Etna KIF880DS, tekst van de handleiding
Kookplaat · Etna · 27 pagina's in het Nederlands · pdf: 120 pagina's, 7,2 MB
Storingen op pagina 28
Pagina 28
PROBLEMEN OPLOSSEN
Algemeen
Wanneer u een barst in het glas ziet (hoe klein ook), schakelt u de kookplaat onmiddellijk uit, haalt u de stekker uit het stopcontact en zet u de (automatische) zekering(en) in de meterkast uit. Bij een permanente aansluiting zet u de stroomtoevoer op nul. Neem contact op met de servicedienst.
Tabel voor probleemoplossing
Als het toestel niet naar behoren werkt, betekent dit niet altijd dat het defect is. Probeer het probleem eerst zelf op te lossen door de onderstaande punten na te lopen. U kunt voor meer informatie ook terecht op de website.
| Probleem | Mogelijk oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Wanneer u de kookplaat voor het eerst inschakelt, gaat het display branden. | Dit is de standaardprocedure bij opstarten. | Het toestel werkt correct. Wacht 2 minuten voordat u de kookplaat in gebruik neemt. |
| De kookplaat geeft bij de eerste paar kookbeurten een lichte geur af. | Het nieuwe toestel wordt opgewarmd. | Dit is normaal en verdwijnt wanneer het toestel een paar keer is gebruikt. Ventileer de keuken. |
| De pannen maken geluid tijdens het koken. | Dit wordt veroorzaakt door de energie die van de kookplaat naar de pan stroomt. | Dit is normaal bij bepaalde pannen wanneer een hoge kookstand wordt gebruikt. Dit is niet schadelijk voor de pannen of de kookplaat. |
| De cirkel van de panbodem blijft zichtbaar na reiniging. | Er is een vieze panbodem gebruikt op de kookzone. | Reinig de inductiekookplaat met een reinigingsmiddel voor keramische kookplaten en verwijder het vuil/vet van de bodem van de pan. |
| Een kookzone stopt plotseling en er klinkt een geluidssignaal. | De vooraf ingestelde tijd is verstreken. | Schakel het alarm uit door de timertoets aan te raken. |
| De kookplaat werkt niet en | Het toestel krijgt geen stroom | Controleer de zekeringen en de elektriciteitsschakelaar en het stopcontact. |
| het display geeft niets weer. | door een defecte kabel of onjuiste verbinding. | |
| Bij het inschakelen van de kookplaat springt de zekering. | De kookplaat is verkeerd aangesloten. | Controleer de elektrische aansluitingen. |
| Foutcode of Er03 | Het bedieningspaneel is vuil of er ligt water op. | Reinig het bedieningspaneel. |
| U hebt twee of meer toetsen tegelijk aangeraakt. | Bedien maar één toets tegelijk. |
Pagina 29
PROBLEMEN OPLOSSEN
| Probleem | Mogelijk oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Foutcode E2 of EH | Het apparaat is te heet. | Laat het apparaat afkoelen. |
| Foutcode E5 of E6 | Stroomuitval/ voedingsspanning verkeerd. | Laat de stroomaansluiting controleren door een installateur. |
| Foutcode E8 | De luchtinlaat is geblokkeerd. | Controleer de luchtinlaat. |
| Andere foutcode | Ander defect. | Neem contact op met de servicedienst. |
Pagina 30
MILIEUASPECTEN
Verpakking en toestel afdanken
Bij de vervaardiging van dit toestel is gebruik gemaakt van duurzame materialen. Dit toestel moet aan het eind van zijn levenscyclus op verantwoorde wijze worden afgevoerd. De overheid kan u hierover informatie verschaffen.
De verpakking van het toestel is recyclebaar. Gebruikt kunnen zijn:
- karton;
- polyetheenfolie (PE);
- CFK-vrij polystyreen (PS-hardschuim).
Deze materialen dient u op verantwoorde wijze en conform de overheidsbepalingen af te voeren.
Om op de verplichting tot gescheiden verwerking van elektrische huishoudelijke apparatuur te wijzen, is op het product het symbool van een doorgekruiste vuilnisbak aangebracht. Dit betekent dat het apparaat aan het einde van zijn levensduur niet bij het gewone huisvuil mag worden gevoegd. Het toestel moet naar een speciaal centrum voor gescheiden afvalinzameling van de gemeente worden gebracht of naar een verkooppunt dat deze service verschaft.
Het apart inleveren van huishoudelijke apparaten voorkomt mogelijk negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid, en zorgt ervoor dat de materialen in deze apparaten kunnen worden teruggewonnen, waardoor in aanzienlijke mate kan worden bespaard op energie en grondstoffen.
Verklaring van conformiteit
Wij verklaren dat onze producten voldoen aan de toepasselijke Europese richtlijnen, normen en voorschriften, evenals aan alle vereisten in de normen waarnaar wordt verwezen.
Pagina's 1–2: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 3
INHOUD
Uw kookplaat
Inleiding
Inductiekookplaat Bedieningspaneel
Veiligheid
Temperatuurbeveiliging Kookduurbegrenzer Gezond koken
Gebruik
Geluiden bij inductie Pannen
Vermogen instellen Warmhoudfunctie Automatisch opwarmen Overige functies
Meldingen op het display Gebruik van de timer Kookinstellingen
Bediening
Bereiding starten
Klaar met koken
De automatische opwarmfunctie inschakelen De warmhoudfunctie inschakelen De Bridge-inductiekookzones koppelen Timerbediening
Koken pauzeren
Kinderslot
Grillfunctie
Herstelfunctie
Instellingen
De gebruikersinstellingen wijzigen
Installatie
Vermogensbegrenzer
Onderhoud
Reinigen
Technische specificaties
Informatie over EU-verordening 66/2014
Problemen oplossen
Algemeen
Milieuaspecten
Verpakking en toestel afdanken
Pagina 4
UW KOOKPLAAT
Inleiding
Deze kookplaat is ontworpen voor de echte kookliefhebber. Koken op een inductiekookplaat heeft een aantal voordelen. Het is makkelijk, omdat de kookplaat snel reageert en ook op een zeer laag vermogen is in te stellen. Bovendien kunt u dankzij het hoge vermogen gerechten zeer snel aan de kook brengen. Door de ruime afstanden tussen de kookzones kunt u comfortabel koken.
Koken op een inductiekookplaat is anders dan koken op een traditioneel toestel. Bij inductiekoken wordt een magnetisch veld gebruikt om warmte op te wekken. Hierdoor kunt u niet zomaar een willekeurige pan gebruiken. In het hoofdstuk 'Pannen' vindt u hierover meer informatie.
Voor optimale veiligheid is de inductiekookplaat uitgerust met meerdere temperatuurbeveiligingen en een restwarmte-indicator, waardoor u kunt zien welke kookzones nog heet zijn.
In deze handleiding wordt beschreven hoe u de inductiekookplaat optimaal kunt benutten. Naast informatie over de bediening vindt u hier ook achtergrondinformatie die van pas kan komen bij het gebruik van het product. In de handleiding staan ook kooktabellen en onderhoudstips.
Lees de handleiding door voordat u het toestel in gebruik neemt en bewaar deze op een veilige plaats voor toekomstig gebruik.
Daarnaast dient de handleiding als referentie voor de servicedienst. Plak daarom het gegevensplaatje in het daarvoor bestemde kader, achter in de handleiding. Het gegevensplaatje bevat alle informatie die de servicedienst nodig heeft om adequaat op uw vragen te reageren.
De installatie-instructies worden afzonderlijk meegeleverd.
Veel kookplezier!
Pagina 5
UW KOOKPLAAT
Inductiekookplaat
- 1. Kookzone ø 27,5 cm / 2,3 kW - 3,0 kW (boost)
- 2. Kookzone ø 14,5 cm / 1,4 kW - 1,85 kW (boost)
- 3. Bridge-inductiekookzone 19,5 x 20,5 cm / 2,1 kW - 3,0 kW (boost)
- 4. Kookzone ø 17,5 cm / 1,4 kW - 2,1 kW (boost)
- 5. Kookzone ø 23 cm / 2,3 kW - 3,0 kW (boost)
- 6. Bedieningspaneel
Pagina 6
UW KOOKPLAAT
Bedieningspaneel
4
3
- 1. Aan-/uittoets
- 2. Schuifregelaar (van stand 0 t/m stand 9) voor: ▷ het instellen van een waarde
- 3. Boost-toets
- 4. Warmhoudtoets
- 5. Grillfunctie
- 6. Pauzefunctie
- 7. Min-/plus-toets timer
- 8. Timerdisplay
- 9. Kookzonetoets en kookzonedisplay
- 10. Timerfunctie voor elke kookzone
Pagina 7
VEILIGHEID
Lees eerst de afzonderlijke veiligheidsinstructies voordat u het toestel gaat gebruiken!
Bij de eerste keer dat de kookplaat wordt aangezet, knippert de warmhoudtoets. De kookplaat staat in de instelmodus. Laat de vermogensbegrenzer instellen door een installateur (zie hoofdstuk ‘Installatie’) of wacht 2 minuten. Na 2 minuten is de kookplaat klaar voor gebruik.
Temperatuurbeveiliging
Een sensor controleert continu de temperatuur van bepaalde onderdelen van de kookplaat. Elke kookzone is voorzien van een sensor die continu de temperatuur van de bodem van de pan controleert om risico op oververhitting te voorkomen wanneer een pan droogkookt. Als de temperatuur te hoog wordt, wordt het vermogen van de kookplaat automatisch verlaagd of wordt de kookplaat automatisch uitgeschakeld.
Kookduurbegrenzer
De kookduurbegrenzer is een veiligheidsfunctie van uw kookplaat. Deze begrenzer wordt geactiveerd als u vergeet de kookplaat uit te schakelen. Afhankelijk van de gekozen instelling wordt de kookduur als volgt begrensd:
| Kookstand | Maximale gebruikstijd | Kookstand | Maximale gebruikstijd |
|---|---|---|---|
| 1 | 516 minuten | 7 | 138 minuten |
| 2 | 402 minuten | 8 | 108 minuten |
| 3 | 318 minuten | 9 | 90 minuten |
| 4 | 258 minuten | P | 5 minuten (schakelt dan terug naar niveau 9) |
| 5 | 210 minuten | ||
| 6 | 138 minuten | Warmhoud | 120 minuten |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
Gezond koken
Rookpunt van diverse oliesoorten
Om zo gezond mogelijk te bakken, wordt geadviseerd om de oliesoort af te stemmen op de baktemperatuur. Elke oliesoort heeft een ander rookpunt, waarop er giftige gassen kunnen vrijkomen. Onderstaande tabel toont het rookpunt van diverse oliesoorten.
| Olie | Rookpunt in °C |
|---|---|
| Extra vergine olijfolie | 160 °C |
| Boter/kokosolie | 177 °C |
| Koolzaadolie | 204 °C |
| Vergine olijfolie | 216 °C |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
| Olie | Rookpunt in °C |
|---|---|
| Zonnebloemolie | 227 °C |
| Maisolie/arachideolie | 232 °C |
| Olijfolie | 242 °C |
| Rijstolie | 255 °C |
Pagina 8
GEBRUIK
Geluiden bij inductie
Tikkend geluid
- Dit wordt veroorzaakt door de vermogensbegrenzer op de linker- en rechterzone. Ook bij lagere instellingen kunt u een tikkend geluid horen.
Pannen maken geluid
- Pannen kunnen tijdens het koken geluid maken. Dit wordt veroorzaakt door de energie die van de kookplaat naar de pan stroomt. Dit is normaal bij bepaalde pannen wanneer een hoge kookstand wordt gebruikt. Dit is niet schadelijk voor de pannen of de kookplaat.
De ventilator maakt geluid
- Het apparaat is voorzien van ventilators om de levensduur van de elektronica te verlengen. Als u het toestel intensief gebruikt, wordt de ventilator ingeschakeld om het toestel te koelen. Dit zorgt voor een zoemend geluid. De ventilator blijft nog enkele minuten actief nadat de kookplaat wordt uitgeschakeld.
Pannen
- Plaats een pan altijd in het midden van een kookzone.
- Voor inductiekoken zijn pannen van een bepaalde kwaliteit vereist.
- Gebruik alleen pannen die geschikt zijn voor elektrisch koken en inductiekoken met:
▷ een dikke bodem (minimaal 2,25 mm);
▷ een schone en vlakke onderkant.
- Het meest geschikt zijn pannen die zijn voorzien van het keurmerk 'Class Induction'.
Pannen waarmee al eerder op een gaskookplaat is gekookt, zijn niet meer geschikt voor een inductiekookplaat.
U kunt zelf met een magneet controleren of uw pannen geschikt zijn. De pan is geschikt als de magneet door de bodem wordt aangetrokken.
| Geschikt | Ongeschikt |
|---|---|
| Speciale roestvrijstalen pannen | Aardewerk |
| Class Induction | Roestvrij staal |
| Slijtvaste geëmailleerde pannen | Porselein |
| Geëmailleerde gietijzeren pannen | Koper/aluminium/kunststof |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
Wees voorzichtig met geëmailleerde pannen van plaatstaal. Als u de kookplaat op een hoge stand inschakelt terwijl de pan (te) droog is, kan het email afsplinteren (hierbij laat het email los van het staal). De panbodem kan kromtrekken, bijvoorbeeld door oververhitting of door gebruik van een te hoog vermogen.
Pagina 9
GEBRUIK
- Gebruik nooit een pan met een vervormde bodem. Een holle of bolle bodem kan de werking van de oververhittingsbeveiliging belemmeren, waardoor het toestel te warm wordt. Hierdoor kan de glasplaat barsten en de panbodem smelten.
- Schade als gevolg van het gebruik van ongeschikte pannen of van droogkoken, valt buiten de garantie.
Minimale pandiameter
- De minimale diameter van de panbodem:
▷ 9 cm voor zone ø 14,5 en 17,5 cm ▷ 11 cm voor zone 19,5 x 20,5 cm en voor zone ø 23 en 27,5 cm ▷ 23 cm voor verbonden bridge-zones
- U bereikt het beste resultaat met een pan van dezelfde diameter als de kookzone. Als de pan te klein is, wordt de kookzone niet ingeschakeld.
Pandetectie
De kookzone detecteert automatisch een geschikte pan die op een kookzone wordt geplaatst. Het display van de kookzone licht op. Een vermogensniveau kan worden ingesteld.
- Als er geen (geschikte) pan op een kookzone staat, wordt het pandetectiesymbool weergegeven als u een vermogensniveau instelt. Het symbool verdwijnt wanneer er een geschikte pan op de kookzone wordt geplaatst.
- Haalt u tijdens het koken een pan van de kookzone af, dan verschijnt het pandetectiesymbool. De kookzone schakelt uit. Het symbool verdwijnt als u de pan weer terug plaatst. De kookzone schakelt weer in met het eerder ingestelde vermogensniveau.
Grillplaten
De kookplaat heeft een grillfunctie (afhankelijk van het model) voor het gebruik van een grillplaat. De functie houdt de grillplaat op een ideale temperatuur om te grillen.
Vermogen instellen
De kookzones hebben 9 niveaus. Daarnaast is er nog een boost-niveau (P). Nadat u de kookplaat hebt ingeschakeld, kunt u binnen 5 seconden de gewenste kookzone kiezen. Stel het vermogen in door de schuifregelaar aan te raken. Bij de eerste aanraking wordt het niveau ingesteld op het deel van de schuifregelaar dat u aanraakt. De instelling van het vermogensniveau verandert wanneer u met uw vinger over de schuifregelaar gaat.
Het niveau wordt hoger wanneer u naar rechts schuift. Het niveau wordt lager wanneer u naar links schuift. Als u uw vinger van de schuifregelaar haalt, begint de kookzone op het ingestelde niveau te werken.
Boostfunctie
U kunt de boostfunctie gebruiken om gedurende een korte periode (maximaal 5 minuten) op het hoogste vermogensniveau te koken. Na het verstrijken van de maximale boosttijd wordt het vermogen verlaagd naar stand 9.
Pagina 10
GEBRUIK
Vermogensbegrenzer
De kookplaat is voorzien van een vermogensbegrenzer. Als het totale vermogen van de actieve kookzones het maximaal beschikbare vermogen overschrijdt, wordt het vermogen automatisch verlaagd. Het display van de kookzone die in vermogen wordt verlaagd knippert eerst; het niveau wordt dan automatisch verlaagd naar het hoogste beschikbare vermogen.
Warmhoudfunctie
Gebruik deze functie om voedsel na het koken warm te houden (op ongeveer 70 °C).
- Zo wordt voorkomen dat vloeistoffen overstromen en aan de bodem van de pan branden.
- Deze functie kan onafhankelijk van elkaar op alle kookzones worden gestart.
- Wanneer de pan van de kookzone wordt gehaald, blijft de warmhoudfunctie ongeveer 10 minuten actief. De maximale duur van warmhouden is 2 uur.
Automatisch opwarmen
Met deze functie wordt de kookzone op niveau 9 opgewarmd zodat deze snel op de gewenste temperatuur is. Na verloop van een bepaalde tijd keert het vermogensniveau weer terug naar het ingestelde vermogen. Deze functie is beschikbaar voor de vermogensniveaus 1 tot 8.
| Vermogensniveau | Opwarmtijd (seconden) |
|---|---|
| 1 | 48 |
| 2 | 144 |
| 3 | 230 |
| 4 | 312 |
| 5 | 408 |
| 6 | 120 |
| 7 | 168 |
| 8 | 216 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
Overige functies
- Pauzefunctie
▷ Met deze functie wordt de kookactiviteit van de gehele kookplaat tijdelijk gestopt en kan opnieuw worden gestart met dezelfde instellingen.
- Kinderslot
▷ Om te voorkomen dat de instelling van de kookzones per ongeluk wordt geactiveerd, met name tijdens het schoonmaken, kan het bedieningspaneel worden vergrendeld (met uitzondering van de aan/uit-toets).
- Grillfunctie
▷ Met deze functie kunt u een grillplaat optimaal gebruiken op ‘verbonden’ kookzones en het juiste vermogen gebruiken.
Pagina 11
GEBRUIK
Meldingen op het display
| Op display | Status |
|---|---|
| Vermogensniveau ‘0’ voor een kookzone | |
| Ingesteld vermogensniveau van een kookzone: 1 = laag, 9 = hoog | |
| Boostfunctie actief | |
| Geen (geschikte) pan op de kookzone (pandetectiesymbool) | |
| De Bridge-kookzones zijn gekoppeld (afhankelijk van het model beschikbaar) | |
| Automatisch opwarmen is geactiveerd | |
| Grillfunctie is geactiveerd | |
| Warmhoudfunctie is geactiveerd; wordt automatisch op ongeveer 70 °C gehouden | |
| Pauzefunctie geactiveerd; de kookplaat staat in de pauzestand | |
| Kinderslot is geactiveerd; het bedieningspaneel is vergrendeld | |
| Restwarmte-indicator: de kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-indicator waarmee wordt aangegeven welke kookzone nog warm is. Hoewel de kookplaat is uitgeschakeld, blijft indicator H zichtbaar zolang de kookzone warm is. Raak de kookzones niet aan wanneer deze indicator brandt. Gevaar! Risico op brandwonden. | |
| Foutcode: zie hoofdstuk ‘Problemen oplossen’ | |
| Demo mode actief |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)
Gebruik van de timer
De timer kan op drie verschillende manieren worden gebruikt:
- Als eierwekker (tijd is aflopend) — na afloop van de ingestelde tijd klinkt er een alarm. ▷ De eierwekker kan worden ingesteld op maximaal 9 uur en 59 minuten.
▷ De eierwekker kan onafhankelijk van de werking van de kookplaat worden gebruikt. ▷ De eierwekker kan alleen worden uitgeschakeld of versteld als de kookplaat is ingeschakeld.
▷ Druk op de timertoets om het alarm uit te schakelen.
- Als kookwekker — de timer is gekoppeld aan een actieve kookzone. Na afloop van de ingestelde tijd wordt de kookzone automatisch uitgeschakeld en klinkt er een alarm. ▷ Een kookwekker kan worden ingesteld voor elke actieve kookzone op maximaal 1 uur en 59 minuten.
▷ Druk op de timertoets om het alarm uit te schakelen.
- Als kookduur teller (tijd is oplopend) — geeft de kookduur aan.
▷ De kookduur teller is gekoppeld aan een kookzone.
Pagina 12
GEBRUIK
Kookinstellingen
Aangezien de standen afhankelijk zijn van de hoeveelheid en samenstelling van het gerecht in de pan, geldt de onderstaande tabel alleen als richtlijn.
Gebruik de boost-stand voor:
- snel aan de kook brengen van voedsel of vloeistoffen;
- slinken van groenten;
- verhitten van olie en vet;
- wokken.
Gebruik stand 9 voor het:
- aanbraden van vlees;
- bereiden van vis;
- bakken van omeletten;
- bakken van gekookte aardappelen;
- frituren van voedsel.
Gebruik stand 7 en 8 voor het:
- bakken van dikke pannenkoeken;
- bakken van dikke lappen gepaneerd vlees;
- bakken van bacon (vet);
- koken van rauwe aardappelen;
- bakken van wentelteefjes;
- bakken van gepaneerde vis;
- doorkoken pasta;
- bakken van dunne (gepaneerde) lappen vlees.
Gebruik stand 4-6 voor het:
- doorkoken van grote hoeveelheden;
- ontdooien van harde groenten;
- bakken van dikke lappen gepaneerd vlees.
Gebruik stand 1-3 voor het:
- trekken van bouillon;
- stoven van vlees;
- zacht koken van groenten;
- smelten van chocolade;
- pocheren;
- smelten van kaas.
Pagina 13
BEDIENING
Bereiding starten
Gebruik van de aanraaktoetsen en de schuifregelaar
Plaats uw vingertop plat op een toets of op de schuifregelaar voor het beste resultaat. U hoeft geen druk uit te voeren. De aanraaktoetsen reageren alleen op lichte druk van een vingertop. Bedien de toetsen niet met andere objecten.
Na activering van een toets of schuifregelaar klinkt een geluidssignaal.
- 1. Raak de aan/uit-toets aan en houd deze 2 seconden vast totdat u een geluidssignaal hoort. ▷ Alle kookzonedisplays geven ‘0’ weer, wat aangeeft dat de inductiekookplaat in de standby modus staat.
- 2. Plaats een geschikte pan op een kookzone.
Zorg ervoor dat de onderzijde van de pan en het oppervlak van de kookzone schoon en droog zijn.
- 3. De kookzone detecteert de pan automatisch.
▷ Er klinkt één enkel geluidssignaal.
▷ De ‘0’ van de geselecteerde kookzone licht gedurende 10 seconden op.
▷ Om een andere kookzone te selecteren, raakt u de toets van de gewenste kookzone aan of plaatst u een tweede pan op een kookzone.
Pagina 14
BEDIENING
- 4. Stel binnen 10 seconden het vermogen in door de schuifregelaar of de boost-toets aan te raken.
▷ De kookzone start automatisch op het ingestelde niveau.
▷
Stel een hoger of lager vermogensniveau in met de schuifregelaar.
Na 10 seconden wordt de schuifregelaar uitgeschakeld en de kookduur teller wordt verborgen.
▷
Wanneer het symbool voor pandetectie op het display verschijnt:
- hebt u de pan niet op de juiste kookzone geplaatst;
- is de gebruikte pan niet geschikt voor inductiekoken;
- is de pan te klein of niet goed op de kookzone geplaatst.
▷ De kookzone werkt niet totdat er een geschikte pan op de kookzone is geplaatst.
Als de kookplaat 20 seconden niet wordt gebruikt, wordt deze automatisch uitgeschakeld.
Pagina 15
BEDIENING
Klaar met koken
- 1. Zet het vermogensniveau op ‘0’ om de kookzone uit te schakelen.
- 2. Schakel de inductiekookplaat uit door de aan/uit-toets aan te raken.
Het symbool H wordt weergegeven op het display van de kookzone, als die te heet is om te worden aangeraakt. Het symbool verdwijnt wanneer het oppervlak is afgekoeld tot een veilige temperatuur. U kunt ook energie besparen door een nog hete kookzone te gebruiken om andere pannen te verwarmen.
De automatische opwarmfunctie inschakelen
- 1. Schakel de kookplaat in en selecteer de gewenste kookzone .
- 2. Raak de schuifregelaar ten minste 3 seconden op het gewenste niveau aan.
▷ In het display verschijnt een ‘A’ afgewisseld met het geselecteerde vermogensniveau. Na afloop van de automatische opwarmtijd schakelt de kookzone automatisch over naar het gekozen niveau, dat permanent op het display wordt weergegeven.
- 3. Stop de automatische opwarmfunctie door de kookzone te selecteren en de schuifregelaar aan te raken.
De warmhoudfunctie inschakelen
- 1. Schakel de kookplaat in en plaats een geschikte pan op een van de kookzones.
- 2. Raak de kookzonetoets van de gewenste kookzone aan.
▷ De ‘0’ van de geselecteerde kookzone licht duidelijk op en er klinkt een enkele pieptoon.
- 3. Raak de warmhoudtoets aan.
▷ Het warmhoudsymbool ‘u’ verschijnt op het display. De warmhoudfunctie is geselecteerd.
Pagina 16
BEDIENING
▷ Na 10 seconden wordt de schuifregelaar uitgeschakeld en de kookduur teller wordt verborgen.
- 4. Zet het vermogensniveau op ‘0’ of raak de warmhoudtoets aan om de warmhoudfunctie uit te schakelen.
De Bridge-inductiekookzones koppelen
Twee Bridge-inductiezones kunnen aan elkaar worden gekoppeld. Hierdoor ontstaat één grote zone die kan worden gebruikt voor bijvoorbeeld een grillplaat of een grote vispan op hetzelfde vermogen. De pan moet groot genoeg zijn om het midden van de voorste en achterste kookzone te bedekken.
Koppeling van Bridge-inductiekookzones
- 1. Schakel de kookplaat in en plaats een grote pan op de twee Bridge-inductiekookzones.
- 2. Raak tegelijkertijd de kookzonetoetsen aan de linkerzijde aan.
▷ Een verbindingssymbool verschijnt op het display van de achterste kookzone om aan te geven dat de twee kookzones zijn verbonden.
- 3. Gebruik de schuifregelaar om het gewenste kookvermogen voor de twee verbonden kookzones in te stellen.
- 4. Om later het kookvermogen van de verbonden zones te wijzigen, drukt u eerst op de kookzonetoets van de voorste kookzone.
Pagina 17
BEDIENING
Ontkoppeling van Bridge-inductiekookzones
- 1. Raak de kookzonetoetsen van de verbonden kookzones tegelijk aan. ▷ Het verbindingssymbool verdwijnt op het display van de achterste kookzone.
Timerbediening
De eierwekker gebruiken (tijd is aflopend)
De kookplaat is ingeschakeld en er is geen kookzone geselecteerd.
- 1. Raak het timerdisplay aan om de eierwekker in te schakelen. ▷ Op het display van de timer verschijnt ‘000’.
- 2. Gebruik de toets ‘+’ of ‘-’ om de gewenste tijd in te stellen (van 1 minuut tot 9 uur en 59 minuten).
▷ De linkerpositie van het timerdisplay geeft de uren weer, de overige posities de minuten. ▷ Wanneer de tijd is ingesteld, begint de tijd na 5 seconden af te tellen.
▷ Op het timerdisplay wordt de resterende tijd weergegeven.
▷ De laatste 10 minuten wordt in seconden weergegeven.
▷ De timer knippert en het alarm klinkt wanneer de ingestelde tijd is verstreken.
- 3. Raak het timer display aan om het alarm uit te schakelen.
▷ Het alarm stopt na 2 minuten automatisch.
Raak het timerdisplay aan en raak vervolgens de toetsen ‘-’ aan om de tijd in te stellen op ‘000’ om voortijdig de eierwekker uit te schakelen.
Pagina 18
BEDIENING
De kookwekker gebruiken
- 1. Selecteer de gewenste kookzone en gebruik de schuifregelaar om het gewenste vermogensniveau in te stellen.
- 2. Raak het timersymbool boven de betreffende kookzone aan.
▷ Op het display van de timer verschijnt ‘000’ en het geselecteerde timersymbool knippert.
- 3. Gebruik de toets ‘+’ of ‘-’ om de gewenste tijd in te stellen (van 1 minuut tot 1 uur en 59 minuten).
▷ De linkerpositie van het timerdisplay geeft de uren weer, de overige posities de minuten. ▷ Stel op het linkerdisplay de waarde ‘0’ in als u minder dan 1 uur in wilt stellen. ▷ Wanneer de tijd is ingesteld, begint de tijd na 5 seconden af te tellen.
▷ Raak de betreffende kookzone toets aan om de resterende tijd weer te geven. ▷ Het timersymbool van de actieve kookwekkers licht helder op.
▷ De geselecteerde kookzone wordt automatisch uitgeschakeld zodra de ingestelde tijd is verstreken.
▷ De timer knippert en het alarm klinkt wanneer de ingestelde tijd is verstreken.
- 4. Raak een toets aan om het alarm uit te schakelen.
▷ Het alarm stopt automatisch na 2 minuten.
De vooraf ingestelde kookduur wijzigen
U kunt de kookduur op elk gewenst moment wijzigen.
- 1. Raak het timersymbool boven de betreffende kookzone aan om de zone te selecteren waarvan u de kookwekker wilt aanpassen.
▷ Een aan de kookwekker gekoppelde zone is te herkennen aan het helder verlichte timersymbool boven het kookzonedisplay.
▷ Het timerdisplay toont de ingestelde tijd.
- 2. Gebruik de toets ‘+’ of ‘-’ om de tijd te wijzigen.
Pagina 19
BEDIENING
De resterende kookduur controleren
- 1. Druk op de kookzonetoets om de zone te selecteren waarvan u de resterende tijd wilt bekijken.
▷ Een aan de kookwekker gekoppelde zone is te herkennen aan het helder verlichte timersymbool boven het kookzonedisplay.
▷ De timer geeft de resterende tijd van de geselecteerde kookzone weer. ▷ Tijdens de laatste 10 minuten van de looptijd wordt de resterende tijd in seconden weergegeven.
De kookwekker uitschakelen
Voer de volgende stappen uit om de kookwekker uit te schakelen voordat de ingestelde tijd is verstreken:
- 1. Druk op het timersymbool boven de betreffende kookzone om de zone te selecteren waarvan u de kookwekker wilt uitschakelen.
▷ Een aan de kookwekker gekoppelde zone is te herkennen aan het helder verlichte timersymbool boven het kookzonedisplay.
- 2. Raak de toets(en) ‘-’ aan om de tijd in te stellen op '000'.
▷ Het timersymbool is nu niet meer helder verlicht.
De kookduur teller gebruiken (tijd is oplopend)
- 1. Selecteer de gewenste kookzone.
▷ Het timerdisplay geeft de actieve kookduur van de geselecteerde kookzone oplopend weer.
▷ Na 10 seconden is de kookduur verdwenen en verschijnt ‘---’.
- 2. Om de kookduur teller te stoppen, schakelt u de kookzone uit.
Pagina 20
BEDIENING
Koken pauzeren
Deze functie stopt de kookactiviteit tijdelijk (max. 10 minuten); timers en tellers worden ook gepauzeerd.
- 1. Raak de pauzetoets aan en houd deze 2 seconden vast.
▷ Het pauzesymbool wordt weergegeven.
- 2. Raak opnieuw de pauzetoets aan en houd deze 2 seconden vast tot er een geluidssignaal klinkt.
▷ De pauze toets knippert.
- 3. Raak de kookzonetoets aan en het kook proces wordt vervolgd.
▷ De kookplaat schakelt na 10 minuten automatisch uit als de pauzefunctie niet tussentijds is uitgeschakeld.
Kinderslot
- 1. Schakel de kookplaat in.
- 2. Raak een kookzonetoets aan, houd deze 3 seconden vast tot er een geluidssignaal klinkt. Beweeg vervolgens binnen 10 seconden van links naar rechts over de schuifregelaar. ▷ Het symbool “L” verschijnt in alle displays.
▷ De kookplaat is nu vergrendeld. Na 10 seconden wordt de kookplaat automatisch uitgeschakeld.
- 3. Om te ontgrendelen, schakelt u de kookplaat in en raakt u een kookzonetoets aan, houd deze 3 seconden vast tot er een geluidssignaal klinkt. Beweeg vervolgens van rechts naar links over de schuifregelaar.
▷ Het symbool “L” verdwijnt in alle displays en “0” of het symbool “H” verschijnt. ▷ Het kinderslot is nu gedeactiveerd.
Pagina 21
BEDIENING
Grillfunctie
- 1. Schakel de kookplaat in en plaats een grillplaat op twee bridge-inductiekookzones.
- 2. Raak de kookzonetoets van de zone linksvoor aan.
- 3. Raak vervolgens de grilltoets aan.
▷ Het verbindingssymbool verschijnt op het achterste kookzonedisplay en het grillsymbool op het voorste kookzonedisplay.
- 4. Stel een vermogensniveau in voor de grill door de schuifregelaar aan te raken. ▷ De grillfunctie is geactiveerd.
Wijzigen grillstand of grillfunctie uitschakelen
- 1. Raak de kookzonetoets van de zone linksvoor aan en wijzig de grillstand door de schuifregelaar aan te raken of raak vervolgens de grilltoets aan om de grillfunctie uit te schakelen.
Pagina 22
BEDIENING
Herstelfunctie
Als de kookplaat met de aan/uit-toets per ongeluk werd uitgeschakeld, kunnen met behulp van de herstelfunctie alle instellingen worden teruggezet.
- 1. Raak binnen 6 seconden de aan/uit-toets aan en houd deze 2 seconden vast. ▷ Het pauzesymbool knippert.
- 2. Raak onmiddelijk daarna de pauzetoets aan.
▷ De vorige instellingen zijn weer actief.
Pagina 23
INSTELLINGEN
De gebruikersinstellingen wijzigen
- 1. Raak de aan/uit-toets aan om de kookplaat aan te zetten. Raak binnen 3 seconden de aan/ uit-toets opnieuw aan.
▷ De kookplaat gaat in standby.
▷ De pauzetoets knippert (maximaal 60 seconden).
- 2. Raak de pauzetoets aan en houd deze vast.
- 3. Raak vervolgens, met de klok mee, elke kookzonetoets aan (begin met de kookzonetoets linksvoor).
▷ De menufunctie verschijnt op het display van de kookzone linksachter. “U” knippert afwisselend met een waarde op het display.
- 4. Selecteer de instelling die u wilt wijzigen met de schuifregelaar.
▷ De waarde van de menufunctie verschijnt op het display van de kookzone linksvoor.
- 5. Raak de aan/uit-toets aan en houd deze 2 seconden vast om de instellingen te bewaren en het menu te verlaten.
▷ Raak de pauzetoets aan om het menu te verlaten zonder de wijzigingen op te slaan.
Onderstaande tabel geeft de mogelijke instellingen weer.
| Menuwaarde | Functie | Waarde |
|---|---|---|
| U2 | Volume van de toetsen | 1 - 9 (standaard: 9) |
| U3 | Volume van geluidssignaal | 1 - 9 (standaard: 9) |
| U4 | Helderheid van display | 0 - 9 (standaard: 0, meest helder) |
| U5 | Timer animatie | 0: Timer animatie uit 1: Timer animatie aan (standaard) |
| U6 | Automatische pandetectie | 0: Automatische pandetectie uit 1: Automatische pandetectie aan (standaard) |
| U7 | Lengte van geluidssignaal | 0 - 2 (standaard: 0) |
Pagina 24
INSTALLATIE
Vermogensbegrenzer
Het instellen van de vermogensbegrenzer mag alleen worden uitgevoerd door een erkende en gekwalificeerde installateur. Lees de veiligheidsvoorschriften en de installatie-instructies zorgvuldig door.
De kookplaat is voorzien van een vermogensbegrenzer. Als het totale vermogen van de actieve kookzones het maximaal beschikbare vermogen overschrijdt, wordt het vermogen automatisch verlaagd. Het display van de kookzone die in vermogen wordt verlaagd knippert eerst; het niveau wordt dan automatisch verlaagd naar het hoogste beschikbare vermogen.
- De begrenzer is af fabriek ingesteld op 7400 W, maar het is mogelijk om deze instelling te wijzigen naar 1400 W, 2300 W, 3000 W, 3700 W, 4600 W, 6000 W of 10400 W.
Configuratie van de vermogensbegrenzer
Controleer voordat u begint of er geen potten of pannen op de kookplaat staan.
- 1. Koppel het apparaat los van de hoofdvoeding door de stekker uit het stopcontact te halen, de zekering te verwijderen of de stroomonderbreker uit te schakelen.
- 2. Sluit het apparaat weer aan op de stroomvoorziening.
▷ De warmhoudtoets knippert.
- Voer, binnen 2 minuten na het opnieuw aansluiten van de kookplaat op de stroomvoorziening, de volgende stappen uit.
- Zorg ervoor dat alle kookzones uitgeschakeld zijn.
- 3. Raak de warmhoudtoets aan en houd deze vast.
- 4. Raak vervolgens, tegen de klok in, elke kookzonetoets aan (begin met de kookzonetoets middenvoor).
Pagina 25
INSTALLATIE
| ▷ | Een dubbel geluidssignaal geeft een fout in de operatie aan. Herhaal in dat geval de procedure vanaf stap 3. |
| ▷ | "C" knippert afwisselend met “0” op het display van de kookzone linksachter. |
| ▷ | De configuratiewaarde verschijnt op het display van de kookzone linksvoor. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
- 5. Raak de kookzonetoets linksachter aan en kies "8" met behulp van de schuifregelaar. ▷ “C” knippert afwisselend met “8” in het display van de kookzone middenachter.
- 6. Raak de kookzonetoets linksvoor aan en selecteer de gewenste vermogensbegrenzing met de schuifregelaar.
| Stand schuifregelaar | Instelling van de vermogensbegrenzing: |
|---|---|
| 0 | 10400 W |
| 1 | 7400 W |
| 2 | 6000 W |
| 3 | 4600 W |
| 4 | 3700 W |
| 5 | 3000 W |
| 6 | 2300 W |
| 7 | 1400 W |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
- 7. Raak vervolgens de aan/uit-toets aan en houd vast totdat alle segmenten van het display zijn verdwenen.
▷ De kookplaat is nu klaar voor gebruik met de geselecteerde vermogensbegrenzer.
Pagina 26
ONDERHOUD
Reinigen
Activeer het kinderslot voordat u begint met het reinigen van de kookplaat. Wij raden u aan het apparaat na elk gebruik te reinigen. Zo voorkomt u dat overgekookt eten de glasplaat kan beschadigen.
Dagelijkse reiniging
- 1. Gebruik een vochtige doek en een mild reinigingsmiddel (afwasmiddel) om het apparaat te reinigen.
- 2. Droog het apparaat af met een stukje keukenrol of een doek.
Sterk vervuild glas
- 1. Verwijder resten van voedsel, verbrand vet, suiker of hardnekkige vlekken direct met een schraper van de kookplaat, zelfs als de kookplaat nog heet is! Suiker en/of andere voedselresten kunnen het glaskeramische oppervlak blijvend beschadigen.
- 2. Nadat u de hardnekkige vlekken van het glas hebt verwijderd, voert u de stappen van de dagelijkse reiniging uit om de kookplaat schoon te maken.
- 3. Als het reinigingsresultaat niet naar wens is, kunt u de bovenstaande reinigingsstappen zo vaak als nodig herhalen.
Gebruik geen bijtende reinigingsmiddelen; deze kunnen krassen veroorzaken. Gebruik geen staalwol, schuursponsjes of andere scherpe voorwerpen om het apparaat te reinigen.
De kookplaat kan door het kookproces nog steeds erg heet zijn! Raak het oppervlak niet rechtstreeks aan. Gebruik indien gewenst ovenwanten om verbranding te voorkomen tijdens het schoonmaken direct na het koken.
Pagina 27: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 28: zie Storingen hierboven.
Pagina 29: zie hierboven.
Pagina 30: zie hierboven.