naslaan.comZoekenAlle merken

Bosch HSG636ES1, tekst van de handleiding

Pagina's 15–26 van 48 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 2–14verder op pagina 27 →

Pagina 15

Tijdfuncties nl

10 Tijdfuncties

Uw apparaat beschikt over verschillende tijdfuncties waarmee u de werking kunt sturen.

10.1 Overzicht van de tijdfuncties

Bij de werking kunt u duur en einde instellen. De wekker kan onafhankelijk van de werking worden ingesteld.

TijdfunctieGebruik
TimerDe wekker kunt u onafhankelijk van de werking instellen. Hij beïnvloedt het apparaat niet.
TijdsduurWanneer u voor de werking een tijdsduur instelt, houdt het apparaat na het verstrijken van de tijdsduur automatisch op met verwarmen.
EindeVoor de duur kunt u een tijd instellen waarop de werking eindigt. Het apparaat start automatisch zodat de werking op het gewenste tijdstip klaar is.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)

10.2 Timer instellen

De timer loopt onafhankelijk van de werking. U kunt de timer bij ingeschakeld en uitgeschakeld apparaat tot 23 uur en 59 minuten instellen. De timer heeft een eigen signaal, zodat u hoort of de timer of een tijdsduur eindigt.

Na enkele seconden start de wekker ook automatisch.

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op een willekeurig touchveld drukken.

‒ Om opnieuw een wekkertijd in te stellen op drukken en de wekkertijd met de bedieningsring instellen.

Wekker wijzigen

U kunt de wekkertijd altijd wijzigen.

Wekker afbreken

U kunt de wekkertijd altijd afbreken.

10.3 Tijdsduur instellen

De duur voor de werking kunt u tot 23 uur en 59 minuten instellen.

Vereiste: Een werking en een temperatuur of stand zijn ingesteld.

DraairichtingVoorgestelde waarde
Links10 minuten
Rechts30 minuten

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)

De tijdsduur kan tot een uur worden ingesteld in stappen van een minuut, daarna in stappen van 5 minuten. De eindtijd wordt automatisch berekend.

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op een willekeurig touchveld drukken.

‒ Om opnieuw een tijdsduur in te stellen op "Tijdsduur" drukken en de tijdsduur met de bedieningsring instellen.

‒ Om de werking zonder tijdsduur voor te zetten, met starten.

‒ Als het gerecht klaar is, het apparaat met uitschakelen.

Tijdsduur wijzigen

U kunt de duur altijd wijzigen.

Tijdsduur afbreken

U kunt de duur altijd afbreken.

10.4 Einde instellen

Het tijdstip waarop de tijdsduur afloopt, kunt u tot 23 uur en 59 minuten verschuiven.

Opmerkingen

Pagina 16

nl Stoom

Vereisten

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op een willekeurig touchveld drukken.

‒ Om opnieuw een tijdsduur in te stellen op "Tijdsduur" drukken en de tijdsduur met de bedieningsring instellen.

‒ Om de werking zonder tijdsduur voor te zetten, met starten.

‒ Als het gerecht klaar is, het apparaat met uitschakelen.

Einde afbreken

U kunt het ingestelde einde en de duur altijd wissen.

11 Stoom

Met stoom bereidt u gerechten op een bijzonder efficiënte manier. U kunt de stoommethoden gebruiken of bij enkele verwarmingsmethoden de stoomondersteuning inschakelen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.

11.1 Watertank vullen

WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!

Door hete oppervlakken in de binnenruimte kunnen dampen van brandbare vloeistoffen vlam vatten (explosieve verbranding). De apparaatdeur kan openspringen. Er kunnen hete dampen en steekvlammen naar buiten treden.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik van het apparaat kan de watertank heet worden.

Vereiste: De waterhardheid is correct ingesteld. → "Vóór het eerste gebruik", Pagina 12

Pagina 17

Stoom nl

11.2 Stoommethoden

Er staan verschillende stoommethoden ter beschikking waarbij hete stoom gerechten op een efficiënte wijze bereidt.

Stomen

Tijdens de bereiding met stoom worden de gerechten omsloten door hete waterdamp, zodat de voedingsstoffen in de levensmiddelen behouden blijven. De vorm, de kleur en het typische aroma van de gerechten blijven bij deze bereidingsmethode intact.

Regenereren

Met regenereren warmt u al klaargemaakte gerechten op een efficiënte manier op of bakt u gerechten van de vorige dag op.

Deegrijsstand

Met de deegrijsstand rijst het deeg duidelijk sneller dan bij kamertemperatuur en het droogt niet uit.

Ontdooien

Met de ontdooistand ontdooit u diepvriesproducten.

Verwarmingsmethode met stoom instellen Opmerking:

Neem de gegevens over de verwarmingsmethoden met stoom in acht:

→ "Stoommethoden", Pagina 17

Bij de verwarmingsmethode stomen start de tijdsduur pas als de binnenruimte is opgewarmd.

Vereiste: De watertank is gevuld.

→ "Watertank vullen", Pagina 16

Opmerking: Als de watertank tijdens het bedrijf leegloopt, verschijnt op het display een aanwijzing. De werking wordt onderbroken.

→ "Watertank vullen", Pagina 16

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op een willekeurig touchveld drukken.

‒ Om opnieuw een tijdsduur in te stellen op "Tijdsduur" drukken en de tijdsduur met de bedieningsring instellen.

‒ Als het gerecht klaar is, het apparaat met uitschakelen.

Verwarmingsmethode wijzigen

Verandert u de verwarmingsmethode, dan worden ook de andere instellingen teruggezet.

Temperatuur wijzigen

Na het starten van de werking kunt u de temperatuur direct wijzigen.

Tijdsduur wijzigen

U kunt de duur altijd wijzigen.

11.3 Bereiding met stoom

Bij het bereiden met stoom brengt het apparaat met verschillende tussenpozen stoom in de binnenruimte. Hierdoor krijgt het gerecht een knapperige korst en een glanzend oppervlak. Vlees wordt van binnen zacht, mals en verliest slechts weinig volume.

Geschikte verwarmingsmethoden met stoomtoevoer

Voor de werking met stoomondersteuning zijn slechts bepaalde verwarmingsmethoden geschikt.

Bij deze verwarmingsmethoden kunt u er stoom bij inschakelen:

4D hetelucht

Stoomtoevoer instellen

Vereiste: De watertank is gevuld.

→ "Watertank vullen", Pagina 16

Pagina 18

nl Stoom

StoomstandToevoer van stoom
0geen
01gering
02gemiddeld
03sterk

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)

Opmerking: Als de watertank tijdens het bedrijf leegloopt, verschijnt op het display een aanwijzing. De werking wordt zonder gebruik van stoom voortgezet.

→ "Watertank vullen", Pagina 16

Stoomstand wijzigen

U kunt de stoomstand altijd wijzigen.

Temperatuur wijzigen

Na het starten van de werking kunt u de temperatuur direct wijzigen.

Verwarmingsmethode wijzigen

Verandert u de verwarmingsmethode, dan worden ook de andere instellingen teruggezet.

11.4 Na elk gebruik met stoom

Na elke bereiding met stoom pompt het apparaat het restwater terug in de watertank. Leeg en droog aansluitend de watertank en de bereidingsruimte.

Watertank legen

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik van het apparaat kan de watertank heet worden.

LET OP!

Het drogen van de watertank in de hete binnenruimte leidt tot beschadiging van de watertank.

Lekgoot droogmaken

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.

Vereiste: De binnenruimte is afgekoeld.

De lekgoot bevindt zich onder de binnenruimte.

Het water in de lekgoot met een sponsdoekje opzuigen en voorzichtig opnemen.

Binnenruimte drogen

Droog de ovenruimte na elk gebruik met stoom.

→ "Drogen", Pagina 28

Pagina 19

Braadthermometer nl

12 Braadthermometer

U kunt uw gerechten heel nauwkeurig garen door er een braadthermometer in te steken en een kerntemperatuur in te stellen. Zodra de ingestelde kerntemperatuur in het product is bereikt, houdt het apparaat automatisch op te werken.

12.1 Geschikte verwarmingsmethoden met braadthermometer

Voor het gebruik met de braadthermometer zijn alleen bepaalde verwarmingsmethoden geschikt.

Wanneer de braadthermometer in de binnenruimte is geplaatst, staan de volgende verwarmingsmethoden ter beschikking.

4D hetelucht

12.2 Braadthermometer in het vlees steken

Gebruik de meegeleverde braadthermometer of bestel een geschikte braadthermometer via onze servicedienst.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Bij gebruik van een verkeerde braadthermometer kan de isolatie beschadigd raken.

LET OP!

Anders kan de braadthermometer beschadigd raken.

Dunne vleesstukkenSteek de braadthermometer opzij in de dikste plaats van het vlees.
Dikke vleesstukkenSteek de thermometer van boven schuin tot de aanslag in het vlees.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)

GevogelteDe braadthermometer in de dikste plaats van de gevogelteborst steken tot de aanslag. Steek de braadthermometer schuin of in de lengte in het gevogelte, afhankelijk van de vorm.
Het gevogelte draaien en met de borstzijde naar beneden op het rooster leggen.
VisBij hele vis de braadthermometer achter de kop in de richting van de ruggengraat tot de aanslag insteken.
De vis zonder hem te keren in de zwemstand op het rooster plaatsen, bijv. met een halve aardappel als steun.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)

Opmerkingen

12.3 Braadthermometer instellen

De braadthermometer meet de temperatuur in het binnenste van het product tussen 30°C en 99°C.

Vereisten

De temperatuur van de binnenruimte minstens 10°C hoger instellen dan de kerntemperatuur.

De temperatuur van de binnenruimte niet hoger instellen dan 250°C.

Pagina 20

nl Braadthermometer

→ " Stoom", Pagina 16

De binnenruimte, accessoires en braadthermometer worden zeer heet.

Als de kerntemperatuur is bereikt:

‒ Het apparaat uitschakelen met .

‒ Neem de braadthermometer uit de aansluiting in de binnenruimte.

‒ Neem de braadthermometer uit het product en uit de binnenruimte.

Tip: U kunt de braadthermometer ook met een andere functie gebruiken. Zodra de braadthermometer is ingestoken, staan alleen nog de met braadthermometer mogelijke functies ter beschikking.

Temperatuur wijzigen

Verwarmingsmethode wijzigen

Verandert u de verwarmingsmethode, dan worden ook de andere instellingen teruggezet.

12.4 Kerntemperatuur van verschillende levensmiddelen

Hier vindt u richtwaarden voor kerntemperaturen van verschillende levensmiddelen.

De richtwaarden hangen af van de kwaliteit en de soort levensmiddelen. Gebruik geen diepvriesproducten.

GevogelteKerntemperatuur in °C
Kip80 - 85
Kipfilet75 - 80
Eend80 - 85
Eendenborst, rosé55 - 60
Kalkoen80 - 85
Kalkoenfilet80 - 85
Gans80 - 90
VarkensvleesKerntemperatuur in °C
Varkensnek85 - 90
Varkensfilet, rosé62 - 70
Varkensrug, doorbakken72 - 80
RundvleesKerntemperatuur in °C
Rosbief of rundvlees, kort gebakken45 - 52
Rosbief of runderfilet, rosé55 - 62
Runderfilet of rosbief, doorbakken65 - 75
KalfsvleesKerntemperatuur in °C
Gebraden kalfsvlees of schouderstuk, mager75 - 80
Gebraden kalfsvlees, schouder75 - 80
Kalfsschenkel85 - 90
LamsvleesKerntemperatuur in °C
Lamsbout, rosé60 - 65
Lamsbout, doorbakken70 - 80
Lamsrug, rosé55 - 60
VisKerntemperatuur in °C
Vis, heel65 - 70
Visfilet60 - 65
DiversenKerntemperatuur in °C
Gebraden gehakt, alle vleessoorten80 - 90
Gerechten opwarmen, regenereren65 - 75

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)

Pagina 21

Assist nl

13 Assist

Met de functie "Assist" helpt u uw apparaat bij de bereiding van verschillende gerechten en kiest u automatisch de optimale instellingen.

13.1 Vormen

Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de grootte van de vorm.

Gebruik een hittebestendige vorm, die geschikt is voor temperaturen tot 300°C. Vormen van glas of glaskeramiek zijn het meest geschikt. Braadstukken moeten de bodem van de vorm voor ca. 2/3 bedekken.

Vormen van het volgende materiaal zijn niet geschikt:

13.2 Instellingen van de gerechten

Om de gerechten optimaal te bereiden, gebruikt het apparaat verschillende instellingen.

Opmerking: Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen. Gebruik verse levensmiddelen, het best op koelkasttemperatuur. Diepvriesgerechten direct uit het diepvriesvak gebruiken.

Tips en aanwijzingen bij de instellingen

Als u een gerecht instelt, geeft het display voor dit gerecht relevante informatie weer, bijv.:

Druk op"Tip" of om de informatie op te roepen. Sommige aanwijzingen verschijnen automatisch.

Programma's

Bij programma's zijn het optimale verwarmingstype, de temperatuur en de duur vast vooringesteld.

Om een optimaal bereidingsresultaat te bereiken, moet u bijkomend het gewicht instellen. Indien niet anders aangegeven, stelt u het totale gewicht van uw gerecht in. Het gewicht kunt u alleen in het daarvoor bestemde bereik instellen.

Insteladvies

Bij insteladviezen is de optimale verwarmingsmethode vast vooringesteld. Het display toont de verwarmingsmethode.

De vooringestelde temperatuur en de duur kunt u aanpassen.

Braadthermometer

Bij sommige gerechten kunt u de braadthermometer gebruiken.

Als de braadthermometer is ingebracht, kunt u enkel gerechten selecteren die met de braadthermometer mogelijk zijn. Bij elk gerecht krijgt u adviezen over de verwarmingsmethode, de temperatuur en de kerntem-

peratuur. De temperatuur en de kerntemperatuur kunt u aanpassen.

→ "Braadthermometer", Pagina 19

Baksensor

Sommige gerechten bakt het apparaat automatisch met baksensor.

Op het display verschijnt . U hoeft verder geen instellingen in te voeren.

Neem de informatie over de baksensor in acht. → "Gerechten met baksensor", Pagina 22

Stoomgerechten

Bij sommige gerechten wordt automatisch de stoomfunctie geactiveerd.

Neem de informatie over de stoomfunctie in acht. → " Stoom", Pagina 16

13.3 Overzicht van de gerechten

Welke gerechten ter beschikking staan, ziet u aan het apparaat als u de functie oproept.

De gerechten zijn in categorieën en eten ingedeeld.

CategorieGerechten
Brood, gebakGebak
Klein gebak
Koekjes
Brood, broodjes
Hartig gebak, pizza, quiche
Ovenschotels, soufflésOvenschotel, hartig, vers, gegaarde ingrediënten
Lasagne, vers
Gegratineerde aardappels, rauwe ingrediënten, vlak
Ovenschotel, zoet, vers
Soufflé in portievormen
DiepvriesproductenPizza
Ovenschotels
Aardappelproducten Vlees, gevogelte Groente
GevogelteKip
Eend, gans Kalkoen
VleesVarkensvlees Rundvlees
Kalfsvlees
Lamsvlees
Wildbraad
Vleesgerechten
VisVis, heel
Visfilets
Visgerechten Zeevruchten

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)

Pagina 22

nl Assist

CategorieGerechten
Bijgerechten, groenteGroente
Aardappelen Rijst
Granen
Peulvruchten Pasta, balletjes eieren
Desserts, compoteDesserts, compote
Inmaken, uitpersen, ontsmettenInmaken
Uitpersen
Flesjes ontsmetten
Regenereren, opbakkenGroente
Menu
Gebak
Bijgerechten
Gerechten ontdooienFruit, groente

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

13.4 Gerechten met baksensor

Als u een gerecht selecteert dat voor de baksensor geschikt is, regelt het apparaat het bakproces volledig automatisch.

De baksensor bewaakt het bakproces in de binnenruimte en het apparaat regelt de instellingen automatisch.

Volgende gerechten bakt het apparaat automatisch met baksensor.

CategorieGerechten
Brood, gebakGebak
• Gebak in vormen
• Gebak op de plaat (Vruchten)taart/taart Klein gebak
• Bladerdeeggebak
• Muffins
• Gistdeeggebak
Hartig gebak, pizza, quiche
• Hartig gebak, quiche
• Pizza
• Flammkuchen
DiepvriesproductenAardappelproducten
• Aardappelproducten

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

Geschikte bakvormen

Om een optimaal bakresultaat te bereiken, gebruikt u donkere bakvormen van metaal.

LET OP!

Door siliconenvormen, afdekkingen, accessoires of folie die silicone bevatten kan de baksensor beschadigd raken. Ook wanneer de baksensor niet wordt gebruikt, kan er schade ontstaan.

13.5 Gerecht instellen

Uw apparaat biedt u vele verschillende gerechten aan. Met de bedieningsring kunt u in de verschillende keuzelijsten bladeren.

Opmerking: Na de start kunt u het gerecht en de instellingen ervan niet meer veranderen of onderbreken.

Vereiste: Om de functie te starten, moet de binnenruimte afgekoeld zijn.

‒ Bij sommige gerechten kunt u de temperatuur en de tijdsduur aanpassen, bij sommige in de plaats hiervan het gewicht. Bij de baksensorfunctie regelt het apparaat de instellingen automatisch. ‒ Bij sommige gerechten kunt u bijkomend het einde verplaatsen.

→ "Einde instellen", Pagina 15

Opmerking: Open tijdens het gebruik met baksensor de apparaatdeur niet. Het bakresultaat zou niet meer kloppen en de baksensorfunctie wordt afgebroken.

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op een willekeurig touchveld drukken.

‒ Bij sommige gerechten kunt u indien gewenst nagaren.

→ "Nagaren", Pagina 22 ‒ Als het gerecht klaar is, het apparaat uitschakelen met .

Nagaren

Bij sommige gerechten biedt het apparaat na het verstrijken van de bereidingsduur de functie nagaren aan. U kunt zo vaak nagaren als u wilt.

Pagina 23

Kinderslot nl

‒Om het signaal voortijdig te beëindigen op een willekeurig touchveld drukken.
‒Als u opnieuw wilt nagaren, op "Nagaren" drukken.
‒Als het gerecht klaar is, op "Beëindigen" drukken en het apparaat met uitschakelen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)

14 Kinderslot

Beveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per ongeluk inschakelen of instellingen eraan kunnen wijzigen.

14.1 Kinderslot activeren en deactiveren

U kunt het kinderslot activeren en deactiveren terwijl het apparaat in- of uitgeschakeld is.

15 Sabbatinstelling

Met de sabbatinstelling kunt u een tijdsduur tot 74 uur instellen. Gerechten kunnen tussen 85 °C en 140 °C met boven- en onderwarmte worden warmgehouden zonder dat u het apparaat hoeft in of uit te schakelen.

15.1 Sabbatinstelling starten

Opmerkingen

Vereisten

→ "Basisinstellingen", Pagina 23

Is de verwarmingsmethode niet te zien in de touchdisplays, blader dan met de bedieningsring door de keuzelijst.

Het einde kan niet worden verplaatst.

‒ Schakel het apparaat uit met .

Na ca. 10 tot 20 minuten schakelt het apparaat automatisch uit.

16 Basisinstellingen

U kunt uw apparaat instellen volgens uw behoeften.

16.1 Overzicht van de basisinstellingen

Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksinstellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat.

BasisinstellingKeuze
TaalZie de keuze op het apparaat.
Tijd
1 Fabrieksinstelling (kan type afwijken)
Tijd in 24 uursformaat.
afhankelijk van het apparaat-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)

BasisinstellingKeuze
Waterhardheid → "Vóór het eerste gebruik", Pagina 1200 (onthard) 01 (zacht)
02 (gemiddeld) 03 (hard)
04 (zeer hard)¹
FabrieksinstellingTerugzetten Niet resetten¹
GeluidssignaalKorte duur (30 seconden) Gemiddelde duur (1 minuut)¹
Lange duur (5 minuten)
Volume
1 Fabrieksinstelling (kan type afwijken)
5 standen afhankelijk van het apparaat-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)

Pagina 24

nl Reiniging en onderhoud

BasisinstellingKeuze
ToetssignaalIngeschakeld
Uitgeschakeld (geluid bij blijft)¹
Helderheid display5 standen
TijdsweergaveUit
Digitaal¹ Analoog
VerlichtingIn gebruik uit In gebruik aan¹
Werking na inschakelenHoofdmenu
Verwarmingsmethoden¹ Stoom
Assist
NachtverduisteringUitgeschakeld¹ Ingeschakeld
MerklogoIndicaties¹
Niet weergeven
NalooptijdventilatorAanbevolen¹ Minimaal
TelescoopsysteemNiet achteraf aangebracht (bij rekjes en 1-voudig uit-
treksysteem) ¹
Achteraf aangebracht (bij 2‑ en 3‑voudig uittreksysteem)
Sabbatinstelling
1 Fabrieksinstelling (kan type afwijken)
Ingeschakeld
Uitgeschakeld¹ afhankelijk van het apparaat-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)

16.2 Basisinstellingen wijzigen

Vereiste: Het apparaat is ingeschakeld.

Welke basisinstelling is gekozen, geeft de rode balk aan de zijkant van het tekstveld aan. Op het display staat de bijbehorende waarde.

Opmerking: Na een stroomonderbreking blijven de ingevoerde wijzigingen van de basisinstellingen behouden.

Het wijzigen van de basisinstellingen afbreken

16.3 Tijd instellen

Vereiste: Het apparaat is ingeschakeld.

drukken en

17 Reiniging en onderhoud

Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.

17.1 Reinigingsmiddelen

Gebruik om de verschillende oppervlakken van het apparaat niet te beschadigen geen ongeschikte reinigingsmiddelen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.

LET OP!

Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.

Geschikte schoonmaakmiddelen

Gebruik alleen geschikte schoonmaakmiddelen voor de verschillende oppervlakken van uw apparaat.

Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.

Nieuwe vaatdoekjes bevatten resten van de productie.

Houd de handleiding aan bij het reinigen van het apparaat.

→ "Apparaat schoonmaken", Pagina 26

Pagina 25

Reiniging en onderhoud nl

Voorzijde van het apparaat

OppervlakGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
RVS• Warm zeepsop
• Speciale RVS-verzorgingsmiddelen voor warme oppervlakken
Om corrosie te voorkomen kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken op roestvrijstalen oppervlakken onmiddellijk verwijderen.
Verzorgingsmiddel voor roestvaststaal dun aanbrengen.
Kunststof of gelakte oppervlakken bijv. bedieningspaneel• Warm zeepsopGebruik geen glasreiniger of schraper.
Om vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel dat op het oppervlak terechtkomt direct verwijderen.
Apparaatdeur
GebiedGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
Ruiten van de deur• Warm zeepsopGebruik geen schraper of rvs-schuursponsje gebruiken. Tip: Voor een grondige reiniging de deurruiten demonteren. → "Apparaatdeur", Pagina 29
Deurafscherming• Van roestvaststaal: RVS-reiniger
• Van kunststof:
Warm zeepsop
Gebruik geen glasreiniger of schraper.
Geen schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal gebruiken. Tip: Voor een grondige reiniging de deurafscherming verwijderen. → "Apparaatdeur", Pagina 29
Roestvrijstalen binnenlijst van de deurRVS-reinigerVerkleuringen kunnen verwijderd worden met reinigingsmiddelen voor roestvrij staal.
Geen schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal gebruiken.
Deurgreep• Warm zeepsopOm vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel dat op het oppervlak terechtkomt direct verwijderen.
Deurafdichting• Warm zeepsopNiet afnemen en niet schuren.
Binnenruimte
GebiedGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
Emaillen oppervlakken• Warm zeepsop
• Azijnwater
• Ovenreiniger
Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel of RVS-spiraalspons. Om de binnenruimte na het reinigen te drogen de deur van het apparaat open laten.
Opmerkingen
• Email wordt bij zeer hoge temperaturen ingebrand, waardoor er kleine kleurverschillen ontstaan. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.
• De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd en kunnen ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact.
• Door resten van levensmiddelen ontstaat er een witte afzetting op de emaillen oppervlakken. Deze aanslag is niet schadelijk voor de gezondheid. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. U kunt de aanslag met citroenzuur verwijderen.
Zelfreinigende oppervlakken-Handleiding voor de zelfreinigende oppervlakken aanhouden. → "Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte reinigen", Pagina 26
Glazen kapje van de ovenlamp• Warm zeepsopGebruik bij sterke verontreiniging ovenreiniger.
Rekjes• Warm zeepsopGebruik bij sterke verontreiniging een borstel of RVS-spiraalspons. Opmerking: Voor een grondige reiniging de rekjes verwijderen. → "Rekjes", Pagina 28

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)

Pagina 26

nl Reiniging en onderhoud

GebiedGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
Accessoires• Warm zeepsop
• Ovenreiniger
Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel of RVS-spiraalspons. Geëmailleerde accessoires kunnen in de vaatwasser worden gedaan.
Gebruik op stoompannen van RVS geen RVS-sponsjes.
Verontreinigingen op stoompannen vormen door levensmiddelen die zetmeel bevatten (bijv. rijst) verwijderen met azijnwater.
Watertank• Warm zeepsopOm na de reiniging resten schoonmaakmiddel te verwijderen met schoon water grondig naspoelen.
Om de watertank na de reiniging te drogen, de watertank met geopend deksel laten drogen. Afdichting op het deksel goed drogen. Niet in de vaatwasser reinigen.
Braadthermometer• Warm zeepsopGebruik bij sterke verontreiniging een borstel. Niet in de vaatwasser reinigen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)

17.2 Apparaat schoonmaken

Reinig om beschadiging van het apparaat te voorkomen het apparaat uitsluitend zoals aangegeven en met geschikte reinigingsmiddelen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!

Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.

Vereiste: De instructies voor het gebruik van de reinigingsmiddelen aanhouden.

→ "Reinigingsmiddelen", Pagina 24

‒ Voor sommige oppervlakken kunt u alternatieve reinigingsmiddelen gebruiken.

→ "Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 24

17.3 Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte reinigen

De achterwand in de binnenruimte is zelfreinigend. De zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte zijn voorzien van een laagje poreus, mat keramiek en hebben een ruw oppervlak. Wanneer het apparaat in gebruik is, nemen de zelfreinigende oppervlakken spetters van het bakken, braden of grillen op en breken ze

af. Wanneer de zelfreinigende oppervlakken zich tijdens het gebruik niet meer voldoende reinigen, warm de binnenruimte dan gericht op.

LET OP!

Als de zelfreinigende oppervlakken niet regelmatig worden gereinigd, kan dit leiden tot schade aan de oppervlakken.

Opmerking: Op de zelfreinigende oppervlakken kunnen vlekken ontstaan. Resten van suikers en eiwitten in levensmiddelen worden niet afgebroken en blijven hechten aan de oppervlakken. Roodachtige vlekken zijn resten van zouthoudende levensmiddelen, de vlekken zijn geen roest. De vlekken zijn niet gevaarlijk voor de gezondheid. De vlekken hebben geen invloed op het reinigende vermogen van de zelfreinigende oppervlakken.

→ "Rekjes", Pagina 28

← pagina's 2–14verder op pagina 27 →Inhoud