naslaan.comZoekenAlle merken

Neff B15M74C1, tekst van de handleiding

Pagina's 12–21 van 24 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 2–11

Pagina 12

Braden

In dit hoofdstuk vindt u informatie over

ã=Kans op letsel door gebruik van niet hittebestendige schalen!

Gebruik alleen braadvormen die speciaal voor de oven bestemd zijn.

Bij het braden met CircoTherm® hetelucht 3 inschuifhoogte 2 niet gebruiken. Dit heeft invloed op de luchtcirculatie, met als gevolg een slechter braadresultaat.

Open braden

Voor het open braden wordt een vorm zonder deksel gebruikt.

Keer het vlees bij het braden met boven- en onderwarmte om nadat ca. de helft of twee derde van de braadtijd verstreken is.

Bakken in de braadslede

Tijdens het braden in de braadslede ontstaat braadsap. Dit braadsap kunt u als basis voor een smakelijke saus gebruiken.

Blus het vleessap met heet water, bouillon, wijn of iets dergelijks. Breng het aan de kook, bind het met maïzena, maak het op smaak af en giet het zo nodig door een zeef.

Bij het braden in de braadslede kunt u ook bijgerechten (bijv. groenten) mee laten garen.

Bij kleinere stukken vlees kunt u in plaats van de braadslede een kleinere braadvorm gebruiken. Plaats deze direct op het rooster.

Braden in de braadslede met gebogen rooster

Leg het gebogen rooster in de braadslede en schuif deze samen in op dezelfde inschuifhoogte.

Doe voor vet vlees en gevogelte al naargelang de grootte en het soort vlees tot ¼ liter water in de braadslede.

Tijdens het braden verdampt de vloeistof in de braadvorm. Voeg zo nodig wat hete vloeistof toe.

Braden in de braadslede met braadplaat

De braadplaat gaat vervuiling in de binnenruimte tegen. Leg de braadplaat in de braadslede en plaats ze samen op dezelfde inschuifhoogte.

Afdruipend sap en braadvocht worden opgevangen in de braadslede.

Gesloten braden

Voor het gesloten braden wordt een braadvorm met deksel gebruikt. Gesloten braden is zeer geschikt voor stoofgerechten.

Leg het vlees in het braadgerei. Voeg er voor het braadsap water, wijn, azijn of iets dergelijks aan toe. Dek het braadgerei met de bijbehorende deksel af en plaats het in de binnenruimte.

Tijdens het braden verdampt de vloeistof in de braadvorm. Voeg zo nodig wat hete vloeistof toe.

Braadtabel

De braadtijd en temperatuur zijn afhankelijk van de grootte, de hoogte, de kwaliteit en het soort vlees.

In het algemeen geldt: Hoe groter het braadstuk, des te lager de temperatuur en des te langer de braadduur.

Bestrijk mager vlees naar wens met vet of leg er reepjes spek op.

De opgaven in de tabel zijn richtwaarden en gelden voor het braden zonder deksel. De waarden kunnen variëren, afhankelijk van het soort en de hoeveelheid vlees en de braadvorm.

Stel de eerste keer de laagste opgegeven temperatuur in. In principe levert de laagste temperatuur de meest gelijkmatige bruining op.

Laat het vlees na afloop van de braadtijd nog ca. 10 minuten rusten in de uitgeschakelde, gesloten binnenruimte. Bij de opgegeven braadtijd is de aanbevolen rusttijd niet inbegrepen.

De opgaven in de tabel gelden voor het inschuiven in de onverwarmde oven en voor vlees dat direct uit de koelkast komt.

CircoTherm® Boven- en

Vleeshetelucht 3
Inschuifho Temperatuu ogte r in °C
Braadtijd in minutenonderwarmte Inschuifho Temperatuu ogte r in °C
Gehakt van 500 g vlees1 170 - 18060 - 702 200 - 210
Varkensvlees
Casselerrib1 160 - 17070 - 802 190 - 210
Filet, medium (400 g)1 170 - 18030 - 453 200 - 230
Braadstuk met zwoerd (1,5 kg)1 160 - 170120 - 1502 200 - 220
Braadstuk met zwoerd (2,5 kg)1 160 - 170150 - 1802 190 - 210
Braadstuk, doorregen, zonder zwoerd, bijv. nek (1,5 kg)1 160 - 170100 - 1302 190 - 210
Braadstuk, doorregen, zonder zwoerd, bijv. nek (2,5 kg)1 160 - 170120 - 1502 180 - 200
Braadstuk mager (1 kg)1 170 - 18070 - 902 180 - 200
Braadstuk mager (2 kg)1 170 - 18080 - 1002 180 - 200
Rundvlees
Filet, medium (1 kg)1 180 - 19045 - 652 200 - 220
Rosbief, rosé (1,5 kg)1 180 - 19030 - 452 200 - 220
Stoofvlees (1,5 kg)**1 170 - 180120 - 1502 200 - 220

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)

* Oven voorverwarmen

** Stoofvlees gesloten braden

*** bij een hoog gerecht inschuifhoogte 1 gebruiken

Pagina 13

CircoTherm® Boven- en hetelucht 3 onderwarmte Vlees Inschuifho Temperatuu Braadtijd in Inschuifho Temperatuu ogte r in °C minuten ogte r in °C

Stoofvlees (2,5 kg)**1170 - 180150 - 1802190 - 210
Kalfsvlees
Kalfsvlees/­borst (1,5 kg)1160 - 17090 - 1202180 - 200
Kalfsvlees/­borst (2,5 kg)1160 - 170120 - 1502170 - 190
Schenkel1160 - 170100 - 1302190 - 210
Lamsvlees
Bout zonder been1180 - 19070 - 1102200 - 220
Rug met been1180 - 190*40 - 502200 - 220*
Rug zonder been1180 - 190*30 - 402200 - 220*
Gevogelte
Kip, heel (1 kg)1170 - 18060 - 702200 - 220
Eend, heel (2 ­ 3 kg)1150 - 16090 - 1202190 - 210
Gans, heel (3 ­ 4 kg)1150 - 160130 - 1802***180 - 200
Wild
Reevlees/­bout zonder been (1,5 kg)1160 - 17090 - 1202190 - 210
Wild zwijn (1,5 kg)1160 - 170120 - 1402190 - 210
Hertenvlees (1,5 kg)1160 - 170100 - 1202190 - 210
Konijn1160 - 17070 - 802180 - 200
Vis
Vis, heel (300 g)1160 - 17030 - 402180 - 200
Vis, heel (700 g)1160 - 17040 - 502180 - 200

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)

* Oven voorverwarmen

** Stoofvlees gesloten braden

*** bij een hoog gerecht inschuifhoogte 1 gebruiken

Tips en trucs

Korst te dik en/of vlees te droog Houd een lagere temperatuur of een kortere braadtijd aan.

Controleer de inschuifhoogte.

Korst te dunVerhoog de temperatuur of schakel na afloop van de braadtijd de grill even in.
Het vlees is van binnen niet gaarNeem de toebehoren die niet nodig zijn uit de binnenruimte.
Houd langere braadtijden aan.
Controleer met behulp van een vleesthermometer de kerntemperatuur van het vlees.
Waterdamp in de binnenruimte slaat neer op de apparaatdeurWanneer het apparaat aan is, verdwijnt de waterdamp geleidelijk. Bij zeer veel waterdamp kunt u kort en voorzichtig de apparaatdeur openen, zodat hij sneller verdwijnt.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)

Grillen

In dit hoofdstuk vindt u informatie over

Attentie!

Beschadiging van keukenmeubels door het grillen bij open apparaatdeur: Aangrenzende meubels worden door grote hitte beschadigd. Laat de apparaatdeur dicht tijdens het grillen.

Aanwijzingen

Pagina 14

Thermogrillen

De functie Thermogrillen 4 is zeer geschikt voor gevogelte of vlees (bijv. gebraden varkensvlees met zwoerd), dat knapperig gegrild moet worden.

Keer groot gevogelte na ca. de helft tot twee derde van de grilltijd om.

Steek bij eend en gans het vel onder de vleugels en bouten vast, zodat het vet er goed uit kan braden.

Bij thermogrillen op het rooster kan al naargelang het te grillen gerecht de binnenruimte sterker vervuild raken. Maak de binnenruimte na gebruik daarom altijd schoon, zodat het vuil niet inbrandt.

De gegevens in de tabel zijn richtwaarden, die gelden voor de geëmailleerde braadslede met rooster. De waarden kunnen al naargelang het soort en de hoeveelheid gerechten variëren.

Stel de eerste keer de laagste opgegeven temperatuur in. In principe levert de laagste temperatuur de meest gelijkmatige bruining op.

Laat de gerechten van de grill aan het einde nog ca.

10 minuten rusten in de uitgeschakelde, gesloten oven. Bij de opgegeven grilltijd is de aanbevolen rusttijd niet inbegrepen.

De opgaven gelden voor het inschuiven in de onverwarmde oven en voor vlees dat direct uit de koelkast komt.

Gerechten van de grillInschuifhoogteTemperatuur in °CGrilltijd in minuten
Rosbief, medium (1,5 kg)2220 - 24040 - 50
Lamsbout zonder been, medium2170 - 190120 - 150
Varkensvlees
Gebraden varkensvlees met zwoerd2170 - 190140 - 160
Varkensschenkel2180 - 200120 - 150
Gevogelte (ongevuld)
Halve kippen (1 - 2 stuks)2210 - 23040 - 50
Kip, heel (1 - 2 stuks)2200 - 22060 - 80
Eend, heel (2 - 3 kg)2180 - 20090 - 120
Eendenborst3230 - 25030 - 45
Gans, heel (3 - 4 kg)1150 - 170130 - 160
Ganzenborst2160 - 18080 - 100
Ganzenbout2180 - 20050 - 80

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)

Vlakgrillen

Gebruik voor grote hoeveelheden platte gerechten de grill groot (Afbeelding A).

Gebruik voor kleine hoeveelheden platte gerechten de grill klein . Zet de gerechten midden op het rooster (Afbeelding B). Door het gebruik van de kleine vlakgrill spaart u energie.

( )

U kunt het grillresultaat beïnvloeden door het rooster of de positie van het rooster te veranderen:

Positie van Gebruik het rooster

Tabel Grill, groot

Bestrijk de gerechten naar wens licht met olie.

Keer de gerechten van de grill na ca. de helft tot twee derde van de grilltijd om.

De opgaven in de tabel zijn richtwaarden. De waarden kunnen al naargelang het soort en de hoeveelheid gerechten variëren. Ze gelden voor het inschuiven in de onverwarmde oven en voor vlees dat direct uit de koelkast komt.

Gerechten van de grillInschuifhoogteTemperatuur in °CGrilltijd in minutenAanwijzingen
Toast met bedekking322010 - 15De inschuifhoogte is afhankelijk van de hoogte van het beleg
Groente427015 - 20
Worsten425010 - 14Licht insnijden
Varkensvlees
Filetsteaks, medium (3 cm dik)427012 - 15Via de positie van het rooster kan het bereidingsresultaat naar wens beïnvloed worden
Steak, doorbakken (2 cm dik)427015 - 20
Rundvlees
Filetsteaks (3 - 4 cm dik)427015 - 20Met het oog op het gewenste resultaat kunnen grilltijden verkort of verlengd worden.
Tournedos427012 - 15
Lamsvlees
Filets42708 - 12Met het oog op het gewenste resultaat kunnen
Koteletten427010 - 15grilltijden verkort of verlengd worden.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)

Pagina 15

Gerechten van de grill Inschuif- Temperatuur Grilltijd in Aanwijzingen hoogte in °C minuten

Gevogelte
Kippenbouten 3 250 25 - 30Door gaatjes te prikken in het vel kan de vorming van belletjes bij het grillen voorkomen worden
Kleine stukken kip 3 250 25 - 30
Vis
Steaks 4 220 15 - 20De stukken moeten even dik zijn
Koteletten 4 220 15 - 20
Hele vis 3 220 20 - 25
Tabel Grill, klein
De opgaven in de tabel zijn richtwaarden. De waarden kunnen Ze gelden voor het inschuiven in de onverwarmde oven en voor al naargelang het soort en de hoeveelheid gerechten variëren. vlees dat direct uit de koelkast komt.
Gerechten van de grill Inschuif- Temperatuur Grilltijd in hoogte in °C minutenAanwijzingen
Toast met bedekking 3 220 12 - 18De inschuifhoogte is afhankelijk van de hoogte van het beleg
Groente 4 270 15 - 20
Worsten 4 250 12 - 16Licht insnijden
Gevogelte
Kippenbouten 3 250 35 - 4535 - 45Door gaatjes te prikken in het vel kan de vorming van belletjes bij het grillen voorkomen worden
Kleine stukken kip 3 250 30 - 40
Vis
Steaks 4 230 15 - 20De stukken moeten even dik zijn
Koteletten 4 230 15 - 20
Hele vis 3 230 20 - 25

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)

Ontdooien

In dit hoofdstuk leest u

Ontdooien met CircoTherm® hetelucht

Gebruik voor het ontdooien en garen van diepvriesproducten CircoTherm® hetelucht 3.

Aanwijzingen

DiepvriesgerechtTemperatuur in °COntdooitijd in minuten
Rauwe diepvriesproducten/ diepvrieslevensmiddelen5030 - 90
Brood/broodjes (750 - 1500 g)5030 - 60
Droog diepvriesplaatgebak6045 - 60
Vochtig diepvriesplaatgebak5050 - 70

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)

Ontdooistand

Met de functie Ontdooistand kunt u bijzonder goed gevoelig gebak (bijv. slagroomtaart) ontdooien.

Bij kleine hoeveelheden (stukjes) wordt de ontdooitijd 15 ­ 20 minuten en de rusttijd 10 ­ 15 minuten korter.

Pagina 16

Inmaken

ã=Risico van letsel!

Inmaakpotten van levensmiddelen die op een verkeerde manier zijn ingemaakt kunnen barsten. Neem de volgende aanwijzingen in acht:

In de binnenruimte kunt u de inhoud van maximaal zes inmaakpotten van ½, 1 of 1½ liter tegelijkertijd met CircoTherm® hetelucht 3 inmaken.

Aanwijzingen

Fruit voorbereiden

Op één liter water:

Groente voorbereiden

Inmaakpotten afsluiten

Inmaken starten

Inmaken beëindigen

Bij fruit, augurken en tomatenpuree:

Bij groente:

Inmaakpotten verwijderen

Reiniging en onderhoud

In dit hoofdstuk vindt u informatie over

ã=Risico van kortsluiting!

Gebruik geen hogedrukreiniger of stoomstraalapparaat om uw apparaat schoon te maken.

Attentie!

Schade aan het oppervlak door verkeerde reiniging: Gebruik geen

Houd u aan de opgaven in de tabellen.

Aanwijzing: Via de klantenservice kunt u bijzonder aanbevelenswaardige schoonmaak- en onderhoudsmiddelen betrekken. Neem de betreffende aanwijzingen van de fabrikant in acht.

Pagina 17

Het apparaat van buiten reinigen

Apparaatonderdeel/oppervlakReinigingsmiddel/­hulp
Roestvrijstalen oppervlakkenIn de handel gebruikelijk schoonmaakmiddel met een zachte, vochtige doek of zeem opbrengen; met een zachte doek nadrogen.
Gebruik bij sterke vervuiling een reinigingsmiddel voor gematteerd roestvrij staal.
Gelakte oppervlakkenIn de handel gebruikelijk schoonmaakmiddel met een zachte, vochtige doek of zeem opbrengen; met een zachte doek nadrogen.
BedieningspaneelIn de handel gebruikelijk schoonmaakmiddel met een zachte, vochtige doek of zeem opbrengen; met een zachte doek nadrogen.
Geen glasreiniger of schraper gebruiken.
Ruiten van de deurIn de handel gebruikelijk glasreinigings- of schoonmaakmiddel met een zachte, vochtige doek of zeem opbrengen; met een zachte doek nadrogen.
Om de temperatuur omlaag te brengen zit op de ruit aan de binnenkant van de deur een coating waarmee de warmte wordt gereflecteerd. Het zicht door de deur wordt hierdoor niet beïnvloed. Wanneer de deur van het apparaat geopend is, kan deze coating een zeer helle weerschijn hebben. Dit is normaal en doet geen afbreuk aan de kwaliteit.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

Binnenruimte reinigen

Attentie!

Schade aan het oppervlak! Maak geen gebruik van speciaal voor ovens bestemde schoonmaakmiddelen.

Aanwijzingen

ApparaatonderdeelReinigingsmiddel/­hulp
Oppervlakken van email (glad oppervlak)Om het schoonmaken te vergemakkelijken kunt u de verlichting van de binnenruimte inschakelen en eventueel de deur verwijderen.
In de handel gebruikelijk schoonmaakmiddel of azijnwater met een zachte, vochtige doek of zeem opbrengen; met een zachte doek nadrogen.
Neem ingebrande voedselresten af met een vochtige doek en schoonmaakmiddel. Bij sterke vervuiling adviseren wij het gebruik van een ovenreiniger in gelvorm. Deze kan secuur worden aangebracht.
De binnenruimte na het schoonmaken openlaten om te drogen.
Zelfreinigende oppervlakken (ruw oppervlak)Houd u aan de aanwijzingen in het hoofdstuk: Zelfreinigende oppervlakken
DeurdichtingWarm zeepsop
Inhangrooster/TelescooprailWarm zeepsop
ToebehorenIn heet zeepsop weken, reinigen met borstel en schoonmaaksponsje of in de vaatwasmachine.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

Vervuiling vermijden

Om vervuiling van de binnenruimte te voorkomen, dient u

Zelfreinigende oppervlakken

De achterwand in de binnenruimte is voorzien van een laagje zelfreinigend email. Spetters die ontstaan bij het bakken en braden worden hiervan tijdens het gebruik van de oven opgezogen en afgebroken.

Grotere spetters verdwijnen pas nadat de oven meerdere keren gebruikt is.

Verkleuringen op de achterwand hebben geen invloed op de zelfreinigende functie.

Attentie!

Oppervlakteschade op de zelfreinigende oppervlakken door het opbrengen van een ovenreiniger. Behandel de zelfreinigende oppervlakken nooit met ovenreiniger. Komt er per ongeluk ovenreiniger op de zelfreinigende oppervlakken, verwijder deze dan direct met een spons en voldoende water.

Attentie!

Oppervlakteschade op de zelfreinigende oppervlakken door het gebruik van schurende en zuurhoudende reinigingsmiddelen en -hulpen!

Gebruik geen reinigingsmiddelen die schurende stoffen of zuren bevatten.

Gebruik geen schurende reinigingshulpen zoals bijv. staalwol of schuursponsjes.

Pagina 18

EasyClean®

Om het schoonmaken van de binnenruimte gemakkelijker voor u te maken, is uw apparaat voorzien van de reinigingshulp EasyClean® . Door een automatisch gestuurde verdamping van zeepsop lossen de vuilresten op en kunnen vervolgens gemakkelijker worden verwijderd.

Bij sterkere vervuiling kunt u

Voorbereiden en inschakelen

EasyClean® start alleen wanneer de binnenruimte afgekoeld is.

ã=Risico van brand en beschadiging van oppervlakken!

Nooit water in de hete binnenruimte gieten. Er ontstaat waterdamp en als gevolg van de plotselinge temperatuursverandering kan het email beschadigd raken.

De indicatielampjes en branden.

Na ca. 4 minuten gaat het indicatielampje uit. EasyClean® is na nog 17 minuten beëindigd. Er klinkt een signaal.

( )

Nareinigen en uitschakelen

Laat het restwater niet lange tijd in de binnenruimte staan (bijv. 's nachts).

Aanwijzing: Nog aanwezige, hardnekkige resten kunt u verwijderen met een schraper voor glaskeramiek.

Sneldrogen

Apparaatdeur verwijderen en inbrengen

Om gemakkelijker schoon te maken kunt u de apparaatdeur verwijderen.

ã=Risico van letsel!

De scharnieren van de apparaatdeur kunnen met grote kracht terugklappen. Klap de blokkeerhendels van de scharnieren om de deur te kunnen verwijderen altijd helemaal open en na het inbrengen weer helemaal dicht. Kom niet met uw handen aan het scharnier.

ã=Risico van letsel!

Hangt de apparaatdeur er aan één kant uit, kom dan niet met uw handen aan het scharnier. Het scharnier kan met grote kracht terugklappen. Neem contact op met de klantenservice.

Apparaatdeur verwijderen

De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen.

( )

Apparaatdeur inbrengen

De keep van beide scharnieren moet inklikken.

De apparaatdeur is beveiligd en kan niet meer worden verwijderd.

Pagina 19

Ruiten van de deur schoonmaken

Om ze gemakkelijker schoon te maken kunt u de ruiten van de apparaatdeur afnemen.

ã=Risico van letsel!

De componenten van de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben. Hierdoor kunt u snijwonden oplopen. Draag veiligheidshandschoenen.

ã=Risico van letsel!

Gebruik het apparaat pas weer wanneer de ruiten en de apparaatdeur naar behoren zijn aangebracht.

Deurruit verwijderen

Middelste ruit verwijderen

Let er voordat u de ruit verwijdert op in welke positie de middelste ruit is ingebracht, zodat u hem later niet verkeerd inbrengt.

De middelste ruit wordt er naar boven toe uitgehaald.

Reinigen

Reinig de deurruiten met glasreiniger en een zachte doek.

Attentie!

Gebruik geen scherpe of schurende middelen en geen schraper. Het glas kan hierdoor beschadigd raken.

Middelste ruit inbrengen

Deurruit inbrengen

Plafond van de binnenruimte reinigen

Om het plafond van de binnenruimte eenvoudig en snel te reinigen kunt u het grillelement naar beneden klappen. ã=Risico van verbranding door hete onderdelen in de binnenruimte!

Wacht tot de binnenruimte afgekoeld is.

( )

Pagina 20

Inhangroosters reinigen

U kunt de inhangroosters verwijderen om ze gemakkelijker schoon te maken.

ã=Risico van verbranding door hete onderdelen in de binnenruimte!

Wacht tot de binnenruimte afgekoeld is.

()
"$
$"

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)

ã=Risico van verbranding door hete onderdelen in de binnenruimte!

Wacht tot de binnenruimte afgekoeld is.

Telescooprails verwijderen

(

"

$

)

Telescooprails schoonmaken

Telescooprails met afwasmiddel en spons of een borstel schoonmaken.

Telescooprails schoonmaken

U kunt de telescooprails verwijderen om ze gemakkelijker schoon te maken.

Telescooprails inbrengen

Storingen en reparaties

Er hoeft niet altijd contact te worden opgenomen met de klantenservice. In veel gevallen kunt u zelf voor een oplossing zorgen. In de volgende tabel staan een paar tips om storingen op te lossen.

ã=Kans op een elektrische schok!

StoringMogelijke oorzaakOplossing
Elektrische functie vertoont een storing (bijv. indicatielampjes branden niet meer)Zekering defect.Zekeringen in de meterkast controleren, eventueel vervangen.
Vloeistof of dunvloeibaar deeg wordt zeer eenzijdig verdeeldApparaat niet waterpas ingebouwdInbouw van het apparaat controleren (zie installatievoorschrift)
Op het klokdisplay knippert :Stroomtoevoer is onderbrokenTijd opnieuw instellen (zie het hoofdstuk: Elektronische klok)
Elektronisch gestuurde functies vertonen een storingEnergetische impulsen (bijv. blikseminslag)Betreffende functie opnieuw instellen
Bij het braden of grillen ontstaat een walmVet op het grillelement verbrandtVerder grillen of braden tot het vet op het grillelement verbrand is
Rooster of braadslede verkeerd ingeschoven.Rooster in de braadslede leggen en samen op een lagere inschuifhoogte plaatsen.
In de binnenruimte treedt meer condenswater opNormaal verschijnsel (bijv. bij gebak met zeer vochtige vulling of een groot braadstuk)Apparaatdeur tijdens het gebruik af en toe kort openen
Geëmailleerde toebehoren vertonen matte, lichte vlekkenNormaal verschijnsel door afdruipend vlees- of vruchtensapNiet mogelijk
Deurruiten zijn beslagenNormaal verschijnsel, dat ontstaat door temperatuurverschillenApparaat bij 100 °C opwarmen en na 5 minuten weer uitschakelen

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)

Pagina 21

Ovenlamp vervangen

Een defecte ovenlamp dient te worden vervangen.

Reservelampen kunt u krijgen bij de klantenservice of uw speciaalzaak: E14, 220 - 240 V, 40 W, hittebestendig tot 300 °C. Gebruik uitsluitend originele ovenlampen.

ã=Kans op een elektrische schok!

Maak het apparaat stroomloos. Activeer de zekeringsautomaat of draai de zekering van de meterkast van uw woning eruit.

Aanwijzing: Gebruik rubberhandschoenen wanneer de glazen afscherming er niet afgedraaid kan worden. Of bestel een demontagehulp bij de klantendienst (Bestelnr. 613634).

Deurdichting vervangen

Is de deurdichting defect, dan moet deze worden vervangen. Vervangende afdichtingen zijn verkrijgbaar bij de klantenservice.

De deurdichting is op vier punten bevestigd (Afbeelding A). Om de dichting te vervangen de haken op alle vier de plaatsen losmaken resp. bevestigen (Afbeelding B).

( )

De bevestiging van de dichting vooral in de hoeken nog eens controleren.

Servicedienst

Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u klaar. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om onnodig bezoek van een technicus te voorkomen.

E­nummer en FD­nummer

Geef aan de klantenservice altijd het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat op, zodat wij u goed van dienst kunnen zijn. Het typeplaatje met de nummers vindt u rechts, aan de zijkant van de ovendeur. Om niet te lang te hoeven zoeken wanneer u de klantenservice nodig heeft, kunt u hier direct de gegevens van uw apparaat en het telefoonnummer van de servicedienst invullen.

E­nr. FD-nr.

Servicedienst

Let erop dat het bezoek van een technicus van de servicedienst in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de garantietijd kosten met zich meebrengt.

De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.

Verzoek om reparatie en advies bij storingen NL 088 424 4040

Vertrouw op de competentie van de producent. Zo bent u er zeker van dat de reparatie wordt uitgevoerd door geschoolde onderhoudstechnici, die beschikken over de originele onderdelen voor uw huishoudelijke apparaten.

← pagina's 2–11Inhoud