naslaan.comZoekenAlle merken

ATAG VA6011LT, tekst van de handleiding

Pagina's 17–47 van 48 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 2–16

Pagina 17

Gebruiksaanwijzing

Signaaltoon in-, uitschakelen

Het akoestische signaal kan melden:

U schakelt de signaaltoon als volgt in/uit:

3

Als alleen de LED-indicatie van een programmatoets brandt, is dit afwasprogramma geactiveerd. Het afwasprogramma moet worden geannuleerd:

De functietoetsen 2 en 3 gedurende ca. 2 seconden gelijktijdig indrukken.

De LED-indicaties van alle programmatoetsen die u nu kunt kiezen branden.

De LED-indicatie van functietoets 3 knippert.

De indicatie L geeft de actuele instelling aan:

Indicatie L brandt:Signaaltoon ingeschakeld (fabrieksinstelling)
Indicatie L brandt niet:Signaaltoon uitgeschakeld

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

Pagina 18

Gebruiksaanwijzing

In het dagelijks gebruik

Bestek en servies in de machine zetten

1 Sponzen, vaatdoekjes en alle voorwerpen die zich met water kunnen volzuigen, mogen niet in de afwasautomaat gereinigd worden.

Voor machinaal afwassen is het volgende bestek/servies
niet geschikt:beperkt geschikt:
• bestek met heften van hout, hoorn, porselein of parelmoer
• niet hittebestendige kunststof
• ouder bestek met temperatuurgevoelige lijm
• gelijmd servies of bestek
• tin en koper
• kristal
• metaal dat kan roesten
• houten planken
• kunstnijverheidsartikelen
• Aardewerk alleen in de machine afwassen, als het van de aanduiding "geschikt voor de afwasautomaat" voorzien is.
• Versieringen die op het glazuur zijn aangebracht kunnen door zeer vaak machinaal afwassen verbleken.
• Zilver en aluminium kunnen bij machinaal afwassen verkleuren. Etensresten als eiwit, eigeel en mosterd veroorzaken vaak verkleuringen of vlekken op zilver. Zilver daarom altijd goed schoon spoelen, als het niet direct na gebruik wordt afgewassen.
• Sommige glassoorten kunnen na vele malen machinaal afwassen dof worden.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)

18

Pagina 19

Gebruiksaanwijzing

Bestek rangschikken

1 Lange, scherpe bestekdelen die in de bestekkorf staan, kunnen vooral voor kinderen gevaarlijk zijn (zie Aanwijzingen m.b.t. de veiligheid). Om ervoor te zorgen dat het water alle bestekdelen bereikt, moet u 0 1. het roostertje op de bestekkorf zetten

Bij sommige modellen kunt u de bestekkorf openklappen.

1 Om ervoor te zorgen dat de bestekkorf bij het uit de machine nemen niet kan openklappen, moet u hem bij de tweedelige greep pakken.

0 1. Bestekkorf op tafel of aanrechtblad zetten.

Pagina 20

Gebruiksaanwijzing

Pannen, schalen en grote borden in de machine zetten

Groot en sterk verontreinigd servies in de onderste korf zetten (maximale diameter van borden 29 cm).

Uw afwasautomaat beschikt over een van de volgende vier onderste korven:

Variant 1: De rechterbordenrekken van de onderste korf kunnen kruislings worden neergeklapt

Om groter servies makkelijk in te kunnen ruimen, kunnen de beide rechterbordenrekken van de onderste korf kruislings worden neergeklapt.

Variant 2: De beide achterste bordenrekken van de onderste korf kunnen kruislings worden neergeklapt

Om groter servies makkelijk in te kunnen ruimen, kunnen de beide achterste bordenrekken van de onderste korf kruislings worden neergeklapt

Pagina 21

Gebruiksaanwijzing

Kopjes, schoteltjes en glaswerk in de machine zetten

Klein, teer serviesgoed en lange, scherpe bestekdelen in de bovenste korf plaatsen.

Pagina 22

Gebruiksaanwijzing

Bovenste korf in hoogte verstellen

maximale hoogte van hetservies in
bovenste korfonderste korf
bij hoger geplaatste bovenste korf22 cm30 cm
bij lager geplaatste bovenste korf24 cm29 cm

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

3

In hoogte verstellen is ook bij beladen korven mogelijk.

Afhankelijk van het model is het apparaat met bovenkorf "variant 1" of "variant 2" uitgerust:

Variant 1

Hoger / Lager plaatsen van bovenste korf

De bovenkorf klikt in de bovenste of onderste positie in.

Variant 2

Hoger / Lager plaatsen van bovenste korf

De bovenkorf klikt in de bovenste of onderste positie in.

Pagina 23

Gebruiksaanwijzing

Reinigingsmiddel doseren

1 Gebruik alleen reinigingsmiddelen voor afwasautomaten.

Doseer reinigingsmiddel:

2 Let op de aanwijzingen m.b.t. doseren en bewaren op de verpakking van het reinigingsmiddel.

Het reservoir voor reinigingsmiddel bevindt zich aan de binnenzijde van de deur.

0 1. Als het deksel gesloten is: ontgrendelingsknop (1) indrukken.

Het deksel springt open.

“20” komt overeen met ca. 20 ml reinigingsmiddel, “30” komt overeen met ca. 30 ml reinigingsmiddel.

3

Bij zeer sterk verontreinigd servies bovendien reinigingsmiddel in het extra vakje (2) doseren. Dit reinigingsmiddel werkt al tijdens het voorspoelen.

Pagina 24

Gebruiksaanwijzing

Het gebruik van Gecombineerde afwastabletten.

Belangrijke aanwijzingen

Er zijn ook afwastabletten,die de functie van afwasmiddel, glansmiddel en zout gecombineerd hebben.

0 1. Als u gebruikt maakt van dit type afwasmiddel moet u eerst controleren of de hardheid van het leidingwater overeenkomt met de aanwijzingen op de verpakking en/of het middel geschikt is voor gebruik.

Als u besluit om weer een normaal afwasmiddel te gebruiken, dan raden wij het volgende aan:

3 Bij klachten die direct verband houden met het gebruik van deze producten, kunnen wij niet aansprakelijk gesteld worden!

Pagina 25

Gebruiksaanwijzing

2 Geconcentreerde afwasmiddelen

Machine-afwasmiddelen zijn naar chemische samenstelling in twee groepen onder te verdelen:

Het gebruik van afwasprogramma's met een temperatuur van 50 °C en geconcentreerde afwasmiddelen is milieuvriendelijk en verlengt de levensduur van het serviesgoed omdat de 50 °C-programma's speciaal ontworpen zijn voor een optimale vuiloplossende werking van de enzymen die geconcentreerde afwasmiddelen bevatten. Met een 50 °C-programma en een geconcentreerd afwasmiddel is het afwasresultaat even goed als met een 65 °C-programma en een normaal afwasmiddel.

Gecombineerde afwasmiddelen

Gecombineerde afwasmiddelen van verschillende merken,in diverse uitvoeringen,verschillen in oplossnelheid en lossen soms zo langzaam op,dat ze niet goed werken tijdens een programma met een korte tijdsduur. Wij raden u dan ook aan een normaal programma met voorspoelen te kiezen.

Bij klachten die direct verband houden met het gebruik van deze producten, kunnen wij niet aansprakelijk worden gesteld!

3

Pagina 26

Gebruiksaanwijzing

Afwasprogramma selecteren (Programmatabel)

Selecteer met behulp van deze tabel het geschikte afwasprogramma:

Soort vaatwerkEet- en kookgerei
Soort vervuiling• sterk vervuild
• aangekoekte etensresten, met name eiwit en zetmeel
• normaal vervuild
met name geschikt voor gebruik van compacte reinigingsmiddelen.
Geschikt afwasprogramma:
ace³)
Programmaverloop 1)Voorspoelen Reinigen 2x Spoelen Naspoelen DrogenVoorspoelen Reinigen Spoelen
Naspoelen Drogen
Voorspoelen Reinigen Spoelen
Naspoelen Drogen
Verbruikswaarden: 2)
Duur 4)110 - 120 min.90 - 100 min.120 - 130 min.
Energie1,75 - 1,95 kWh1,15 - 1,35 kWh0,95 - 1,05 kWh
Water19 - 21 liter16 - 18 liter14 - 16 liter

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)

Pagina 27: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 28

Gebruiksaanwijzing

Afwasprogramma starten

0 1. Controleer of het servies en het bestek zodanig zijn geplaatst, dat de sproeiarmen vrij kunnen draaien.

De LED-indicaties van alle programmatoetsen (en indien aanwezig van de toets voor de starttijdkeuze) branden. De LED-indicatie van eventueel aanwezige optietoetsen brandt alleen wanneer de betreffende optie is geactiveerd.

De programmaindicatie gaat branden.

3 Als u na de start van het programma een akoestisch signaal hoort, leest u dan het hoofdstuk “Wat is er aan de hand als...”.

Afwasprogramma veranderen/onderbreken/afbreken

Verander of onderbreek een lopend afwasprogramma alleen als dat echt nodig is. Nadat u het apparaat weer heeft gesloten, wordt de binnengestroomde lucht sterk verhit en zet uit. Daardoor kan water in de kuip dringen en eventueel de beveiliging tegen wateroverlast in werking stellen.

Afwasprogramma veranderen

Als u het afwasprogramma voor het sluiten van de deur van de afwasautomaat wilt veranderen, drukt u kort de toets van het nieuwe afwasprogramma in.

Als u het afwasprogramma na de start van het programma wilt veranderen, gaat u als volgt te werk:

1 Als de deur van de afwasautomaat wordt geopend, kan er hete stoom vrijkomen. Verbrandingsgevaar! Doe de deur van de afwasautomaat voorzichtig open.

0 1. Open de deur van de afwasautomaat. Het afwasprogramma stopt.

De indicatie van het gestarte afwasprogramma gaat vervolgens knipperen.

Na enkele seconden brandt alleen de indicatie van het nieuwe afwasprogramma nog.

Pagina 29

Gebruiksaanwijzing

Afwasprogramma onderbreken door het openen van de deur van de afwasautomaat.

0 1. Open de deur van de afwasautomaat. Het afwasprogramma stopt.

Afwasprogramma afbreken

0 1. Open de deur van de afwasautomaat.

De LED-indicaties van alle programmatoetsen die u nu kunt kiezen branden.

Starttijdkeuze instellen of veranderen

Met de starttijdkeuze kunt u instellen of een afwasprogramma over 3, 6 of 9 uur moet beginnen.

Starttijdkeuze instellen:

0 1. Open de deur van de afwasautomaat.

De LED-indicaties van alle programmatoetsen (en indien aanwezig van de toets voor de starttijdkeuze) branden. De LED-indicatie van eventueel aanwezige optietoetsen brandt alleen wanneer de betreffende optie is geactiveerd.

De LED-indicatie van het gekozen afwasprogramma en de indicatie naast het aantal uren branden.

Na het verstrijken van de ingestelde uren start het afwasprogramma automatisch.

Starttijdkeuze veranderen:

Zolang het afwasprogramma nog niet is begonnen, kunt u de ingestelde starttijdkeuze nog veranderen door te drukken op de toets Y.

29

Pagina 30

Gebruiksaanwijzing

Starttijdkeuze uitschakelen:

Zolang het afwasprogramma nog niet is begonnen, kunt u de starttijdkeuze uitschakelen. Druk de toets Y net zo vaak in tot er geen enkele van de drie urenindicaties meer brandt. Het gekozen afwasprogramma begint gelijk na het sluiten van de deur van de afwasautomaat.

Afwasprogramma veranderen na starttijdkeuze: Zolang het afwasprogramma nog niet is begonnen, kunt u het afwasprogramma nog veranderen door te drukken op een programmatoets.

0 1. Druk op de toets van het nieuwe afwasprogramma en houd deze ingedrukt.

De indicatie van het reeds gekozen afwasprogramma gaat vervolgens knipperen.

Na enkele seconden brandt alleen de indicatie van het nieuwe afwasprogramma nog.

Na het verstrijken van de ingestelde uren start het afwasprogramma automatisch.

Beladingsherkenning – AUTOMATIC

Als u een programma start, terwijl er in de bovenste en/of onderste korf maar weinig servies staat, past een intelligente elektronica de hoeveelheid water en de duur van het programma aan de hoeveelheid servies aan. Daardoor kunt u ook weinig servies snel en economisch afwassen. Bij halve belading (6 standaardcouverts) bespaart u zo’n 2 liter water en 0,2 kWh stroom.

Pagina 31

Gebruiksaanwijzing

Afwasautomaat uitschakelen

Wanneer het akoestische signaal is ingeschakeld, klinkt aan het einde van het afwasprogramma een zoemtoon van 15 seconden.

Als de deur van de afwasautomaat niet wordt geopend, dan wordt het signaal na 3 minuten en na 6 minuten herhaald.

1 Als de deur direct na het einde van het programma wordt geopend, kan er hete stoom vrijkomen. Daarom:

0 1. Doe de deur voorzichtig open.

De indicaties doven.

3 Machine uitruimen

Pagina 32

Gebruiksaanwijzing

Onderhoud en reiniging

1 In geen geval onderhoudsmiddelen voor meubels of agressieve reinigingsmiddelen gebruiken.

Reiniging van de zeven

3 De zeven moeten regelmatig worden gecontroleerd en gereinigd. Vervuilde zeven beïnvloeden het afwasresultaat.

Pagina 33

Gebruiksaanwijzing

1 Zonder zeven mag de afwasautomaat onder geen enkele voorwaarde worden gebruikt.

Reiniging van de sproeikoppen van de sproeiarmen

De sproeikoppen van de sproeiarmen regelmatig op verstopping controleren. Als een reiniging vereist is, de sproeiarm uit de bevestiging nemen en de sproeikop met een spits voorwerp reinigen (draad of naald). Aansluitend de sproeiarm met een sterke waterstraal doorspoelen.

3 De sproeikopopening niet beschadigen.

Pagina 34

Gebruiksaanwijzing

Bovenkorf-sproeiarm

Bodem-sproeiarm

Pagina 35

Gebruiksaanwijzing

Wat is er aan de hand, als...

Aan de hand van onderstaande aanwijzingen kunt u kleine storingen aan het toestel zelf opheffen. Als u toch voor één van de hier vermelde storingen of vanwege foutieve bediening onze service-afdeling inschakelt, wordt dit bezoek ook tijdens de garantietermijn niet door onze garantiebepalingen gedekt.

...storingsmeldingen worden aangegeven.

Wanneer uw apparaat is uitgerust met een lichtsignaal op de vloer, dan knippert bij alle foutmeldingen een puntvormig lichtsignaal op de vloer.

3

Storingen worden alleen akoestisch gemeld wanneer de signaaltoon is ingeschakeld.

Als er indicaties knipperen of branden op het bedienings- en indicatiepaneel en/of als u signaaltonen hoort die in de onderstaande tabel zijn beschreven, kunt u de fout eventueel zelf oplossen:

StoringMogelijke oorzaakOplossing
Er is 1 kort waarschuwingssignaal te horen, dat doorlopend herhaald wordt, het programmalampje van het gekozen programma knippert, de indicatie voor het einde van het afwasprogramma knippert steeds eenmaal: er stroomt geen water in de afwasautomaat.De waterkraan is verstopt of verkalkt.Kraan reinigen
De waterkraan is dicht.Kraan opendraaien.
Zeefje (indien aanwezig) in de slangaansluiting van de kraan is verstopt.Zeefje in de slangaansluiting reinigen.
De zeven in de kuipbodem zijn verstopt.Breek het programma af (zie hoofdstuk: Vaatwasprogramma starten), reinig de zeven (zie hoofdstuk: Reiniging van de zeven). Start vervolgens het vaatwasprogramma opnieuw.
Watertoevoerslang ligt niet goed.Ligging van de slang controleren.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)

Pagina 36

Gebruiksaanwijzing

StoringMogelijke oorzaakOplossing
Er zijn 2 korte waarschuwingssignalen te horen, die doorlopend herhaald worden, het programmalampje van het gekozen programma knippert, de indicatie voor het einde van het afwasprogramma knippert steeds tweemaal.De sifon is verstopt.Sifon reinigen.
Waterafvoerslang ligt niet goed.Ligging van de slang controleren.
Er zijn 3 korte waarschuwingssignalen te horen, die doorlopend herhaald worden, de indicatie voor het einde van het afwasprogramma knippert steeds driemaal.De beveiliging tegen wateroverlast is in werking getreden.Waterkraan dichtdraaien en contact opnemen met de servicedienst.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)

Nadat de storing met 1 of 2 waarschuwingssignalen is opgelost, drukt u de toets van het gestarte afwasprogramma in. Het afwasprogramma gaat verder.

Als de storing opnieuw wordt aangegeven, neem dan contact op met de servicedienst.

Neem bij alle andere storingen die worden aangegeven contact op met de servicedienst en vermeld de storingscode (zie hoofdstuk Klantenservice).

3

Pagina 37

Gebruiksaanwijzing

...er problemen zijn bij het gebruik van de afwasautomaat.

StoringMogelijke oorzaakOplossing
Het programma begint niet.De machinedeur is niet goed gesloten.Deur sluiten.
De stekker zit niet in het stopcontact.Stekker in het stopcontact steken.
Zekering in de huisinstallatie is niet in orde.Zekering vervangen.
Bij modellen met starttijdkeuze:
U hebt een starttijd gekozen.
Als het servies direct moet worden afgewassen, starttijd annuleren.
In de kuip zijn roestvlekken zichtbaar.De kuip is van roestvrij staal. Roestvlekken zijn een gevolg van vreemd roest (roestdeeltjes uit de waterleiding, van pannen, bestek enz.). Verwijder zulke vlekken met een speciaal reinigingsmiddel.Alleen geschikt bestek en servies afwassen.
Deksel van het zoutreservoir stevig vastdraaien.
Fluitend geluid bij het afwassen.Het fluiten kan geen kwaad.Ander merk reinigingsmiddel gebruiken.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)

...het afwasresultaat niet bevredigend is.

Het servies wordt niet schoon.

Het servies is niet droog en glanst niet.

Op glazen en servies zijn vegen, strepen, melkachtige vlekken of blauwachtige aanslag te zien.

37

Pagina 38

Gebruiksaanwijzing

Op glazen en servies zijn opgedroogde waterdruppels te zien.

Technische gegevens

capaciteit:12 standaardcouverts inclusief dienbestek
toelaatbare waterdruk:1-10 bar (=10-100 N/cm2 = 0.1-1.0 MPa)
elektrische aansluiting:Gegevens over de elektrische aansluiting vindt u op het typeplaatje aan de rechter binnenrand van de deur.
Afwasautomaten: vrijstaande toestellen
afmetingen:850 x 598 x 598 (h x b x d in mm)
max. gewicht:54 kg
Geïntegreerde en onderbouwtoestellen
afmetingen:820 – 880 x 596 x 570 (h x b x d in mm)
max. gewicht:50 kg
Volledig geïntegreerde toestellen
afmetingen:820 – 880 x 596 x 546 (h x b x d in mm)
max. gewicht:50 kg

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)

; Dit toestel voldoet aan de volgende EU-richtlijnen:

Pagina 39

Gebruiksaanwijzing

Aanwijzingen voor testinstituten

De test volgens EN 60704 moet bij volle belading met het testprogramma (zie programmatabel) worden uitgevoerd.

De tests volgens EN 50242 moeten met vol zoutreservoir van de waterontharder, met vol voorraadreservoir voor glansmiddel en met het testprogramma (zie programmatabel) worden uitgevoerd.

Volle belading:Halve belading:
12 standaardcouverts incl. dienbestek6 standaardcouverts incl. dienbestek, elke tweede plek vrijlaten
Dosering reinigingsmiddel:5 g + 25 g (type B)20 g (type B)
Glansmiddelinstelling:4 (type III)4 (type III)

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 39)

Beladingsvoorbeelden: bovenste korf *

*) Eventueel de aan de linkerkant beschikbare kopjesrekken evenals de eventueel beschikbare bestekhouder verwijderen.

onderste korf met bestekkorf * bestekkorf

*) Eventueel de aan de linkerkant beschikbare kopjesrekken evenals de eventueel beschikbare bierglashouder verwijderen.

Pagina 40

Opstel- en aansluitaanwijzing

OPSTEL- EN AANSLUITAANWIJZING

Opstellen van de afwasautomaat

Pagina 41: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 42

Opstel- en aansluitaanwijzing

Aansluiten van de afwasautomaat

Wateraansluiting

De machine is uitgerust met veiligheidsvoorzieningen die verhinderen dat spoelwater in het drinkwaternet kan terugstromen en voldoen aan de betreffende watertechnische veiligheidsvoorschriften.

Toelaatbare waterdruk

Minimaal toelaatbare waterdruk: 1 bar (=10 N/cm2 =100 kPa)Als de waterdruk lager dan 1 bar is, dient u uw installateur te raadplegen.
Maximaal toelaatbare waterdruk: 10 bar (=100 N/cm2 =1 MPa)Bij meer dan 10 bar waterdruk moet een reduceerventiel worden geïnstalleerd (verkrijgbaar bij de vakhandel)

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 42)

Toevoerslang aansluiten

1 De toevoerslang mag bij het aansluiten niet geknikt, platgedrukt of ineengestrengeld zijn.

0 Toevoerslang met de slangkoppeling (ISO 228-1:2000) aan een waterkraan met buitenschroefdraad (3/4") aansluiten. De toevoerslang is uitgerust met een kunststof of metalen aansluitmoer.

Vervolgens visueel op lekken controleren (controleren of de kraan niet druppelt).

3

Pagina 43

Opstel- en aansluitaanwijzing

3 Het volgende hoofdstuk geldt alleen voor afwasautomaten die op de slangkoppeling naar de waterkraan een veiligheidsventiel hebben:

Toevoerslang met veiligheidsventiel

Na het aansluiten van de dubbelwandige toevoerslang bevindt het veiligheidsventiel zich direct bij de waterkraan. Daarom staat de toevoerslang alleen gedurende de watertoevoer onder druk. Gaat de toevoerslang daarbij lekken, dan onderbreekt het veiligheidsventiel de watertoevoer en schakelt de afvoerpomp van de afwasautomaat in.

1 Let bij het aanleggen van de toevoerslang op de volgende punten:

Pagina 44

Opstel- en aansluitaanwijzing

Waterafvoer

Afvoerslang

1 De afvoerslang mag niet geknikt, platgedrukt of ineengestrengeld zijn.

Verlengslangen

Sifonaansluiting

Waterafvoer in een gootsteen (alleen mogelijk bij vrijstaande toestellen)

Als u de afvoerslang in een gootsteen wilt hangen, moet u een slanghouder gebruiken. Deze is te bestellen bij onze service-afdeling. 0 1. Slanghouder op de afvoerslang steken.

Pagina 45

Opstel- en aansluitaanwijzing

Beveiliging tegen wateroverlast

Ter voorkoming van schade door wateroverlast is de afwasautomaat uitgerust met een beveiliging tegen wateroverlast.

Bij storingen onderbreekt het veiligheidsventiel in het apparaat direct de watertoevoer en wordt de afvoerpomp ingeschakeld. Hierdoor kan het water niet naar buiten stromen of overlopen. Restwater dat zich in het apparaat bevindt wordt automatisch weggepompt.

Wanneer het apparaat is ingeschakeld, is bij storingen tevens een zoemtoon hoorbaar.

Elektrische aansluiting

1 Volgens de voorwaarden van de elektriciteitsbedrijven mag een vaste aansluiting aan het elektriciteitsnet alleen door een erkend elektroinstallateur worden uitgevoerd.

Bij de aansluiting moet aan de algemeen en plaatselijk geldende voorschriften van het elektriciteitsbedrijf strikt de hand worden gehouden. Na de inbouw mogen volgens EN 60335/DIN VDE 0700 spanning voerende onderdelen en geïsoleerde leidingen niet aanraakbaar zijn. Gegevens voor de elektrische aansluiting vindt u op het typeplaatje op de rechter binnenrand van de deur. Als het toestel omschakelbaar is uitgevoerd, dient u zich bovendien aan de aanwijzingen op het omschakelschema te houden dat zich in de snoeraansluitdoos bevindt. Controleer vóór het aansluiten, of de op het typeplaatje aangegeven netspanning en stroomsoort overeenkomen met netspanning en stroomsoort op de plaats van opstelling. Op het typeplaatje vindt u ook de vereiste zekering.

Om de afwasautomaat van het net te scheiden, stekker uit het stopcontact trekken.

Attentie: de stekker moet na opstelling van het apparaat bereikbaar blijven.

Is het toestel d.m.v. een vaste aansluiting met het net ver-bonden, dan moet het door maatregelen in de installatie met een inrichting die alle polen (N, L1) onderbreekt (bijv. aardlekschakelaar) met een contactopening van > 3 mm van het net worden gescheiden.

Pagina 46

Opstel- en aansluitaanwijzing

Aansluittechniek

Toevoer- en afvoerslang en aansluitsnoer moeten aan de zijkant van de machine worden aangesloten, omdat daarvoor achter het toestel geen plaats is.

Het hier gegeven voorbeeld van water- en elektrische installatie is slechts een richtlijn, omdat de situatie ter plaatse van opstelling (aanwezige aansluitingen, plaatselijke en algemeen geldende aansluitvoorschriften) maatgevend is.

2 aansluitstukken 45° of recht, dubbele uitwendig Ø 19 mm, lengte 30 mm waterkraan waterafvoer watertoevoer

aansluit-

water- aansluit- water- elektrische aansluiting toevoer snoer afvoer

snoer

Pagina 47

Klantenservice

KLANTENSERVICE

Als u vragen hebt waar deze gebruiksaanwijzing geen antwoord op geeft, kunt u contact opnemen met ATAG.

Belangrijk!

Houd bij het opgeven van een storing altijd het type nummer - en S-nummer van uw toestel bij de hand. Deze nummers vindt u op het typeplaatje (op de rechter binnenrand van de deur) en kunt u het beste hieronder en voorop deze gebruiksaanwijzing noteren.

Type Nummer .................................................................................................................................

S-No .................................................................................................................................

Aan de hand van deze nummers kan onze service-afdeling de juiste voorbereidingen treffen, zodat de machine bij het eerste bezoek van de servicetechnicus weer hersteld kan worden. Op deze manier hoeft u slechts één maal thuis te blijven.

← pagina's 2–16Inhoud