naslaan.comZoekenAlle merken

Bosch KGN49OCAF, tekst van de handleiding

Pagina's 18–31 van 32 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 2–17

Pagina 18

nl Extra functies

Opmerking: Als Superkoelen is ingeschakeld, kan er meer geluid ontstaan.

Superkoelen inschakelen

"super cool" brandt.

Opmerking: Na ca. 6 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.

Superkoelen uitschakelen

8.2 Automatisch Supervriezen

Bij het automatisch Supervriezen koelt het vriesvak duidelijk op een lagere temperatuur dan bij de normale werking. Hierdoor bevriezen de levensmiddelen sneller tot in de kern. De automatische Supervriezen schakelt in, wanneer u een zekere hoeveelheid verse levensmiddelen in het vriesvak plaatst.

Het automatische Supervriezen is af-fabriek geactiveerd. U kunt het automatische Supervriezen deactiveren. Als het automatische Supervriezen is ingeschakeld, brandt "super freeze" en er kunnen meer geluiden ontstaan.

Het apparaat schakelt na het verstrijken van het automatisch Supervriezen op normale werking.

Automatisch Supervriezen activeren

18 Automatische Supervriezen deactiveren

Automatische Supervriezen annuleren

8.3 Handmatig Supervriezen

Bij het Supervriezen koelt het vriesvak zo koud mogelijk.

Schakel Supervriezen vóór het opslaan van een grotere hoeveelheid levensmiddelen in.

Om het invriesvermogen te benutten, gebruikt u Supervriezen.

Opmerking: Als Supervriezen is ingeschakeld, kan er meer geluid ontstaan.

Handmatig Supervriezen inschakelen

Opmerking: Na ca. 54 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.

Handmatig Supervriezen uitschakelen

8.4 Rust-modus

De rustmodus schakelt alle niet absoluut noodzakelijke functies uit. Tijdens de rust-modus zijn de volgende functies uitgeschakeld:

Pagina 19

Opmerking: Tijdens de rust-modus schakelt de verlichting van het bedieningspaneel uit. "super freeze" brandt met gereduceerde helderheid.

Rust-modus inschakelen

"super freeze" brandt.

Opmerking: Na ca. 80 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.

Rust-modus uitschakelen

9 Alarm

9.1 Deuralarm

Als de deur van het apparaat langere tijd open staat wordt het deuralarm ingeschakeld.

Er klinkt een waarschuwingssignaal en "alarm off" brandt.

Deuralarm uitschakelen

Alarm nl

9.2 Temperatuuralarm

Wanneer het te warm is in het vriesvak, wordt het temperatuuralarm geactiveerd.

Er klinkt een waarschuwingssignaal, de ingestelde temperatuur (vriesvak) en "alarm off" knipperen.

VOORZICHTIG

Kans op gevaar voor de gezondheid!

Bij het ontdooien kunnen bacteriën zich vermeerderen en kunnen de diepvrieswaren bederven.

Het temperatuuralarm kan in de volgende gevallen inschakelen:

Levensmiddelen pas in het apparaat inruimen wanneer de ingestelde temperatuur is bereikt.

Controleer of het diepvriesproduct deels of geheel is ontdooid.

Temperatuuralarm uitschakelen

Pagina 20

nl Koelvak

10 Koelvak

In het koelvak kunt u melkproducten, eieren, bereide gerechten, brood en banket, geopende conservenblikken en harde kaas bewaren.

De temperatuur is van 2 °C tot 8 °C instelbaar.

Door de koelopslag kunt u ook licht bederfelijke levensmiddelen op korte of middellange termijn bewaren. Hoe lager de gekozen temperatuur is, des te langer blijven de levensmiddelen vers.

10.1 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het koelvak

10.2 Koudezones in het koelvak

Door de luchtcirculatie in et koelvak ontstaan verschillende koudezones.

Koudste zone

De koudste zone bevindt zich op het legplateau boven de koude lade.

Tip: Bewaar snel bedervende levensmiddelen in de koudste zone, bijv. vis, worst en vlees.

Warmste zone

De warmste zone bevindt zich helemaal bovenaan in de deur.

Tip: Bewaar minder gevoelige levensmiddelen in de warmste zone, bijv. harde kaas en boter. Hierdoor komt het aroma van de kaas beter tot ontwikkeling en blijft de boter smeerbaar.

11 Chillervak

In de koude lade kunt u verse levensmiddelen langer vers houden dan in het koelvak.

De temperatuur in de koude lade wordt rond de 0°C gehouden.

De lage temperatuur en de optimale luchtvochtigheid in de koude lade zorgen voor ideale bewaaromstandigheden voor licht bederfelijke levensmiddelen.

11.1 Bewaartijden in de koude lade bij 0°C

De bewaartijden zijn afhankelijk van de uitgangskwaliteit van uw levensmiddelen.

ProductBewaartijd
Verse vis, zeevruchtentot 3 dagen
Gevogelte, vlees (gekookt/gebraden)tot 5 dagen
Rundvlees, varkensvlees, lamsvlees, worstwaren (broodbeleg)tot 7 dagen
Gerookte vis, broccolitot 14 dagen
Zachte kaas, yoghurt, kwark, karnemelktot 30 dagen

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)

Pagina 21

Vriesvak nl

12 Vriesvak

In het vriesvak kunt u diepvrieswaren bewaren, levensmiddelen bevriezen en ijsblokjes maken.

De temperatuur is van −16 °C tot −24 °C instelbaar.

Langdurig bewaren van levensmiddelen moet op een temperatuur van – 18 °C of lager gebeuren.

Door het invriezen kunt u bederfelijke levensmiddelen gedurende lange tijd bewaren. De lage temperaturen vertragen of stoppen het bederven.

12.1 Invriescapaciteit

Het invriesvermogen geeft aan welke hoeveelheid levensmiddelen in hoeveel uur tot in de kern kan worden ingevroren.

Informatie over het invriesvermogen vindt u op het typeplaatje. → "Apparaat", Fig. 1 / 6 , Pagina 15

Opmerking: Ca. 24 uur vóór het inladen van verse levensmiddelen, Supervriezen inschakelen.

→ "Handmatig Supervriezen inschakelen", Pagina 18

12.2 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het vriesvak

12.3 Tips voor het bevriezen van verse levensmiddelen

Diepvrieswaren verpakken

Geschikt verpakkingsmateriaal en de juiste soort verpakking behouden in hoge mate de productkwaliteit en vermijden vriesbrand.

Pagina 22

nl Ontdooien

12.4 Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij −18 °C

ProductBewaartijd
Vis, worst, klaargemaakte gerechten, brood en banketTot 6 maanden
Gevogelte, vleesTot 8 maanden
Groente, fruitTot 12 maanden

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

De erop gedrukte vrieskalender geeft de maximale bewaartijd in maanden aan bij een constante temperatuur van –18°C.

12.5 Ontdooimethodes voor diepvrieswaren

VOORZICHTIG

Kans op gevaar voor de gezondheid!

Bij het ontdooien kunnen bacteriën zich vermeerderen en kunnen de diepvrieswaren bederven.

13 Ontdooien

13.1 Ontdooien in het vriesvak

Door het volledig automatische “NoFrost”-systeem blijft het vriesvak vorstvrij. Ontdooien is niet nodig.

14 Reiniging en onderhoud

De reiniging van ontoegankelijke plaatsen moet door de servicedienst worden uitgevoerd. Aan de reiniging door de servicedienst kunnen kosten verbonden zijn.

14.1 Apparaat voorbereiden voor reiniging

→ Pagina 17

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

Indien beschikbaar koelelementen op de levensmiddelen leggen.

→ Pagina 23

Pagina 23

14.2 Apparaat schoonmaken

WAARSCHUWING

Kans op elektrische schok!

Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.

Vloeistof in de verlichting, in de bedieningselementen of in de inwendige ventilatieopeningen kan gevaarlijk zijn.

LET OP!

Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.

Wanneer u uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigt, kunnen deze vervormen of verkleuren.

→ Pagina 13

Reiniging en onderhoud nl

14.3 Onderdelen eruit halen

Neem wanneer u de uitrustingsdelen grondig wilt reinigen deze uit het apparaat.

Plateau verwijderen

Deurrek verwijderen

Groente- en fruitlade verwijderen

23

Pagina 24

nl Reiniging en onderhoud

Koude lade verwijderen

Diepvrieslade verwijderen

Ladefront verwijderen

U kunt het ladefront van de fruit en groentelade en de vriesproductenlade verwijderen voor het gemakkelijker schoonmaken.

Pagina 25

Storingen verhelpen nl

15 Storingen verhelpen

Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.

WAARSCHUWING

Kans op elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

StoringOorzaak en probleemoplossing
Apparaat koelt niet, indicaties en verlichting branden.Het presentatielicht is ingeschakeld.
1. Schakel het apparaat uit. → Pagina 17
2. Wacht 2 minuten.
3. Schakel het apparaat weer in. → Pagina 17
4. Wacht 1 minuut en houd aansluitend super cool ingedrukt, tot er 4 akoestische signalen klinken.
5. Controleer na korte tijd of uw apparaat koelt.
LED-verlichting functioneert niet.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
▶ Neem contact op met de servicedienst.
Het nummer van de servicedienst vindt u in het bijgevoegde overzicht van servicediensten.
De koelmachine schakelt vaker en langer in.Het apparaat is te vaak geopend.
▶ Open de apparaatdeur niet onnodig.
Externe ventilatieopeningen zijn afgedekt.
▶ Verwijder hindernissen vóór de externe ventilatieopeningen.
Geen storing. Moderne koelapparaten schakelen vaker in en hebben verschillende vermogensstanden om efficiënter te koelen.
▶ Verwijder hindernissen vóór de externe ventilatieopeningen.
▶ Stel het apparaat met de grootst mogelijke afstand tot verwarmingselementen, fornuis en andere warmtebronnen op. Vermijd langdurig direct zonlicht op het apparaat.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)

Pagina 26

nl Storingen verhelpen

StoringOorzaak en probleemoplossing
De koelmachine schakelt vaker en langer in.▶ Open de deur van het apparaat slechts zo kort als mogelijk is.
▶ Laat warme gerechten en dranken voordat deze in het apparaat worden geplaatst eerst afkoelen.
Op de achterwand van het koelvak vormt zich een vorstlaag.Geen storing. Moderne koelapparaten zorgen voor een gelijkmatigere temperatuur in het koelvak. De achterwand van het koelvak wordt regelmatig automatisch ontdooid.
▶ Open de deur van het apparaat slechts zo kort als mogelijk is.
▶ Verpak de levensmiddelen luchtdicht of dek de levensmiddelen af.
▶ Laat warme gerechten en dranken voordat deze in het apparaat worden geplaatst eerst afkoelen.
▶ Laat altijd wat ruimte tussen de levensmiddelen en de binnenwanden.
Zijpanelen van het apparaat zijn warm.Geen storing. In de zijwanden lopen buizen welk tijdens het koelproces warm worden. Meubels die tegen het apparaat staan, worden niet beschadigd door de warmte.
Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.
Alarmsignaal weerklinkt en "alarm off" brandt.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
▶ Druk op alarm off.
• Schakel het alarm uit.
Deur van het apparaat is open.
▶ Sluit de deur van het apparaat.
Alle temperatuurindicaties en "alarm off" branden.Er is een sensor defect.
▶ Neem contact op met de servicedienst.
Het nummer van de servicedienst vindt u in het bijgevoegde overzicht van servicediensten.
Er klinkt een waarschuwingssignaal, de ingestelde temperatuur (vriesvak) en "alarm off" knipperen.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
▶ Druk op alarm off.
• Schakel het alarm uit.
Vriesvakdeur is open.
▶ Sluit de vriesvakdeur.
Externe ventilatieopeningen zijn afgedekt.
▶ Verwijder hindernissen vóór de externe ventilatieopeningen.
Er zijn grotere hoeveelheden verse levensmiddelen ingeruimd.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)

Pagina 27

Storingen verhelpen nl

StoringOorzaak en probleemoplossing
Er klinkt een waarschuwingssignaal, de ingestelde temperatuur (vriesvak) en "alarm off" knipperen.▶ Overschrijd het vriesvermogen niet. → "Invriescapaciteit", Pagina 21
Ingestelde temperatuur wordt niet bereikt. Volautomatische ontdooien werkt niet meer.De deur van het vriesvak was te lang geopend. Er zit heel veel ijs op de verdamper (koudegenerator) in het NoFrost-systeem.
Vereiste: De diepvrieswaren zijn goed geïsoleerd en worden op een koele plaats bewaard.
1. Schakel het apparaat uit. → Pagina 17
2. Koppel het apparaat los van de voedingspanning. Haal stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit.
3. Neem contact op met de servicedienst.
Het nummer van de servicedienst vindt u in het bijgevoegde overzicht van servicediensten.
Temperatuur wijkt erg af van de instelling.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
1. Schakel het apparaat uit. → Pagina 17
2. Schakel het apparaat na ca. 5 minuten opnieuw in. → Pagina 17 ‒ Als de temperatuur te hoog is, controleer dan de temperatuur na een paar uur opnieuw.
‒ Als de temperatuur te laag is, controleer de temperatuur dan de volgende dag opnieuw.
Op het oppervlak van het apparaat en de plateaus in het apparaat vormt zich condenswater.De waterdamp in warme en vochtige lucht condenseert op de koudere oppervlakken van het apparaat.
1. Neem het dooiwater af met een zachte, droge doek.
2. Open het apparaat zo kort mogelijk.
3. Let er op dat het apparaat altijd goed wordt gesloten.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)

Pagina 28

nl Storingen verhelpen

StoringOorzaak en probleemoplossing
In de fruit- en groentelade verzamelt zich vaak veel condenswater.Afhankelijk van de bewaarhoeveelheid en het product vormt er zich in de fruit- en groentelade condenswater.
1. De fruit- en groentelade verwijderen. → Pagina 23
2. De ontluchtingsclips verwijderen en omgedraaid inzetten .
Het apparaat bromt, borrelt, zoemt, gorgelt, klikt, of maakt knakgeluiden.Geen storing. Een motor draait, bijv. koelaggregaat, ventilator. Er stroomt koudemiddel door de buizen. Motor, schakelaars of magneetventielen schakelen in- of uit. Het automatische ontdooisysteem treedt in werking.
Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.
Apparaat produceert geluiden.Het apparaat staat niet waterpas.
▶ Stel het apparaat horizontaal met behulp van een waterpas en de stelvoeten.
Apparaat is niet vrijstaand.
▶ Houd de minimum afstanden van het apparaat aan.
Uitrustingsdelen wiebelen of klemmen.
▶ Controleer de uitneembare uitrustingsdelen en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat.
Flessen of containers raken elkaar.
▶ Haal flessen of containers van elkaar.
Supervriezen is ingeschakeld.
Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 28)

Pagina 29

15.1 Stroomuitval

Tijdens een stroomuitval stijgt de temperatuur in het apparaat, hierdoor verkort de bewaartijd en de kwaliteit van de diepvriesproducten vermindert.

Op onze website van uw apparaat vindt in de technische gegevens de bewaartijd van de diepvriesproducten in geval van een storing.

Opmerkingen

15.2 Apparaatzelftest uitvoeren

Uw apparaat beschikt over een apparaatzelftest, welke storingen weergeeft, die uw service kan verhelpen.

→ Pagina 17

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

→ Pagina 13

→ Pagina 17

Opslaan en afvoeren nl

→ Pagina 18

16 Opslaan en afvoeren

16.1 Apparaat buiten gebruik stellen

→ Pagina 17

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

29

Pagina 30

nl Servicedienst

→ Pagina 23

16.2 Afvoeren van uw oude apparaat

Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.

WAARSCHUWING

Kans op gevaar voor de gezondheid!

Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar geraken.

WAARSCHUWING

Kans op brand!

Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.

Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).

De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.

17 Servicedienst

Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.

Daarnaast kunt u bij onze klantenservice andere functierelevante en op voorraad liggende originele reserveonderdelen verkrijgen tot 15 jaar na het op de markt brengen van uw apparaat.

Voor meer informatie kunt u met onze klantenservice contact opnemen.

Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst is in het kader van de plaatselijk geldende fabrieksgarantievoorwaarden gratis. De minimumduur van de garantie (fabrieksgarantie voor particuliere gebruikers) in de Europese Economische Ruimte bedraagt 2 jaar in overeenstemming met de geldende plaatselijke garantievoorwaarden. De garantievoorwaarden doen geen afbreuk aan

Pagina 31

Technische gegevens nl

eventuele andere rechten of claims die u op grond van het plaatselijke recht heeft.

Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QRcode op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenservice, uw dealer of op onze website.

De contactgegevens van de klantenservice vindt u via de QR-code op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze website.

17.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)

Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) nodig. Deze nummers vindt u op het typeplaatje van het apparaat.

→ "Apparaat", Fig. 1 / 6 , Pagina 15

Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.

uit het teken voor de slash van het E-nummer (E-Nr.) op het typeplaatje. Alternatief vindt u de modelidentificatie ook in de eerste regel van het EU-energielabel.

Het aantal lichtbronnen is modelafhankelijk.

Dit product bevat een lichtbron van energieklasse G.

De lichtbronnen zijn leverbaar als reserveonderdeel en mogen uitsluitend door geschoold vakpersoneel worden vervangen.

18 Technische gegevens

Koudemiddel, netto inhoud en overige technische gegevens bevinden zich op het typeplaatje.

→ "Apparaat", Fig. 1 / 6 , Pagina 15

Meer informatie over uw model vindt u op het internet onder https:// eprel.ec.europa.eu/¹. Dit webadres verwijst naar de officiële EU-productdatabank EPREL. Volg dan de aanwijzingen bij het zoeken naar het model op. De modelidentificatie bestaat

1 Geldt alleen voor landen in de Europese Economische Ruimte

31

← pagina's 2–17Inhoud