ATAG HIDD9472LV, tekst van de handleiding
Afzuigkap · ATAG · 22 pagina's in het Nederlands · pdf: 52 pagina's, 4,8 MB
Storingen op pagina 23
Pagina 23
PROBLEMEN OPLOSSEN
Algemeen
Wanneer u een barst in het glas ziet (hoe klein ook), schakelt u de kookplaat onmiddellijk uit, haalt u de stekker uit het stopcontact en zet u de (automatische) zekering(en) in de meterkast uit. Bij een permanente aansluiting zet u de stroomtoevoer op nul. Neem contact op met de servicedienst.
Tabel voor probleemoplossing
Als het toestel niet naar behoren werkt, betekent dit niet altijd dat het defect is. Probeer het probleem eerst zelf op te lossen door de onderstaande punten na te lopen. U kunt voor meer informatie ook terecht op de website www.atag.nl.
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Wanneer u de kookplaat voor het eerst inschakelt, gaat het display branden. | Dit is de standaardprocedure bij opstarten. | Normale werking. |
| De ventilator blijft nog enkele minuten doorwerken nadat de kookplaat is uitgeschakeld. | De kookplaat koelt af. | Normale werking. |
| De kookplaat geeft bij de eerste paar kookbeurten een lichte geur af. | Opwarmen van het nieuwe toestel. | Dit is normaal en verdwijnt na enkele keren koken. Ventileer de keuken. |
| De kookpannen maken geluid tijdens het koken. | Dit wordt veroorzaakt door de energie die van de kookplaat naar de pan stroomt. | Bij een hoge kookstand is dit normaal bij bepaalde pannen. Dit is niet schadelijk voor de pannen of de kookplaat. |
| Nadat u een kookzone hebt ingeschakeld, wordt in de display ‘u’ weergegeven. | De gebruikte kookpan is niet geschikt voor koken op inductie of heeft een diameter van minder dan 12 cm. | Gebruik een geschikte pan. |
| Een kookzone stopt plotseling met de werking en er klinkt een signaal. | De ingestelde timertijd is voorbij. | Schakel het alarm uit door op de ‘+’ toets van de timer te drukken. |
| De kookplaat werkt niet en er verschijnt niets in de display. | Er is geen stroomtoevoer door een defecte kabel of een foutieve aansluiting. | Controleer de zekeringen en de elektriciteitsschakelaar (bij een toestel zonder stekker). |
| Bij het inschakelen van de kookplaat springt de zekering. | Foutieve elektrische aansluiting. | Controleer de elektrische aansluitingen. |
| ‘[‘ and ‘]’ verschijnt op de aanraakregelaar. De aanraakregelaars doen het niet. | De bridge-functie is geactiveerd. | Deactiveer de bridge-functie. |
Pagina 24
PROBLEMEN OPLOSSEN
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Knipperend symbool op het betreffende bedieningsdisplay. | Het bedieningspaneel is vuil of er ligt water op. | Reinig het bedieningspaneel. |
| Foutcode E5 en E6. | Generator defect. | Neem contact op met de servicedienst. |
| Foutcode E2. | Het toestel is oververhit. | Het toestel is uitgeschakeld vanwege oververhitting. Laat het toestel afkoelen en begin opnieuw, maar op een lagere stand. |
| Foutcode U400 en/of continu piepgeluid. | Het toestel is verkeerd aangesloten of de netspanning is te hoog. | Laat de aansluiting vervangen. |
| Knipperend symbool. | U hebt op twee of meer toetsen tegelijk gedrukt. | Bedien maar één toets tegelijk. |
| Foutcode Er47. | Communicatiefout tussen regelaars en de inductiegenerator. | Controleer of de aansluiting op het elektriciteitsnet correct is gedaan en of deze werkt. Anders neemt u contact op met de servicedienst. |
| Code F in downdraft display (afwisselend met het vermogen) | Vetfilter heeft 100 bedrijfsuren. | Reinig het vetfilter. Gebruik de downdraft reinigingsstand. |
| Code C in downdraft display (afwisselend met het vermogen) | Koolstoffilter heeft 1000 bedrijfsuren. | Vervang het koolstoffilter. Gebruik de downdraft reinigingsstand. |
| Overige foutcodes. | Generator defect. | Neem contact op met de servicedienst. |
Pagina 25: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 26
MILIEUASPECTEN
Afvoeren toestel en verpakking
Bij de vervaardiging van dit toestel is gebruik gemaakt van duurzame materialen. Dit toestel moet aan het eind van zijn levenscyclus op verantwoorde wijze worden afgevoerd. De overheid kan u hierover informatie verschaffen.
De verpakking van het toestel is recyclebaar. Gebruikt kunnen zijn:
- karton;
- polyetheenfolie (PE);
- CFK-vrij polystyreen (PS-hardschuim).
Deze materialen dient u op verantwoorde wijze en conform de overheidsbepalingen af te voeren.
Om op de verplichting tot gescheiden verwerking van elektrische huishoudelijke apparatuur te wijzen, is op het product het symbool van een doorgekruiste vuilnisbak aangebracht. Dit betekent dat het apparaat aan het einde van zijn levensduur niet bij het gewone huisvuil mag worden gevoegd. Het toestel moet naar een speciaal centrum voor gescheiden afvalinzameling van de gemeente worden gebracht of naar een verkooppunt dat deze service verschaft.
Het apart verwerken van huishoudelijke apparaten voorkomt mogelijk negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid die door een ongeschikte verwerking ontstaat. Het zorgt ervoor dat de materialen waaruit het apparaat bestaat, teruggewonnen kunnen worden om een aanmerkelijke besparing van energie en grondstoffen te verkrijgen.
Verklaring van conformiteit
Wij verklaren dat onze producten voldoen aan de van toepassing zijnde Europese Richtlijnen, Besluiten en Verordeningen en de eisen die zijn vermeld in de normen waar naar wordt verwezen.
Pagina's 1–2: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 3
INHOUD
Uw inductiekookplaat
Inleiding 4
Beschrijving 5
Bedieningspaneel 6
Veiligheidsinstructies
Temperatuurbeveiliging 7
Kookduurbegrenzer 7
Gezond koken 7
Gebruik
Geluiden bij inductie 8
Pannen 8
Vermogensstanden 9
Pandetectie 10
De aanraaktoetsen gebruiken 10
Meldingen in de display 10
Functietabel 11
Kookstanden 12
Bediening
De kookplaat inschakelen en het vermogen instellen 13
De timer of kookwekker instellen 13
De automatische verhittingsfunctie inschakelen 15
Bridge induction zones koppelen 15
Een kookzone uitschakelen 16
Pauzeren 16
De functie voor automatische opwarming (menufunctie) inschakelen 17
De chef-functie inschakelen 17
De downdraft gebruiken 18
Onderhoud
Downdraft reinigingsstand 20
Reinigen 20
Vetfilter en opvangbak 21
Storingen
Algemeen 23
Tabel voor probleemoplossing 23
Technische specificaties
Informatie over Verordening (EU) 66/2014 25
Milieuaspecten
Afvoeren toestel en verpakking 26
Pagina 4
UW INDUCTIEKOOKPLAAT
Inleiding
Deze kookplaat is ontworpen voor de echte kookliefhebber. Koken op een inductiekookplaat heeft een aantal voordelen. Het is makkelijk, omdat de kookplaat snel reageert en ook op een zeer laag vermogen is in te stellen. Bovendien kunt u dankzij het hoge vermogen gerechten zeer snel aan de kook brengen. Door de ruime afstanden tussen de kookzones kunt u comfortabel koken.
Koken op een inductiekookplaat is anders dan koken op een traditioneel toestel. Bij inductiekoken wordt gebruikgemaakt van een magnetisch veld om warmte op te wekken. Hierdoor kunt u niet zomaar een willekeurige pan gebruiken. In het hoofdstuk 'Pannen' vindt u hierover meer informatie.
Voor optimale veiligheid is de inductiekookplaat uitgerust met meerdere temperatuurbeveiligingen en een restwarmte-indicator waardoor u kunt zien welke kookzones nog heet zijn.
In deze handleiding staat beschreven hoe u de inductiekookplaat optimaal kunt benutten. Naast informatie over de bediening vindt u hier ook achtergrondinformatie die van pas kan komen bij het gebruik van het product. Hierin staan ook kooktabellen en onderhoudstips.
Lees de handleiding door voordat u het toestel in gebruik neemt en bewaar deze op een veilige plaats voor toekomstig gebruik.
Daarnaast dient de handleiding als referentie voor de servicedienst. Plak daarom het gegevensplaatje in het daarvoor bestemde kader, achter in de handleiding.
Het gegevensplaatje bevat alle informatie die de servicedienst nodig heeft om adequaat op uw vragen te reageren.
Veel kookplezier!
Pagina 5: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 6
UW INDUCTIEKOOKPLAAT
Bedieningspaneel
10
- 1 2
- 1. Downdraft ‘-’ toets
- 2. Downdraft ‘+’ toets
- 3. Menutoets
- 4. Slider vermogen
- 5. ‘-’ toets timer
- 6. Pauzetoets
- 7. Aan-/uittoets
- 8. Toets chef-functie
- 9. ‘+’ toets timer
- 10. Downdraft display
- 11. Bridge-functie actief
- 12. Display voor kookzonestand
- 13. Timerfunctie actief
- 14. Timerdisplay
Pagina 7
VEILIGHEID
Lees eerst de afzonderlijke veiligheidsinstructies voordat u het toestel gaat gebruiken.
Temperatuurbeveiliging
Een sensor controleert continu de temperatuur van bepaalde onderdelen van de kookplaat. Elke kookzone is voorzien van een sensor die continu de temperatuur van de bodem van de pan controleert om risico op oververhitting te voorkomen wanneer een pan droogkookt. Bij een te hoge temperatuur wordt het vermogen van de kookplaat automatisch verlaagd of wordt de kookplaat automatisch uitgeschakeld.
Kookduurbegrenzer
De kookduurbegrenzer is een veiligheidsfunctie van uw kookplaat. Deze wordt geactiveerd als u vergeet de kookplaat uit te schakelen. Afhankelijk van de gekozen stand wordt de kookduur als volgt begrensd:
| Kookstand | Maximale gebruikstijd (uur, minuten) | Automatische verhitting (sec) |
|---|---|---|
| Lage temp. (2-3) | 8 uur | |
| 1 | 8 uur, 36 min. | 40 |
| 2 | 6 uur, 42 min. | 72 |
| 3 | 5 uur, 18 min. | 120 |
| 4 | 4 uur, 18 min. | 176 |
| 5 | 3 uur, 30 min. | 256 |
| 6 | 2 uur, 18 min. | 432 |
| 7 | 2 uur, 18 min. | 120 |
| 8 | 1 uur, 48 min. | 192 |
| 9 | 1 uur, 30 min. | - |
| P (boost) | 10 m (schakelt terug naar stand 9) | - |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
Gezond koken
Rookpunt van diverse oliesoorten
Om zo gezond mogelijk te bakken, wordt geadviseerd om de oliesoort af te stemmen op de baktemperatuur. Elke oliesoort heeft een ander rookpunt, waarbij giftige gassen vrijkomen. In onderstaande tabel staat het rookpunt van diverse oliesoorten.
| Olie | Rookpunt °C |
|---|---|
| Extra vierge olijfolie | 160 °C |
| Boter/kokosolie | 177 °C |
| Koolzaadolie | 204 °C |
| Vierge olijfolie | 216 °C |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
| Olie | Rookpunt °C |
|---|---|
| Zonnebloemolie | 227 °C |
| Maisolie/Arachideolie | 232 °C |
| Olijfolie | 242 °C |
| Rijstolie | 255 °C |
Pagina 8
GEBRUIK
Geluiden bij inductie
Tikkend geluid
- Dit wordt veroorzaakt door de vermogensverdeling op de linker- en rechterzone. Ook bij lagere instellingen kunt u een tikkend geluid horen.
Pannen maken geluid
- Pannen maken geluid tijdens het koken. Dit wordt veroorzaakt door de energie die van de kookplaat naar de pan stroomt. Bij een hoge kookstand is dit normaal bij bepaalde pannen. Dit is niet schadelijk voor de pannen of de kookplaat.
De ventilator maakt geluid
- Het toestel is voorzien van een ventilator om de levensduur van de elektronica te verlengen. Als u het toestel intensief gebruikt, wordt de ventilator ingeschakeld om het toestel te koelen en hoort u een zoemend geluid. De ventilator draait nog enkele minuten door nadat de kookplaat is uitgeschakeld.
Pannen
Plaats een pan altijd in het midden van een kookzone. Gebruik bij de bridge-functie altijd een (vis)pan die minimaal één van de middenposities van de gekoppelde zones bedekt.
Pannen voor inductiekoken
Voor inductiekoken zijn pannen van een bepaalde kwaliteit vereist.
Pannen waarmee al eerder op een gaskookplaat is gekookt, zijn niet meer geschikt voor een inductiekookplaat.
- Gebruik alleen pannen die geschikt zijn voor elektrisch koken en inductiekoken met:
▷ een dikke bodem (minimaal 2,25 mm);
▷ een vlakke bodem.
- Het meest geschikt zijn pannen die zijn voorzien van het keurmerk 'Class Induction'.
U kunt zelf met een magneet controleren of uw pannen geschikt zijn. De pan is geschikt als de magneet door de bodem wordt aangetrokken.
| Geschikt | Ongeschikt |
|---|---|
| Speciale roestvrijstalen pannen | Aardewerk |
| Class Induction | Roestvrijstaal |
| Slijtvaste geëmailleerde pannen | Porselein |
| Geëmailleerde gietijzeren pannen | Koper/aluminium |
| Plastic |
Pagina 9
GEBRUIK
Wees voorzichtig met geëmailleerde pannen van plaatstaal. Als u de kookplaat op een hoge stand inschakelt terwijl de pan (te) droog is, kan het email er af springen (het email laat los van het staal). Ook kan de panbodem kromtrekken door bijvoorbeeld oververhitting of gebruik van een te hoog vermogen.
- Gebruik nooit een pan met een vervormde bodem. Een holle of bolle bodem kan de werking van de beveiliging tegen oververhitting belemmeren. Het toestel wordt dan te warm.
Hierdoor kan de glasplaat barsten en de panbodem smelten. Schade die het gevolg is van het gebruik van ongeschikte pannen of van droogkoken, valt buiten de garantie.
Minimale pandiameter
- De minimale diameter van de panbodem bedraagt 12 cm. U bereikt het beste resultaat met een pan van dezelfde diameter als de kookzone. Bij een te kleine pan wordt de kookzone niet ingeschakeld.
- Op de bridge zones moet de minimale lengte van een (ovale) vispan 22 cm zijn.
Snelkookpannen
- Inductiekoken is bij uitstek geschikt voor het gebruik van snelkookpannen. De kookzone reageert zeer snel, waardoor de snelkookpan ook snel op druk is. Het kookproces stopt zodra u een kookzone uitschakelt.
Het vermogen instellen
De kookzones hebben 9 standen. Daarnaast is er nog een boost-stand (P). Nadat u de kookplaat hebt ingeschakeld, kunt u binnen 5 seconden de gewenste kookzone kiezen. Stel het vermogen in door de slider aan te raken. Bij de eerste aanraking wordt het niveau ingesteld op het deel van de slider dat u aanraakt. Wanneer u langs de slider schuift, verandert de instelling van het vermogen. Wanneer u naar rechts schuift, wordt het niveau verhoogd. Wanneer u naar links schuift, wordt het niveau verlaagd. Als u uw vinger van de slider haalt, begint het kookveld op het ingestelde niveau.
Boost-functie
- Met de boost-functie kunt u gedurende korte tijd (maximaal 10 minuten) op het hoogste vermogen koken. Na het verstrijken van de maximale boost-tijd wordt het vermogen verlaagd naar stand 9.
- Wanneer de bridge-functie is geactiveerd, is de boost-functie niet beschikbaar.
Boost instellen
- Vanwege het beperkte vermogen van de inductiekookplaat kunt u de boost-functie alleen op één kookzone tegelijkertijd instellen (voor zowel linker- als rechterkookzone). Wanneer u op een kookzone de boost-functie activeert, wordt de andere kookzone waar deze functie is geactiveerd automatisch ingesteld op een lager vermogen.
▷ De kookzone waarvan het vermogen wordt verlaagd, knippert in de display.
Pagina 10
GEBRUIK
Pandetectie
Als de kookplaat na het instellen van het vermogen geen (ijzerhoudende) pan detecteert, knipperen het symbool voor pandetectie en de geselecteerde vermogensstand om de beurt in de display en verwarmt de kookplaat niet. Indien u niet binnen 1 minuut een (ijzerhoudende) pan op de kookzone plaatst, wordt de kookzone automatisch uitgeschakeld (zie ook het hoofdstuk 'Pannen').
De aanraaktoetsen gebruiken
Plaats uw vingertop plat op een toets of op de slider. U hoeft geen druk uit te voeren. De aanraaktoetsen reageren alleen op lichte druk van een vingertop. Bedien de regelaars niet met andere objecten. Na activering van een toets of de slider klinkt er een geluidssignaal.
Meldingen in de display
| Op display | Status |
|---|---|
| <-> | Vermogen van kookzone: 1 = lage stand, 9 = hoge stand |
| Boost-functie actief. | |
| Geen (geschikte) pan op de kookzone (symbool voor pandetectie). | |
| Automatische verhitting geselecteerd. | |
| De menufunctie (automatisch verwarmen) is actief (het symbool voor de lage, middelste of hoge stand is zichtbaar) | |
| Foutcode: zie de tabel voor probleemoplossing. | |
| Restwarmte-indicator: de kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-indicator waarmee wordt aangegeven welke kookzone nog warm is. Ondanks dat de kookplaat is uitgeschakeld, blijft de indicator H zichtbaar zolang de kookzone warm is. Raak de kookzones niet aan wanneer deze indicator brandt. Gevaar! Risico op brandwonden. | |
| Indicator voor het reinigen van het vetfilter | |
| Indicator voor het vervangen van het koolstoffilter |
Pagina 11
GEBRUIK
Functietabel
| gebruiken | Beschrijving |
|---|---|
| toetsen | |
| Beide linker of rechter sliders gelijktijdig drukken | U kunt de één grote grote vispan |
| ▷ Als | |
| Slider ingedrukt houden | ▷ Met de Hiermee kunt ingestelde • Verhitten • Lage • Middelhoge • Hoge De chef-functie kunt u koken gebruiken. een andere Met de U kunt deze Er zijn drie ▷ lage ▷ ▷ hoge Met de functie vermogen |
| de pan te Deze functie | |
| Voor elke tot 1 uur en u de pan weer terugzet. tijd is verstreken. schakelt de kookzone (geen U kunt de en een ventilator tien zal de downdraft |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)
| Functie | Te | ||
|---|---|---|---|
| Bridge | kookzones aan elkaar koppelen. Hierdoor ontstaat zone die u bijvoorbeeld kunt gebruiken voor een of een grote kookpan. | ||
| de zones zijn gekoppeld, kunt u deze niet op de boost-stand zetten. | |||
| Gebruik een (vis)pan waarmee minimaal één van de middenposities van de bridge-zones wordt bedekt. | |||
| Chef | chef-functie worden alle zones ingeschakeld. u de vier kookzones activeren met vooraf vermogens. (warm houden) temperatuur (delicate gerechten) temperatuur (langzaam koken) temperatuur (aan de kook brengen of snel koken) is handig voor professioneel koken. Hiermee zonder dat u de vermogen-sliders hoeft te In plaats daarvan verplaatst u de pannen naar zone. | ||
| Menu | menufunctie houdt u bereid voedsel warm. functie ook gebruiken voor smelten of sudderen. instellingen die u kunt selecteren: stand voor het smelten van chocolade enz.; middelste stand om voedsel warm te houden; stand voor sudderen. | ||
| Automatisch | voor automatische verhitting wordt het tijdelijk verhoogd (stand 9) om de inhoud van | ||
| verhitten | verwarmen. is beschikbaar in de standen 1-8. | ||
| Timer | kookzone kunt u de timer instellen. U kunt kookduur | ||
| 59 minuten programmeren. De timer stopt zodra verwijdert en de timer wordt hervat wanneer u de pan Het timeralarm klinkt wanneer de ingestelde | |||
| Wanneer de ingestelde tijd is verstreken, kookzone automatisch uit. Wanneer er geen geselecteerd is, werkt de timer als kookwekker automatische uitschakeling). | |||
| Downdraft | downdraft instellen op drie ventilatorsnelheden boost-stand (P). Met de vertragingstimer kunt u de minuten ingeschakeld laten. Na tien minuten automatisch uitschakelen. | ||
Pagina 12
GEBRUIK
Kookstanden
Aangezien de standen afhankelijk zijn van de hoeveelheid en samenstelling van het gerecht in de pan, geldt de onderstaande tabel alleen als richtlijn.
Gebruik de boost-stand voor:
- snel aan de kook brengen van voedsel of vloeistof;
- slinken van groene groenten;
- verhitten van olie en vet;
- wokken.
Gebruik stand 9 voor:
- aanbraden van vlees;
- bereiden van vis;
- bakken van omeletten;
- bakken van gekookte aardappelen;
- frituren van voedsel.
Gebruik stand 7 en 8 voor:
- bakken van dikke pannenkoeken;
- bakken van dikke lappen gepaneerd vlees;
- bakken van bacon (vet);
- koken van rauwe aardappelen;
- bakken van wentelteefjes;
- bakken van gepaneerde vis;
- doorkoken pasta;
- bakken van dunne (gepaneerde) lappen vlees.
Gebruik stand 4-6 voor:
- doorkoken van grote hoeveelheden;
- ontdooien van harde groenten;
- bakken van dikke lappen gepaneerd vlees.
Gebruik stand 1-3 voor:
- trekken van bouillon;
- stoven van vlees;
- zacht koken van groenten;
- smelten van chocolade;
- pocheren;
- smelten van kaas.
Pagina 13
BEDIENING
De kookplaat inschakelen en het vermogen instellen
- 1. Druk op de aan-/uittoets. Er klinkt een kort geluidssignaal.
- 2. Druk binnen 5 seconden op een slider om een vermogensstand te selecteren. Er klinkt een kort geluidssignaal.
Boost
<------------------------------->
De timer (kookwekker) instellen
- 1. Schakel de kookplaat in en selecteer een vermogensstand.
- 2. Druk gelijktijdig op de ‘+’ en ‘-’ toetsen om de timer in te schakelen.
▷ Op het display van de timer wordt “0.00” weergegeven en het timersymbool rechts van het display gaat branden. Dit is het symbool voor de eerste actieve kookzone vanaf links.
- 3. Druk gelijktijdig op de ‘+’ en ‘-’ toetsen zo vaak als nodig is om de kookzone te selecteren waarvoor u de timer wilt instellen.
▷ Het timersymbool gaat alleen branden voor de actieve kookzones.
- 4. Stel binnen 5 seconden een kookduur in met de ‘+’ en ‘-’ toetsen.
Pagina 14
BEDIENING
- 5. De timer is ingesteld.
▷ Nadat de ingestelde tijd is verstreken, schakelt de kookzone uit. ▷ Selecteer geen kookzone wanneer de timer wordt gebruikt als kookwekker. ▷ Het timeralarm klinkt wanneer de ingestelde tijd is verstreken.
Druk op de ‘+’ of ‘-’ toets om het alarm te stoppen.
De ingestelde kookduur wijzigen
U kunt de kookduur op elk gewenst moment wijzigen.
- 1. Druk gelijktijdig op de ‘+’ en ‘-’ toetsen zo vaak als nodig is om de kookzone te selecteren waarvoor u de timer wilt aanpassen.
▷ De zone wordt aangegeven met een oplichtend timersymbool rechts van de display.
- 2. Druk op de ‘+’ of ‘-’ toets.
▷ Als u de tijd niet binnen 5 seconden wijzigt door op de ‘+’ of ‘-’ toets te drukken, blijft de oorspronkelijke kookduur ongewijzigd.
De resterende kookduur controleren
Op het display van de timer wordt de eerste ingestelde timerstand weergegeven (het timersymbool rechts van het display van de betreffende kookzone brandt feller dan de andere symbolen).
- 1. Druk gelijktijdig op de ‘+’ en ‘-’ toetsen zo vaak als nodig is om de kookzone te selecteren waarvan u de resterende tijd wilt zien.
▷ De zone wordt aangegeven met een brandend timersymbool rechts van het display. ▷ Op de timer wordt de resterende tijd van de geselecteerde kookzone weergegeven.
De timer uitschakelen
Voer de volgende stappen uit om de timer uit te schakelen voordat de ingestelde tijd is verstreken:
- 1. Druk gelijktijdig op de ‘+’ en ‘-’ toetsen zo vaak als nodig is om de kookzone te selecteren waarvoor u de timer wilt uitschakelen.
- 2. Druk op de toets - om de waarde in te stellen op 0.
▷ Het verlichte punt aan de linkerzijde van het display wordt uitgeschakeld en het timersymbool rechts van het display wordt opnieuw geactiveerd.
Pagina 15
BEDIENING
De automatische verhittingsfunctie inschakelen
- 1. Schakel de kookplaat in en zet een pan op de kookzone.
- 2. Houd een slider ingedrukt om een vermogensstand met automatische verhitting te selecteren. ▷ Zie het hoofdstuk 'Kookduurbegrenzer'.
Knipperend A -> 4
Ingedrukt houden
Bridge induction zones koppelen
- 1. Schakel de kookplaat in.
- 2. Druk gelijktijdig op beide sliders voor de linkerzone (of rechterzone) om de bridge-zone in te schakelen.
- 3. Druk op de slider aan de linkerzijde (of midden rechts) om een vermogensstand in te stellen (voor beide gekoppelde zones).
max. stand 9
De bridge-functie deactiveren
- 1. Druk gelijktijdig op beide sliders voor de linkerzone (of rechterzone) om de bridge-zone uit te schakelen.
Pagina 16
BEDIENING
Een kookzone uitschakelen
- 1. Druk aan het begin van de slider of gebruik de aan-/uittoets om de kookplaat uit te schakelen.
of:
Tweemaal drukken
Pauzeren
- 1. Druk op de pauzetoets.
- 2. De pauzestand uitschakelen: Druk op de pauzetoets. De slider uiterst rechts gaat branden.
- 3. Schuif binnen 5 seconden vanaf links naar rechts over de rechterslider.
Het lampje boven de pauzetoets gaat uit en de toestand van vóór activering van de pauzemodus wordt hersteld.
--------------------->
Pagina 17
BEDIENING
De functie voor automatische opwarming (menufunctie) inschakelen
- 1. Schakel een kookzone in.
- 2. Druk meerdere malen op de menutoets om de gewenste stand te selecteren (laag, midden, hoog).
1, 2 of 3 keer drukken
hoog middelhoog laag
.
De chef-functie inschakelen
- 1. Schakel de kookplaat in.
- 2. Druk op de toets voor de chef-functie om koken met de chef-functie te selecteren. ▷ In de chef-modus is alleen de kookwekker beschikbaar.
Zandkorrels kunnen krassen veroorzaken die niet meer te verwijderen zijn. Zet daarom alleen pannen met een schone bodem op het kookvlak en til pannen altijd op als u ze verplaatst.
Pagina 18
BEDIENING
De downdraft gebruiken
- 1. Druk op de ‘+’ toets van de downdraft om deze in te schakelen.
- 2. Druk op de ‘+’ toets om de snelheid te verhogen (stand 1 > 2 > 3 > P Boost).
- 3. Druk op de ‘-’ toets om de snelheid te verlagen (stand P > 3 > 2 > 1).
- 4. Houd de ‘-’ toets ingedrukt om de downdraft uit te schakelen.
Vertragingstijd instellen
- 1. Houd de ‘+’ toets ingedrukt om de functie ‘vertragingstijd’ te activeren. Na 10 minuten vertraging zal de downdraft automatisch uitschakelen.
Ingedrukt houden
Knipperende punt
Let op: de downdraft gaat niet automatisch omlaag in de kookplaat nadat de vertragingstijd is verstreken. Druk op de ‘-’ toets om de downdraft te laten zakken.
Pagina 19
BEDIENING
Filter indicatie instellen
De filter indicatie voor het reinigen (vetfilter) of vervangen (koolstoffilter) kan in het downdraft menu worden ingesteld. Standaard is de indicatie voor het reinigen van het vetfilter actief.
Instellen van de filter indicatie voor gebruik als recirculatiekap (koolstoffilter)
- 1. Druk gelijktijdig 5 seconden de ‘+’- en ‘-’ toets binnen 10 minuten na het aansluiten van het toestel op de netvoeding.
▷ ‘C’ verschijnt in het downdraft display.
Pagina 20
ONDERHOUD
Downdraft reinigingsstand
Voor het reinigen van de downdraft onderdelen kan deze in uitgeschoven stand worden gezet zonder dat de ventilator wordt ingeschakeld.
- Druk vanuit de uitstand 3 seconden op de ‘+’ toets.
▷ De downdraft schuift omhoog.
> 3 seconden
Reinigen
Dagelijkse reiniging
- Hoewel overgekookt voedsel niet kan inbranden in het glas, verdient het aanbeveling de kookplaat direct na gebruik schoon te maken.
- Voor de dagelijkse reiniging kunt u het best een vochtige doek met een mild reinigingsmiddel gebruiken.
- Droog de glasplaat vervolgens met keukenpapier of met een droge doek.
Hardnekkige vlekken
- Ook hardnekkige vlekken zijn te verwijderen met een mild reinigingsmiddel, bijvoorbeeld afwasmiddel.
- Verwijder watervlekken en kalkaanslag met azijn.
- Metaalsporen (ontstaan door schuiven van pannen) zijn vaak lastig te verwijderen. Hiervoor zijn speciale producten verkrijgbaar.
- Verwijder voedselresten met een glasschraper. Ook gesmolten kunststof en suiker kunt u het best verwijderen met een glasschraper.
Gebruik nooit schuurmiddelen. Deze veroorzaken krassen waarin zich kalk en vuil kunnen ophopen. Gebruik nooit scherpe voorwerpen, zoals staalwol of schuursponsjes.
Pagina 21
ONDERHOUD
Filters en opvangbak
Vetfilterindicator
Op het display gaat de vetfilterindicator F branden na 40 uur bedrijfstijd (downdraft). Tijdens gebruik gaat de indicator afwisselend met de gekozen afzuigstand knipperen. Druk op de ‘+’ of ‘-’ toets om het knipperen te stoppen. De afzuigstand wordt weergegeven. Bij uitschakelen van de downdraft verschijnt de vetfilterindicator F opnieuw in het display.
- Reinig dan de vetfilters.
- Stel het geheugen opnieuw in door de ‘+’ toets van de downdraft 3 seconden ingedrukt te houden tot de vetfilterindicator F van het display verdwijnt.
Het vetfilter reinigen
Het vetfilter moet eenmaal per maand worden gereinigd (of als op de filterindicator wordt aangegeven dat reinigen nodig is). Gebruik geen agressieve reinigingsmiddelen en reinig het filter handmatig of in de vaatwasser op een lage temperatuur en met een kort programma. Plaats de filters met de opening omlaag in de vaatwasser, zodat het water eruit kan lopen. Door de reinigingsmiddelen wordt het aluminium filter dof. Dit is normaal.
De opvangbak voor vloeistoffen/voedsel reinigen
Reinig de opvangbak voor vloeistoffen/voedsel als een pan is overgekookt of als er voedsel in de opening van de downdraft is gevallen. Reinig de opvangbak met de hand of in de vaatwasmachine.
Het vetfilter en de opvangbak voor vloeistoffen/voedsel verwijderen
- 1. Druk 3 seconden op de ‘+’ toets van de downdraft om de reinigingsstand in te schakelen. Volg de instructies hieronder (illustraties) om het vetfilter en de opvangbak voor vloeistoffen/ voedsel te verwijderen (geen schroeven los te draaien).
Pagina 22
ONDERHOUD
Koolstoffilterindicator
Op het display gaat de koolstoffilterindicator C branden na 1000 uur bedrijfstijd (downdraft). Tijdens gebruik gaat de indicator afwisselend met de gekozen afzuigstand knipperen. Druk op de ‘+’ of ‘-’ toets om het knipperen te stoppen. De afzuigstand wordt weergegeven. Bij uitschakelen van de downdraft verschijnt de vetfilterindicator F opnieuw in het display.
- Vervang dan de koolstoffilters.
- Stel het geheugen opnieuw in door de ‘+’ toets van de downdraft 3 seconden ingedrukt te houden tot de filterindicator C van het display verdwijnt.
Pagina 23: zie Storingen hierboven.
Pagina 24: zie hierboven.
Pagina 25: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 26: zie hierboven.