Etna OS916MZ, tekst van de handleiding
Pagina's 23–45 van 190 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 23
Het waterreservoir vullen
Het waterreservoir zorgt voor een onafhankelijke watertoevoer naar de stoomoven. De inhoud van het waterreservoir is ongeveer 1,3 dl.
Vul de tank altijd met schoon kraanwater of flessenwater zonder toevoegingen. Water dat in het waterreservoir wordt gegoten, moet op kamertemperatuur zijn, dwz ongeveer 20 °C (+/– 10 °C).
1 Haal het waterreservoir uit de behuizing door op de knop te drukken. Als u op de knop drukt, springt de tank eruit.
INFORMATIE!
Het waterreservoir kan niet uit het apparaat worden verwijderd.
2 Schenk water tot aan de markering MAX op het waterreservoir (voldoende voor het gehele bereidingsproces).
3 Druk het waterreservoir zo ver mogelijk terug in de behuizing (hij klikt vast).
WAARSCHUWING!
Als u zich niet houdt aan de MAX-markering op het waterreservoir en u te veel water toevoegt, dan bestaat het risico dat het overtollige water via een sleuf tussen het deksel en het waterreservoir naar buiten stroomt en op de vloer druppelt.
Gebruik geen gedestilleerd water, kraanwater met een hoog chloorgehalte of andere soortgelijke vloeistoffen. Gebruik alleen vers leidingwater, onthard water of niet-koolzuurhoudend mineraalwater.
Pagina 24
AUTOMATISCHE MODUS (auto bake)
In deze modus kunt u kiezen tussen speciale baksystemen of automatische programma's (vooraf ingestelde programma's voor bepaalde soorten voedsel).
Speciale baksystemen
Tik op de toets en stel het volgende in:
B. speciale baksystemen
C. programmaduur (zie hoofdstuk Timerfuncties) E. temperatuur
Draai aan de KNOB en kies uw instellingen. De vooraf ingestelde waarden worden weergegeven: U kunt de temperatuur en de programmaduur wijzigen.
Symbool
Gebruik
BEVROREN VOEDSEL BAKKEN ¹)
Met deze methode kunt u bevroren voedsel in een kortere tijd bakken zonder voorverwarmen. Optimaal voor voorgebakken diepvriesproducten (bakkerijproducten, croissants, lasagne, patat, kipnuggets), vlees en groenten.
PIZZASYSTEEM¹)
Dit systeem is optimaal voor het bakken van pizza's en gerechten met een hoger watergehalte. Gebruik het om op een enkel rooster te bakken, wanneer u het voedsel sneller gaar en knapperig wilt hebben.
SLOW BAKING ²)
Voor een zachte, langzame en gelijkmatige garing van vlees, vis en gebak op een enkel rooster. Deze bakmethode zorgt ervoor dat het vlees een hoger watergehalte houdt, waardoor het sappiger en malser wordt, terwijl gebak gelijkmatig wordt gebruind/gebakken. Dit systeem wordt gebruikt in het temperatuurbereik tussen 140 °C en 220 °C.
CRISP-PROGRAMMA¹)
Deze bereidingswijze zorgt voor een knapperig korstje zonder toegevoegd vet. Dit is een gezonde versie van frituren, met minder calorieën als resultaat. Geschikt voor kleinere stukken vlees, vis, groenten en diepvriesproducten die klaar zijn om te worden gefrituurd (frietjes, kipnuggets).
- 1) In deze systemen is het mogelijk de gratineerfunctie te gebruiken (zie hoofdstuk Starten van het bereidingsproces).
- 2) Deze functie wordt gebruikt voor het vaststellen van de energieklasse in overeenstemming met de standaard EN 60350-1.
Pagina 25
Snelle voorverwarming
De bereidingsprocedures voor sommige gerechten in de automatische bakmodus bevatten ook de functie voor snel voorverwarmen. De weergave is volledig verlicht. Wanneer de geselecteerde temperatuur is bereikt, stopt het voorverwarmen en klinkt er een geluidssignaal. door verschijnt op het display. Open de deur en plaats het gerecht. Het programma zal automatisch verder bakken met de gekozen instellingen.
INFORMATIE!
Als de functie snel voorverwarmen is geactiveerd, kan de uitgestelde startfunctie niet worden gebruikt.
Automatische programma’s
In de automatische modus (auto bake) kunt u kiezen uit talrijke automatische programma's (het apparaat zal de optimale bereidingsmethode, temperatuur en bereidingsduur aanbevelen, afhankelijk van het gespecificeerde type voedsel).
Houd de toets ingedrukt om de automatische programma's op het display weer te geven (zie tabel). Waar mogelijk kunt u ook het gewicht van het voedsel instellen.
Bevestig uw instelling door op de KNOP te drukken. Tik op de toets om te beginnen met bakken. De vooraf ingestelde waarden verschijnen op het display.
A. baksysteem
C. automatische programma-indicatie/programmaduur D. snel voorverwarmen
E. geselecteerde hoeveelheid
Zie www.pelgrim.nl/be voor recepten van de automatische programma's.
| Aanduiding | Naam van gerecht | Uitrusting | Niveau | Voorverwarmen | Omdraaien |
|---|---|---|---|---|---|
| Pr01 | biscuitjes | ondiepe bakplaat | 3 | ja | nee |
| Pr02 | cupcakes | ondiepe bakplaat | 3 | ja | nee |
| Pr03 | Biscuit taart | bakvorm/schaal op rooster | 2 | ja | nee |
| Pr04 | met gist gerezen klein gebak | ondiepe bakplaat | 2 | ja | nee |
| Pr05 | bladerdeeg | ondiepe bakplaat | 2 | ja | nee |
| Pr06 | appeltaart | bakvorm/schaal op rooster | 2 | nee | nee |
| Pr07 | appelcake | ondiepe bakplaat | 2 | nee | nee |
| Pr08 | chocoladesoufflé | bakvorm/schaal op rooster | 3 | ja | nee |
| Pr09 | rijzen | ondiepe bakplaat | 2 | nee | nee |
| Pr10 | brood | ondiepe bakplaat | 2 | nee | nee |
Pagina 26: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 27
EXTRA FUNCTIES KIEZEN (extra bake)
Tik op de toets om extra functies met hun respectievelijke vooraf ingestelde waarden op het display weer te geven.
C. bereidingstijd
D. programma
E. vooraf ingestelde temperatuur
Draai aan de KNOP en selecteer het programma. De vooraf ingestelde waarden worden weergegeven: bij sommige programma's kan de temperatuur en de bereidingstijd worden ingesteld.
INFORMATIE!
Draai aan de KNOP om door de programma's te bladeren. Bevestig elke instelling door op de KNOP te drukken.
Aqua clean
Met dit programma kan vuil gemakkelijk uit de oven worden verwijderd (zie hoofdstuk Reiniging en onderhoud).
Ontdooien
Gebruik deze functie om diepgevroren voedsel (taarten, gebak, brood, broodjes en diepgevroren fruit) langzaam te ontdooien.
Halverwege de ontdooitijd moeten de voedingsmiddelen worden omgedraaid, omgeroerd en van elkaar gescheiden als ze aan elkaar bevroren waren.
Warmhouden
Dit wordt gebruikt om het voedsel dat al bereid is warm te houden. U kunt de temperatuur en de start- en eindtijd van het opwarmen instellen.
Borden opwarmen
Gebruik deze functie om uw servies (borden, kopjes) op te warmen voordat u er gerechten in serveert, zodat de gerechten langer warm blijven. U kunt de temperatuur en de begin- en eindtijd van het opwarmen instellen.
Toetsen vergrendelen
Om het kinderslot te activeren, houdt u de lichttoets (gedurende 5 seconden) ingedrukt. Loc verschijnt op het display. Als u nogmaals lang op de lichttoets drukt, wordt het kinderslot gedeactiveerd.
Pagina 28
- Als het kinderslot is geactiveerd en er geen timerfunctie is ingesteld (alleen de klok wordt weergegeven), werkt de oven niet.
- Als het kinderslot is geactiveerd nadat een timerfunctie is ingesteld, zal de oven normaal werken; het is echter niet mogelijk om de instellingen te wijzigen.
- Wanneer het kinderslot is geactiveerd, kunnen kook- of baksystemen (standen) of extra functies niet worden gewijzigd. Het kook-/bak-/braadproces kan alleen worden gestopt of uitgeschakeld.
- Het kinderslot blijft ook na uitschakeling geactiveerd. Als u een nieuw systeem wilt kiezen, moet u het eerst uitschakelen.
Pagina 29
Beginnen met bakken/braden
Start het bereidingsproces door op de toets te drukken. Totdat de ingestelde temperatuur voor de eerste keer wordt bereikt, worden op het display afwisselend de huidige en de ingestelde temperatuur weergegeven. Het temperatuursymbool knippert eerst. Wanneer de gewenste temperatuur is bereikt, gaat deze uit.
INFORMATIE!
Als er geen timerfunctie is geselecteerd, verschijnt de bereidingstijd op het display. Er klinkt een kort geluidssignaal wanneer de oven de geselecteerde temperatuur heeft bereikt.
Extra gratineren
U kunt deze functie pas 10 minuten na het begin van het kookproces activeren (het symbool verschijnt op het display). Druk op de KNOP om instellingen te openen. Draai de KNOP naar het teken en bevestig uw keuze. Draai nogmaals aan de KNOP en selecteer het volledig verlichte teken. Bevestig uw selectie. De functie is nu geactiveerd. Kooktijd van 10 minuten (10:00) verschijnt op het display.
Om de duur te wijzigen, drukt u tweemaal op de KNOP en draait u de knop om de tijd aan te passen (max. 30 min). Bevestig uw selectie. De functie wordt gebruikt in de laatste fase van het bakproces wanneer u saus/wet rub of dry rub aan het gerecht toevoegt, of wanneer u de korst extra bruin wilt laten worden. Tijdens het gratineren vormt zich een goudbruin korstje op het gerecht, waardoor het voedsel niet uitdroogt en het er mooier uitziet en een betere smaak krijgt.
INFORMATIE!
De functie kan ook worden uitgeschakeld terwijl deze actief is. Draai de KNOP naar instelling . Kies de gedimde weergave en bevestig deze door op de KNOP te drukken.
Einde bereiding en oven uitschakelen
Tik op de toets . End verschijnt op het display en er klinkt een geluidssignaal.
INFORMATIE!
Nadat de bereiding is voltooid, worden ook alle timerinstellingen gestopt en verwijderd, behalve de kookwekker. De tijd (klok) wordt weergegeven. De ventilator blijft nog een tijdje draaien.
Na het gebruik van de oven kan er wat water achterblijven in het condensatiekanaal (onder de deur). Veeg het kanaal schoon met een spons of een doek.
Pagina 30
De algemene instellingen kiezen
Houd de toets ingedrukt. SEtt verschijnt enkele seconden op het display. Vervolgens verschijnt het menu met algemene instellingen.
INFORMATIE!
Draai aan de KNOP om door de instellingen te bladeren. Bevestig elke instelling door op de KNOP of de toets te drukken.
Klokweergave
Draai aan de KNOP om de klok in te stellen. CLoc verschijnt op het display. Na bevestiging kunt u kiezen tussen de 12-uurs en 24-uurs klokweergave. Bevestig en stel vervolgens de klok/tijd in. Stel eerst de minuten in. Bevestig de ingevoerde waarde en stel vervolgens de uren in. Bevestig nogmaals de ingevoerde waarde.
Volume van het geluidssignaal
U kunt kiezen uit drie volumeniveaus voor de pieptonen. Draai aan de KNOP om naar de instelling VoL te gaan. Bevestig de instelling en stel het volume in. Er zijn vier beschikbare volumeniveaus (nul streepjes – UIT, één, twee of drie streepjes).
Displayverlichting
Kies tussen drie niveaus van lichtintensiteit van het display.Draai aan de KNOP om naar de instelling brht te gaan. Bevestig uw selectie en kies een lagere of hogere intensiteit. Er zijn drie beschikbare verlichtingsniveaus (één, twee of drie streepjes).
Display - nachtmodus
Deze functie dimt automatisch het display (overschakelen van hoog naar laag verlichtingsniveau) 's nachts (20:00 uur tot 06:00 uur). Ga naar de instelling nGht. Draai aan de KNOP om deze functie On of OFF te zetten.
Stand-by
Deze functie schakelt de klokweergave in of uit. Selecteer de instelling hidE. Draai aan de KNOP om de functie in of uit te schakelen.
Automatisch snel voorverwarmen
Met deze functie kunt u automatisch snel voorverwarmen toevoegen aan de bakstanden die dit toelaten.
Draai aan de KNOP om de instelling Auto te selecteren. Kies On of OFF.
Pagina 31
Sabbath
De Sabbath-functie maakt het mogelijk het voedsel in de oven warm te houden zonder de oven aan of uit te hoeven zetten.
Draai aan de KNOP om de instelling SAbb te selecteren. Kies On of OFF. Stel de duur (tussen 24 en 72 uur) en de temperatuur in. Bevestig elke instelling door op de KNOP te drukken.
Als u wilt dat de ovenverlichting de hele tijd brandt, schakelt u deze in door het symbool aan te raken.
Tik op de toets om het aftellen te starten. SAbb verschijnt op het display.
Alle geluiden en bedieningsfuncties worden gedeactiveerd, behalve de
toets .
INFORMATIE!
Bij stroomuitval wordt de sabbath-modus gedeactiveerd en keert de oven terug naar de oorspronkelijke staat.
Fabrieksinstellingen
Met deze functie kunt u het apparaat terugzetten naar de fabrieksinstellingen. FAct verschijnt op het display. Draai aan de KNOP om rES te selecteren. Druk op de toets tot het einde van de animatie om te bevestigen.
Waterhardheid
Draai aan de KNOP om te kiezen tussen vijf waterhardheidsniveaus. De standaardinstelling is niveau 5.
Whr 1 is het laagste waterhardheidsniveau. Whr 5 is het hoogste waterhardheidsniveau.
Het waterreservoir legen
Met deze functie kan na het bereiden van het voedsel het waterreservoir worden geleegd wanneer tijdens de bereiding gebruik is gemaakt van stoominjectie. Op het display wordt UnFiL weergegeven. Draai aan de knop om No te selecteren en bevestigen en de instelling te sluiten. Haal, als u het waterreservoir wilt legen, eerst het voedsel en de verdampingsplaat uit de oven. Plaats een universele diepe bakplaat op het vijfde roosterniveau. Selecteer en bevestig op het display YES. Het legen van het reservoir wordt gestart. Haal, zodra het proces is voltooid, de bakplaat met water uit de oven en veeg de oven droog.
Ontkalken
U kunt de ontkalkingsfunctie zelf activeren of de oven kan dit voorstellen na een bepaald aantal gebruikscycli van de functie voor stoominjectie. (Op het display wordt dEcL weergegeven.)
Draai aan de knop en selecteer YES als u de functie wilt inschakelen. U kunt de functie uitschakelen door OFF te selecteren (zie het hoofdstuk ‘Het stoomsysteem reinigen’).
Pagina 32
WAARSCHUWING!
Na een stroomuitval of nadat het apparaat is uitgeschakeld, blijven de instellingen van de extra functies nog enige minuten bewaard. Daarna worden alle instellingen, behalve het geluidssignaal en de displaydimmer, teruggezet naar de fabrieksinstellingen.
Pagina 33
Algemene tips en adviezen voor het bakken
- Haal tijdens het bakken alle overbodige apparatuur uit de oven
- Gebruik apparatuur van hittebestendige, niet-reflecterende materialen (meegeleverde bakplaten, schalen, geëmailleerd kookgerei, kookgerei van gehard glas). Felgekleurde materialen (roestvrij staal of aluminium) reflecteren warmte. Als gevolg hiervan is de thermische verwerking van voedsel daarin minder effectief.
- Plaats de bakplaten en schalen altijd tot het einde van de geleiders. Zet bij het bakken op het rooster de ovenschalen of bakplaten in het midden van het rooster.
- Voor een optimale voedselbereiding raden wij aan de richtlijnen in de bereidingstabel in acht te nemen. Kies de lagere gespecificeerde temperatuur en de kortste gespecificeerde bereidingstijd.
Als deze tijd is verstreken, controleert u de resultaten en past u de instellingen zo nodig aan.
- Open de ovendeur niet tijdens het bakken, tenzij het absoluut noodzakelijk is.
- Plaats de bakplaten niet rechtstreeks op de bodem van de oven.
- Bedek de bodem van de oven of het rooster niet met aluminiumfolie.
- Bij langere bakprogramma's kunt u de oven ongeveer 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitschakelen om gebruik te maken van de opgehoopte warmte.
- Plaats ovenschalen altijd op het rooster.
- Gebruik bij het koken volgens recepten uit oudere kookboeken het onderste en bovenste verwarmingssysteem (zoals in conventionele ovens) en stel de temperatuur 10 °C lager in dan aangegeven in het recept.
- Als u bakpapier gebruikt, zorg er dan voor dat het bestand is tegen hoge temperaturen. En knip het indien nodig bij. Bakpapier voorkomt dat het voedsel aan de bakplaat blijft kleven en maakt het gemakkelijker om het van de bakplaat te verwijderen.
- Bij het bakken/braden van grotere stukken vlees of ovengerechten met een hoger watergehalte, zal in de oven een grotere hoeveelheid stoom ontstaan. Dit is een normaal verschijnsel dat geen invloed heeft op de werking van het apparaat. Droog na het einde van het bakken/braden de deur en het glas van de deur goed af.
- Als u een gerecht direct op het rooster bakt, plaats dan de universele diepe bakplaat een niveau lager om als lekbak te dienen.
Snel voorverwarmen van de oven: Als u de functie voor snel voorverwarmen gebruikt, plaats het voedsel dan pas in de oven als de oven volledig is opgewarmd. Temperatuur heeft een grote invloed op het eindresultaat. Snel voorverwarmen wordt aanbevolen voor delicate stukken vlees (entrecote), en voor met gist gerezen deeg en deeg dat een kortere baktijd nodig heeft. Het verwarmen van een lege oven kost veel energie. Daarom raden we aan om, indien mogelijk, meerdere gerechten achter elkaar te bereiden, of meerdere gerechten tegelijk te bereiden.
GentleBake: zorgt voor langzaam en gecontroleerd garen bij een lage temperatuur. De vleessappen worden gelijkmatig verdeeld en het vlees blijft sappig en mals. De slowcooking-methode GentleBake is geschikt voor delicate stukken vlees zonder bot. Voor langzaam garen, schroei het vlees van alle kanten goed dicht in een koekenpan.
Pagina 34
Koken met een temperatuursonde ( BAKESENSOR)
(afhankelijk van het model)
De temperatuursonde zorgt voor een nauwkeurige controle van de kerntemperatuur van het voedsel tijdens het koken.
WAARSCHUWING!
De temperatuurvoeler mag zich niet in de directe nabijheid van de verwarmingselementen bevinden.
1 Steek het metalen uiteinde van de sonde in het dikste deel van het voedsel.
2 Steek de stekker van de sonde in de aansluiting die zich in de rechterbovenhoek aan de voorkant binnenin de oven bevindt (zie afbeelding). SEnS verschijnt op het display. Om de functie te activeren, draait u de KNOP naar de stand On. Volg dezelfde procedure om de functie te deactiveren. Selecteer OFF op het display.
OPMERKING: om het menu SEnS te openen, stopt u het huidige bereidingsproces en steekt u de sonde in de aansluiting. Wanneer u de sonde in de aansluiting steekt, worden de eerder gekozen of vooraf ingestelde functies op de oven gewist.
3 Selecteer het gewenste systeem en de gewenste bereidingstemperatuur (binnen het temperatuurbereik tot 210 °C). Op het display worden het sondesymbool en de vooraf ingestelde temperatuur weergegeven. Draai aan de KNOP om de temperatuur te wijzigen. Kies de gewenste eindkerntemperatuur van het gerecht (binnen het temperatuurbereik van 30 tot 99 °C).
OPMERKING: bij gebruik van de sonde is het instellen van de bereidingstijd niet mogelijk.
4 Bevestig de instelling door op de toets te drukken.
Pagina 35
5 Zodra de ingestelde kerntemperatuur is bereikt, wordt de oven uitgeschakeld. End verschijnt op het display. Er klinkt een geluidssignaal dat u kunt uitschakelen door een willekeurige toets aan te raken. Na één minuut wordt het geluidssignaal automatisch uitgeschakeld.
INFORMATIE!
Tijdens het bereidingsproces wisselen de ingestelde en huidige kerntemperatuur van het voedsel elkaar af op het display. U kunt tijdens het bereidingsproces de baktemperatuur of de beoogde kerntemperatuur van het voedsel wijzigen.
Correct gebruik van de sonde, per soort voedsel:
- gevogelte: steek de sonde in het dikste deel van de borst;
- rood vlees: steek de sonde in een mager deel dat niet doorregen is met vet;
- kleinere stukken met bot: steek de sonde in een stuk langs het bot;
- vis: steek de sonde achter de kop, richting de graat.
WAARSCHUWING!
Verwijder na gebruik de sonde voorzichtig uit het voedsel, haal de stekker uit de aansluiting in de oven en maak deze schoon.
Als SEnS op het display verschijnt wanneer de temperatuursonde niet is aangesloten, reinig dan de aansluiting. Probeer de temperatuursonde meerdere malen achter elkaar aan te sluiten en los te koppelen.
INFORMATIE!
Als u de sonde niet gebruikt, haal deze dan uit de oven.
Pagina 36
Aanbevolen gaarheidsniveaus voor verschillende soorten vlees
| rood | medium | medium | |||
| Eten | (rauw) | rare | medium | well | well done |
| RUNDVLEES | |||||
| rundvlees, gebraden | 46-48 | 48-52 | 53-58 | 59-65 | 68-73 |
| rundvlees, entrecote | 45-48 | 49-53 | 54-57 | 58-62 | 63-66 |
| rosbief/biefstuk | 45-48 | 49-53 | 54-57 | 58-62 | 63-66 |
| hamburgers | 49-52 | 54-57 | 60-63 | 66-68 | 71-74 |
| KALFSVLEES | |||||
| kalfsvlees, entrecote | 45-48 | 49-53 | 54-57 | 58-62 | 63-66 |
| kalfsvlees, romp VARKENSVLEES | 45-48 | 49-53 | 54-57 | 58-62 | 63-66 |
| braadstuk, nek | / | / | / | 65-70 | 75-85 |
| varkensvlees, lende | / | / | / | 60-69 | / |
| gehaktbrood | / | / | / | / | 80-85 |
| LAMSVLEES | |||||
| lamsvlees | / | 60-65 | 66-71 | 72-76 | 77-80 |
| SCHAPENVLEES | |||||
| schapenvlees | / | 60-65 | 66-71 | 72-76 | 77-80 |
| GEITENVLEES | |||||
| geitenvlees | / | 60-65 | 66-71 | 72-76 | 77-80 |
| GEVOGELTE | |||||
| gevogelte, heel | / | / | / | / | 82-90 |
| gevogelte, borst VIS EN ZEEVRUCHTEN | / | / | / | / | 62-65 |
| forel | / | / | / | 62-65 | / |
| tonijn | / | / | / | 55-60 | / |
| zalm | / | / | / | 52-55 | / |
Pagina 37
Reiniging en onderhoud
WAARSCHUWING!
Voordat u het apparaat schoonmaakt, moet u wachten totdat het apparaat is afgekoeld.
Reiniging en onderhoud mag niet worden uitgevoerd door kinderen zonder adequaat toezicht.
Om het reinigen te vergemakkelijken, zijn de binnenkant van de oven en de bakplaat bekleed met speciaal email voor een glad en vuilbestendig oppervlak.
Maak het apparaat regelmatig schoon en gebruik warm water en handafwasmiddel om vuil en kalkaanslag te verwijderen. Gebruik een schone zachte doek of spons.
Buitenkant van het apparaat: gebruik warm zeepsop en een zachte doek om vuil te verwijderen en veeg vervolgens de oppervlakken droog.
Binnenkant van het apparaat: gebruik voor hardnekkig vuil en aanslag een conventionele ovenreiniger. Als u dergelijke reinigingsmiddelen gebruikt, veeg het apparaat dan grondig af met een natte doek om alle reinigingsmiddelresten te verwijderen.
Accessoires en geleiders: reinigen met een heet sopje en een vochtige doek. Bij hardnekkig vuil raden wij aan de items te laten inweken en een borstel te gebruiken.
INFORMATIE!
Gebruik nooit agressieve of schurende reinigingsmiddelen en accessoires (schuursponsjes en oplosmiddelen, vlekken- en roestverwijderaars, schrapers voor keramische kookplaten).
De bakplaten en grillroosters zijn vaatwasserbestendig.
Voedselresten (vet, suiker, eiwit) kunnen tijdens het gebruik van het apparaat ontbranden. Verwijder daarom voor elk gebruik grotere stukken vuil uit de oven en van de accessoires.
Pagina 38
Reiniging van de oven met het programma Aqua Clean
Dit programma maakt het gemakkelijker om vlekken uit de binnenkant van de oven te verwijderen. De functie is het meest effectief bij regelmatig gebruik.
Voordat u het reinigingsprogramma uitvoert, moet u alle grote stukken vuil en voedselresten uit de oven verwijderen.
1 Plaats de ondiepe bakplaat in het eerste geleideniveau en giet er 0,4 liter heet water in.
2 Tik op de toets om extra functies op het display weer te geven. Draai de KNOP naar het symbool . De vooraf ingestelde waarden verschijnen op het display.
3 Het programma duurt 30 minuten. Als het programma klaar is, verschijnt End op het display.
4 Als het programma klaar is, verwijder dan voorzichtig de bakplaat met ovenwanten (er kan nog wat water in de bakplaat aanwezig zijn). Veeg eventuele vlekken weg met een vochtige doek en zeepsop. Veeg het apparaat grondig af met een natte doek om alle reinigingsmiddelresten te verwijderen.
WAARSCHUWING!
Gebruik het systeem Aqua Clean alleen als de oven geheel is afgekoeld.
Pagina 39
De verdampingsplaat reinigen
WAARSCHUWING!
Na gebruik kan de verdampingsplaat heet zijn en er kan nog wat water in zitten. Om verbranding te voorkomen, moet u wachten tot de oven volledig is afgekoeld.
Verwijder de plaat en reinig de verdampingsplaat met de hand met afwasmiddel of in de vaatwasser. Als er kalkaanslag op de plaat zit, laat deze dan weken in een kalkverwijderaar (gebruik de kalkverwijderaar volgens de aanwijzingen van de fabrikant) of in natuurazijn. Spoel de plaat na het reinigen en vóór het terugplaatsen grondig af.
1 De verdampingsplaat wordt in de rechterbovenhoek van het interieur van de oven gehangen, aan het verwarmingselement van de grill.
2 Pak de verdampingsplaat beet en trek deze uit de oven.
3 Reinig de verdampingsplaat met water en reinigingsmiddel.
4 Plaats, voordat u weer voedsel gaat bereiden met stoominjectie, de verdampingsplaat terug in de geleiders. Druk de plaat voorzichtig helemaal naar binnen.
OPMERKING: als de plaat niet wordt teruggeplaatst, druppelt er water op het voedsel tijdens het bakken met stoominjectie.
INFORMATIE!
Door de nabijheid van de verwarmingselementen kan de verdampingsplaat verkleuren. Dit heeft geen invloed op de werking of bruikbaarheid.
Pagina 40
Het stoomsysteem reinigen
De reiniging hangt af van hoe vaak u de stoominjectiefunctie gebruikt en van de hardheid van het gebruikte water.
- 1. Verwijder de verdampingsplaat.
- 2. Plaats de universele diepe bakplaat in het 5e (bovenste) geleidingsniveau zodat het water erin kan druppelen.
- 3. Kies in het menu met extra functies ontkalken (dEcL). Bevestig uw keuze door op de KNOP te drukken. Draai deze totdat Yes op het display verschijnt. Bevestig de selectie opnieuw door de KNOP ingedrukt te houden. Het ontkalkingsproces is gestart en kan niet worden beëindigd of geannuleerd.
- 4. Op het display verschijnt Fill. Voeg kalkverwijderaar toe aan het waterreservoir. Bevestig de instelling door de KNOP ingedrukt te houden.
- 5. Het apparaat wordt ontkalkt.
- 6. Wanneer het proces is voltooid, verschijnt het teken Fill weer op het display. Giet vers water in het waterreservoir om te spoelen. Bevestig de instelling door de KNOP ingedrukt te houden.
- 7. Na het spoelproces verschijnt End op het display.
- 8. Haal de bakplaat met water uit de oven en veeg de oven indien nodig droog.
INFORMATIE!
Als u het stoomsysteem niet wilt reinigen op het moment dat de oven dit voorstelt, kan deze melding worden genegeerd door OFF te selecteren. U kunt het ontkalkingsprogramma maximaal drie keer annuleren. Daarna schakelt de oven de werking van de stoomfunctie uit.
Verwijderen van de draadgeleiders en vaste uittrekbare (uitschuifbare) geleiders
A Pak het zijrooster aan de onderkant en trek het naar voren toe.
B Trek het zijrooster aan de bovenkant uit de openingen.
INFORMATIE!
Let er bij het uitnemen van de geleiders op dat u de emaillaag niet beschadigt.
Pagina 41
De ovendeur en ruit verwijderen en terugplaatsen
1 Doe de ovendeur eerst helemaal open.
2 De ovendeur is aan de scharnieren bevestigd met speciale steunen die ook veiligheidshendels bevatten. Draai de veiligheidshendels 90° naar de deur. Sluit de deur langzaam tot een hoek van 45° (ten opzichte van de positie van de volledig gesloten deur); til de deur vervolgens op en trek hem eruit.
De ruiten van de ovendeur kunnen aan de binnenkant worden gereinigd, maar moeten eerst uit de apparaatdeur worden verwijderd. Ga eerst te werk zoals beschreven onder punt 2, maar verwijder deze nog niet.
3 Verwijder de luchtgeleider. Houd deze met uw handen aan de linker- en rechterkant van de deur vast. Verwijder hem door hem lichtjes naar u toe te trekken.
4 Houd de ruit aan de bovenrand vast en verwijder deze. Doe hetzelfde voor de tweede en derde ruit (afhankelijk van het model).
5 Terugplaatsing van de ruit gebeurt in de omgekeerde volgorde.
INFORMATIE!
Terugplaatsen gaat in de omgekeerde volgorde. Controleer, als de deur niet goed opent of sluit, of de inkepingen van de scharnieren goed in de zittingen vallen.
WAARSCHUWING!
Het scharnier van de ovendeur kan met veel kracht sluiten. Draai daarom bij het plaatsen of verwijderen van de ovendeur altijd beide veiligheidshendels naar de steun toe.
Zacht sluiten en openen van de deur (soft close)
(afhankelijk van het model)
De ovendeur is uitgerust met een dempend systeem voor het sluiten van de deur. Het maakt een stil en zacht openen en sluiten van de deur mogelijk. Met een zachte druk (bij een hoek van 15° gezien vanuit de gesloten positie van de deur) gaat de ovendeur zachtjes dicht.
WAARSCHUWING!
Als er teveel kracht wordt uitgeoefend om de deur te sluiten, wordt het effect van het systeem verminderd of wordt het systeem om veiligheidsredenen omzeild.
Pagina 42
Vervanging van de lamp
De lamp is een verbruiksartikel en valt daarom niet onder de garantie. Verwijder alle accessoires uit de oven voordat u de lamp vervangt.
Halogeenlamp: G9, 230 V, 25 W
1 Schroef het deksel los en verwijder het (linksom). Verwijder de halogeenlamp.
2 Gebruik een plat plastic gereedschap om het deksel te verwijderen. Verwijder de halogeenlamp.
INFORMATIE!
Pas op dat u de emaillaag niet beschadigt. Gebruik bescherming om te voorkomen dat u zich verbrandt.
WAARSCHUWING!
Vervang de lamp alleen wanneer het apparaat is losgekoppeld van de netvoeding.
Pagina 43
Storingstabel
Bijzondere waarschuwingen en foutmelding
Binnen het garantietermijn mogen reparaties slechts worden uitgevoerd door een gemachtigde servicedienst.
Voor het begin van de reparatie moet het apparaat eerst van het lichtnet worden genomen door uitschakeling van de zekering of door de aansluitkabel uit het stopcontact te nemen.
Ongeoorloofde reparaties aan het apparaat kunnen leiden tot elektrische schokken en kortsluiting; voer deze daarom niet uit. Laat dergelijke werkzaamheden over aan een vakman of een onderhoudsmonteur.
Raadpleeg bij kleine problemen met de werking van het apparaat deze handleiding om te zien of u het probleem zelf kunt oplossen.
Als het apparaat niet naar behoren of helemaal niet werkt als gevolg van een onjuiste bediening of behandeling, is een bezoek van een onderhoudsmonteur niet gratis, zelfs niet tijdens de garantieperiode.
Bewaar de gebruiksaanwijzing voor toekomstig gebruik en geef deze door aan eventuele volgende eigenaren of gebruikers van het apparaat.
Hier onder vindt u enkele adviezen voor het verhelpen van storingen.
Storing/fout
De zekering in huis slaat meerdere malen door.
De ovenverlichting werkt niet.
De besturingseenheid reageert niet, het scherm is ‘bevroren’.
Foutcode ErrX wordt weergegeven. In geval van een dubbelcijferige foutcode, wordt ErXX weergegeven.
Op het scherm wordt SEnS weergegeven als de temperatuursonde niet is aangesloten.
Oorzaak
Bel een servicemonteur.
De procedure voor het vervangen van het lampje in de oven wordt beschreven in het hoofdstuk De lamp vervangen.
Koppel het apparaat enkele minuten los van de netvoeding (ontkoppel de zekering of schakel de hoofdschakelaar uit); sluit het apparaat vervolgens weer aan en schakel het in.
Er is een fout opgetreden in de werking van de elektronische module. Koppel het apparaat enkele minuten los van de netvoeding.
Als de fout nog steeds wordt aangegeven, bel dan een onderhoudsmonteur.
Reinig de aansluiting.
Probeer de temperatuursonde meerdere keren achter elkaar aan te sluiten en los te koppelen.
Als de problemen ondanks het opvolgen van het bovenstaande advies aanhouden, neem dan contact op met een bevoegde onderhoudstechnicus. Reparaties of garantieclaims als gevolg van onjuiste aansluiting of onjuist gebruik van het apparaat vallen niet onder de garantie. In dat geval zal de gebruiker de reparatiekosten zelf moeten betalen.
Pagina 44
Verwijdering
Voor de verpakking van de producten zijn milieuvriendelijke materialen gebruikt die zonder gevaar voor de omgeving gestort, vernietigd of opnieuw gebruikt (gerecycled) kunnen worden. Met dit doel zijn de verpakkingsmaterialen ook gemerkt.
Het symbool op het product of de verpakking geeft aan dat het product bij afdanking niet behandeld mag worden als gewoon huisafval. Het product moet afgevoerd worden naar een verzamelplaats voor de verwerking van elektrische en elektronische uitrusting.
Met de juiste wijze van afdanken van het apparaat helpt u mee mogelijke negatieve gevolgen en invloeden op het milieu en de menselijke gezondheid die kunnen optreden bij het onjuist afdanken van het product te voorkomen. Wend u zich voor meer gedetailleerde informatie over verwijdering en verwerking tot de officiële instantie, de gemeentelijke dienst of tot de winkel, waar u het product heeft gekocht.
Wij behouden ons het recht voor tot veranderingen en mogelijke fouten in deze gebruiksaanwijzingen.
Pagina 45
Kooktest
EN60350-1: Gebruik alleen apparatuur die door de fabrikant is geleverd.
Plaats de bakplaat altijd helemaal tot aan de eindpositie op de draadgeleider. Plaats gebak of cakes in bakvormen zoals weergegeven op de afbeelding.
* Verwarm het apparaat voor tot de gewenste temperatuur. Gebruik niet de snelle voorverwarmstand.
** Verwarm het apparaat gedurende 10 minuten voor. Gebruik niet de snelle voorverwarmstand.
*** Omdraaien na 2/3 van de bereidingstijd.
vorm plaatsing
| BAKKEN | ||||
| Gerecht | Uitrusting | |||
| biscuits/koekjes – één | ||||
| rooster biscuits/koekjes – één | ondiepe bakplaat | 3 | 150 | 25-40 |
| rooster koekjes - twee | ondiepe bakplaat | 3 | 135 ** | 35-50 |
| roosters/niveaus koekjes - drie | ondiepe bakplaat | 2, 4 | 140 ** | 25-40 |
| roosters/niveaus cupcakes – één | ondiepe bakplaat | 1, 4, 5 | 135 | 45-60 |
| rooster cupcakes – één | ondiepe bakplaat | 3 | 160-170 ** | 20-30 |
| rooster cupcakes – twee | ondiepe bakplaat | 3 | 155 ** | 20-30 |
| roosters/niveaus cupcakes - drie | ondiepe bakplaat | 1,5 | 140 ** | 30-45 |
| roosters/niveaus | ondiepe bakplaat | 1, 3, 5 | 140-150 | 30-50 |
| ronde metalen vorm, | ||||
| Biscuit taart | diameter 26 cm/rooster ronde metalen vorm, | 2 | 150 | 45-55 |
| Biscuit taart | diameter 26 cm/rooster | 2 | 160 | 45-55 |
| 2× ronde metalen | ||||
| biscuitgebak – twee | ||||
| roosters/niveaus | vorm, diameter 26 cm/rooster | 2, 4 | 170 * | 45-55 |
| 2× ronde metalen | ||||
| appeltaart | vorm, diameter 20 cm/rooster | 2 | 160 ** | 70-120 |
| 2× ronde metalen | ||||
| appeltaart | vorm, diameter 20 cm/rooster | 2 | 160 | 70-120 |
| BRADEN | ||||
| geroosterd brood | rooster | 5 | max | 4-7 |