Bosch HGV423124N, tekst van de handleiding
Pagina's 26–38 van 48 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina 25verder op pagina 39 →
Pagina 26
Opgelet:Dit apparaat is alleen bestemd voor kookdoeleinden. Het mag niet anderszins, bijvoorbeeld voor de verwarming van de ruimte, worden gebruikt. Opgelet:Het gebruik van een gasfornuis zorgt voor warmte en vochtvorming in de opstellingsruimte. Let vooral als het apparaat in werking is, op een goede ventilatie van de ruimte waarin het staat: de natuurlijke ventilatie-openingen open houden of een mechanische ventilatie-inrichting (bijv. een afzuigkap) installeren. Bij een intensief en langdurig gebruik van het apparaat kan extra ventilatie nodig worden, bijv. door het openen van een raam of extra ventilatie bijv. door de afzuigkap op een hoger vermogen te zetten.
Dit apparaat is niet geschikt voor het gebruik met een externe wekker of afstandsbediening.
Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met beperkte fysieke, sensorische of geestelijke vermogens of personen die gebrek aan kennis of ervaring hebben, wanneer zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of geleerd hebben het op een veilige manier te gebruiken en zich bewust zijn van de risico's die het gebruik van het toestel met zich meebrengt.
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud van het toestel mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij zij 8 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar uit de buurt blijven van het toestel of de aansluitkabel.
Toebehoren altijd op de juiste manier in de binnenruimte plaatsen. Zie beschrijving toebehoren in de gebruiksaanwijzing.
Risico van brand!
- Wanneer de apparaatdeur geopend wordt, ontstaat er een luchtstroom. Het bakpapier kan dan de verwarmingselementen raken en vlam vatten. Tijdens het voorverwarmen mag er nooit bakpapier los op de toebehoren liggen. Verzwaar het bakpapier altijd met een vorm. Bakpapier alleen op het benodigde oppervlak leggen. Het
26
bakpapier mag niet uitsteken over de toebehoren.
- Brandbare voorwerpen die in de binnenruimte worden bewaard kunnen vlam vatten. Geen brandbare voorwerpen in de binnenruimte bewaren. Nooit de deur openen wanneer er sprake is van rookontwikkeling in het toestel. Schakel het toestel uit en haal de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Gastoevoer afsluiten.
- Hete olie en heet vet vatten snel vlam. Hete olie en heet vet nooit gebruiken zonder toezicht. Vuur nooit blussen met water. Schakel de kookzone uit. Vlammen voorzichtig met een deksel, smoordeksel of iets dergelijks verstikken.
- De kookzones worden erg heet. Nooit brandbare voorwerpen op de kookplaat leggen. Geen voorwerpen op de kookplaat leggen.
- Het apparaat wordt erg heet, brandbare materialen kunnen snel vlam vatten. Bewaar of gebruik geen brandbare voorwerpen ( bijv. spuitbussen, reinigingsmiddelen) onder of in de nabijheid van de oven. Bewaar geen brandbare voorwerpen in of op de oven.
- Wanneer er gas-kookzones ingeschakeld zijn waar geen kookgerei op staat, wordt er tijdens het gebruik zeer veel warmte ontwikkeld. Het toestel en een daarboven aangebrachte afzuigkap kunnen beschadigd raken of vlam vatten.
Vetresten in de filter van de stofafzuigkap kunnen vlam vatten. Gebruik de gaskookzones alleen wanneer er kookgerei op staat.
- De achterkant van het toestel wordt zeer heet. Dit kan leiden tot beschadiging van de aansluitleidingen. Elektriciteits- en gasleidingen mogen niet met de achterkant van het toestel in aanraking komen.
- Nooit brandbare voorwerpen op de kookzones leggen of in de binnenruimte bewaren. Nooit de deur openen wanneer er sprake is van rookontwikkeling in het apparaat. Zet het apparaat uit. Haal de netstekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Sluit de gastoevoer af.
- Het oppervlak van de schuiflade kan erg heet worden. Bewaar alleen oventoebehoren in de schuiflade.
Ontvlambare en brandbare voorwerpen
Pagina 27
mogen niet in de ovenlade worden opgeborgen.
Risico van verbranding!
- Het toestel wordt zeer heet. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat altijd laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- Toebehoren of vormen worden zeer heet. Neem hete toebehoren en vormen altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
- Alcoholdampen kunnen in de binnenruimte vlam vatten. Nooit gerechten klaarmaken die een hoog percentage alcohol bevatten. Alleen kleine hoeveelheden drank met een hoog alcoholpercentage gebruiken. De deur van het toestel voorzichtig openen.
- De kookzones en met name een eventueel aanwezige kookplaatomlijsting worden zeer heet. Raak de hete oppervlakken nooit aan. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- Tijdens het gebruikt worden de oppervlakken van het apparaat heet. De hete oppervlakken niet aanraken. Houd kinderen uit de buurt van het toestel.
- Wanneer er leeg kookgerei op ingeschakelde gas-kookzones staat, wordt dit zeer heet. Nooit leeg kookgerei verwarmen.
- Het apparaat wordt heet tijdens de bereiding. Laat het voor de reiniging afkoelen.
- Opgelet: Aanraakbare delen kunnen tijdens het grillen heet worden. Houd kleine kinderen op een afstand.
- Wanneer de fles voor vloeibaar gas niet loodrecht staat, kan het vloeibare propaan/butaan/ in het apparaat terechtkomen. Er kunnen dan heftige steekvlammen bij de branders optreden. Onderdelen kunnen beschadigd raken en in de loop van de tijd ondicht worden, waardoor er op een ongecontroleerde manier gas ontsnapt. Deze beide oorzaken kunnen leiden tot verbrandingen. Flessen voor vloeibaar gas altijd in een loodrechte stand houden.
Kans op verbranding!
- Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet. De hete
onderdelen nooit aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. De deur van het toestel voorzichtig openen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- Door water in de hete binnnruimte kan hete waterdamp ontstaan. Nooit water in de hete binnenruimte gieten.
Risico van letsel!
- Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geen schraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.
- Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties en vervangingen van beschadigde elektriciteits- en gasleidingen mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice. Is het toestel defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit, de gastoevoer sluiten. Contact opnemen met de klantenservice.
- Storingen of beschadigingen aan het apparaat zijn gevaarlijk. Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Gastoevoer afsluiten. Contact opnemen met de klantenservice.
- Wanneer de pannen onjuiste afmetingen hebben, beschadigd of verkeerd geplaatst zijn, kunnen ze ernstig letsel veroorzaken. Neem de aanwijzingen voor het kookgerei in acht
- Opgelet: De glasafdekking kan door de hitte barsten. Voor het sluiten van de afdekking moeten alle branders uitgeschakeld zijn. Wacht tot de oven afgekoeld is voordat u de afdekking sluit.
- Wordt het toestel onbevestigd op een sokkel geplaatst, dan kan het hiervan afglijden. Het toestel moet goed aan de sokkel worden bevestigd.
Pagina 28
Kantelgevaar!
Waarschuwing: Om te voorkomen dat het apparaat kantelt, moet een kantelbeveiliging worden gemonteerd. Lees de montage-instructies door.
Kans op een elektrische schok!
- Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice.Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in
de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice.
- De kabelisolatie van hete toestelonderdelen kan smelten. Zorg ervoor dat er nooit aansluitkabels van elektrische toestellen in contact komen met hete onderdelen van het apparaat.
- Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Geen hogedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken.
- Bij vervanging van de lamp in de binnenruimte staan de contacten van de lampfitting onder stroom. Trek voordat u tot vervanging overgaat de netstekker uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit.
- Een defect toestel kan een schok veroorzaken. Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
Oorzaken van schade
Kookplaat
Attentie!
- Gebruik de kookzones alleen als er een pan op staat. Verhit geen lege pannen. De panbodem raakt hierdoor beschadigd.
- Gebruik alleen pannen met een vlakke bodem.
- Zet de pan midden boven de brander. Daardoor wordt de warmte van de brandervlam optimaal aan de panbodem doorgegeven. Handvatten of stelen worden niet beschadigd, en er wordt een hogere energiebesparing gerealiseerd.
- Let erop dat de gasbranders schoon en droog zijn. Het branderdeksel moet altijd exact op de branderkelk liggen.
- Let erop dat de bovenste afdekking niet gesloten is als het fornuis in bedrijf genomen wordt.
Schade aan de oven
Attentie!
- Toebehoren, folie, bakpapier of vormen op de bodem van de binnenruimte: Geen toebehoren op de bodem van de binnenruimte leggen. Geen bakpapier of folie, van welk type dan ook, op de bodem van de binnenruimte leggen. Geen vorm op de bodem van de binnenruimte plaatsen wanneer een temperatuur van meer dan 50 °C ingesteld is. Er ontstaat dan een opeenhoping van warmte. De bak- en braadtijden kloppen niet meer en het email wordt beschadigd.
- Water in de hete binnenruimte: Nooit water in de hete binnenruimte gieten. Er ontstaat dan waterdamp. Door de verandering van temperatuur kan schade aan het email ontstaan.
- Vochtige levensmiddelen: Geen vochtige levensmiddelen langere tijd in de afgesloten binnenruimte bewaren. Het email raakt dan beschadigd.
- Vruchtensap: De bakplaat bij zeer vochtig vruchtengebak niet te overvloedig bedekken. Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, laat vlekken achter die niet meer kunnen worden verwijderd. Gebruik zo mogelijk de diepere braadslede.
- Afkoelen met open apparaatdeur: De binnenruimte alleen laten afkoelen wanneer deze afgesloten is. Ook wanneer de deur slechts op een kier openstaat, kan de voorzijde van aangrenzende meubels op den duur worden beschadigd.
- Sterk vervuilde deurdichting: is de deurdichting sterk vervuild, dan sluit de apparaatdeur tijdens het gebruik niet meer goed. De voorzijde van aangrenzende meubels kan worden beschadigd.Zorg ervoor dat de deurdichting altijd schoon is.
- Apparaatdeur als vlak om op iets op te leggen of te plaatsen: niets op de apparaatdeur leggen of plaatsen en er niets aan hangen. Geen vormen of toebehoren op de apparaatdeur plaatsen.
- Toebehoren inschuiven: afhankelijk van het type toestel kunnen de toebehoren krassen geven op de deur.
Toebehoren altijd tot de aanslag in de binnenruimte schuiven.
- Apparaat transporteren: Het apparaat niet aan de deurgreep vasthouden of dragen. De deurgreep houdt op den duur het gewicht van het apparaat niet en kan afbreken.
Schade aan de schuiflade
Attentie!
Leg geen hete voorwerpen in de schuiflade. Deze kan beschadigd raken.
Pagina 29
Opstelling, gas- en elektrische aansluiting
Gasaansluiting
De installatie mag uitsluitend door een erkende installateur of een door de importeur erkende servicemonteur worden uitgevoerd volgens de "Instructie voor het aansluiten van het gas en het wijzigen van de gassoort".
Voor de door de importeur erkende installateur of servicedienst
Attentie!
- De instellingsvoorwaarden voor dit apparaat staan op het typeplaatje op de achterzijde van het apparaat aangegeven. De door de fabriek ingestelde gassoort is met een ster (*) gemarkeerd.
- Controleer voor de opstelling van het apparaat de distributievoorwaarden (gassoort en gasdruk) en verzeker u ervan dat de gasinstelling van het apparaat hierop is ingesteld. Indien de instellingen van het apparaat gewijzigd moeten worden, raadpleeg dan de instructies in het hoofdstuk "Instructie voor het aansluiten van het gas en het wijzigen van de gassoort".
- Dit apparaat is niet op een verbrandingsgasafvoer aangesloten. Het apparaat moet in overeenstemming met de installatievoorschriften aangesloten en in gebruik genomen worden. Sluit het apparaat niet op een verbrandingsgasafvoer aan. Alle ventilatievoorschriften moeten in acht genomen worden.
- De gasaansluiting moet via een vaste, niet-flexibele aansluiting (gasleiding) of via een veiligheidsslang worden gerealiseerd.
- Indien een veiligheidsslang wordt gebruikt, moet er beslist op gelet worden dat de slang niet vastgeklemd of geknikt wordt. De slang mag niet met hete oppervlakken in aanraking komen.
- De gasleiding (gasleiding of veiligheidsslang) kan zowel aan de linker- als aan de rechterzijde van het apparaat worden aangesloten. De aansluiting moet over een gemakkelijk toegankelijke afsluitingsvoorziening beschikken.
Storingen aan de gasinstallatie/ gaslucht
Wanneer u merkt dat het naar gas ruikt of storingen aan de gasinstallatie vaststelt, dient u het volgende te doen.
- direct de gastoevoer of het ventiel van de gasfles sluiten
- direct open vuur en sigaretten doven
- elektrische apparaten uitschakelen ook lampen
- ramen openen en de ruimte goed luchten
- telefonisch contact opnemen met de klantenservice of de elektriciteitsmaatschappij.
Elektrische aansluiting
Attentie!
- Laat het apparaat door een servicedienst plaatsen. Voor de aansluiting is een zekering van 16 A nodig. Het apparaat is geschikt voor een netspanning van 220-240 V.
- Wanneer de netspanning afneemt tot minder dan 180 V, functioneert het elektrische ontstekingssysteem niet meer.
- Wordt het apparaat verkeerd aangesloten, vervalt bij schade de garantieclaim.
- Als de aansluitkabel beschadigd raakt, moet deze door de fabrikant, door de servicedienst of door een erkende monteur worden vervangen.
Voor de servicedienst
Attentie!
- Het apparaat moet overeenkomstig de specificaties op het typeplaatje worden aangesloten.
- Sluit het toestel alleen op een elektrische aansluiting aan die voldoet aan de geldende bepalingen. De contactdoos moet goed toegankelijk zijn om het apparaat indien nodig van het lichtnet te kunnen scheiden.
- Er moet een meerpolige scheidingsinrichting aangebracht zijn.
- Gebruik nooit een verlengkabel of meervoudige stekker.
- Om veiligheidsredenen mag dit apparaat alleen op een geaarde aansluiting worden aangesloten, Wanneer de randaarde-aansluiting niet aan de voorwaarden voldoet, is de bescherming tegen elektrische gevaren niet gegarandeerd.
- Voor de aansluiting van het apparaat moet een kabel van het type H 05 W-F of gelijkwaardig worden gebruikt.
Fornuis met de waterpas horizontaal plaatsen
Zet het fornuis direct op de vloer.
- 1. Ovenlade eruit trekken en er naar boven uittillen. Aan de onderkant bevinden zich binnenin voor en achter stelvoeten.
- 2. De stelvoeten zo nodig met een zeskantsleutel omhoog of omlaag draaien, tot het fornuis waterpas staat (Afbeelding A).
- 3. Ovenlade weer inschuiven (Afbeelding B).
Apparaat aan de gasleiding of aan de deurgreep verschuiven
Verschuif het apparaat niet door aan de gasleiding te trekken; de gasleiding kan beschadigd raken. Gevaar voor een gaslek! Verschuif het apparaat niet door aan de deurgreep te trekken. Deurscharnieren en deurgreep kunnen beschadigd raken.
Bevestiging aan de wand
Om te voorkomen dat het fornuis kantelt, dient u het met de meegeleverde haak aan de wand te bevestigen. Neem het montagevoorschrift voor bevestiging aan de wand in acht.
Pagina 30
Plaatsen van het apparaat
- Let erop dat het apparaat na de plaatsing niet meer wordt verschoven. De afstand tussen de extra krachtige brander of wokbrander met aangrenzende keukenmeubels resp. de muur moet minstens 50 mm bedragen.
Maatregelen tijdens het transport
- Het apparaat moet volgens de opgegeven maten worden geplaatst en direct op het vloeroppervlak van uw keuken. Het apparaat mag niet boven op wat voor object dan ook worden geplaatst.
- Voor de afstand tussen de bovenkant van het fornuis en de onderzijde van de afzuigkap moet u zich houden aan de instructies van de fabrikant van de afzuigkap.
Bevestig alle beweegbare onderdelen in en op het apparaat met plakband, dat zonder sporen verwijderd kan worden. Schuif alle toebehoren (bijv. de bakplaat) met een dunne strook karton aan beide zijden in de vakken om beschadiging van het apparaat te voorkomen. Leg karton of iets dergelijks tussen de voorzijde van de bakplaat en de achterzijde van de deur om te voorkomen dat de bakplaat tegen de binnenzijde van de glazen deur stoot. Bevestig de deur en, indien aanwezig, de bovenste afdekking met plakband aan de zijden van het apparaat.
Bewaar de originele verpakking van het apparaat. Transporteer het apparaat alleen in de originele verpakking. Let op de transportpijlen op de verpakking.
Als de originele verpakking niet meer beschikbaar is
Verpak het apparaat in een beschermende verpakking om voldoende bescherming tegen eventuele transportschade te garanderen.
Transporteer het apparaat rechtop. Houd het apparaat niet aan de deurgreep of aan aansluitingen op de achterzijde vast, omdat deze dan beschadigd kunnen raken. Leg geen zware voorwerpen op het apparaat.
Uw nieuwe fornuis
Hier maakt u kennis met uw nieuwe fornuis. Wij leggen u de werking van het bedieningspaneel, de kookplaat en de
afzonderlijke bedieningselementen uit. U krijgt informatie over de binnenruimte en de toebehoren.
Algemeen
De uitvoering hangt van het type apparaat af.
Toelichting
| 1 | Afdekplaat |
|---|---|
| 2 | Kookplaat |
| 3 | Kookzoneschakelaars |
| 4 | Functie- en temperatuurkeuzeknop |
| 5 | Koeling van het apparaat |
| 6 | Ovendeur |
| 7 | Schuiflade |
Pagina 31
Kookplaat
Hier krijgt u een overzicht van het bedieningspaneel. De uitvoering hangt van het type apparaat af.
Toelichting
1 Normale brander
2 Spaarbrander
3 Extra krachtige brander
4 Normale brander
Kookzoneschakelaars
Met de vier kookzoneschakelaars kunt u het verwarmingsvermogen van de kookzones instellen.
Standen
- Nulstand
- Instelbereik
Functie/gasfornuis
Fornuis is uitgeschakeld.
Grote vlam = hoogste instelling Spaarvlam = laagste instelling
Aan het einde van het instelbereik zit een aanslag. Niet verder draaien.
Ontstekingsknop
Met deze knop wordt het elektronische ontstekingssysteem geactiveerd.
Wanneer u op de knop drukt, worden alle aanstekers gelijktijdig ontstoken.
De oven
U stelt de oven in met de functie- en de temperatuurkeuzeknop.
Functiekeuzeknop
Met de functiekeuzeknop stelt u de wijze van verwarmen voor de oven in. De functiekeuzeknop kan naar links en naar rechts draaien.
Wanneer de gewenste wijze van verwarmen is ingesteld, brandt de lamp in de oven.
| Standen | Functie |
|---|---|
| • Uit | De oven is uitgeschakeld. |
| • Boven-/onder-warmte* | Het bakken en braden is maar op één niveau mogelijk. Voor gebak en pizza in bakvormen of op de bakplaat alsmede voor magere braadstukken van rund, kalf en wild is deze instelling zeer geschikt. De hitte komt gelijkmatig van boven en onderen. |
| • Onderwarmte | Met onderwarmte kunt u gerechten van onderen nabakken en roosteren. De temperatuur komt van onderen. |
| • Vlakgrillen, klein oppervlak | Deze wijze van verwarmen is geschikt voor het grillen van steak, worstjes, vis en toasts in kleine hoeveelheden. Het middelste deel van het grillelement wordt verwarmd. |
| • Vlakgrillen, groot U kunt meerdere steaks, worstjes, oppervlak vis en toast grillen. Het gehele oppervlak onder het grillelement wordt verwarmd. * Wijze van verwarmen conform energie-efficiëntieklasse EN50304. | |
| Temperatuurkeuzeknop | |
| Met de temperatuurkeuzeknop kunt u de temperatuur en de grillstand instellen. | |
| Standen | Functie |
| Nulstand | Oven niet heet. |
| 50-270 Temperatuurbe- Temperatuurinstellingen in °C. reik | |
| 1, 2, 3 Grillstanden | Grillstanden voor de grill, klein en groot oppervlak. Stand 1 = zwak Stand 2 = gemiddeld Stand 3 = sterk |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 31)
Als de oven opwarmt, brandt het lampje boven de temperatuurkeuzeknop. Als het opwarmen wordt onderbroken, gaat het uit. Brandt niet bij sommige instellingen.
De binnenruimte
In de binnenruimte bevindt zich de ovenlamp. Een koelventilator beschermt de oven tegen oververhitting.
Ovenlamp
Tijdens het gebruik brandt de ovenlamp in de binnenruimte.
Koelventilator
De koelventilator wordt zo nodig in- en uitgeschakeld. De warme lucht ontsnapt via de deur.
De koelventilator loopt een bepaalde tijd na, zodat de binnenruimte na gebruik sneller afkoelt.
Attentie!
De ventilatiesleuven niet afdekken. Anders raakt de oven oververhit.
Pagina 32
De toebehoren
De meegeleverde toebehoren zijn geschikt voor vele gerechten. Let erop dat u de toebehoren altijd op de juiste manier in de binnenruimte plaatst.
Het grote assortiment speciale toebehoren zorgt ervoor dat vele van uw gerechten nog beter lukken en u de oven nog comfortabler kunt gebruiken.
Inschuiven van het toebehoren
Het toebehoren kan in 5 verschillende hoogtes in de oven worden geschoven. Schuif het toebehoren altijd tot aan de aanslag erin zodat het niet met de glazen deur van de oven in aanraking komt.
Het toebehoren kan ongeveer tot de helft eruit getrokken worden zonder dat het kantelt. Zo kunt u de gerechten gemakkelijk uit de oven nemen.
Bij het inschuiven van het toebehoren moet u op de uitstulping aan de achterzijde van het toebehoren letten. Alleen zo klikt het op de juiste manier vast.
Aanwijzing: Het toebehoren kan door de hitte vervormen. Zodra het toebehoren afgekoeld is, neemt het zijn oorspronkelijke vorm weer aan. De functie wordt niet beïnvloed.
Houd de bakplaat aan weerszijden met beide handen vast en schuif de bakplaat recht in het frame. Vermijd bij het inschuiven bewegingen naar links of rechts. Anders kan de bakplaat niet gemakkelijk ingeschoven worden. Het geëmailleerde oppervlak kan beschadigd raken.
Toebehoren kunt u nabestellen bij de klantenservice, in de vakhandel of via Internet. Geef hiervoor alstublieft het HEZnummer op.
Rooster
Voor servies, taart- en cakevormen, braadstukken, grillstukken en diepvriesgerechten.
Het rooster met de open kant naar de ovendeur en de welving naar beneden inschuiven.
Emaillen bakplaat
Voor gebak en koekjes.
Plaats de bakplaat met de schuine kant naar de ovendeur.
Extra toebehoren
Extra toebehoren kunt u bij de servicedienst of in de speciaalzaak kopen. In onze brochures of op internet vindt u diverse producten die voor uw oven geschikt zijn. De beschikbaarheid van extra toebehoren en de mogelijkheid om deze via internet te kopen is per land verschillend. Informatie hierover vindt u in de verkoopbrochures.
Niet elk extra toebehoren is voor elk apparaat geschikt. Geef bij aankoop steeds de volledige naam (E-nr.) van uw apparaat op.
| Extra toebehoren | HEZ-nummer | Functie |
|---|---|---|
| Pizzaplaat | HEZ317000 | Is zeer geschikt voor pizza, diepvriesgerechten en ronde taarten. U kunt de pizzaplaat in plaats van de braadslede gebruiken. Schuif de plaat boven het rooster erin en houd u aan de gegevens in de tabellen. |
| Inzetrooster | HEZ324000 | Om te braden. Plaats het grillrooster altijd op de braadslede. Afdruipend vet en vleesvocht worden opgevangen. |
| Grillplaat | HEZ325000 | Deze wordt bij het grillen in plaats van het grillrooster of als spatbeveiliging gebruikt om de oven tegen sterke vervuiling te beschermen. Gebruik de grillplaat alleen in combinatie met de braadslede. Grillstukken op de grillplaat: Alleen de inschuifhoogtes 1, 2 en 3 worden gebruikt. Grillplaat als spatbeveiliging: De braadslede wordt tezamen met de grillplaat onder het rooster ingeschoven. |
| Baksteen | HEZ327000 | De baksteen is uitstekend geschikt voor het bereiden van zelfgemaakt brood, broodjes en pizza die een knapperige bodem moeten krijgen. De baksteen moet altijd op de aanbevolen temperatuur worden voorverwarmd. |
| Geëmailleerde bakplaat | HEZ331003 | Voor gebak en koekjes. Schuif de bakplaat met de schuine kant naar de ovendeur in de oven. |
Pagina 33
| Extra toebehoren | HEZ-nummer | Functie |
|---|---|---|
| Geëmailleerde bakplaat met anti-aanplaklaag | HEZ331011 | Gebak en koekjes kunnen goed op de bakplaat worden verdeeld. Schuif de bakplaat met de schuine kant naar de ovendeur in de oven. |
| Braadslede | HEZ332003 | Voor vochtig gebak, koekjes, diepvriesgerechten en grote braadstukken. Kan ook voor het opvangen van vet of vleesvocht onder het rooster worden gebruikt. Schuif de braadslede met de schuine kant naar de ovendeur in de oven. |
| Braadslede met anti-aanplaklaag | HEZ332011 | Vochtig gebak, koekjes, diepvriesgerechten en grote braadstukken kunnen goed op de braadslede worden verdeeld. Schuif de braadslede met de schuine kant naar de ovendeur in de oven. |
| Deksel voor profipan | HEZ333001 | Met een deksel wordt de profipan een profibraadpan. |
| Profipan met inzetrooster | HEZ333003 | Is zeer geschikt voor het bereiden van grote hoeveelheden. |
| Rooster | HEZ334000 | Voor ovenschalen, bakvormen, braadstukken, gegrilde stukken en diepvriesgerechten. |
| Glazen pan | HEZ915001 | De glazen pan is geschikt voor smoorgerechten en ovenschotels. Is zeer geschikt voor programma's en braadautomaat. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)
Klantenserviceartikelen
Voor uw huishoudelijke apparaten kunt u bij de klantenservice, in de vakhandel of via het Internet voor afzonderlijke landen in
de e-shop de juiste onderhouds en reinigingsmiddelen of andere toebehoren kopen. Geef hiervoor het betreffende artikelnummer op.
| Schoonmaakdoekjes voor roestvrijstalen oppervlakken | Artikelnr. 311134 | Het afzetten van vuil wordt tegengegaan. Door de impregnatie met een speciale olie worden de oppervlakken van roestvrijstalen apparaten optimaal schoongemaakt. |
| Ovengrillreinigergel | Artikel-nr. 463582 | Voor het reinigen van de binnenruimte. De gel is reukloos. |
| Microvezeldoek met honingraatstructuur | Artikelnr. 460770 | Bijzonder geschikt voor het schoonmaken van gevoelige oppervlakken, zoals bijv. glas, glaskeramiek, roestvrij staal of aluminium. Het microvezeldoekje verwijdert in één keer vochtig en vethoudend vuil. |
| Deurbeveiliging | Artikel-nr. 612594 | Om te voorkomen dat kinderen de ovendeur openen. De beveiliging wordt vastgeschroefd op een manier die afhangt van de apparaatdeur. Neem de aanwijzingen in het bijlageblad bij de deurbeveiliging in acht. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)
Voor het eerste gebruik
Hier vindt u alles wat u moet doen voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met de oven of de gas-kookplaat. Lees eerst het hoofdstuk Veiligheidsvoorschriften.
De oven opwarmen
Om de geur van het nieuwe te verwijderen, warmt u de lege, gesloten oven op. Ideaal hiervoor is een uur met boven- en onderwarmte bij 240 °C. Let erop dat zich geen verpakkingsresten in de binnenruimte bevinden.
- 1. Met de functiekeuzeknop Boven- en onderwarmte instellen.
- 2. Met de temperatuurkeuzeknop 240 °C instellen. Na een uur de oven uitschakelen. Functie- en temperatuurkeuzeknop op de nulstand draaien.
Toebehoren reinigen
Reinig de toebehoren voor het eerste gebruik grondig met warm zeepsop en een zacht schoonmaakdoekje.
Reinigen van de branderkelk en het branderdeksel
Reinig het branderdeksel (1) en het branderdeksel (2) met water en afwasmiddel. Droog deze onderdelen goed af. Plaats de branderkelk en het deksel weer op de branderkom
- (5) . Let erop dat de ontsteking (3) en de vlambeveiligingspin
- (4) niet worden beschadigd.
De sproeier (6) moet droog en schoon zijn. Plaats het branderdeksel altijd exact op de branderkelk.
Pagina 34
Geschikte pannen
| Brander/elektrische kookplaat | Minimale pandiameter | Maximale pandiameter |
|---|---|---|
| Elektrische kookplaat* | 14,5 cm | 14,5 cm |
| Wokbrander** 3,6 kW | 24 cm | 28 cm |
| Spaarbrander 3 kW | 24 cm | 28 cm |
| Normale brander 1,7 kW | 18 cm | 24 cm |
| Spaarbrander 1 kW | 12 cm | 18 cm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)
* Optie (voor modellen met elektrische kookplaat)
** Optie (voor modellen met wokbrander)
Waarschuwingen voor het gebruik
Onderstaande raadgevingen helpen u energie te besparen en schade vermijden aan de pannen:
Gebruik pannen met een geschikte maat voor elke brander.
Gebruik geen kleine pannen op grote branders. De vlam mag de zijkanten van de pan niet raken.
Gebruik geen vervormde pannen die onstabiel staan op de kookplaat. De pannen zouden kunnen kantelen.
Gebruik altijd pannen met een vlakke en dikke bodem.
Kook niet zonder deksel of met verschoven deksel. Een deel van de energie gaat verloren.
Plaats potten en pannen altijd midden boven de brander anders kunnen deze kantelen.
Plaats de pannen op de roosters, nooit rechtstreeks op de brander.
Controleer voor gebruik of de roosters en de branderdeksels op de juiste wijze zijn geplaatst.
Hanteer de pannen voorzichtig op de kookplaat.
Stoot niet tegen de kookplaat aan, noch plaats hierop te hoge gewichten.
Gebruik geen twee branders of warmtebronnen voor één pan.
Vermijd het gebruik van grillplaten, kookpotten van aardewerk, enz. gedurende lange tijd op het maximumvermogen.
Kookplaat instellen
Uw kookplaat is voorzien van vier gasbranders. Hier kunt u nalezen hoe u de gasbranders aansteekt en de kookplaat instelt.
Gasbrander ontsteken
Plaats het branderdeksel altijd exact op de branderkelk. De openingen op de branderkelk moeten altijd vrij zijn. Alle branderdelen moeten droog zijn.
- 1. Open de bovenste afdekking. Deze moet tijdens het gebruik van het fornuis altijd geopend zijn.
- 2. Draai de schakelaar van de gewenste kookzone naar links op het symbool van de grote vlam .
- 3. Houd de kookzoneschakelaar ingedrukt en druk gelijktijdig op de ontstekingsknop. De gasbrander wordt ontstoken.
- 4. Houd de kookzoneschakelaar ongeveer 1-3 seconden ingedrukt. De ontstekingsbeveiliging wordt geactiveerd. Als de gasvlam uitgaat, wordt de gastoevoer automatisch door de ontstekingsbeveiliging onderbroken.
- 5. Stel de gewenste vlamhoogte in. Tussen de instelling Uit en de instelling is de vlam niet stabiel. U moet daarom altijd een instelling tussen de hoogste en de laagste vlam kiezen.
Pagina 35
- 6. Als de vlam weer uitgaat, herhaalt u de procedure vanaf stap
2.
- 7. Voor het uitschakelen van de gasbrander: Draai de gasbranderschakelaar naar rechts op de stand Uit. De ontsteking mag niet langer dan 15 seconden worden bediend. Wanneer de brander na 15 seconden nog niet ontstoken is, moet u minstens 1 minuut wachten. Herhaal dan de ontstekingsprocedure.
De gasbrander ontsteekt niet.
Bij stroomuitval of bij vochtige bougies kunt u de gasbrander met een gasaansteker of lucifer ontsteken.
Tabel - koken
Kies voor elke kookzone de juiste pangrootte. De diameter van de panbodem moet met de grootte van de kookzone overeenstemmen.
De kooktijden zijn afhankelijk van de soort, het gewicht en de kwaliteit van de gerechten. Daarom zijn afwijkingen mogelijk. De optimale kooktijd kunt u op basis van uw eigen ervaring bepalen.
Mineralen en vitaminen kunnen bij het koken zeer snel hun voedingswaarde verliezen. Gebruik daarom maar weinig water. Zo blijven vitaminen en mineralen behouden. Kies korte kooktijden zodat groentes steviger blijven en meer voedingswaarde hebben.
| Voorbeeld | Gerecht | Kookzone | Kookstand |
|---|---|---|---|
| Smelten | Chocolade, boter, margarine | Spaarbrander | Kleine vlam |
| Verwarmen | Bouillon, groenteconserven | Normale brander | Kleine vlam |
| Verwarmen en warm houden | Soepen | Spaarbrander | Kleine vlam |
| Stomen* | Vis | Normale brander | Tussen grote en kleine vlam |
| Stomen* | Aardappels en overige groenten, vlees | Normale brander | Tussen grote en kleine vlam |
| Koken* | Rijst, groente, vleesgerechten (met saus) | Normale brander | grote vlamhoogte |
| Braden Pannenkoeken, aardappels, Extra krachtige brander schnitzels, vissticks * Wanneer u een pan met deksel gebruikt, schakel dan naar een kleinere vlam terug zodra | Tussen grote en kleine vlam het eten begint te koken. | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)
Oven instellen
Hier leert u hoe u de oven moet instellen.
Wijzen van verwarmen en temperatuur
Voorbeeld op de afbeelding: 190 °C, boven-/onderwarmte .
- 1. Met de functiekiezer de gewenste wijze van verwarmen instellen.
- 2. Met de temperatuurkeuzeknop kunt u de temperatuur of de grillstand instellen.
De oven wordt opgewarmd.
Oven uitschakelen.
Functiekeuzeknop op de nulstand draaien.
Instellingen veranderen
U kunt de verwarmingsmethode en temperatuur of grillstand op elk moment met de daarvoor bestemde keuzeknop veranderen.
Pagina 36
Onderhoud en reiniging
Wanneer u de kookplaat en de oven goed verzorgt en schoonmaakt, blijven ze lang mooi en intact. Hieronder leggen wij u uit hoe u beide op de juiste manier verzorgt en schoonmaakt.
Aanwijzingen
- Geringe kleurverschillen op de voorzijde van de oven zijn het gevolg van het gebruik van verschillende materialen, zoals glas, kunststof en metaal.
- Schaduwen op de ruit van de deur, die eruit zien als strepen, zijn lichtreflexen van de ovenlamp.
- Het email wordt ingebrand op zeer hoge temperaturen. Hierdoor kunnen er kleine kleurverschillen ontstaan. Dit is normaal en heeft geen nadelige invloed op de werking. De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd. Ze kunnen daarom ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact.
Bovenste glasafdekking
Voordat u de bovenste afdekking opent, moet u eerst eventueel gemorst vuil met een doek verwijderen.
Voor de reiniging kan het beste een glasreiniger worden gebruikt
Verwijder de bovenste afdekking voor de reiniging. Houd de afdekking aan weerszijden vast en trek deze naar boven.
Indien de scharnieren van de afdekking losraken, moet u op de letters op de scharnieren letten. Het scharnier met de letter R moet rechts, het scharnier met de letter L moet links worden gemonteerd.
Monteer na het reinigen de bovenste afdekking weer in omgekeerde volgorde.
Sluit de bovenste afdekking pas als de kookplaat is afgekoeld.
Schoonmaakmiddelen
Om te voorkomen dat de verschillende oppervlakken door verkeerde reinigingsmiddelen beschadigd raken, moet u zich aan het volgende houden.
Gebruik bij de reiniging van de kookplaat
- geen onverdund afwasmiddel of reinigingsmiddelen voor de vaatwasmachine,
- geen schuursponsjes,
- geen agressieve reinigingsmiddelen zoals ovensprays of middelen om vlekken te verwijderen,
- geen hogedrukreiniger of stoomstraler.
- Reinig losse onderdelen niet in de vaatwasmachine.
Gebruik bij de reiniging van de oven
- geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen,
- geen reinigingsmiddelen met een hoog alcoholpercentage,
- geen schuursponsjes,
- geen hogedrukreiniger of stoomstraler.
- Reinig losse onderdelen niet in de vaatwasmachine.
Was nieuwe sponsen voor het eerste gebruik goed uit.
Roestvrijstalen fron- Reinig deze met een vochtige doek en wat afwasmiddel. Veeg bij roestvrijstalen fronten altijd in de slijprichten ting. Anders kunnen er krassen ontstaan. Droog met een zachte doek af. Kalk, vet, zetmeel en eiwitvlekken moeten altijd onmiddellijk worden verwijderd. Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes of grove reinigingsdoeken. De roestvrijstalen oppervlakken kunnen met speciale onderhoudsmiddelen gepoetst worden. Neem de instructies van de fabrikant in acht. Speciale reinigingsmiddelen voor roestvrij staal zijn bij de servicedienst of in de speciaalzaak verkrijgbaar.
| Geëmailleerde en geglazuurde oppervlakken | Reinig deze met een vochtige doek en wat afwasmiddel. Droog met een zachte doek af. |
| Gasbranders en roosters van de kookzones | Niet in de vaatwasmachine reinigen. Neem het rooster van zijn plaats en reinig het met een spons, afwasmiddel en warm water. Verwijder de branderkelk en het branderdeksel. Maak deze schoon met een spons met wat warm water en afwasmiddel. Let erop dat de openingen van de branderkelken waar het gas uitstroomt schoon en niet verstopt zijn. Maak de ontstekers schoon met een klein, zacht borsteltje. De gasbranders functioneren alleen als de ontstekers schoon zijn. Verwijder etensresten met een vochtige doek en wat afwasmiddel uit de branderkommen. Gebruik hierbij weinig water. Er mag geen water in het apparaat komen. Let erop dat de opening van de sproeier tijdens het schoonmaken niet verstopt of beschadigd raakt. Droog alle onderdelen na het schoonmaken af en plaats de branderdeksels exact op de branderkelken. Als de onderdelen niet op de juiste wijze worden geplaatst, zal dat het ontsteken van de branders bemoeilijken. De branderdeksels zijn met een laag zwart email bedekt. Door de grote hitte kan deze kleur met de tijd veranderen. Dit zal de werking van de branders echter niet beïnvloeden. Leg het rooster weer op zijn plaats. |
| Elektrische kookplaat (optie) | Reinig deze met de harde kant van een schuursponsje en met wat vloeibaar schuurmiddel. Schakel na het reinigen de kookplaat kort in om deze te laten drogen. Vochtige kookplaten gaan op den duur roesten. Smeer er vervolgens een onderhoudsmiddel op. Overgekookt voedsel en etensresten moeten altijd direct worden verwijderd. |
| Metalen ring van de elektrische kookplaat (optie) | De metalen ring kan op den duur verkleuren. Het is mogelijk om de oorspronkelijke kleur te herstellen. Maak de ring schoon met de harde kant van een schuurspons en met wat vloeibaar schuurmiddel. Let hierbij op dat de aangrenzende oppervlakken niet afgeschuurd worden. De oppervlakken kunnen anders beschadigd raken. |
| Knoppen | Reinig deze met een vochtige doek en wat afwasmiddel. Droog met een zachte doek af. |
Pagina 37
| Deurglas | Dit kan met een glasreiniger worden gereinigd. Gebruik geen agressieve reinigingsmiddelen of schrapers. Deze kunnen het glasoppervlak bekrassen en beschadigen. |
| Dichting | Reinig deze met een vochtige doek. Droog met een zachte doek af. |
| Binnenruimte van de oven | Reinig deze met warm water of met azijn verdund water. Wanneer de oven erg vuil is: Gebruik een ovenreiniger. Deze mag alleen op afgekoelde oppervlakken worden gebruikt. |
| Glazen kapje op de ovenlamp | Reinig deze met een vochtige doek en wat afwasmiddel. Droog met een zachte doek af. |
| Toebehoren | Laat deze in warm zeepsop inweken. Reinig deze met een borstel of spons. |
| Aluminium bakblik (optie) | Niet in de vaatwasmachine reinigen. Gebruik in geen geval ovenreiniger. Om krassen te vermijden mogen de metalen oppervlakken nooit met een mes of soortgelijk scherp voorwerp in aanraking komen. Veeg een zachte doek voor glas met zeepsop of een pluisvrije microvezeldoek horizontaal en zonder druk over de oppervlakken. Droog met een zachte doek af. Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes of grove reinigingsdoeken. Deze maken krassen op het bakblik. |
| Kinderbeveiliging (optie) | Indien een kinderbeveiliging op de ovendeur is aangebracht, moet deze voor het reinigen worden verwijderd. Laat alle kunststofonderdelen in warm zeepsop weken en was deze met een spons af. Droog met een zachte doek af. Bij sterke vervuiling functioneert de kinderbeveiliging niet meer goed. |
| Ovenlade (optie) | Reinig deze met een vochtige doek en wat afwasmiddel. Droog met een zachte doek af. |
| Toebehoren | Laat deze in warm zeepsop inweken. Reinig deze met een borstel of spons. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)
Inschuifrails verwijderen en bevestigen
U kunt de rails voor het reinigen verwijderen. De oven dient afgekoeld te zijn.
Uithangen van de rekjes
- 1. Trek het rekje onderaan eruit en trek het iets naar voren. Trek de verlengingspinnen onder in het rekje uit de bevestigingsopeningen (afbeelding A).
- 2. Klap vervolgens het rekje omhoog en neem het voorzichtig eruit (afbeelding B).
Reinig de rekjes met afwasmiddel en een spons. Gebruik bij hardnekkig vuil een borstel.
Ophangen van de rekjes
- 1. Plaats de twee haken voorzichtig in de bovenste gaten. (afbeelding A-B)
Verkeerde montage!
Beweeg het rekje nooit, voordat de twee haken volledig en stevig in de bovenste gaten zijn bevestigd. Het email kan beschadigen en breken (afbeelding C.
- 2. De twee haken moeten volledig in de bovenste gaten zijn gehangen. Beweeg het rekje vervolgens langzaam en voorzichtig naar beneden en hang het in de onderste gaten (afbeelding D).
- 3. Hang beide rekjes in de zijwanden van de oven (afbeelding E).
Wanneer de rekjes op de juiste wijze gemonteerd zijn is de afstand tussen de twee bovenste inschuifhoogtes groter.
Pagina 38
Ovendeur verwijderen en inbrengen
Om de deurruiten schoon te maken en te demonteren, kunt u de ovendeur verwijderen.
De scharnieren van de ovendeur zijn alle voorzien van een blokkeerhendel. Wanneer de blokkeerhendels zijn dichtgeklapt (Afbeelding A), is de ovendeur beveiligd. Hij kan niet worden verwijderd. Wanneer de blokkeerhendels voor het verwijderen van de ovendeur opengeklapt zijn (B), zijn de scharnieren beveiligd. Ze kunnen niet dichtklappen.
Risico van letsel!
Wanneer de ovendeur er per ongeluk uitvalt of een scharnier dichtklapt, het scharnier niet met uw hand aanraken. Neem contact op met de klantenservice.
Deurruiten verwijderen en inbrengen
Risico van letsel!
Wanneer de scharnieren niet beveiligd zijn, klappen ze met grote kracht dicht. Let erop dat de blokkeerhendels altijd helemaal dichtgeklapt zijn, en bij het verwijderen van de ovendeur helemaal opengeklapt.
Deur verwijderen
- 1. Ovendeur helemaal openen.
- 2. Beide blokkeerhendels links en rechts openklappen (Afbeelding A).
- 3. Ovendeur tot de aanslag sluiten. Met beide handen links en rechts vastpakken. Nog wat verder sluiten en uitnemen (Afbeelding B).
Deur inbrengen
De ovendeur in de omgekeerde volgorde weer inbrengen.
- 1. Let er bij het inbrengen van de ovendeur op dat beide scharnieren recht in de opening worden geleid (Afbeelding A).
- 2. De keep op het scharnier dient aan beide kanten in te klikken (Afbeelding B).
- 3. Beide blokkeerhendels weer dichtklappen (Afbeelding C). Ovendeur sluiten.
Om gemakkelijker schoon te maken kunt u de ruiten van de ovendeur uitnemen.
Verwijderen
- 1. Ovendeur verwijderen en met de handgreep naar beneden op een doek leggen.
- 2. De afscherming bovenaan de ovendeur afnemen. Hiervoor links en rechts het lipje met de vingers indrukken (Afbeelding A).
- 3. Bovenste ruit optillen en naar buiten trekken (Afbeelding B).
- 4. Ruit optillen en naar buiten trekken (Afbeelding C).
Reinig de ruiten met glasreiniger en een zachte doek.
Risico van letsel!
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geen schraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.