ATAG MX4211T, tekst van de handleiding
Pagina's 25–53 van 64 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 3–24verder op pagina 54 →
Pagina 25
Gebruik van de ovenfunctie (vervolg)
NL
Grill + Rotisserie
Het gerecht wordt verhit door de bovenste verwarmingselementen.
Plaats de draaispithouder op niveau 5 als u wilt grillen met gebruik van het draaispit. Plaats de draaispit in de houder en steek de centrale spit in de grillaandrijving aan de achterkant van de oven. Het draaispit kan gebruikt worden met 6 kleine spitjes (zie illustratie). Voor grote stukken vlees verwijder de kleine spitjes en de schijven en gebruik alleen de centrale spit.
De 6 kleine spitjes draaien automatisch tijdens het grillen. Controleer of het draaispit goed geplaatst is en correct functioneert gedurende de eerste minuut van het gebruik.
Het draaispit wordt geleverd met een handgreep. Deze kan op het centrale spit worden geschroefd. Verwijder de handgreep voordat u de deur sluit.
Let op
Aanbevolen temperatuur voor grillen is 220 °C. 3 minuten voorverwarmen wordt aanbevolen
Pagina 26
Gebruik van de ovenfunctie (vervolg)
NL
Hetelucht + Onderwarmte
De combinatie van hetelucht en onderwarmte maakt deze functie geschikt voor gerechten die een knapperige bodem moeten krijgen.
De bakplaat of het ovenrooster wordt meestal geplaatst op niveau 3.
* Gebruik ovenservies dat bestand is tegen temperatuur van 40 - 250 °C.
Kooktabel
De temperatuur en bereidingstijden in deze tabel zijn richtlijnen.
Wij adviseren om de oven voor te verwarmen bij gebruik van hetelucht en onderwarmte.
| Gerecht | Niveau | Temperatuur (°C) | Accessoire | Tijd (uur) |
|---|---|---|---|---|
| Verse pizza | 4 | 180 - 200 | Bakplaat | 0:15 - 0:25 |
| Gekoelde voorgebakken quiche/ taart | 3 | 180 - 200 | Ovenrooster | 0:10 - 0:15 |
| Bevroren zelfrijzende pizza | 3 | 180 - 200 | Bakplaat | 0:15 - 0:20 |
| Bevroren pizza | 4 | 200 - 220 | Ovenrooster | 0:10 - 0:15 |
| Gekoelde pizza | 4 | 180 - 220 | Bakplaat | 0:08 - 0:15 |
| Bevroren pasteitje gevuld met fruit | 3 | 180 - 200 | Bakplaat | 0:10 - 15:00 |
Pagina 27
De bereidingstijd instellen
NL
Voorbeeld: Wijzigen van de bereidingstijd tijdens de ovenfunctie
1 Draai de Functieknop naar de ovenfunctie stand .
Druk op de Bereidingstijdtoets.
2 De standaard bereidingstijd en het ‘bereidingstijd symbool’ knipperen.
3 Draai aan de Selectieknop om de gewenste bereidingstijd in te stellen en druk op de Bereidingstijdtoets om te bevestigen.
4 Druk op de Starttoets.
De combimagnetron begint direct.
Pagina 28
Uitgestelde starttijd
NL
Voorbeeld: Instellen van de uitgestelde starttijd (2 uur) in de ovenfunctie
1 Draai de Functieknop naar de ovenfunctie stand .
Druk op de Bereidingstijdtoets en houd deze ingedrukt.
2 De huidige tijd en het ‘uitgestelde starttijd symbool’ knipperen.
3 Draai aan de Selectieknop om de gewenste bereidingstijd in te stellen en druk op de Bereidingstijdtoets om te bevestigen.
4 In de display ziet u de uitgestelde starttijd aftellen. Daarnaast staat er ‘Programma begint over’ in de display. De combimagnetron begint automatisch over 2 uur.
Pagina 29
Gebruik van de automatische kookprogramma’s
NL
Kies uit 20 voorgeprogrammeerde kookprogramma’s om gemakkelijk uw favoriete gerechten te kunnen bereiden. Bereidingstijd en vermogen worden automatisch gekozen. U hoeft alleen maar het gewicht en het programma te kiezen om het koken te starten.
Automatisch kookprogramma instellen
1 Draai de Functieknop naar de “AUTO” stand.
2 Draai aan de Selectieknop om een categorie te kiezen (zie tabel op pagina 30 - 33).
Druk op toets ‘Volgende’ om de instelling te bevestigen.
3 Draai aan de Selectieknop om een gerecht te kiezen.
Druk op toets ‘Volgende’ om de instelling te bevestigen (of op de Starttoets om het automatische kookprogramma te starten).
4 Draai aan de Selectieknop om een subcategorie te kiezen.
Druk op de Starttoets om de instelling te bevestigen en het automatische kookprogramma te starten.
Let op
- Bij sommige kookprogramma’s hoeft u niets te doen, bij andere moet u het voedsel roeren of omkeren. De oven geeft dan een geluidssignaal.
- Tijdens de bereiding verschijnt de door het programma ingestelde temperatuur in de display.
- Tijdens automatisch koken kunt u temperaturen en bereidingstijden niet aanpassen.
Pagina 30
Gebruik van de automatische kookprogramma’s (vervolg)
NL
Tabel automatische kookprogramma’s
In de volgende tabellen vindt u de 20 automatische kookprogramma’s voor bakken, braden en grillen. In de tabel staan hoeveelheden, nagaartijden en aanbevelingen. De automatische kookprogramma’s zijn speciaal voor uw gemak ontworpen, de oven kiest zelf de juiste bereidingstijden en temperaturen. Gebruik altijd ovenwanten bij het uitnemen van gerechten uit de combimagnetron.
De automatische kookprogramma’s zijn opgedeeld in 8 categorieën:
- 1. Groenten
- 2. Bijgerechten
- 3. Vlees / kip
- 4. Deegwaren
- 5. Opwarmen
- 6. Kant en klaar
- 7. Ontdooien
- 8. Eigen gerechten
Categorie 1-7 zijn voorgeprogrammeerd, categorie 8 bevat de door uzelf geprogrammeerde kookprogramma’s (zie pagina 34 - 37).
Belangrijk
De meeste automatische kookprogramma’s maken gebruik van de magnetronfunctie om gerechten te verwarmen. Volg daarom de richtlijnen en veiligheidsvoorschriften met betrekking tot de magnetronfunctie.
Categorie: Groenten
| Gerecht | Subcategorie | Portie (kg) | Standtijd (min.) |
|---|---|---|---|
| Verse groenten | - | 0.3-0.35 0.5-0.55 | 1-2 |
| Was en snijd de groenten in gelijke stukken. Daarna wegen en in een glazen kom met deksel doen. Voeg 45 ml water toe (3 eetlepels). Zet de kom in het midden van de keramische bakplaat op niveau 1. Afgedekt koken. Daarna roeren. | |||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 30)
| Categorie: Bijgerechten | |
|---|---|
| Gerecht | Subcategorie Portie (kg) Standtijd (min.) |
| Aardappelen | 0.5-0.55 Geschild 2-3 0.7-0.75 |
| Was, schil en snijd de aardappelen in gelijke stukken. Daarna wegen en in een glazen kom met deksel doen. Voeg 45-60 ml water toe (3-4 eetlepels). Zet de kom in het midden van de keramische bakplaat op niveau 1. Afgedekt koken. | |
Pagina 31
NL
Gebruik van de automatische kookprogramma’s (vervolg)
| Gerecht | Subcategorie | Portie (kg) | Standtijd (min.) |
|---|---|---|---|
| Aardappelen | Gebakken | 0.2-0.4 0.4-0.6 0.6-0.8 0.8-1.0 | 3-5 |
| Was de aardappelen en daarna even inprikken met een vork. Plaats de aardappelen (elk 200-250g) naast elkaar op het inzetrooster op de keramische bakplaat, niveau 4. | |||
| Witte rijst | - | 0.25 0.35 | 5-10 |
| Weeg voorgekookte witte rijst en voeg een dubbele hoeveelheid koud water toe. Voorbeeld: voeg aan 0.25 kg rijst een halve liter koud water toe. Gebruik een glazen kom met deksel. Zet de kom in het midden van de keramische bakplaat op niveau 1. Afgedekt koken. | |||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 31)
| Categorie: Vlees / kip | ||
|---|---|---|
| Gerecht | Subcategorie Portie (kg) Standtijd (min.) | |
| Rosbief | 0.7-0.8 0.9-1.0 - 5-10 1.1-1.2 1.3-1.5 | |
| Marineer de rosbief. Daarna op het inzetrooster op de keramische bakplaat plaatsen, met de vette kant naar beneden. Niveau 3. Omkeren wanneer er een geluidssignaal klinkt. Na het koken in aluminiumfolie wikkelen en 5-10 minuten laten staan. | ||
| Biefstuk | 0.3-0.6 - - 0.6-0.8 | |
| Plaats de biefstukken naast elkaar op het midden van het inzetrooster op de keramische bakplaat, niveau 4. | ||
| Kippenbouten | 0.2-0.4 0.4-0.6 - 2 0.6-0.8 0.8-1.0 | |
| Bestrijk de gekoelde kippenbouten met olie en kruiden. Daarna op het ovenrooster plaatsen met de keramische bakplaat. Inschuiven op niveau 4. Omkeren wanneer er een geluidssignaal klinkt. Na het koken 2 minuten laten staan. | ||
| Hele kip | 0.8-0.9 1.0-1.1 - 5 1.2-1.3 1.4-1.5 | |
| Bestrijk de gekoelde kip met olie en kruiden. Daarna met de borst naar beneden op het grillrooster plaatsen op de keramische bakplaat. Inschuiven op niveau 3. Omkeren wanneer er een geluidssignaal klinkt. Na het koken 5 minuten laten staan. | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 31)
31
Pagina 32
NL
Gebruik van de automatische kookprogramma’s (vervolg)
Categorie: Deegwaren
| Gerecht | Subcategorie | Portie (kg) | Standtijd (min.) |
|---|---|---|---|
| Cake | - | 0.5-0.6 0.7-0.8 0.9-1.0 | - |
| Doe het deeg in een passende glazen pyrex ovenschotel. Plaats de schotel op de keramische bakplaat en inschuiven op niveau 3. Dit programma is geschikt voor deeggerechten zoals marmercake, citroencake en hazelnootgebak. | |||
| Muffins | - | 0.5-0.6 0.7-0.8 | - |
| Doe muffi n deeg in een metalen muffi nschaal, geschikt voor 12 muffins. Zet de schotel op het grote ovenrooster, inschuifniveau 3. 0.5 -0.6 kg wordt aanbevolen voor muffins van elk 45g, 0.7-0.8 kg wordt aanbevolen voor middelgrote muffins van elk 65g. | |||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 32)
| Categorie: Opwarmen | ||
|---|---|---|
| Gerecht | Subcategorie Portie (kg) Standtijd (min.) | |
| Drankje Koffi e, melk, thee, water (kamertemperatuur) | 0.25 (1 mug) 1-2 0.5 (2 mugs) | |
| Giet de vloeistof in mokken. Plaats 1 mok in het midden, of twee mokken tegenover elkaar op de keramische bakplaat, op inschuifniveau 1. Onbedekt opwarmen. Na het opwarmen in de combimagnetron laten staan. Roeren voor en na de standtijd. Let op bij het uitnemen (zie veiligheidsvoorschriften vloeistoffen). | ||
| Bord met eten (gekoeld) | 0.3-0.35 0.4-0.45 3 | |
| Plaats het gerecht op een bord. Afdekken met huishoudfolie. Plaats het bord in het midden van de keramische bakplaat, inschuifniveau 1. Dit programma is geschikt voor maaltijden die bestaan uit 3 onderdelen (bv. vlees met saus, groenten en een bijgerecht. | ||
| Soep (gekoeld) | 0.2-0.25 2-3 0.4-0.45 | |
| Giet de soep in een diep bord of een kom. Afdekken met een plastic deksel tijdens opwarmen. Plaats het gerecht in het midden van de keramische bakplaat, inschu-ifniveau 1. Voorzichtig roeren voor en na de standtijd. | ||
| Stamppot (gekoeld) | 0.2-0.25 2-3 0.4-0.45 | |
| Op een bord plaatsen. Afdekken met een plastic deksel tijdens opwarmen. Plaats het gerecht in het midden van de keramische bakplaat, inschuifniveau1. Voorzichtig omscheppen voor en na de standtijd. | ||
Pagina 33
Gebruik van de automatische kookprogramma’s (vervolg)
NL
Categorie: Kant en klaar
| Gerecht | Subcategorie | Portie (kg) | Standtijd (min.) |
|---|---|---|---|
| Diepvries (-18°C) | pizza | 0.1-0.2 0.2-0.3 0.3-0.4 0.4-0.5 | - |
| Plaats de bevroren Pizza in het midden van het inzetrooster met de keramische bakplaat, inschuifniveau 4. | |||
| ovenfriet | 0.2-0.4 0.4-0.6 0.6-0.8 | - | |
| Verdeel de ovenfriet over de bakplaat, inschuifniveau 3. | |||
| aardappelkroketten | 0.4-0.5 0.5-0.6 0.6-0.7 0.7-0.8 | - | |
| Verdeel de bevroren aardappelkrokketen gelijkmatig over het inzetrooster met de keramische bakplaat, inschuifniveau 4. | |||
| lasagne | 0.3-0.4 0.5-0.6 0.7-0.8 0.9-1.0 | 3-4 | |
| Doe de bevroren lasagne in een passende glazen pyrex of aardewerken schotel. Op de keramische bakplaat plaatsen, inschuifniveau 3. | |||
| visgratin | 0.3-0.4 0.5-0.6 0.7-0.8 | 3-4 | |
| Doe de bevroren visgratin in een passende glazen pyrex of aardewerken schaal. Op de keramische bakplaat plaatsen, inschuifniveau 3. | |||
| groenten | 0.3-0.35 0.4-0.45 | 2-3 | |
| Doe bevroren groenten zoals broccoli, wortelschijfjes, bloemkoolroosjes en doperwten in een glazen kom met deksel. Voeg 1-2 eetlepels water toe. Plaats de kom in het midden van de keramische bakplaat, inschuifniveau 1. Omscheppen na het koken. | |||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)
Categorie: Ontdooien
Zie pagina 39.
Categorie: Eigen gerechten
Zie pagina 34 - 37.
33
Pagina 34
Gebruik van de automatische kookprogramma’s (vervolg)
NL
Eigen gerecht toevoegen
U kunt 10 eigen kookprogramma’s maken en opslaan als ‘eigen gerecht’.
1 Druk op de Menutoets, draai aan de Selectieknop en kies ‘Gerechten’.
3 Druk op toets ‘Volgende’ om te bevestigen. In de display ziet u ‘Kies naam’. Draai aan de Selectieknop om de eerste letter van de naam van uw gerecht te kiezen. Druk op toets ‘Volgende’ en kies de volgende letter, etc. Wacht, nadat de hele naam van het gerecht ingevoerd is op ‘twee pijltjes’ in de display. Druk op toets ‘Volgende’ om de instelling te bevestigen.
2 Druk op toets ‘Volgende’ om te bevestigen. Draai aan de Selectieknop en kies ‘Toevoegen’.
4 In de display ziet u ‘Kies bereiding’ en daarna de verschillende ovenfuncties. Draai aan de Selectieknop om de gewenste ovenfunctie te kiezen. Druk op toets ‘Volgende’ om te bevestigen.
Pagina 35
Gebruik van de automatische kookprogramma’s (vervolg)
NL
5 Indien gewenst kan de bereidingstijd 6 Druk op toets ‘Volgende’ om te en/of temperatuur aangepast worden bevestigen. Draai aan de (indien beschikbaar). Selectieknop en kies ‘Gerecht
Zie pagina 27 - 28. opslaan’.
7 Wanneer alle instellingen gekozen zijn; druk op toets ‘Volgende’ en daarna op de Starttoets om te bevestigen.
Uw gerecht is nu toegevoegd aan de automatische kookprogramma’s.
- Tijdens het instellen van uw eigen gerecht kunt u een stap terug gaan door op toets ‘Vorige’ te drukken.
- Het is niet mogelijk om de instellingen van toegevoegde gerechten te wijzigen nadat op de Starttoets gedrukt is. In dit geval moet u het programma verwijderen (zie pagina 37) en opnieuw toevoegen met de juiste instelling.
Pagina 36
Gebruik van de automatische kookprogramma’s (vervolg)
NL
Eigen gerecht kiezen
1 Draai de Functieknop naar de “AUTO” stand.
3 Draai aan de Selectieknop om uw eigen kookprogramma te kiezen. Druk op de Starttoets om het koken te starten.
2 Draai aan de Selectieknop en kies ‘Eigen gerechten’. Druk op toets ‘Volgende’ om te bevestigen.
Pagina 37
Gebruik van de automatische kookprogramma’s (vervolg)
NL
Eigen gerecht verwijderen
1 Druk op de Menutoets, draai aan de Selectieknop en kies ‘Gerechten’.
3 Druk op toets ‘Volgende’ om te bevestigen. Draai aan de Selectieknop om uw eigen kookprogramma te kiezen.
5 Druk op toets ‘Volgende’ om te bevestigen. Druk op de Starttoets om uw eigen kookprogramma te verwijderen.
2 Druk op toets ‘Volgende’ om te bevestigen. Draai aan de Selectieknop en kies ‘Verwijderen’.
4 Druk op toets ‘Volgende’ om te bevestigen. Draai aan de Selectieknop en kies ‘Verwijderen’.
Pagina 38
Gebruik van de ontdooifunctie
NL
Snel ontdooien instellen
Kies uit 5 voorgeprogrammeerde ontdooiprogramma’s. Bereidingstijd en vermogen worden automatisch gekozen. U hoeft alleen maar het gewicht en het programma te kiezen om het ontdooien te starten.
Open de deur. Plaats het bevroren gerecht in het midden van de keramische bakplaat. Plaats de bakplaat op niveau 1 en sluit de deur.
1 Draai de Functieknop naar Ontdooistand .
2 Draai de Selectieknop naar het gewenste gerecht (zie tabel op pagina 39 voor een uitleg van de 5 ontdooi-instellingen).
3 Indien gewenst kunt u het gewicht aanpassen. Zie pagina 14 -18.
4 Druk op de Starttoets.
De combimagnetron start direct.
Note
- Halverwege de ontdooitijd geeft de oven een geluidssignaal, u moet het gerecht dan omdraaien.
Belangrijk
- Gebruik alleen kookgerei dat geschikt is voor gebruik in de magnetron.
- U kunt gerechten ook handmatig ontdooien. Kies hiervoor de magnetronfunctie met een vermogen van 180 W (zie pagina 40 - 41).
Pagina 39
Gebruik van de ontdooifunctie (vervolg)
NL
Kooktabel snel ontdooien
In de volgende tabellen vindt u de 5 automatische ontdooiprogramma’s voor bakken, braden en grillen. In de tabel staan hoeveelheden, standtijden en aanbevelingen. De automatische ontdooiprogramma’s maken gebruik van de magnetronfunctie. Verwijder de verpakking voor het ontdooien. Plaats het gerecht op de keramische bakplaat.
| Gerecht | Subcategorie | Portie (kg) | Standtijd (min.) |
|---|---|---|---|
| Vlees | 0.2-2.0 | 20 -120 | |
| Randen afdekken met aluminiumfolie. Voedsel omdraaien als de oven een geluidssignaal geeft. Dit programma is geschikt voor rund-, lams-, varkensvlees, steaks en gehakt. | |||
| Gevogelte | 0.2-2.0 | 20 -120 | |
| Dunnere delen zoals poten afdekken met aluminiumfolie. Gevogelte omdraaien als de oven een geluidssignaal geeft. Dit programma is zowel geschikt voor hele kip als voor kipdelen. | |||
| Vis | 0.2-2.0 | 20-110 | |
| De staart afdekken met aluminiumfolie. Vis omdraaien als de oven een geluidssignaal geeft. Dit programma is zowel geschikt voor hele vis als voor visfilet. | |||
| Brood / Cake | 0.1-1.0 | 10-60 | |
| Brood op een stuk keukenpapier leggen en omdraaien als de oven een geluidssignaal geeft. Plaats taart op de keramische bakplaat en draai de taart (indien mogelijk) om als de oven een geluidssignaal geeft. (De oven blijft werken, maar stopt tijdelijk als u de deur opent). Dit programma is geschikt voor allerlei soorten brood, geheel of gesneden, broodjes en baguettes. Broodjes in een cirkel leggen. Dit programma is geschikt voor allerlei soorten taart, koekjes en pasteitjes. Het is niet geschikt voor fruittaart, slagroomtaart en taarten met een chocoladelaag. | |||
| Fruit | 0.1-0.8 | 5-30 | |
| Het fruit gelijkmatig verdelen over de bakplaat. Dit programma is geschikt voor fruit als frambozen, bessen en tropische vruchten. | |||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 39)
Belangrijk
De automatische ontdooiprogramma’s maken gebruik van de magnetronfunctie. Volg daarom de richtlijnen en veiligheidsvoorschriften met betrekking tot de magnetronfunctie.
Pagina 40
Gebruik van de ontdooifunctie (vervolg)
NL
Ontdooien
- De magnetron is bij uitstek geschikt om gerechten te ondooien. De microgolven ontdooien bevroren gerechten op gelijkmatige wijze in een korte tijd. Dit laatste kan een groot voordeel zijn bijvoorbeeld in geval van onverwacht bezoek.
- Bevroren gevogelte moet uitgebreid ontdooid zijn alvorens het te koken. Verwijder eventuele metalen sluitstrips en haal het uit de verpakking om ontdooid vocht weg te laten lopen.
- Zet bevroren gerechten op een schaal zonder af te dekken. Halverwege omkeren, ontdooid vocht weg laten lopen en eventuele ingewanden zo snel mogelijk verwijderen.
- Controleer af en toe of het gerecht warm aanvoelt. Indien kleine, dunnere delen van het gerecht beginnen op te warmen, dek deze dan af met kleine strookjes aluminiumfolie gedurende het ontdooiproces.
- Indien gevogelte begint op te warmen aan de buitenkant, stop dan het ontdooiproces en laat het gerecht 20 minuten staan alvorens door te gaan met ontdooien.
- Laat vis, vlees en gevogelte staan om het ontdooiproces af te ronden. De standtijd voor volledig ontdooien varieert afhankelijk van de hoeveelheid.
Tips:
- Ontdooi grote compacte stukken altijd met behulp van het ontdooiprogramma. Doordat het gerecht geleidelijk en gelijkmatig ontdooit, loopt u niet de kans dat de buitenkant uitdroogt terwijl de kern nog bevroren is.
- Om het ontdooiproces sneller te laten verlopen, wordt aanbevolen om het gerecht na enige tijd in stukken te verdelen.
- Las, bij grote stukken vlees en compacte gerechten, tweemaal een pauze in.
- Bij het ontdooien van onregelmatig gevormde gerechten kunt u dunne delen na de helft van de ontdooitijd afdekken of omwikkelen met aluminiumfolie.
- Bij het invriezen kunt u al rekening houden met het ontdooien in de magnetron, door geen aluminiumfolie of -bakjes te gebruiken en door plattere porties in te vriezen.
Kooktabel voor bevroren groente
Gebruik een geschikte glazen pyrex schaal met deksel. Kook de groente met het deksel erop gedurende de minimale bereidingstijd (zie tabel). Afhankelijk van uw persoonlijke smaak kunt u de groente daarna nog verder koken. Twee keer roeren tijdens het koken en een keer na afloop. Voeg zout, kruiden of boter pas na het koken toe. Laat de groente tijdens de standtijd afgedekt staan.
| Gerecht | Portie (g) | Vermogen (W) | Bereidingstijd (min.) | Standtijd (min.) | Instructies |
|---|---|---|---|---|---|
| Spinazie | 150 | 600 | 5 - 7 | 2 - 3 | Voeg 15 ml (1 tl) koud water toe. |
| Broccoli | 300 | 600 | 8 - 10 | 2 - 3 | Voeg 30 ml (2 tl) koud water toe. |
| Doperwten | 300 | 600 | 7 - 9 | 2 - 3 | Voeg 15 ml (1 tl) koud water toe. |
| Sperziebonen | 300 | 600 | 7½ - 9½ | 2 - 3 | Voeg 30 ml (2 tl) koud water toe. |
| Gemengde groenten (Wortels / Erwten / Mais) | 300 | 600 | 7 - 9 | 2 - 3 | Voeg 15 ml (1 tl) koud water toe. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 40)
40
Pagina 41
Gebruik van de ontdooifunctie (vervolg)
NL
| Gerecht | Portie (g) | Vermogen (W) | Bereidingstijd (min.) | Standtijd (min.) | Instructies | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Gemengde Chinese groenten | 300 | 600 | 7½ - 9½ | 2 - 3 | Voeg 15 ml (1 tl) koud water toe. | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 41)
Kooktabel voor bevroren groente
Gebruik onderstaande tabel als richtlijn voor het ontdooien van gerechten met een temperatuur van rond de -18 to -20 °C.
Alle bevroren gerechten moeten ontdooid worden met de ontdooistand (180 W).
| Gerecht | Portie | Tijd (min.) | Standtijd (min.) | Instructies |
|---|---|---|---|---|
| Vlees Gehakt Karbonade | 250 g 500 g 250 g | 4 - 6 9 - 11 7 - 8 | 15 - 30 | Leg het vlees op het draaiplateau. Dunne randen afschermen met aluminiumfolie. Halverwege de ontdooitijd omkeren. |
| Gevogelte Kippenbouten Hele kip | 500 g (2 stuks) 1200 g | 12 - 14 28 - 32 | 15 - 60 | Kippenbouten met het vel naar beneden/hele kip met de borst naar beneden op het draaiplateau leggen. Dunne delen zoals poten afschermen met aluminiumfolie. Halverwege de ontdooitijd omkeren. |
| Vis Visfi let Hele vis | 200 g 400 g | 6 - 7 11 - 13 | 10 - 25 | Leg de vis met het dikke deel richting het midden van het draaiplateau. Smalle delen zoals de staart afschermen met aluminiumfolie. Halverwege de ontdooitijd omkeren. |
| Fruit Bessen | 300 g | 6 - 7 | 5 - 10 | Fruit verdelen op een groot glazen bord. |
| Brood Broodjes (elk ca. 50 g) | 2 stuks 4 stuks | 1 - 1½ 2½ - 3 | 5 - 20 | Leg de broodjes in een cirkel op keukenpapier op het draai-plateau. Halverwege de ontdooitijd omkeren. |
| Toast / Sandwich | 250 g | 4 - 4½ | ||
| 500 g | 7 - 9 |
Pagina 42
Hoe werkt de magnetron
NL
Hoe werkt de magnetron
Een magnetron is een kooktoestel dat door middel van microgolven voedsel verhit. Microgolven zijn elektromagnetische golven, net zoals radio- en tv-golven. Een radio zet deze golven om in geluid. In een magnetron worden de golven omgezet in warmte. De warmte ontstaat doordat de microgolven water- en vetmoleculen, die altijd in voedsel aanwezig zijn, snel laten bewegen. Hierdoor schuren de moleculen snel langs elkaar en ontstaat er wrijving. Deze wrijving veroorzaakt warmte (wrijf maar eens snel met uw handen langs elkaar). U kunt uw magnetron gebruiken voor koken en ontdooien.
Magnetronservies:
Magnetrongolven moeten door het servies heen kunnen voor optimale verwarming van het gerecht. Magnetrongolven worden teruggekaatst door metaal zoals RVS, aluminium en koper, maar ze kunnen wel door aardewerk, glas, porcelein, plastic, papier en hout. Gerechten moeten dus nooit bereid worden in metalen servies.
Gerechten die geschikt zijn voor de magnetron
Er zijn vele gerechten die geschikt zijn voor magnetronkoken, zoals verse of bevroren groente, fruit, pasta, rijst, graansoorten, bonen, vis en vlees. Sauzen, vla, soepen, pudding, jams en chutneys kunnen ook in de magnetron bereid worden.
Afdekken tijdens het koken
Dek gerechten zoveel mogelijk af tijdens het koken, water uit het gerecht verdampt tot stoom en draagt zo bij aan het kookproces. U kunt gerechten op verschillende manieren bedekken, bijvoorbeeld met een aardewerken bord, een plastic deksel of magnetronfolie.
Standtijden
Laat het gerecht na afloop van de bereidingstijd nog even staan gedurende de standtijd aangegeven in de kooktabellen. Hierdoor krijgt de warmte de kans om zich gelijkmatig door het gerecht te verspreiden.
Werkingsprincipe:
- 1. Doordat de microgolven weerkaatsen tegen de ovenwanden worden ze gelijkmatig over het gerecht verdeeld. Hierdoor wordt het gerecht gelijkmatig verwarmd.
- 2. De microgolven dringen ongeveer 2,5 cm door in het voedsel en worden daar omgezet in warmte. De rest van het voedsel warmt op doordat de warmte zich door het voedsel verspreid.
- 3. De bereidingstijd is afhankelijk van het gebruikte kookgerei en van de eigenschappen van het voedsel:
- Hoeveelheid en samenstelling
- Watergehalte
- Begintemperatuur (wel of niet bevroren)
Pagina 43
NL
Hoe werkt de magnetron (vervolg)
Tabel magnetronvermogens
| VERMOGEN (W) | PERCENTAGE (%) | TOELICHTING |
|---|---|---|
| 900 750 | 100 83 | Vloeistoffen verwarmen. Opwarmen en koken van gerechten. |
| 600 | 67 | Opwarmen en koken van gerechten. |
| 450 300 | 50 33 | Vlees koken en delicate gerechten opwarmen. |
| 180 | 20 | Ontdooien en langdurig koken. |
| 100 | 11 | Ontdooien van delicate gerechten. |
Pagina 44
Hoe werkt de magnetron (vervolg)
NL
Tabel magnetronservies
Microgolven zijn hoogfrequente elektro-magnetische golven. De microgolven dringen door in het gerecht en worden geabsorbeerd door water- en vetmoleculen. Door de microgolven gaan de moleculen trillen. Tussen de moleculen ontstaat wrijving, die wordt omgezet in warmte. BELANGRIJK: gebruik de keramische bakplaat op niveau 1.
| SERVIES | MAGNETRON-BESTENDIG | OPMERKINGEN |
|---|---|---|
| Aluminiumfolie | ✓✗ | Kan in kleine hoeveelheden gebruikt worden om delen van het voedsel te beschermen tegen uitdrogen. Er kan vonkvorming ontstaan als de aluminiumfolie zich dicht bij de ovenwand bevindt of als teveel folie is gebruikt. |
| Porselein en aardewerk | ✓ | Porselein en geglazuurd aardewerk is meestal geschikt, behalve als ze voorzien zijn van een metaalhoudende sierrand. |
| Plastic wegwerpborden | ✓ | Sommige diepvriesgerechten zijn hierin verpakt. |
| Wegwerpverpakking | ||
| • Piepschuim bekers en bakjes • Papieren zakken, kranten • Gerecycled papier of metalen strips | ✓ ✗ ✗ | Voor het opwarmen van gerechten. Door oververhitting kan het polstyreen smelten. Kunnen vlam vatten. Kan vonkvorming veroorzaken. |
| Glaswerk | ||
| • Ovenschalen | ✓ | Geschikt, behalve als ze voorzien zijn van een metaalhoudende sierrand. Voor het opwarmen van vloeistoffen en gerechten. |
| • Fijn glaswerk | ✓ | Fijn glaswerk kan breken door de snelle opwarming. |
| • Glazen potten | ✓ | Deksel verwijderen. Alleen geschikt voor opwarmen. |
| Metaal | ||
| • Borden • Metalen sluitstrips. | ✗ ✗ | Kunnen vonkvorming en brand veroorzaken. |
Pagina 45
Hoe werkt de magnetron (vervolg)
NL
| SERVIES | MAGNETRON-BESTENDIG | OPMERKINGEN | |
|---|---|---|---|
| Papier | |||
| • • | Borden, bekers, servetten en keukenpapier Gerecycled papier | ✓ ✗ | Alleen korte bereidingstijden en opwarmen. Ook voor het absorberen van vocht. Kan vonkvorming veroorzaken. |
| Plastic | |||
| • | Bakjes | ✓ | Vooral hittebestendig plastic is geschikt. Sommige plastics kunnen vervormen of verkleuren onder invloed van hoge tem- |
| • • | Folie Diepvrieszakken | ✗ ✗ | peratuur. Gebruik geen melamine. Voorkomt uitdrogen van het gerecht. Kijk uit bij het verwijderen, er kan stoom ontsnappen. Alleen ovengeschikte diepvrieszakken. Mag niet luchtdicht zijn, desnoods enkele gaatjes prikken. |
| Vetvrij papier | ✓ | Voorkomt uitdrogen en spetteren. | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 45)
Let op
“Vonkvorming” is het ontstaan van vonken in de ovenruimte.
| ✓ | : Aanbevolen |
|---|---|
| ✓✗ | : Voorzichtig |
| ✗ | : Onveilig |
Pagina 46
Hoe werkt de magnetron (vervolg)
NL
Kooktabel voor verse groente
Gebruik een geschikte glazen pyrex schaal met deksel. Voeg 30 - 45 ml koud water (2 - 3 tl) toe voor iedere 250 g, tenzij anders aangegeven in de tabel. Kook de groente met het deksel erop gedurende de minimale tijd (zie tabel). Afhankelijk van uw persoonlijke smaak kunt u de groente daarna nog verder koken. Een keer roeren tijdens het koken en een keer na afloop. Voeg zout, kruiden of boter pas na het koken toe. Laat de groente tijdens de standtijd van 3 minuten afgedekt staan.
Tip: Snijd verse groente in gelijke stukjes. Hoe kleiner de stukjes, hoe korter de bereidingstijd.
Let op: Verse groente koken op vol magnetronvermogen (900 W).
| Gerecht | Portie (g) | Bereidingstijd (min.) | Standtijd (min.) | Instructies |
|---|---|---|---|---|
| Broccoli | 250 500 | 3 - 4 6½ -7½ | 3 | Roosjes even groot maken. Met stelen richting het midden leggen. |
| Spruitjes | 250 | 5 - 6 | 3 | Voeg 60 - 75 ml (5 - 6 tl) water toe. |
| Wortels | 250 | 4 - 5 | 3 | Wortel in gelijke stukjes snijden. |
| Bloemkool | 250 500 | 4 - 5 7 - 8 | 3 | Roosjes even groot maken. Grote stukken halveren. Met stelen richting het midden leggen. |
| Courgettes | 250 | 3 - 4 | 3 | In plakjes snijden. Voeg 30 ml (2 tl) water of een klontje boter toe. Beetgaar koken. |
| Aubergine | 250 | 3 - 4 | 3 | Aubergine in kleine plakjes snijden en besprenkelen met 1 tl citroensap. |
| Prei | 250 | 3 - 4 | 3 | Prei in dikke plakken snijden. |
| Champignons | 125 250 | 1 - 2 2 - 3 | 3 | Grote paddestoelen in stukken snijden. Geen water toevoegen. Besprenkelen met citroensap. Kruiden met zout en peper, Voor serveren laten uitlekken. |
| Uien | 250 | 4 - 5 | 3 | Uien in stukken snijden. Voeg 15 ml (1 tl) water toe. |
| Pepers | 250 | 4 - 5 | 3 | In kleine stukken snijden. |
| Aardappelen | 250 500 | 4 - 5 7 - 8 | 3 | Weeg de geschilde aardappels en snij ze in gelijke stukken. |
| Koolrabi | 250 | 5 - 6 | 3 | In kleine blokjes snijden. |
Pagina 47
Hoe werkt de magnetron (vervolg)
NL
Kooktabel voor rijst en pasta
Rijst
Gebruik een grote glazen pyrex schaal met deksel. (Het volume van rijst verdubbelt tijdens het koken). Koken met het deksel erop. Na het koken doorroeren en laten staan. Zout, kruiden en/of boter toevoegen. Let op: Het kan voorkomen dat de rijst niet al het water heeft geabsorbeerd.
Pasta
Gebruik een grote glazen pyrex schaal. Voeg kokend water en zout toe, goed roeren. Koken zonder deksel, af en toe roeren tijdens en na het koken. De schaal tijdens de standtijd afdekken, daarna grondig afgieten.
| Gerecht | Portie (g) | Verm. (W) | Tijd (min.) | Standtijd (min.) | Instructies |
|---|---|---|---|---|---|
| Witte rijst (Parboiled) | 250 375 | 750 | 16 - 17 18 - 19 | 5 | 500 ml koud water toevoegen 750 ml koud water toevoegen |
| Bruine rijst (Parboiled) | 250 375 | 750 | 21 - 22 23 - 24 | 5 | 500 ml koud water toevoegen 750 ml koud water toevoegen |
| Gemengde rijst (fijne + wilde rijst) | 250 | 750 | 16 - 18 | 5 | 500 ml koud water toevoegen |
| Gemengde rijst (rijst + granen) | 250 | 750 | 18 - 19 | 5 | 400 ml koud water toevoegen |
| Pasta | 250 | 750 | 10 - 12 | 5 | 1 ltr kokend water toevoegen |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 47)
Opwarmen
Uw magnetron warmt gerechten op in een fractie van de tijd van een conventionele oven. Gebruik de vermogenstanden en opwarmtijden in bovenstaande tabel als richtlijn. De kooktijden in het overzicht zijn gebaseerd op vloeistoffen op kamertemperatuur (+18 tot 20°C) of gekoelde gerechten met een temperatuur van +5 tot +7°C.
Plaatsen en bedekken
Warm liever geen grote stukken (bijvoorbeeld vlees) op, hierbij bestaat de kans dat de buitenkant te gaar wordt en uitdroogt, terwijl het binnenste nog niet goed verwarmd is. Het is beter om kleinere stukken op te warmen. Het gerecht afdekken tijdens het opwarmen voorkomt ook dat het uitdroogt.
Magnetronvermogens & roeren
- U kunt kiezen uit meerdere vermogens om voedsel op te warmen. Houd de kooktabellen aan als richtlijn. Over het algemeen is het beter om bij grote hoeveelheden verfijnde gerechten, zoals gehakt, een lager vermogen te kiezen.
Pagina 48
Hoe werkt de magnetron (vervolg)
NL
- Roer of keer het gerecht regelmatig tijdens het opwarmen, dit geeft het beste resultaat.
Indien mogelijk voor het opdienen nog een keer roeren. Roeren is vooral belangrijk bij het opwarmen van vloeistoffen.
- Wees extra voorzichtig met het verwarmen van vloeistoffen en babyvoeding. Roer voor, tijdens en na het verwarmen om kookduurvertraging en uitzetting van vloeistoffen te voorkomen. Laat de vloeistoffen gedurende de standtijd in de magnetron staan. Zet een plastic of glazen lepeltje in de vloeistoffen. Voorkom dat het gerecht te gaar wordt, bij twijfel eerst een kortere bereidingstijd kiezen, daarna zo nodig langer verwarmen.
Bereidings- en standtijden
- Als u een gerecht voor de eerste keer opwarmt is het handig om de benodigde tijd te noteren voor de toekomst.
- Zorg ervoor dat gerechten altijd voldoende verhit worden.
- Laat het voedsel een tijdje staan, zodat de warmte zich kan verspreiden door het voedsel. De aanbevolen standtijd is 2 - 4 minuten, tenzij anders vermeld.
Opwarmen van vloeistoffen
Wees voorzichtig bij het verwarmen van vloeistoffen. Zet een plastic lepeltje in de vloeistof om plotseling overkoken te voorkomen. Tijdens en na het opwarmen altijd roeren. Houd een standtijd van minmaal 20 seconden aan nadat de magnetron is uitgeschakeld, zodat de warmte zich kan verspreiden door de vloeistof.
Opwarmen van babyvoeding
Babyvoeding
Let extra op bij het verwarmen van babyvoeding. Doe de voeding in een diep aardewerken bord en dek het af met een plastic deksel. Na het opwarmen goed afdekken en 2 - 3 minuten laten staan voordat u het aan het kind geeft. De aanbevolen serveertemperatuur is 30 - 40 °C.
Melk
Doe de melk in een gesteriliseerde zuigfles. Niet afdekken tijdens het opwarmen. Verwarm nooit een zuigfles met de speen er nog op. De zuigfles kan exploderen als hij te heftig verwarmd wordt. Goed schudden voor de standtijd en daarna nog een keer. Controleer de temperatuur voor consumptie om verbranding te voorkomen. De aanbevolen serveertemperatuur is 37 °C.
Let op: Wees extra voorzichtig met babyvoeding, dit dient extra gecontroleerd te worden op temperatuur alvorens op te dienen. Gebruik de vermogensstanden en kooktijden in onderstaande tabellen als richtlijn voor opwarmen.
Pagina 49
Hoe werkt de magnetron (vervolg)
NL
Opwarmen van vloeistoffen en gerechten
Gebruik de vermogensstanden en bereidingstijden in onderstaande tabel als richtlijn voor het opwarmen.
| Gerecht | Portie | Verm. (W) | Tijd (min.) | Standtijd (min.) | Instructies |
|---|---|---|---|---|---|
| Dranken (koffie, thee en water) | 250 ml (1 kop) 500 ml (2 koppen) | 900 | 1½-2 3-3½ | 1-2 | Giet de vloeistof in mokken. Plaats 1 mok in het midden, of twee mokken tegenover elkaar ter hoogte van de geleidering op het draaiplateau. Onbedekt opwarmen. In de magnetron laten staan. Roeren voor en na de standtijd. Let op bij het uitnemen (zie veiligheidsvoorschriften vloeistoffen). |
| Soep (gekoeld) | 250 g 450 g | 900 | 2 ½ -3 ½ 3 ½ -4 ½ | 2-3 | Giet de soep/saus in een diep bord of een kom. Afdekken met een plastic deksel tijdens opwarmen. Plaats het gerecht in het midden van het draaiplateau. Voorzichtig roeren voor en na de standtijd. |
| Stoofpot (gekoeld) | 450 g | 600 | 5 ½ -6 ½ | 2-3 | Giet de stoofpot in een diep bord of een kom. Afdekken met een plastic deksel tijdens opwarmen. Plaats het gerecht in het midden van het draaiplateau. Voorzichtig roeren voor en na de standtijd. |
| Pasta met saus (gekoeld) | 350 g | 750 | 4-5 | 3 | Doe pasta (bv. spaghetti of noedels) op een plat bord. Afdekken met huishoudfolie. Roeren voor opdienen. |
| Gevulde pasta met saus (gekoeld) | 350 g | 750 | 4 ½ -5 ½ | 3 | Plaats gevulde pasta (bv. ravioli, tortellini) op een diep bord. Afdekken met plastic deksel. Voorzichtig roeren voor en na de standtijd. |
| Maaltijd op bord (gekoeld) | 350g | 600 | 4 ½ - 5 ½ | 3 | Plaats het gerecht op een bord. Afdekken met huishoudfolie. Plaats het bord in het midden van het draaiplateau. Dit programma is geschikt voor maaltijden die bestaan uit 3 onderdelen (bv. vlees met saus, groenten en een bijgerecht zoals aardappelen, rijst of pasta). |
Pagina 50
Hoe werkt de magnetron (vervolg)
NL
Opwarmen van babyvoedsel en melk
Gebruik de vermogensstanden en bereidingstijden in onderstaande tabel als richtlijn voor het opwarmen.
| Gerecht | Portie (g) | Verm. (W) | Tijd (min.) | Standtijd (min.) | Instructies |
|---|---|---|---|---|---|
| Babyvoedsel (groente + vlees) Baby pap (granen + melk + fruit) Baby melk | 190 g | 600 | 30 sec. | 2-3 | Giet babyvoedsel in een diep bord. Afgedekt koken. Roeren na het koken. 2-3 minuten laten staan. Voor het opdienen goed roeren en nauwkeurig de temperatuur controleren. Giet de pap in een diep bord. Afgedekt koken. Roeren na het koken. 2-3 minuten laten staan. Voor het opdienen goed roeren en nauwkeurig de temperatuur controleren. Goed roeren of schudden en in een gesteriliseerd fl esje gieten. In het midden van het draaiplateau plaatsen. Onbedekt koken. Goed schudden en minstens 3 minuten laten staan. Voor het opdienen goed schudden en nauwkeurig de temperatuur controleren. |
| 190 g | 600 | 20 sec. | 2-3 | ||
| 100 ml 200 ml | 300 | 20-30 sec. 50-60 sec. | 2-3 |
Pagina 51
Gebruik van de magnetronfunctie
NL
BELANGRIJK: gebruik de keramische bakplaat op niveau 1!
Magnetronfunctie instellen
1 Draai de Functieknop naar de ovenfunctie stand .
2 Pas, indien gewenst, de bereidingstijd en/of het magnetronvermogen aan. Zie pagina 14 - 18.
3 Druk op de Starttoets.
De combimagnetron start direct.
Pagina 52
NL
Gebruik van de Hetelucht + Magnetronfunctie
Hetelucht + magnetronfunctie
In de combinatiestand hetelucht + magnetron wordt het gerecht verwarmd door de combinatie van hetelucht en microgolfenergie. Omdat microgolven direct hun werk doen is het niet nodig om de oven voor te verwarmen.
Hetelucht + magnetronfunctie instellen
1 Draai de Functieknop naar de Hetelucht + Magnetronfunctie stand .
2 Pas, indien gewenst, de bereidingstijd en/of het magnetronvermogen aan. Zie pagina 14 - 18.
3 Pas, indien gewenst, de temperatuur aan. Zie pagina 14 - 18.
4 Druk op de Starttoets.
De combimagnetron start direct.
Pagina 53
NL
Gebruik van de Grill + Magnetronfunctie
Grill + magnetronfunctie
In de combinatiestand grill + magnetron wordt het gerecht verwarmd door de combinatie van grill en microgolfenergie. Omdat microgolven direct hun werk doen is het niet nodig om de oven voor te verwarmen.
Grill + magnetronfunctie instellen
1 Draai de Functieknop naar de Grill + Magnetronfunctie stand .
2 Pas, indien gewenst, de bereidingstijd en/of het magnetronvermogen aan. Zie pagina 14 - 18.
3 Pas, indien gewenst, de temperatuur aan. Zie pagina 14 - 18.
4 Druk op de Starttoets.
De combimagnetron start direct.