instructies'. • Voeg meer wasgoed toe aan de trommel. De lading is mogelijk te klein. |
| De programmaduur neemt toe of af tijdens het draaien van het programma. | • Het ProSense System kan de duur van het programma aanpassen aan het type en de hoeveelheid wasgoed. Zie 'Beladingsdetectie ProSense System' onder het hoofdstuk 'Dagelijks gebruik'. |
| De wasresultaten zijn niet bevredigend. | • Verhoog de hoeveelheid wasmiddel of gebruik een ander wasmiddel. • Gebruik speciale producten om hardnekkige vlekken te verwijderen voordat je het wasgoed wast. • Zorg ervoor dat je de juiste temperatuur instelt. • Verminder de wasgoedlading. |
| Te veel schuim in de trommel tijdens de wascyclus. | • Verminder de hoeveelheid wasmiddel of het aantal tabletten of wasmiddelen voor eenmalig gebruik. |
| Na de wascyclus is er wat wasmiddel achtergebleven in de wasmiddellade. | • Verzeker je ervan dat je het wasmiddelvakje hebt gebruikt volgens de instructies in deze gebruiksaanwijzing. • Zorg ervoor dat je verse tabletten of wasmiddelen voor eenmalig gebruik gebruikt. Bewaar ze in hun doos en sluit ze na gebruik, volgens de aanbevelingen van de fabrikant. Directe blootstelling aan het milieu kan hun karakteristiek en hun gedrag in het Pods®compartiment wijzigen, met name in combinatie met bepaalde opties (bijv. Startuitstel). |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 40)
Schakel na de controle de machine in. Het programma wordt voortgezet vanaf het punt van onderbreking.
Als het probleem opnieuw optreedt, neem je contact op met een erkende servicedienst.
De contactgegevens van de servicedienst staan op het typeplaatje.
Pagina 41
13.2 Nooddeur openen
In het geval van een stroomstoring of apparaatstoring blijft de deur van het apparaat vergrendeld. Het wasprogramma gaat verder als er weer stroom is. Als de deur door een storing vergrendeld blijft, is het mogelijk om de deur te openen met een noodontgrendeling.
Voordat je de deur opent:
LET OP!
Gevaar voor brandwonden! Zorg ervoor dat de watertemperatuur niet te hoog is en dat het wasgoed niet heet is. Wacht indien nodig tot de watertemperatuur en het wasgoed zijn afgekoeld.
LET OP!
Gevaar voor verwonding! Zorg ervoor dat de trommel niet draait. Wacht indien nodig tot de trommel stopt met draaien.
Zorg ervoor dat het waterpeil in de trommel niet te hoog is. Voer indien nodig een noodafvoerprocedure uit (zie 'Water afvoeren in een noodgeval' in het hoofdstuk 'Onderhoud en reiniging').
Ga als volgt te werk om de deur te openen:
- 1. Druk op de toets Aan/Uit om het apparaat uit te schakelen.
- 2. Haal de stekker uit het stopcontact.
- 3. Open de filterklep.
- 4. Trek de noodvergrendelingstrekker eenmaal naar beneden. Trek die nogmaals naar beneden, houd hem gespannen en open in de tussentijd de deur van het apparaat.
- 5. Verwijder het wasgoed en sluit vervolgens de deur van het apparaat.
- 6. Sluit de filterklep.
Pagina 42
14. VERBRUIKSWAARDEN
14.1 Opmerking
De QR-code op het energielabel dat bij het apparaat wordt geleverd, biedt een internetkoppeling naar de informatie gerelateerd aan de prestaties van het apparaat in de EU-EPREL-database. Bewaar het energielabel ter referentie samen met de gebruikershandleiding en alle andere documenten die bij dit apparaat worden geleverd.
Het is ook mogelijk om dezelfde informatie in EPREL te vinden via de link https:// eprel.ec.europa.eu en de modelnaam en het productnummer die je vindt op het typeplaatje van het apparaat.
Waarden en programmaduur kunnen verschillen afhankelijk van verschillende omstandigheden (bijv. kamertemperatuur, watertemperatuur en -druk, ladinggrootte en type wasgoed, voedingsspanning) en ook als je de standaardinstelling van een programma wijzigt.
14.2 Overeenkomstig Verordening EU 2019/2023 van de Commissie en het Oekraïense decreet 834/2023
| Eco 40-60 programma kg kWh Liter uu:mm | % 1) °C tpm2) |
|---|---|
| Volledige belading 9.0 0.820 55.0 03:40 | 52.00 35.0 1551 |
| Halve belading 4.5 0.540 45.0 02:35 | 52.00 33.0 1551 |
| Kwartbelading 2.5 0.185 38.0 02:30 | 54.00 23.0 1551 |
| 1) Resterend vocht aan het einde van de centrifugeerfase. Hoe hoger de centrifugeersnelheid, hoe hoger het geluid en hoe lager het resterende vocht. 2) Maximale centrifugesnelheid. Stroomverbruik in verschillende modi | |
| Uit (W) Stand-by (W) | Uitgestelde start (W) |
| 0.50 0.50 | 4.00 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 42)
De tijd tot de Uit-/Stand-bymodus is maximaal 15 minuten.
14.3 Gebruikelijke programma's
Deze waarden zijn slechts indicatief.
Pagina 43
| Programma | kg | kWh | Liter | uu:mm | % 1) | °C | tpm2) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Katoen3) 95 °C | 9.0 | 2.700 | 90.0 | 04:05 | 44.00 | 85.0 | 1600 |
| Katoen 60 °C | 9.0 | 1.600 | 85.0 | 03:50 | 44.00 | 55.0 | 1600 |
| Katoen4) 20 °C | 9.0 | 0.350 | 85.0 | 03:00 | 44.00 | 20.0 | 1600 |
| Synthetica 40 °C | 4.0 | 0.800 | 55.0 | 02:15 | 35.00 | 40.0 | 1200 |
| Fijne was5) 30 °C | 2.0 | 0.400 | 60.0 | 01:05 | 35.00 | 30.0 | 1200 |
| Wol 30 °C | 1.5 | 0.300 | 65.0 | 01:05 | 30.00 | 30.0 | 1200 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 43)
- 1) Resterend vocht aan het einde van de centrifugeerfase. Hoe hoger de centrifugeersnelheid, hoe hoger het geluid en hoe lager het resterende vocht.
- 2) Referentie-indicator van de centrifugeersnelheid.
- 3) Geschikt voor het wassen van zwaar vervuild textiel.
- 4) Geschikt voor het wassen van licht vervuilde katoenen, synthetische en gemengde stoffen.
- 5) Het werkt ook als een snelle wascyclus voor licht vervuild wasgoed.
15. SNELHANDLEIDING
15.1 Dagelijks gebruik
- Steek de stekker in het stopcontact.
- Open de waterkraan.
- Druk op de Aan/Uit -toets om het apparaat aan te zetten (1).
- Draai de programmaknop om het gewenste wasprogramma in te stellen (2).
- Stel de gewenste opties in met de overeenkomstige tiptoetsen (3).
- Plaats het wasgoed in de trommel, één item tegelijk zonder overschrijding van de maximale voorgestelde lading. Sluit de
deur en zorg ervoor dat er geen wasgoed tussen de deur blijft klemmen.
- Plaats het wasmiddel en andere behandelmiddelen in de juiste vakken van het wasmiddeldoseerbakje. Als je tabletten gebruikt, activeer dan de Pods®- optie
- Om het programma te starten, druk op de
Start/Pauze -toets (4).
- Het apparaat start.
- Neem aan het einde van het programma het wasgoed er uit.
Pagina 44
- Druk op deAan/Uit -toets om het apparaat uit te zetten.
15.2 Reinigen van het filter van de afvoerpomp
1
180˚
Reinig het filter regelmatig en in het bijzonder als de alarmcode op het display verschijnt.
15.3 Programma’s
| Programma’s | Belading | Productbeschrijving |
|---|---|---|
| MixLoad 69min | 5.0 kg | Katoen en synthetische stoffen. Dit programma zorgt in een korte tijd voor goede wasprestaties. De standaard programmaduur is ontwikkeld bij een wasgoedlading van 5 kg. Als u een kleinere of grotere lading wast, wordt de wastijd automatisch verkort of verlengd, waardoor perfecte resultaten worden verkregen. |
| Eco 40-60 | 9.0 kg | Lage energiecyclus voor katoen. Verlaagt de temperatuur en verlengt de tijd om goede wasresultaten te bereiken. |
| Katoen | 9.0 kg | Witte en gekleurde katoenen stoffen. Ideaal voor normaal en zwaar bevuild wasgoed. |
| Synthetica | 4.0 kg | Synthetische of gemengde stoffen. |
| Fijne was | 2.0 kg | Delicate stoffen zoals acryl, viscose en polyester. |
| Wol | 1.5 kg | Machinewasbare wol, handwasbare wol en fijne was. |
| 20 min. - 3 kg | 3.0 kg | Katoenen en synthetische kledingstukken, licht vervuild of slechts eenmaal gedragen. |
| Stoom | 1.0 kg | Katoenen en synthetische artikelen die moeten ontkreuken. |
| Machine Clean | - | Onderhoudscyclus voor reinigen van trommel. |
Pagina 45
Programma’s Belading Productbeschrijving
Witte katoenen stoffen. Dit programma verwijdert meer dan 9.0 kg 99,99% van de bacteriën en virussen 1) Het zorgt ook voor Hygiëne een goede vermindering van allergenen.
Alle stoffen, behalve wol en zeer delicate stoffen. Programma 9.0 kg
Spoelen voor spoelen en centrifugeren.
Om het wasgoed te centrifugeren en het water uit de trommel 9.0 kg
Centrifugeren/Pompen af te voeren. Alle stoffen, behalve wol en zeer delicate stoffen.
- 1) Getest op Staphylococcus aureus, Enterococcus faecium, Candida albicans, Pseudomonas aeruginosa en MS2 Bacteriophage in een externe test uitgevoerd door Swissatest Testmaterialien AG in 2021 (Testrapport nr. 202120117).
Door het apparaat te laden tot de maximale aangegeven, wordt het energie- en capaciteit die voor elk programma is waterverbruik verminderd.
Geschikte wasmiddelen voor wasprogramma’s
Programma Universeel Universele Vloeistof voor Fijne was en Speciaal poeder1) vloeistof (Li gekleurde wol quid Univer was sal)
MixLoad 69min -- ▲ ▲ -- -- Eco 40-60 ▲ ▲ ▲ -- -- Katoen ▲ ▲ ▲ -- -- Synthetica ▲ ▲ ▲ -- -- Fijne was -- -- -- ▲ ▲ Wol -- -- -- ▲ ▲ 20 min. - 3 kg -- ▲ ▲ -- -- Hygiëne ▲ ▲ -- -- ▲
- 1) Bij een temperatuur hoger dan 60 °C wordt het gebruik van waspoeder aanbevolen.
15.4 Type en hoeveelheid bij voorkeur voor wasprogramma's op wasmiddel. lage temperatuur (max. 60 °C) voor alle weefselsoorten of speciale
- Gebruik uitsluitend wasmiddelen en middelen voor wollen artikelen. andere middelen die speciaal bedoeld zijn • Meng geen verschillende soorten voor wasmachines. Volg eerst deze wasmiddelen.
algemene regels: • Gebruik minder wasmiddel als:
- waspoeder (ook tabletten en – je een kleine lading wast, wasmiddelen met een enkele dosis) – het wasgoed licht vervuild is, voor alle soorten stoffen, met – er grote hoeveelheden schuim zijn uitzondering van delicate stoffen. Kies tijdens het wassen.
bij voorkeur voor waspoeder met Onvoldoende wasmiddel kan leiden tot de bleekmiddel voor witte was en volgende dingen:
hygiënisch wassen, • onbevredigende wasresultaten,
- vloeibare wasmiddelen (ook • het wasgoed dat grijs wordt, wasmiddelen voor eenmalig gebruik),
Pagina 46
- vettige kleding,
- schimmel in het apparaat.
Overmatig wasmiddel kan leiden tot de volgende dingen:
- schuimen,
- verminderd waseffect,
- ontoereikend spoelen,
- een grotere impact op het milieu.
15.5 Schema periodieke reiniging
Periodiek reinigen helpt de levensduur van je apparaat te verlengen.
Houd na elke cyclus de deur en het wasmiddeldoseerbakje een beetje open om luchtcirculatie te krijgen en de vochtigheid in het apparaat te drogen.
Als het apparaat lange tijd niet wordt gebruikt: sluit de waterkraan en trek de stekker uit het stopcontact.
Indicatief schema voor periodiek reinigen:
| Ontkalken | Twee keer per jaar |
|---|---|
| Onderhoudswas | Eenmaal ter maand |
| Deurafdichting reinigen | Iedere twee maanden |
| Trommel reinigen | Iedere twee maanden |
| Wasmiddeldoseerbakje reinigen | Iedere twee maanden |
| De filter van de afvoerpomp reinigen | Twee keer per jaar |
| De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen | Twee keer per jaar |
| Controleer de trommel kalkaanslag. We raden | regelmatig op aan om af en toe met |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 46)
een leeg vat en een ontkalkingsproduct een cyclus uit te voeren.
Vreemde voorwerpen verwijderen
Zorg ervoor dat de zakken leeg zijn en dat alle losse elementen zijn vastgebonden voordat u uw wascyclus uitvoert.
Verwijder alle vreemde voorwerpen (zoals metalen clip, knoppen, munten, enz.) die u kunt vinden in de deurafdichting, de filters en de trommel. Neem indien nodig contact op met het erkende servicecentrum.
Deurrubber
Dit apparaat is ontworpen met een zelfreinigend afvoersysteem, waardoor lichte pluisvezels die van de kleding vallen met het water kunnen worden afgevoerd. Controleer het deurrubber regelmatig en reinig het indien nodig zoals beschreven in het volgende diagram. Munten, knoppen en andere kleine voorwerpen kunnen aan het einde van de cyclus worden teruggevonden.
Maak schoon indien nodig met een ammoniakmiddel zonder het oppervlak van de afdichting te bekrassen.
Verwijder indien noodzakelijk pluizen en andere voorwerpen uit de filterholte.
16. HET MILIEUPERSPECTIEF
Recycle materialen met het symbool . Gooi de verpakking in de juiste containers om het te recyclen. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycle het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi
apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar de milieustraat bij je in de buurt of neem contact op met de gemeente.
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
Welkom bij AEG! Hartelijk dank dat je voor onze apparatuur hebt gekozen.
In ons streven om duurzaam te zijn, reduceren we papieren middelen en verstrekken we online volledige gebruikershandleidingen. Ga naar je volledige gebruikershandleiding op aeg.com/manuals
Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, informatie met betrekking tot service en reparatie op aeg.com/support
Koop accessoires, verbruiksartikelen, en originele reserveonderdelen voor je apparaat op aeg.com/shop
Wijzigingen voorbehouden.
INHOUDSOPGAVE
- 1. VEILIGHEIDSINFORMATIE............................................................................2
- 2. VEILIGHEIDSINSTRUCTIES..........................................................................4
- 3. PRODUCTBESCHRIJVING............................................................................6
- 4. TECHNISCHE INFORMATIE..........................................................................8
- 5. INSTALLEREN................................................................................................8
- 6. BEDIENINGSPANEEL..................................................................................13
- 7. KIEZEN EN TOETSEN................................................................................. 15
- 8. INSTELLINGEN............................................................................................ 19
- 9. VOOR HET EERSTE GEBRUIK...................................................................20
- 10. PROGRAMMA'S......................................................................................... 20
- 11. DAGELIJKS GEBRUIK............................................................................... 25
- 12. ONDERHOUD EN REINIGING...................................................................31
- 13. PROBLEEMOPLOSSING........................................................................... 38
- 14. VERBRUIKSWAARDEN............................................................................. 42
- 15. SNELHANDLEIDING..................................................................................43
- 16. HET MILIEUPERSPECTIEF....................................................................... 46
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees voor gebruik zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeien uit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige en toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.
Pagina 3
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de gevaren begrijpen.
- Kinderen tussen de 3 en 8 jaar oud en personen met zware en complexe beperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat te worden gehouden, tenzij ze voortdurend onder toezicht staan.
- Kinderen jonger dan 3 jaar dienen, tenzij zij voortdurend onder toezicht staan, bij het apparaat uit de buurt te worden gehouden.
- Houd toezicht op kinderen om te voorkomen dat zij met het apparaat gaan spelen.
- Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg.
- Houd reinigingsmiddelen uit de buurt van kinderen.
- Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat als de deur open staat.
- Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te worden geactiveerd.
- Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.
1.2 Algemene veiligheid
- Dit apparaat is uitsluitend bedoeld voor het wassen van huishoudelijk, machinewasbaar wasgoed.
- Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuis huishoudelijk gebruik.
- Dit apparaat kan worden gebruikt in kantoren, hotelkamers, bed & breakfast-kamers, boerderijgasthuizen en andere soortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik de (gemiddelde) huishoudelijke gebruiksniveaus niet overschrijdt.
Pagina 4
- De specificatie van dit apparaat niet wijzigen.
- De maximale belading van het apparaat is 9.0 kg.
Overschrijd de maximale belading van elk programma niet (zie het hoofdstuk 'Programma's').
- De waterdruk bij het watertoevoerpunt van de aansluiting moet liggen tussen 0,5 bar (0,05 MPa) en 10 bar (1,0 MPa).
- De ventilatie-openingen in de onderkant mogen niet worden afgedekt door tapijt, een mat of andere soorten vloerbedekking.
- Het apparaat moet op de waterleiding worden aangesloten met de nieuwe meegeleverde slangsets, of andere nieuwe slangsets geleverd door het geautoriseerd servicecentrum.
- Oude slangsets mogen niet opnieuw worden gebruikt.
- Als het netsnoer beschadigd is, moet de fabrikant, een erkend servicecentrum of een gekwalificeerde persoon deze vervangen teneinde gevaarlijke situaties met elektriciteit te voorkomen.
- Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat je onderhoudshandelingen verricht.
- Gebruik geen waterstralen onder druk en/of stoom om het apparaat te reinigen.
- Reinig het apparaat met een vochtige doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen.
- 2. VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
2.1 Installatie
De installatie moet voldoen aan de relevante nationale voorschriften.
- Verwijder alle verpakking en de transportbouten, inclusief de rubberen mof met kunststof afstandhouder.
- Bewaar de transportbouten op een veilige plek. Als het apparaat verplaatst moet worden in de toekomst, moeten ze
opnieuw bevestigd worden om de trommel te vergrendelen om interne schade te voorkomen.
- Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat, want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
- Volg de installatie-instructies die zijn meegeleverd met het apparaat.
- Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat.
- Gebruik of installeer het apparaat niet op plekken waar de temperatuur onder de
Pagina 5
0°C komt of waar het wordt blootgesteld aan weersomstandigheden.
- Zorg ervoor dat de vloer van de plaats waar u het apparaat installeert, vlak, stabiel, hittebestendig en schoon is.
- Zorg dat er lucht tussen het apparaat en de vloer kan circuleren.
- Als het apparaat op zijn permanente plaats wordt geplaatst, moet u nagaan of het waterpas staat. Is dit niet het geval, stel de stelpootjes hier dan op af.
- Installeer het apparaat niet direct boven de vloerafvoer.
- Sproei geen water op het apparaat en stel het niet bloot aan overmatige vochtigheid.
- Plaats het apparaat niet op een plek waar de deur niet helemaal open kan.
- Plaats geen gesloten bak om mogelijke waterlekkage op te vangen onder het apparaat. Neem contact op met het geautoriseerd servicecentrum om te raadplegen welke accessoires gebruikt mogen worden.
2.2 Elektrische aansluiting
WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en elektrische schokken.
- WAARSCHUWING: Dit apparaat is ontworpen om te worden geïnstalleerd/ aangesloten op een aardingsaansluiting in het gebouw.
- Gebruik altijd een juist geïnstalleerd schokbestendig stopcontact.
- Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom.
- Gebruik geen adapters met meerdere stekkers en verlengkabels.
- Zorg dat u de netstekker en het netsnoer niet beschadigt. Indien de voedingskabel moet worden vervangen, dan moet dit gebeuren door onze Klantenservice.
- Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is.
- Raak de stroomkabel of stekker niet aan met natte handen.
- Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
2.3 Wateraansluiting
- Het toevoerwater mag niet warmer zijn dan 25°C.
- Beschadig de waterslangen niet.
- Indien buizen lang niet zijn gebruikt, er reparaties hebben plaatsgevonden of er nieuwe apparaten zijn geplaatst (watermeters, enz.), moet je, voordat de nieuwe buizen worden aangesloten, het water laten stromen totdat het schoon en helder is.
- Zorg ervoor dat er geen zichtbare waterlekken zijn tijdens en na het eerste gebruik van het apparaat.
- Gebruik geen verlengslang als de toevoerslang te kort is. Neem contact op met de erkende klantenservice voor vervanging van de toevoerslang.
- Bij het uitpakken van het apparaat is het mogelijk dat je water uit de afvoerslang ziet stromen. Dit komt door het testen met water van het apparaat in de fabriek.
- Je kunt de afvoerslang maximaal 400 cm verlengen. Neem contact op met de erkende klantenservice voor de andere afvoerslang en het verlengstuk.
- Zorg ervoor dat de kraan na installatie bereikbaar is.
- Draai de waterkraan dicht nadat je het apparaat hebt gebruikt.
2.4 Gebruik
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, elektrische schokken, brand, brandwonden en schade aan het apparaat.
- Volg de veiligheidsinstructies op de verpakking van het vaatwasmiddel op.
- Plaats geen ontvlambare producten of artikelen die vochtig zijn met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat.
- Was geen stoffen die zwaar bevuild zijn met olie, vet of andere vettige substanties.
Dit kan rubberen onderdelen van het apparaat beschadigen. Was dergelijke stoffen met de hand voordat u ze in het apparaat laadt.
Pagina 6
- Gebruik geen wasmiddelgeuren om het risico op beschadiging van plastic en rubberen onderdelen van het apparaat te voorkomen.
- Raak de glazen deur niet aan als een programma in werking is. Het glas kan heet worden.
- Zorg ervoor dat alle metalen voorwerpen van het wasgoed zijn verwijderd.
2.5 Service
- Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat. Gebruik alleen originele reserveonderdelen.
- Houd er rekening mee dat zelfreparatie of niet-professionele reparatie gevolgen kan hebben voor de veiligheid en de garantie kan doen vervallen.
- De volgende reserveonderdelen zijn beschikbaar gedurende 10 jaar nadat het model is stopgezet: motor- en motorborstels, transmissie tussen motor en trommel, pompen, schokdempers en veren, wastrommel, trommelspin en aanverwante kogellagers, verwarmers en verwarmingselementen, inclusief warmtepompen, leidingen en aanverwante apparatuur, waaronder slangen, kleppen, filters en aquastops, printplaten, elektronische displays, drukschakelaars, thermostaten en sensoren, software en firmware met inbegrip van resetsoftware, deur, deurscharnier en afdichtingen, andere afdichtingen, deurvergrendelingsassemblage, plastic randapparatuur zoals wasmiddeldispensers. De termijn kan in
uw land langer zijn. Ga voor meer informatie naar onze website.
- Houd er rekening mee dat sommige van deze reserveonderdelen alleen beschikbaar zijn voor professionele reparateurs en dat niet alle reserveonderdelen relevant zijn voor alle modellen.
- Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk worden verkocht: Deze lampen zijn bedoeld om bestand te zijn tegen extreme fysieke omstandigheden in huishoudelijke apparaten, zoals temperatuur, trillingen, vochtigheid, of zijn bedoeld om informatie te geven over de operationele status van het apparaat. Ze zijn niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zijn niet geschikt voor verlichting in huishoudelijke ruimten.
2.6 Verwijdering
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of verstikking.
- Haal de stekker uit het stopcontact en koppel het apparaat los van de watertoevoer.
- Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en gooi het weg.
- Verwijder de deurvergrendeling om te voorkomen dat kinderen of huisdieren binnen in de trommel vast komen te zitten.
- Gooi het apparaat weg conform de lokale voorschriften voor de verwijdering van elektrische en elektronische apparatuur (AEEA).
3. PRODUCTBESCHRIJVING
3.1 Bijzondere eigenschappen
Uw nieuwe wasautomaat voldoet aan alle moderne eisen voor een effectieve behandeling van wasgoed met een laag water-, energie- en wasmiddelverbruik en een milde behandeling van het wasgoed.
- De lade met een UniversalDose vak voor elk type wasmiddel, ook een vak voor PODS®, uitgerust met een systeem dat het wasmiddel op een optimale manier
kan verspreiden en mengen en om na elke cyclus de wasmiddelresten op te lossen.
- De ProSense-technologie detecteert binnen 30 seconden de hoeveelheid wasgoed die bepalend is voor de duur van het programma. Het wasprogramma wordt nauwkeurig afgestemd op de wasbelasting en het type wasgoed zonder meer tijd-, energie- en water te verbruiken dan strikt noodzakelijk is.
Pagina 7
- De stoomfunctie is een snelle en handige manier om kleding op te frissen. De vriendelijke stoomprogramma's verwijderen geuren en zorgen voor minder kreuken in het droge textiel, zodat minder strijktijd nodig is.
De Plus Steam-optie rondt elke cyclus af met een milde stoombehandeling die de vezels doet ontspannen zodat het textiel minder kreukt. Strijken wordt gemakkelijker!
- Het AEG Steam Fragrance, biedt, dankzij nieuwe en stoomprogramma's de perfecte oplossing voor het verfrissen van zelfs de meest delicate kledingstukken zonder ze te wassen. Gebruik de delicate geur uitsluitend ontwikkeld door AEG om een aangenaam gevoel van een "net gewassen"-kledingstuk toe te voegen aan de actie van het verwijderen van geuren en kreuken.
3.2 Apparaatoverzicht
1
| 1 | Bovenblad | 8 Afvoerslang |
|---|---|---|
| 2 | Wasmiddellade | 9 Aansluiting van de watertoevoerslang |
| 3 | Bedieningspaneel | 10 Netsnoer |
| 4 | Handgreep | 11 Transportbouten |
| 5 | Typeplaatje | 12 Slangensteun |
| 6 | Filter afvoerpomp | |
| 7 | Voetjes voor het waterpas zetten van het apparaat |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
| Het | typeplaatje meldt: | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Mod. xxxxxxxxx Prod.No. 910000000 00 000V ~ 00Hz 0000 W | 00A | 00000000 | A. B. C. D. E. | QR-code Modelnaam Productnummer Elektrische classificaties Serienummer | |
| A | B C D | E |
Pagina 8
Scan de QR-code op het apparaat om uw product te registreren en er het maximale uit te halen.
- Toegang tot de details, documentatie en artikelen van je apparaat over het gebruik van de beste functies (Gebruikershandleiding is ook beschikbaar op aeg.com/manuals )
- Ontvang gebruiksadvies, informatie over probleemoplossing, service en reparatie (ook beschikbaar op aeg.com/support )
- Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor je apparaat (ook verkrijgbaar op aeg.com/shop )
4. TECHNISCHE INFORMATIE
| Afmetingen Breedte / hoogte / totale diepte | 59.7 cm /84.7 cm /66.0 cm |
| Elektrische aansluiting Spanning Totaal vermogen Zekering Frequentie | 230 V 2200 W 10 A 50 Hz |
| Beschermingsniveau tegen binnendringen van vaste deeltjes en vocht door het beschermende deksel, behalve waar de laagspanningsapparatuur geen bescherming tegen vocht heeft | IPX4 |
| Watertoevoerdruk Minimum Maximum | 0,5 bar (0,05 MPa) 10 bar (1,0 MPa) |
| Watertoevoer 1) | Koud water |
| Maximale belasting Katoen | 9.0 kg |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
- 1) Sluit de waterinlaatslang aan op een waterkraan met een 3/4'' schroefdraad.
5. INSTALLEREN
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
- 1. Verwijder de externe folie. Gebruik indien nodig een mesje.
5.1 Uitpakken
WAARSCHUWING!
Verwijder alle verpakking en de transportbouten voordat je het apparaat installeert.
WAARSCHUWING!
Lees alle installatie-instructies voordat u verdergaat.
- 2. Verwijder de kartonnen bovenzijde en het andere verpakkingsmateriaal.
WAARSCHUWING!
Gebruik de handschoenen.
Pagina 9
- 3. Verwijder de interne folie. 7. Verwijder de bescherming van de bodem.
- 4. Open de klep en verwijder het onderdeel van de klepvergrendeling en alle voorwerpen van de trommel.
- 5. Zet het apparaat voorzichtig op zijn achterkant.
- 6. Plaats het voorste polystyreenverpakkingselement op de vloer onder het apparaat.
Zorg ervoor dat je de slangen niet beschadigt.
1
2
- 8. Zet het apparaat verticaal naar boven.
- 9. Verwijder de elektrische voedingskabel en de afvoerslang uit de slanghouders.
Je ziet mogelijk water dat uit de afvoerslang loopt. Dit komt doordat het apparaat in de fabriek met water is getest.
Pagina 10
- 10. Verwijder de drie bouten.
- 11. Trek de plastic afstandsstukken naar buiten.
- 12. Plaats de plastic doppen, die je in de zak met de gebruiksaanwijzing aantreft, in de openingen.
We adviseren om de verpakking en de transportbouten te bewaren voor mogelijke beweging van het apparaat.
Accessoires die bij het apparaat worden geleverd, kunnen per model verschillen.
5.2 Positionering en waterpas zetten
- 1. Monteer het apparaat op een vlakke, harde vloer.
Zorg ervoor dat tapijten de luchtcirculatie onder het apparaat niet doen stoppen. Zorg ervoor dat het apparaat de muur of andere eenheden niet raakt.
- 2. Draai de voeten los of vast om het niveau aan te passen.
WAARSCHUWING!
Plaats geen karton, hout of gelijkwaardige materialen onder de voeten van het apparaat om het niveau aan te passen.
x4
Het apparaat moet waterpas en stabiel zijn.
Een juiste afstelling van het niveau van het apparaat voorkomt trillingen, lawaai en beweging van het apparaat wanneer dit in werking is.
Pagina 11
5.3 Installatie houten vloer
Als u het apparaat op een houten vloer installeert, zorg er dan voor dat u bevestigingsplaten gebruikt om de poten van het apparaat vast te zetten.
Lees de met het accessoire meegeleverde instructies zorgvuldig door.
5.4 De toevoerslang
- 1. Sluit indien nodig de watertoevoerslang aan op de achterkant van het apparaat. Meestal is het in de fabriek al geïnstalleerd.
20º
- 45º
- 2. Plaats hem naar rechts of links afhankelijk van de positie van de kraan. Zorg ervoor dat de toevoerslang niet verticaal is geplaatst.
- 3. Maak, indien nodig, de ringmoer los om hem in de juiste stand te zetten
- 4. Sluit de watertoevoerslang aan op een koudwaterkraan met 3/4”-schroefdraad. Sommige modellen kunnen een toevoerslang met een waterstopapparaat bevatten. Het voorkomt lekken in de slang vanwege de natuurlijke veroudering. De sector in het venster toont deze fout A. Als dit gebeurt, sluit u de waterkraan en neemt u contact op met het erkende servicecentrum voor informatie over het vervangen van de slang.
| A 3/4” A 3/4” A | |
| WAARSCHUWING! | |
| Het dan | toevoerwater mag niet warmer zijn 25 °C. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)
LET OP!
Zorg ervoor dat er geen lekken zijn vanuit de koppelingen.
Gebruik geen verlengslang als de toevoerslang te kort is. Neem contact op met het servicecentrum voor informatie over een vervangende toevoerslang.
5.5 Waterstop
De watertoevoerslang is voorzien van een waterstop. Dit toestel voorkomt lekkage in de slang door natuurlijke slijtage.
Het rode gedeelte in het venster «A» toont deze storing.
A
Als dit gebeurt, draait u de kraan dicht en neemt u contact op met de erkende klantenservice om de slang te laten vervangen.
Pagina 12
5.6 Waterafvoer
De afvoerslang moet op een hoogte van niet minder dan 60 cm en niet meer dan 100 cm van de vloer worden geplaatst.
U kunt de afvoerslang verlengen tot maximaal 400 cm. Neem contact op met het erkende servicecentrum voor aanschaf van de andere afvoerslang en het verlengstuk.
Het is mogelijk om de afvoerslang op verschillende manieren aan te sluiten:
(*)
- min.600 mm max.1000 mm
(*) Onderhevig aan wijziging zonder kennisgeving.
- Sluit de afvoerslang aan op de tapkraan en draai deze vast met een klem.
- Plaats de slang rechtstreeks op een ingebouwde afvoerleiding in de kamerwand en draai deze vast met een klem.
- Zonder de plastic slanggeleider, naar een gootsteentapkraan - Plaats de afvoerslang in de tapkraan en draai deze vast met een klem.
- Naar een standaardleiding met ventilatiegat - Steek de afvoerslang rechtstreeks in een afvoerleiding of standleiding.
- De afvoerslang kan in U-vorm worden gebogen en rond de plastic geleider worden geplaatst. Aan de rand van een gootsteen - Bevestig de geleider aan de waterkraan of aan de muur.
Zorg ervoor dat de afvoerslang een lus maakt om te voorkomen dat er deeltjes uit de gootsteen in het apparaat komen.
Zorg ervoor dat de plastic geleider niet kan bewegen wanneer het apparaat leegloopt en het uiteinde van de afvoerslang niet in het water is ondergedompeld. Er kan vuil water in het apparaat terechtkomen.
Pagina 13
Het uiteinde van de afvoerslang moet altijd geventileerd zijn, d.w.z. de binnendiameter van de afvoerleiding (min. 38 mm - min. 1,5") moet groter zijn dan de buitendiameter van de afvoerslang.
Sluit het apparaat aan op een geaard stopcontact.
5.7 Elektrische aansluiting
Aan het einde van de installatie kun je de stekker in het stopcontact steken.
Het typeplaatje en het hoofdstuk 'Technische gegevens' geven de benodigde elektrische waarden aan. Zorg ervoor dat ze compatibel zijn met de netvoeding.
Controleer of de elektrische installatie in jouw woning de maximale vereiste belasting aan kan, rekening houdend met andere apparaten die mogelijk ook in gebruik zijn.
Het aansluitsnoer moet na de installatie van het apparaat toegankelijk zijn.
Neem voor alle elektrische werkzaamheden die nodig zijn om dit apparaat te installeren contact op met ons geautoriseerde servicecentrum.
De fabrikant accepteert geen verantwoordelijkheid voor schade of letsel door het niet opvolgen van bovengenoemde veiligheidsvoorschriften.
6. BEDIENINGSPANEEL
6.1 Beschrijving van het bedieningspaneel
4
9
Verder lezen op pagina 14Inhoud