naslaan.comZoekenAlle merken

Bosch PKF631FP3E, tekst van de handleiding

Pagina's 42–54 van 56 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← begin van de handleiding

Pagina's 1–41: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 42

nl Inhoudsopgave

U kunt online aanvullende informatie en uitleg vinden. Scan de QR-code op de titelpagina.

Inhoudsopgave

GEBRUIKERSHANDLEIDING10 Wrijfbeveiliging ...................................................
1 Veiligheid ............................................................... 4211 Weergave energieverbruik ................................
2 Materiële schade voorkomen ............................... 4312 Basisinstellingen ................................................
3 Milieubescherming en besparing ........................ 4413 Reiniging en onderhoud ....................................
4 Uw apparaat leren kennen .................................... 4414 Storingen verhelpen ...........................................
5 De Bediening in essentie ...................................... 4615 Afvoeren ..............................................................
6 Powerboost-functie ............................................... 4816 Servicedienst ......................................................
7 Kinderslot ............................................................... 48
17 MONTAGEHANDLEIDING ..................................
8 Tijdfuncties ............................................................ 4817.1 Veilige montage ...............................................

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 42)

9 Automatische uitschakeling ................................. 49

1 Veiligheid

Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.

1.1 Algemene aanwijzingen

1.2 Bestemming van het apparaat

Apparaten zonder stekker mogen alleen door geschoold personeel worden aangesloten. Bij schade door een verkeerde aansluiting kunt u geen aanspraak maken op garantie.

Gebruik het apparaat uitsluitend:

om voedsel en dranken te bereiden.

onder toezicht. Houd kortstondige kookprocessen ononderbroken in het oog.

voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving. tot een hoogte van 2000 m boven zeeniveau.

Gebruik het apparaat niet:

met een externe timer of een separate afstandsbediening. Dit geldt niet voor het geval dat de werking middels de door

EN 50615 genoemde apparaten wordt uitgeschakeld.

1.3 Inperking van de gebruikers

Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze 15 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan. Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel kunnen komen.

1.4 Veilig gebruik

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

Zonder toezicht koken op kookplaten met vet of olie kan gevaarlijk zijn en brand veroorzaken.

Pagina 43

Materiële schade voorkomen nl

Het kookvlak wordt erg heet.

Levensmiddelen kunnen vuur vatten.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik worden het apparaat en zijn aanraakbare onderdelen heet, vooral een eventueel aanwezig kookplaatframe.

Kookplaatbeschermroosters kunnen tot ongevallen leiden.

De grepen van het kookgerei kunnen tijdens het gebruik heet worden. Als de grepen boven de verwarmingszone komen te liggen, kunnen de grepen bijzonder heet worden.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.

Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.

Bij hete apparaatonderdelen kan de kabelisolatie van elektrische apparaten smelten.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Wanneer er vloeistof zit tussen de bodem van de pan en de kookzone, kunnen kookpannen plotseling omhoog springen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!

Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.

Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.

2 Materiële schade voorkomen

LET OP

Door ruwe bodems van pannen ontstaan krassen op de glaskeramiek.

Door droogkoken kan het kookgerei of het apparaat beschadigd raken.

Pagina 44

nl Milieubescherming en besparing

Verkeerd geplaatst kookgerei kan tot oververhitting van het apparaat leiden.

Wanneer er harde en puntige voorwerpen op de kookplaat vallen, kan deze beschadigd raken.

Hittegevoelige materialen smelten op de hete kookzones.

2.1 Overzicht van de meest voorkomende schade

Hier vindt u de meest voorkomende schade en tips om deze te voorkomen.

SchadeOorzaakMaatregel
VlekkenOvergelopen etenswaarOvergelopen etenswaar onmiddellijk verwijderen met een schraper voor vitrokeramische kookplaat.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 44)

SchadeOorzaakMaatregel
VlekkenOngeschikte reinigingsmiddelenGebruik alleen reinigingsmiddelen die geschikt zijn voor glaskeramiek.
KrassenZout, suiker of zandGebruik de kookplaat niet als werkblad of plateau om iets neer te zetten.
KrassenRuwe bodems van pannenHet kookgerei controleren.
VerkleuringOngeschikte reinigingsmiddelenGebruik alleen reinigingsmiddelen die geschikt zijn voor glaskeramiek.
VerkleuringSlijtage van pannen, bijv. aluminiumPannen optillen om ze te verplaatsen.
Schelp-vormige beschadiging van het oppervlakSuiker of sterk suikerhoudend voedselOvergelopen etenswaar onmiddellijk verwijderen met een schraper voor vitrokeramische kookplaat.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 44)

3 Milieubescherming en besparing

3.1 Afvoeren van de verpakking

De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.

3.2 Energie besparen

Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt het apparaat minder energie.

Een kookzone kiezen die bij de grootte van de pan past. Het kookgerei gecentreerd plaatsen.

Gebruik kookgerei met een bodemdiameter die overeenkomt met de diameter van de kookzone.

Tip: Fabrikanten van kookgerei geven vaak de bovendiameter van de pan aan. Die is dikwijls groter dan de bodemdiameter.

Niet-passend kookgerei of niet volledig afgedekte kookzones verbruiken veel energie.

Pannen afsluiten met een passend deksel.

Wanneer u zonder deksel kookt, heeft het apparaat aanzienlijk meer energie nodig.

4 Uw apparaat leren kennen

De gebruiksaanwijzing geldt voor verschillende kookplaten. De afmetingen van de kookplaten vindt u in het typeoverzicht. → Pagina 2

Deksel zo min mogelijk oplichten.

Wanneer u het deksel oplicht, ontsnapt er veel energie.

Glazen deksel gebruiken.

Door het glazen deksel kunt u in de pan kijken zonder het deksel op te lichten.

Pannen met vlakke bodem gebruiken.

Als de bodem niet vlak is, wordt het energieverbruik hoger.

Gebruik kookgerei dat past bij de hoeveelheid levensmiddel.

Groot kookgerei met weinig product heeft meer energie nodig om op te warmen.

Met weinig water koken.

Hoe meer water er in het kookgerei zit, des te meer energie is er nodig om op te warmen.

Schakel tijdig terug naar een lagere kookstand. Met een te hoge doorkookstand verspilt u energie.

De restwarmte van de kookplaat gebruiken. Bij langere bereidingstijden de kookzone 5-10 minuten vóór het einde van de bereidingstijd uitschakelen.

Onbenutte restwarmte verhoogt het energieverbruik.

Pagina 45

Uw apparaat leren kennen nl

4.1 Bedieningspaneel

Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.

4.2 Indicaties

De indicaties geven ingestelde waarden en functies aan.

IndicatieNaam
-Kookstanden
/Restwarmte
Powerboost-functie
Timer

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 45)

4.3 Touchvelden

Touch-velden zijn aanraakgevoelige oppervlakken. Om een functie te kiezen het betreffende veld selecteren.

TouchveldNaam
Hoofdschakelaar
Wrijfbeveiliging
Kinderslot
Bijschakeling van kook- of braadzones
Keuze kookzone
...Instelgedeelte
Timer
Powerboost

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 45)

Opmerkingen

Houd het bedieningspaneel altijd droog. Vocht heeft een nadelige invloed op de werking.

Zorg dat er geen pannen in de buurt van indicaties en touchvelden komen. De elektronica kan oververhit raken.

4.4 Kookzones

Hier vindt u een overzicht van de verschillende bijschakelingen van de kookzones.

Wanneer u de bijschakelingen activeert, branden de bijbehorende indicaties.

Wanneer u een kookzone inschakelt, wordt deze in de laatst ingestelde grootte ingeschakeld.

KookplaatNaamBijschakelen en uitschakelen
Kookzone met één ringKookzone kiezen.
Kookzone met twee ringenKookzone kiezen. Tik op .
BraadzoneKookzone kiezen. Tik op .

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 45)

Opmerkingen

Donkere gedeelten in het gloeibeeld van de kookzone hebben een technische oorzaak. Ze zijn niet van invloed op de werking van de kookzone.

De kookzone regelt de temperatuur door de verwarming in en uit te schakelen. Ook bij het hoogste vermogen kan de verwarming inschakelen en uitschakelen.

Bij kookzones met meerdere ringen kunnen de verwarmingselementen van de kookzone en de bijgeschakelde gedeelten op verschillende tijdstippen worden in- en uitgeschakeld.

Redenen:

4.5 Restwarmte-indicatie

De kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-indicatie met twee standen. De kookzone niet aanraken zolang de restwarmte-indicatie brandt.

IndicatieBetekenis
De kookplaat is zo heet dat u kleine gerechten kunt warmhouden of couvertures kunt smelten.
De kookzone is heet.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 45)

Pagina 46

nl De Bediening in essentie

5 De Bediening in essentie

5.1 Kookplaat inschakelen of uitschakelen

U schakelt de kookplaat met de hoofdschakelaar in en uit.

Wanneer u de kookplaat binnen de eerste 4 seconden na het uitschakelen weer inschakelt, treedt hij in werking met de vorige instellingen.

5.2 Kookplaat inschakelen

selecteren.

De lichtbalk boven is verlicht.

De indicaties van de bedieningsvlakken en de kookstandindicaties zijn verlicht.

De kookplaat is klaar voor gebruik.

5.3 Kookplaat uitschakelen

Wanneer alle kookzones een bepaalde tijd (10-60 seconden) uitgeschakeld zijn, wordt de kookplaat automatisch uitgeschakeld.

Het indicatielampje boven gaat uit.

De indicaties verdwijnen.

Alle kookzones zijn uitgeschakeld.

De restwarmte-indicatie blijft verlicht totdat de kookzones voldoende zijn afgekoeld.

5.4 Instellen van de kookzones

Om een kookzone te kunnen instellen, moet deze gekozen zijn.

In het instelgedeelte stelt u de gewenste kookstanden in.

Kookstand
1laagste stand
9hoogste stand
.Elke kookstand heeft een tussenstand, bijv. 4. .

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 46)

5.5 Kookstanden instellen

Vereiste: De kookplaat is ingeschakeld.

In de kookstandindicatie brandt . Onder de kookstandindicatie brandt .

5.6 Kookstanden wijzigen

5.7 Kookzone uitschakelen

Als u de kookzone hebt uitgeschakeld, verschijnt na ongeveer 10 seconden de restwarmte-indicatie.

Opmerking: De laatst ingestelde kookzone blijft geactiveerd. U kunt de kookzone instellen zonder opnieuw te hoeven kiezen.

5.8 Aanbevolen instellingen om te koken

Hier krijgt u een overzicht van verschillende gerechten en de bijbehorende kookstanden.

De bereidingstijd varieert afhankelijk van de soort, het gewicht, de dikte en de kwaliteit van de gerechten. De doorkookstand is afhankelijk van de gebruikte pan.

Aanwijzingen voor de bereiding

Voor het aan de kook brengen kookstand 9 gebruiken.

Dikvloeibaar voedsel af en toe omroeren.

Levensmiddelen die snel en heet worden aangebraden of waarbij tijdens het aanbraden veel vloeistof vrijkomt, in kleine porties aanbraden.

Tips voor energiebesparend koken. Pagina 44

Smelten

GerechtDoorkookstandDoorkookduur in minuten
Chocolade, couverture1-1.-
Boter, honing, gelatine1-2-
Verwarmen of warmhouden
Eenpansgerecht, bijv. linzenschotel1-2-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 46)

Pagina 47

De Bediening in essentie nl

Melk ¹1.-2.-
Worstjes in water ¹3-4-
Ontdooien en opwarmen
Spinazie, diepvries2.-3.10-20
Goulash, diepvries2.-3.20-30
Gaarstoven of zachtjes laten koken
Knoedels, balletjes ²,34.-5.20-30
Vis ²,34-510-15
Witte saus, bijv. bechamelsaus1-23-6
Geklopte sauzen, bijv. bearnaisesaus of hollandaisesaus3-48-12
Koken, stomen of stoven
Rijst met dubbele hoeveelheid water2-315-30
Rijstepap1.-2.35-45
Aardappelen in schil4-525-30
Gekookte aardappelen4-515-25
Deegwaren, pasta ²,36-76-10
Eenpansgerecht, soep3.-4.15-60
Groente, vers2.-3.10-20
Groente, diepvries3.-4.10-20
Voedsel in de snelkookpan4-5-
Sudderen
Rollades4-550-60
Stoofvlees4-560-100
Goulash2.-3.50-60
Braden met weinig olie
De gerechten zonder deksel braden.
Schnitzel, al dan niet gepaneerd6-76-10
Schnitzel, diepvries6-78-12
Koteletten, al dan niet
gepaneerd ⁴
6-78-12
Steak, 3 cm dik7-88-12
Frikadel, 3 cm dik ⁴4.-5.30-40
Hamburger, 2 cm dik ⁴6-710-20
Borst van gevogelte, 2 cm dik ⁴5-610-20
Borst van gevogelte, diepvries ⁴5-610-30
Vis of visfilet, ongepaneerd5-68-20
Vis of visfilet, gepaneerd6-78-20
Vis of visfilet, gepaneerd en diepvries, bijv. vissticks6-78-12
Scampi, garnalen7-84-10
Groente of paddestoelen vers, sauteren7-810-20

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 47)

1 Bereid het gerecht zonder deksel.

2 Het water met afgesloten deksel aan de kook brengen.

3 Kook het gerecht verder zonder deksel.

4 Het gerecht meerdere malen keren.

Groente of vlees in reepjes op Aziatische wijze7.-8.15-20
Pangerechten, diepvries6-76-10
Pannenkoeken6-7ononderbroken
Omelet3.-4.ononderbroken
Spiegeleieren5-63-6
Frituren
De levensmiddelen in porties van 150-200 g in 1-2 l olie frituren. De gerechten zonder deksel bereiden.
Diepvriesproducten, bijv. frites of chicken nuggets8-9-
Kroketten, diepvries7-8-
Vlees, bijv. kip6-7-
Vis, gepaneerd of in bierdeeg5-6-
Groente of paddestoelen, gepaneerd of in bierdeeg
Tempura
5-6-
Klein gebak, bijv. beignets of Berlinerbollen, fruit in bierdeeg4-5-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 47)

47

Pagina 48

nl Powerboost-functie

6 Powerboost-functie

Met de Powerboost-functie kunt u grotere hoeveelheden water nog sneller verwarmen dan met kookstand 9. De Powerboost-functie is alleen beschikbaar bij kookzones die met zijn gemarkeerd.

6.1 Powerboost-functie inschakelen

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

Oliën en vetten worden met de Powerboost-functie snel heet. Oververhitte oliën en vetten vliegen snel in brand.

Vereiste: Bij kookzones met twee ringen moet de tweede verwarmingsring zijn bijgeschakeld om met de Powerboost-functie te kunnen werken.

.

6.2 Powerboost-functie uitschakelen

Wanneer u de Powerboost-functie niet uitschakelt, wordt deze na een bepaalde tijd automatisch uitgeschakeld. De kookzone keert terug naar kookstand 9.

7 Kinderslot

Met het kinderslot kunt u voorkomen dat kinderen de kookplaat inschakelen.

7.1 Kinderslot inschakelen

Vereiste: De kookplaat is uitgeschakeld.

ca. 4 seconden ingedrukt houden.

Het indicatielampje boven brandt 10 seconden. De kookplaat is geblokkeerd.

7.2 Kinderslot uitschakelen

ca. 4 seconden ingedrukt houden. De blokkering is opgeheven.

7.3 Automatisch kinderslot

Met deze functie wordt het kinderslot automatisch ingeschakeld wanneer u de kookplaat uitschakelt.

Het automatische kinderslot kunt u in de basisinstellingen activeren. Pagina 50

8 Tijdfuncties

Uw apparaat beschikt over verschillende tijdfuncties waarmee u een tijdsduur of een timer kunt instellen.

8.1 Tijdsduur

Voer een tijdsduur voor de gewenste kookzone in. Na afloop van de tijdsduur gaat de kookzone automatisch uit.

U kunt een tijdsduur tot 99 minuten instellen.

Tijdsduur instellen

Vereiste: De kookzone is gekozen en ingesteld.

De indicatie van de kookzone brandt. In de timerindicatie brandt .

De tijdsduur loopt af. Wanneer u voor meerdere kookzones een tijdsduur hebt ingesteld, wordt de tijdsduur van de gekozen kookzone weergegeven. Na afloop van de ingestelde tijdsduur wordt de kookzone uitgeschakeld. Er klinkt een geluidssignaal en in de indicatie brandt gedurende 10 seconden. De indicatie brandt helder.

Tijdsduur corrigeren of wissen

De indicatie brandt helder.

Pagina 49

Automatische uitschakeling nl

Tijdsduursignaal uitschakelen

U kunt het signaal handmatig uitschakelen.

De indicaties gaan uit en het geluidssignaal stopt.

Automatische timer

Met deze functie kunt u vooraf een tijdsduur voor alle kookzones instellen. Na het inschakelen van een kookzone loopt steeds de vooraf ingestelde tijdsduur af. Na afloop van de tijdsduur gaat de kookzone automatisch uit.

De automatische timer schakelt u in de basisinstellingen in. Pagina 50

Tip: De automatische timer geldt voor alle kookzones. Voor een afzonderlijke kookzone kunt u de tijdsduur verkleinen of wissen. Pagina 48

8.2 Kookwekker

U kunt een tijd tot 99 minuten vastleggen na afloop waarvan een signaal klinkt. De kookwekker is onafhankelijk van alle andere instellingen.

Kookwekker instellen

U kunt de kookwekker op 2 verschillende manieren inschakelen.

Bij geselecteerde kookzone.Twee keer binnen 10 seconden op tippen.
Bij niet geselecteerde kookzone.Op tippen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 49)

De indicatie is verlicht.

De tijd loopt af.

Wanneer de tijd is verstreken, klinkt er een signaal. In de timer-indicatie brandt . De indicatie voor de kookwekker brandt helder. Na 10 seconden wordt de indicatie uitgeschakeld.

Tijd weergeven

De tijd wordt 10 seconden weergegeven.

Tijd corrigeren

Wekkersignaal uitschakelen

U kunt het signaal handmatig uitschakelen.

De indicatie gaat uit en het geluidssignaal stopt.

9 Automatische uitschakeling

Als u de instellingen van een kookzone lange tijd niet wijzigt, wordt de automatische uitschakeling actief. Het tijdstip waarop de kookzone wordt uitgeschakeld, wordt bepaald door de ingestelde kookstand (1 tot 10 uur).

Het verwarmen van de kookzone wordt uitgeschakeld. In de kookzone-indicatie knipperen afwisselend en de restwarmte-indicatie / .

9.1 Na automatische uitschakeling verdergaan met koken

10 Wrijfbeveiliging

Wanneer u over het bedieningspaneel wrijft als de kookplaat ingeschakeld is, kunnen de instellingen veranderen. Om dit te voorkomen heeft uw kookplaat een wrijfbeveiliging.

De hoofdschakelaar is uitgezonderd van de wrijfbeveiliging. U kunt de kookplaat op elk moment uitschakelen.

10.1 Wrijfbeveiliging activeren

Er klinkt een signaal.

Het indicatielampje boven brandt.

Het bedieningspaneel is gedurende 30 seconden geblokkeerd.

11 Weergave energieverbruik

De functie toont het totale energieverbruik tussen het inschakelen en uitschakelen van de kookplaat.

Na het uitschakelen wordt gedurende 10 seconden het verbruik in kilowattuur weergegeven, bijv. 1,08 kWh.

De precisie van de indicatie is onder andere afhankelijk van de spanningskwaliteit van het elektriciteitsnet. De indicatie kunt u in de basisinstellingen activeren. Pagina 50

Pagina 50

nl Basisinstellingen

12 Basisinstellingen

U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.

12.1 Overzicht van de basisinstellingen

Hier krijgt u een overzicht van de basisinstellingen en de vooraf ingestelde fabriekswaarden.

IndicatieKeuze
Automatisch kinderslot
– Uitgeschakeld ¹
– Ingeschakeld
– Handmatig en automatisch kinderslot zijn uitgeschakeld.
Geluidssignaal
– Bevestigingssignaal en het signaal Verkeerde bediening zijn uitgeschakeld. Het hoofdschakelaarsignaal blijft ingeschakeld.
– Alleen het signaal Verkeerde bediening is ingeschakeld.
– Alleen het bevestigingssignaal is ingeschakeld.
– Bevestigingssignaal en het signaal Verkeerde bediening zijn ingeschakeld. ¹
Weergave energieverbruik
Vraag bij uw elektriciteitsmaatschappij wat de netspanning is.
– Verbruiksindicatie is uitgeschakeld. ¹
– Verbruiksindicatie bij netspanning 230 V.
– Verbruiksindicatie bij netspanning 400 V.
– Verbruiksindicatie bij netspanning 220 V.
– Verbruiksindicatie bij netspanning 240 V.
Automatische timer
– Uitgeschakeld. ¹ - – Tijdsduur waarna de kookzones worden uitgeschakeld.
Tijdsduur van het signaal timer-einde
– 10 seconden. ¹
– 30 seconden.
– 1 minuut.
Bijschakeling van verwarmingselementen
– Uitgeschakeld
– Ingeschakeld
– De laatste instelling voordat de kookzone wordt uitgeschakeld. ¹
Keuzetijd van de kookzones
– Onbegrensd: u kunt de laatst gekozen kookzone altijd instellen, zonder deze opnieuw te hoeven selecteren. ¹
– U kunt de laatst gekozen kookzone binnen 10 seconden na het selecteren instellen. Daarna moet u de kookzone opnieuw selecteren om deze in te stellen.
Resetten naar de fabrieksinstelling
– Uitgeschakeld ¹
– Ingeschakeld

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 50)

1 Fabrieksinstelling

50

12.2 Basisinstelling wijzigen

Vereiste: De kookplaat is uitgeschakeld.

afwisselend. de ge-instellen.

3 4 5 6 78 9
In het linkerdisplay knipperen en In het rechterdisplay brandt .
3. Net zo vaak op tippen tot in het linkerdisplay wenste indicatie verschijnt.
4. In het instelbereik de gewenste waarde
3 4 5 6 78 9

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 50)

Tip: Om de basisinstellingen zonder op te slaan af te sluiten de kookplaat uitschakelen met . De kookplaat weer inschakelen en opnieuw instellen.

Pagina 51

Reiniging en onderhoud nl

13 Reiniging en onderhoud

Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.

13.1 Reinigingsmiddelen

Geschikte reinigingsmiddelen en schraper voor vitrokeramische kookplaat zijn verkrijgbaar bij de servicedienst, in de online-shop of in de vakhandel.

LET OP

Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.

Ongeschikte reinigingsmiddelen

Onverdund afwasmiddel

Reinigingsmiddelen voor de vaatwasser Schuurmiddelen

Agressieve reinigingsmiddelen, bijv. ovensprays of vlekverwijderaars

Krassende sponzen

Hogedrukreinigers of stoomstraalapparaten

13.2 Glaskeramiek reinigen

Reinig de kookplaat na elk gebruik om te voorkomen dat kookresten inbranden.

Opmerking: Neem de informatie over de ongeschikte reinigingsmiddelen in acht. Pagina 51

Vereiste: De kookplaat is afgekoeld.

Houd u aan de reinigingsinstructies die op de verpakking van het reinigingsmiddel staan.

Tip: Met een speciale spons voor glaskeramiek kunt u goede reinigingsresultaten boeken.

14 Storingen verhelpen

Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

"Servicedienst", Pagina 52

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

De kookzone warmt op, maar de indicatie functioneert niet

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

De kookplaat schakelt vanzelf uit en kan niet meer worden bediend. Hij kan later per ongeluk worden ingeschakeld.

14.1 Aanwijzingen op het display

StoringOorzaak en probleemoplossing
GeenStroomvoorziening is uitgevallen.
1. Controleer in de meterkast de zekering voor het apparaat.
2. Controleer aan de hand van andere elektrische apparaten of er sprake is van een stroomuitval.
Alle indicaties knipperenBedieningspaneel is nat of er liggen voorwerpen op.
▸ Maak het bedieningspaneel droog of verwijder het voorwerp.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 51)

Pagina 52

nl Afvoeren

StoringOorzaak en probleemoplossing
Op meerdere kookzones is gedurende langere tijd op een hoge stand gekookt. Ter bescherming van de elektronica is de kookplaat uitgeschakeld.
1. Wacht enige tijd.
2. Tik op een willekeurig touchveld.
Wanneer de melding niet meer verschijnt, is de elektronica voldoende afgekoeld. U kunt het koken voortzetten.
Ondanks de uitschakeling met is de elektronica nog heter geworden. Daarom zijn alle kookzones uitgeschakeld.
1. Wacht enige tijd.
2. Tik op een willekeurig touchveld.
Wanneer de melding niet meer verschijnt, is de elektronica voldoende afgekoeld. U kunt het koken voortzetten.
en de kookstand knipperen afwisselend. Er klinkt een geluidssignaal.Hete pan in de omgeving van het bedieningspaneel. De elektronica dreigt oververhit te raken.
▸ Neem de pan weg.
De indicatie verdwijnt even later.
en geluidssignaalHete pan in de omgeving van het bedieningspaneel. Ter bescherming van de elektronica is de kookzone uitgeschakeld.
1. Neem de pan weg.
2. Wacht enige tijd.
3. Tik op een willekeurig touchveld.
Wanneer de melding niet meer verschijnt, is de elektronica voldoende afgekoeld. U kunt het koken voortzetten.
De kookzone is te lang in gebruik geweest en is automatisch uitgeschakeld. U kunt de kookzone direct weer inschakelen.
en kookzones worden niet warmDemomodus is geactiveerd.
1. Haal de stroom gedurende 30 seconden van het apparaat door de zekering in de meterkast uit te schakelen.
2. Tik binnen de daaropvolgende 3 minuten op een willekeurig touchveld.
Melding met "E" verschijnt in het display, bijv. E0111.De elektronica heeft een fout geconstateerd.
1. Schakel het apparaat uit en weer in.
Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding.
2. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geef tijdens het telefoongesprek de exacte foutmelding door.
"Servicedienst", Pagina 52

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 52)

15 Afvoeren

15.1 Afvoeren van uw oude apparaat

Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.

Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).

De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.

16 Servicedienst

Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.

52

Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst in het kader van de fabrieksgarantievoorwaarden is gratis.

Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QRcode op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenservice, uw dealer of op onze website.

Pagina 53

Montagehandleiding nl

Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.

De contactgegevens van de klantenservice vindt u via de QR-code op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze website.

De informatie conform verordening (EU) 66/2014 en (EU) 2023/826 vindt u online op www.bosch-home.com op de productpagina en de servicepagina van uw apparaat bij de gebruiksaanwijzingen en aanvullende documenten.

16.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)

Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.

Het typeplaatje vindt u:

op de apparaatpas.

aan de onderkant van de kookplaat.

Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.

17 Montagehandleiding

Houd rekening met deze informatie bij de montage van het apparaat.

17.1 Veilige montage

Neem bij het monteren van het apparaat de veiligheidsaanwijzingen in acht.

17.2 Onderbouw

Geen koelapparaten, vaatwasmachines, ovens zonder ventilatie en wasmachines onderbouwen.

Als u een oven onderbouwt, moet de werkbladdikte minstens 20 mm bedragen, in sommige gevallen ook meer. Neem de aanwijzingen in de installatiehandleiding bij de oven in acht.

Let erop dat uitstekende delen, zoals de behuizing of het snoer van de netaansluiting, niet in botsing komen met bijvoorbeeld een lade.

17.3 Tussenbodem

Wanneer de onderkant van de kookplaat kan worden aangeraakt, moet er een tussenschot worden gemonteerd.

Informeer in de vakhandel of er een tussenschot als accessoire verkrijgbaar is.

Wanneer u een eigen tussenschot gebruikt, moet de minimale afstand tot de netaansluiting van het apparaat 10 mm zijn.

17.4 Meubel voorbereiden

Het werkblad dient egaal, waterpas en stabiel te zijn.

De inbouwmeubelen inclusief wandafsluitstrips moeten minstens 90°C hittebestendig zijn. Een nisbekleding binnen 50 mm afstand tot de achterwand mag niet brandbaar zijn (bijv. tegels, steen). De snijvlakken hittebestendig afdichten om te voorkomen dat het werkblad door vocht uitzet.

Pagina 54

nl Montagehandleiding

17.5 Elektrische aansluiting

Ter bescherming het apparaat eerst uit de piepschuimverpakking halen, wanneer u het apparaat in de uitsparing drukt. Plaats het apparaat niet rechtop op een zijkant van het apparaat.

Controleer de elektrische installatie van de woning vóórdat u het apparaat aansluit.

Het apparaat voldoet aan veiligheidsklasse I en mag alleen in combinatie met een geaarde aansluiting worden gebruikt.

De geïnstalleerde elektrische installatie dient volgens de opbouwvoorschriften in de fasen te worden voorzien van een separator.

Als op het display van het apparaat verschijnt, is het verkeerd aangesloten. Scheid het apparaat van het net, controleer de aansluiting.

Aansluiting met 3-aderige leiding

Zorg voor een geschikte beveiliging van de huisinstallatie.

Neem de kleurcodering van de netaansluitkabel in acht.

Groen-geel is de aarddraad .

Blauw is de nulleider.

Bruin is de fase (buitendraad).

De kabel kan indien nodig door een meerfasige aansluitkabel worden vervangen. Bij het vervangen van de kabel volgende paragraaf in acht nemen.

Aansluiting zonder voorgemonteerde kabel

Sluit de kookplaat alleen aan volgens het aansluitschema.

Bouw indien nodig de meegeleverde koperbruggen in.

De hoofdleiding moet van het type H05 VV-F of hoger zijn.

De draaddiameter moet overeenkomstig de stroombelasting worden bepaald. Niet toegestaan is een diameter < 1,5 mm².

Aansluiting met voorgemonteerde 5-aderige aansluitleiding

Alleen geschoold servicepersoneel mag de aansluitleiding verwisselen.

17.6 Kookplaat inbrengen

Zorg ervoor dat de aansluitkabel niet beklemd raakt en niet over scherpe randen wordt geleid.

Is er een oven onder de kookplaat geplaatst, dan de leiding via de achterste hoeken van de oven naar de aansluitdoos leiden.

De kookplaat kan ook in een voorhanden 500 mm diep uitsparing worden ingebouwd.

Hij moet vooraan en achteraan even ver uitsteken.

17.7 Uitbouw van de kookplaat

← begin van de handleidingInhoud