Bosch HRA4720B0, tekst van de handleiding
Pagina's 5–18 van 36 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–4verder op pagina 19 →
Pagina 5
Materiële schade vermijden nl
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Dampen van brandbare vloeistoffen kunnen in de oven door hete oppervlakken ontsteken en een snelle verbranding veroorzaken. De apparaatdeur kan openspringen. Er kunnen hete dampen en steekvlammen naar buiten treden.
- Doe geen ontvlambare vloeistoffen (bijv. alcoholhoudende dranken) in het waterreservoir.
- Vul het waterreservoir uitsluitend met water.
1.7 Reinigingsfunctie
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen tijdens de reiniging vlam vatten.
- Verwijder altijd de grove verontreiniging uit de binnenruimte voordat de reiniging start.
- Toebehoren nooit meereinigen.
De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit brandbare voorwerpen, zoals bijv. droogdoeken, aan de deurgreep hangen.
- Voorkant van het apparaat vrijhouden.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Bij beschadigde deurafdichting ontsnapt grote hitte in het bereik van de deur.
- De dichting niet schuren en niet afnemen.
- Nooit het apparaat met beschadigde afdichting of zonder afdichting gebruiken.
WAARSCHUWING ‒ Kans op ernstig gevaar voor de gezondheid!
Het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen. De antiaanbaklaag van bakplaten en vormen wordt aangetast en er ontstaan giftige gassen.
- Bij gebruik van de reinigingsfunctie nooit platen en vormen met een antiaanbaklaag meereinigen.
- Accessoires nooit meereinigen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!
De reinigingsfunctie warmt de binnenruimte tot een heel hoge temperatuur op zodat resten van braden, grillen en bakken verbranden. Hierbij komen dampen vrij die tot irritaties van de slijmvliezen kunnen leiden.
- Tijdens de reinigingsfunctie de keuken grondig ventileren.
- Niet gedurende langere tijd in de ruimte verblijven.
- Kinderen en huisdieren uit de buurt houden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De binnenruimte wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit de apparaatdeur openen.
- Het apparaat laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit de apparaatdeur aanraken.
- Het apparaat laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
2 Materiële schade vermijden
2.1 Algemeen
LET OP!
Alcoholdampen kunnen in de hete binnenruimte ontvlammen en tot een permanente beschadiging van het apparaat leiden. Door de explosieve verbranding kan de apparaatdeur openspringen en er eventueel afvallen. De deurramen kunnen kapot gaan en versplinteren. Door de onderdruk die ontstaat kan de binnenruimte naar binnen sterk vervormen.
- Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 % vol.) in onverdunde toestand (bijv. voor het opgieten of overgieten van gerechten) verhitten.
Water op de bodem van de binnenruimte bij temperaturen boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille.
- Geen programma starten wanneer zich water op de bodem van de binnenruimte bevindt.
- Voor gebruik het water van de bodem van de binnenruimte opnemen.
Pagina 6
nl Milieubescherming en besparing
Als de temperatuur hoger is dan 50°C ontstaat er warmteophoping door voorwerpen op de bodem van de binnenruimte. De bak- en braadtijden kloppen niet meer en het email wordt beschadigd.
- Nooit toebehoren, bakpapier of folie, van welke soort dan ook op de bodem van de binnenruimte leggen.
- Plaats geen vormen op de bodem van de binnenruimte bij een bereidingstemperatuur hoger dan 50°C. Uitzondering hierop is het waterreservoir bij gebruik van de stoomassistent.
Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat er waterdamp. Door de temperatuurverandering kan er schade optreden.
- Giet nooit water in de hete binnenruimte.
- Plaats nooit een vorm met water op de bodem van de binnenruimte. Uitzondering hierop is het waterreservoir bij gebruik van de stoomassistent.
Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.
- Laat na het gebruik de binnenruimte drogen.
- Geen vochtige levensmiddelen gedurende langere tijd in de gesloten binnenruimte bewaren.
- Geen eten in de binnenruimte bewaren.
Wanneer er wordt afgekoeld terwijl de apparaatdeur open staat, raken aangrenzende meubelfronten op den duur beschadigd.
- Na een bereiding met hoge temperaturen de binnenruimte alleen met gesloten deur laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er niets tussen de apparaatdeur beklemd raakt.
- Alleen na gebruik met veel vocht de binnenruimte met open deur laten drogen.
Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, laat vlekken achter die niet meer kunnen worden verwijderd.
- De bakplaat bij zeer vochtig vruchtengebak niet te overvloedig bedekken.
- Gebruik zo mogelijk de diepere braadslede.
Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.
- Gebruik nooit ovenreiniger in de warme binnenruimte.
- Vóór het opnieuw opwarmen de resten uit de binnenruimte en van de apparaatdeur volledig verwijderen.
Is de afdichting sterk vervuild, dan sluit de deur tijdens het gebruik niet meer goed. De aangrenzende meubelfronten kunnen dan beschadigd raken.
- Zorg ervoor dat de afdichting altijd schoon is.
- Nooit het apparaat met beschadigde afdichting of zonder afdichting gebruiken.
Wanneer de apparaatdeur wordt gebruikt als vlak om iets op te zetten of te leggen kan de apparaatdeur beschadigd raken.
- Niets op de apparaatdeur zetten, er aan hangen of laten steunen.
- Geen vormen of accessoires op de apparaatdeur plaatsen.
Afhankelijk van het apparaattype kunnen de accessoires krassen veroorzaken op de ruit dan de apparaatdeur wanneer deze gesloten wordt.
- Accessoires altijd op de juiste manier in de binnenruimte leggen.
3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren.
3.2 Energie besparen
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.
Verwarm het apparaat alleen voor wanneer het recept of de insteladviezen dit aangeven.
- Wanneer u het apparaat niet voorverwarmt, dan bespaart u tot 20 % energie.
Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen.
- Deze bakvormen nemen de hitte bijzonder goed op.
Open de apparaatdeur tijdens de bereiding zo weinig mogelijk.
- De temperatuur in de binnenruimte blijft constant en het apparaat hoeft niet na te verwarmen.
Meerdere gerechten direct achter elkaar of parallel bakken.
- De binnenruimte is na de eerste keer bakken opgewarmd. Hierdoor is de baktijd voor het gebak dat vervolgens wordt gebakken korter.
Bij langere bereidingstijden het apparaat 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitschakelen.
- De restwarmte is voldoende om het gerecht verder te bereiden.
Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruimte.
- Overtollige accessoires hoeven niet verwarmd te worden.
Laat diepgevroren producten vóór de bereiding ontdooien.
- Hierdoor wordt bespaard op de energie om het voedsel te ontdooien.
Opmerking:
Het apparaat verbruikt:
in gebruik met ingeschakeld display max. 1 W in gebruik met uitgeschakeld display max. 0,5 W
Pagina 7
Uw apparaat leren kennen nl
4 Uw apparaat leren kennen
1
4.1 Bedieningselementen
Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.
Opmerking: Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op de afbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm.
1 Toetsen en display
De toetsen zijn aanrakingsgevoelige vlakken. Om een functie te kiezen, slechts licht op het betreffende veld drukken.
Op het display zijn symbolen van actieve functies en de tijdfuncties te zien.
4.2 Toetsen en display
Met de knoppen kunt u verschillende functies van uw apparaat instellen. Op het display ziet u de instellingen.
Als een functie actief is, brandt het desbetreffende symbool op de display. Het kloksymbool licht alleen op als u de tijd verandert.
| Symbool | Functie | Gebruik |
|---|---|---|
| Hoofdschakelaar | Oven inschakelen en uitschakelen. | |
| Start/pauze | • Kort indrukken: werking starten of onderbreken. • Lang indrukken: werking onderbreken | |
| Menu | Menu verwarmingsmethoden en verwarmingsfuncties openen. | |
| Temperatuur of grillstand | Temperatuur of grillstand kiezen. | |
| Gewicht | Gewicht voor programma's kiezen. | |
| Min Plus | Stel de tijdfunctie en de temperatuur in of kies de verwarmingsmethoden. | |
| Tijdfuncties | Tijd , wekker , duur en einde selecteren. Om de verschillende tijdfuncties te kiezen, meerdere keren op de toets drukken. | |
| Snel voorverwarmen | Binnenruimte zonder accessoires snel voorverwarmen. | |
| Reinigingsfuncties | Reinigingstype selecteren. | |
| Kinderslot | Kinderslot activeren of deactiveren. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
4.3 Verwarmingsmethoden en functies
Om altijd de passende verwarmingsmethode voor uw gerechten te kunnen bepalen, geven wij hier uitleg over de verschillen en toepassingen.
Wanneer u een verwarmingsmethode kiest, stelt het apparaat u een passende temperatuur of stand voor. U kunt de waarde overnemen of wijzigen in het weergegeven gebied.
Pagina 8
nl Uw apparaat leren kennen
| Symbool | Verwarmingsmethode en temperatuurbereik | Gebruik en werkwijze |
|---|---|---|
| Grill, groot Grillstanden: 1 = zwak 2 = gemiddeld 3 = sterk | Platte grillstukken, zoals steaks, worstjes of toast grillen. Gerechten gratineren. Het hele oppervlak onder de grill wordt heet. | |
| Circulatiegrillen 30 - 275 °C | Gevogelte, hele vis of grotere stukken vlees braden. Het grillelement en de ventilator schakelen afwisselend in en uit. De ventilator wervelt de hete lucht rond het gerecht. | |
| Eco hetelucht 125 - 275 °C | Gekozen gerechten zonder voorverwarmen op een niveau voorzichtig garen. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte. Het product wordt in fases bereid met behulp van restwarmte. Houd de deur van het apparaat tijdens het garen gesloten. Deze verwarmingsmethode wordt voor het bepalen van het energieverbruik in de circulatieluchtmodus en de energieklasse gebruikt. | |
| 3D hetelucht 30 - 275 °C | Op één of meer niveaus bakken of braden. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte. | |
| Boven- en onderwarmte 30 - 275 °C | Traditioneel bakken of braden op één niveau. De verwarmingsmethode is bijzonder geschikt voor gebak met vochtige bedekking. De warmte komt gelijkmatig van boven en van onderen. Deze verwarmingsmethode wordt gebruikt voor het bepalen van het energieverbruik in de conventionele modus. | |
| Onderwarmte 30 - 250 °C | Gerechten nabakken of au bain-marie koken. De warmte komt van onderen. | |
| Pizzastand 30 - 275 °C | Pizza's of gerechten klaarmaken die warmte van onderen nodig hebben. Het onderste verwarmingselement en het ronde verwarmingselement aan de achterwand zijn ingeschakeld. | |
| Hete lucht stoom 100 - 275 °C | Bakken en braden met stoom Deze manier van verhitten is bijzonder geschikt voor het braden van vlees en voor het bakken van brood en gebak. De ventilator verdeelt de hitte en de stoom gelijkmatig over de volledige binnenruimte. Altijd met het waterreservoir gebruiken. | |
| Meer functies | ||
| Hier vindt u | een overzicht van bijkomende functies van uw apparaat. | |
| Symbool | Functie | Gebruik |
| Programma's | Geprogrammeerde instelwaarden voor verschillende gerechten gebruiken. → "Programma's", Pagina 14 | |
| Ovenlamp | De verlichting in de binnenruimte inschakelen. | |
| Reinigingsfuncties | • Pyrolyse reinigt de binnenruimte vrijwel zelfstandig. → "Pyrolyse ", Pagina 19 • Reinigingsondersteuning vergemakkelijkt het reinigen van de oven. → "Reinigingsondersteuning", Pagina 20 | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
4.4 Temperatuur en instelstanden
Bij de verwarmingsmethoden en functies zijn er verschillende instellingen.
De instellingen verschijnen op het display.
Tot 100 °C kan de temperatuur in stappen van 1 graad worden ingesteld, daarboven in stappen van 5 graden. Opmerking: Bij de instelling grillstand 3 verlaagt het apparaat na ca. 20 minuten op grillstand 1.
Opwarmindicatie
Het apparaat geeft aan wanneer het opwarmt.
Wanneer het apparaat opwarmt, is op het display verlicht.
Wanneer u voorverwarmt, is het optimale tijdstip voor het inschuiven van het gerecht bereikt zodra het symbool dooft.
Wanneer bij de start de temperatuur in de binnenruimte te hoog is, verschijnt bij enkele verwarmingsmethoden op het display. Wacht totdat de oven is afgekoeld en dooft.
Pagina 9
Accessoires nl
Opmerkingen
- De opwarmingsindicatie verschijnt alleen bij verwarmingsmethoden waarbij u een temperatuur kunt instellen. Bij grillstanden bijv. verschijnt de opwarmingsindicatie niet.
- Door thermische traagheid kan de weergegeven temperatuur een beetje afwijken van de werkelijke temperatuur in de binnenruimte.
4.5 Binnenruimte
Functies voor de binnenruimte vergemakkelijken het gebruik van uw apparaat.
Rekjes
U kunt accessoires op verschillende hoogtes in de rekjes in de binnenruimte plaatsen.
→ "Accessoires", Pagina 9
Uw apparaat heeft 5 inschuifhoogtes. De inschuifhoogtes worden van beneden naar boven geteld.
Afhankelijk van het type apparaat zijn de accessoires met uitschuif- of clip-telescooprails voorzien. De telescooprails zijn vast gemonteerd en kunnen niet worden verwijderd. De clip-telescooprails kunt u volgens uw wensen op alle vrije inschuifhoogtes aanbrengen.
De accessoires kunt u, bijvoorbeeld om te reinigen, verwijderen.
→ "Rekjes", Pagina 21
Verlichting
De ovenlamp verlicht de binnenruimte.
Bij de meeste verwarmingsmethoden en functies is de verlichting aan als het programma loopt. Bij het beëindigen van de werking schakelt de verlichting uit. Met de optie ovenlamp in het menu kunt u de verlichting zonder verwarming inschakelen. Na ca. 15 minuten gaat de verlichting automatisch weer uit.
Koelventilator
De koelventilator schakelt tijdens gebruik automatisch in. De lucht ontsnapt via de deur.
LET OP!
Dek de ventilatiesleuven boven de deur van het apparaat niet af. Het apparaat raakt oververhit.
- Houd de ventilatiesleuven vrij.
De koelventilator loopt een bepaalde tijd na, zodat het apparaat na gebruik sneller afkoelt.
Apparaatdeur
Wanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik, wordt de werking voortgezet.
5 Accessoires
Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd.
Opmerking: Wanneer de accessoires heet worden, kunnen deze vervormen. De vervorming heeft geen invloed op de werking. De vervorming verdwijnt weer nadat de accessoires zijn afgekoeld.
De meegeleverde accessoires kunnen variëren, afhankelijk van het type apparaat.
Pagina 10
nl Accessoires
| Accessoires | Gebruik |
|---|---|
| Rooster | • Bakvormen • Ovenschalen • Vormen • Vlees, bijv. braad- of grillstukken • Diepvriesgerechten |
| Braadslede | • Vochtig gebak • Gebak • Brood • Grote braadstukken • Diepvriesgerechten • Afdruipende vloeistof opvangen, bijv vet bij het grillen op het rooster. |
| Waterreservoir | Bereiden met de stoomfunctie De horizontale markeringen op het reservoir geven de waterhoeveelheid aan: 100 ml 150 ml 200 ml 250 ml → "Bereiding met stoom", Pagina 12 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
Rooster
5.1 Vergrendelingsfunctie
De vergrendelingsfunctie voorkomt dat de accessoires kantelen wanneer ze worden uitgetrokken.
U kunt het accessoire tot ongeveer de helft uittrekken, tot deze vastklikt. De kantelbeveiliging functioneert alleen wanneer u het accessoire op de juiste manier in de binnenruimte schuift.
Het rooster met de open kant naar de apparaatdeur en de welving naar beneden in de oven schuiven.
5.2 Accessoire in de binnenruimte schuiven
Het accessoire altijd op de juiste manier in de binnenruimte schuiven. Alleen zo kan het accessoire zonder te kantelen tot ongeveer de helft worden uitgetrokken.
- 1. Het accessoire zo draaien, dat de pal zich aan de achterkant bevindt en naar beneden wijst.
- 2. Het accessoire altijd tussen de beide geleidestangen van een inschuifhoogte plaatsen.
3.
| Plaat bijv. braadslede of bakplaat | De plaat met de afschuining gericht naar de ovendeur in de oven schuiven. |
| Om de accessoire bij inschuifhoogten met telescooprails te plaatsen, de telescooprails uittrekken. | |
| Rooster of plaat | Het accessoire zo plaatsen dat de rand van het accessoire achter het lipje op de telescooprail zit. |
Pagina 11
Voor het eerste gebruik nl
Opmerking: Volledig uitgetrokken klikken de telescooprails in. De telescooprails met een lichte druk terugschuiven in de binnenruimte.
- 4. Het accessoire volledig inschuiven, zodat deze de apparaatdeur niet raakt.
Opmerking: Haal de accessoires die u niet nodig hebt bij het gebruik uit de binnenruimte.
Accessoires combineren
Om afdruipende vloeistof op te vangen, kunt u het rooster in combinatie met de braadslede gebruiken.
- 1. Plaats het rooster zo op de braadslede dat de beide afstandshouders achter op de rand van de braadslede liggen.
- 2. De braadslede tussen de beide geleidestangen van een inschuifhoogte schuiven. Het rooster ligt daarbij boven de bovenste geleidingsstang.
Rooster op braadslede
5.3 Meer accessoires
Meer accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, in speciaalzaken of op het internet.
U vindt een uitgebreid aanbod voor uw apparaat in onze folders of op internet:
www.bosch-home.com
Voor de verschillende apparaten zijn specifieke accessoires beschikbaar. Geef bij de aankoop altijd de precieze aanduiding (E-nr.) van uw apparaat op.
Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat, kunt u zien in de online-shop of navragen bij de klantenservice.
6 Voor het eerste gebruik
Stel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het apparaat en de accessoires.
6.1 Eerste gebruik
U moet instellingen voor de eerste ingebruikneming uitvoeren voordat u uw apparaat kunt gebruiken.
Tijd instellen
Na de aansluiting van het apparaat of na een stroomonderbreking knippert de tijd op het display. De tijd start bij 12:00 uur. Stel de actuele tijd in.
- 1. De tijd met de toets of instellen.
- 2. Druk op knop .
- Het display toont de ingestelde tijd.
Tip: Of de tijd op het display wordt weergegeven, kunt u in de basisinstellingen → Pagina 16 vastleggen.
6.2 Het apparaat reinigen voordat u het voor het eerst gebruikt
Voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met het apparaat dient u de binnenruimte en de accessoires te reinigen.
- 1. De accessoires en de verpakkingsresten zoals piepschuimbolletjes uit de binnenruimte verwijderen.
- 2. Vóór het voorverwarmen de gladde oppervlakken in de binnenruimte af met een zachte, vochtige doek afvegen.
- 3. Zolang het apparaat opwarmt, de ruimte ventileren.
- 4. De verwarmingsmethode en de temperatuur instellen.
→ "De Bediening in essentie", Pagina 11
| Verwarmingsmethode | 3D hetelucht |
|---|---|
| Temperatuur | maximaal |
| Bereidingstijd | 1 uur |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)
- 5. Het apparaat na de opgegeven duur uitschakelen.
- 6. Wachten tot de binnenruimte is afgekoeld.
- 7. De gladde oppervlakken met zeepsop en een schoonmaakdoekje reinigen.
- 8. De accessoires met zeepsop en een schoonmaakdoekje of een zachte borstel reinigen.
7 De Bediening in essentie
7.1 Apparaat inschakelen
- Raak aan.
- Het apparaat is ingeschakeld.
- De vooringestelde verwarmingsmethode brandt op het display.
7.2 Verwarmingsmethode en temperatuur instellen
- 1. Kies met of een verwarmingsmethode. ‒ U kunt de verwarmingsmethoden ook kiezen door aan te raken.
- 2. Raak aan.
- 3. Kies een temperatuur of grillstand met de of .
Pagina 12
nl Snel voorverwarmen
- 4. Raak aan.
- Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen.
- 5. Schakel het apparaat uit wanneer uw gerecht klaar is.
Tips
- De meest geschikte verwarmingsmethode voor uw gerechten vindt u in de beschrijving van de verwarmingsmethoden.
- U kunt aan het apparaat de duur en het einde van de werking instellen.
→ "Tijdfuncties", Pagina 13
Temperatuur wijzigen
U kunt de temperatuur altijd wijzigen.
- Kies een temperatuur of grillstand met de knoppen of .
Verwarmingsmethode wijzigen
U kunt de verwarmingsmethode altijd wijzigen. Bij een wijziging tijdens de werking van de oven wordt deze onderbroken.
- 1. Raak aan.
of
- 2. Programmeer een verwarmingsmethode met .
- 3. Raak aan.
Werking onderbreken of afbreken
U kunt de functie kort pauzeren en daarna hervatten. Breekt u de werking volledig af, dan worden de instellingen gereset.
- 1. Om de werking te onderbreken:
‒ Raak aan. De oven gaat in de pauzetoestand. ‒ Raak aan om de pauze te beëindigen.
- 2. Functie afbreken:
‒ houd ingedrukt.
- De werking wordt onderbroken en alle instellingen worden gereset.
7.3 In werking stellen
U moet elk type kookplaat starten.
- Raak aan.
7.4 Apparaat uitschakelen
- Raak aan.
- Het apparaat is uitgeschakeld.
8 Snel voorverwarmen
Bij deze verwarmingsmethoden kunt u de functie snel voorverwarmen gebruiken:
3D hetelucht
Boven- en onderwarmte
8.1 Snel voorverwarmen instellen
Om een gelijkmatig bereidingsresultaat te krijgen, de gerechten pas na het snel voorverwarmen in de binnenruimte plaatsen.
Opmerking: Stel pas een tijdsduur in wanneer het snel voorverwarmen beëindigd is.
- 1. Een geschikte verwarmingsmethode en een temperatuur vanaf 100 °C instellen.
Vanaf een ingestelde temperatuur van 200 °C wordt het snel voorverwarmen automatisch ingeschakeld.
- 2. Wanneer het snel voorverwarming niet automatisch inschakelt, druk dan op de knop .
- Op het display verschijnt .
- Na enkele seconden start het snel voorverwarmen.
- Als het snel voorverwarmen is beëindigd, klinkt een signaal en op het display dooft het symbool .
- 3. Plaats het gerecht in de binnenruimte.
Snel voorverwarmen afbreken
- Druk op knop .
- Het symbool op het display dooft.
9 Bereiding met stoom
Als u de bereiding met stoom gebruikt, ontstaat er stoom in de binnenruimte. Zo krijgt het levensmiddel een knapperige korst en een glanzend oppervlak. Bovendien wordt het levensmiddel zacht en sappig binnenin en zijn volume wordt slechts minimaal gereduceerd.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik van het apparaat bereikt het waterreservoir hoge temperaturen.
- Het waterreservoir tijdens het gebruik nooit verwijderen.
- Het waterreservoir pas verwijderen als het is afgekoeld.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.
- Apparaatdeur voorzichtig openen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
LET OP!
Alleen het waterreservoir gebruiken dat bij het apparaat wordt geleverd.
- Het reservoir nooit vullen tijdens het bereiden. Het waterreservoir alleen gebruiken om te koken met stoom.
- Voordat u andere functies gebruikt, eerst het waterreservoir verwijderen.
- Gebruik geen harde, metalen of scherpe voorwerpen of agressieve reinigingsmiddelen.
Pagina 13
Tijdfuncties nl
9.1 Bereiden met stoom
Tip: Gebruik voor de bereiding van eten en gerechten met stoomfunctie een temperatuurinstelling hoger dan 100°C om een optimale opwekking van stoom te waarborgen.
Houd de gegevens in de tabel aan. → Pagina 30
Vereiste: De oven dient onverwarmd te zijn.
- 1. Plaats de waterschaal op de bodem van het apparaat.
- 2. Vul de waterschaal met de opgegeven hoeveelheid.
- 3. Hete lucht stoom instellen
- 4. De gewenste temperatuur instellen.
- Het apparaat begint na enkele seconden op te warmen en activeert het bereiden met stoom.
9.2 Bereiding met stoom beëindigen
- 1. Schakel het apparaat uit.
- 2. Nadat de binnenruimte is afgekoeld:
‒ Verwijder het waterreservoir en reinig het met een zachte doek.
Tip: Veeg hardnekkige kalkvlekken met een zachte, met in azijn of citroensap vochtig gemaakt doek af. Reinigen met zeepsop en drogen met een zachte doek.
10 Tijdfuncties
Uw apparaat beschikt over verschillende tijdfuncties waarmee u de werking kunt sturen.
10.1 Overzicht van de tijdfuncties
Met de toets kiest u de verschillende tijdfuncties.
| Tijdfunctie | Gebruik |
|---|---|
| Wekker | De wekker kunt u onafhankelijk van de werking instellen. Hij beïnvloedt het apparaat niet. |
| Tijdsduur | Wanneer u voor de werking een tijdsduur instelt, houdt het apparaat na het verstrijken van de tijdsduur automatisch op met verwarmen. |
| Einde | Voor de duur kunt u een tijd instellen waarop de werking eindigt. Het apparaat start automatisch zodat de werking op de gewenste tijd klaar is. |
| Tijd | U kunt de tijd instellen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)
10.2 Timer instellen
De timer loopt onafhankelijk van de werking. U kunt de timer bij ingeschakeld en uitgeschakeld apparaat tot 23 uur en 59 minuten instellen. De timer heeft een eigen signaal, zodat u hoort of de timer of een tijdsduur eindigt.
- 1. Druk net zo vaak op de knop totdat op het display is gemarkeerd.
- 2. De timertijd met de knop of instellen.
| Toets | Voorgestelde waarde |
|---|---|
| 5 minuten | |
| 10 minuten |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)
Tot 10 minuten kan de timertijd in stappen van 30 seconden worden ingesteld. Daarna worden de tijdstappen groter, naarmate de waarde hoger is.
- Na enkele seconden start de timer en loopt de timertijd af.
- Als de timer verstreken is, klinkt een signaal en op het display staat de timertijd op nul.
- 3. Wanneer de timertijd is verstreken:
‒ Druk op een willekeurige toets om de timer uit te schakelen.
Wekker wijzigen
U kunt de wekkertijd altijd wijzigen.
Vereiste: Op het display is gemarkeerd.
- De wekkertijd met de toets of wijzigen.
- Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen.
Wekker afbreken
U kunt de wekkertijd altijd afbreken.
Vereiste: Op het display is gemarkeerd.
- De wekkertijd met de toets weer op nul zetten.
- Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen en gaat uit.
10.3 Tijdsduur instellen
De tijdsduur voor de werking kunt u tot 23 uur en 59 minuten instellen.
Vereiste: Een verwarmingsmethode en een temperatuur of stand zijn ingesteld.
- 1. Druk net zo vaak op de knop totdat op het display is gemarkeerd.
- 2. Stel de tijdsduur in met de knop of .
| Knop | Voorgestelde waarde |
|---|---|
| 10 minuten | |
| 30 minuten |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)
De tijdsduur kan tot een uur worden ingesteld in stappen van een minuut, daarna in stappen van 5 minuten.
- 3. Raak aan.
- Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen en de duur verstrijkt.
- Als de tijdsduur verstreken is, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.
- 4. Wanneer de tijdsduur is verstreken:
‒ Druk op een willekeurige knop om het signaal voortijdig te beëindigen.
‒ Om opnieuw een tijdsduur in te stellen, op de knop drukken.
‒ Als uw gerecht klaar is, het apparaat uitschakelen.
Tijdsduur wijzigen
U kunt de duur altijd wijzigen.
Pagina 14
nl Programma's
Vereiste: Op het display is gemarkeerd.
- De duur met de toets of wijzigen.
- Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen.
Tijdsduur afbreken
U kunt de duur altijd afbreken.
Vereiste: Op het display is gemarkeerd.
- De duur met de toets weer op nul zetten.
- Na enkele seconden neemt het apparaat de wijziging over en wordt zonder duur verder opgewarmd.
10.4 Einde instellen
Het tijdstip waarop de tijdsduur afloopt, kunt u tot 23 uur en 59 minuten verschuiven.
Opmerkingen
- Bij verwarmingssoorten met grillfunctie kan het einde niet worden ingesteld.
- Om een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, wijzigt u het einde niet meer als de werking eenmaal is gestart.
- Om te voorkomen dat levensmiddelen bederven, dient u ze niet te lang in de binnenruimte te laten staan.
Vereisten
- Een verwarmingsmethode en een temperatuur of stand zijn ingesteld.
- Er is een tijdsduur ingesteld.
- 1. Druk net zo vaak op de knop totdat op het display is gemarkeerd.
- 2. Druk op de knop of .
- Het display toont het berekende einde.
- 3. Het einde met de knop of verschuiven.
- 4. Raak aan.
- Na enkele seconden neemt het apparaat de instelling over en het display toont het ingestelde einde.
- Als de berekende starttijd is bereikt, begint het apparaat op te warmen en de tijdsduur verstrijkt.
- Als de tijdsduur verstreken is, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.
- 5. Wanneer de tijdsduur is verstreken:
| ‒ | Druk op een willekeurige knop om het signaal voortijdig te beëindigen. |
| ‒ | Om opnieuw een tijdsduur in te stellen, op de knop drukken. |
| ‒ | Als uw gerecht klaar is, het apparaat uitschakelen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)
Einde wijzigen
Om een goed kookresultaat te verkrijgen, kunt u het ingestelde einde alleen wijzigen als de werking start en de duur verstrijkt.
Vereiste: Op het display is gemarkeerd.
- Het einde met de toets of verplaatsen.
- Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen.
Einde afbreken
U kunt het ingestelde einde altijd wissen.
Vereiste: Op het display is gemarkeerd.
- Het einde met de toets naar de actuele tijd plus ingestelde duur terugzetten.
- Na enkele seconden neemt het apparaat de wijziging over en begint het apparaat op te warmen. De tijdsduur loopt af.
10.5 Tijd instellen
Na de aansluiting van het apparaat of na een stroomonderbreking knippert de tijd op het display. De tijd start bij 12:00 uur. Stel de actuele tijd in.
- 1. De tijd met de toets of instellen.
- 2. Druk op knop .
- Het display toont de ingestelde tijd.
Tip: Of de tijd op het display wordt weergegeven, kunt u in de basisinstellingen → Pagina 16 vastleggen.
Tijd wijzigen
U kunt de tijd altijd wijzigen.
Vereiste: Het apparaat moet uitgeschakeld zijn.
- 1. Druk net zo vaak op de knop totdat op het display is gemarkeerd.
- 2. Wijzig de tijd met of .
- Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen.
11 Programma's
Met de programma's helpt u uw apparaat bij de bereiding van verschillende gerechten en kiest u automatisch de optimale instellingen.
11.1 Vormen voor programma's
Gebruik een hittebestendige vorm, die geschikt is voor temperaturen tot 300°C.
Vormen van glas of glaskeramiek zijn het meest geschikt. Het vlees moet de bodem van de vorm voor ca. 2/3 bedekken.
Vormen van het volgende materiaal zijn niet geschikt: licht gekleurd, glanzend aluminium
- Niet geglazuurde klei
- Kunststof of kunststof grepen
11.2 Gerecht voor programma voorbereiden
Gebruik verse levensmiddelen, het best op koelkasttemperatuur.
- 1. Het gerecht wegen.
Het gewicht van het gerecht is nodig om het programma juist in te stellen.
- 2. Het gerecht in de vorm doen.
- 3. De vorm op het rooster plaatsen.
Plaats de vorm altijd in de onverwarmde binnenruimte.
Pagina 15
Programma's nl
11.3 Programmatabel
De programmanummers zijn aan bepaalde gerechten toegewezen.
Het gewicht kan in een bereik tussen 0,5 kg en 2,5 kg worden ingesteld.
| Nr. | Gerecht | Vormen | Instelgewicht | Vloeistof toevoegen | Inschuif-hoogte | Aanwijzingen |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 01 | Kip, ongevuld panklaar, gekruid | Braadpan met glazen deksel | Gewicht kip | nee | 2 | met de borst naar boven in de vorm leggen |
| 02 | Kalkoenfilet van het stuk, gekruid | Braadpan met glazen deksel | Gewicht kalkoenfilet | Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
| 03 | Eenpansgerecht, met groente vegetarisch | hoge braadpan met deksel | Totaalgewicht | volgens recept | 2 | Groente met een lange bereidingstijd (bijv. wortelen) in kleinere stukken snijden dan groente met een korte bereidingstijd (bijv. tomaten) |
| 04 | Goulash Rund- of varkensvlees in blokjes, met groente | hoge braadpan met deksel | Totaalgewicht | volgens recept | 2 | Eerst het vlees erin doen en daarop de groente leggen Het vlees niet eerst aanbraden |
| 05 | Gebraden gehakt, vers Gehakt van rund-, varkens- of lamsvlees | Braadpan met deksel | Gewicht gehakt | nee | 2 | - |
| 06 | Gestoofd rundvlees bijv. klapstuk, schouderstuk, fricandeau of gemarineerd vlees | Braadpan met deksel | Gewicht van het vlees | Vlees met vloeistof bedekken | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
| 07 | Runderrollade gevuld met groente of vlees | Braadpan met deksel | Gewicht van alle gevulde rollades | Vleesrolletjes bedekken bijv. met bouillon of water | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
| 08 | Lamsbout, doorbakken zonder been, gekruid | Braadpan met deksel | Gewicht van het vlees | Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
| 09 | Gebraden kalfsvlees, mager bijv. lendestuk of fricandeau | Braadpan met deksel | Gewicht van het vlees | Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
| 10 | Gebraden varkensnek zonder been, gekruid | Braadpan met glazen deksel | Gewicht van het vlees | Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
Pagina 16
nl Kinderslot
11.4 Programma instellen
Het apparaat kiest het optimale verwarmingstype, de temperatuur en de tijdsduur. U hoeft alleen het gewicht in te stellen.
Opmerkingen
- Het gewicht kunt u alleen in het daarvoor bestemde bereik instellen.
- Na de programmastart kunt u het programma en het gewicht niet meer wijzigen.
- 1. Kies Programma's met .
- 2. Raak aan.
- 3. Stel het gewenste programma in met of .
- 4. Raak aan.
- 5. Met of het gewicht van het gerecht instellen. Altijd op het volgende hogere gewicht instellen.
- 6. Raak aan.
‒ Op het display wordt de berekende duur weergegeven. U kunt de tijdsduur niet wijzigen.
‒ Bij sommige programma's kunt u het einde met verschuiven.
- Na enkele seconden start het programma en de tijdsduur loopt af.
- Wanneer het programma is beëindigd, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.
- 7. Wanneer het programma is beëindigd:
‒ Raak een willekeurige tiptoets aan om het signaal voortijdig te beëindigen.
‒ Druk op om een tijdsduur voor het nagaren in te stellen. Het apparaat warmt verder op met de instellingen van het programma.
‒ Schakel het apparaat uit wanneer uw gerecht klaar is.
12 Kinderslot
Beveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per ongeluk inschakelen of instellingen eraan kunnen wijzigen. Opmerking: Of het kinderslot kan worden ingesteld, kunt u in de basisinstellingen → Pagina 16 instellen.
12.1 Kinderslot activeren en deactiveren
- 1. Raak ca. 4 seconden lang aan om het automatische kinderslot te deactiveren.
brandt op het display.
- Het kinderslot is geactiveerd.
- 2. Raak ca. 4 seconden lang aan om het automatische kinderslot te deactiveren.
op het display dooft.
- Het kinderslot is gedeactiveerd.
Opmerkingen
- Wanneer in de timer een tijd is ingesteld, dan loopt deze verder. Zolang het kinderslot is geactiveerd, kunt u de timer niet wijzigen.
- Het kinderslot heeft geen effect op de hoofdschakelaar. U kunt ondanks het actieve kinderslot de oven uitschakelen. Druk daarvoor op de hoofdschakelaar.
12.2 Ovendeur vergrendelen
Is de oven uitgeschakeld, dan vergrendelt de oven direct wanneer u het kinderslot activeert.
U kunt de basisinstellingen zo wijzigen dat de ovendeur ook wordt vergrendeld.
→ "Basisinstellingen", Pagina 16
13 Basisinstellingen
U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.
13.1 Overzicht van de basisinstellingen
Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksinstellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat.
| Indicatie | Basisinstelling | Keuze |
|---|---|---|
| Signaalduur na het verstrijken van een tijdsduur of wekkertijd | = 30 seconden = 1 minuut¹ = 5 minuten | |
| Wachttijd totdat een instelling is overgenomen | = 3 seconden¹ = 6 seconden = 10 seconden | |
| Toetssignaal bij het indrukken van een toets | = uit = aan¹ | |
| Helderheid van de displayverlichting | = donker = gemiddeld = helder¹ |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
1 Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)
2 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
Pagina 17
Reiniging en onderhoud nl
| Indicatie | Basisinstelling | Keuze |
|---|---|---|
| Indicatie van de tijd | = tijdsweergave uit = tijd weergeven¹ | |
| Kinderslot instelbaar → "Kinderslot", Pagina 16 | = nee = ja¹ = ja, met deurvergrendeling | |
| Verlichting van de binnenruimte bij gebruik | = nee = ja¹ | |
| Nalooptijd van de koelventilator | = kort = gemiddeld¹ = lang = extra lang | |
| Telescooprails achteraf aangebracht² | = nee¹ (bij rekjes en enkelvoudig uittreksysteem) = ja (bij 2- en 3-voudig uittreksysteem) | |
| Automatisch snel voorverwarmen vanaf 200°C | = nee = ja¹ | |
| Alle waarden naar de fabrieksinstelling terugzetten | = nee¹ = ja |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
1 Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)
2 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
13.2 Basisinstelling wijzigen
Vereiste: Het apparaat is uitgeschakeld.
- 1. De toets ca. 4 seconden lang ingedrukt houden.
- Op het display verschijnt de eerste basisinstelling, bijv. .
- 2. De instelling met de toets of wijzigen.
- 3. Met de toets naar de volgende basisinstelling gaan.
- 4. Om wijzigingen op te slaan, de toets ca. 4 seconden lang ingedrukt houden.
Opmerking: Na een stroomonderbreking blijven de ingevoerde wijzigingen van de basisinstellingen behouden.
13.3 Het wijzigen van de basisinstellingen afbreken
- Raak aan.
- Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgeslagen.
14 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
14.1 Reinigingsmiddelen
Gebruik om de verschillende oppervlakken van het apparaat niet te beschadigen geen ongeschikte reinigingsmiddelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
LET OP!
Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
Geschikte schoonmaakmiddelen
Gebruik alleen geschikte schoonmaakmiddelen voor de verschillende oppervlakken van uw apparaat.
- Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen harde schuursponsjes of afwassponsjes gebruiken.
- Geen speciale reinigingsmiddelen gebruiken voor de warmtereiniging.
Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.
- Gebruik nooit ovenreiniger in de warme binnenruimte.
- Vóór het opnieuw opwarmen de resten uit de binnenruimte en van de apparaatdeur volledig verwijderen.
Nieuwe vaatdoekjes bevatten resten van de productie.
- Nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen.
Houd de handleiding aan bij het reinigen van het apparaat.
→ "Apparaat schoonmaken", Pagina 19
Pagina 18
nl Reiniging en onderhoud
Voorzijde van het apparaat
| Oppervlak | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
|---|---|---|
| RVS | • Warm zeepsop • Speciale RVS-verzorgingsmiddelen voor warme oppervlakken | Om corrosie te voorkomen kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken op roestvrijstalen oppervlakken onmiddellijk verwijderen. Verzorgingsmiddel voor roestvaststaal dun aanbrengen. |
| Kunststof of gelakte oppervlakken bijv. bedieningspaneel | • Warm zeepsop | Gebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat. |
| Apparaatdeur | ||
| Gebied | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
| Ruiten van de deur | • Warm zeepsop | Gebruik geen schraper of rvs-schuursponsje gebruiken. Tip: Voor een grondige reiniging de deurruiten demonteren. → "Apparaatdeur", Pagina 23 |
| Deurafscherming | • Van roestvaststaal: RVS-reiniger • Van kunststof: Warm zeepsop | Gebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat. Tip: Voor een grondige reiniging de deurafscherming verwijderen. → "Apparaatdeur", Pagina 23 |
| Deurgreep | • Warm zeepsop | Om vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel direct van de deurgreep verwijderen. |
| Deurafdichting | • Warm zeepsop | Niet afnemen en niet schuren. |
| Binnenruimte | ||
| Gebied | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
| Emaillen oppervlakken | • Warm zeepsop • Azijnwater • Ovenreiniger | Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of RVS-spiraalspons. Om de binnenruimte na het reinigen te drogen de deur van het apparaat open laten. Tip: Gebruik bij voorkeur de reinigingsfunctie. → "Pyrolyse ", Pagina 19 Opmerkingen • Email wordt bij zeer hoge temperaturen ingebrand, waardoor er kleine kleurverschillen ontstaan. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. • De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd en kunnen ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact. • Door resten van levensmiddelen ontstaat er een witte afzetting op de emaillen oppervlakken. Deze aanslag is niet schadelijk voor de gezondheid. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. U kunt de aanslag met citroenzuur verwijderen. |
| Glazen kapje van de ovenlamp | • Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging ovenreiniger. |
| Rekjes | • Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel of RVS-spiraalspons. Tip: Voor het reinigen de rekjes verwijderen. → "Rekjes", Pagina 21 |