Bosch HMG6764B1, tekst van de handleiding
Pagina's 41–48 van 52 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 41
Zo lukt het nl
Insteladvies voor het ontdooien
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar- Temperatuur in mingsme- °C thode → Pagina 11 | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Brood, 500 g | Open vorm | 2 | - | 1. 180 2. 90 | 1. 3 2. 10 - 15 |
| Broodjes | Rooster | 2 | 140 - 160 | 90 | 2 - 4 |
| Gebak, vochtig, 500 g | Open vorm | 2 | - | 1. 180 2. 90 | 1. 2 2. 10 - 15 |
| Gebak, droog, 750 g | Open vorm | 2 | - | 90 | 10 - 15 |
| Vlees, heel, bijv. braadvlees, rauw vlees, 1 kg | Open vorm | 2 | - | 1. 180 2. 90 | 1. 15 2. 20 - 30 1 |
| Gehakt, gemengd, 500 g | Open vorm | 2 | - | 1. 180 2. 90 | 1. 5 2. 10 - 15 1 |
| Kip, heel, 1,2 kg | Open vorm | 2 | - | 1. 180 2. 90 | 1. 10 2. 10 - 15 1 |
| Vis, heel, 300 g | Open vorm | 2 | - | 1. 180 2. 90 | 1. 3 2. 10 - 15 1 |
| Kleinfruit, 300 g | Open vorm | 2 | - | 180 | 5 - 10 |
| Boter ontdooien, 125 g | Open vorm | 2 | - | 90 | 7 - 9 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 41)
1 Keer het gerecht van 1/2 van de totale tijd.
Opwarmen met de magnetron
Met de magnetron kunt u voedingsproducten opwarmen of in één stap ontdooien en opwarmen.
Bereidingswijze voor het opwarmen met de magnetron
- Gebruik gesloten servies dat geschikt is voor de magnetron.
- Keer of roer het voedsel tussendoor 2-3 keer.
- Laat het voedsel na het bereiden 1-2 minuten rusten.
- De producten geven warmte af aan het servies. Het servies kan zeer heet worden.
- Let op de volgende punten wanneer u babyvoedsel opwarmt:
- Plaats flesjes zonder speen of deksel op het rooster.
- Schud of roer het babyvoedsel goed door na het verwarmen.
- Controleer absoluut de temperatuur van het babyvoedsel.
- Veeg de binnenruimte na het opwarmen droog.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Bij het verwarmen van vloeistof kan er kookvertraging ontstaan. Dit houdt in dat de kooktemperatuur wordt bereikt zonder de kenmerkende bellen ontstaan. Al bij een kleine trilling van de vorm kan de hete vloeistof dan plotseling hevig overkoken en opspatten.
- Zorg ervoor dat er tijdens het verwarmen altijd een lepel in de vorm staat. Zo wordt kookvertraging voorkomen.
LET OP!
Als het metaal tegen de wand van de binnenruimte aan komt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat beschadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkant kan worden aangetast.
- Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas, moeten minstens 2 cm van de wanden van de binnenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd zijn.
Pagina 42
nl Zo lukt het
Insteladvies voor het opwarmen met de magnetron
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar- Temperatuur in mingsme- °C thode → Pagina 11 | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Dranken verwarmen, 200 ml | Open vorm | 2 | - | 900 | 1 - 3 ¹ |
| Babyvoeding verwarmen, bijv. flesjes melk, 150 ml | Open vorm | 2 | - | 360 | 1 - 3 ¹ |
| Groente, gekoeld, 250 g | Gesloten vorm | 2 | - | 600 | 3 - 8 |
| Bijgerechten, bijv. pasta, balletjes, aardappels, rijst gekoeld | Gesloten vorm | 2 | - | 600 | 5 - 10 |
| Soep, eenpansgerecht, 400 ml gekoeld | Gesloten vorm | 2 | - | 600 | 5 - 7 ¹ |
| Schotel, 1 portie gekoeld | Gesloten vorm | 2 | - | 600 | 4 - 8 |
| Ovenschotels, 400 g, bijv. lasagne, aardappelgratin | Open vorm | 2 | 180 - 200 | 180 | 20 -25 |
| Bijgerechten, 500 g, bijv. pasta, balletjes, aardappels, rijst diepvries | Gesloten vorm | 2 | - | 600 | 7 - 15 |
| Soep, eenpansgerecht, 200 ml diepvries | Gesloten vorm | 2 | - | 600 | 6 - 8 ¹ |
| Schotel, 1 portie diepvries | Gesloten vorm | 2 | - | 600 | 11 - 15 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 42)
1 Het voedsel goed omroeren.
Warmhouden
Aanwijzingen voor het warmhouden
- Voorkom condensvorming wanneer u de verwarmingsmethode "Warmhouden" gebruikt. U hoeft de binnenruimte niet af te nemen.
- U kunt het voedsel afdekken om het uitdrogen te vermijden.
- Houd voedsel niet langer dan 2 uur warm.
- Houd er rekening mee dat vele gerechten bij het warmhouden verder garen.
26.9 Testgerechten
De informatie in dit deel is bedoeld voor testinstituten, om het testen van het apparaat conform EN 60350-1:2013 of IEC 60350-1:2011 en conform EN 60705:2012, IEC 60705:2010 te vergemakkelijken.
| Bakken | ||
| • De instelwaarden gelden voor producten die in de | Bakplaat: hoogte 1 | |
| onverwarmde binnenruimte worden geplaatst. | – Vormen op het rooster: | |
| • Neem de aanwijzingen voor het voorverwarmen in | Eerste rooster: hoogte 3 | |
| het insteladvies in acht. De instelwaarden gelden | Tweede rooster: hoogte 1 | |
| zonder snel voorverwarmen. | • | Inschuifhoogtes bij het bakken op 3 niveaus: |
| • Gebruik bij het bakken eerst de laagste opgegeven | – Bakplaat: hoogte 5 | |
| temperatuur. | – Braadslede, hoogte 3 | |
| • Gebak op bakplaten of in vormen die gelijktijdig in | – Bakplaat: hoogte 1 | |
| de oven worden geplaatst, hoeft niet op hetzelfde | • | Biscuitgebak |
| moment klaar te zijn. | – Wanneer u op 2 niveaus bakt, de springvormen | |
| • Inschuifhoogtes bij het bakken op 2 niveaus: | diagonaal boven elkaar op het rooster plaatsen. | |
| – Braadslede, hoogte 3 |
Pagina 43
Zo lukt het nl
Insteladvies voor bakken
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode → Pagina 11 | Temperatuur in °C | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Spritskoekjes | Bakplaat | 3 | 140 - 150 ¹ | 25 - 40 | |
| Spritskoekjes | Bakplaat | 3 | 140 - 150 ¹ | 25 - 40 | |
| Sprits, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 140 - 150 ¹ | 30 - 40 | |
| Sprits, 3 niveaus | 2x Bakplaat + 1x Braadslede | 5+3+1 | 130 - 140 ¹ | 35 - 55 | |
| Kleine cakes | Bakplaat | 3 | 160 ¹ | 20 - 30 | |
| Kleine cakes | Bakplaat | 3 | 150 ¹ | 25 - 35 | |
| Kleine cakes, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 150 ¹ | 25 - 35 | |
| Kleine cakes, 3 niveaus | 2x Bakplaat + 1x Braadslede | 5+3+1 | 140 ¹ | 35 - 45 | |
| Biscuitgebak | Springvorm Ø 26 cm | 2 | 160 - 170 ² | 25 - 35 | |
| Biscuitgebak | Springvorm Ø 26 cm | 2 | 160 - 170 ² | 25 - 35 | |
| Biscuitgebak, 2 niveaus | Springvorm Ø 26 cm | 3+1 | 150 - 170 ² | 30 - 50 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 43)
| 1 Warm het apparaat 5 minuten voor. De functie snel voorverwarmen niet gebruiken. 2 Het apparaat voorverwarmen. De functie snel voorverwarmen niet gebruiken. | |
| Insteladvies bij grillen | |
| Gerecht Accessoires / vor- Hoogte Verwar- Temperatuur in men mingsme- °C / grillstand thode → Pagina 11 | Tijdsduur in min. |
| Toast bruinen Rooster 5 3 ¹ 1 Het apparaat niet voorverwarmen. | 3 - 5 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 43)
| Bereiding met magnetron | |
|---|---|
| • Schuif wanneer u het rooster gebruikt, het rooster • met het opschrift Microwave naar de apparaatdeur en de kromming naar beneden gericht in de binnenruimte. Insteladvies voor het ontdooien met de magnetron | Schakel voor het testen van alleen de magnetronfunctie de droogfunctie in de basisinstellingen uit. → Pagina 24 |
| Gerecht Accessoires / vor- Hoogte men | Verwar- Magnetronvermo- Tijdsduur in mingsme- gen in W min. thode → Pagina 11 |
| Vlees Open vorm 2 | 1. 180 1. 5 2. 90 2. 10 - 15 |
Pagina 44
nl Montagehandleiding
Insteladvies voor het bereiden met de magnetron
| Gerecht Accessoires / vor- Hoogte Verwar- Magnetronvermo- Tijdsduur in men mingsme- gen in W min. thode → Pagina 11 | |
|---|---|
| Kandeel Open vorm 2 1. 360 2. 180 | 1. 20 2. 20 - 25 |
| Biscuitgebak Open vorm 2 600 | 7 - 9 |
| Gehaktbrood Open vorm 2 600 | 22 - 27 |
| Insteladvies voor het bereiden met de magnetron gecombineerd | |
| Gerecht Accessoires / vor- Hoogte Verwar- Temperatuur in men mingsme- °C thode → Pagina 11 | Magnetron- Tijdsduur vermogen in in min. W |
| Aardappelgratin Open vorm 2 170 - 190 | 360 25 - 30 |
| Gebak Open vorm 2 180 - 200 | 180 18 - 23 |
| Kip Rooster 2 200 - 220 1 Het gerecht na 2/3 van de totale tijd keren. | 360 25 - 35 ¹ |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 44)
27 Montagehandleiding
Houd rekening met deze informatie bij de montage van het apparaat.
27.1 Algemene montage-instructies
Neem deze aanwijzingen in acht voordat u met het inbouwen van het apparaat begint.
- De inbouwkast mag achter het apparaat geen achterwand hebben. Tussen de wand en de bodem van de kast of de achterwand van de kast erboven dient een afstand van minstens 35 mm te worden aangehouden.
- Ventilatiesleuven en aanzuigopeningen mogen niet worden afgedekt.
- Alleen als de inbouw op deskundige wijze en conform dit installatievoorschrift wordt uitgevoerd, is de veiligheid bij het gebruik gegarandeerd. De monteur is aansprakelijk voor schade als gevolg van een verkeerde inbouw.
- Gebruik de deurgreep niet voor transport of inbouw.
- Het apparaat na het uitpakken controleren. Niet aansluiten in geval van transportschade.
- Voor het eerste gebruik verpakkingsmateriaal en plakfolie verwijderen uit de binnenruimte en van de deur.
- Bij de inbouw van accessoires dient u zich te houden aan de beschrijving in de montagebladen.
- Inbouwmeubels dienen bestand te zijn tegen een temperatuur tot maximaal 95°C, aangrenzende meubelfronten tot 70°C.
- Het apparaat niet inbouwen achter een decor- of meubeldeur. Er bestaat gevaar van oververhitting.
- Voer uitsnijdingswerkzaamheden aan het meubel uit voordat het apparaat wordt geplaatst. Spanen verwijderen. Deze kunnen invloed hebben op de werking van elektrische componenten.
- De contactdoos van het apparaat dient zich in het gebied van het gearceerde vlak of buiten de inbouwruimte te bevinden.
Niet-bevestigde meubels moeten met een gebruikelijke, in de handel verkrijgbare montagebeugel aan de wand worden bevestigd.
Pagina 45
Montagehandleiding nl
- Draag werkhandschoenen ter voorkoming van snijwonden. Onderdelen die tijdens het inbouwen toegankelijk zijn, kunnen scherpe randen hebben.
- Maataanduidingen van de afbeeldingen in mm.
WAARSCHUWING ‒ Gevaar:
magnetisme!
In het bedieningspaneel of de bedieningselementen bevinden zich permanente magneten. Deze kunnen elektronische implantaten, zoals bijvoorbeeld pacemakers, of insulinepompen beïnvloeden.
- Dragers van elektronische implantaten dienen een afstand van minstens 10 cm tot de bedieningselementen aan te houden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adapters is gevaarlijk.
- Gebruik geen meervoudige stekkerdozen.
- Gebruik uitsluitend verlengkabels die zijn gecertificeerd, een minimale aderdiameter van 1,5 mm² hebben en die voldoen aan de geldende landelijke veiligheidsvereisten.
- Neem contact op met de service wanneer het netsnoer te kort is.
- Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters gebruiken.
LET OP!
Door het apparaat aan de deurgreep te dragen kan deze afbreken. De deurgreep houdt het gewicht van het apparaat niet.
- Het apparaat niet aan de deurgreep vasthouden of dragen.
27.2 Afmetingen van het apparaat
Hier vindt u de afmetingen van het apparaat.
27.3 Inbouw onder een werkblad
Neem de inbouwmaten en de inbouwvoorschriften bij de inbouw onder een werkblad in acht.
- Met het oog op de luchttoevoer van het apparaat dient het tussenschot te beschikken over een ventilatie-opening.
- Het werkblad moet aan het inbouwmeubel worden bevestigd.
- Het eventueel voorhanden installatievoorschrift van de kookplaat in acht nemen.
- Afwijkende nationale inbouwvoorschriften van de kookplaat in acht nemen.
Pagina 46
nl Montagehandleiding
27.4 Inbouw onder een kookplaat
wordt de
Wordt het apparaat onder een kookplaat ingebouwd, dan moeten de minimale afmetingen in acht worden genomen, eventueel inclusief onderbouw.
Op basis van de vereiste minimale afstand minimale dikte van het werkblad berekend
.
| Type kookplaat | a opbouw in mm | a vlak gemonteerd in mm | b in mm |
|---|---|---|---|
| Inductiekookplaat | 37 | 38 | 5 |
| Inductiekookplaat met doorlopend kookoppervlak | 47 | 48 | 5 |
| Gaskookplaat | 27 | 38 | 5¹ |
| Elektrische kookplaat | 27 | 30 | 2 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 46)
1 Afwijkende nationale inbouwvoorschriften van de kookplaat in acht nemen.
27.5 Inbouw in een hoge kast
Neem de inbouwmaten en de inbouwvoorschriften bij de inbouw in een hoge kast in acht.
kelplaat bijsnijden of een ventilatierooster aanbrengen. Let erop dat de luchtcirculatie volgens de tekening is gewaarborgd.
- Met het oog op de luchttoevoer van het apparaat dienen de tussenschotten te beschikken over een ventilatie-opening.
- Om een voldoende ventilatie van het apparaat te waarborgen, is een ventilatie-opening van minimaal 200 cm² in de plint noodzakelijk. Hiervoor de sok-
- Wanneer de bovenkast naast de element-achterwanden nog een achterwand heeft, dient deze verwijderd te worden.
- Het apparaat niet te hoog inbouwen, zodat de toebehoren er zonder probleem uitgenomen kunnen worden.
Pagina 47
Montagehandleiding nl
27.6 Hoekinbouw
Houd de inbouwmaten en de inbouwinstructies bij hoekinbouw aan.
- Om ervoor te zorgen dat de deur van het apparaat kan worden geopend, dient u zich bij de hoekinbouw te houden aan de minimale afmetingen. De maat is afhankelijk van de dikte van het meubelfront en de greep.
27.7 Elektrische aansluiting
Om het apparaat elektrisch veilig te kunnen aansluiten, dient u deze aanwijzingen in acht te nemen.
- Het apparaat voldoet aan beveiligingsklasse I en mag alleen met een geaarde aansluiting worden gebruikt.
- De zekering dient in overeenstemming te zijn met de vermogensopgave op het typeplaatje en de lokale voorschriften.
- Het apparaat moet bij alle montagewerkzaamheden spanningsloos zijn.
- Het apparaat mag alleen met de meegeleverde aansluitkabel worden aangesloten.
- De aansluitkabel moet op de achterzijde worden ingestoken tot een klik hoorbaar is. Een 3 m lange aansluitkabel is bij de service verkrijgbaar.
- De aansluitkabel mag alleen worden vervangen door een originele kabel. Die is bij de service verkrijgbaar.
- De bescherming tegen aanraking dient door de inbouw te zijn gewaarborgd.
Apparaat met geaarde stekker elektrisch aansluiten
Opmerking: Het apparaat mag alleen op een geaarde contactdoos worden aangesloten die volgens de voorschriften is geïnstalleerd.
- Steek de stekker in het stopcontact met randaarde. Wanneer het apparaat is ingebouwd, moet de netstekker van de netaansluitkabel vrij toegankelijk zijn, of wanneer vrije toegang niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie een scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften zijn ingebouwd.
Apparaat zonder geaarde stekker elektrisch aansluiten
Opmerking: Het apparaat mag alleen door geschoold personeel worden aangesloten. Bij schade door een verkeerde aansluiting kunt u geen aanspraak maken op garantie.
In de vast geplaatste elektrische installatie moet een scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften zijn ingebouwd.
- 1. Fase- en neutraal- ("nul-") leider in het stopcontact identificeren.
Bij een verkeerde aansluiting kan het apparaat worden beschadigd.
- 2. Volgens het aansluitschema aansluiten.
Zie voor de spanning het typeplaatje.
- 3. De aders van de elektrische aansluitleiding dienen overeenkomstig de kleurcodering te worden aangesloten:
‒ groen-geel = aarddraad ‒ blauw = neutraal- ("nul-") leiding ‒ bruin = fase (buitendraad)
27.8 Apparaat inbouwen
- 1. Het apparaat volledig inschuiven en centrisch uitlijnen.
- 2. Het apparaat vastschroeven.
Pagina 48
nl Montagehandleiding
- 3. Bij greeploze keuken met verticale greeplijst: ‒ Breng een geschikt vulstuk aan om eventuele scherpe randen af te dekken en een veilige montage te waarborgen.
‒ Aluminiumprofielen voorboren, om een schroefverbinding te maken .
‒ Apparaat met adequate schroeven bevestigen .
Opmerking: De spleet tussen werkblad en apparaat mag niet door extra lijsten worden afgesloten. Aan de zijwanden van de ombouwkast mogen geen isolatieprofielen worden aangebracht.
27.9 Apparaat demonteren
- 1. Maak het apparaat spanningsloos.
- 2. Draai de bevestigingsschroeven los.
- 3. Til het apparaat iets op en trek het helemaal naar buiten.