AEG LWF62R842, tekst van de handleiding
Wasmachine · AEG · 40 pagina's in het Nederlands · pdf: 48 pagina's, 1,3 MB
Storingen op pagina 38
Pagina 38
16. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
16.1 Alarmcodes en mogelijke storingen
Het apparaat start niet of stopt tijdens de werking. Probeer eerst het probleem zelf op te lossen (zie tabellen).
WAARSCHUWING!
Voordat je controles uitvoert, moet je de stekker uit het stopcontact trekken.
Bij sommige problemen wordt op de display een alarmcode
weergegeven en kan de Start/Pauze -knop continue knipperen:
Als de machine te vol geladen is, moet je een aantal items uit de trommel verwijderen en/of tegen de deur duwen en tegelijkertijd op de toets Start/Pauze drukken totdat het controlelampje stopt met knipperen (zie de onderstaande afbeelding).
Probleem
Het apparaat wordt niet goed gevuld met water.
Mogelijke oplossing
- Controleer of de waterkraan geopend is.
- Controleer of de druk van de watervoorziening niet te laag is. Neem voor deze informatie contact op met je plaatselijke waterleidingbedrijf.
- Controleer of de waterkraan niet verstopt is.
- Controleer of er geen knikken, beschadigingen of bochten in de watertoevoerslang aanwezig zijn.
- Zorg ervoor dat de aansluiting van de watertoevoerslang correct is.
- Zorg ervoor dat het filter van de toevoerslang en het filter van de klep niet verstopt zijn. Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'.
Pagina 39
| De machine pompt geen water weg. | • Controleer of de gootsteenafvoer niet verstopt is. • Controleer of de afvoerslang geen knikken of bochten heeft. • Zorg ervoor dat het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig het filter indien nodig. Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'. • Zorg ervoor dat de aansluiting van de afvoerslang correct is. • Stel het afvoerprogramma in als je een programma instelt zonder afvoerfase. • Stel het afvoerprogramma in als je een optie instelt die eindigt met water in de kuip. |
| De deur is open of niet goed gesloten. | • Controleer of de deur goed gesloten is. |
| Interne fout. Geen communicatie tussen de elektronische elementen van het apparaat. | • Het programma werd niet juist voltooid of het apparaat is te vroeg gestopt. Schakel het apparaat uit en weer aan. • Als de alarmcode weer wordt weergegeven, neem je contact op met een erkende servicedienst. |
| De stroomtoevoer is niet stabiel. | • Wacht totdat de stroomtoevoer stabiel is. |
| De anti-overstromingsbeveiliging is ingeschakeld. | • Koppel het apparaat los en draai de waterkraan dicht. Neem contact op met de erkende servicedienst. |
| Als de display andere alarmcodes aangeeft, schakel je het apparaat uit en weer in. Als het probleem aanhoudt, neem je contact op met de erkende servicedienst. Raadpleeg onderstaande tabel voor mogelijke oplossingen in geval van een ander probleem met de drogertrommel. | |
| Probleem | Mogelijke oplossing |
| Het programma start niet. | • Controleer of de stekker is aangesloten op het stopcontact. • Controleer of de deur van het apparaat gesloten is. • Controleer of er geen beschadigde zekering in het zekeringenkastje is. • Verzeker je ervan dat Start/Pauze bediend is. • Als de optie voor uitgestelde start ingesteld is, annuleer je de instelling of wacht je tot het aftellen voorbij is. • Schakel de kinderbeveiliging uit, als deze actief is. • Controleer de stand van de knop op het gekozen programma. |
| Het apparaat wordt met water gevuld, maar dat wordt onmiddellijk afgetapt. | • Zorg ervoor dat de afvoerslang zich in de juiste positie bevindt. De slang kan te laag hangen. Raadpleeg 'Montage-instructies'. |
| De centrifugeerfase werkt niet of de wasfase duurt langer dan normaal. | • Stel het centrifugeprogramma in. • Zorg ervoor dat het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig het filter indien nodig. Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'. • Pas de kleding in de kuip handmatig aan en start de centrifugeerfase opnieuw. Dit probleem kan worden veroorzaakt door problemen met de balans. |
Pagina 40
| Probleem | Mogelijke oplossing | |
|---|---|---|
| Er is water op de vloer. | Verzeker je ervan dat de koppelingen van de waterslangen stevig vastzitten en dat er geen waterlekkage is. Verzeker je ervan dat de watertoevoerslang en de afvoerslang niet beschadigd zijn. Zorg ervoor dat je het juiste wasmiddel en in de juiste hoeveelheid gebruikt. | |
| Je kunt de deur van het apparaat niet openen. | Verzeker je ervan dat er geen wasprogramma is gekozen dat eindigt met water in de trommel. Verzeker je ervan dat het afwasprogramma is afgelopen. Stel het afvoerprogramma of het centrifugeprogramma in als er water in de trommel zit. Verzeker je ervan dat het apparaat elektriciteit krijgt. Dit probleem kan worden veroorzaakt door een storing in het apparaat. Neem contact op met de erkende servicedienst. Als je de deur moet openen, lees je zorgvuldig 'Nooddeuropening'. | |
| De machine maakt abnormale geluiden en trilt. | Verzeker je ervan dat deze waterpas staat. Raadpleeg 'Montage-instructies'. Verzeker je ervan dat de verpakking en/of de transportbouten verwijderd zijn. Raadpleeg 'Montage-instructies'. Voeg meer wasgoed toe aan de trommel. De lading is mogelijk te klein. | |
| De programmaduur neemt toe of af tijdens het draaien van het programma. | Het ProSense System kan de duur van het programma aanpassen aan het type en de hoeveelheid wasgoed. Zie 'Beladingsdetectie ProSense System' onder het hoofdstuk 'Dagelijks gebruik'. | |
| De wasresultaten zijn niet bevredigend. | Verhoog de hoeveelheid wasmiddel of gebruik een ander wasmiddel. Gebruik speciale producten om hardnekkige vlekken te verwijderen voordat je het wasgoed wast. Zorg ervoor dat je de juiste temperatuur instelt. Verminder de wasgoedlading. | |
| Te veel schuim in de trommel tijdens de wascyclus. | Verminder de hoeveelheid wasmiddel of het aantal tabletten of wasmiddelen voor eenmalig gebruik. | |
| Na de wascyclus is er wat wasmiddel achtergebleven in de wasmiddellade. | Ga na of de klep zich in de juiste positie bevindt (OMHOOG voor waspoeder - OMLAAG voor vloeibaar wasmiddel). Verzeker je ervan dat je het wasmiddelvakje hebt gebruikt volgens de instructies in deze gebruiksaanwijzing. | |
| Het apparaat droogt niet of droogt niet goed. | Draai de waterkraan aan. Verzeker je ervan dat het afvoerfilter niet verstopt is. Verminder de wasgoedlading. Verzeker je ervan dat je de juiste cyclus hebt ingesteld. Stel zo nodig een korte droogtijd opnieuw in. | |
| Het wasgoed zit vol met verschillende kleuren. | De stoffen die zijn gewassen in de vorige cyclus hebben pluisjes van een andere kleur afgegeven: De droogfase helpt bij het verwijderen van pluisjes. Reinig de kleding met een pluisjesverwijderaar. Raadpleeg de paragraaf "Pluis in de stoffen" voor meer informatie als er veel pluis in de trommel zit. | |
Pagina 41
Schakel na de controle de machine in. Het programma wordt voortgezet vanaf het punt van onderbreking.
Als het probleem opnieuw optreedt, neem je contact op met een erkende servicedienst.
De contactgegevens van de servicedienst staan op het typeplaatje.
16.2 Nooddeuropening
In het geval van een stroomstoring of apparaatstoring blijft de deur van het apparaat vergrendeld. Het wasprogramma gaat verder als er weer stroom is. Als de deur door een storing vergrendeld blijft, is het mogelijk om de deur te openen met een noodontgrendeling.
Voordat je de deur opent:
LET OP!
Zorg ervoor dat de watertemperatuur niet te hoog is en dat het wasgoed niet heet is. Wacht indien nodig tot de watertemperatuur en het wasgoed zijn afgekoeld.
Ga als volgt te werk om de deur te openen:
- 1. Druk op de toets Aan/Uit om het apparaat uit te schakelen.
- 2. Haal de stekker uit het stopcontact.
- 3. Open de filterklep.
- 4. Trek de noodvergrendelingstrekker eenmaal naar beneden. Trek die nogmaals naar beneden, houd hem gespannen en open in de tussentijd de deur van het apparaat.
LET OP!
Zorg ervoor dat de trommel niet draait. Wacht indien nodig tot de trommel stopt met draaien.
Zorg ervoor dat het waterpeil in de trommel niet te hoog is. Voer indien nodig een noodafvoerprocedure uit (zie 'Water afvoeren in een noodgeval' in het hoofdstuk 'Onderhoud en reiniging').
5.
6.
Verwijder het wasgoed en sluit de deur van het apparaat.
Sluit de filterklep.
Pagina 42
17. VERBRUIKSWAARDEN
17.1 Inleiding
De QR-code op het energielabel dat bij het apparaat wordt geleverd, biedt een internetkoppeling naar de informatie gerelateerd aan de prestaties van het apparaat in de EU-EPRELdatabase. Bewaar het energielabel ter referentie samen met de gebruikershandleiding en alle andere documenten die bij dit apparaat worden geleverd.
Het is ook mogelijk om dezelfde informatie in EPREL te vinden via de link https://eprel.ec.europa.eu en de modelnaam en het productnummer die je vindt op het typeplaatje van het apparaat. Raadpleeg het hoofdstuk 'Productbeschrijving' voor de positie van het typeplaatje.
17.2 Legenda
| kg | Wasgoed. | uu:mm | Duur programma. |
|---|---|---|---|
| kWh | Energieverbruik. | °C | Temperatuur in de was. |
| Liter | Waterverbruik. | tpm | Centrifugeersnelheid. |
| % | Resterend vocht aan het einde van de cyclus. luid en hoe lager het resterende vocht aan het | Hoe hoger einde van | de centrifugeersnelheid, hoe hoger het gede wascyclus. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 42)
Waarden en programmaduur kunnen verschillen afhankelijk van verschillende omstandigheden (bijv. kamertemperatuur, watertemperatuur en -druk, ladinggrootte en type wasgoed, voedingsspanning) en ook als je de standaardinstelling van een programma wijzigt.
17.3 In overeenstemming met Verordening van de Commissie (EU) 2019/2023
Alleen wassen
| Eco 40-60 programma | kg | kWh | Liter | uu:mm | % | °C | tpm1) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Volledige belading | 8 | 0.720 | 55.0 | 03:30 | 52.00 | 36.0 | 1551 |
| Halve belading | 4 | 0.435 | 45.0 | 02:37 | 52.00 | 32.0 | 1551 |
Pagina 43
| Eco 40-60 programma | kg | kWh | Liter | uu:mm | % | °C | tpm1) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Kwartbelading | 2 | 0.230 | 35.0 | 02:25 | 54.00 | 26.0 | 1551 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 43)
- 1) Maximale centrifugesnelheid.
Was- en droogcyclus
| Eco 40-60program-ma en kastdroogniveau | kg | kWh | Liter | uu:mm | % | °C | tpm1) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Volledige belading | 4 | 2.700 | 70.0 | 05:40 | 0.00 | 32.0 | 1551 |
| Halve belading | 2 | 1.378 | 46.0 | 04:30 | 0.00 | 25.0 | 1551 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 43)
- 1) Maximale centrifugesnelheid.
Stroomverbruik in verschillende modi
| Uit (W) | Stand-by (W) | Uitgestelde start (W) | |
|---|---|---|---|
| 0.50 | 0.50 | 4.00 | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 43)
De tijd tot de Uit-/Stand-bymodus is maximaal 15 minuten.
17.4 Veelvoorkomende programma's - Alleen wassen
Deze waarden zijn slechts indicatief.
| Programma | kg | kWh | Liter | uu:mm | % | °C | tpm1) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Katoen 2) 95 °C | 8 | 2.250 | 85.0 | 04:00 | 44.00 | 85.0 | 1600 |
| Katoen 60 °C | 8 | 1.350 | 80.0 | 03:25 | 44.00 | 55.0 | 1600 |
| Koud 3) 20 °C | 8 | 0.250 | 80.0 | 02:50 | 44.00 | 20.0 | 1600 |
| Synthetica 40 °C | 3 | 0.650 | 75.0 | 02:25 | 35.00 | 40.0 | 1200 |
| Fijne was 4) 30 °C | 2 | 0.360 | 50.0 | 01:10 | 35.00 | 30.0 | 1200 |
Pagina 44
| Programma | kg | kWh | Liter | uu:mm | % | °C | tpm1) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Wol 30 °C | 1.5 | 0.200 | 55.0 | 01:05 | 30.00 | 30.0 | 1200 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 44)
- 1) Referentie-indicator van de centrifugeersnelheid.
- 2) Geschikt voor het wassen van zwaar vervuild textiel.
- 3) Geschikt voor het wassen van licht vervuilde katoenen, synthetische en gemengde stoffen.
- 4) Het werkt ook als een snelle wascyclus voor licht vervuild wasgoed.
17.5 Veelvoorkomende programma's - Wassen en drogen
| Deze waarden zijn slechts indicatief. | |||||||
| Programma | kg | kWh | Liter | uu:mm | % | °C | tpm1) |
| Synthetica 40°C | 3 | 2.000 | 75.0 | 04:00 | 1.00 | 40.0 | 1200 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 44)
- 1) Referentie-indicator van de centrifugeersnelheid.
18. MILIEUBESCHERMING
Recycleer de materialen met het symbool . Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren.
Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycleer op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische apparaten.
Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool
niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
Welkom bij AEG! Hartelijk dank dat je voor onze apparatuur hebt gekozen.
Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie-informatie:
www.aeg.com/support
Wijzigingen voorbehouden.
INHOUDSOPGAVE
- 1. VEILIGHEIDSINFORMATIE............................................................................2
- 2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN...................................................................6
- 3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT.......................................................... 8
- 4. TECHNISCHE GEGEVENS............................................................................9
- 5. MONTAGE ..................................................................................................... 9
- 6. BEDIENINGSPANEEL..................................................................................13
- 7. DRAAIKNOP EN KNOPPEN.........................................................................14
- 8. PROGRAMMA’S........................................................................................... 17
- 9. VOOR HET EERSTE GEBRUIK...................................................................23
- 10. DAGELIJKS GEBRUIK............................................................................... 23
- 11. DAGELIJKS GEBRUIK - WASSEN & DROGEN........................................ 27
- 12. DAGELIJKS GEBRUIK - ALLEEN DROGEN..............................................28
- 13. PLUIS IN DE STOFFEN..............................................................................29
- 14. AANWIJZINGEN EN TIPS.......................................................................... 30
- 15. ONDERHOUD EN REINIGING...................................................................33
- 16. PROBLEEMOPLOSSING........................................................................... 38
- 17. VERBRUIKSWAARDEN............................................................................. 42
- 18. MILIEUBESCHERMING..............................................................................44
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor u het apparaat gaat installeren en gebruiken.
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeien uit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige en toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen
WAARSCHUWING!
Risico op verstikking, letsel of blijvende invaliditeit.
Pagina 3
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de gevaren begrijpen.
- Kinderen tussen de 3 en 8 jaar oud en personen met zware en complexe beperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat te worden gehouden, tenzij ze voortdurend onder toezicht staan.
- Kinderen jonger dan 3 jaar dienen, tenzij zij voortdurend onder toezicht staan, bij het apparaat uit de buurt te worden gehouden.
- Houd toezicht op kinderen om te voorkomen dat zij met het apparaat gaan spelen.
- Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg.
- Houd reinigingsmiddelen uit de buurt van kinderen.
- Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat als de deur open staat.
- Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te worden geactiveerd.
- Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.
1.2 Algemene veiligheid
- Dit apparaat is alleen bedoeld voor het wassen en drogen van was- en droogwasgoed van het huishoudelijke type.
- De droogfunctie niet gebruiken als het wasgoed met industriële chemicaliën vervuild is.
- Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuis huishoudelijk gebruik.
- Dit apparaat kan worden gebruikt in kantoren, hotelkamers, bed & breakfast-kamers, boerderijgasthuizen en andere soortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik de
Pagina 4
(gemiddelde) huishoudelijke gebruiksniveaus niet overschrijdt.
- De specificatie van dit apparaat niet wijzigen.
- Het apparaat dient geïnstalleerd te worden als een vrijstaand product of onder het aanrecht als daar genoeg ruimte voor is.
- Installeer het apparaat niet achter een vergrendelbare deur, een schuifdeur of een deur met een scharnier aan de tegenovergestelde zijde, waardoor de deur van het apparaat niet volledig geopend kan worden.
- Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat de stekker toegankelijk is na de installatie.
- De ventilatie-openingen in de onderkant mogen niet worden afgedekt door tapijt, een mat of andere soorten vloerbedekking.
- WAARSCHUWING: Het apparaat mag niet van stroom worden voorzien door een extern schakelapparaat, zoals een tijdklok, of aangesloten worden op een circuit dat door het elektriciteitsbedrijf regelmatig aan en uit wordt geschakeld.
- Zorg voor een goede luchtventilatie in de ruimte waar het apparaat geïnstalleerd is, om het terugstromen van ongewenste gassen van apparaten in de ruimte die op gas of andere brandstoffen werken, zoals open haarden, te voorkomen.
- De lucht mag niet worden afgevoerd via een kanaal dat wordt gebruikt voor uitlaatgassen van apparaten die gas of andere brandstoffen verbranden.
- De waterdruk bij het watertoevoerpunt van de aansluiting moet liggen tussen 0,5 bar (0,05 MPa) en 10 bar (1,0 MPa).
- De maximale belading van het apparaat is 8 kg. Overschrijd de maximale belading van elk programma niet (zie het hoofdstuk 'Programma's').
Pagina 5
- Het apparaat moet op de waterleiding worden aangesloten met de nieuwe meegeleverde slangsets, of andere nieuwe slangsets geleverd door het geautoriseerd servicecentrum.
- Oude slangsets mogen niet opnieuw worden gebruikt.
- Als het netsnoer beschadigd is, moet de fabrikant, een erkend servicecentrum of een gekwalificeerde persoon deze vervangen teneinde gevaarlijke situaties met elektriciteit te voorkomen.
- Veeg eventuele pluisjes of verpakkingsafval die zich rondom het apparaat hebben opgehoopt, weg.
- Artikelen die zijn bevuild met stoffen als plantaardige of minerale olie, aceton, alcohol, benzine, kerosine, vlekkenverwijderaars, terpentine, boenwas en boenwasverwijderaars dienen alvorens in de was/ droogcombinatie te worden gedroogd, afzonderlijk te worden gewassen met een extra hoeveelheid wasmiddel.
- Het apparaat mag niet worden gebruikt als de artikelen vervuild zijn met industriële chemische reinigingsmiddelen.
- Droog geen ongewassen wasgoed in de wasdroger.
- Artikelen van schuimrubber (latexschuim), douchemutsjes, waterdichte kleding, en artikelen met een rubberen binnenkant en kleding of kussens met een vulling van schuimrubber dienen niet in de was/droogcombinatie te worden gedroogd.
- Wasverzachters of soortgelijke producten dienen te worden gebruikt zoals aangegeven in de instructies van de fabrikant van het product.
- Verwijder alle voorwerpen van artikelen die een ontstekingsbron kunnen zijn zoals aanstekers of lucifers.
- WAARSCHUWING: Stop een was/droogcombinatie nooit voor het einde van een droogcyclus, tenzij alle artikelen snel uit de trommel verwijderd en uitgehangen worden, zodat de restwarmte snel verdwijnt.
- Het laatste deel van een was/droogcombinatiecyclus vindt plaats zonder warmte (koelcyclus) om ervoor te zorgen dat
Pagina 6
de artikelen uiteindelijk een temperatuur hebben waarbij is gewaarborgd dat de artikelen niet worden beschadigd.
- Gebruik geen waterstralen onder druk en/of stoom om het apparaat te reinigen.
- Reinig het apparaat met een vochtige doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen.
- Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat je onderhoudshandelingen verricht.
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
2.1 Installatie
De installatie moet voldoen aan de relevante nationale voorschriften.
- Volg de installatie-instructies die zijn meegeleverd met het apparaat.
- Gebruik of installeer het apparaat niet op plekken waar de temperatuur onder de 0°C komt of waar het wordt blootgesteld aan weersomstandigheden.
- Houd het apparaat tijdens het verplaatsen altijd verticaal.
- Zorg dat er lucht tussen het apparaat en de vloer kan circuleren.
- Verwijder de verpakking en de transportbouten.
- Zorg ervoor dat de vloer van de plaats waar u het apparaat installeert, vlak, stabiel, hittebestendig en schoon is.
- Bewaar de transportbouten op een veilige plek. Als het apparaat verplaatst moet worden in de toekomst, moeten ze opnieuw bevestigd worden om de trommel te vergrendelen om interne schade te voorkomen.
- Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat, want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
- Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat.
- Plaats het apparaat niet op een plek waar de deur niet helemaal open kan.
- Pas de stelvoeten aan om de nodige ruimte tussen het apparaat en de vloer te creëren.
- Als het apparaat op zijn permanente plaats wordt geplaatst, moet u nagaan of het waterpas staat. Is dit niet het geval, stel de stelpootjes hier dan op af.
2.2 Elektrische aansluiting
WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en elektrische schokken.
- WAARSCHUWING: Dit apparaat is ontworpen om te worden geïnstalleerd/ aangesloten op een aardingsaansluiting in het gebouw.
- Gebruik altijd een juist geïnstalleerd schokbestendig stopcontact.
- Gebruik geen adapters met meerdere stekkers en verlengkabels.
- Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
- Raak de stroomkabel of stekker niet aan met natte handen.
2.3 Wateraansluiting
- Het toevoerwater mag niet warmer zijn dan 25°C.
- Beschadig de waterslangen niet.
- Indien buizen lang niet zijn gebruikt, er reparaties hebben plaatsgevonden of er
Pagina 7
nieuwe apparaten zijn geplaatst (watermeters, enz.), moet je, voordat de nieuwe buizen worden aangesloten, het water laten stromen totdat het schoon en helder is.
- Zorg ervoor dat er geen zichtbare waterlekken zijn tijdens en na het eerste gebruik van het apparaat.
- Gebruik geen verlengslang als de toevoerslang te kort is. Neem contact op met de erkende klantenservice voor vervanging van de toevoerslang.
- Bij het uitpakken van het apparaat is het mogelijk dat je water uit de afvoerslang ziet stromen. Dit komt door het testen met water van het apparaat in de fabriek.
- Je kunt de afvoerslang maximaal 400 cm verlengen. Neem contact op met de erkende klantenservice voor de andere afvoerslang en het verlengstuk.
- Zorg ervoor dat de kraan na installatie bereikbaar is.
2.4 Gebruik
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, elektrische schokken, brand, brandwonden en schade aan het apparaat.
- Plaats geen ontvlambare producten of artikelen die vochtig zijn met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat.
- Raak de glazen deur niet aan als een programma in werking is. Het glas kan heet worden.
- Droog geen beschadigde (gescheurde, gerafelde) kleding met vulling of voering.
- Indien wasgoed is gewassen met een vlekkenverwijderaar, dient er een extra spoelcyclus te worden uitgevoerd voordat u gaat drogen.
- Zorg ervoor dat alle metalen voorwerpen van het wasgoed zijn verwijderd.
- Droog uitsluitend textiel dat in het apparaat mag worden gedroogd. Volg de instructies op het wasvoorschrift in de kleding.
- Ga niet op de open deur zitten of staan.
- Droog geen druipnatte kleding in het apparaat.
- Laat geen hete voorwerpen de kunststof onderdelen van het apparaat aanraken.
- Verwijder een wasbol (indien gebruikt) voor het starten van het droogprogramma.
- Gebruik geen wasbol wanneer je een nonstopprogramma instelt.
2.5 Service
- Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat. Gebruik alleen originele reserveonderdelen.
- Houd er rekening mee dat zelfreparatie of niet-professionele reparatie gevolgen kan hebben voor de veiligheid en de garantie kan doen vervallen.
- De volgende reserveonderdelen zijn beschikbaar gedurende 10 jaar nadat het model is stopgezet: motor- en motorborstels, transmissie tussen motor en trommel, pompen, schokdempers en veren, wastrommel, trommelspin en aanverwante kogellagers, verwarmers en verwarmingselementen, inclusief warmtepompen, leidingen en aanverwante apparatuur, waaronder slangen, kleppen, filters en aquastops, printplaten, elektronische displays, drukschakelaars, thermostaten en sensoren, software en firmware met inbegrip van resetsoftware, deur, deurscharnier en afdichtingen, andere afdichtingen, deurvergrendelingsassemblage, plastic randapparatuur zoals wasmiddeldispensers. De termijn kan in uw land langer zijn. Ga voor meer informatie naar onze website.
- Houd er rekening mee dat sommige van deze reserveonderdelen alleen beschikbaar zijn voor professionele reparateurs en dat niet alle reserveonderdelen relevant zijn voor alle modellen.
- Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk worden verkocht: Deze lampen zijn bedoeld om bestand te zijn tegen extreme fysieke omstandigheden in huishoudelijke apparaten, zoals temperatuur, trillingen, vochtigheid, of zijn bedoeld om informatie te geven over de operationele status van het apparaat. Ze zijn niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zijn niet geschikt voor verlichting in huishoudelijke ruimten.
Pagina 8
2.6 Verwijdering
- Haal de stekker uit het stopcontact en koppel het apparaat los van de watertoevoer.
- Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en gooi het weg.
- Verwijder de deurvergrendeling om te voorkomen dat kinderen of huisdieren binnen in de trommel vast komen te zitten.
- Gooi het apparaat weg conform de lokale voorschriften voor de verwijdering van elektrische en elektronische apparatuur (AEEA).
3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT
3.1 Apparaatoverzicht
1
Bovenblad
Wasmiddellade
Bedieningspaneel
Handgreep
Typeplaatje
Filter afvoerpomp
Voetjes voor het waterpas zetten van het apparaat
8 Afvoerslang
9 Aansluiting van de watertoevoerslang
10 Netsnoer
11 Transportbouten
12 Slangensteun
Pagina 9
| Het | typeplaatje meldt: | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Mod. xxxxxxxxx Prod.No. 910000000 00 000V ~ 00Hz 0000 W | 00A | 00000000 | A. B. C. D. E. | QR-code Modelnaam Productnummer Elektrische classificaties Serienummer | |
| A | B C D | E |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)
Scan de QR-code op het apparaat om uw product te registreren en er het maximale uit te halen.
- Toegang tot de details, documentatie en artikelen van je apparaat over het gebruik van de beste functies (Gebruikershandleiding is ook beschikbaar op aeg.com/manuals )
- Ontvang gebruiksadvies, informatie over probleemoplossing, service en reparatie (ook beschikbaar op aeg.com/support )
- Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor je apparaat (ook verkrijgbaar op aeg.com/shop )
4. TECHNISCHE GEGEVENS
| Afmetingen Breedte / hoogte / totale diepte | 59.7 cm /84.7 cm /55.7 cm |
| Elektrische aansluiting Spanning Totaal vermogen Zekering Frequentie | 230 V 2100 W 10 A 50 Hz |
| Beschermingsniveau tegen binnendringen van vaste deeltjes en vocht door het beschermende deksel, behalve waar de laagspanningsapparatuur geen bescherming tegen vocht heeft | IPX4 |
| Watertoevoer 1) | Koud water |
| Watertoevoerdruk Minimum Maximum | 0,5 bar (0,05 MPa) 10 bar (1,0 MPa) |
| Maximale waslading Katoen | 8 kg |
| Maximale drooglading Katoen Synthetisch | 4 kg 3 kg |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)
- 1) Sluit de waterinlaatslang aan op een waterkraan met een 3/4'' schroefdraad.
5. MONTAGE
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
5.1 Uitpakken
- 1. Open de deur. Haal al het wasgoed uit de trommel.
Pagina 10
Accessoires die bij het apparaat worden geleverd, kunnen per model verschillen.
- 2. Plaats het verpakkingselement op de vloer achter het apparaat en leg het voorzichtig op de achterzijde. Verwijder de polystyreenbescherming van de bodem.
1
2 LET OP!
Leg de wasmachine niet op zijn voorzijde.
- 3. Zet het apparaat weer rechtop. Verwijder de elektrische voedingskabel en de afvoerslang uit de slanghouders.
Je ziet mogelijk water dat uit de afvoerslang loopt. Dit komt doordat de wasmachine in de fabriek is getest.
- 4. Verwijder de drie transportbouten en trek de kunststof afstandhouders weg.
Wij raden je aan om alle transportbouten en verpakking te bewaren voor als je het apparaat gaat verplaatsen.
- 5. Plaats de plastic doppen, die je in de zak met de gebruiksaanwijzing aantreft, in de openingen.
5.2 Informatie voor installatie
Positionering en waterpas zetten
Stel het apparaat correct af om trillingen, lawaai en beweging van het apparaat te voorkomen als het in werking is.
- 1. Monteer het apparaat op een vlakke, harde vloer. Het apparaat moet waterpas en stabiel zijn. Zorg ervoor dat het apparaat de muur of andere apparaten niet aanraakt en dat er luchtcirculatie onder het apparaat is.
Pagina 11
- 2. Draai de voeten los of vast om het niveau aan te passen. Alle voeten moeten stevig op de vloer rusten.
WAARSCHUWING!
Plaats geen karton, hout of gelijkwaardige materialen onder de voeten van het apparaat om het niveau aan te passen.
De toevoerslang
LET OP!
Zorg ervoor dat de slangen niet beschadigd zijn en dat de koppelingen niet lekken. Gebruik geen verlengslang als de toevoerslang te kort is. Neem contact op met het servicecentrum voor informatie over een vervangende toevoerslang.
- 1. Sluit indien nodig de watertoevoerslang aan op de achterkant van het apparaat. Meestal is het in de fabriek al geïnstalleerd.
| ▸ 45º 20º | ||
|---|---|---|
| Plaats het naar van de positie ervoor dat de toevoerslang staat. Draai indien nodig deze in de juiste | van | links of rechts, afhankelijk de waterkraan. Zorg niet verticaal de ringmoer los om positie te zetten. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)
2.
3.
- 4. Sommige modellen kunnen een toevoerslang met een waterstopapparaat bevatten. Het voorkomt lekken in de slang vanwege de natuurlijke veroudering. De sector in het venster toont deze fout A. Als dit gebeurt, sluit u de waterkraan en neemt u contact op met het erkende servicecentrum voor informatie over het vervangen van de slang.
A
3/4”
A
3/4”
A
- 5. Sluit het andere uiteinde van de toevoerslang voor KOUD water aan op de koudwaterkraan met 3/4" schroefdraad.
WAARSCHUWING!
Het toevoerwater mag niet warmer zijn dan 25 °C.
Waterafvoer
De afvoerslang moet op een hoogte van niet minder dan 60 cm en niet meer dan 100 cm blijven.
U kunt de afvoerslang verlengen tot maximaal 400 cm. Neem contact op met het erkende servicecentrum voor aanschaf van de andere afvoerslang en het verlengstuk.
Pagina 12
Het is mogelijk om de afvoerslang op verschillende manieren aan te sluiten:
(*)
- min.600 mm max.1000 mm
* Onderhevig aan vervanging van reserveonderdelen zonder voorafgaande kennisgeving.
Zorg ervoor dat de afvoerslang een lus maakt om te voorkomen dat er deeltjes uit de gootsteen in het apparaat komen.
Sluit de afvoerslang aan op de tapkraan en draai deze vast met een klem. Zorg dat de afvoerslang een bocht maakt om te voorkomen dat deeltjes uit de gootsteen in het apparaat komen.
Plaats de slang rechtstreeks op een ingebouwde afvoerleiding in de kamerwand en draai deze vast met een klem.
Zonder de plastic slanggeleider, naar een gootsteentapkraan- Plaats de afvoerslang in de tapkraan en draai deze vast met een klem.
De afvoerslang kan in U-vorm worden gebogen en rond de plastic geleider worden geplaatst. Aan de rand van een gootsteen - Bevestig de geleider aan de waterkraan of aan de muur.
Zorg ervoor dat de plastic geleider niet kan bewegen wanneer het apparaat leegloopt en het uiteinde van de afvoerslang niet in het water is ondergedompeld. Er kan vuil water in het apparaat terechtkomen.
Naar een standaardleiding met ventilatiegat - Steek de afvoerslang rechtstreeks in een afvoerpijp of standleiding
Het uiteinde van de afvoerslang moet altijd geventileerd zijn, d.w.z. de binnendiameter van de afvoerleiding (min. 38 mm - min. 1,5") moet groter zijn dan de buitendiameter van de afvoerslang.
5.3 Elektrische aansluiting
Aan het einde van de installatie kun je de stekker in het stopcontact steken.
Het typeplaatje en het hoofdstuk 'Technische gegevens' geven de benodigde elektrische
Pagina 13
| waarden aan. Zorg ervoor dat ze compatibel zijn met de netvoeding. | Het aansluitsnoer moet na de installatie van het apparaat toegankelijk zijn. |
| Controleer of de elektrische installatie in jouw woning de maximale vereiste belasting aan kan, rekening houdend met andere apparaten die mogelijk ook in gebruik zijn. | Neem voor alle elektrische werkzaamheden die nodig zijn om dit apparaat te installeren contact op met ons geautoriseerde servicecentrum. |
| Sluit het apparaat aan op een geaard stopcontact. | De fabrikant accepteert geen verantwoordelijkheid voor schade of letsel door het niet opvolgen van bovengenoemde veiligheidsvoorschriften. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)
6. BEDIENINGSPANEEL
| 6.1 Beschrijving bedieningspaneel | ||
| 1 | 2 3 | |
| 4 | ||
| 5 | ||
| 9 | 8 7 6 | |
| 1 Programmakeuzeknop | • Kastdroog optie | |
| 2 Display | • Strijkdroog optie | |
| 3 Startuitstel tiptoets (Startuitstel) | 7 | Aanraaktoets beperkt centrifugeren (Centrifugeren) |
| Droogtijd tiptoets (Droogtijd) | ||
| 4 | • Niet centrif. | |
| 5 Aanraaktoets start/pauze (Start/Pauze) | • Spoelen zonder pompen | |
| 8 | Aanraaktoets temperatuur (Temperatuur) | |
| 6 Droogniveau aanraaktoets (Droogtegraad) : | 9 | Aan-/uittoets (Aan/Uit) |
| • Extra droog optie |
Pagina 14
6.2 Display
Het controlelampje kan aangeven:
- Programmaduur (bijv. , was- en/of droogfase).
- Uitsteltijd (bijv. of ).
- Einde cyclus ( ).
- Waarschuwingscode (bijv. ).
Controlelampje voorwas.
Controlelampje vlekken.
Controlelampje droogfase. Het knippert tijdens de droogfase.
Controlelampje klep gesloten.
7. DRAAIKNOP EN KNOPPEN
7.1 Aan/Uit
Druk een paar seconden op deze toets te drukken kun je het apparaat in- of uitschakelen. Er klinken twee verschillende geluiden als het apparaat in- of uitgeschakeld wordt.
Omdat de stand-by-functie het apparaat automatisch uitschakelt om het energiegebruik in een aantal gevallen te beperken, moet u het apparaat wellicht weer inschakelen.
Raadpleeg de paragraaf over stand-by in het hoofdstuk 'Dagelijks gebruik' voor meer informatie.
7.2 Inleiding
Niet alle opties en functies zijn beschikbaar voor alle wasprogramma's. Controleer de verenigbaarheid van de opties en functies met de wasprogramma's in het 'Programmaoverzicht'. Een optie of functie kan een andere uitsluiten. In zo'n geval staat het apparaat niet toe dat u de onverenigbare opties of functies samen instelt.
Zorg dat het scherm en de toetsen altijd schoon en droog zijn.
7.3 Temperatuur
Wanneer het gewenste programma is gekozen, stelt je machine automatisch een standaardtemperatuur voor.
Pagina 15
Met deze optie kun je de standaardtemperatuur wijzigen en de gewenste temperatuur instellen, het bijbehorende indicatielampje gaat branden.
Als je het programma instelt Katoen bij 20°C, verwarmt het apparaat het water niet.
7.4 Centrifugeren
Als je een programma instelt, kiest het apparaat automatisch de standaard centrifugeersnelheid.
Tik herhaaldelijk op deze toets om de centrifugeersnelheid te wijzigen of om in te stellen:
Activeer de optieSpoelen zonder pompen
- Stel deze optie in om te voorkomen dat het wasgoed kreukt.
- Het bijbehorende indicatielampje gaat branden.
- Er is water in de trommel nadat het programma is voltooid.
- De deur blijft vergrendeld en de trommel draait regelmatig om kreuken te verminderen.
- U moet het water afvoeren om de deur te ontgrendelen.
- Als je de toets Start/Pauze aanraakt, voert het apparaat de centrifugeerfase uit en pompt het water weg.
Het apparaat zal het water na circa 18 uur automatisch uit het apparaat wegpompen.
Activeer de optie Niet centrif.
- Stel deze optie in om alle centrifugeerfasen uit te schakelen. Alleen de afvoerfase is beschikbaar.
- Het bijbehorende indicatielampje gaat branden.
- Stel deze optie in voor zeer fijne stoffen.
- De spoelfase verbruikt meer water voor sommige wasprogramma’s.
De centrifugeersnelheid kan worden verlaagd.
7.5 Voorwas
Gebruik deze functie om een voorwasfase toe te voegen voor de wasfase.
Deze optie wordt aanbevolen voor zwaar vervuild wasgoed, met name als dit zand, stof, modder en andere vaste deeltjes bevat.
Om deze optie te activeren/deactiveren raak je de knop Centrifugeren en de knop Temperatuur tegelijkertijd aan totdat het
controlelampje aan-/uitgaat op het display.
Deze optie kan de duur van het programma verlengen.
7.6 Droogtegraad
Met deze toets kun je een van de 3 automatische droogniveaus instellen die door het apparaat worden voorgesteld, in de programma's waar u selecteerbaar bent.
Het bijbehorende droogniveau-indicatielampje gaat branden:
- Strijkdroog: wasgoed dat wordt gestreken.
- Kastdroog: wasgoed dat wordt opgeborgen.
- Extra droog: wasgoed wordt volledig gedroogd.
Je kunt niet alle automatische niveaus voor alle stofsoorten instellen.
7.7 Vlekken
Selecteer deze optie om een voorwasfase aan een programma toe te voegen om sterk vervuild wasgoed of wasgoed met vlekken met een vlekkenverwijderaar te behandelen.
Giet de vlekkenverwijderaar in compartiment
. De vlekkenverwijderaar wordt in de juiste fase van het wasprogramma toegevoegd.
Om deze optie te activeren/deactiveren raak je de knop Droogtegraad en de knop Centrifugeren tegelijkertijd aan totdat het
controlelampje aan-/uitgaat op het display.
Verder lezen op pagina 16Inhoud