naslaan.comZoekenAlle merken

Bosch WAYH2842NL, tekst van de handleiding

Pagina's 37–61 van 72 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 11–36verder op pagina 62 →

Pagina 37

Programmavoorinstellingen nl

0 Programmavoorinstellingen

De programmavoorinstellingen worden na keuze van het programma in het hoofdmenu weergegeven.

Display Blz. 27

U kunt de voorinstellingen wijzigen:

Een overzicht van alle na het programma selecteerbare extra instellingen vindt u vanaf Blz. 31.

Temperatuur

Voor en tijdens het programma kunt u afhankelijk van de programmavoortgang de ingestelde temperatuur wijzigen.

De maximaal in te stellen temperatuur hangt af van het gekozen programma.

Centrifugetoerental

(Centrifugeren)

Voor en tijdens het programma kunt u afhankelijk van de programmavoortgang het centrifugetoerental (in omw./min.; omwentelingen per minuut) wijzigen.

Het maximaal in te stellen toerental hangt af van het gekozen programma en het model.

Instelling 0 : Geen centrifugeren, het water wordt slechts afgepompt. Het wasgoed blijft nat in de trommel liggen, voor wasgoed dat niet gecentrifugeerd moet worden.

Klaar in

Na de programmakeuze wordt in het hoofdmenu de programmaduur weergegeven.

Vóór programmastart kunt u het programma-einde in stappen van 1 uur (h=uur) tot maximaal 24h instellen.

Na de programmastart wordt het gewenste aantal uur bijv. 8h weergegeven en afgeteld, tot het wasprogramma begint. Dan wordt de programmaduur weergegeven.

Aanwijzing: De programmaduur wordt bij een lopend programma automatisch aangepast. Wijzigingen in de programma-voorinstelling resp.

programma-instellingen opties, schuimherkenning, onbalansherkenning, de belading of verontreiniging kunnen ook tot wijzigingen in de programmaduur leiden.

Na programmastart , terwijl het vooringestelde aantal uren wordt afgeteld, kunt u het ingestelde aantal uur als volgt wijzigen:

Na programmastart, terwijl de programmaduur verstrijkt, kunt u indien nodig wasgoed bijvullen of uitnemen.

Pagina 38

nl Programmavoorinstellingen

i-DOS-Instellingen

Uw wasmachine is voorzien van een intelligent doseringssysteem voor vloeibaar wasmiddel en wasverzachter (bijv. wasmiddel bij instelling reservoirinhoud: wasmiddel Blz. 57).

De wasmiddel en wasverzachterdosering vindt in de meeste programma's van uw wasautomaat automatisch plaats.

De i-DOS-instellingen blijven na het uitschakelen van het apparaat bewaard.

Af fabriek vooringesteld voor:

Wasmiddel voor licht verontreinigd wasgoed

Wasverzachter voor normaal zacht wasgoed

i-DOS voor wasmiddel

Doseringen sterk: sterk vervuild wasgoed of wasgoed met vlekken

norm.: normaal vervuild wasgoed

licht: licht vervuild wasgoed

automatische dosering gedeselecteerd, handmatige dosering Blz. 50

Voor aanvang van het wasprogramma kunt u de instellingen voor de automatische wasmiddeldosering wijzigen. Instructies omtrent de mate van verontreiniging vindt u op

i-DOS voor wasverzachter

Doseringen sterk: bijzonder zacht wasgoed

norm.: normaal zacht wasgoed

licht: enigszins zacht wasgoed

automatische dosering gedeselecteerd

Afhankelijk van de programmavoortgang kunt u de instellingen voor automatische wasverzachterdosering wijzigen.

Pagina 39

Extra programma-instellingen/opties nl

Extra programmainstellingen/opties (* afh. van het model)

De beschikbare instellingen/opties zijn afhankelijk van het model.

U kunt aanvullend verschillende instellingen/opties afhankelijk van het gekozen programma kiezen, om het wasproces nog beter aan uw wasgoed aan te passen.

De instellingen kunnen gekozen worden:

Een overzicht van alle na het programma selecteerbare extra instellingen vindt u vanaf Blz. 31.

SpeedPerfect

( )

Voor het wassen in kortere tijd met vergelijkbaar wasresultaat, maar met hoger energieverbruik dan het gekozen programma zonder instelling SpeedPerfect .

Aanwijzing: Overschrijd de maximale belading niet.

Programma-overzicht Blz. 31

EcoPerfect

( )

Energiezuinig wassen door temperatuurreductie bij vergelijkbaar wasresultaat bij het gekozen programma zonder instelling EcoPerfect.

Voorwas *

( )

mogelijke instellingen: aan - uit

Voor sterk verontreinigd wasgoed.

Aanwijzingen

Extra spoelen *

( )

mogelijke instellingen:

+ 1 spoelbeurt + 2 spoelbeurten + 3 spoelbeurten

Uit

Bijkomende spoelbeurten bij bijzonder gevoelige huid en/of voor gebieden met zeer zacht water.

Langere programmaduur.

Het werkelijke aantal uitgevoerde spoelbeurten is afhankelijk van het aantal dat elk programma in zijn basisinstelling uitvoert.

Pagina 40

nl Extra programma-instellingen/opties

Extra water *

( )

mogelijke instellingen: aan - uit

Verhoogd waterniveau, voorzichtiger behandeling van het wasgoed.

Anti-kreuk *

( )

mogelijke instellingen: aan - uit

Beperkt de kreukvorming door een speciale centrifugemethode met aansluitend losser maken en een verlaagd centrifugetoerental.

Aanwijzing: Het restvochtgehalte van het wasgoed neemt toe.

Weken *

( )

mogelijke instellingen: aan - uit

Voor de hoofdwascyclus blijft het wasgoed langer in het water liggen om ernstige vlekken op te lossen.

Te gebruiken bij bijzondere hardnekkige verontreinigingen.

Wasmiddel met i-DOS doseren of volgens instructies van de fabrikant in compartiment doseren.

Aanwijzingen

Aanwijzing: Geen extra wasmiddel nodig, het inweeksop wordt ook gebruikt voor het wassen.

Spoelstop *

( )

mogelijke instellingen: aan - uit

Na de laatste spoelcyclus blijft het wasgoed in het water liggen.

Programma beëindigen Blz. 46

Extra stil *

( )

mogelijke instellingen: aan - uit

Lagere geluidswaarden door een speciaal was- en centrifugeritme en uitgeschakeld eindsignaal. Bijzonder geschikt om ’s nachts te wassen.

Aanwijzing: Restvocht in het wasgoed iets verhoogd.

Pagina 41

Extra programma-instellingen/opties nl

Vlekken *

( )

In totaal kunt u kiezen uit 16 verschillende soorten vlekken.

selecteerbare vlekkensoorten:

Wij raden u aan om de vlekken niet laten indrogen. Vaste bestanddelen eerst verwijderen.

Programma met een vlekkensoort kiezen:

De wasmachine past de gemiddelde wastemperatuur, trommelbeweging en inweektijd doelgericht aan het soort vlek aan. Warm of koud water, voorzichtige of intensieve wasbehandeling en lange of korte inweektijden zorgen voor een speciaal verloop van het wasprogramma voor elk soort vlekken. Zodoende worden de vlekken optimaal behandeld.

De behandeling van twee vlekken toegelicht aan de hand van voorbeelden:

Bloed

Bloed wordt eerst in koud water „opgelost”, vervolgens wordt het gekozen wasprogramma gestart.

Ei

Eideeltjes worden door inweken in een lauw waterbad en een gekozen wasprogramma met een hogere waterstand en extra spoelbeurten verwijderd.

Voor andere vlekken hebben wij in intensieve onderzoeken vergelijkbare oplossingen verkregen.

Pagina 42

nl Apparaat bedienen

1 Apparaat bedienen

Wasmachine voorbereiden

Aanwijzing: De wasmachine moet deskundig opgesteld en aangesloten zijn. vanaf Blz. 14

Apparaat inschakelen / programma kiezen

Toets indrukken. Het apparaat is ingeschakeld.

Op het display verschijnt het Boschlogo en alle indicatielampen branden.

Aansluitend wordt altijd het af fabriek vooringestelde programma Katoen weergegeven.

U kunt:

Aanwijzing: Wanneer u de kinderbeveiliging heeft geactiveerd, dan moet u deze eerst deactiveren voordat u een ander programma kunt instellen.

Op de programmakiezer brandt het indicatielampje en op het display verschijnt het hoofdmenu met de programma-voorinstellingen voor het gekozen programma:

Bij apparaten met trommelverlichting:

Na inschakeling van het apparaat, na het openen en sluiten van de vuldeur en na de programmastart gaat de trommelverlichting aan. De verlichting gaat automatisch weer uit.

U kunt:

Programma-voorinstellingen wijzigen

U kunt de voorinstellingen voor deze wasbeurt gebruiken of wijzigen.

Druk hiervoor zo vaak op de betreffende toets tot de gewenste instelling wordt weergegeven.

Aanwijzing: Door de toetsen langer ingedrukt te houden, lopen de instelwaarden automatisch verder.

De instellingen zijn zonder bevestiging actief.

Na het uitschakelen van het apparaat blijven de i-DOS-instellingen voor I en behouden. Alle andere instellingen worden niet bewaard en moeten bij het

Pagina 43

Apparaat bedienen nl

opnieuw kiezen opnieuw worden ingesteld.

Programmavoorinstellingen Blz. 31

Extra programma-instellingen kiezen

Door het kiezen van extra instellingen/ opties kunt u het wasproces nog beter aanpassen aan uw wasgoed.

De instellingen kunnen afhankelijk van de programmavoortgang geselecteerd/ gedeselecteerd worden. Blz. 27

De indicatielampen van de toetsen EcoPerfect en SpeedPerfect branden wanneer de instelling actief is.

De andere instellingen worden met een symbool op het display weergegeven, wanneer de instelling actief is.

Bij meerstaps-instellingen worden bij langer aanraken van de toetsen de instellingen automatisch doorlopen.

De instellingen worden na het uitschakelen van de wasautomaat niet bewaard.

Extra programma-instellingen/opties

Wasgoed in de trommel doen

Waarschuwing

Levensgevaar!

Wasgoed dat vóór het wassen met een reinigingsmiddel met oplosmiddel (bijv. vlekkenmiddel of wasbenzine) is behandeld, kan nadat het in de wastrommel is gedaan tot een explosie leiden.

Spoel het wasgoed van te voren grondig met de hand uit.

Leg de voorgesorteerde was uit elkaar gevouwen in de trommel. Op het display verschijnt het beladingsscherm van het gekozen programma, bijv. voor

Kreukherstellend.

De beladingsbalk vult zich tijdens het vullen van het wasgoed. Wanneer de max. belading is overschreden, knippert de balk. Let op de aangegeven max. belading. Overbelading vermindert het wasresultaat en bevordert kreukvorming.

Aanwijzingen

Pagina 44

nl Apparaat bedienen

Was- en verzoringsmiddel doseren en bijvullen

De wasmiddel- en wasverzachterdosering vindt in de meeste programma's van uw wasmachine automatisch plaats, is in deze programma's af fabriek vooringesteld en kan gewijzigd worden.

Washulpmiddelen (bijv. ontharder, bleek of vlekkenzout) kunt u naar behoefte extra bij de intelligente dosering handmatig in compartiment toevoegen. Blz. 50

In programma's zonder intelligente dosering of indien gewenst (dan intelligente dosering op (uit) zetten) dan wasmiddel handmatig in compartiment toevoegen.

Starten van het programma

wasgoed tussen manchet sluit de vuldeur.

Let erop vuldeur ingeklemddat er geen en rubberen raakt en
Op hetdisplay verschijnt

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 44)

weer het hoofdmenu voor het geselecteerde programma.

Om het programma te starten toets kiezen.

Op het display wordt tijdens het wassen de programmavoortgang met een balk weergegeven. De balk vult zich in de loop van de wascyclus en geeft informatie over de actuele programmavoortgang aan.

De pijlen worden weergegeven/ verborgen afhankelijk van de programmavoortgang. Ze tonen de programma-instellingen/-opties die tijdens de programmavoortgang gewijzigd/toegevoegd kunnen worden.

Toelichting bij enkele programmastappen:

K

Wanneer op het display bovendien Schuim herkend verschijnt, dan heeft de wasmachine te veel schuim herkend tijdens het wasprogramma en vervolgens automatisch één of meer spoelcycli voor het verwijderen van het schuim toegevoegd.

Doseer bij de volgend wasbeurt met gelijke belading minder wasmiddel.

Wilt u het programma tegen onbedoeld wijzigen beveiligen, kies dan als volgt de kinderbeveiliging.

Pagina 45

Apparaat bedienen nl

Kinderbeveiliging: 3 sec

U kunt de wasautomaat beveiligen tegen het per ongeluk wijzigen van de ingestelde functies.

Voor het activeren/deactiveren beide toetsen Kinderbeveiliging: 3 sec ca. 3 seconden ingedrukt houden.

Op het display verschijnt Kinderslot geactiveerd.

Na ca. 3 seconden schakelt het display terug naar het hoofdmenu.

Wordt bij een actief kinderslot de programmakiezer verdraaid of een toets gekozen, dan verschijnt op het display

Kinderslot geactiveerd.

Aanwijzingen

Wasgoed bijvullen

Na programmastart kunt u indien gewenst wasgoed bijvullen of uitnemen.

Kies hiervoor toets .

Het indicatielampje van de toets knippert en de wasautomaat controleert of bijvullen mogelijk is.

Wanneer in het display Pauze: bijvullen mogelijk verschijnt, dan is bijvullen mogelijk.

Kies voor het hervatten van het programma de toets . Het programma wordt automatisch hervat.

Aanwijzingen

Programma wijzigen

Wanneer u per ongeluk een verkeerd programma heeft gestart, kunt u het programma als volgt wijzigen:

Progr. annuleren

Bij programma’s met hoge temperatuur:

Bij programma’s met lage temperatuur:

Pagina 46

nl Apparaat bedienen

Programma-einde bij spoelstop

Op het display verschijnt:

Hervat het programma door:

Programma-einde

Op het displayveld verschijnt Klaar, wasgoed uitnemen. De indicatielamp van de toets is uit.

Wasgoed uitnemen / apparaat uitschakelen

Aanwijzing: Niet nodig bij modellen met Aquastop.

Aanwijzingen

Aanwijzingen

Pagina 47

Intelligent doseringssysteem nl

Intelligent doseersysteem

Intelligent doseringssysteem in de wasmiddellade

i-DOS Intelligent Doseersysteem

Uw wasmachine is voorzien van een intelligent doseringssysteem voor vloeibaar wasmiddel en wasverzachter.

Hiervoor heeft u de beschikking over de i-DOS compartimenten en / in de wasmiddellade. U kunt kiezen of u een vloeibaar wasmiddel en wasverzachter of twee vloeibare wasmiddelen wilt gebruiken. Reservoirkeuze Blz. 57

0 Reservoir / (0,5 l) voor wasverzachter (of wasmiddel bij reservoirkeuze)

8 Compartiment voor handmatige dosering

Afhankelijk van de programmakeuze en instellingen worden via het i-DOSreservoir de optimale hoeveelheden voor wasmiddel/wasverzachter gedoseerd.

Inbedrijfstelling/ doseerreservoir vullen

Bij de keuze van wasmiddel en wasverzorgingsmiddel de aanwijzingen van de fabrikant op de verpakking in acht nemen. Wij adviseren zelf vloeiende, vloeibare totaal-, universeel- en Colorwasmiddelen voor alle in de

machine wasbare, gekleurde textiel van katoen en synthetische weefsels.

Aanwijzingen

Doseerbakjes vullen:

De doseerreservoirs in de wasmiddellade zijn hiervoor aan de hand van overeenkomstige vuldeksels gemarkeerd.

Pagina 48

nl Intelligent doseringssysteem

De volledig ingeschoven wasmiddellade wordt bij ingeschakeld apparaat aangegeven door:

In het dagelijkse gebruik

Lichtindicaties op de ladegreep:

Intelligente dosering selecteren/ deselecteren en dosering aanpassen:

De intelligente dosering van wasmiddel en wasverzachter is in alle toegestane programma’s in de fabriek gekozen.

Overzicht van de programma's

De dosering voor wasmiddel is op licht (licht verontreinigd wasgoed) en voor wasverzachter op gemiddeld (normaal zacht wasgoed) vooringesteld en kan per programma individueel worden gewijzigd. Blz. 38

Naast de intelligente dosering kunnen, indien nodig, andere wasverzorgingsmiddelen (bijv.

vlekkenzout) met de hand via bakje gedoseerd worden. Blz. 50

Aanwijzing: De selectie (aan/uit) alsmede de steeds gekozen doseersterkte van i-DOS I en i-DOS blijven per programma tot aan de volgende wijziging bewaard, ook wanneer de wasmachine uitgeschakeld wordt.

Wasmiddel/wasverzachter bijvullen:

Het knipperen van het bijbehorende indicatielampje bij gekozen intelligente dosering en een bijbehorende instructie op het display geven aan dat het minimum niveau niet is bereikt. Inhoud is nog voldoende voor ca. 3 wasbeurten.

U kunt altijd bijvullen met hetzelfde wasmiddel of dezelfde wasverzachter. Bij overstappen op een ander product/ fabrikant adviseren wij de bakjes eerst schoon te maken. Blz. 60

Eventueel de basisdosering aanpassen.

Pagina 49

Intelligent doseringssysteem nl

Basisdoseerhoeveelheid

De basisdoseerhoeveelheden zijn:

De gegevens vindt u op de verpakking van het wasmiddel of de wasverzachter of u kunt ze direct opvragen bij de fabrikant.

Gebruik een teststrookje om de waterhardheid in uw regio te bepalen of vraag de gegevens op bij uw waterleidingbedrijf.

Mijn waterhardheid:

Hier is een voorbeeld van een wasmiddeldosering op een verpakkingsetiket:

Mate van verontreiniging →
Waterhardheid ↓
zacht/gemiddeld55 ml75 ml120 ml160 ml
hard/zeer hard75 ml95 ml150 ml180 ml

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 49)

De basisdoseerhoeveelheid af fabriek is regiospecifiek vooringesteld (bijv. 75 ml wasmiddel en 36 ml wasverzachter).

Stel de basisdoseerhoeveelheid wasmiddel in, overeenkomstig de aanwijzingen op de verpakking van uw wasmiddel. Houd daarbij rekening met uw waterhardheid.

De basisdoseerhoeveelheid voor wasverzachter naar wens voor de zachtheid van uw wasgoed kiezen.

De wijziging van een basisdoseerhoeveelheid heeft effect voor alle drie doseersterkten.

Aanwijzingen

Bovendien kunnen sommige vloeibare wasmiddelen tot sterke schuimvorming neigen. Wanneer de instelling van de basisdoseerhoeveelheid en doseersterkte wel juist is, dan is het aan te bevelen een ander vloeibaar wasmiddel te gebruiken.

Basisdoseerhoeveelheden wijzigen:

Apparaatinstellingen Blz. 57

Pagina 50

nl Intelligent doseringssysteem

Reservoirinhoud voor i-DOS I

In plaats van wasverzachter kan ook een tweede vloeibaar wasmiddel in reservoir i-DOS I gebruikt worden.

Aanwijzingen

De instellingen blijven voor dit programma behouden tot aan de eerstvolgende wijziging.

Reservoirinhoud wijzigen:

Apparaatinstellingen Blz. 57

handmatige dosering

Washulpmiddelen (bijv. ontharder, bleek of vlekkenzout) kunt u naar behoefte extra bij de intelligente dosering handmatig in compartiment toevoegen.

In programma's zonder intelligente dosering of indien gewenst (dan intelligente dosering op (uit) zetten) dan wasmiddel handmatig in compartiment toevoegen.

Waarschuwing

Oog-/huidirritaties!

Bij het openen van de wasmiddellade tijdens bedrijf kan er was-/ verzorgingsmiddel uit spetteren.

Open de wasmiddellade voorzichtig. Spoel bij contact met was-/ verzorgingsmiddelen goed de ogen uit, resp. de huid af.

Raadpleeg bij per ongeluk innemen een arts.

Attentie!

Schade aan het apparaat

Reinigingsmiddelen en middelen voor het voorbehandelen van was (bijv. vlekkenmiddelen, voorwas-sprays,...) kunnen het oppervlak van de wasautomaat aantasten wanneer ze hiermee in aanraking komen.

Breng deze middelen niet in contact met de oppervlakken van de wasautomaat. Eventueel sproeinevelresten en andere restanten/ druppels direct met een vochtige doek afnemen.

Aanwijzingen

Pagina 51

Intelligent doseringssysteem nl

Wasmiddel doseren en toevoegen:

Pagina 52

nl Home Connect

Home Connect

Dit apparaat is voorzien van Wi-Fi en kan via een mobiel eindapparaat op afstand worden bediend.

Via de Home Connect app kunt u met uw mobiele eindapparaat op dit apparaat:

Voor u de Home Connect functies kunt gebruiken, dient u volgende stappen uit te voeren:

Informatie over de app vindt u op onze internetpagina voor Home Connect www.home-connect.com.

De Home Connect diensten zijn niet in elk land beschikbaar. De beschikbaarheid van de functie Home Connect is afhankelijk van de beschikbaarheid van de Home Connect diensten in uw land. Informatie hierover vindt u op: www.home-connect.com

Aanwijzingen

Home Connect app voor u zichtbaar.

Home Connect-menu oproepen

In het Home Connect-menu kunt u netwerkverbindingen aanmaken en bekijken, netwerkinstellingen resetten, Wi-Fi activeren/deactiveren en bijkomende Home Connect-functies vinden.

Op het display verschijnt: Autom. log-in netw.

U bevindt zich nu in het Home Connectmenu.

Aanwijzing: Kort op Bedien via App drukken om het Home Connect menu te verlaten.

Pagina 53

Home Connect nl

Verbinden met het thuisnetwerk en de Home Connect app

Verbind uw apparaat eenmalig automatisch of handmatig met het thuisnetwerk.

Aanwijzingen

Vervolgens moet u zich met de Home Connect app verbinden.

Aanwijzing: Om uw apparaat met het thuisnetwerk te verbinden, moet Wi-Fi aan het apparaat geactiveerd zijn. Af fabriek is Wi-Fi aan het apparaat gedeactiveerd en deze activeert zich automatisch als u uw apparaat met het thuisnetwerk verbindt.

Automatisch verbinden met het thuisnetwerk

Stap 2.1

Controleer of u zich in het Home Connect menu bevindt. Blz. 52

LQ QHWZ LQ QHWZ

Het apparaat probeert nu verbinding te maken met het thuisnetwerk. Op het display knippert .

Wanneer het apparaat succesvol met het thuisnetwerk is verbonden, verschijnt op het display verbonden en brandt continu.

Aanwijzing: Kon er geen verbinding gemaakt worden, controleer dan of uw apparaat zich binnen het bereik van het thuisnetwerk bevindt. Herhaal het automatische verbinden of voer het handmatige verbinden uit.

Handmatig verbinding maken met het thuisnetwerk

Stap 2.2

Controleer of u zich in het Home Connect menu bevindt. Blz. 52

Controleer of u de Home Connect app hebt geopend en of u bent aangemeld.

LQ QHWZ

LQ QHWZ

DSS

Het apparaat maakt nu een eigen Wi-Fi netwerk met de netwerknaam (SSID) HomeConnect.

Pagina 54

nl Home Connect

Uw mobiele eindapparaat verbindt zich nu met het apparaat. De verbindingsprocedure kan tot wel 60 seconden duren.

Wanneer het apparaat succesvol met het thuisnetwerk is verbonden, verschijnt op het display verbonden en brandt continu.

Aanwijzing: Kon er geen verbinding gemaakt worden, controleer dan of uw apparaat zich binnen het bereik van het thuisnetwerk bevindt.Herhaal het handmatige verbinden.

Verbinden met de Home Connect app

Stap 3

Is uw apparaat met het thuisnetwerk verbonden, dan moet u het verbinden met de Home Connect app.

Controleer of u zich in het Home Connect menu bevindt. Blz. 52

Controleer of u de Home Connect app hebt geopend en of u bent aangemeld.

LQ QHWZ

DSS

:L IL DDQ XLW

Het apparaat probeert zich nu met de Home Connect app te verbinden.

Aanwijzing: Kon er geen verbinding gemaakt worden, controleer dan of uw mobiel eindapparaat zich binnen het bereik van het thuisnetwerk bevindt, resp. hiermee verbonden is. Herhaal het verbinden met de Home Connect app.

Pagina 55

Home Connect nl

Wi-Fi activeren of deactiveren

Is uw apparaat al met het thuisnetwerk verbonden, dan kunt u Wi-Fi op uw apparaat activeren of deactiveren.

Controleer of u zich in het Home Connect menu bevindt. Blz. 52

DSS

:L IL DDQ XLW

Aanwijzingen

Netwerkinstellingen resetten

U kunt alle netwerkinstellingen resetten.

Controleer of u zich in het Home Connect menu bevindt. Blz. 52

:L IL DDQ XLW

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 55)

Aanwijzing: Wilt u uw apparaat weer via de Home Connect app gebruiken, dan moet u het opnieuw met het thuisnetwerk en de Home Connect app verbinden.

Software-update

U kunt de Home Connect software op uw apparaat updaten.Zodra een nieuwe software-update beschikbaar is, verschijnt een aanwijzing op het display:

Software update

Installeer de update direct via de aanwijzing op het display of als volgt handmatig:

Controleer of u zich in het Home Connect menu bevindt. Blz. 52

Pagina 56

nl Home Connect

Aanwijzing: Het actualiseren van de software kan meerdere minuten duren. Schakel het apparaat tijdens de update niet uit.

Aanwijzing: Als er geen nieuwe software-update beschikbaar is, verschijnt op het display niet beschikbaar

Aanwijzing over gegevensbescherming

Wanneer het apparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een Wi-Fi-netwerk dat op het internet is aangesloten, dan geeft het de volgende gegevenscategorieën door aan de Home Connect server (eerste registratie):

Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u voor het eerst van de Home Connect functionaliteiten gebruik wilt maken.

Aanwijzing: Houd er rekening mee dat de Home Connect functionaliteiten alleen kunnen worden gebruikt in verbinding met de Home Connect app. Informatie over gegevensbeveiliging kan in de Home Connect app worden opgevraagd.

Conformiteitsverklaring

Hierbij verklaart Robert Bosch Hausgeräte GmbH dat het apparaat met Home Connect functionaliteit voldoet aan de fundamentele vereisten en de overige toepasselijke bepalingen van de richtlijn 2014/53/EU.

Een uitvoerige RED conformiteitsverklaring vindt u op het internet onder www.bosch-home.com op de productpagina van uw apparaat bij de aanvullende documenten.

2,4 GHz band: 100 mW max.

Pagina 57

Apparaatinstellingen nl

Apparaatinstellingen

De volgende apparaatinstellingen kunt u wijzigen:

mogelijke instellingen:

Geluidssterkte van de signalen aanpassen.

Geluidssterkte van de toetssignalen aanpassen.

Het apparaat wordt na ... min.

automatisch uitgeschakeld (= 0 kWh energieverbruik); om het in te schakelen op de hoofdschakelaar - toets drukken.

Aanwijzing: Heeft u wifi ingeschakeld dan wordt het automatische uitschakelen op nooit gezet.

Nederlands

Engels

...

Aangegeven taal veranderen.

Aan – Uit

Deze opmerking herinnert u er aan een programma voor de trommelreiniging uit te voeren.

Wasverzachter - Wasmiddel

Reservoir kiezen/wisselen.

10 ml – 200 ml

Basisdoseerhoeveelheid instellen overeenkomstig de aanbeveling van de fabrikant van het wasmiddel/ wasverzachter.

10 ml – 200 ml

Basisdoseerhoeveelheid instellen overeenkomstig de aanbeveling van de fabrikant van het wasmiddel.

Voor het wijzigen van de apparaatinstellingen beide toetsen Instelmenu: 3 sec. ca. 3 seconden ingedrukt houden. Blz. 28

Aanwijzingen

Pagina 58

nl Sensoren

Sensoren

Beladingsautomaat

Afhankelijk van het soort textiel en de belading past de beladingsautomaat het waterverbruik en de programmaduur optimaal aan elk programma aan.

Onbalans-controlesysteem

Het automatische onbalanscontrolesysteem herkent onbalans en zorgt door meermaals aanloopcentrifugeren voor een gelijkmatige verdeling van het wasgoed.

Bij een heel ongunstige verdeling van het wasgoed wordt om veiligheidsredenen het eindtoerental verlaagd of niet gecentrifugeerd.

Aanwijzing: Kleine en grote stukken wasgoed in de trommel doen.

Aquasensor

afhankelijk van programma en model

De Aquasensor controleert tijdens het spoelen de troebelheidsgraad van het spoelwater (troebelheid wordt veroorzaakt door vuil en wasmiddelresten). Afhankelijk van de troebelheid van het water worden het aantal en de duur van de spoelbeurten vastgesteld.

Beladingssensor/ Beladingsindicatie

De beladingssensor herkend bij geopend vulvenster de beladingsgraad van de wasmachine. Dit wordt aangegeven door een zich vullende balk op het display.

Aanwijzing: Om er voor te zorgen dat de beladingssensor de hoeveelheid wasgoed volledig kan registreren, moet de trommel vóór het inschakelen van de wasmachine leeg zijn.

Doseeradvies

Het doseeradvies geeft - afhankelijk van het gekozen programma en de herkende belading - een aanbeveling voor de wasmiddeldosering in procent aan. De %-indicatie heeft betrekking op de aanbeveling van de wasmiddelfabrikant.

Aanwijzing: Door u te houden aan de aanbevolen dosering ontziet u het milieu en uw portemonnee.

Pagina 59

Reinigen en onderhouden nl

2 Reinigen en onderhouden

Waarschuwing

Levensgevaar!

Bij contact met onderdelen die onder spanning staan bestaat het risico van een elektrische schok.

Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact.

Waarschuwing

Kans op vergiftiging!

Door oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen zoals wasbenzine kunnen giftige dampen ontstaan. Gebruik geen oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen.

Attentie!

Schade aan het apparaat

Oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen, zoals bijv.

wasbenzine, kunnen oppervlakken en onderdelen van het apparaat aantasten. Gebruik geen oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen.

Zo voorkomt u biofilmvorming en geuroverlast:

Aanwijzingen

Buitenkant van het apparaat/ Bedieningspaneel

Wastrommel

Gebruik een chloorvrij reinigingsmiddel, geen staalwol.

Bij geurvorming in de wasmachine, resp. om de trommel te reinigen, het programma Trommel reinigen 90 °C zonder wasgoed draaien. Gebruik daarbij een poederwasmiddel.

Ontkalken

Bij een correcte dosering van het wasmiddel is ontkalken niet nodig. Indien toch: te werk gaan volgens de opgaven van de fabrikant van het ontkalkingsmiddel. Geschikte ontkalkingsmiddelen zijn verkrijgbaar via onze website of via de klantenservice. Blz. 68

Pagina 60

nl Reinigen en onderhouden

i-DOS-Wasmiddellade en hun behuizing

De doseerbakjes hebben aan de voorkant openingen met uitneembare stopjes. Voor het legen van het doseerreservoir eerst de greep zoals getoond er af halen:

De wasmiddellade kan er helemaal uitgehaald worden om de geleegde doseerbakjes te reinigen.

Aanwijzing: Greep van de lade pas na het reinigen weer erop zetten.

Attentie!

De wasmiddellade kan beschadigd worden!

De wasmiddellade bevat elektrische componenten. Bij contact met water kunnen deze beschadigd raken.

Pagina 61

Reinigen en onderhouden nl

Afvoerpomp verstopt, noodlediging

Waarschuwing

Risico van verbranding!

Zeepsop wordt heet bij het wassen op hoge temperaturen. Door contact met heet zeepsop kunnen brandwonden ontstaan.

Laat het zeepsop afkoelen.

Binnenruimte, schroefdraad van het pompdeksel en pomphuis reinigen. De waaier van de pomp moet gedraaid kunnen worden.

Pompdeksel weer plaatsen en vastschroeven. De handgreep moet verticaal staan.

← pagina's 11–36verder op pagina 62 →Inhoud