Bosch HBG856XS1, tekst van de handleiding
Pagina's 16–28 van 56 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 3–15verder op pagina 29 →
Pagina 16
nl Tijdfuncties
Tijdfuncties
| Uw apparaat beschikt over verschillende tijdfuncties. | |
| Tijdfunctie | Gebruik |
| • Tijdsduur | Na afloop van een ingestelde tijdsduur eindigt de werking automatisch. |
| • Einde | Voer een tijdsduur en een gewenste eindtijd in. Het apparaat start automatisch, zodat de werking op het gewenste tijdstip beëindigd is. |
| • Kookwekker | De kookwekker functioneert als een eierwekker. Hij loopt onafhankelijk van de werking van het apparaat en andere tijdfuncties.Na afloop van de ingestelde tijd schakelt het apparaat niet automatisch in of uit. |
| U kunt tijdsduur en | einde na het instellen van een |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
functie via de touch-displays oproepen. De kookwekker heeft een eigen veld en kan op elk moment worden ingesteld.
Na afloop van een tijdsduur of wekkertijd klinkt een signaal. U kunt het signaal voortijdig beëindigen door op een veld of touch-display te tippen.
Aanwijzing: In de basisinstellingen kunt u instellen hoelang een signaal klinkt. "Basisinstellingen" op pagina 20
Tijdsduur instellen
U kunt voor uw gerecht op het apparaat de bereidingsduur instellen. Zo wordt de bereidingsduur niet ongewild overschreden en u hoeft andere werkzaamheden niet te onderbreken om het gebruik te beëindigen.
Instellen
Afhankelijk van de richting waarin u de bedieningsring eerst draait, begint de tijdsduur bij een voorgestelde waarde: links 10 minuten, rechts 30 minuten.
De tijdsduur kan tot een uur in stappen van een minuut worden ingesteld, daarna in stappen van 5 minuten.
U kunt maximaal 23 uur en 59 minuten instellen.
Voorbeeld in de afbeelding: het is 10:00 uur, tijdsduur 45 minuten.
- 1. Functie en temperatuur of stand instellen.
- 2. Tip voor de start op het tekstveld “Tijdsduur”. Op het display staat de tijdsduur wit in de focus.
- 3. Met de bedieningsring de tijdsduur instellen. De eindtijd wordt automatisch berekend.
| P V | |
| P V |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
- 4. Starten met de toets start/stop . De tijdsduur loopt af.
| P V P V | |
| P V |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
Het apparaat begint op te warmen.
Wanneer de tijdsduur beëindigd is, klinkt er een signaal.Het apparaat warmt niet meer op. Op het display staat de tijdsduur 00m 00s.
U kunt via het tekstveld “Tijdsduur” opnieuw een tijdsduur instellen of met de toets start/stop de werking voortzetten zonder tijdsduur.
Wanneer het gerecht klaar is, schakelt u het apparaat met de toets on/off uit.
Wijzigen en afbreken
Om de tijdsduur te veranderen tipt u op het tekstveld “Tijdsduur”. De tijdsduur staat in de focus en kan met de bedieningsring worden gewijzigd. De wijziging wordt direct overgenomen.
Wilt u de tijdsduur afbreken, zet hem dan weer helemaal terug op nul. Nadat de wijziging is overgenomen wordt de werking zonder tijdsduur voortgezet.
Einde instellen
U kunt het tijdstip waarop de tijdsduur afloopt op een later tijdstip zetten. U kunt het gerecht bijv. 's morgens in de binnenruimte plaatsen en zo instellen dat het 's middags klaar is.
Aanwijzingen
- Let erop dat levensmiddelen niet te lang in de binnenruimte staan en bederven.
- Stel geen einde meer in wanneer de werking al gestart is. Het bereidingsresultaat zou dan niet meer kloppen.
Instellen
Het einde van de tijdsduur kan maximaal 23 uur en 59 minuten worden uitgesteld.
Voorbeeld in de afbeelding: het is 10:00 uur, de ingestelde tijdsduur is 45 minuten en het gerecht moet om 12:00 uur klaar zijn.
- 1. Functie en temperatuur of stand instellen.
- 2. Tijdsduur instellen.
Pagina 17
Tijdfuncties nl
- 3. Tip voor de start op het tekstveld “Einde”.
Op het display staat de berekende eindtijd wit in de focus.
- 4. Met de bedieningsring de eindtijd op een later tijdstip zetten.
| P V | ||
| P V | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
- 5. Starten met de toets start/stop .
Op het display staat het tijdstip waarop het apparaat start.
| P V | |
| P V |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
Het apparaat bevindt zich in de wachtstand. Wanneer het apparaat start, loopt op het display de tijdsduur af.
Wanneer de tijdsduur beëindigd is, klinkt er een signaal.Het apparaat warmt niet meer op. Op het display staat de tijdsduur 00m 00s.
U kunt via het tekstveld “Tijdsduur” opnieuw een tijdsduur instellen of met de toets start/stop de werking voortzetten zonder tijdsduur.
Wanneer het gerecht klaar is, schakelt u het apparaat met de toets on/off uit.
Wijzigen en afbreken
Na de start kan de eindtijd niet meer veranderd worden.
Wilt u tijdsduur en einde wissen, onderbreek de werking dan met de toets start/stop . U kunt de werking dan zonder tijdsduur en einde voortzetten.
Kookwekker instellen
De wekker loopt parallel met de andere instellingen.U kunt hem op elk moment instellen, ook wanneer het apparaat uitgeschakeld is. Hij heeft een eigen signaal. Zo hoort u of de wekker of een tijdsduur afgelopen is.
Instellen
De wekkertijd begint altijd bij nul minuten.
Hoe hoger de waarde, des te groter worden de tijdstappen bij het instellen.
U kunt maximaal 24 uur instellen.
- 1. Tip op het veld .
Het symbool is rood verlicht. Op het display staat de wekkertijd wit in de focus.
- 2. Met de bedieningsring de wekkertijd instellen.
- 3. Met veld starten.
Aanwijzing: Na enkele seconden start de wekker ook automatisch.
De wekkertijd loopt af.
De wekker blijft zichtbaar op het display wanneer het apparaat uitgeschakeld is: Wanneer het apparaat in werking is, staan de instellingen van de actieve functie op de voorgrond. Wanneer u op het veld tipt, wordt de wekkertijd enkele seconden weergegeven.
Wanneer de wekkertijd beëindigd is, klinkt er een signaal en verschijnt er een aanwijzing op het display. Het symbool is niet meer verlicht.
Tip: Geldt de ingestelde wekkertijd voor de looptijd van het apparaat, gebruik dan de tijdsduur. De tijd is zichtbaar op de voorgrond en het apparaat gaat automatisch uit.
Wijzigen en afbreken
Om de wekkertijd te veranderen tipt u op het veld . De wekkertijd staat wit in de focus en kan met de bedieningsring worden veranderd.
Wilt u de wekkertijd afbreken, zet de wekkertijd dan weer helemaal op terug. Als de verandering is overgenomen is het symbool niet meer verlicht.
Pagina 18
nl Braadthermometer
Braadthermometer
Met de braadthermometer kunt u het eindresultaat exact op uw wensen afstellen. Hij meet de temperatuur binnen in het gerecht. Zodra de ingestelde temperatuur is bereikt, schakelt het apparaat automatisch uit.
Verwarmingsmethoden
Niet alle verwarmingsmethoden zijn geschikt voor gebruik met de braadthermometer.
Wanneer u de braadthermometer in de binnenruimte heeft gestoken staan u de volgende verwarmingsmethoden ter beschikking.
| 4D hetelucht | |
| Boven- en onderwarmte | |
| Hetelucht Eco | |
| Boven- en onderwarmte Eco | |
| 7 | Circulatiegrillen |
| Pizzastand |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
Aanwijzingen
- De braadthermometer meet de temperatuur binnen in het gerecht tussen 30 °C en 99 °C..
- Gebruik uitsluitend de meegeleverde braadthermometer. Deze kunt u als accessoire bij de klantenservice bestellen.
- Verwijder de braadthermometer na gebruik altijd uit de binnenruimte. Bewaar deze nooit in de binnenruimte.
Waarschuwing – Kans op een elektrische schok!
Bij gebruik van een verkeerde braadthermometer kan de isolatie beschadigd raken. Gebruik alleen de braadthermometer die bestemd is voor het toestel.
Temperatuur van de binnenruimte
Stel de temperatuur niet hoger in dan 250°C, zodat de braadthermometer niet beschadigd raakt.
De ingestelde temperatuur van de binnenruimte moet minstens 10°C hoger zijn dan de ingestelde kerntemperatuur.
De braadthermometer in het gerecht steken
Steek de braadthermometer in het gerecht voordat u het in de binnenruimte plaatst.
De braadthermometer heeft drie meetpunten. Let erop dat het middelste meetpunt in het gerecht steekt.
Vlees: bij grotere stukken steekt u de thermometer van boven schuin tot de aanslag in het vlees.
Bij kleinere stukken steekt u hem aan de zijkant in, op de dikste plaats.
Aanwijzing: Plaats de toebehoren altijd onder de bus voor de braadthermometer.
Vis: hele vis met behulp van een halve aardappel in de ''zwemstand'' op het rooster plaatsen. Steek de braadthermometer in achter de kop, in de richting van de middelste graten tot de aanslag.
Gevogelte: leg het hele gevogelte met de borstzijde naar beneden op het rooster. Steek de braadthermometer bij de vleugelaanzet van vleugel tot vleugel tot de aanslag in het borststuk.
Attentie!
Zorg ervoor dat het snoer van de braadthermometer niet ingeklemd raakt.
Om te voorkomen dat de braadthermometer beschadigd raakt door een te intensieve hitte, moet de afstand tussen grillelement en braadthermometer enkele centimeters bedragen. Het vlees kan tijdens de bereiding uitzetten.
Pagina 19
Braadthermometer nl
Kerntemperatuur instellen
De braadthermometer moet in de bus links in de binnenruimte zijn gestoken.
- 1. Tip op het tekstveld met de gewenste verwarmingsmethode.
Op het display staat de voorgestelde waarde bij de temperatuur van de binnenruimte wit in de focus.
- 2. Met de bedieningsring de temperatuur van de binnenruimte instellen.
- 3. Tip op het tekstveld “Kerntemperatuur”.
Op het display staat de voorgestelde waarde bij de kerntemperatuur wit in de focus.
- 4. Met de bedieningsring de kerntemperatuur instellen.
- 5. Starten met de toets start/stop .
De tijd op het display geeft aan hoelang het apparaat al in werking is.
Het apparaat begint op te warmen.
Op het display staat de kerntemperatuur wit in de focus, links de actuele en rechts de ingestelde temperatuur, bijv. “ 15|80°C”. De opwarmlijn geeft ook de kerntemperatuur aan.
Als de ingestelde kerntemperatuur in het product bereikt is, klinkt er een signaal. Het apparaat warmt niet meer op. Op het display is de actuele kerntemperatuur gelijk aan de ingestelde, bijv. “ 80|80°C”. Het aflopen van de tijd wordt onderbroken.
Schakel het apparaat uit met de toets on/off en neem de thermometer uit de bus.
Waarschuwing – Risico van verbranding!
Binnenruimte, toebehoren en braadthermometer worden zeer heet. Neem hete toebehoren en de braadthermometer altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
Wijzigen
Na de start staat de kerntemperatuur in de focus. Wanneer u de bedieningsring beweegt, wordt de kerntemperatuur direct veranderd en overgenomen.
Wilt u de temperatuur van de binnenruimte wijzigen, tip dan eerst op het tekstveld “Temperatuur”.
Om de verwarmingstijd te veranderen dient u de werking eerst met de toets start/stop te onderbreken.
Aanwijzing: Verandert u de verwarmingsmethode, dan worden ook de andere instellingen teruggezet.
Afbreken
Wilt u het proces afbreken, neem dan de braadthermometer uit de bus en het vlees. Met de toets start/stop kunt u de werking zonder braadthermometer voortzetten.
Kerntemperaturen van verschillende levensmiddelen
Gebruik geen diepvriesproducten.De opgaven in de tabel zijn richtwaarden. Ze zijn afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen.
Uitgebreide opgaven over de verwarmingsmethode en temperatuur vindt u aan het einde van de gebruiksaanwijzing. "Voor u in onze kookstudio uitgetest." op pagina 30
| Levensmiddelen Gevogelte | Kerntemperatuur in °C |
|---|---|
| Kip | 80-85 |
| Kipfilet | 75-80 |
| Eend | 80-85 |
| Eendenborst, rosé | 55-60 |
| Kalkoen | 80-85 |
| Kalkoenfilet | 80-85 |
| Gans | 80-90 |
| Varkensvlees | |
| Varkensnek | 85-90 |
| Varkensfilet, rosé | 62-70 |
| Varkensrug, doorbakken | 72-80 |
| Rundvlees | |
| Rosbief of rundvlees, kort gebakken | 45-52 |
| Rosbief of runderfilet, rosé | 55-62 |
| Rosbief of runderfilet, doorbakken | 65-75 |
| Kalfsvlees | |
| Gebraden kalfsvlees of schouderstuk, mager | 75-80 |
| Gebraden kalfsvlees, schouder | 75-80 |
| Kalfsschenkel | 85-90 |
| Lamsvlees | |
| Lamsbout, rosé | 60-65 |
| Lamsbout, doorbakken | 70-80 |
| Lamsrug, rosé | 55-60 |
| Vis | |
| Vis, heel | 65-70 |
| Visfilet | 60-65 |
| Diversen | |
| Gebraden gehakt, alle soorten | 80-90 |
Pagina 20
nl Kinderslot
Kinderslot
Om te voorkomen dat kinderen het apparaat per ongeluk inschakelen of instellingen wijzigen, is het voorzien van een kinderslot.
Het bedieningsveld wordt geblokkeerd en er kan niets worden ingesteld. Het apparaat kan alleen met de toets on/off worden uitgeschakeld.
Activeren en deactiveren
U kunt het kinderslot activeren of deactiveren terwijl het apparaat uitgeschakeld is.
Druk ca. 4 seconden lang op het veld .
Op het display verschijnt een aanwijzing ter bevestiging.
Wanneer het apparaat ingeschakeld is, is het veld rood verlicht. Is het apparaat uitgeschakeld, dan is het veld niet verlicht.
Basisinstellingen
Er zijn verschillende instellingen beschikbaar om uw apparaat optimaal en eenvoudig te kunnen bedienen. U kunt nu deze instellingen naar wens wijzigen:
Basisinstellingen wijzigen
Het apparaat moet ingeschakeld zijn.
- 1. Tip op het veld menu.
De keuzelijst met de functies verschijnt.
- 2. Tip op het tekstveld “Basisinstellingen”.
In de touch-displays verschijnen de instellingen.
- 3. Tip op het tekstveld met de gewenste instelling. De rode balk aan de zijkant van het tekstveld laat zien welke instelling is gekozen.
Op het display staat de bijbehorende waarde.
- 4. De waarde naar wens met de bedieningsring wijzigen.
- 5. Tip op het tekstveld van de volgende instelling. De bijbehorende waarde verschijnt op het display en kan met de bedieningsring worden gewijzigd.
- 6. De instellingen doorlopen en naar wens wijzigen met de bedieningsring.
Om te bladeren in de instellingen op het tekstveld “Andere instellingen” tippen.
- 7. Ter bevestiging op het veld menu tippen.
Er wordt gevraagd of de wijzigingen opgeslagen moeten worden.
- 8. Tip op het tekstveld “Opslaan”.
Op het display verschijnt een melding dat de instellingen zijn opgeslagen.
Afbreken
Wilt u de instellingen niet opslaan, tip dan op het veld menu en vervolgens op het tekstveld “Niet opslaan”. Er verschijnt een melding op het display dat de eerste instellingen niet opgeslagen zijn.Wanneer u het apparaat niet gebruikt, schakel het dan met de toets on/off uit.
Lijst met basisinstellingen
Afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat zijn niet alle basisinstellingen beschikbaar.
| Instelling | Keuze | |
|---|---|---|
| Taal | Andere talen mogelijk | |
| Tijd | Tijd in 24 h formaat | |
| Fabrieksinstellingen | Terugzetten Niet terugzetten* | |
| Geluidssignaal | Korte duur (30 sec.) Gemiddelde duur (1 min.)* Gemiddelde duur (5 min.) | |
| Geluidsvolume | Schaal met 5 standen | |
| Toetssignaal | Ingeschakeld Uitgeschakeld* (geluid bij on/off | blijft) |
| Display-helderheid | Schaal met 5 standen |
Pagina 21
Sabbatinstelling nl
| Tijdsindicatie | Uit Digitaal* Analoog |
|---|---|
| Verlichting | In gebruik uit In gebruik aan* |
| Kinderslot | Alleen toetsblokkering* Deurvergendeling en toetsblokkering |
| Werking na inschakelen | Hoofdmenu Verwarmingsmethoden* Assist |
| Nachtverduistering | Uitgeschakeld* Ingeschakeld |
| Merklogo | Indicaties* Niet weergeven. |
| Ventilator-nalooptijd | Aanbevolen* Minimaal |
| Uittreksysteem | Niet achteraf aangebracht* (bij rekjes en 1-voudig uittreksysteem) Achteraf aangebracht (bij 2- en 3-voudig uittreksysteem) |
| Sabbatinstelling Ingeschakeld Uitgeschakeld* * Fabrieksinstelling (afhankelijk van het apparaattype kunnen de fabrieksinstellingen afwijken) | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
--------
Aanwijzing: Wijzigingen aan de instellingen van de taal, het toetssignaal en de display-helderheid hebben direct effect. Alle andere gaan pas in nadat de instellingen zijn opgeslagen.
Stroomuitval
De door u gewijzigde instellingen blijven ook na een stroomuitval behouden.
Alleen de instellingen voor het eerste gebruik moet u bij een langere stroomonderbreking opnieuw uitvoeren. Het apparaat kan een korte stroomonderbreking overbruggen.
Tijd wijzigen
Wilt u de tijd aanpassen, bijv. veranderen van zomer- in wintertijd, wijzig dan de basisinstelling.
Het apparaat moet ingeschakeld zijn.
- 1. Tip op het veld menu.
Op het display de te kiezen functies.
- 2. Tip op het tekstveld “Basisinstellingen”.
In de touch-displays verschijnen de instellingen.
- 3. Tip op het tekstveld “Tijd”.
Op het display verschijnt de tijd.
- 4. Met de bedieningsring de tijd wijzigen.
- 5. Ter bevestiging op het veld menu tippen. Er wordt gevraagd of de wijzigingen opgeslagen moeten worden.
- 6. Tip op het tekstveld “Opslaan”.
Op het display verschijnt een melding dat de instellingen zijn opgeslagen.
Sabbatinstelling
Met de sabbatinstelling kunt u een tijdsduur tot 74 uur instellen.De gerechten in de oven blijven warm, zonder dat u deze hoeft in of uit te schakelen.
Sabbatinstelling starten
Voordat u de sabbatinstelling kunt gebruiken, dient u deze in de basisinstelling te activeren.
"Basisinstellingen" op pagina 20
Is de basisinstelling aangepast, dan wordt de sabbatinstelling bij de verwarmingsmethoden als laatste weergegeven.
Het apparaat warmt op met boven- en onderwarmte. Er kan een temperatuur tussen 85 °C en 140 °C worden ingesteld.
De functie Verwarmingsmethoden moet gekozen zijn. De keuzelijst van de verwarmingsmethoden verschijnt in de touch-displays.
- 1. Tip op het tekstveld “Sabbatinstelling”.
Op het display staat de voorgestelde waarde voor de temperatuur wit in de focus.
- 2. Met de bedieningsring de gewenste temperatuur instellen.
- 3. Tip voor de start op het tekstveld “Tijdsduur”. Op het display staat de voorgestelde waarde voor de tijdsduur wit in de focus.
- 4. Met de bedieningsring de gewenste tijdsduur instellen.
Aanwijzing: De eindtijd wordt automatisch berekend maar kan niet worden uitgesteld.
- 5. Starten met de toets start/stop .
De tijdsduur loopt af op het display.
Het apparaat begint op te warmen.
Wanneer de tijdsduur van de sabbatinstelling beëindigd is, klinkt er een signaal. Het apparaat warmt niet meer op. Op het display staat de tijdsduur 00m 00s.
Schakel het apparaat met de toets on/off uit.
Aanwijzing: Wanneer u de apparaatdeur opent, wordt de werking niet onderbroken.
Wijzigen en afbreken
Na de start kunnen de instellingen niet meer worden gewijzigd.
Wilt u de sabbatinstelling afbreken, schakel het apparaat dan met de toets on/off uit. Met de toets start/stop kunt u de werking niet meer stopzetten.
Pagina 22
nl Schoonmaakmiddelen
Schoonmaakmiddelen
Wanneer uw apparaat goed wordt onderhouden en schoongemaakt blijft het er lang mooi uitzien en goed functioneren. Hier leggen we uit hoe u het apparaat goed onderhoudt en schoonmaakt.
Geschikte schoonmaakmiddelen
Let op de opgaven in de tabellen om te voorkomen dat de verschillende oppervlakken door verkeerde schoonmaakmiddelen worden beschadigd. Afhankelijk van het apparaattype zijn bij uw apparaat niet alle voorzieningen beschikbaar.
Attentie!
Oppervlakteschade
Gebruik geen
- scherpe of schurende schoonmaakmiddelen,
- sterk alcoholhoudende schoonmaakmiddelen,
- harde schuur- of schoonmaaksponsjes,
- hogedrukreiniger of stoomreiniger of
- speciale schoonmaakmiddelen voor de warmtereiniging.
Was nieuwe vaatdoekjes voor gebruik grondig uit.
Tip: Bijzonder aanbevelenswaardige schoonmaak- en verzorgingsmiddelen kunt u kopen bij de servicedienst. Houd u aan de betreffende aanwijzingen van de fabrikant.
Waarschuwing – Risico van verbranding!
Het toestel wordt zeer heet. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat altijd laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
| Bereik | Schoonmaken |
|---|---|
| Buitenzijde apparaat | |
| Voorzijde van roestvrij staal | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Kalk, vet, zetmeel en eiwitvlekken onmiddellijk verwijderen. Onder zulke vlekken kan corrosie ontstaan. Bij de servicedienst of in de vakhandel zijn speciale schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal verkrijgbaar die geschikt zijn voor warme oppervlakken. Het schoonmaakmiddel heel dun opbrengen met een zachte doek. |
| Knststof | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken. |
| Gelakte oppervlakken | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. |
| Bedieningspaneel | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
| Ruiten van de deur | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen schraper of schuursponsjes van roestvrij staal gebruiken. |
| Deurgreep | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Als er ontkalkingsmiddel op de deurgreep komt, direct afnemen. Anders ontstaan er mogelijk vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden. |
| Binnenzijde apparaat | |
| Emaillen oppervlakken en zelfreinigende oppervlakken | Let op de aanwijzingen voor de oppervlakken van de binnenruimte aan het einde van de tabel. |
| Glazen kapje van de binnenruimteverlichting | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Bij sterke vervuiling ovenspray gebruiken. |
| Deurdichting Niet afnemen! | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen. Niet schuren. |
| Deurafscherming van roestvrij staal | Reinigingsmiddelen voor roestvrij staal: Neem de aanwijzingen van de fabrikant in acht. Geen schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal gebruiken. Deurafscherming afnemen om hem schoon te maken. |
| Rekjes | Warm zeepsop: Laten weken en reinigen met een schoonmaakdoekje of borstel. |
| Uittreksysteem | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje of borstel schoonmaken. Verwijder het smeervet niet van de uitschuifrails. U kunt ze het beste reinigen wanneer ze ingeschoven zijn. Niet afwassen in de vaatwasmachine. |
| Toebehoren | Warm zeepsop: Laten weken en reinigen met een schoonmaakdoekje of borstel. Bij sterke vervuiling een schuursponsje van roestvrij staal gebruiken. |
| Braadthermometer | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje of borstel schoonmaken. Niet afwassen in de vaatwasmachine. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
--------
Aanwijzingen
- Geringe kleurverschillen op de voorzijde van het apparaat ontstaan door gebruik van verschillende materialen, zoals glas, kunststof en metaal.
- Donkere plekken bij de ruiten van de deur, lijkend op vegen, zijn lichtreflexen van de verlichting van de binnenuimte.
Pagina 23
Reinigingsfunctie nl
- Het email wordt ingebrand op zeer hoge temperaturen.Hierdoor kunnen er kleine kleurverschillen ontstaan. Dit is normaal en heeft geen nadelige invloed op de werking.
De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd. Ze kunnen daarom ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact.
Oppervlakken in de binnenruimte
Achterwand, plafond en zijwanden van de binnenruimte zijn zelfreinigend. Dit kunt u zien aan het ruwe oppervlak.
De bodem van de binnenruimte is geëmailleerd en heeft een gladoppervlak.
Emaillen vlakken reinigen
Reinig de gladde emaillen vlakken met een schoonmaakdoekje en warm zeepsop of azijnwater. Met een zachte doek nadrogen.
Ingebrande voedselresten met een vochtige doek en zeepsop losweken. Bij sterke verontreiniging een schuursponsje van roestvrij staal of ovenspray gebruiken.
De binnenruimte na het schoonmaken open laten om te drogen.
Zelfreinigende oppervlakken schoonmaken
De zelfreinigende oppervlakken zijn voorzien van een laagje poreuze, matte keramiek. Spatten van het bakken en braden worden door deze laag opgezogen en afgebroken terwijl het apparaat in gebruik is.
Wanneer de zelfreinigende oppervlakken zichzelf niet meer voldoende reinigen en er donkere vlekken ontstaan, kunnen ze met de reinigingsfunctie worden schoongemaakt. Volg hiervoor de aanwijzingen in het betreffende hoofdstuk op. "Reinigingsfunctie" op pagina 23
Attentie!
Gebruik geen ovensprays voor de zelfreinigende oppervlakken. De oppervlakken raken dan beschadigd. Wanneer er toch ovenreiniger op deze oppervlakken komt, direct afnemen met water en een vaatdoekje. Niet wrijven en geen schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
Apparaat schoon houden
Om te voorkomen dat er hardnekkig vuil ontstaat, dient u het apparaat altijd schoon te houden en vuil direct te verwijderen.
Tips
- De binnenruimte na gebruik altijd schoonmaken. Zo kan er geen vuil inbranden.
- Verwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken altijd onmiddellijk.
- Voor het bereiden van zeer vochtig gebak de braadslede gebruiken.
- Gebruik geschikt gerei om te braden, bijv. een braadpan.
Reinigingsfunctie
Met de reinigingsfunctie “EcoClean Direct” worden de zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte gereinigd.
De zelfreinigende oppervlakken (achterwand, plafond en zijwanden) zijn voorzien van een laagje poreuze, matte keramiek. Spetters tijdens het bakken, braden en grillen worden door deze laag opgezogen en afgebroken als de oven in bedrijf is. Als de oppervlakken niet meer voldoende worden gereinigd en er donkere vlekken ontstaan, kunnen de oppervlakken m.b.v. de reinigingsfunctie worden gereinigd.
Aanwijzing: De toepassingen worden door het apparaat geregistreerd. Het apparaat geeft aan wanneer er een reiniging wordt aanbevolen. Deze melding wordt weergegeven tot de reiniging volledig is uitgevoerd.
Wanneer u hieraan geen gehoor geeft, kan er schade aan de zelfreinigende oppervlakken ontstaan.
Is uw apparaat al voortijdig sterk vervuild of ziet u donkere vlekken op de achterwand, wacht dan niet met de reiniging tot deze melding verschijnt. Hoe vaker de reiniging namelijk wordt uitgevoerd, des te langer is gegarandeerd dat de zelfreinigende oppervlakken gereinigd kunnen worden. U kunt uw apparaat op elk moment naar wens reinigen m.b.v. de reinigingsfunctie.
Voor de reiniging
Neem de rekjes, uitschuifrails, toebehoren en vormen uit de binnenruimte.
De bodem van de binnenruimte en de binnendeur van het apparaat reinigen
Verwijder grove verontreiniging die zich op de bodem en bij de verlichting van de binnenruimte en op de binnendeur van het apparaat bevindt.Anders ontstaan er mogelijk vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden.
Attentie!
Gebruik geen ovensprays voor de zelfreinigende oppervlakken. De oppervlakken raken dan beschadigd. Wanneer er toch ovenspray op deze oppervlakken terechtkomt, direct afnemen met water en een vaatdoekje. Niet wrijven en geen schurende reingingshulp gebruiken.
Reinigingsfunctie instellen
Let erop dat u alvorens de reinigingsfunctie in te stellen alle aanwijzingen voor de voorbereiding opvolgt.
De tijdsduur is bij de reinigingsfunctie standaard ingesteld op 1 uur. Hij kan niet worden gewijzigd.
- 1. Tip op het veld menu.
De keuzelijst met de functies verschijnt.
- 2. Tip op het tekstveld “EcoClean Direct”.
- 3. Starten met de toets start/stop .
De tijdsduur loopt af op het display. De opwarmlijn verschijnt niet bij de reinigingsfunctie.
De reinigingsfunctie start.
Pagina 24
nl Rekjes
Zorg ervoor dat de keuken geventileerd wordt zolang de reiniging loopt.
Wanneer de reiniging beëindigd is, klinkt er een signaal. Op het display staat de tijdsduur 00m 00s. Schakel het apparaat uit met de toets on/off .
De eindtijd op een later tijdstip zetten
U kunt de eindtijd uitstellen.Voor de start op het tekstveld “Einde” tippen en met de bedieningsring de eindtijd uitstellen.
Na de start gaat het apparaat in de wachtstand.De eindtijd kan niet meer worden gewijzigd.
Afbreken
Wilt u de reinigingsfunctie afbreken, schakel het apparaat dan met de toets on/off uit. Met de toets start/stop kunt u de werking niet meer stopzetten.
Aanwijzing: De bedrijfsurenteller wordt niet teruggezet. De melding om de reinigingsfunctie te gebruiken verschijnt op het display.
Na de reinigingsfunctie
Nadat hij afgekoeld is, de binnenruimte eventueel met een vochtig doekje afnemen.
Aanwijzing: Tijdens het gebruik en de reiniging kunnen er roodachtige vlekken op het oppervlak ontstaan. Dit is geen roest, het gaat om resten van levensmiddelen. Deze vlekken vormen geen risico voor de gezondheid en het reinigingsvermogen van de zelfreinigende oppervlakken wordt hierdoor niet beperkt.
Rekjes
Wanneer uw apparaat goed wordt onderhouden en schoongemaakt blijft het er lang mooi uitzien en goed functioneren. Hier leggen wij u uit hoe u de rekjes kunt verwijderen en schoonmaken.
Rekjes verwijderen en bevestigen
Waarschuwing – Risico van verbranding!
De rekjes worden heel heet. Nooit de hete rekjes aanraken. Het apparaat altijd laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Rekjes verwijderen
- 1. Het rekje aan de voorkant een beetje optillen en verwijderen (Afb. ).
- 2. Vervolgens het hele rekje naar voren trekken en uitnemen (Afb. ).
Maak de rekjes schoon met zeepsop en een schoonmaaksponsje. Gebruik bij hardnekkig vuil een borstel.
Rekjes ophangen
De rekjes passen alleen links of rechts.De uitschuifbare rails moeten er naar voren kunnen worden uitgetrokken.
- 1. Het rekje eerst in het midden van de achterste bus steken , tot het aansluit op de wand van de binnenruimte, en naar achteren drukken (Afb. ).
- 2. Het rekje vervolgens in de voorste bus steken , tot het ook hier aansluit op de wand van de binnenruimte, en naar beneden drukken (Afb. ).
Pagina 25
Apparaatdeur nl
Apparaatdeur
Wanneer uw apparaat goed wordt onderhouden en schoongemaakt blijft het er lang mooi uitzien en goed functioneren. Hier leggen wij u uit hoe u de apparaatdeur kunt verwijderen en schoonmaken.
Apparaatdeur verwijderen en inbrengen
Om de deurruiten schoon te maken en te demonteren, kunt u de apparaatdeur verwijderen.
De scharnieren van de apparaatdeur zijn alle voorzien van een blokkeerhendel.
Wanneer de blokkeerhendels zijn dichtgeklapt (Afb. ), is de apparaatdeur beveiligd. Hij kan niet worden verwijderd.
Wanneer de blokkeerhendels voor het verwijderen van de apparaatdeur opengeklapt zijn (Afb. ), zijn de scharnieren beveiligd. Ze kunnen niet dichtklappen.
- 1 2
Waarschuwing – Risico van letsel!
Risico van
- Wanneer de scharnieren niet beveiligd zijn, kunnen ze met grote kracht dichtklappen.Let erop dat de blokkeerhendels altijd helemaal dichtgeklapt zijn, of bij het verwijderen van de apparaatdeur helemaal opengeklapt.
- letsel!Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten. Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Apparaatdeur verwijderen
- 1. Apparaatdeur helemaal openen.
- 2. Beide blokkeerhendels links en rechts openklappen (Afb. ).
- 3. Apparaatdeur tot de aanslag sluiten . Met beide handen links en rechts vastpakken en iets naar boven trekken (Afbeelding ).
- 1 2
E
D
E
Apparaatdeur inbrengen
De apparaatdeur in de omgekeerde volgorde weer inbrengen.
- 1. Let er bij het inbrengen van de apparaatdeur op dat beide scharnieren recht in de opening worden geleid (Afb. ).
Leg beide scharnieren tegen de onderkant van de buitenste ruit en gebruik deze bij de geleiding. Let erop dat de scharnieren in de juiste opening worden geschoven. Dit moet gemakkelijk gaan, zonder merkbare weerstand. Voelt u weerstand, controleer dan of de scharnieren in de juiste opening zijn geschoven.
| 1 | |
| 2. | Apparaatdeur helemaal openen.Beide blokkeerhendels weer dichtklappen (Afb. ). |
| 2 | |
| 3. | Deur van de binnenruimte sluiten. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
Deurafscherming afnemen
De roestvrijstalen inlegger in de deurafscherming kan verkleuren. Om de deur grondig schoon te maken kunt u de afscherming verwijderen.
- 1. Apparaatdeur een beetje openen.
- 2. Links en rechts op de afscherming drukken (Afb. ).
- 3. Afscherming afnemen (Afb. ).
Apparaatdeur voorzichtig sluiten.
- 1 2
Pagina 26
nl Apparaatdeur
Aanwijzing: De roestvrijstalen inlegger in de afscherming schoonmaken met een middel voor roestvrij staal. De rest van de deurafscherming schoonmaken met warm zeepsop en een zachte doek.
- 4. Apparaatdeur weer een beetje openen De afscherming plaatsen en aandrukken tot hij hoorbaar vergrendelt (Afb. ).
- 5. Apparaatdeur sluiten.
Deurruiten verwijderen en inbrengen
Om ze gemakkelijker schoon te maken kunt u de ruiten van de apparaatdeur afnemen.
Van het apparaat verwijderen
- 1. Apparaatdeur een beetje openen.
- 2. Links en rechts op de afscherming drukken (Afb. ).
- 3. Afscherming afnemen (Afb. ).
- 1 2
- 4. De schroeven links en rechts van de apparaatdeur losdraaien en verwijderen (Afb. ).
- 5. Klem er voordat u de deur weer sluit, een samengevouwen vaatdoek tussen (Afb. ).
De ruit aan de voorkant er naar boven uittrekken en met de deurgreep naar beneden op een egaal oppervlak leggen.
Reinig de ruiten met glasreiniger en een zachte doek.
Waarschuwing – Risico van letsel!
Risico van
- Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geen schraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.
- letsel!Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten. Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Inbrengen in het apparaat
houders geleiden (Afb. ). de beide bovenste haken zich bevinden (Afb. ).
2 de onderste ruit tot hij ) beetje openen en vaatdoek
| 1. 2. | Voorste ruit in de Voorste ruit sluiten tot tegenover de opening |
| 1 | |
| 3. 4. 5. 6. | Tegen de onderkant van hoorbaar vergrendelt (Afb. Apparaatdeur weer een verwijderen. De beide schroeven links vastdraaien. De afscherming plaatsen hoorbaar vergrendelt (Afb. |
| 7. | Apparaatdeur sluiten. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
en rechts weer en aandrukken tot hij ).
Attentie!
Gebruik de binnenruimte pas weer wanneer de ruiten naar behoren zijn ingezet.
Pagina 27
Wat te doen bij storingen? nl
3Wat te doen bij storingen?
Storingen worden vaak veroorzaakt door een kleinigheid. Probeer voordat u contact opneemt met de servicedienst de storing zelf op te lossen met behulp van de tabel.
Storingen zelf verhelpen
Technische storingen aan het apparaat kunt u vaak heel gemakkelijk zelf verhelpen.
Lukt een gerecht niet optimaal, dan vindt u aan het einde van de gebruiksaanwijzing vele tips en aanwijzingen voor de bereiding. "Voor u in onze kookstudio uitgetest." op pagina 30
| Storing | Mogelijke oorzaak | Oplossing / aanwijzing |
|---|---|---|
| Apparaat werkt niet | Zekering defect | Controleer de zekering in de meterkast. |
| Stroomuitval | Controleer of het keukenlicht of andere keukenapparaten functioneren. | |
| Op het display staat “Sprache Deutsch”. | Stroomuitval | Stel de taal en de tijd opnieuw in. |
| Als het apparaat uitgeschakeld is, verschijnt de actuele tijd niet. | Basisinstelling gewijzigd. | Wijzig de basisinstelling van de tijdsindicatie |
| Apparaat warmt niet op, op het display is het symbool niet meer verlicht. | De demonstratiemodus is geactiveerd in de basisinstellingen. | Ontkoppel het apparaat even van het net (zekering in de meterkast uitschakelen) en deactiveer de demonstratiemodus vervolgens binnen 3 minuten in de basisinstellingen. |
| De bedieningsring is uit het lager op het bedieningspaneel gevallen. | De bedieningsring is per ongeluk ontgrendeld. | De bedieningsring is afneembaar. Leg de bedieningsring eenvoudig weer in het lager op het bedieningspaneel en druk hem erin, zodat hij vergrendelt en weer normaal kan worden gedraaid. |
| De bedieningsring kan niet gemakkelijk meer worden gedraaid. -------- | Er zit vuil onder de bedieningsring. | De bedieningsring is afneembaar. Om hem te ontgrendelen trekt u hem eenvoudig uit het lager. Of u drukt op de buitenste rand van de ring, zodat hij kantelt en gemakkelijk kan worden opgepakt. De bedieningsring en het lager op het apparaat voorzichtig reinigen met zeepsop en een schoonmaakdoekje. Met een zachte doek nadrogen. Gebruik hiervoor geen scherpe of schurende middelen. Niet laten weken of in de vaatwasmachine doen. Neem de bedieningsring niet te vaak af, zodat het lager stabiel blijft. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
Waarschuwing – Kans op een elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties en de vervanging van beschadigde aansluitleidingen mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice.
Foutmeldingen op het display
Verschijnt er op het display een foutmelding met “D” of “E”, bijv. D0111 of E0111, schakel het apparaat dan met de toets on/off uit en weer in.
Betreft het een eenmalige storing, dan verdwijnt de indicatie. Verschijnt de foutmelding opnieuw, neem dan contact op met de servicedienst en geef hierbij exact aan wat de foutmelding is.
Maximale gebruiksduur
Heeft u de instellingen van uw apparaat meerdere uren niet gewijzigd, dan wordt het opwarmen automatisch stopgezet. Zo wordt voorkomen dat het apparaat ongewild blijft werken.
Het tijdstip waarop de maximale gebruiksduur wordt bereikt, is afhankelijk van de functie-instellingen.
Maximale gebruiksduur bereikt
Op het display verschijnt een melding dat de maximale gebruiksduur is bereikt.
Om de werking voort te zetten tipt u op een willekeurig veld of draait u aan de bedieningsring.
Wanneer u het apparaat niet gebruikt, schakel het dan met de toets on/off uit.
Tip: Om te voorkomen dat het apparaat niet ongewenst uitschakelt, bijv. bij zeer lange bereidingstijden, kunt u een tijdsduur instellen. Het apparaat warmt op totdat de ingestelde tijdsduur is afgelopen.
Pagina 28
nl Servicedienst
Lamp voor de binnenruimte aan het plafond vervangen
Als de lamp voor de binnenruimte is uitgevallen, moet deze worden vervangen. Temperatuurbestendige 230
V-halogeenlampen, 40 watt, kunt u krijgen bij de servicedienst of uw speciaalzaak.
Houd de halogeenlamp vast met een droge doek. Hierdoor wordt de levensduur van de lamp verlengd. Gebruik uitsluitend originele lampen.
Waarschuwing – Kans op een elektrische schok!
Bij vervanging van de lamp in de binnenruimte staan de contacten van de lampfitting onder stroom. Trek voordat u tot vervanging overgaat de netstekker uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit.
Waarschuwing – Risico van verbranding!
Het toestel wordt zeer heet. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat altijd laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- 1. Leg een theedoek in de onverwarmde binnenruimte, om schade te voorkomen.
- 2. Glazen afscherming er naar links uitdraaien (Afb. ).
- 3. Lamp eruit trekken - niet draaien (Afb. ).
Nieuwe lamp inbrengen, hierbij op de stand van de pinnen letten. De lamp stevig aandrukken.
- 1 2
- 4. Glazen afscherming er weer inschroeven.
- 5. Theedoek eruit nemen en de zekering inschakelen.
Glazen kapje
Als het glazen kapje van de halogeenlamp beschadigd is, moet dit worden vervangen. Een nieuw glazen kapje kunt u krijgen bij de servicedienst. Vermeld a.u.b. het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat.
4Servicedienst
Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u klaar. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om een onnodig bezoek van medewerkers van de servicedienst te voorkomen.
E-nummer en FD-nummer
Geef aan de servicedienst altijd het volledige productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat op, zodat wij u goed van dienst kunnen zijn. Het typeplaatje met de nummers vindt u aan de rechterkant, wanneer u de apparaatdeur opent.
( 1U
)'
= 1U
Om niet te lang te hoeven zoeken wanneer u de servicedienst nodig heeft, kunt u hier direct de gegevens van uw apparaat en het telefoonnummer van de servicedienst invullen.
E-nr. FD-nr.
Servicedienst
Houd er rekening mee dat een bezoek van medewerkers van de servicedienst in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de garantieperiode kosten met zich meebrengt.
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen NL 088 424 4010
Vertrouw op de competentie van de fabrikant. Dan bent u ervan verzekerd dat de reparatie wordt uitgevoerd door ervaren technici die gebruikmaken van de originele reserveonderdelen voor uw apparaat.