naslaan.comZoekenAlle merken

Bosch PID975N24E, tekst van de handleiding

Pagina's 18–24 van 68 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← begin van de handleidingverder op pagina 26 →

Pagina's 1–17: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 18

Inhoudsopgave

Veiligheidsvoorschriften ......................................................... 18

Oorzaken van schade.....................................................................19

Bescherming van het milieu ................................................... 20

Milieuvriendelijk afvoeren ...............................................................20 Tips om energie te besparen ........................................................20

Koken op Inductie.................................................................... 20

Voordelen van het Koken op Inductie .........................................20 Pannen...............................................................................................20

Het apparaat leren kennen...................................................... 21

Het bedieningspaneel.....................................................................21 De kookzones...................................................................................22 Restwarmte-indicator.......................................................................22

Programmeren van de kookplaat .......................................... 22

De kookplaat in- en uitschakelen .................................................22 Afstellen van de kookzone.............................................................22 Kooktabel ..........................................................................................22

Frituurfunctie............................................................................ 24 pannen voor de frituurfunctie.........................................................24 De temperatuurniveaus...................................................................24 Zo wordt dit geprogrammeerd......................................................24 Tabel...................................................................................................25 Frituurprogramma's .........................................................................26

Kinderslot ................................................................................. 26

Het kinderslot activeren en deactiveren......................................26 Automatisch kinderslot ...................................................................26

Functie Powerboost................................................................. 26

Gebruiksrestricties...........................................................................26 Zo wordt dit geactiveerd ................................................................26 Zo wordt dit gedeactiveerd............................................................26

Timerfunctie ............................................................................. 27

Een kookzone automatisch uitschakelen....................................27 De kookwekker ................................................................................27

Beschermingsfunctie bij reiniging......................................... 27

Automatische tijdslimiet ......................................................... 28

Basisinstellingen ..................................................................... 28

Toegang tot de basisinstellingen..................................................29

Onderhoud en reiniging .......................................................... 29

Kookplaat ..........................................................................................29 Omlijsting van de kookplaat ..........................................................29

Repareren van storingen......................................................... 29

Normaal geluid tijdens de werking van het apparaat............... 30

Servicedienst ........................................................................... 30

Geteste gerechten.................................................................... 31

Produktinfo

Meer informatie over producten, accessoires, onderdelen en diensten vindt u op het internet: www.bosch-home.com en in de online-shop: www.bosch-eshop.com

Veiligheidsvoorschriften

Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door Berg de gebruiksaanwijzing, het installatievoorschrift en de apparaatpas goed op voor later gebruik of om ze door te geven aan volgende eigenaren.

Controleer het apparaat na het uitpakken. Indien het apparaat schade heeft opgelopen tijdens het transport, schakel het dan niet in, maar neem contact op met de technische dienst en leg de veroorzaakte schade schriftelijk vast. Doet u dat niet, dan gaat elk recht op een schadevergoeding verloren.

Dit apparaat moet worden geïnstalleerd volgens het meegeleverde installatievoorschrift.

Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Gebruik het uitsluitend voor het bereiden van gerechten en drank. Zorg ervoor dat het apparaat onder toezicht gebruikt wordt. Het toestel alleen gebruiken in gesloten ruimtes.

Dek de kookplaat niet af. Dit kan leiden tot ongevallen, bijv. door oververhitting, ontbranding of ontploffend materiaal.

18

Gebruik geen ongeschikte beveiligingsapparaten of tralies voor de bescherming van kinderen. Dit kan leiden tot ongevallen.

Dit apparaat is niet bestemd voor gebruik met een externe tijdschakelklok of een afstandbediening.

Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met beperkte fysieke, sensorische of geestelijke vermogens of personen die gebrek aan kennis of ervaring hebben, wanneer zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of geleerd hebben het op een veilige manier te gebruiken en zich bewust zijn van de risico's die het gebruik van het toestel met zich meebrengt.

Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud van het toestel mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij zij 8 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan.

Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar uit de buurt blijven van het toestel of de aansluitkabel.

Pagina 19

Heeft u een pacemaker of soortgelijk medisch hulpmiddel geïmplanteerd, dan dient u speciale voorzorgsmaatregelen in acht nemen bij het gebruiken of in de buurt komen van inductiekookplaten als die in werking zijn. Raadpleeg uw arts of de fabrikant van het hulpmiddel, om er zeker van te zijn dat het voldoet aan de geldige regelgeving en informeer omtrent mogelijke incompatibiliteit.

Risico van brand!

Risico van brand!

Risico van brand!

Risico van brand!

Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.

Risico van verbranding!

Risico van verbranding!

Risico van verbranding!

Brandgevaar!

Kans op een elektrische schok!

klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice.

Kans

een elektrische schok!

op

Kans

een elektrische schok!

op

Kans

een elektrische schok!

op

Gevaar voor beschadiging!

Deze plaat is uitgerust met een ventilator, die zich aan de onderzijde bevindt. Indien er zich onder de kookplaat een lade bevindt, mogen daar geen kleine of papieren voorwerpen in worden bewaard. Als deze namelijk worden geabsorbeerd kunnen ze de ventilator beschadigen of de koeling verslechteren.

Tussen de inhoud van de lade en de inlaat van de ventilator moet een afstand van ten minste 2 cm worden aangehouden.

Risico van letsel!

Risico van letsel!

Oorzaken van schade

Attentie!

19

Pagina 20

Algemeen overzicht

In de onderstaande tabel vindt u de meest voorkomende vormen van schade:

SchadeOorzaakMaatregel
VlekkenGemorst voedselVerwijder gemorst voedsel onmiddellijk met een glasschraper.
Ongeschikte reinigingsproductenGebruik reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten.
KrassenZout, suiker en zandGebruik de kookplaat niet als werkoppervlak of steun.
Ruwe bodems van pannen kunnen krassen op de vitroceramische plaat veroorzakenControleer de pannen.
VerkleuringenOngeschikte reinigingsproductenGebruik reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten.
Aanraking van de pannenTil kookpannen en koekenpannen op om ze te verplaatsen.
AfbladderingenSuiker, levensmiddelen met een hoog suikergehalteVerwijder gemorst voedsel onmiddellijk met een glasschraper.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)

Bescherming van het milieu

Milieuvriendelijk afvoeren

Voer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).

De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.

Tips om energie te besparen

pannenfabrikanten duiden gewoonlijk de bovenste diameter van de pan aan, die meestal groter is dan de diameter van de bodem van de pan.

Koken op Inductie

Voordelen van het Koken op Inductie

Koken op Inductie betekent een radicale verandering van de traditionele wijze van verwarmen, aangezien de warmte rechtstreeks in de pan wordt gegenereerd. Daarom biedt het een aantal voordelen:

Pannen

Uitsluitend geschikt voor inductiekoken zijn ferromagnetische pannen zoals van:

Kijk, om te weten of de pannen geschikt zijn, of de bodem van de pan wordt aangetrokken door een magneet.

20

Er bestaat een ander soort pannen speciaal voor inductie, met een niet geheel ferromagnetische bodem.

Bij het gebruik van grote pannen met een ferromagnetische zone met een kleinere diameter, wordt enkel de ferromagnetische zone verwarmd, zodat de warmte niet homogeen kan worden verdeeld.

Pannen met aluminium kookzones in de bodem verkleinen de ferromagnetische zone, zodat het geleverde vermogen lager kan zijn en er problemen kunnen ontstaan bij de detectie van de pan en het kan zelfs zijn dat deze niet wordt gedetecteerd.

Om goede kookresultaten te verkrijgen, is het raadzaam dat de diameter van de ferromagnetische zone van de pan is afgestemd op de maat van de kookzone. Als de pan op een kookzone niet wordt gedetecteerd, probeer hem dan op de zone met een iets kleinere diameter.

Pagina 21

Niet geschikte pannenLege pannen of pannen met een dunne bodem
Gebruik nooit straalplaten of pannen van:Verwarm geen lege pannen en gebruik geen pannen met dunne bodem. De kookplaat is uitgerust met een intern
■ dun normaal staalveiligheidssysteem, maar een lege pan kan zo snel heet
■ glasworden dat de functie “automatisch uitschakelen" geen tijd heeft om te reageren, waardoor de temperatuur erg kan
■ aardewerkoplopen. De bodem van de pan kan smelten en het glas van de
■ koperkookplaat beschadigen. Raak in dat geval de pan niet aan en
■ aluminiumschakel de kookzone uit. Als het apparaat na het afkoelen niet werkt, neem dan contact op met de technische dienst.
Kenmerken van de bodem van de pan
Pandetectie
De kenmerken van de bodem van de pannen kunnen invloed
hebben op de homogeniteit van het kookresultaat. Pannen die gemaakt zijn van materialen die warmte verspreiden, zoalsIedere kookzone heeft een minimumlimiet voor pandetectie, die afhankelijk is van het materiaal van de pan die wordt gebruikt.
"sandwich" pannen van roestvrij staal, verdelen de warmte op gelijkmatige wijze, waardoor tijd en energie worden bespaard.Daardoor mag alleen de kookzone worden gebruikt die het meest geschikt is voor de pan.
Geen pan of ongeschikte afmetingAutomatische detectie in dubbele of drievoudige kookzones
Als er geen pan op de geselecteerde kookzone wordt geplaatst of als deze niet van het geschikte materiaal is of geen geschikte afmeting heeft, knippert de kookstand op de indicator van de kookzone. Plaats een geschikte pan, zodat het knipperen stopt. Als er meer dan 90 seconden wordt gewacht gaat de kookzone automatisch uit.Deze zones kunnen pannen van verschillende afmetingen herkennen. Afhankelijk van het materiaal en de eigenschappen van de pan, past de zone zich automatisch aan en wordt alleen de enkele zone geactiveerd, ofwel de hele zone, waarbij het geschikte vermogen wordt geleverd voor goede kookresultaten.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)

Het apparaat leren kennen

Op pagina 2 vindt u informatie over afmetingen en vermogens van de kookzones

Het bedieningspaneel

Bedieningsvlakken
Hoofdschakelaar
De kookzone kiezen
1 2 ...8 9Instelgebied
Wrijfbeveiliging
Kinderslot
boostPowerboost-functie
0Timer
Braadsensor
Programma's braadsensor

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)

Bedieningsvlakken

Bij het aanraken van een symbool wordt de overeenkomstige functie geactiveerd.

Aanwijzing: Zorg ervoor dat de bedieningsvlakken altijd droog zijn. Vocht heeft een negatieve invloed op de werking.

Indicatoren
-Vermogensstanden
Operationaliteit
/Restwarmte
Functie Powerboost
Timerfunctie
Kookwekker
Kinderslot
Bescherming bij reiniging
Automatische uitschakeling
Frituurfunctie
Temperatuur Frituurfunctie
min, low, med, maxTemperatuurniveaus

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)

21

Pagina 22

De kookzones

Kookzone
• Kookzone met één ringGebruik kookgerei dat de juiste afmetingen heeft.
• Kookzone met drie ringenDe braadzone schakelt automatisch bij wanneer er een braadpan van de juiste afmetingen op wordt geplaatst ( of ).
Alleen kookgerei gebruiken datgeschikt is voor inductiekoken: zie het hoofdstuk „Kookgerei“.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

Restwarmte-indicator

De kookplaat beschikt over een restwarmte-indicator in elke kookzone, die aanduidt welke nog warm zijn. Raak kookzones met die indicatie niet aan.

Ook als de plaat uitgeschakeld is, blijft de indicator of , branden zolang de kookzone warm is.

Als de pan van de plaat genomen wordt voordat de kookzone uitgeschakeld is, verschijnen afwisselend de indicator o en de geselecteerde vermogensstand.

Programmeren van de kookplaat

In dit hoofdstuk wordt uitgelegd hoe een kookzone kan worden afgesteld. In de tabel staan de kookstanden en de bereidingstijden voor verschillende gerechten vermeld.

De kookplaat in- en uitschakelen

De kookplaat wordt in- en uitgeschakeld met de hoofdschakelaar.

Voor het inschakelen: druk op het symbool . De indicator van de hoofdschakelaar en de indicators van de kookzones gaan branden. De kookplaat is klaar om te werken.

Voor het uitschakelen: druk op het symbool . De indicator van de hoofdschakelaar en de indicators van de kookzones gaan uit. De kookplaat is uitgeschakeld. De restwarmte-indicator blijft branden tot de kookzones voldoende afgekoeld zijn.

Aanwijzing: De kookplaat wordt automatisch uitgeschakeld als alle kookzones meer dan 15 seconden lang uitgeschakeld zijn.

Afstellen van de kookzone

Selecteer de gewenste vermogensstand met de symbolen 1 tot 9.

Vermogensstand 1 = minimumvermogen

Vermogensstand 9 = maximumvermogen

Elke vermogensstand heeft een tussenliggende stand. Deze stand wordt aangegeven met het symbool in de programmeerzone.

Kookzone en kookstand kiezen

De kookplaat moet ingeschakeld zijn.

De kookstand is ingesteld.

De kookstand wijzigen

De kookzone kiezen en vervolgens in het instelgebied de gewenste kookstand aanraken. Met het symbool wordt in het instelgebied een tussenstand gekozen.

De kookzone uitschakelen

Selecteer de kookzone en druk vervolgens op het symbool van vermogensstand 0.

Aanwijzing: Als er geen pan op de inductiekookzone geplaatst wordt, zal de gekozen kookstand beginnen knipperen. Na het verstrijken van een tijd gaat de kookzone uit.

Kooktabel

In onderstaande tabel worden enkele voorbeelden gegeven. De kooktijden zijn afhankelijk van de vermogensstand, het type, het gewicht en de kwaliteit van het voedsel. Daarom zijn er variaties.

Bij het verhitten van purees, crèmes en dikke sauzen dient u af en toe te roeren.

Gebruik de vermogensstand 9 als u begint te koken.

VermogensstandKookduur
Smelten
Chocolade, chocoladecouverture Boter, honing, gelatine1-1.5 1-2
Verhitten en warmhouden
Maaltijdsoep (bv. linzen) Melk**
Worstjes opgewarmd in water**
1.5-2 1.5-2.5 3-4

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

* Koken zonder deksel

** Zonder deksel

***Geregeld omdraaien

22

Pagina 23

VermogensstandKookduur
Ontdooien en verhitten
Diepvriesspinazie Diepvriesgoulash3-4 3-415-25 min. 30-40 min.
Op een zacht vuurtje gaarstoven, op een zacht vuurtje koken
Aardappelballetjes*
Vis*
Witte sauzen, bv. bechamel
Geklopte sauzen, bv. bearnaisesaus, Hollandse saus
4.5-5.5 4-5 1-2 3-420-30 min. 10-15 min. 3-6 min.
8-12 min.
Koken, stomen, smoren
Rijst (met twee keer zoveel water) Rijstpap
Aardappelen in de schil Geschilde aardappelen met zout Pasta*
Eenpansgerecht, soep
Groenten
Diepvriesgroenten
Koken met de snelkookpan
2-3 2-3 4-5 4-5 6-7 3.5-4.5 2.5-3.5 3.5-4.5 4.5-5.515-30 min. 30-40 min. 25-30 min. 15-25 min. 6-10 min. 15-60 min. 10-20 min. 7-20 min.
-
Sudderen
Rollade
Stoofschotel Goulash
4-5 4-5 3-450-60 min. 60-100 min. 50-60 min.
Braden / Frituren met een beetje olie**
Filets, al dan niet gepaneerd
Diepvriesfilets
Koteletten, al dan niet gepaneerd*** Biefstuk (3 cm dik)
Borst (2 cm dik)***
Diepvriesborst***
Hamburgers, gehaktballetjes (3 cm dik)*** Vis en visfilet, ongepaneerd
Vis en visfilet, gepaneerd
Gepaneerde diepvriesvis, bv. vissticks Garnalen en steurgarnalen
Diepvriesgerechten, bv. gesauteerd Pannenkoeken
Omelet
Spiegeleieren
6-7 6-7 6-7 7-8 5-6 5-6 4.5-5.5 5-6 6-7 6-7 7-8 6-7 6-7 3.5-4.5 5-66-10 min.
8-12 min.
8-12 min.
8-12 min.
10-20 min.
10-30 min.
30-40 min.
8-20 min.
8-20 min.
8-12 min.
4-10 min.
6-10 min.
een voor een frituren een voor een frituren 3-6 min.
Frituren** (150-200 g per portie in 1-2 l olie)
Diepvriesproducten, bv. frieten, kipnuggets
Diepvrieskroketten
Vlees, bv., stukjes kip
Vis, gepaneerd of in bierdeeg
Groenten, paddenstoelen, gepaneerd of in bierdeeg, bv. champignons Banket, bv. beignets, fruit in bierdeeg
8-9 7-8 6-7 6-7 6-7 4-5een portie na de andere frituren

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)

* Koken zonder deksel

** Zonder deksel

***Geregeld omdraaien

Pagina 24

Frituurfunctie

Met deze functie kan worden gefrituurd in de voorste kookzones, waarbij de temperatuur van de koekenpan wordt afgesteld.

Voordelen bij het frituren

De kookzone verwarmt enkel wanneer dit nodig is. Op die manier wordt energie bespaard. De olie en het vet raken niet oververhit.

Aanwijzingen

Controleer of de bodem van de koekenpan de juiste diameter heeft.

pannen voor de frituurfunctie

Er zijn pannen die optimaal geschikt zijn voor deze functie. Ze kunnen achteraf aangekocht worden, als optioneel toebehoren, in de vakhandel of bij onze technische dienst. Duid altijd de overeenkomstige referentie aan:

De pannen hebben een antiaanbaklaag. Het is ook mogelijk om voedsel te frituren met weinig olie.

Aanwijzingen

De temperatuurniveaus

VermogensstandTemperatuurGeschikt voor
maxhoogbv. aardappelkoekjes, gesauteerde aardappelen en weinig doorbakken steak.
medmiddelhoog-hoogbv. "fijne" bakproducten zoals gepaneerde diepvriesproducten, schnitzels, ragout en groente.
lowlaag-middelhoogbv. grote bakproducten zoals frikandellen en worstjes, vis.
minlaagbv. omeletten gebakken in boter, olijfolie of margarine

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)

Zo wordt dit geprogrammeerd

Selecteer uit de tabel het geschikte temperatuurniveau. Plaats de koekenpan op de kookzone.

De kookplaat moet ingeschakeld zijn.

De mogelijke temperatuurniveaus worden getoond op het bedieningsvlak van de vermogensstand.

Het temperatuursymbool blijft aan tot de baktemperatuur wordt bereikt.

De frituurfunctie uitschakelen

Druk op het symbool .

← begin van de handleidingverder op pagina 26 →Inhoud