Bosch HMG6764B1, tekst van de handleiding
Pagina's 27–40 van 52 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 15–26verder op pagina 41 →
Pagina 27
Reinigingsfunctie "Pyrolyse" nl
| Gebied | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
|---|---|---|
| Telescoopsysteem | • Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel. Om het smeervet niet te verwijderen, kunt u de telescooprails het beste in ingeschoven toestand reinigen. Niet in de vaatwasser reinigen. Opmerking: Voor een grondige reiniging het uittreksysteem verwijderen. → "Rekjes", Pagina 29 |
| Accessoires | • Warm zeepsop • Ovenreiniger | Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel of RVS-spiraalspons. Geëmailleerde accessoires kunnen in de vaatwasser worden gedaan. |
| Braadthermometer | • Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel. Niet in de vaatwasser reinigen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
17.2 Apparaat schoonmaken
Reinig om beschadiging van het apparaat te voorkomen het apparaat uitsluitend zoals aangegeven en met geschikte reinigingsmiddelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.
- Wees voorzichtig om het aanraken van verwarmingselementen te voorkomen.
- Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.
- Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging.
Vereiste: De instructies voor het gebruik van de reinigingsmiddelen aanhouden.
→ "Reinigingsmiddelen", Pagina 25
- 1. Het apparaat met warm zeepsop en een schoonmaakdoekje reinigen.
‒ Voor sommige oppervlakken kunt u alternatieve reinigingsmiddelen gebruiken.
→ "Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 25
- 2. Drogen met een zachte doek.
18 Reinigingsfunctie "Pyrolyse"
Met de reinigingsfunctie "Pyrolyse" reinigt de binnenruimte zichzelf vrijwel automatisch.
Reinig de binnenruimte om de 2 tot 3 maanden met de reinigingsfunctie. U kunt de reinigingsfunctie desgewenst vaker gebruiken. De reinigingsfunctie heeft ca. 2,5 - 4,7 kilowattuur nodig.
18.1 Apparaat voor de reinigingsfunctie voorbereiden
Om een goed reinigingsresultaat te verkrijgen en schade te vermijden, dient u het apparaat zorgvuldig voor te bereiden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Brandbare voorwerpen die in de binnenruimte worden bewaard kunnen vlam vatten.
- Bewaar nooit brandbare voorwerpen in de binnenruimte.
- Wanneer er rook wordt geproduceerd moet het apparaat worden uitgeschakeld of de stekker uit het stopcontact worden gehaald en moet de deur gesloten worden gehouden om eventueel optredende vlammen te doven.
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen tijdens de reiniging vlam vatten.
- Verwijder altijd de grove verontreiniging uit de binnenruimte voordat de reiniging start.
- Accessoires nooit meereinigen.
De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit brandbare voorwerpen, zoals bijv. droogdoeken, aan de deurgreep hangen.
- Voorkant van het apparaat vrijhouden.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Bij beschadigde deurafdichting ontsnapt grote hitte in het bereik van de deur.
- De dichting niet schuren en niet afnemen.
- Nooit het apparaat met beschadigde afdichting of zonder afdichting gebruiken.
- 1. Haal de toebehoren en vormen uit de binnenruimte. De rekjes met alle telescooprails kunt u mee reinigen.
- 2. Grove verontreinigingen uit de binnenruimte en van de rekjes verwijderen.
- 3. De binnenkant van de apparaatdeur en de randoppervlakken bij de deurafdichting met zeepsop en een zachte doek reinigen.
De deurafdichting niet afnemen en niet schuren. Verwijder sterke verontreinigingen op de binnenruit met ovenreiniger.
- 4. Voorwerpen uit de binnenruimte halen. De binnenruimte moet, met uitzondering van de rekjes, leeg zijn.
Pagina 28
nl Reinigingsondersteuning
18.2 Reinigingsfunctie instellen
Ventileer de keuken zolang de reinigingsfunctie actief is.
WAARSCHUWING ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!
De reinigingsfunctie warmt de binnenruimte tot een heel hoge temperatuur op zodat resten van braden, grillen en bakken verbranden. Hierbij komen dampen vrij die tot irritaties van de slijmvliezen kunnen leiden.
- Tijdens de reinigingsfunctie de keuken grondig ventileren.
- Niet gedurende langere tijd in de ruimte verblijven.
- Kinderen en huisdieren uit de buurt houden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De binnenruimte wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit de apparaatdeur openen.
- Het apparaat laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit de apparaatdeur aanraken.
- Het apparaat laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Opmerking: De ovenlamp brandt niet tijdens de reinigingsfunctie.
Vereiste: → "Apparaat voor de reinigingsfunctie voorbereiden", Pagina 27.
- 1. Op drukken.
- 2. Op "Reinigen" drukken.
- 3. Op "Pyrolyse" drukken.
- 4. De reinigingsstand met de bedieningsring instellen.
| Reinigingsstand | Mate van reiniging | Duur in uren |
|---|---|---|
| 1 | Licht | Ca. 1:15 |
| 2 | Gemiddeld | Ca. 1:30 |
| 3 | Hoog | Ca. 2:00 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 28)
Bij sterkere of oudere verontreiniging een hogere reinigingsstand kiezen.
De tijdsduur kan niet worden gewijzigd.
- 5. Op drukken.
- Op het display verschijnt een aanwijzing voor de voorbereidingen die nodig zijn voor het reinigen.
- 6. In werking stellen met .
- De reinigingsfunctie start en de tijdsduur loopt af. De opwarmlijn verschijnt niet.
- Voor uw veiligheid vergrendelt de apparaatdeur vanaf een bepaalde temperatuur in de binnenruimte. Op het display verschijnt .
- Als de reinigingsfunctie is beëindigd, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.
- 7. Het apparaat uitschakelen met .
Als het apparaat voldoende is afgekoeld, ontgrendelt de apparaatdeur en gaat uit.
- 8. → "Apparaat na de reinigingsfunctie gebruiksklaar maken", Pagina 28.
18.3 Apparaat na de reinigingsfunctie gebruiksklaar maken
- 1. Laat het apparaat afkoelen.
- 2. Achtergebleven as in de binnenruimten, aan de rekjes en bij de apparaatdeur afnemen met een vochtig doekje.
- 3. De telescooprails meerdere keren uittrekken en inschuiven.
Tijdens de reinigingsfunctie kunnen verkleuringen aan de telescooprails ontstaan. Deze verkleuringen hebben geen nadelige invloed op de werking van het apparaat.
- 4. Witte aanslag met citroenzuur verwijderen.
Opmerking: Witte aanslag op de emailvlakken kan door te grove verontreinigingen ontstaan. Deze levensmiddelresten zijn ongevaarlijk. De aanslag heeft geen nadelige invloed op de werking van het apparaat.
Opmerking: Tijdens de reinigingsfunctie verkleurt de binnenlijst van de apparaatdeur. Deze verkleuringen hebben geen nadelige invloed op de werking van het apparaat. De verkleuringen met een reinigingsmiddel voor roestvrij staal verwijderen.
19 Reinigingsondersteuning
De reinigingsondersteuning is een snel alternatief voor de reiniging van de binnenruimte tussendoor. De reinigingsondersteuning weekt verontreinigingen door het verdampen van zeepsop in. Verontreinigingen kunnen vervolgens gemakkelijker worden verwijderd.
19.1 Reinigingsondersteuning instellen
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Door water in de hete binnenruimte kan hete waterdamp ontstaan.
- Nooit water in de hete binnenruimte gieten.
Vereiste: De binnenruimte is volledig afgekoeld.
- 1. Verwijder de accessoires uit de binnenruimte.
- 2. 0,4 l water met een druppel afwasmiddel mengen en in het midden op de bodem van de binnenruimte gieten.
Gebruik geen gedestilleerd water.
- 3. De functie "Verwarmingsmethoden" kiezen.
- 4. De functie onderwarmte instellen.
- 5. De temperatuur met de bedieningsring op 80 °C instellen.
- 6. Op "Tijdsduur" drukken.
- 7. De tijdsduur met de bedieningsring op 4 minuten instellen.
- 8. In werking stellen met .
- Het apparaat begint op te warmen en de tijdsduur loopt af.
- Wanneer de tijd is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. Op het display staat de tijdsduur op nul.
- 9. Het apparaat met uitschakelen en de binnenruimte ca. 20 minuten laten afkoelen.
Pagina 29
Drogen nl
19.2 Binnenruimte nareinigen
LET OP!
Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.
- Na de reinigingsondersteuning de binnenruimte uitvegen en volledig laten drogen.
Vereiste: De binnenruimte is afgekoeld.
- 1. De deur van het apparaat openen en het restwater met een goed opnemende sponsdoek opnemen.
- 2. Gladde oppervlakken in de binnenruimte reinigen met een schoonmaakdoekje of zachte borstel. Verwijder hardnekkige resten met een schuursponsje van roestvrij staal.
- 3. Kalkranden verwijderen met een in azijn gedrenkte doek. Vervolgens met schoon water afnemen en droogwrijven met een zachte doek, ook onder de deurafdichting.
- 4. Om de binnenruimte te laten drogen, de deur van het apparaat in grendelstand (ca. 30°) ca. 1 uur openen.
20 Drogen
Om achterblijvende vochtigheid te vermijden, na het gebruik de ovenruimte drogen.
LET OP!
Water op de bodem van de binnenruimte bij temperaturen boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille.
- Geen programma starten wanneer zich water op de bodem van de binnenruimte bevindt.
- Voor gebruik het water van de bodem van de binnenruimte opnemen.
20.1 Binnenruimte drogen
U kunt de ovenruimte met de hand drogen of de functie "Drogen" gebruiken.
- 1. Laat het apparaat afkoelen.
- 2. Verontreiniging uit de binnenruimte verwijderen.
- 3. Water in de binnenruimte opvegen.
- 4. Droog de binnenruimte.
‒ Laat om de binnenruimte te drogen de deur van het apparaat 1 uur open staan.
‒
Op de functie "Drogen" te gebruiken, "Drogen" instellen.
→ "Drogen instellen", Pagina 29
Drogen instellen
Vereiste: → "Binnenruimte drogen", Pagina 29
- 1. Op drukken.
- 2. Op "Reinigen" drukken.
- 3. Op "Drogen" drukken.
- Op het display verschijnt de tijdsduur. De tijdsduur kan niet worden gewijzigd.
- 4. In werking stellen met .
- Het drogen start en de tijdsduur loopt af.
- Wanneer het drogen is beëindigd, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.
- 5. Het apparaat uitschakelen met .
- 6. Om de binnenruimte volledig te drogen, de deur van het apparaat 1 tot 2 minuten geopend laten.
21 Rekjes
en uit-
Om de rekjes en de binnenruimte grondig te reinigen of om de rekjes te wisselen, kunnen de rekjes worden verwijderd.
21.1 Rekjes verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De rekjes worden heel heet
- Nooit de hete rekjes aanraken.
- Het apparaat altijd laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- 1. Het rekje aan de voorkant optillen en losmaken .
- 2. Het complete rekje naar achteren schuiven nemen .
- 3. Het rekje reinigen.
→ "Reinigingsmiddelen", Pagina 25
Pagina 30
nl Apparaatdeur
21.2 Houders inbrengen
Als u de rekjes verwijdert, kunnen de houders eruit vallen.
Opmerking:
De houders zijn aan de voor- en achterkant verschillend.
- 1. De voorste houders met de haak vanaf boven in het ronde gat leiden en een beetje schuin zetten .
- 2. De voorste houders aan de onderkant inbrengen en recht zetten .
- 3. De achterste houders met de haak in het bovenste gat leiden en in het onderste gat drukken .
21.3 Rekjes inhangen
Opmerkingen
- De rekjes passen alleen links of rechts.
- Let er bij beide telescooprails op dat deze naar voren uitgeschoven kunnen worden.
- 1. Het rekje aan de achterkant boven en beneden in de houders plaatsen en naar voren trekken .
- 2. Het rekje van voren inbrengen en naar beneden drukken .
22 Apparaatdeur
Om de apparaatdeur grondig te reinigen, kunt u de apparaatdeur demonteren.
22.1 Deurafscherming afnemen
De roestvrijstalen inlegger in de deurafscherming kan verkleuren. Neem de deurafscherming af om deze en de roestvrijstalen inlegger schoon te maken of de deurruiten te verwijderen.
- 1. Open de apparaatdeur een beetje.
- 2. Op de deurafscherming links en rechts drukken.
- 3. De deurafscherming afnemen en de apparaatdeur voorzichtig sluiten.
Pagina 31
Apparaatdeur nl
22.2 Deurruiten verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.
- Gebruik geen scherp of schurend reinigingsmiddel of scherpe metalen schraper voor het reinigen van het glas van de ovendeur omdat dit het oppervlak kan beschadigen.
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren. Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
Vereiste: De deurafscherming is afgenomen.
- 1. De schroeven links en rechts van de apparaatdeur losdraaien en verwijderen.
- 2. Een theedoek die meerdere keren is samengevouwen tussen de apparaatdeur klemmen.
- 3. Sluit de apparaatdeur.
- 4. De voorruit er naar boven uittrekken.
- 5. De voorruit met de deurgreep naar beneden op een vlak oppervlak leggen.
- 6. De tussenruit met één hand tegen het apparaat drukken en tegelijkertijd de linker en rechter houders naar boven drukken. De houders niet verwijderen.
- 7. De tussenruit uitnemen.
- 8. WAARSCHUWING ‒ Kans op ernstig gevaar voor de gezondheid!
Door het opendraaien van de schroeven is de veiligheid van het apparaat niet meer gewaarborgd. Er kan energie van de magnetron naar buiten komen.
- De schroeven nooit opendraaien.
Nooit de 4 zwarte schroeven van de omlijsting schroeven.
22.3 Deurruiten inbouwen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren. Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
- 1. De tussenruit draaien, totdat de pijl rechts boven is.
- 2. De tussenruit onder in de houder inbrengen en aan de bovenkant aandrukken en vasthouden.
- 3. De linker en rechter houder naar beneden drukken totdat de binnenruit is ingeklemd .
Pagina 32
nl Storingen verhelpen
- 4. De voorste ruit onder in de linker en rechter houder inhangen .
- 5. De voorste ruit tegen het apparaat drukken, tot de linker en rechter haken tegenover de opname liggen .
- 6. De voorste ruit onder aandrukken , totdat deze hoorbaar vastklikt.
- 7. De apparaatdeur een beetje openen en de vaatdoek verwijderen.
- 8. De beide schroeven links en rechts op de apparaatdeur vastdraaien.
- 9. De deurafdekking aanbrengen en aandrukken , tot deze hoorbaar inklikt.
- 10. Sluit de apparaatdeur.
Opmerking: De binnenruimte pas gebruiken wanneer de ruiten naar behoren zijn ingebouwd.
23 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
23.1 Functiestoringen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat werkt niet. | Zekering is defect. ▶ Controleer de zekering in de meterkast. |
| Stroomvoorziening is uitgevallen. ▶ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. Fout van het elektronische systeem 1. Koppel het apparaat kort van het elektriciteitsnet door de zekering uit te schakelen. 2. Reset de basisinstellingen naar de fabrieksinstellingen. → "Basisinstellingen", Pagina 24 | |
| Op het display verschijnt "Sprache Deutsch". | Stroomvoorziening is uitgevallen. ▶ Stel de opties voor het eerste gebruik in. – Taal – Tijd |
| Werking start niet of wordt onderbroken. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. ▶ Controleer de aanwijzingen die op het display verschijnen. → "Informatie weergeven", Pagina 15 |
| Storing ▶ Neem contact op met de klantenservice. → "Servicedienst", Pagina 34 |
Pagina 33
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Het apparaat warmt niet op. | De demonstratiemodus is geactiveerd in de basisinstellingen, op het display verschijnt . 1. Haal de stroom kortstondig van het apparaat door de zekering in de meterkast uit en opnieuw in te schakelen. 2. Deactiveer de demo-modus binnen 3 minuten in de → "Basisinstellingen", Pagina 24. |
| Stroomvoorziening is uitgevallen. ▶ Open en sluit na een stroomuitval de apparaatdeur één keer. • Het apparaat controleert zichzelf en is klaar voor gebruik. | |
| Als het apparaat uitgeschakeld is, verschijnt de actuele tijd niet. | Basisinstelling werd gewijzigd. ▶ Wijzig de basisinstelling van de tijdsindicatie. → "Basisinstellingen", Pagina 24 |
| Apparaatdeur kan niet worden geopend. | Reinigingsfunctie vergrendelt de apparaatdeur, op het display licht op. ▶ Laat het apparaat afkoelen tot op het display uitgaat. → "Reinigingsfunctie 'Pyrolyse'", Pagina 27 |
| Kinderslot vergrendelt de apparaatdeur. ▶ Deactiveer het kinderslot met de toets . → "Kinderslot", Pagina 24 De vergrendeling kunt u in de basisinstellingen uitschakelen. → "Basisinstellingen", Pagina 24 | |
| De bedieningsring is uit de lagering in het bedieningspaneel gevallen. | De bedieningsring werd ontgrendeld. 1. Leg de bedieningsring in de lagering op het bedieningspaneel. 2. Druk de bedieningsring in de lagering, zodat deze inklikt en gedraaid kan worden. |
| Bedieningsring kan slechts moeilijk worden gedraaid. | Er zit vuil onder de bedieningsring. De bedieningsring is afneembaar. Opmerking: Neem de bedieningsring niet te vaak af, zodat het lager stabiel blijft. 1. Om de bedieningsring los te maken, drukt u op de buitenste rand ervan. • De bedieningsring kantelt en kan gemakkelijk worden beetgepakt. 2. Neem de bedieningsring uit de lagering. 3. De bedieningsring en de lagering op het apparaat voorzichtig reinigen met zeepsop en een schoonmaakdoekje. Drogen met een zachte doek. Gebruik hiervoor geen scherpe of schurende middelen. Laat de bedieningsring niet weken. Reinig de bedieningsring niet in de vaatwasmachine. |
| Bij het reinigen van de magnetron wordt de binnenruimte heet. | Droogfunctie is ingeschakeld. Wanneer er alleen van de magnetronfunctie gebruik wordt gemaakt, wordt bij de standen 600 W en max automatisch de bovenwarmte ingeschakeld om condens te voorkomen. Het bereidingsresultaat wordt hierdoor niet beïnvloed. ▶ U kunt de basisinstelling voor de droogfunctie bij de magnetronfunctie wijzigen. → "Basisinstellingen", Pagina 24 ‒ Neem de informatie over de magnetron in acht. → "Magnetron", Pagina 17 |
| Verlichting van de binnenruimte werkt niet. | LED-lampje is defect. Opmerking: Verwijder de glazen afdekplaat niet. ▶ Neem contact op met de klantenservice. → "Servicedienst", Pagina 34 |
| Maximale gebruiksduur bereikt. | Om een ongewilde permanente werking te vermijden, stopt het apparaat na meerdere uren automatisch met op te warmen als de instellingen onveranderd zijn. Er verschijnt een aanwijzing op het display. Het tijdstip waarop de maximale gebruiksduur wordt bereikt, is afhankelijk van de functie-instellingen. 1. Om de werking voort te zetten drukt u op een willekeurig touchveld of draait u aan de bedieningsring. 2. Wanneer u het apparaat niet gebruikt, schakel het dan met uit. Tip: Om te voorkomen dat het apparaat ongewenst uitschakelt, kunt u een tijdsduur instellen. → "Tijdsduur instellen", Pagina 16 |
Pagina 34
nl Afvoeren
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Melding met "D" of "E" verschijnt in het display, bijv. D0111 of E0111. | De elektronica heeft een fout geconstateerd. 1. Schakel het apparaat uit en weer in. • Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding. 2. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geef tijdens het telefoongesprek de exacte foutmelding door. → "Servicedienst", Pagina 34 |
| Bereidingsresultaat is niet bevredigend. | Instellingen waren niet geschikt. Instelwaarden, bijv. temperatuur of tijdsduur, zijn van recept, hoeveelheid en levensmiddel afhankelijk. ▶ Stel de volgende keer lagere of hogere waarden in. Tip: Veel informatie over de bereiding en de passende instelwaarden vindt u op onze homepage www.bosch-home.com. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)
24 Afvoeren
24.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
- 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- 2. Het netsnoer doorknippen.
- 3. Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
25 Servicedienst
Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website. Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website. Dit product bevat lichtbronnen van energieklasse G. De lichtbronnen zijn leverbaar als reserveonderdeel en mogen uitsluitend door een hiervoor opgeleide monteur worden vervangen.
25.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat. Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de apparaatdeur opent.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
Pagina 35
Zo lukt het nl
26 Zo lukt het
Voor verschillende gerechten vindt u hier de bijpassende instellingen alsmede de beste accessoires en vormen. Wij hebben het advies optimaal op uw apparaat afgestemd.
26.1 Algemene aanwijzingen voor de bereiding
Houd deze informatie aan bij het bereiden van alle gerechten.
- Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de hoeveelheid en het recept. Daarom zijn er instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden.
- De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst. Schuif de accessoire pas na het voorverwarmen in de binnenruimte.
- Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruimte.
26.2 Aanwijzingen voor het bakken
- Voor het bakken van taart, gebak of brood zijn donkere bakvormen van metaal het beste geschikt.
- Gebruik voor ovenschotels en gegratineerde gerechten een platte, brede vorm. In een smalle, hoge vorm hebben de gerechten meer tijd nodig en worden donkerder aan de bovenkant.
- Bakvormen van silicone zijn niet geschikt.
- Wanneer u de ovenschotel direct in de braadslede bereidt, schuif deze er dan op niveau 2 in.
- De instelwaarden voor brooddeeg gelden zowel voor deeg op de bakplaat als voor deeg in een rechthoekige vorm.
LET OP!
Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat er waterdamp. Door de temperatuurverandering kan er schade optreden.
- Giet nooit water in de hete binnenruimte.
- Zet nooit servies met water op de bodem van de binnenruimte.
Inschuifhoogtes
Wanneer u verwarmingsmethode 4D-hete lucht gebruikt, kunt u kiezen tussen de inschuifhoogtes 1, 2, 3 en 4.
| Bakken op één niveau | Hoogte |
|---|---|
| Hoog gebak / vorm op het rooster | 2 |
| Plat gebak / bakplaat | 3 |
| Bakken op meerdere niveaus | Hoogte |
| 2 niveaus • Braadslede • Bakplaat | 3 1 |
| 2 niveaus 2 roosters met vormen erop | 3 1 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)
| Bakken op meerdere niveaus | Hoogte |
|---|---|
| 3 niveaus • Bakplaat • Braadslede • Bakplaat | 5 3 1 |
| 4 niveaus 4 roosters met bakpapier | 5 3 2 1 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)
Gebruik de verwarmingsmethode 4D hete lucht.
Opmerkingen
- Gebak op bakplaten of in vormen die gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeft niet op hetzelfde moment klaar te zijn.
- Bereiding in combinatie met de magnetron is slechts op één niveau mogelijk.
26.3 Aanwijzingen voor de bereiding bij braden, stoven en grillen
- Het insteladvies geldt voor braadproducten op koelkasttemperatuur alsmede voor ongevuld braadklaar gevogelte.
- Leg het gevogelte met de borstzijde of met de kant van het vel naar beneden op de vorm.
- Keer het braad- of grillproduct of hele vis na ca. ½ tot ⅔ van de aangegeven tijd.
- Met de braadthermometer kunt u exact bereiden.
Houd de belangrijke informatie aan voor het juiste gebruik. → Pagina 20
Braden op het rooster
Op het rooster wordt vlees van alle kanten bijzonder knapperig. Braad bijvoorbeeld groot gevogelte of meerdere stukken tegelijkertijd.
- Braad de stukken van gelijk gewicht en gelijke dikte. De grillstukken bruinen gelijkmatig en blijven lekker mals.
- Leg de te braden stukken vlees rechtstreeks op het rooster.
- Schuif om afdruipende vloeistof op te vangen, de braadslede een niveau onder het rooster in de binnenruimte.
- Giet afhankelijk van de grootte en het soort product tot ½ liter water in de braadslede.
Van dit opgevangen braadvocht kunt u een saus bereiden. Er ontstaat dan ook minder rook en de binnenruimte wordt minder verontreinigd.
Braden in vormen
Bij de bereiding in gesloten vormen blijft de binnenruimte schoner.
Algemene richtlijnen voor braden in vormen
- Gebruik hittebestendige vormen die geschikt zijn voor de oven.
- Plaats de vorm op het rooster.
- Vormen van glas zijn het meest geschikt.
- Houd de aanwijzingen van de fabrikant van de braadvorm aan.
Pagina 36
nl Zo lukt het
Braden in open vormen
- Gebruik een hoge braadvorm.
- Wanneer u geen geschikte vorm heeft, kunt u de braadslede gebruiken.
Braden in gesloten vormen
- Gebruik een passend, goed sluiten deksel.
- Bij vlees moet er tussen het te braden product en het deksel minimaal 3 cm afstand zijn. Het vlees kan tijdens de bereiding uitzetten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Bij het openen van het deksel na het bereiden kan zeer hete stoom ontsnappen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.
- Til het deksel zo op, zodat de hete stoom weg van het lichaam kan ontsnappen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Grillen
Grill de gerechten die knapperig moeten worden.
LET OP!
Zuurhoudende levensmiddelen kunnen het rooster beschadigen
- Leg zuurhoudende levensmiddelen zoals bijv. fruit of met zuurhoudende marinade gekruide grillproducten niet direct op het rooster.
- Grill grillstukken van vergelijkbaar gewicht en vergelijkbare dikte. De grillstukken bruinen gelijkmatig en blijven lekker mals.
- Leg de te grillen stukken rechtstreeks op het rooster.
- Schuif om afdruipende vloeistof op te vangen, de braadslede minstens één niveau onder het rooster in de binnenruimte.
Opmerkingen
- Het grillelement wordt steeds weer in- en uitgeschakeld. Dit is normaal. De frequentie hangt af van de ingestelde grillstand.
- Bij het grillen kan rook ontstaan.
Instructie voor mensen met nikkelallergie
In zeldzame gevallen kunnen geringe sporen van nikkel worden overgedragen aan levensmiddelen.
26.4 Bereiding met magnetron
Als u gerechten met de magnetron klaar maakt, dan kunt u de bereidingstijd aanzienlijk verkorten.
Algemeen
- De bereidingsduur bij gebruik van de magnetron is gebaseerd op het totaalgewicht.
Wilt u een andere dan de opgegeven hoeveelheid klaarmaken, dan helpt de basisregel: Bij een dubbele hoeveelheid is bijna de dubbele bereidingsduur nodig.
- De producten geven warmte af aan het servies. Het servies kan zeer heet worden.
- In het belangrijkste deel van de gebruikershandleiding vindt u informatie, hoe u de magnetron en combi-magnetron instelt.
- → "CombiSpeed", Pagina 19
- → "Magnetron", Pagina 17
Koken of stomen met de magnetron
- Gebruik gesloten servies dat geschikt is voor de magnetron. U kunt voor het afdekken ook een bord of speciale magnetronfolie gebruiken.
- Gebruik voor alle graanproducten, bijvoorbeeld voor rijst, een hoge vorm met deksel. Graan schuimt sterk tijdens het koken. Voeg vloeistof toe overeenkomstig de informatie in het insteladvies.
- Was de levensmiddelen en droog deze niet af. Voeg 1-3 eetlepels water of citroensap toe aan de gerechten.
- Verdeel de gerechten vlak in de vorm. Platte voedingsproducten zijn sneller klaar dan hoge.
- Gebruik zout en specerijen met mate. Bij het bereiden met de magnetron blijft de oorspronkelijke smaak in grote mate behouden.
- Keer of roer het voedsel tussendoor 2-3 keer.
- Laat het voedsel na het bereiden 2-3 minuten rusten.
26.5 Bereiding van diepvriesproducten
- Gebruik geen sterk met ijs bedekte diepvriesproducten.
- IJs verwijderen.
- Diepvriesproducten zijn ten dele ongelijkmatig voorgebakken. De ongelijkmatige bruine kleur blijft ook na het bakken bestaan.
26.6 Bereiding van kant-en-klare voedingsproducten
- Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen.
- Gebruik een hittebestendige vorm wanneer u het kant-en-klaar gerecht in een vorm bereidt.
Pagina 37
Zo lukt het nl
26.7 Selectie van gerechten
Insteladvies voor talrijke levensmiddelen gesorteerd op categorie.
Insteladvies voor verschillende gerechten
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar- Temperatuur in mingsme- °C thode → Pagina 11 | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Cake, eenvoudig | Tulbandvorm of Langwerpige bakvorm | 2 | 160 - 180 | 90 | 30 - 40 |
| Cake, 2 niveaus | Tulbandvorm of Langwerpige bakvorm | 3+1 | 140 - 150 | - | 60 - 80 |
| Cake, fijn | Langwerpige bakvorm | 2 | 150 - 170 | - | 60 - 80 |
| Vruchten- of kwarktaart met bodem van zandtaartdeeg | Springvorm Ø 26 cm | 2 | 150 - 170 | - | 65 - 85 |
| Vruchten- of kwarktaart met bodem van zandtaartdeeg | Springvorm Ø 26 cm | 2 | 1. 160 - 180 2. 100 | 1. 180 2. 0 | 1. 30 - 40 2. 20 |
| Biscuittaart, 6 eieren | Springvorm Ø 28 cm | 2 | 150 - 170 ¹ | - | 30 - 50 |
| Biscuittaart, 6 eieren | Springvorm Ø 28 cm | 2 | 150 - 160 | - | 50 - 60 |
| Zandtaartdeeggebak met vochtige bedekking | Braadslede | 3 | 160 - 180 | - | 55 - 75 |
| Gebak van gistdeeg met vochtige bedekking | Braadslede | 3 | 180 - 200 | - | 30 - 40 |
| Cakerol | Bakplaat | 3 | 180 - 190 ¹ | - | 15 - 20 |
| Muffins | Muffinplaat | 3 | 170 - 190 | - | 15 - 20 |
| Klein gebak van gistdeeg | Bakplaat | 3 | 160 - 180 | - | 25 - 40 |
| Koekjes | Bakplaat | 3 | 140 - 160 | - | 15 - 30 |
| Koekjes, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 140 - 160 | - | 15 - 30 |
| Koekjes, 3 niveaus | 1x Braadslede + 2x Bakplaat | 5+3+1 | 140 - 160 | - | 15 - 30 |
| Brood, op de plaat 750 g | Braadslede of Langwerpige bakvorm | 2 | 1. 210 - 220 ¹ 2. 180 - 190 | - | 1. 10 - 15 2. 25 - 35 |
| Brood, op de plaat 1500 g | Braadslede of Langwerpige bakvorm | 2 | 1. 210 - 220 ¹ 2. 180 - 190 | - | 1. 10 - 15 2. 40 - 50 |
| Brood, op de plaat 1500 g | Langwerpige bakvorm | 2 | 200 - 210 | - | 35 - 45 |
| Plat rond brood | Braadslede | 3 | 250 - 270 | - | 20 - 25 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)
1 Het apparaat voorverwarmen.
2 Het voedsel tussendoor 1 - 2 maal omroeren.
Pagina 38
nl Zo lukt het
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar- Temperatuur in mingsme- °C thode → Pagina 11 | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Broodjes, vers | Bakplaat | 3 | 180 - 200 | - | 20 - 30 |
| Pizza, vers - op de bakplaat | Bakplaat | 3 | 200 - 220 | - | 25 - 35 |
| Pizza, vers - op de bakplaat, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 180 - 200 | - | 35 - 45 |
| Pizza, vers, dunne bodem, in pizzavorm | Pizzaplaat | 2 | 220 - 230 | - | 20 - 30 |
| Quiche | Taartvorm , Zwart blik | 3 | 190 - 210 | - | 30 - 40 |
| Flammkuchen | Braadslede | 3 | 260 - 280 ¹ | - | 10 - 15 |
| Ovenschotel, hartig, gegaarde ingrediënten. | Ovenschaal | 2 | 200 - 220 | - | 30 - 50 |
| Ovenschotel, hartig, gegaarde ingrediënten. | Ovenschaal | 2 | 150 - 170 | 360 | 20 - 30 |
| Lasagne, diepvries, 400 g | Open vorm | 2 | 200 - 210 | 180 | 20 - 25 |
| Aardappelgratin, rauwe ingrediënten, 4 cm hoog | Ovenschaal | 2 | 160 - 190 | - | 50 - 70 |
| Aardappelgratin, rauwe ingrediënten, 4 cm hoog | Ovenschaal | 2 | 170 - 190 | 360 | 20 - 25 |
| Kip, 1 kg, ongevuld | Rooster | 2 | 200 - 220 | - | 60 - 70 |
| Kip, 1 kg, ongevuld | Gesloten vorm | 2 | 230 - 250 | 360 | 25 - 35 |
| Kleine kipdelen, à 250 g | Rooster | 3 | 220 - 230 | - | 30 - 35 |
| Kleine kipdelen, 4 stuks à 250 g | Open vorm | 2 | 190 - 210 | 360 | 20 - 30 |
| Gans, niet gevuld, 3 kg | Rooster | 2 | 160 - 180 | - | 120 - 150 |
| Gans, niet gevuld, 3 kg | Rooster | 2 | 170 - 190 | 180 | 80 - 90 |
| Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kg | Open vorm | 2 | 180 - 190 | - | 110 - 130 |
| Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kg | Gesloten vorm | 2 | 220 - 240 | 360 | 55 - 65 |
| Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kg | Open vorm | 2 | 190 - 200 | - | 120 - 140 |
| Runderfilet, medium, 1 kg | Rooster | 2 | 210 - 220 | - | 40 - 50 |
| Runderfilet, medium, 1 kg | Gesloten vorm | 2 | 240 - 260 | 90 | 30 - 40 |
| Gestoofd rundvlees, 1,5 kg | Gesloten vorm | 2 | 200 - 220 | - | 130 - 160 |
| Gestoofd rundvlees, 1,5 kg | Gesloten vorm | 2 | 200 - 220 | - | 140 - 160 |
| Rosbief, medium, 1,5 kg | Rooster | 2 | 220 - 230 | - | 60 - 70 |
| Rosbief, medium, 1,5 kg | Open vorm | 2 | 240 - 260 | 180 | 30 - 40 |
| Burger, 3-4 cm hoog | Rooster | 4 | 3 | - | 25 - 30 |
| Lamsbout zonder been, medium, 1,5 kg | Open vorm | 2 | 170 - 190 | - | 50 - 80 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)
1 Het apparaat voorverwarmen.
2 Het voedsel tussendoor 1 - 2 maal omroeren.
Pagina 39
Zo lukt het nl
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar- Temperatuur in mingsme- °C thode → Pagina 11 | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Lamsbout zonder been, medium, 1,5 kg | Gesloten vorm | 2 | 240 - 260 | 1. 360 2. 180 | 1. 30 2. 35 - 40 |
| Gebraden gehakt, 1 kg, + 20 ml water | Open vorm | 2 | 170 - 190 | 360 | 30 - 40 |
| Vis, gegrild, heel 300 g, bijv. forel | Rooster | 2 | 170 - 190 | - | 20 - 30 |
| Vis, gegrild, heel 300 g, bijv. forel | Rooster | 3 | 2 | 90 | 15 - 20 |
| Groente, vers, 250 g | Gesloten vorm | 2 | - | 600 | 6 - 10 ² |
| Gebakken aardappels, gehalveerd, 1 kg | Braadslede | 3 | 200 - 220 | 360 | 15 - 20 |
| Gekookte aardappels, in vieren gedeeld, 500 g | Gesloten vorm | 2 | - | 600 | 12 - 15 ² |
| Rijst met lange korrel, 250 g + 500 ml water | Gesloten vorm | 2 | - | 1. 600 2. 180 | 1. 7 - 9 2. 13 - 16 |
| Gierst, heel, 250 g + 600 ml water | Gesloten vorm | 2 | - | 1. 600 2. 180 | 1. 8 - 10 2. 5 - 10 |
| Polenta of maïsgriesmeel, 125 g + 500 ml water* | Gesloten vorm | 2 | - | 600 | 6 - 8 ² |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 39)
| 1 Het apparaat voorverwarmen. 2 Het voedsel tussendoor 1 - 2 maal omroeren. | |
| Dessert Popcorn bereiden met de magnetron WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden! De verpakking van luchtdicht verpakte levensmiddelen kan knappen. ▶ Houd altijd de opgaven op de verpakking aan. ▶ Neem gerechten altijd met een pannenlap uit de binnenruimte. 1. Gebruik een hittebestendige, vlakke glazen vorm, bijv. het deksel van een ovenschaal. Gebruik geen porseleinen of sterk gewelfde borden. 2. Leg de popcornzak volgens de aanwijzingen op de verpakking op de vorm. 3. Stel het apparaat in overeenkomstig het insteladvies. 4. Afhankelijk van het product en de hoeveelheid moet de tijd mogelijk worden aangepast. 5. Verwijder de popcornzak na 1½ minuut en schud deze om zodat de popcorn niet aanbrandt. 6. De popcornzak weer terug plaatsen in de oven en verder laten poffen. Insteladvies voor desserts en compote | 7. Schakel wanneer nog slechts elke 2-3 seconden pofgeluiden te horen zijn het apparaat uit en neem de popcornzak uit de oven. 8. Veeg de binnenruimte na de bereiding schoon. Yoghurt maken 1. De accessoires en de rekjes uit de binnenruimte nemen. 2. 1 liter melk (3,5 % vet) op 90°C verwarmen op de kookplaat en tot 40°C laten afkoelen. Bij houdbare melk is het verwarmen tot 40°C voldoende. 3. 150 g yoghurt op koelkasttemperatuur door de melk roeren. 4. De massa in kleinere vormen gieten, bijv. in kopjes of kleine glazen. 5. De vormen met folie afdekken, bijv. met vershoudfolie. 6. Plaats de vormen op de bodem van de binnenruimte. 7. Stel het apparaat in overeenkomstig het insteladvies. 8. Laat de yoghurt na de bereiding minimaal 12 uur lang rusten in de koelkast. |
| Gerecht Accessoires / vor- Hoogte men | Verwar- Temperatuur in Magnetron- Tijdsduur mingsme- °C vermogen in in min. thode W → Pagina 11 |
| Pudding van pudding- Gesloten vorm 2 poeder 1 Het voedsel tussendoor 1 - 2 maal omroeren. 2 Leg de gesloten zak op de vorm. | - 600 5 - 8 ¹ |
Pagina 40
nl Zo lukt het
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar- Temperatuur in mingsme- °C thode → Pagina 11 | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Yoghurt | Portievormen | Bodem van de binnenruimte | 40 - 45 | - | 8-9 uur |
| Rijstepap, 125 g + 500 ml melk* | Gesloten vorm | 2 | 1. 2 2. 2 | 1. 600 2. 180 | 1. 10 2. 20 - 25 1 |
| Vruchtencompote, 500 g | Gesloten vorm | 2 | 1. 1 2. 1 | 600 | 9 - 12 |
| Popcorn voor de magnetron, 1 zak à 100 g ² | Open vorm | 2 | - | 600 | 4 - 6 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 40)
1 Het voedsel tussendoor 1 - 2 maal omroeren.
2 Leg de gesloten zak op de vorm.
26.8 Bijzondere bereidingswijzen en andere toepassingen
Informatie en insteladvies over bijzondere bereidingswijzen en andere toepassingen, bijv. langzaam garen of inkoken.
Langzaam garen
Bereid fijn vlees, bijv. zachte delen van rund, kalf, varken, lam, of gevogelte, langzaam bij lage temperatuur.
Gevogelte of vis langzaam garen
Opmerking: Een starttijdvoorkeuze met eindtijd is bij de verwarmingsmethode langzaam garen niet mogelijk.
Vereiste: De binnenruimte is koud.
- 1. Gebruik vers en hygiënisch perfect vlees, zonder bot.
- 2. De vorm op het rooster op niveau 2 in de binnenruimte plaatsen.
- 3. De binnenruimte en de vorm ca. 15 minuten voorverwarmen.
- 4. Het vlees op de kookplaat van alle kanten zeer heet aanbraden.
- 5. Het vlees direct op de voorverwarmde vorm in de binnenruimte van de oven doen.
Houd om ervoor te zorgen dat het klimaat in de binnenruimte gelijk blijft, de deur van de oven tijdens het langzaam garen gesloten.
- 6. Verwijder na het langzaam garen het vlees uit de binnenruimte.
Insteladvies voor langzaam garen
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Aanbraadduur in min. | Verwarmingsmethode → Pagina 11 | Temperatuur in °C | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Eendenborst, rosé à 300 g | Open vorm | 2 | 6 - 8 | 90 ¹ | 45 - 60 | |
| Varkenshaas, heel | Open vorm | 2 | 4 - 6 | 80 ¹ | 45 - 70 | |
| Runderfilet, 1 kg | Open vorm | 2 | 4 - 6 | 80 ¹ | 90 - 120 | |
| Kalfsmedaillons, 4 cm dik | Open vorm | 2 | 4 | 80 ¹ | 30 - 50 | |
| Lamsrack, zonder been, à 200 g | Open vorm | 2 | 4 | 80 ¹ | 30 - 45 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 40)
1 Het apparaat voorverwarmen.
Ontdooien
Ontdooi diepvriesproducten met uw apparaat.
Aanwijzingen voor het ontdooien
- Met de functie "Magnetron" kunt u diepgevroren fruit, groente, gevogelte, vlees, vis of gebak ontdooi- en.
- Neem het diepvriesproduct uit de verpakking om te ontdooien.
- Gebruik hittebestendig servies dat geschikt is voor de magnetron.
- De insteladviezen gelden voor gerechten met diepvriestemperatuur (-18 °C).
- Ontdooien lukt beter in meerdere stappen. De stappen zijn onder elkaar aangegeven in de aanbevelingen voor instellingen.
- Keer of roer het voedsel tussendoor 1-2 keer.
Keer grote stukken meerdere malen. Deel het voedsel tussendoor in stukken.
Neem reeds ontdooide stukken uit de binnenruimte.
- Laat de ontdooide producten nog 10 tot 30 minuten in het uitgeschakelde apparaat rusten, zodat de temperatuur gelijkmatig verdeeld wordt.