ATAG OX6211E, tekst van de handleiding
Oven · ATAG · 32 pagina's in het Nederlands · pdf: 67 pagina's, 1,1 MB
Storingen op pagina 29
Pagina 29
Wat te doen als er iets fout gaat
Als het apparaat niet goed werkt, lees dan eerst de onderstaande aanwijzingen door, voordat u contact opneemt met onze service-afdeling.
| PROBLEEM | OPLOSSING |
|---|---|
| • De oven schakelt niet in. | • Controleer of de bereidingsfunctie en de temperatuur zijn ingesteld. of • Controleer of het apparaat goed is aangesloten en de zekering in de huisinstallatie in orde is. of • Bent u vergeten om terug te schakelen naar de handmatige modus, na het gebruik van de optie Klok einde bereidingstijd? |
| • Het controlelampje van de thermostaat gaat niet branden. | • Stel de temperatuur met de thermostaatknop van de oven in. of • Stel een functie in met de functieknop. |
| • De ovenverlichting gaat niet branden. | • Stel een functie in met de functieknop. of Controleer het lampje en vervang het indien nodig (zie de paragraaf “Het ovenlampje vervangen”). |
| • De bereiding van de gerechten duurt te lang of de gerechten worden te snel gaar. | • De temperatuur moet aangepast worden. of Neem de aanwijzingen en tips in deze handleiding goed door, met name het hoofdstuk “Gebruik van de oven“. |
| • Stoom en condenswater slaan neer op de gerechten en de deur van de oven. | • Laat de gerechten na afloop van de bereiding niet langer dan 15-20 minuten in de oven staan. |
Pagina 30
Technische gegevens
Vermogen verwarmingselementen
Onderwarmte 1000 W Bovenwarmte 800 W Infra 1800 W Spaar-grill 1650 W Grootvlak-grill 2450 W Grill met ventilator 2475 W Turbo-hetelucht 2000 W Ovenlampje 25 W Ovenventilator 25 W Koelventilator 25 W Draaispitmotor 4 W
Totale aansluitwaarde 2525 W
Spanning (50 Hz) 230 V
bovenkant in kolom
| Inbouw | |
| Hoogte onder | 585 mm 580 mm |
| Breedte | 560 mm |
| Diepte | 550 mm |
| Oven | |
| Hoogte | 335 mm |
| Breedte | 395 mm |
| Diepte | 400 mm |
| Inhoud oven | 53 l |
Pagina 31
Instructies voor de installateur
Inbouw en installatie moeten uitgevoerd worden met strikte inachtneming van de geldende voorschriften. Elke ingreep mag slechts plaatsvinden als het apparaat uitgeschakeld is. Ingrepen mogen uitsluitend verricht worden door een erkend installateur.
De fabrikant kan niet aansprakelijk gesteld worden als de veiligheidsvoorschriften niet opgevolgd worden.
Aansluiten op netstroom
Let voor het aansluiten op het volgende:
- De zekering en de huisinstallatie moeten op de max. belasting van het apparaat berekend zijn (zie typeplaatje).
- De huisinstallatie moet voorzien zijn van een aardaansluiting overeenkomstig de geldende voorschriften.
- De wandcontactdoos (type Perilex als de oven is uitgevoerd in combinatie met een elektrische kookplaat) en de meerpolige installatieautomaat of groepsschakelaar moeten ook na installatie van het apparaat makkelijk bereikbaar zijn.
Het apparaat wordt geleverd met een aansluitsnoer waarop een standaard stekker is bevestigd, die geschikt is voor de totale aangegeven elektrische spanning die op het typeplaatje staat. De stekker moet in een geschikte wandcontactdoos worden gestoken. Indien u een directe aansluiting op de elektriciteitsvoorziening (hoofdleiding) wenst, moet u tussen het apparaat en de hoofdleiding een omnipolaire schakelaar met een minimumafstand van 3 mm tussen de contactpunten monteren. Deze schakelaar moet geschikt zijn voor de vereiste belasting en voldoen aan de geldende voorschriften. De groengele aardingsdraad mag niet onderbroken worden door de schakelaar en moet 2-3 cm. langer te zijn dan de andere draden.
Pagina 32
Het aansluitsnoer moet worden aangesloten op een geaarde wandcontactdoos (230 V~, 50 Hz type Perilex als de oven is uitgevoerd met een elektrische kookplaat). Deze wandcontactdoos moet overeenkomstig de voorschriften geïnstalleerd zijn. De volgende typen aansluitsnoeren zijn geschikt, met inachtneming van de nominale doorsneden: H07 RN-F, H05 RN-F, H05 RR-F, H05 VV-F, H05 V2V2-F (T90), H05 BB-F.
Het aansluitsnoer moet in ieder geval zodanig geplaatst zijn, dat het nergens 50°C (boven kamertemperatuur) bereikt.
Na de aansluiting moeten de verwarmingselementen gecontroleerd worden, door ze ongeveer 3 minuten te laten werken.
Klemmenbord
De oven is voorzien van een makkelijk toegankelijk klemmenbord, dat berekend is voor de werking op een eenfase-stroomvoorziening van 230
V.
| Letter L | - | Onder stroom staande klem |
|---|---|---|
| Letter N | - | Neutrale klem |
| of E | - | Aardeklem |
Pagina 33
Instructies voor de inbouw
Afb. 5
Afb. 6
Afb. 7
Afb. 8
Voor een onberispelijke werking van het ingebouwde apparaat moet het inbouwmeubel resp. de uitsparing waarin het apparaat moet worden ingebouwd geschikte afmetingen hebben.
In overeenstemming met de geldende voorschriften moeten alle delen, die de bescherming tegen aanraking van onder spanning staande en geïsoleerde delen garanderen, zodanig bevestigd zijn, dat ze niet zonder gereedschap verwijderd kunnen worden. Hierbij hoort ook de bevestiging van eventuele afsluitende kanten aan het begin of einde van een rij inbouwapparaten.
De bescherming tegen aanraking moet in ieder geval door het inbouwen gegarandeerd zijn.
Het apparaat kan met de achterkant resp. zijkant tegen hogere keukenmeubelen, apparaten of wanden geplaatst worden. Aan de andere zijkant mogen er echter geen andere apparaten of meubelen van dezelfde hoogte als het apparaat geplaatst worden.
Afmetingen oven (afb. 5)
Instructies voor de inbouw
Voor een onberispelijke werking van het ingebouwde apparaat moet het inbouwmeubel resp. de uitsparing waarin het apparaat moet worden ingebouwd geschikte afmetingen hebben (afb. 6-7).
Bevestiging in het meubel
- 1. Open de ovendeur.
- 2. Bevestig de oven aan het meubel door de vier afstandhouders te plaatsen (afb. 8 - A), die precies in de daarvoor bedoelde gaten van het frame passen en deze vervolgens met de vier meegeleverde houtschroeven (afb. 8 - B) te bevestigen.
Pagina 34
Service en onderdelen
Als na de controles opgesomd in hoofdstuk “Wat te doen als er iets fout gaat”, het apparaat nog steeds niet correct werkt, dient u contact op te nemen met onze serviceafdeling en de volgende gegevens door te geven die op het typeplaatje staan: de specifieke klacht, het model van het apparaat (Mod.), het productnummer (Prod. nr.) en het serienummer (Serie nr.). Dit plaatje bevindt zich op de rand aan de voorkant van de binnenkant van de oven.
De originele onderdelen, die door de fabrikant gecertificeerd zijn, zijn alleen verkrijgbaar via www.hps.nl.
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
Beschrijving van het apparaat
Bedieningspaneel
Oventhermostaat controlelampje
Bedrijfs controlelampje
Oven thermostaat bedieningsknop
Binnenkant oven
1 tot 4 Inzetniveaus (inzetniveau nr. 2 en 4 zijn uitgerust met telescopische geleiders) 5 Grill
- 6 Ventilator
- 7 Ovenlampje
- 8 Opening draaispit
Toebehoren
Braadslede
Bakplaat
Klok einde bereidingstijd bedieningsknop
5
Rooster
Ovenfunctie bedieningsknop
8
vorken
spit
greep frame draaispit Draaispit
Pagina 3
Inhoud
Beschrijving van het apparaat ............................................................................ 2
Waarschuwingen en belangrijke veiligheidsinformatie......................................... 4
Bedieningsknoppen........................................................................................... 7
Voordat u de oven in gebruik neemt ................................................................ 10
Gebruik van de oven ....................................................................................... 11
Kooktabellen ................................................................................................... 20
Reiniging en onderhoud ................................................................................... 23
Wat te doen als er iets fout gaat ...................................................................... 29
Technische gegevens ...................................................................................... 30
Instructies voor de installateur.......................................................................... 31
Instructies voor de inbouw ............................................................................... 33
Service en onderdelen ..................................................................................... 34
Handleiding voor de gebruiksaanwijzing
Veiligheidsvoorschrift
- Stap-voor-stap-handleiding
Adviezen
Milieu-informatie
Dit apparaat voldoet aan de volgende EU-richtlijnen.
Pagina 4
Nederlands
Waarschuwingen en belangrijke veiligheidsinformatie
Deze aanwijzingen zijn bedoeld voor de veiligheid van de gebruikers en hun huisgenoten. Lees ze dus aandachtig door, voordat u het apparaat aansluit en/of in gebruik neemt.
Bewaar de bij dit apparaat geleverde gebruiksaanwijzing zorgvuldig. Als het apparaat aan derden wordt geschonken of verkocht, of als u het apparaat bij verhuizing in de oude woning achterlaat, is het belangrijk dat de nieuwe gebruiker over deze gebruiksaanwijzing en de adviezen kan beschikken.
Installatie
- De installatie moeten worden uitgevoerd door een erkend installateur, met inachtneming van de geldende voorschriften. De afzonderlijke installatiewerkzaamheden zijn beschreven in de instructies voor de installateur.
- Laat het apparaat installeren en aansluiten door een erkend installateur overeenkomstig de richtlijnen.
- Ook eventuele voor de installatie noodzakelijke wijzigingen aan de elektriciteitsvoorziening moeten door een erkend installateur uitgevoerd worden.
Bediening
- Deze oven is ontworpen voor de bereiding van levensmiddelen; gebruik hem nooit voor andere doeleinden.
- Pas bij het openen van de ovendeur (tijdens of aan het einde van de bereidingstijd) altijd op voor de hete luchtstroom die uit de oven komt.
- Wees extra voorzichtig tijdens het gebruik van de oven. Door de grote hitte van de verwarmingselementen zijn de bakplaten en andere onderdelen erg heet.
4 ATAG
- Let op! Bedek de oven nooit met aluminiumfolie en plaats geen bakblikken, ovenschotels en dergelijke op de bodem van de oven, anders kan het emaille van de oven door de opgebouwde hitte beschadigd raken.
- Indien u, om welke reden dan ook, aluminiumfolie in de oven gebruikt, laat dit dan nooit in direct contact komen met de bodem van de oven.
- Ga bij het reinigen van de oven voorzichtig te werk: sproei nooit vloeistof op de verwarmingselementen en de thermostaatsensor.
- Het is gevaarlijk veranderingen van welke aard ook aan te brengen aan het apparaat of aan de kenmerken ervan.
- Tijdens het bakken, braden en grillen worden het venster van de deur en de overige onderdelen van het apparaat erg heet. Houd kinderen daarom uit de buurt van het apparaat. Indien er elektrische apparaten worden aangesloten op stopcontacten in de buurt van de oven, let er dan op dat de aansluitsnoeren niet in aanraking komen met hete oppervlakken of vastgeklemd raken tussen de ovendeur.
Pagina 5
- Gebruik altijd ovenwanten om hete vuurvaste schotels of schalen uit de oven te halen.
- De vorken en het spit zijn puntig en scherp. Als u er gebruik van maakt, doe het met zorg om verwonding te voorkomen.
- Regelmatig reinigen voorkomt dat het oppervlaktemateriaal van de oven achteruitgaat.
- Schakel voordat u de oven gaat reinigen de stroom uit of haal de stekker uit het stopcontact.
- Verzeker u ervan dat de oven in de stand “UIT” staat als hij niet meer wordt gebruikt.
- Het apparaat mag niet worden gereinigd met een stoomreiniger.
- Gebruik geen schuurmiddelen of scherpe metalen schrapers. Deze kunnen krassen veroorzaken op de ruit van de deur, waardoor het glas kan barsten.
Veiligheid van personen
- Dit apparaat is bestemd voor gebruik door volwassenen. Het is gevaarlijk om het door kinderen te laten gebruiken of hen ermee te laten spelen.
- Houd kinderen uit de buurt, zolang de oven in werking is. Ook nadat u de oven heeft uitgeschakeld, blijft de deur nog lange tijd heet.
- Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door kinderen of andere personen met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of een gebrek aan ervaring en kennis, tenzij dit plaatsvindt onder toezicht van een voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon of tenzij zij van een dergelijke persoon instructies hebben ontvangen over het gebruik van het apparaat.
Pagina 6
Milieu-informatie
- Gooi, nadat de oven is geïnstalleerd, de verpakking weg op een veilige en milieuvriendelijke wijze.
- Wanneer een oud apparaat wordt afgedankt, moet het onbruikbaar worden gemaakt door het aansluitsnoer af te snijden. Verwijder alle vergrendelingen van de deur, om te voorkomen dat kinderen in de oven opgesloten kunnen raken.
Klantenservice
- Laat inspectie- en/of herstelwerkzaamheden uitvoeren door de service-afdeling van de fabrikant of door een serviceafdeling die door de fabrikant geautoriseerd is en gebruik alleen originele onderdelen.
- Probeer in geval van een storing of defect dit apparaat nooit zelf te repareren.
Reparaties die door niet-deskundige personen uitgevoerd worden, kunnen tot schade of letsel leiden.
op het product of op de
Het symbool
verpakking wijst erop dat dit product niet als huishoudafval mag worden behandeld. maar moet worden afgegeven bij een verzamelpunt waar elektrische en elektronische apparatuur wordt gerecycled. Als u ervoor zorgt dat dit product op de juiste manier wordt verwijderd, voorkomt u mogelijke negatieve gevolgen voor mens en milieu. die zich zouden kunnen voordoen in geval van verkeerde afvalverwerking. Voor gedetailleerdere informatie over het recyclen van dit product, kunt u contact opnemen met de gemeente, de gemeentereiniging of de winkel waar u het product hebt gekocht.
Pagina 7
Bedieningsknoppen
Ovenfuncties
0 De oven staat uit.
Ovenlampje - Het ovenlampje brandt ook als er geen ovenfunctie is ingeschakeld.
Infra - De warmte komt van zowel de bovenste als de onderste verwarmingselementen, zodat er in de gehele ovenruimte een gelijkmatige temperatuur heerst.
Bovenwarmte - De warmte komt uitsluitend van het bovenste verwarmingselement (buiten de sectie).
Onderwarmte - De warmte komt alleen van het onderste verwarmingselement.
Spaar-Grill - De kleine grill kan gebruikt worden om kleine hoeveelheden te grillen.
Grill / Draaispit - Het draaispit kan worden gebruikt voor het grillen van vlees, kebabs of kleine stukken vlees aan een spit.
Grootvlak-grill - Het gehele grillelement wordt ingeschakeld. Aanbevolen voor grotere hoeveelheden.
Grill met ventilator - Deze functie biedt een alternatieve bereidingsmethode voor gerechten die anders met de normale grill bereid worden. Het grillelement en de hete lucht werken afwisselend, zodat de hete lucht rond de gerechten circuleert. Als u de functie grillen met hetelucht gebruikt, dient u een maximale temperatuur van 200°C te selecteren.
Turbo-hetelucht- Bij deze instelling kunt u op verschillende bakplaten braden of tegelijkertijd braden en bakken, zonder dat er smaakoverdracht plaatsvindt.
Pagina 8
Ontdooien - Deze instelling is geschikt voor
het ontdooien van bevroren levensmiddelen.
Bedrijfscontrolelampje
Dit indicatielampje gaat branden zodra de functieknop wordt ingesteld.
Oventhermostaat
Draai de thermostaatknop naar rechts om een temperatuur tussen 50°C en 250°C te selecteren.
Controlelampje oventhermostaat
Het controlelampje van de thermostaat gaat branden als er aan de thermostaatknop wordt gedraaid. Het lampje blijft branden totdat de juiste temperatuur is bereikt. Daarna gaat het aan en uit, om aan te geven dat de temperatuur wordt gehandhaafd.
Klok einde bereidingstijd
Hiermee kunt u de oven automatisch laten uitschakelen als de ingestelde tijd verlopen is. Als de bereidingstijd is afgelopen klinkt er een geluidssignaal. De bereidingsduur kan op maximaal 120 minuten worden ingesteld.
Zet het gerecht in de oven en draai de functieknop en de thermostaatknop op de gewenste instellingen. Draai de knop van de timer naar de maximale stand (“120”), draai hem daarna terug tot de gewenste bereidingstijd. Als de bereidingstijd is afgelopen klinkt er een geluidssignaal en wordt de oven automatisch uitgeschakeld.
Draai de timerknop op om de oven op handmatige bediening te zetten.
Pagina 9
Veiligheidsthermostaat
Om te voorkomen dat de oven oververhit raakt (door onjuist gebruik van het apparaat of vanwege defecte onderdelen), is de oven voorzien van een veiligheidsthermostaat die indien nodig de stroomtoevoer onderbreekt. Zodra de temperatuur is gedaald, wordt de oven automatisch weer ingeschakeld. Als de veiligheidsthermostaat is geactiveerd vanwege onjuist gebruik van het apparaat, hoeft u (nadat de oven is afgekoeld) alleen de fout te verhelpen; Is de thermostaat daarentegen geactiveerd vanwege een defect onderdeel, neem dan contact op met onze service-afdeling.
Koelventilator
De oven is voorzien van een koelventilator die het voorpaneel, de knoppen en de handgreep van de ovendeur koel houdt. Deventilator wordt nadat de oven enkele minuten inwerking is automatisch ingeschakeld.
Via de opening aan de bovenkant van de deur wordt warme lucht naar buiten afgevoerd. Als de oven wordt uitgeschakeld kan de ventilator nog enige tijd draaien om de bedieningselementen koel te houden. Dit is volkomen normaal.
De werking van de ventilator hangt af van hoe lang en op welke temperatuur de oven gebruikt is. Het is mogelijk dat de ventilator helemaal niet ingeschakeld wordt op lagere temperatuurinstellingen of als de oven maar korte tijd gebruikt is.
Pagina 10
Voordat u de oven in gebruik neemt
Verwijder al het verpakkingsmateriaal, zowel aan de buitenkant als aan de binnenkant, voordat u de oven gebruikt. Wanneer u de oven voor de eerste keer gaat gebruiken, moet deze eerst eenmaal leeg worden verwarmd.
Gedurende deze tijd kunt u een onaangename geur waarnemen. Dit is volkomen normaal. en is volkomen normaal.
Zorg ervoor dat de ruimte goed geventileerd is. Voordat u de oven gebruikt, zorg ervoor dat
de einde tijd-toets in positie staat.
- 1. Draai de functieknop op bereiding met
Turbo-hetelucht .
- 2. Draai de thermostaatknop op 250°C.
- 3. Zet een raam open voor ventilatie.
- 4. Laat de lege oven ongeveer 45 minuten werken.
Deze procedure dient herhaald te worden met de Grootvlak-grill en de functie Infra , gedurende 5-10 minuten.
Laat de oven daarna afkoelen. Maak een doek vochtig met warm water en wat mild reinigingsmiddel en reinig daarmee de binnenkant van de oven.
Reinig voordat u de oven voor het eerst gebruikt ook zorgvuldig alle accessoires.
Houd de handgreep altijd in het midden vast wanneer u de ovendeur opent.
Pagina 11
Gebruik van de oven
Let op! - Plaats tijdens de bereiding geen voorwerpen op de bodem van de oven en dek geen onderdelen van de oven af met aluminiumfolie. Dit kan oververhitting veroorzaken, wat de bakresultaten beïnvloedt en het email van de oven kan beschadigen. Zet pannen, hittebestendige pannen en aluminium bakplaten altijd op het bakplaat dat in de geleiders is geschoven. Wanneer voedsel verwarmd wordt, ontstaat er stoom, net als in een ketel. Wanneer de stoom in aanraking komt met de glazen deur van de oven, wordt er condens gevormd en ontstaan er waterdruppels.
Warm de lege oven altijd 10 minuten voor, om condensvorming te beperken.
Wij adviseren u na elke bereiding de waterdruppels weg te vegen.
Houd tijdens de bereiding de ovendeur altijd gesloten. Blijf op een veilige afstand als u de deur van de oven opent, zodat u niet in aanraking komt met de hete stoom uit de oven. Houd de deur vast aan de handgreep totdat deze helemaal geopend is en laat de handgreep niet eerder los.
Pagina 12
De oven heeft vier inzetniveaus.
Deze inzetniveaus worden geteld vanaf de bodem van de oven (zie afbeelding).
Het is belangrijk dat deze bakplaten correct zijn geplaatst, zoals weergegeven in de afbeelding. Inzetniveau 2 en 4 zijn voorzien van telescopische geleiders, die het plaatsen of verwijderen van bakplaten gemakkelijker maakt.
- 1. Trek de rechter en linker telescopische geleiders helemaal naar buiten, zoals weergegeven op de afbeelding.
- 2. Plaats de bakplaat of de grillpan op de telescopische geleiders, duw ze daarna voorzichtig helemaal in de oven (zie afbeelding).
Probeer niet om de ovendeur te sluiten als de telescopische geleiders niet volledig in de oven zitten. Hierdoor kunnen het emaille en het glas van de deur beschadigd raken.
Let op: Telescopische geleiders en andere accessoires worden erg heet! gebruik ovenhandschoenen of dergelijke!
Plaats kookgerei nooit direct op de bodem van de oven.
Infra
- 1. Draai de functieknop van de oven op .
- 2. Draai de thermostaatknop op de gewenste temperatuur.
- De warmte wordt het beste verdeeld bij gebruik van het middelste niveau. Om het bruineren te verminderen, kunt u het rooster lager zetten. Om het bruineren te vermeerderen, zet u het rooster hoger. - Het materiaal en de afwerking van de bakplaat en de schalen is van invloed op de mate waarin het voedsel een bruin korstje krijgt. Emailgoed, donkere of zware bakvormen en materiaal met een antiaanbaklaag zorgen voor een betere bruinering. Glazen ovenschalen en bakplaten van glanzend alumi-
Pagina 13
nium of staal reflecteren de warmte en verminderen de bruinering.
- Zet gerechten altijd in het midden van het rooster, om een gelijkmatige bruining te garanderen. - Plaats schalen op een bakplaat van de juiste afmeting, om te voorkomen dat er voedsel op de bodem van de oven wordt gemorst en ervoor te zorgen dat de oven gemakkelijker kan worden gereinigd.
- Plaats schalen, blikken of bakplaten nooit direct op de bodem van de oven, aangezien deze erg heet wordt en de pannen hierdoor beschadigd kunnen raken. Bij deze instelling komt de warmte van zowel het bovenste als het onderste element. Hiermee kunt u op één niveau gerechten bereiden, wat met name geschikt is voor gerechten die extra bruinering vergen, zoals quiches en hartige taarten.
Gratins, lasagne en ovenschotels die extra bruinering aan de bovenkant vergen, kunnen ook prima worden bereid met boven- en onderwarmte.
Bovenwarmte
- 1. Draai de functieknop van de oven op .
- 2. Draai de thermostaatknop op de gewenste temperatuur.
De warmte komt alleen van de bovenkant van de oven, zodat u uw gerechten kunt klaarmaken zoals lasagne, gehakt met een korst, bloemkool met kaas, enz.
Onderwarmte
- 1. Draai de functieknop van de oven op .
- 2. Draai de thermostaatknop op de gewenste temperatuur.
Deze functie is uitermate geschikt voor het blind bakken van taartbodems. Tevens kan deze functie worden gebruikt om ervoor te zorgen dat het basisdeeg van quiches of hartige taarten gaar is.
Pagina 14
Grillen
- De meeste gerechten kunnen het beste op het rooster in de grillpan worden geplaatst. Hierdoor wordt een maximale luchtcirculatie gerealiseerd en bevindt het voedsel zich niet in maar boven het vet en de vleessappen. Indien gewenst kunnen gerechten zoals vis, lever en niertjes direct op de grillpan worden geplaatst.
- Droog het voedsel vóór het grillen goed af, zodat het niet gaat spatten. Strijk mager vlees en vis licht in met een beetje olie of gesmolten boter, zodat de gerechten tijdens de bereiding mals blijven. - Overige ingrediënten, zoals tomaten en champignons, kunnen tijdens het grillen van vlees onder de grill worden geplaatst - Voor het roosteren van brood raden we u aan het bovenste inzetniveau te gebruiken. - Indien nodig moet het voedsel tijdens de bereiding worden omgedraaid.
Gebruik van de spaar-grill
De kleine grill zorgt voor snelle, directe hitte in het middelste gedeelte van de grillpan. Door de kleine grill te gebruiken voor de bereiding van kleinere hoeveelheden kunt u energie besparen.
- 1. Draai de functieknop van de oven op .
- 2. Draai de thermostaatknop op de gewenste temperatuur.
- 3. Pas het niveau van het rooster en de grillpan aan voor de verschillende diktes van het voedsel en volg de instructies voor het grillen.
Het grillelement wordt geregeld door de thermostaat. Tijdens de bereiding gaat de grill aan en uit, om oververhitting te voorkomen.
Hoe gebruikt u de grootvlak-grill
- 1. Draai de functieknop van de oven op .
- 2. Draai de thermostaatknop op de gewenste temperatuur.
- 3. Pas het niveau van het rooster en de grillpan aan voor de verschillende diktes van het voed-
Pagina 15
sel. Plaats het voedsel dicht bij het element als u het snel wilt bereiden en iets verder weg voor een behoedzamer bereiding.
Verwarm de grill een paar minuten voor op de hoogste stand, voordat u vlees gaat dichtschroeien of toast gaat maken. Pas indien nodig de warmte-instelling en de stand van het rooster tijdens het bereiden aan.
Grill / Draaispit
Ga als volgt te werk als u het draaispit wilt gebruiken:
- 1. Plaats het spitframe op de tweede geleider van beneden, zoals weergegeven in de afbeelding.
- 2. Plaats de eerste vork in het spit, prik het voedsel erop en zet dit vast door de tweede vork aan te brengen; zet de twee vorken vast met de speciale schroeven.
- 3. Plaats het uiteinde van het spit in de opening van de motor van het draaispit. Deze is duidelijk zichtbaar in het midden van de achterwand van de oven.
- 4. Plaats het voorste deel van het spit op het spitframe.
- 5. Schroef de greep los.
- 6. Draai de functieknop van de oven op en de thermostaatknop op de gewenste temperatuur.
De vorken en het spit zijn puntig en scherp. Als u er gebruik van maakt, doe het met zorg om verwonding te voorkomen.
Wij adviseren om op de eerste geleider van beneden een braadslede te plaatsen, nadat u hierin twee kopje water hebt gegoten.
Pagina 16
Hoe gebruikt u de functie grill met ventilator “
Draai de functieknop van de oven op en stel de thermostaatknop in op de gewenste temperatuur.
Deze functie biedt een alternatieve bereidingsmethode voor gerechten die anders met de normale grill bereid worden. Het grillelement en de hete lucht werken afwisselend, zodat de hete lucht rond de gerechten circuleert.
Als u de functie grillen met hetelucht gebruikt, dient u een maximale temperatuur van 200°C te selecteren.
Hoe gebruikt u de functie turbo-
hetelucht
- Het voedsel wordt bereid met behulp van voorverwarmde lucht die gelijkmatig wordt rond geblazen in de oven door een circulair verwarmingselement in de achterwand van de oven zelf. Door een ventilator wordt de hetelucht in de oven verspreid. Dit betekent dat u tegelijkertijd verschillende soorten gerechten kunt bereiden, die op verschillende inzetniveaus zijn geplaatst.
Hete lucht garandeert een snelle verwijdering van vocht en de drogere omgeving van de oven voorkomt dat de verschillende aroma’s en smaken van het ene gerecht naar het andere worden overgebracht.
- De mogelijkheid om gerechten op verschillende inzetniveaus te bereiden betekent dat u verschillende gerechten tegelijkertijd kunt bereiden; tot maximaal drie bakplaten koekjes en minipizza’s, om meteen op te eten of om ze vervolgens in te vriezen.
- Natuurlijk kan de oven ook gebruikt worden voor bereidingen op één niveau. Daarbij kunt u het best de laagste niveaus gebruiken, dan kunt u de voortgang makkelijker in de gaten houden.
Pagina 17
- Bovendien is de oven met name aanbevolen voor het steriliseren van jam en eigen- vruchten op siroop en om paddenstoelen en fruit te drogen.
Hoe gebruikt u de functie ontdooien
- 1. Draai de functieknop van de oven op .
- 2. Controleer of de thermostaatknop van de oven op de stand UIT staat ( ).
De ovenventilator werkt zonder warmte en laat lucht op kamertemperatuur in de oven circuleren. Deze functie is bijzonder geschikt om kwetsbare levensmiddelen te ontdooien, die door opwarmen beschadigd raken, bijvoorbeeld taarten met crèmevulling, ijstaarten, gebak, brood en bakwaren van gistdeeg.
Adviezen
- De warmte wordt het beste verdeeld bij gebruik van het middelste niveau. Om het bruineren te verminderen, kunt u het rooster lager zetten. Om het bruineren te vermeerderen, zet u het rooster hoger.
- Het materiaal en de afwerking van de bakplaat en de schalen is van invloed op de mate waarin het voedsel een bruin korstje krijgt. Emailgoed, donkere of zware bakvormen en materiaal met een antiaanbaklaag zorgen voor een betere bruinering. Glazen ovenschalen en bakplaten van glanzend aluminium of staal reflecteren de warmte en verminderen de bruinering.
- Zet gerechten altijd in het midden van het rooster, om een gelijkmatige bruining te garanderen. - Plaats schalen op een bakplaat van de juiste afmeting, om te voorkomen dat er voedsel op de bodem van de oven wordt gemorst en ervoor te zorgen dat de oven gemakkelijker kan worden gereinigd.
- Plaats schalen, bakblikken of bakplaten niet direct op de bodem van de oven, deze wordt erg heet en kan de schalen beschadigen.
Pagina 18
Bakken:
Taart en gebak vereisen gewoonlijk een gematigde temperatuur (150°C-200°C). Daarom is het nodig om de oven ongeveer 10 minuten voor te verwarmen.
Doe de ovendeur niet open voordat driekwart van de baktijd is verstreken.
Bak kruimeldeeg in een springvorm of op een bakblik tot tweederde van de baktijd. Vervolgens kunt u het garneren en afbakken.
De verdere baktijd hangt af van de soort en hoeveelheid garnering of vulling. Biscuitdeeg moet moeilijk van de lepel lopen. De baktijd zou door te veel vloeistof onnodig langer duren.
Als er twee bakblikken met gebak tegelijkertijd in de oven worden geplaatst, moet er tussen de blikken één niveau worden vrijgelaten.
Als er twee bakblikken met gebak tegelijkertijd in de oven worden geplaatst, moeten deze na ongeveer tweederde van de baktijd worden omgewisseld en omgedraaid.
Braden:
Neem geen braadstukken die minder wegen dan 1 kg. Kleinere stukken kunnen tijdens het braden uitdrogen. Donker vlees, dat van buiten goed gebraden maar van binnen roze tot rood moet blijven, moet bij een hogere temperatuur (200°C-250°C) worden gebraden.
Licht vlees, gevogelte en vis hebben daarentegen een lagere temperatuur (150°C-175°C) nodig. Doe bij een korte bereidingstijd de ingrediënten voor de saus of jus direct aan het begin in de braadslede. Heeft het gerecht een langere bereidingstijd nodig, voeg deze ingrediënten dan pas het laatste half uur toe.
U kunt controleren of het vlees gaar is met behulp van een lepel: als het vlees niet kan worden ingedrukt, is het gaar. Rosbief en ossenhaas, die van binnen roze moeten blijven, moeten op een hogere temperatuur en in kortere tijd worden gebraden. Als u vlees direct op het rooster braadt, plaats dan de braadslede op het onderste niveau zodat de sap-
Pagina 19
pen worden opgevangen. Laat het braadstuk minstens 15 minuten staan, zodat het vleesvocht niet kan weglopen.
Om rookvorming in de oven te beperken, kunt u een beetje water in de braadslede gieten. Om condensvorming te voorkomen, een paar keer water toevoegen. Borden kunnen tot zij geserveerd worden in de oven op de laagste temperatuur warm gehouden worden.
Let op!
Bedek de oven nooit met aluminiumfolie en plaats geen bakblikken, ovenschotels en dergelijke op de bodem van de oven, anders kan het emaille van de oven door de opgebouwde hitte beschadigd raken.
Bereidingstijden
De bereidingstijden kunnen verschillen al naar gelang de samenstelling, ingrediënten en hoeveelheid vocht in de afzonderlijke gerechten.
Noteer de instellingen van uw eerste bereidings-experimenten, om ervaring op te doen als u deze gerechten later nog eens wilt bereiden.
U kunt de aangegeven waarden in de tabellen aanpassen op basis van uw eigen ervaringen.
Pagina 20
Kooktabellen
Infra en Turbo-hetelucht
Tijden zijn exclusief voorverwarmen. De lege oven moet altijd 10 minuten worden voorverwarmd.
| Infra | Turbo-Hetelucht | Bereidingstijd | ||||||
| GERECHT | Niveau 4 | temp. | Niveau 4 | temp. | in minuten | OPMERKINGEN | ||
| 3 | 3 | ° C | ||||||
| 2 | ° C | 2 | ||||||
| 1 | 1 | |||||||
| GEBAK Schuimtaart Zandkoekdeeg Kwarktaart Appeltaart (appelcake) Strudel Jamtaart Fruitcake Biscuitgebak Kerstcake Pruimentaart Kleine cake Koekjes Schuimpjes Koffiebroodjes Soesjes Taartjes BROOD EN PIZZA Wit brood Roggebrood Broodjes Pizza HARTIGE TAARTEN Hartige taart Groentetaart Quiche Lasagne Cannelloni VLEES Rund Varken Kalf Rosbief rood medium doorbakken Varkensschouder Varkensschenkel Lam Kip Kalkoen Eend Gans Konijn Haas Fazant Gehaktbrood VIS Forel/Zeebrasem Tonijn/Zalm | 2 2 1 1 2 2 2 1 1 1 3 2 2 2 2of 3 2 1 1 2 2 2 2 1 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 | 170 170 175 170 180 190 170 170 150 175 170 160 135 200 210 180 195 190 200 200 200 200 210 200 200 190 180 190 210 210 210 180 180 190 190 180 175 175 190 190 190 180 190 190 | 2 (1en 3)* 2 (1en 3)* 2 2 (1en 3)* 2 2 (1en 3)* 2 2 (1en 3)* 2 2 2 2 (1en 3)* 2 (1en 3)* 2 2 (1en 3)* 2 2 1 2 (1en 3)* 2 2 (1en 3)* 2 (1en 3)* 1 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 1 2 2 2 2 2 (1en 3)* 2 (1en 3)* | 160 160 165 160 160 180 150 165 150 160 160 150 150 190 170 170 185 180 175 200 175 175 190 200 200 175 175 175 200 200 200 170 160 175 200 160 220 160 175 175 175 170 175 175 | 45-60 20-30 60-80 90-120 60-80 40-45 60-70 30-40 120-150 50-60 20-35 20-30 60-90 12~20 25-35 45-70 60-70 30-45 25-40 20-30 40-50 45-60 30-40 25-35 25-35 50-70 100-130 90-120 50-60 60-70 70-80 120-150 100-120 110-130 70-85 210-240 120-150 150-200 60-80 150-200 90-120 tot.150 40-55 35-60 | In cakevorm In cakevorm In cakevorm In cakevorm Op bakplaat In cakevorm In cakevorm In cakevorm In cakevorm In broodvorm Op bakplaat Op bakplaat Op bakplaat Op bakplaat Op bakplaat In cakevorm In broodvorm Op bakplaat Op bakplaat In bakvorm In bakvorm In bakvorm In bakvorm In bakvorm Op rooster Op rooster Op rooster Op rooster Op rooster Op rooster Met zwoerd 2 stuks Bout Heel Heel Heel Heel In stukken In stukken Heel in broodvorm 3-4 vissen 4-6 filets | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
De aangegeven temperaturen zijn richtlijnen. Misschien moeten de temperaturen aangepast worden aan persoonlijke wensen.
(*) Als u gelijktijdig meer dan een gerecht wilt bereiden, adviseren wij u deze op de tussen haakjes aangegeven inzetniveaus te plaatsen.
20 ATAG
Pagina 21
Tijden zijn exclusief voorverwarmen.
De lege oven altijd 10 minuten voorverwarmen.
Grillen -
| GERECHT | Hoeveelheid | Grillen | Bereidingstijd (minuten) | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 4 | |||||||
| gr. | 3 | 1e kant | |||||
| Stuks | Niveau | 2 | temp.°C | 2e kant | |||
| 1 | |||||||
| Tournedos Biefstuk Worstjes Varkenskarbonades Kip (in twee helften) Kebabs Kip (borst) Hamburger* *Voorverwarmen 5’00'’ Vis (filets) Sandwiches Toast | 4 4 8 4 2 4 4 6 4 4~6 4~6 | 800 600 / 600 1000 / 400 600 400 / / | 3 3 3 3 3 3 3 2 3 3 3 | 250 250 250 250 250 250 250 250 250 250 250 | 12~15 10~12 12~15 12~16 30~35 10~15 12~15 20-30 12~14 5~7 2~4 | 12~14 6~8 10~12 12~14 25~30 10~12 12~14 10~12 / 2~3 | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
Grillen met ventilator
Als u de functie grillen met hetelucht gebruikt, dient u een maximale temperatuur van 200°C te selecteren.
| GERECHT | Hoeveelheid (gr.) | Niveau 4 3 2 1 | Temp. °C | Bereidingstijd (minuten) | |
| Onder kant | Boven kant | ||||
| Opgerolde braadstukken (kalkoen) Kip (in twee helften) Kippenpoten Kwartel Groentegratin Sint Jacobsschelpen Makreel Vismoten | 1000 1000 - 500 - - - 800 | 3 3 3 3 3 3 3 3 | 200 200 200 200 200 200 200 200 | 30 ~ 40 25 ~ 30 15 ~ 20 25 ~ 30 20 ~ 25 15 ~ 20 15 ~ 20 12 ~ 15 | 20 ~ 30 20 ~ 30 15 ~ 18 20 ~ 25 - - 10 ~ 15 8 ~ 10 |
Pagina 22: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 23
Reiniging en onderhoud
Trek voordat u de oven gaat schoonmaken altijd eerst de stekker uit het stopcontact en laat de oven afkoelen.
Het apparaat mag niet worden gereinigd met een stoomreiniger.
Zorg ervoor dat de oven altijd schoon is. Vet- of voedselresten in de oven kunnen brand veroorzaken (met name in de grillpan).
Let op: Voordat u de oven gaat reinigen, moet de stekker van het apparaat uit het stopcontact worden gehaald.
Voor een lange levensduur van het apparaat is het noodzakelijk de volgende reinigingswerkzaamheden regelmatig uit de voeren:
- Maak de oven pas schoon als deze is afgekoeld.
- Maak de geëmailleerde delen schoon met een sopje.
- Gebruik geen schuurmiddelen.
- Droog de onderdelen van roestvrij staal en de glasplaat met een zachte doek.
- Gebruik bij hardnekkige vlekken normaal verkrijgbare reinigingsmiddelen voor roestvrij staal of warme azijn.
Het emaille van de oven is uiterst duurzaam en in hoge mate resistent. De inwerking van hete fruitzuren (citroenen, pruimen of dergelijke) kunnen echter op de oppervlakken van emaille blijvende matte en ruwe vlekken achterlaten. Dergelijke vlekken op het hoogglanzende oppervlak van het emaille hebben echter geen invloed op de functies van de oven. Reinig de oven grondig na elk gebruik. Zo kunt u verontreinigingen het makkelijkst verwijderen. Verder inbranden wordt daardoor voorkomen.
Pagina 24
Reinigingsmiddelen
Controleer voordat u een reinigingsmiddel gaat gebruiken altijd of dit geschikt is voor uw oven en of de toepassing door de fabrikant wordt aanbevolen. Reinigingsmiddelen met bleekmiddel mogen NIET worden gebruikt, aangezien deze de toplaag van de oppervlakken dof kunnen maken. Gebruik geen agressieve schuurmiddelen.
Buitenkant reinigen
Neem regelmatig het bedieningspaneel, de ovendeur en de afdichting af met een zachte, goed uitgewrongen doek met warm water en wat vloeibaar reinigingsmiddel.
Om beschadigen of verzwakken van de glasplaten van de deur te voorkomen, moet u het gebruik van de volgende producten vermijden:
- Was- en bleekmiddelen
- Geïmpregneerde sponsjes die niet geschikt zijn voor pannen met antiaanbaklaag
- Schuursponsjes van staalwol
- Chemische ovensponsjes of spuitbussen
- Roestverwijderaars
- Vlekkenverwijderaars voor bad en gootsteen Reinig het venster aan de binnen- en buitenkant met een warm sopje. Mocht het binnenvenster van de deur erg verontreinigd zijn, dan is het gebruik van een speciaal reinigingsmiddel aan te bevelen. Gebruik geen verfkrabber om aangekoekt vuil te verwijderen.
Binnenkant oven
De emaillen bodem van de oven kunt u het beste reinigen terwijl de oven nog warm is.
Veeg de oven na elk gebruik schoon met een zachte doek gedrenkt in warm water met een afwasmiddel. Af en toe moet de oven grondiger worden gereinigd. Gebruik daarvoor een in de handel verkrijgbare ovenreiniger.
Pagina 25
A
Ovendeur reinigen
Deze aanwijzingen hebben betrekking op de ovendeur, zoals die door de fabrikant is geleverd.
Als de draairichting van de ovendeur op uw verzoek of bij de installatie veranderd is, moeten de indicaties rechts/links toegepast worden op de andere kant.
Wij adviseren u de beide binnenpanalen van de deur te verwijderen, voordat u de ovendeur gaat reinigen.
Volg de volgende aanwijzing a.u.b. op.
Afb. 1: Houd met beide handen de geperforeerde plaat A vast op de juiste plaats en duw (omhoog) de plaat eruit.
Afb. 2: Houd het binnenruit B met beide handen goed vast en duw (omhoog) de ruit eruit.
Houd de ruit B goed vast, zodat het niet kan kantelen en eruit kan vallen.
Afb. 1
B
Afb. 2
Pagina 26
C
Afb. 3
A
Afb. 3: Houd vervolgens met beide handen het tweede binnenruit C goed vast en duw (omhoog) de ruit eruit. Nadat de binnenruiten zijn verwijderd, kunt u deur en de ruiten schoonmaken. De glasplaten alleen schoonmaken met warm water. Geen ruwe lappen, schuursponsjes, staalwol, zuren of schuurmiddelen gebruiken, om de oppervlakken van de glasplaten en de deur niet te beschadigen. Na het schoonmaken de binnenruiten weer op hun plaats zetten.
Om de binnenruit C (met zijdecor langs het frame) correct te bevestigen, moet de kant met de streepmarkering naar de oven toe geplaatst worden zodat als u het oppervlak aanraakt, de lichte ribbeling van de afscherming voelbaar is.
Om de binnenruit B (met zijdecor aan de zijkanten) correct te bevestigen, moet de kant met de streepmarkering naar de ovendeur toe geplaatst worden zodat als u het oppervlak aanraakt, de licht ribbeling van de afscherming niet voelbaar is.
Na het reinigen van de binnenruiten:
Afb. 4: breng de geperforeerde plaat A weer aan op de oorspronkelijke plaats en controleer of alles goed bevestigd is.
Apparaten van roestvrij staal of aluminium
Wij raden aan de ovendeur alleen met een natte spons te reinigen en daarna met een zachte doek af te drogen. Gebruik geen schurende voorwerpen, zuren of schuurmiddelen, want die kunnen het oppervlak beschadigen. Reinig de kap even zorgvuldig.
Reinig de ovendeur NIET als de glasplaten nog warm zijn. Als deze voorzorgsmaatregel niet wordt nageleefd, kan de glasplaat barsten.
Als de glasplaat van de deur gebarsten is of diepe krassen heeft, wordt het glas minder sterk en moet het worden vervangen om te voorkomen dat het breekt. U kunt het dichtstbijzijnde service adres vinden op de Garantie Kaart of via www.hps.nl.
Afb. 4
26 ATAG
Verder lezen op pagina 27Inhoud