Bosch CSG656RB7, tekst van de handleiding
Pagina's 40–51 van 52 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 40
nl Zo lukt het
| BE | BG | CZ | DK | DE | EE | IE | el | ES |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| FR | HR | IT | CY | LI | LV | LT | LU | HU |
| MT | NL | AT | PL | PT | RO | SI | SK | FI |
| SE | NO | CH | TR | IS | UK (NI) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 40)
| 5 GHz WLAN (WiFi): alleen voor het gebruik binnenshuis. | ||||
| AL GA MD ME | MK | RS | UK | UA |
| 5 GHz WLAN (WiFi): alleen voor het gebruik binnenshuis. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 40)
29 Zo lukt het
Voor verschillende gerechten vindt u hier de bijpassende instellingen alsmede de beste accessoires en vormen. Wij hebben het advies optimaal op uw apparaat afgestemd.
29.1 Algemene aanwijzingen voor de bereiding
Houd deze informatie aan bij het bereiden van alle gerechten.
- Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de hoeveelheid en het recept. Daarom zijn er instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden.
- De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst. Schuif de accessoire pas na het voorverwarmen in de binnenruimte.
- Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruimte.
29.2 Aanwijzingen voor het bakken
- Voor het bakken van taart, gebak of brood zijn donkere bakvormen van metaal het beste geschikt.
- Gebruik voor ovenschotels en gegratineerde gerechten een platte, brede vorm. In een smalle, hoge vorm hebben de gerechten meer tijd nodig en worden donkerder aan de bovenkant.
- Bakvormen van silicone zijn niet geschikt.
- Wanneer u de ovenschotel direct in de braadslede bereidt, schuif deze er dan op niveau 1 in.
- De instelwaarden voor brooddeeg gelden zowel voor deeg op de bakplaat als voor deeg in een rechthoekige vorm.
LET OP!
Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat er waterdamp. Door de temperatuurverandering kan er schade optreden.
- Giet nooit water in de hete binnenruimte.
- Zet nooit servies met water op de bodem van de binnenruimte.
Inschuifhoogtes
Bakt u op één niveau, gebruik dan inschuifhoogte 1.
| Bakken op 2 niveaus | Hoogte |
|---|---|
| Braadslede Bakplaat | 3 1 |
| Twee roosters met vormen erop | 3 1 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 40)
Gebruik de verwarmingsmethode 4D hete lucht.
Opmerkingen
- Gebak op bakplaten of in vormen die gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeft niet op hetzelfde moment klaar te zijn.
- Bereiden met stoom is slechts op één niveau mogelijk.
29.3 Aanwijzingen voor de bereiding bij braden, stoven en grillen
- Het insteladvies geldt voor braadproducten op koelkasttemperatuur alsmede voor ongevuld braadklaar gevogelte.
- Leg het gevogelte met de borstzijde of met de kant van het vel naar beneden op de vorm.
- Keer het braad- of grillproduct of hele vis na ca. ½ tot ⅔ van de aangegeven tijd.
- Met de braadthermometer kunt u exact bereiden.
Houd de belangrijke informatie aan voor het juiste gebruik. → Pagina 20
Braden op het rooster
Op het rooster wordt vlees van alle kanten bijzonder knapperig. Braad bijvoorbeeld groot gevogelte of meerdere stukken tegelijkertijd.
- Braad de stukken van gelijk gewicht en gelijke dikte. De grillstukken bruinen gelijkmatig en blijven lekker mals.
- Leg de te braden stukken vlees rechtstreeks op het rooster.
- Schuif om afdruipende vloeistof op te vangen, de braadslede met opgelegd rooster een niveau onder de aangegeven inschuifhoogte in de binnenruimte.
- Giet afhankelijk van de grootte en het soort product tot ½ liter water in de braadslede.
Van dit opgevangen braadvocht kunt u een saus bereiden. Er ontstaat dan ook minder rook en de binnenruimte wordt minder verontreinigd.
Braden in vormen
Bij de bereiding in gesloten vormen blijft de binnenruimte schoner.
Algemene richtlijnen voor braden in vormen
- Gebruik hittebestendige vormen die geschikt zijn voor de oven.
- Plaats de vorm op het rooster.
- Vormen van glas zijn het meest geschikt.
- Houd de aanwijzingen van de fabrikant van de braadvorm aan.
Pagina 41
Zo lukt het nl
Braden in open vormen
- Gebruik een hoge braadvorm.
- Wanneer u geen geschikte vorm heeft, kunt u de braadslede gebruiken.
Braden in gesloten vormen
- Gebruik een passend, goed sluiten deksel.
- Bij vlees moet er tussen het te braden product en het deksel minimaal 3 cm afstand zijn. Het vlees kan tijdens de bereiding uitzetten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Bij het openen van het deksel na het bereiden kan zeer hete stoom ontsnappen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.
- Til het deksel zo op, zodat de hete stoom weg van het lichaam kan ontsnappen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Grillen
Grill de gerechten die knapperig moeten worden.
- Grill grillstukken van vergelijkbaar gewicht en vergelijkbare dikte. De grillstukken bruinen gelijkmatig en blijven lekker mals.
- Leg de te grillen stukken rechtstreeks op het rooster.
- Schuif om afdruipende vloeistof op te vangen, de braadslede minstens één niveau onder het rooster in de binnenruimte.
Opmerkingen
- Het grillelement wordt steeds weer in- en uitgeschakeld. Dit is normaal. De frequentie hangt af van de ingestelde grillstand.
- Bij het grillen kan rook ontstaan.
29.4 Stomen
Gerechten voorzichtig bereiden. Het product blijft bijzonder mals.
In tegenstelling tot bereiding met stoom, krijgt het vlees geen korst.
- Gebruik open, hitte- en stoombestendige vormen.
- De stoombak met gaatjes, maat XL, is het meest geschikt. Om afdruipende vloeistof op te vangen, schuift u de braadslede een niveau lager er onder in de binnenruimte.
U kunt ook een glazen schaal gebruiken en deze op het rooster plaatsen.
- Dek levensmiddelen die gewoonlijk au-bain-marie worden bereid met folie af, bijv. met vershoudfolie.
- U hoeft het voedsel niet te keren.
- Als smaakvariatie kunt u vlees, gevogelte of vis vóór het stomen aanbraden. Verkort de bereidingsduur.
- Voor grotere stukken is een langere opwarmtijd en een langere bereidingsduur nodig.
- Wanneer u meerdere stukken gebruikt die even zwaar zijn, dan verlengt het apparaat de opwarmtijd.
De bereidingsduur blijft gelijk.
- In het belangrijkste deel van de gebruikershandleiding vindt u informatie, hoe u de stoomfunctie instelt.
→ " Stoom", Pagina 17
Groente op verschillende niveaus
Op 2 niveaus kunt u uitstekend meerdere gerechten of hele menu's bereiden, bijv. broccoli en aardappelen.
Rijst of graan
- Voeg water of vloeistof in de aangegeven verhouding toe.
Zo betekent bijvoorbeeld: 1:1,5 = per 100 g rijst 150 ml vloeistof toevoegen.
29.5 Bereiding van diepvriesproducten
- Gebruik geen sterk met ijs bedekte diepvriesproducten.
- IJs verwijderen.
- Diepvriesproducten zijn ten dele ongelijkmatig voorgebakken. De ongelijkmatige bruine kleur blijft ook na het bakken bestaan.
29.6 Bereiding van kant-en-klare voedingsproducten
- Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen.
- Gebruik een hittebestendige vorm wanneer u het kant-en-klaar gerecht in een vorm bereidt.
29.7 Selectie van gerechten
Insteladvies voor talrijke levensmiddelen gesorteerd op categorie.
Insteladvies voor verschillende gerechten
Gerecht Accessoires / vor- Hoogte Stoomin- Tijdsduur in men tensiteit min.
Verwar- Temperatuur in mingsme- °C thode → Pagina 9
Cake, fijn Langwerpige bak- 1 150 - 170 - 60 - 80 vorm
1 Het apparaat voorverwarmen.
2 Giet aan het begin ca. 100 ml vloeistof in de vorm. De watertank moet tijdens het gebruik worden nagevuld.
3 Het gerecht na 2/3 van de totale tijd keren.
Pagina 42
nl Zo lukt het
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode → Pagina 9 | Temperatuur in °C | Stoomintensiteit | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Vruchten- of kwarktaart met bodem van zandtaartdeeg | Springvorm Ø 26 cm | 1 | 170 - 180 | - | 60 - 80 | |
| Biscuittaart, 6 eieren | Springvorm Ø 28 cm | 1 | 150 - 170 ¹ | - | 30 - 50 | |
| Biscuittaart, 6 eieren | Springvorm Ø 28 cm | 1 | 1. 150-160 2. 150-160 | 01 0 | 1. 10 2. 25 - 35 | |
| Biscuittaart, 6 eieren | Springvorm Ø 28 cm | 1 | 150 - 160 | - | 50 - 60 | |
| Zandtaartdeeggebak met vochtige bedekking | Braadslede | 1 | 160 - 180 | - | 60 - 80 | |
| Gebak van gistdeeg met vochtige bedekking | Braadslede | 1 | 180 - 200 | - | 30 - 45 | |
| Muffins | Muffinplaat | 1 | 170 - 190 | - | 15 - 30 | |
| Klein gebak van gistdeeg | Bakplaat | 1 | 160 - 170 | - | 30 - 40 | |
| Klein gebak van gistdeeg | Bakplaat | 1 | 160 - 180 | 02 | 25 - 35 | |
| Koekjes | Bakplaat | 2 | 140 - 160 | - | 15 - 30 | |
| Koekjes, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 130 - 150 | - | 20 - 35 | |
| Brood, op de plaat 750 g | Braadslede of Langwerpige bakvorm | 1 | 1. 210 - 220 ¹ 2. 180 - 190 | - | 1. 10 - 15 2. 25 - 35 | |
| Brood, op de plaat 750 g | Braadslede of Langwerpige bakvorm | 1 | 1. 210 - 220 2. 180 - 190 | 03 0 | 1. 10-15 2. 25-35 | |
| Brood, op de plaat 1500 g | Braadslede of Langwerpige bakvorm | 1 | 1. 210 - 220 ¹ 2. 180 - 190 | - | 1. 10 - 15 2. 40 - 50 | |
| Brood, op de plaat 1500 g | Braadslede of Langwerpige bakvorm | 1 | 1. 210 - 220 2. 180 - 190 | 03 0 | 1. 10-15 2. 45-55 | |
| Brood, op de plaat 1500 g | Langwerpige bakvorm | 1 | 200 - 210 | - | 35 - 45 | |
| Plat rond brood | Braadslede | 2 | 220 - 230 | 03 | 20-30 | |
| Broodjes, vers | Bakplaat | 1 | 180 - 200 | - | 25 - 35 | |
| Broodjes, vers | Bakplaat | 1 | 200 - 220 | 02 | 20 - 30 | |
| Pizza, vers | Bakplaat | 1 | 200 - 220 | - | 20 - 30 | |
| Pizza, vers, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 180 - 200 | - | 35 - 45 | |
| Pizza, vers, dunne bodem, in pizzavorm | Pizzaplaat | 1 | 210 - 230 | - | 20 - 30 | |
| Flammkuchen | Braadslede | 1 | 280 - 300 ¹ | - | 8 - 18 | |
| Flammkuchen | Braadslede | 1 | 200 - 220 ¹ | 02 | 15 - 25 | |
| Ovenschotel, hartig, gegaarde ingrediënten. | Ovenschaal | 1 | 200 - 220 | - | 35 - 55 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 42)
1 Het apparaat voorverwarmen.
2 Giet aan het begin ca. 100 ml vloeistof in de vorm. De watertank moet tijdens het gebruik worden nagevuld.
3 Het gerecht na 2/3 van de totale tijd keren.
Pagina 43
Zo lukt het nl
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode → Pagina 9 | Temperatuur in °C | Stoomintensiteit | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Ovenschotel, hartig, gegaarde ingrediënten. | Ovenschaal | 1 | 160 - 170 | 02 | 40 - 50 | |
| Aardappelgratin, rauwe ingrediënten, 4 cm hoog | Ovenschaal | 1 | 170 - 180 | - | 50 - 65 | |
| Kip, 1 kg, ongevuld | Rooster | 1 | 200 - 220 | - | 60 - 70 | |
| Kip, 1 kg, ongevuld | Rooster | 1 | 200-220 | 02 | 50 - 60 | |
| Kipfilet, stomen | Stoombak | 2+1 | 100 | - | 15 - 25 | |
| Kleine kipdelen, à 250 g | Rooster | 2 | 220 - 230 | - | 30 - 35 | |
| Kleine kipdelen, à 250 g | Rooster | 2 | 200 - 220 | 02 | 30 - 45 | |
| Gans, niet gevuld, 3 kg | Rooster | 1 | 160 - 180 | - | 120 - 150 | |
| Gans, niet gevuld, 3 kg | Rooster | 1 | 1. 2. 3. | 1. 130-140 2. 150-160 3. 170-180 | 02 02 0 | 1. 110 - 120 2. 20 - 30 3. 30 - 40 |
| Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kg | Rooster | 1 | 180 - 200 | - | 120 - 130 | |
| Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kg | Open vorm | 1 | 180 - 190 | 01 | 110 - 130 | |
| Gebraden varkensvlees met zwoerd, bijv. schouderstuk, 2 kg | Open vorm | 1 | 1. 2. 3. | 1. 100 2. 170-180 3. 200-210 | 01 0 | 1. 25 - 30 2. 60-80 3. 25-30 |
| Runderfilet, medium, 1 kg | Rooster | 1 | 210 - 220 | - | 40 - 50 | |
| Runderfilet, medium, 1 kg | Open vorm | 1 | 190 - 200 | 01 | 50 - 60 | |
| Gestoofd rundvlees, 1,5 kg | Gesloten vorm | 1 | 200 - 220 | - | 130 - 140 | |
| Gestoofd rundvlees, 1,5 kg ² | Open vorm | 1 | 1. 150 2. 130 | 03 02 | 1. 30 2. 120 - 150 | |
| Gestoofd rundvlees, 1,5 kg | Gesloten vorm | 1 | 200 - 220 | - | 140 - 160 | |
| Rosbief, medium, 1,5 kg | Rooster | 1 | 220 - 230 | - | 60 - 70 | |
| Rosbief, medium, 1,5 kg | Open vorm | 1 | 190 - 200 | 01 | 65 - 80 | |
| Burger, 3-4 cm hoog | Rooster | 2 | 3 | - | 25 - 35 ³ | |
| Lamsbout zonder been, medium, 1,5 kg | Rooster | 1 | 170 - 190 | - | 50 - 70 | |
| Lamsbout zonder been, medium, 1,5 kg | Open vorm | 1 | 170 - 180 | 01 | 80 - 90 | |
| Vis, gegrild, heel 300 g, bijv. forel | Rooster | 1 | 170 - 190 | - | 20 - 30 | |
| Vis, gebraden, heel 300 g, bijv. forel | Braadslede | 1 | 1. 170-180 2. 160-170 | 02 0 | 1. 15 - 20 2. 5 - 10 | |
| Vis, gestoomd, heel 300 g, bijv. forel | Stoombak | 2 | 80 - 90 | - | 15 - 25 | |
| Visfilet, ongepaneerd, gestoomd | Stoombak | 2 | 80-100 | - | 10 - 16 | |
| Bloemkool, heel, stomen | Stoombak | 2 | 100 | - | 25-35 | |
| Wortelen in plakjes stomen | Stoombak | 2 | 100 | - | 10 - 20 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 43)
1 Het apparaat voorverwarmen.
2 Giet aan het begin ca. 100 ml vloeistof in de vorm. De watertank moet tijdens het gebruik worden nagevuld.
3 Het gerecht na 2/3 van de totale tijd keren.
Pagina 44
nl Zo lukt het
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode → Pagina 9 | Temperatuur in °C | Stoomintensiteit | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Spinazie stomen | Stoombak | 2 | 100 | - | 2 - 3 | |
| Aardappels in de schil, heel | Stoombak | 2 | 100 | - | 35 - 45 | |
| Rijst met lange korrel, 1:1,5 | Vlakke vorm | 1 | 100 | - | 20 - 30 | |
| Eieren, hardgekookt | Stoombak | 2 | 100 | - | 9 - 11 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 44)
| 1 Het apparaat voorverwarmen. 2 Giet aan het begin ca. 100 ml vloeistof in de vorm. 3 Het gerecht na 2/3 van de totale tijd keren. | De watertank moet tijdens het gebruik worden nagevuld. |
| Dessert 2. 1 liter melk (3,5 % vet) op 90°C verwarmen op de kookplaat en tot 40°C laten afkoelen. Crème caramel of Crème brûlée maken Bij houdbare melk is het verwarmen tot 40°C vol- 1. Maak de massa voor de crème volgens uw recept. doende. 2. Vul de vormpjes tot 2-3 cm hoog met het mengsel. 3. 150 g yoghurt op koelkasttemperatuur door de 3. Plaats de vormpjes in de stoombak met gaatjes, melk roeren. maat XL. 4. De massa in kleinere vormen gieten, bijv. in kopjes 4. Dek levensmiddelen die gewoonlijk au-bain-marie of kleine glazen. worden bereid met folie af, bijv. met vershoudfolie. 5. De vormen met folie afdekken, bijv. met vershoudfo- 5. Stel het apparaat in overeenkomstig het instelad- lie. vies. 6. Plaats de vormen op de bodem van de binnenruim- 6. Verleng de bereidingstijd bij vormpjes van zeer dik te. materiaal. 7. Stel het apparaat in overeenkomstig het instelad-Yoghurt maken vies. 8. Laat de yoghurt na de bereiding minimaal 12 uur 1. De accessoires en de rekjes uit de binnenruimte ne-lang rusten in de koelkast. men. Insteladvies voor desserts en compote | |
| Gerecht Accessoires / vormen | Hoogte Verwar- Temperatuur in Tijdsduur in mingsme- °C / bereidings- min. thode stand → Pagina 9 |
| Crème brûlée Portievormen | 1 85 20 - 30 |
| Crème caramel Portievormen | 1 85 25 - 35 |
| Gestoomde pasta Braadslede | 1 100 25-30 |
| Yoghurt Portievormen | Bodem van 35 - 40 300 - 360 de binnenruimte |
| Rijstepap, 1:2,5 Braadslede | 1 100 35-45 |
| Vruchtencompote Braadslede | 1 100 10 - 20 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 44)
29.8 Bijzondere bereidingswijzen en andere toepassingen
Informatie en insteladvies over bijzondere bereidingswijzen en andere toepassingen, bijv. langzaam garen of inkoken.
Langzaam garen
Bereid fijn vlees, bijv. zachte delen van rund, kalf, varken, lam, of gevogelte, langzaam bij lage temperatuur.
Gevogelte of vis langzaam garen
Opmerking: Een starttijdvoorkeuze met eindtijd is bij de verwarmingsmethode langzaam garen niet mogelijk.
Vereiste: De binnenruimte is koud.
- 1. Gebruik vers en hygiënisch perfect vlees, zonder bot.
- 2. De vorm op het rooster op niveau 1 in de binnenruimte plaatsen.
- 3. De binnenruimte en de vorm ca. 15 minuten voorverwarmen.
- 4. Het vlees op de kookplaat van alle kanten zeer heet aanbraden.
- 5. Het vlees direct op de voorverwarmde vorm in de binnenruimte van de oven doen.
Houd om ervoor te zorgen dat het klimaat in de binnenruimte gelijk blijft, de deur van de oven tijdens het langzaam garen gesloten.
- 6. Verwijder na het langzaam garen het vlees uit de binnenruimte.
Pagina 45
Zo lukt het nl
Insteladvies voor langzaam garen
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Aanbraadduur in min. | Verwarmingsmethode → Pagina 9 | Temperatuur in °C | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Eendenborst, rosé à 300 g | Open vorm | 1 | 6 - 8 | 95 ¹ | 45 - 60 | |
| Varkenshaas, heel | Open vorm | 1 | 4 - 6 | 85 ¹ | 45 - 70 | |
| Runderfilet, 1 kg | Open vorm | 1 | 4 - 6 | 85 ¹ | 90 - 120 | |
| Kalfsmedaillons, 4 cm dik | Open vorm | 1 | 4 | 80 ¹ | 40 - 60 | |
| Lamsrack, zonder been, à 200 g | Open vorm | 1 | 4 | 85 ¹ | 30 - 45 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 45)
1 Het apparaat voorverwarmen.
Desinfecteren en hygiëne
Ontsmet onberispelijk, hittebestendig servies of babyflesjes. Deze manier komt overeen met de gebruikelijke wijze van uitkoken.
Flesjes ontsmetten
- 1. Reinig de flesjes altijd direct na het drinken met de flessenborstel.
- 2. Reinig de flesjes in de vaatwasser.
- 3. Zet de flesjes zó in de stoombak, maat XL, dat ze elkaar niet raken.
- 4. Start het programma "Desinfecteren".
- 5. Neem het apparaat na het desinfecteren van binnen af.
- 6. Droog de flesjes af met een schone doek.
Insteladvies voor hygiëne
Gerecht Accessoires / vor- Hoogte men
Jam- of inmaakglazen Stoombak, maat XL 1 voorbereiden
Jampotten nabehandelen Stoombak, maat XL 1
Schone vorm kiemvrij Stoombak, maat XL 1 maken
Deeg laten rijzen
Laat deeg altijd in 2 stappen rijzen: eenmaal als het hele deegvolume (1. - al het deeg) en een tweede maal in porties (2. - individueel rijzen).
Vereiste: De binnenruimte is koud.
- 1. Deeg laten rijzen:
‒ Schuif het rooster in de binnenruimte.
‒ Plaats het deeg in een hittebestendige kom op het rooster.
| Verwar- Temperatuur in mingsme- °C thode | Stoomintensiteit | Tijdsduur in min. |
| → Pagina 9 | ||
| 100 | - | 10-15 |
| 100 | - | 15-20 |
| 100 | - | 15-20 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 45)
‒ Stel het apparaat in overeenkomstig het insteladvies.
‒ Open tijdens het rijzen de apparaatdeur niet omdat er anders vocht ontsnapt.
- 2. Individueel rijzen:
‒ Het deeg verder verwerken en in de uiteindelijk bakvorm doen.
‒ Schuif het deeg op de aangegeven inschuifhoogte in de oven.
- 3. Veeg vóór het bakken de binnenruimte droog.
Insteladvies voor het laten rijzen van deeg
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte |
|---|---|---|
| vetrijk deeg, bijv. Panettone | Schotel op rooster | 1. 1 |
| Vorm op rooster | 2. 1 | |
| Witbrood | Schotel op rooster | 1. 1 |
| Braadslede | 2. 1 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 45)
| Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C Tijdsduur in min. |
| → Pagina 9 | |
| 1. | 1. 40-45 1. 40-90 |
| 2. | 2. 40-45 2. 30-60 |
| 1. | 1. 35 - 40 1. 30 - 40 |
| 2. | 2. 35 - 40 2. 15 - 25 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 45)
Ontdooien
Ontdooi diepvriesproducten met uw apparaat.
Pagina 46
nl Zo lukt het
Aanwijzingen voor het ontdooien
- De stoomfunctie is geschikt voor het ontdooien van diepvries fruit en groente.
- Gebruik voor het ontdooien van gebak verwarmingsmethode 4D‑hetelucht.
- Gevogelte, vlees en vis kunt u beter in de koelkast ontdooien.
- Neem het diepvriesproduct uit de verpakking om te ontdooien.
- Accessoires / vormen:
- Doe diepvriesfruit en -groente in de stoombak maat XL. Plaats om afdruipende vloeistof op te vangen, de braadslede een niveau daaronder.
- Doe diepvriesproducten, waarbij de vloeistof in het product moet blijven, in de braadslede of in een vorm op het rooster, bijv. diepvriesspinazie.
- Plaats het gebak op het rooster.
- De insteladviezen gelden voor gerechten met diepvriestemperatuur (-18 °C).
Regenereren
Warm gerechten behoedzaam op met gebruik van stoom. De gerechten smaken en zien eruit als vers klaargemaakt. U kunt ook bakproducten van de vorige dag opbakken.
Aanwijzingen voor het regenereren
- Gebruik open, hitte- en stoombestendige vormen.
- Gebruik een platte, brede vorm. Door een koude vorm duurt het regenereren langer.
- Plaats de vorm op het rooster.
- Leg het voedsel, dat u niet in de vorm bereidt, direct op het rooster op niveau 1 , bijv. broodjes.
- Dek het voedsel niet af.
- Open tijdens het regenereren de deur van de binnenruimte niet, omdat er veel stoom ontsnapt.
- Veeg de binnenruimte na het regenereren droog.
Insteladvies voor het regenereren
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode → Pagina 9 | Temperatuur in °C | Stoomintensiteit | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Pizza, gebakken | Rooster | 1 | 170 - 180 ¹ | - | 5 - 15 | |
| Broodjes, baguette, gebakken | Rooster | 1 | 160 - 170 ¹ | - | 10 - 20 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 46)
1 Het apparaat voorverwarmen.
Warmhouden
Aanwijzingen voor het warmhouden
- Voorkom condensvorming wanneer u de verwarmingsmethode "Warmhouden" gebruikt. U hoeft de binnenruimte niet af te nemen.
- Dek het voedsel niet af.
- Houd voedsel niet langer dan 2 uur warm.
- Houd er rekening mee dat vele gerechten bij het warmhouden verder garen.
De verschillende standen voor de stoomtoevoer zijn geschikt voor het warmhouden van:
- Stand 1: braadstukken en kort gebraden producten
- Stand 2: ovenschotels en bijgerechten
- Stand 3: eenpansgerechten en soepen
29.9 Testgerechten
De informatie in dit deel is bedoeld voor testinstituten, om het testen van het apparaat conform EN 60350-1 te vergemakkelijken.
Bakken
- De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst.
- Neem de aanwijzingen voor het voorverwarmen in het insteladvies in acht. De instelwaarden gelden zonder snel voorverwarmen.
- Gebruik bij het bakken eerst de laagste opgegeven temperatuur.
- Gebak op bakplaten of in vormen die gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeft niet op hetzelfde moment klaar te zijn.
- Inschuifhoogtes bij het bakken op 2 niveaus:
- Braadslede, hoogte 3
Bakplaat: hoogte 1
- Biscuitgebak
- Wanneer u op 2 niveaus bakt, de springvormen diagonaal boven elkaar op het rooster plaatsen.
Pagina 47
Zo lukt het nl
Insteladvies voor bakken
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode → Pagina 9 | Temperatuur in °C | Stoomintensiteit | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Spritskoekjes | Bakplaat | 1 | 150 - 160 ¹ | - | 25 - 40 | |
| Spritskoekjes | Bakplaat | 1 | 140 - 150 ¹ | - | 25 - 40 | |
| Sprits, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 140 - 150 ¹ | - | 30 - 40 | |
| Kleine cakes | Bakplaat | 1 | 160 ¹ | - | 25 - 35 | |
| Kleine cakes | Bakplaat | 1 | 150 ¹ | - | 25 - 35 | |
| Kleine cakes, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 150 ¹ | - | 25 - 35 | |
| Biscuitgebak | Springvorm Ø 26 cm | 1 | 160 - 170 ² | - | 25 - 35 | |
| Biscuitgebak | Springvorm Ø 26 cm | 1 | 160 - 170 ² | - | 25 - 35 | |
| Biscuitgebak | Springvorm Ø 26 cm | 1 | 1. 150-160 2. 150-160 | 01 0 | 1. 10 2. 20 - 30 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 47)
| 1 Warm het apparaat 5 minuten voor. De functie snel voorverwarmen niet gebruiken. 2 Het apparaat voorverwarmen. De functie snel voorverwarmen niet gebruiken. | |
| Stomen Schuif de braadslede één niveau onder de bak met gaatjes maat XL, wanneer dit in het insteladvies wordt aangegeven. Inschuifhoogtes Inschuifhoogtes bij het stomen op één niveau • Gebruik maximaal 2,5 kg. Insteladvies voor stomen | • Stoombak met gaatjes, maat XL: hoogte 2 Inschuifhoogtes bij stomen op twee niveaus • Gebruik maximaal 1,8 kg per niveau. • Stoombak met gaatjes, maat XL: hoogte 3 • Stoombak met gaatjes, maat XL: hoogte 2 |
| Gerecht Accessoires / vormen | Hoogte Verwar- Temperatuur in °C Tijdsduur in mingsme- min. thode → Pagina 9 |
| Erwten, diepvries, twee bak- 2x ken Stoombak, maat XL + Braadslede | 3+2+1 100 - ¹, 2 |
| Broccoli, vers, 300 g Stoombak, maat XL | 2 100 ³ 6 - 7 ⁴ |
| Broccoli, vers, een bak Stoombak, maat XL 1 ** De controle is beëindigd wanneer op de koudste | 2 100 ³ 6 - 7 ⁴ plek 85°C is bereikt (zie IEC 60350-1). |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 47)
| 2 De test is beëindigd wanneer op de koudste plek 85°C is bereikt (zie IEC 60350-1). 3 Het apparaat voorverwarmen. 4 Een vergelijkbare mate van gaarheid tussen referentiemonster en hoofdmonster wordt bereikt wanneer het referentiemonster 5 minuten (uitgevoerd zoals beschreven in IEC 60350-1) wordt bereid. | |
| Insteladvies bij grillen | |
| Gerecht Accessoires / vor- Hoogte Verwar- Temperatuur in men mingsme- °C / grillstand thode → Pagina 9 | Tijdsduur in min. |
| Toast bruinen Rooster 3 3 | 3 - 6 |
Pagina 48
nl Montagehandleiding
30 Montagehandleiding
Houd rekening met deze informatie bij de montage van het apparaat.
30.1 Algemene montage-instructies
Neem deze aanwijzingen in acht voordat u met het inbouwen van het apparaat begint.
- Alleen als de inbouw op deskundige wijze en conform dit installatievoorschrift wordt uitgevoerd, is de veiligheid bij het gebruik gegarandeerd. De monteur is aansprakelijk voor schade als gevolg van een verkeerde inbouw.
- Het apparaat na het uitpakken controleren. Niet aansluiten in geval van transportschade.
- Voor het eerste gebruik verpakkingsmateriaal en plakfolie verwijderen uit de binnenruimte en van de deur.
- Bij de inbouw van accessoires dient u zich te houden aan de beschrijving in de montagebladen.
- Inbouwmeubels dienen bestand te zijn tegen een temperatuur tot maximaal 95°C, aangrenzende meubelfronten tot 70°C.
- Het apparaat niet inbouwen achter een decor- of meubeldeur. Er bestaat gevaar van oververhitting.
- Voer uitsnijdingswerkzaamheden aan het meubel uit voordat het apparaat wordt geplaatst. Spanen verwijderen. Deze kunnen invloed hebben op de werking van elektrische componenten.
- De contactdoos van het apparaat dient zich in het gebied van het gearceerde vlak of buiten de inbouwruimte te bevinden.
Niet-bevestigde meubels moeten met een gebruikelijke, in de handel verkrijgbare montagebeugel aan de wand worden bevestigd.
- Let er bij apparaten met een draaibaar schakelfront op dat dit bij het naar buiten komen geen aangrenzende meubels raakt.
- Draag werkhandschoenen ter voorkoming van snijwonden. Onderdelen die tijdens het inbouwen toegankelijk zijn, kunnen scherpe randen hebben.
- Maataanduidingen van de afbeeldingen in mm.
WAARSCHUWING ‒ Gevaar:
magnetisme!
In het bedieningspaneel of de bedieningselementen bevinden zich permanente magneten. Deze kunnen elektronische implantaten, zoals bijvoorbeeld pacemakers, of insulinepompen beïnvloeden.
- Dragers van elektronische implantaten dienen een afstand van minstens 10 cm tot de bedieningselementen aan te houden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adapters is gevaarlijk.
- Gebruik geen meervoudige stekkerdozen.
- Gebruik uitsluitend verlengkabels die zijn gecertificeerd, een minimale aderdiameter van 1,5 mm² hebben en die voldoen aan de geldende landelijke veiligheidsvereisten.
- Neem contact op met de service wanneer het netsnoer te kort is.
- Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters gebruiken.
LET OP!
Door het apparaat aan de deurgreep te dragen kan deze afbreken. De deurgreep houdt het gewicht van het apparaat niet.
- Het apparaat niet aan de deurgreep vasthouden of dragen.
Pagina 49
Montagehandleiding nl
30.2 Afmetingen van het apparaat
Hier vindt u de afmetingen van het apparaat.
30.3 Inbouw onder een werkblad
Neem de inbouwmaten en de inbouwvoorschriften bij de inbouw onder een werkblad in acht.
- Met het oog op de luchttoevoer van het apparaat dient het tussenschot te beschikken over een ventilatie-opening.
- Het werkblad moet aan het inbouwmeubel worden bevestigd.
- Het eventueel voorhanden installatievoorschrift van de kookplaat in acht nemen.
- Afwijkende nationale inbouwvoorschriften van de kookplaat in acht nemen.
30.4 Inbouw onder een kookplaat
wordt de
Wordt het apparaat onder een kookplaat ingebouwd, dan moeten de minimale afmetingen in acht worden genomen, eventueel inclusief onderbouw.
Op basis van de vereiste minimale afstand minimale dikte van het werkblad berekend
.
| Type kookplaat | a opbouw in mm | a vlak gemonteerd in mm | b in mm |
|---|---|---|---|
| Inductiekookplaat | 42 | 43 | 5 |
| Inductiekookplaat met doorlopend kookoppervlak | 52 | 53 | 5 |
| Gaskookplaat | 32 | 43 | 5¹ |
| Elektrische kookplaat | 32 | 35 | 2 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 49)
1 Afwijkende nationale inbouwvoorschriften van de kookplaat in acht nemen.
Pagina 50
nl Montagehandleiding
30.5 Inbouw in een hoge kast
Neem de inbouwmaten en de inbouwvoorschriften bij de inbouw in een hoge kast in acht.
- Met het oog op de luchttoevoer van het apparaat dienen de tussenschotten te beschikken over een ventilatie-opening.
- Wanneer de bovenkast naast de element-achterwanden nog een achterwand heeft, dient deze verwijderd te worden.
- Het apparaat niet te hoog inbouwen, zodat de toebehoren er zonder probleem uitgenomen kunnen worden.
30.6 Inbouw van twee apparaten boven elkaar
Uw apparaat kan ook boven of onder een ander apparaat worden ingebouwd. Neem de inbouwmaten en de inbouwvoorschriften bij de inbouw boven elkaar in acht.
- Met het oog op de luchttoevoer van de apparaten dienen de tussenschotten te beschikken over een ventilatieopening.
- Om een voldoende ventilatie van de apparaten te waarborgen, is een ventilatieopening van minimaal 200 cm² in de plint noodzakelijk. Hiervoor de sokkelplaat bijsnijden of een ventilatierooster aanbrengen.
- Let erop dat de luchtcirculatie volgens de tekening is gewaarborgd.
- Apparaten niet te hoog inbouwen, zodat het toebehoren er zonder probleem uitgenomen kan worden.
30.7 Hoekinbouw
Houd de inbouwmaten en de inbouwinstructies bij hoekinbouw aan.
- Om ervoor te zorgen dat de deur van het apparaat kan worden geopend, dient u zich bij de hoekinbouw te houden aan de minimale afmetingen. De maat is afhankelijk van de dikte van het meubelfront en de greep.
30.8 Elektrische aansluiting
Om het apparaat elektrisch veilig te kunnen aansluiten, dient u deze aanwijzingen in acht te nemen.
- Het apparaat voldoet aan beveiligingsklasse I en mag alleen met een geaarde aansluiting worden gebruikt.
- De zekering dient in overeenstemming te zijn met de vermogensopgave op het typeplaatje en de lokale voorschriften.
- Het apparaat moet bij alle montagewerkzaamheden spanningsloos zijn.
- Het apparaat mag alleen met de meegeleverde aansluitkabel worden aangesloten.
- De aansluitkabel moet op de achterzijde worden ingestoken tot een klik hoorbaar is. Een 3 m lange aansluitkabel is bij de service verkrijgbaar.
- De aansluitkabel mag alleen worden vervangen door een originele kabel. Die is bij de service verkrijgbaar.
- De bescherming tegen aanraking dient door de inbouw te zijn gewaarborgd.
Pagina 51
Montagehandleiding nl
Apparaat met geaarde stekker elektrisch aansluiten
Opmerking: Het apparaat mag alleen op een geaarde contactdoos worden aangesloten die volgens de voorschriften is geïnstalleerd.
- Steek de stekker in het stopcontact met randaarde. Wanneer het apparaat is ingebouwd, moet de netstekker van de netaansluitkabel vrij toegankelijk zijn, of wanneer vrije toegang niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie een scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften zijn ingebouwd.
Apparaat zonder geaarde stekker elektrisch aansluiten
Opmerking: Het apparaat mag alleen door geschoold personeel worden aangesloten. Bij schade door een verkeerde aansluiting kunt u geen aanspraak maken op garantie.
In de vast geplaatste elektrische installatie moet een scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften zijn ingebouwd.
- 1. Fase- en neutraal- ("nul-") leider in het stopcontact identificeren.
Bij een verkeerde aansluiting kan het apparaat worden beschadigd.
- 2. Volgens het aansluitschema aansluiten.
Zie voor de spanning het typeplaatje.
- 3. De aders van de elektrische aansluitleiding dienen overeenkomstig de kleurcodering te worden aangesloten:
‒ groen-geel = aarddraad ‒ blauw = neutraal- ("nul-") leiding ‒ bruin = fase (buitendraad)
30.9 Apparaat inbouwen
- 1. Het apparaat volledig inschuiven en centrisch uitlijnen.
- 2. Het apparaat vastschroeven.
- 3. Bij greeploze keuken met verticale greeplijst: ‒ Breng een geschikt vulstuk aan om eventuele scherpe randen af te dekken en een veilige montage te waarborgen.
‒ Aluminiumprofielen voorboren, om een schroefverbinding te maken .
‒ Apparaat met adequate schroeven bevestigen .
Opmerking: De spleet tussen werkblad en apparaat mag niet door extra lijsten worden afgesloten. Aan de zijwanden van de ombouwkast mogen geen isolatieprofielen worden aangebracht.
30.10 Apparaat demonteren
- 1. Maak het apparaat spanningsloos.
- 2. Draai de bevestigingsschroeven los.
- 3. Til het apparaat iets op en trek het helemaal naar buiten.