Neff B57CS22G1, tekst van de handleiding
Pagina's 15–30 van 40 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–14verder op pagina 31 →
Pagina 15
Sabbatinstelling nl
11.4 Powerboost activeren
- 1. De gerechten op één niveau in de binnenruimte plaatsen.
- 2. CircoTherm hete lucht of broodbakstand en een temperatuur vanaf 100 °C instellen.
- 3. Start de werking .
- De toets is verlicht.
- 4. De PowerBoost met de toets activeren.
- Op het display verschijnt .
- Als de ingestelde temperatuur is bereikt, schakelt de PowerBoost automatisch uit en er klinkt een signaal. In het display dooft .
11.5 PowerBoost deactiveren
- De PowerBoost met de toets vroegtijdig deactiveren.
12 Sabbatinstelling
Met de sabbatinstelling kunt u een tijdsduur tot 74 uur instellen. Gerechten kunnen tussen 85 °C en 140 °C met boven- en onderwarmte worden warmgehouden zonder dat u het apparaat hoeft in of uit te schakelen.
12.1 Sabbatfunctie starten
Opmerkingen
- Wanneer u de apparaatdeur tijdens gebruik opent, houdt het apparaat op met verwarmen. Wanneer u de apparaatdeur sluit, verwarmt het apparaat verder.
- Nadat u de werking hebt gestart, kunt u de instellingen niet veranderen of de werking onderbreken.
Vereiste: De sabbatfunctie is in de basisinstellingen in de favorieten geactiveerd.
→ "Basisinstellingen", Pagina 15
- 1. Schakel het apparaat in met .
- 2. "Sabbatfunctie" met of selecteren.
- 3. Navigeer met naar de volgende regel.
- 4. Kies de temperatuur met of .
- 5. Navigeer met naar de volgende regel.
- 6. Kies de tijdsduur met of .
- 7. Start de sabbatfunctie met .
- Op het display verschijnt de tijdsduur. De tijdsduur loopt af.
- 8. Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. Op het display verschijnt een aanwijzing, dat de werking is beëindigd. Het apparaat houdt op met verwarmen en reageert weer zoals buiten de sabbatfunctie gebruikelijk is.
‒ Schakel het apparaat uit met .
Na ca. 10 tot 20 minuten schakelt het apparaat automatisch uit.
12.2 Sabbatfunctie afbreken
- De sabbatfunctie met afbreken.
13 Basisinstellingen
U kunt uw apparaat instellen volgens uw behoeften.
13.1 Overzicht van de basisinstellingen
Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksinstellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat.
| Basisinstelling | Keuze |
|---|---|
| Taal | Zie keuze op het apparaat |
| Tijd | 0:00 - 23:59 |
| Datum | Dag, maand en jaar |
| Favorieten → "Favorieten wijzigen", Pagina 16 | Verwarmingsmethoden vastleggen die in het menu "Verwarmingsmethoden" verschijnen |
| Geluidssignaal | • Korte duur • Gemiddelde duur • Lange duur |
| Toetssignaal | • Uitgeschakeld (uitgezonderd ) • Ingeschakeld |
| Helderheid display | 5 standen |
| Tijdsweergave | • Digitaal • Uit |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
| Basisinstelling | Keuze |
|---|---|
| Verlichting | • In gebruik aan • In gebruik uit |
| Kinderslot | • Alleen toets-blokkering • Deurvergendeling en toetsblokkering |
| Automatisch kinderslot | • Gedeactiveerd • Geactiveerd |
| Werking na inschakelen | • Hoofdmenu • Verwarmingsmethoden • Bak- en braadassistent |
| Nachtverduistering | • Uitgeschakeld • Ingeschakeld (display verduisterd tussen 22:00 en 5:59 uur) |
| Merklogo | • Weergeven • Niet weergeven |
| Nalooptijd ventilator | • Aanbevolen • Minimaal |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
Pagina 16
nl Reiniging en onderhoud
| Basisinstelling | Keuze |
|---|---|
| Uittreksysteem¹ | • Niet achteraf aangebracht (rekje of 1-voudig uittreksysteem) • Achteraf aangebracht (2‑ of 3‑voudig uittreksysteem) |
| Fabrieksinstellingen | Resetten |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
13.2 MyProfile wijzigen
- 1. Schakel het apparaat in met .
- 2. Druk op .
- 3. "MyProfile" met of selecteren.
- 4. Naar de volgende regel met navigeren.
- 5. De instelling met of selecteren.
- 6. Naar de volgende regel met navigeren.
- 7. De instelling met of wijzigen.
- 8. Druk op .
- 9. Om de instellingen op te slaan, met "opslaan" selecteren.
‒ Om de instellingen te verwerpen, met "verwerpen" selecteren.
13.3 Favorieten wijzigen
In de favorieten kunt u vastleggen welke verwarmingsmethoden in het menu verwarmingsmethoden verschijnen.
Opmerking:
Sommige verwarmingsmethoden kunt u niet deactiveren:
- CircoTherm hetelucht
- Thermogrillen
- Grill, groot
- 1. Schakel het apparaat in met .
- 2. Druk op .
- 3. "MyProfile" met of selecteren.
- 4. Naar de volgende regel met navigeren.
- 5. "Favorieten" met of selecteren.
- 6. "Favorieten vastleggen" met selecteren.
- 7. Kies de verwarmingsmethode met of .
- 8. Naar de volgende regel met navigeren.
- 9. De instelling met of selecteren.
| Instelling | Weergave in het menu verwarmingsmethoden |
|---|---|
| Geactiveerd | ja |
| Gedeactiveerd | nee |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
- 10. Druk op .
- 11. Om de instellingen op te slaan, met "opslaan" selecteren.
‒ Om de instellingen te verwerpen, met "verwerpen" selecteren.
14 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
14.1 Reinigingsmiddelen
Gebruik om de verschillende oppervlakken van het apparaat niet te beschadigen geen ongeschikte reinigingsmiddelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
LET OP!
Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
Geschikte schoonmaakmiddelen
Gebruik alleen geschikte schoonmaakmiddelen voor de verschillende oppervlakken van uw apparaat.
- Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen harde schuursponsjes of afwassponsjes gebruiken.
- Geen speciale reinigingsmiddelen gebruiken voor de warmtereiniging.
Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.
- Gebruik nooit ovenreiniger in de warme binnenruimte.
- Vóór het opnieuw opwarmen de resten uit de binnenruimte en van de apparaatdeur volledig verwijderen.
Nieuwe vaatdoekjes bevatten resten van de productie.
- Nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen.
Houd de handleiding aan bij het reinigen van het apparaat.
→ "Apparaat schoonmaken", Pagina 18
Pagina 17
Reiniging en onderhoud nl
Voorzijde van het apparaat
| Oppervlak | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
|---|---|---|
| RVS | • Warm zeepsop • Speciale RVS-verzorgingsmiddelen voor warme oppervlakken | Om corrosie te voorkomen kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken op roestvrijstalen oppervlakken onmiddellijk verwijderen. Verzorgingsmiddel voor roestvaststaal dun aanbrengen. |
| Kunststof of gelakte oppervlakken bijv. bedieningspaneel | • Warm zeepsop | Gebruik geen glasreiniger of schraper. Om vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel dat op het oppervlak terechtkomt direct verwijderen. |
| Apparaatdeur | ||
| Gebied | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
| Ruiten van de deur | • Warm zeepsop | Gebruik geen schraper of rvs-schuursponsje gebruiken. Tip: Voor een grondige reiniging de deurruiten demonteren. → "Apparaatdeur", Pagina 21 |
| Deurafscherming | • Van roestvaststaal: RVS-reiniger • Van kunststof: Warm zeepsop | Gebruik geen glasreiniger of schraper. Geen schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal gebruiken. Tip: Voor een grondige reiniging de deurafscherming verwijderen. → "Apparaatdeur", Pagina 21 |
| Roestvrijstalen binnenlijst van de deur | RVS-reiniger | Verkleuringen kunnen verwijderd worden met reinigingsmiddelen voor roestvrij staal. Geen schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal gebruiken. |
| Deurgreep | • Warm zeepsop | Om vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel dat op het oppervlak terechtkomt direct verwijderen. |
| Deurafdichting | • Warm zeepsop | Niet afnemen en niet schuren. |
| Binnenruimte | ||
| Gebied | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
| Emaillen oppervlakken | • Warm zeepsop • Azijnwater • Ovenreiniger | Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel of RVS-spiraalspons. Om de binnenruimte na het reinigen te drogen de deur van het apparaat open laten. Opmerkingen • Gebruik bij voorkeur de reinigingsfunctie. • Email wordt bij zeer hoge temperaturen ingebrand, waardoor er kleine kleurverschillen ontstaan. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. • De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd en kunnen ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact. • Door resten van levensmiddelen ontstaat er een witte afzetting op de emaillen oppervlakken. Deze aanslag is niet schadelijk voor de gezondheid. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. U kunt de aanslag met citroenzuur verwijderen. |
| Glazen kapje van de ovenlamp | • Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging ovenreiniger. |
Pagina 18
nl Reinigingsfuncties
| Gebied | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
|---|---|---|
| Rekjes | • Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel of RVS-spiraalspons. Opmerking: Voor een grondige reiniging de rekjes verwijderen. → "Rekjes", Pagina 20 |
| Accessoires | • Warm zeepsop • Ovenreiniger | Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel of RVS-spiraalspons. Geëmailleerde accessoires kunnen in de vaatwasser worden gedaan. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
14.2 Apparaat schoonmaken
Reinig om beschadiging van het apparaat te voorkomen het apparaat uitsluitend zoals aangegeven en met geschikte reinigingsmiddelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.
- Wees voorzichtig om het aanraken van verwarmingselementen te voorkomen.
- Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.
- Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging.
Vereiste: De instructies voor het gebruik van de reinigingsmiddelen aanhouden.
→ "Reinigingsmiddelen", Pagina 16
- 1. Het apparaat met warm zeepsop en een schoonmaakdoekje reinigen.
‒ Voor sommige oppervlakken kunt u alternatieve reinigingsmiddelen gebruiken.
→ "Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 16
- 2. Drogen met een zachte doek.
15 Reinigingsfuncties
Gebruik de reinigingsfuncties om het apparaat te reinigen.
15.1 Reinigingsfunctie "zelfreiniging"
Met de reinigingsfunctie "zelfreiniging" reinigt de binnenruimte zichzelf vrijwel automatisch.
Reinig de binnenruimte om de 2 tot 3 maanden met de reinigingsfunctie. U kunt de reinigingsfunctie desgewenst vaker gebruiken. De reinigingsfunctie heeft ca. 2,5 - 4,7 kilowattuur nodig.
Apparaat voor de reinigingsfunctie voorbereiden
Om een goed reinigingsresultaat te verkrijgen en schade te vermijden, dient u het apparaat zorgvuldig voor te bereiden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Brandbare voorwerpen die in de binnenruimte worden bewaard kunnen vlam vatten.
- Bewaar nooit brandbare voorwerpen in de binnenruimte.
- Wanneer er rook wordt geproduceerd moet het apparaat worden uitgeschakeld of de stekker uit het stopcontact worden gehaald en moet de deur gesloten worden gehouden om eventueel optredende vlammen te doven.
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen tijdens de reiniging vlam vatten.
- Verwijder voordat de reiniging start altijd de grove verontreiniging uit de binnenruimte en van de accessoires.
De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit brandbare voorwerpen, zoals bijv. droogdoeken, aan de deurgreep hangen.
- Voorkant van het apparaat vrijhouden.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Bij beschadigde deurafdichting ontsnapt grote hitte in het bereik van de deur.
- De dichting niet schuren en niet afnemen.
- Nooit het apparaat met beschadigde afdichting of zonder afdichting gebruiken.
- 1. Haal de accessoires en vormen uit de binnenruimte.
- 2. De rekjes losmaken en uit de binnenruimte nemen. → "Rekjes", Pagina 20
- 3. Verwijder grove verontreiniging uit de binnenruimte.
- 4. De binnenkant van de apparaatdeur en de randoppervlakken bij de deurafdichting met zeepsop en een zachte doek reinigen.
De deurafdichting niet afnemen en niet schuren. Verwijder sterke verontreinigingen op de binnenruit met ovenreiniger.
- 5. Voorwerpen uit de binnenruimte halen. De binnenruimte moet leeg zijn.
Accessoirehouders gebruiken
Met de accessoirehouders kunt u een accessoire bij de reinigingsfunctie mee reinigen.
- 1. De accessoirehouders op dezelfde manier als de rekjes inhangen.
→ "Rekjes", Pagina 20
Pagina 19
Reinigingsfuncties nl
Opmerking:
De verticale staaf moet vooraan zijn.
aan de accessoirehouders
- 2. Grove verontreinigingen van de accessoires verwijderen.
- 3. De accessoires op de accessoirehouder leggen. Opmerking: Alleen meegeleverde, geëmailleerde accessoires mee reinigen, bijv. universele braadslede of bakplaat. Roosters zijn niet geschikt voor de reinigingsfunctie en zouden verkleuren.
Reinigingsfunctie "zelfreiniging" instellen
WAARSCHUWING ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!
De reinigingsfunctie warmt de binnenruimte tot een heel hoge temperatuur op zodat resten van braden, grillen en bakken verbranden. Hierbij komen dampen vrij die tot irritaties van de slijmvliezen kunnen leiden.
- Tijdens de reinigingsfunctie de keuken grondig ventileren.
- Niet gedurende langere tijd in de ruimte verblijven.
- Kinderen en huisdieren uit de buurt houden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De binnenruimte wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit de apparaatdeur openen.
- Het apparaat laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit de apparaatdeur aanraken.
- Het apparaat laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Opmerking: De ovenlamp brandt niet tijdens de reinigingsfunctie.
Vereiste: → "Apparaat voor de reinigingsfunctie voorbereiden", Pagina 18.
- 1. Schakel het apparaat in met .
- 2. Druk op .
- 3. "Zelfreiniging" met of instellen.
- 4. Naar de volgende regel met navigeren.
- 5. De reinigingsstand met of selecteren.
| Reinigingsstand | Mate van reiniging | Duur in uren |
|---|---|---|
| 1 | Licht | Ca. 1:15 |
| 2 | Gemiddeld | Ca. 1:30 |
| 3 | Hoog | Ca. 2:00 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
Bij sterkere of oudere verontreiniging een hogere reinigingsstand kiezen.
U kunt de tijdsduur van de reinigingsfunctie niet wijzigen.
Als de reinigingsfunctie loopt, kunt u de reinigingsstand niet wijzigen.
- Op het display verschijnt de tijdsduur van de reinigingsstand.
- 6. Opmerking: Zorg ervoor dat de keuken geventileerd wordt als de reinigingsfunctie loopt.
De reinigingsfunctie met starten.
- De reinigingsfunctie start. De tijdsduur loopt af op het display.
- Voor uw veiligheid vergrendelt de apparaatdeur de binnenruimte. Op het display verschijnt .
- Zodra de reiniging beëindigd is klinkt er een signaal.
- 7. Schakel het apparaat uit met .
De apparaatdeur kan pas worden geopend als het apparaat voldoende is afgekoeld en dooft.
- 8. Na de reinigingsfunctie het apparaat gebruiksklaar maken.
→ "Apparaat na de reinigingsfunctie gebruiksklaar maken", Pagina 19
Apparaat na de reinigingsfunctie gebruiksklaar maken
- 1. Laat het apparaat afkoelen.
- 2. Achtergebleven as in de binnenruimte en bij de apparaatdeur afnemen met een vochtig doekje.
- 3. Witte aanslag met citroenzuur verwijderen.
Opmerking: Witte aanslag op de emailvlakken kan door te grove verontreinigingen ontstaan. Deze levensmiddelresten zijn ongevaarlijk. De aanslag heeft geen nadelige invloed op de werking van het apparaat.
- 4. De rekjes inhangen.
→ "Rekjes", Pagina 20
15.2 Reinigingshulp "EasyClean"
Gebruik de reinigingshulp "EasyClean" om de binnenruimte tussendoor schoon te maken. De reinigingshulp "EasyClean" weekt verontreinigingen door het verdampen van zeepsop in. Verontreinigingen kunnen vervolgens gemakkelijker worden verwijderd.
Reinigingshulp "EasyClean" instellen
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Door water in de hete binnenruimte kan hete waterdamp ontstaan.
- Nooit water in de hete binnenruimte gieten.
Vereisten
- U kunt de reinigingshulp alleen starten wanneer de binnenruimte koud (kamertemperatuur) is en de apparaatdeur is gesloten.
- Tijdens het bedrijf de apparaatdeur niet openen. Anders breekt het apparaat de reinigingshulp af.
- Om bijzonder hardnekkige verontreinigingen te verwijderen, laat u het zeepsop enige tijd inwerken voordat u de reinigingshulp start.
- Wrijf om bijzonder hardnekkige verontreinigingen te verwijderen de verontreinigde plekken op de gladde vlakken in met afwasmiddel, voordat u de reinigingshulp start.
Pagina 20
nl Rekjes
- 1. Verwijder de accessoires uit de binnenruimte.
- 2. LET OP!
Gebruik van gedestilleerd water in de binnenruimte leidt tot corrosie.
- Geen gedestilleerd water gebruiken.
0,4 l water met een druppel afwasmiddel mengen en in het midden op de bodem van de binnenruimte gieten.
- 3. Schakel het apparaat in met .
- 4. Druk op .
- 5. "EasyClean" met of kiezen.
- 6. Naar de volgende regel met navigeren.
- 7. De reinigingshulp met starten.
- De reinigingshulp start. De tijdsduur loopt af op het display.
- Zodra de reinigingshulp is afgerond, klinkt een signaal.
- 8. Druk op een willekeurige knop om het signaal voortijdig te beëindigen.
- 9. Na de reinigingshulp de binnenruimte nareinigen. → "Binnenruimte nareinigen", Pagina 20
Binnenruimte nareinigen
LET OP!
Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.
- Na de reinigingshulp de binnenruimte afnemen en volledig laten drogen.
Vereiste: De binnenruimte is afgekoeld.
- 1. De deur van het apparaat openen en het restwater met een goed opnemende sponsdoek opnemen.
- 2. Gladde oppervlakken in de binnenruimte reinigen met een schoonmaakdoekje of zachte borstel. Verwijder hardnekkige resten met een schuursponsje van roestvrij staal.
- 3. Kalkranden verwijderen met een in azijn gedrenkte doek. Vervolgens met schoon water afnemen en droogwrijven met een zachte doek, ook onder de deurafdichting.
- 4. Wanneer hardnekkige verontreinigingen niet loslaten, herhaalt u de reinigingshulp, nadat de binnenruimte is afgekoeld.
- 5. Om de binnenruimte te laten drogen, de deur van het apparaat ca. 1 uur geopend laten.
16 Rekjes
Om de rekjes en de binnenruimte grondig te reinigen of om de rekjes te wisselen, kunnen de rekjes worden verwijderd.
16.1 Rekjes verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De rekjes worden heel heet
- Nooit de hete rekjes aanraken.
- Het apparaat altijd laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- 1. Het rekje aan de voorkant licht optillen en losmaken .
- 2. Het rekje naar voren trekken en verwijderen.
- 3. Het rekje reinigen.
→ "Reinigingsmiddelen", Pagina 16
16.2 Rekjes inhangen
Opmerkingen
- De rekjes passen alleen links of rechts.
- Let er bij beide rekjes op dat de bevestigingsbeugel zich aan de voorkant bevindt.
- 1. Het rekje in het midden van de achterste bus steken , tot het rekje aansluit op de wand van de binnenruimte en naar achteren drukken .
- 2. Het rekje in de voorste bus steken , tot het rekje aansluit op de wand van de binnenruimte en vervolgens naar beneden duwen .
Pagina 21
Apparaatdeur nl
17 Apparaatdeur
Om de apparaatdeur grondig te reinigen, kunt u de apparaatdeur demonteren.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Wanneer de scharnieren door niet volledige borging niet beveiligd zijn, kunnen ze met grote kracht dichtklappen.
- Voor het verwijderen en ophangen van de deur van het apparaat de beide borgingen altijd tot de aanslag draaien.
- Is het scharnier bij het verwijderen of inhangen van de apparaatdeur dichtgeklapt, grijp dan niet in het scharnier en neem contact op met de klantenservice.
Opmerking:
Meer informatie:
17.1 Apparaatdeur verwijderen
Vereisten
- Houd een zaklamp bij de hand.
- Houd een schroevendraaier bij de hand.
- Houd een muntje bij de hand.
- 1. Om de deurbeveiliging beter te zien kunt u met een zaklamp in de spleet naast de apparaatdeur schijnen.
- 2. De schroevendraaier horizontaal houden en de deurbeveiliging (zwart onderdeel) aan beide zijden naar boven tot de aanslag schuiven .
| Deurbeveiliging geopend | |
| Deurbeveiliging gesloten | |
| Open de apparaatdeur ca. | 45°. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
3.
Pagina 22
nl Apparaatdeur
- 4. Steek de munt in de spleet van de vergrendeling en draai deze tot de aanslag .
‒ De vergrendeling links met de klok mee draaien. ‒ Vergrendeling rechts tegen de klok in draaien.
Vergrendeling linker zijde zit niet vast
De pijlen wijzen niet naar elkaar
Vergrendeling linker zijde zit vast
De pijlen wijzen naar elkaar
Vergrendeling linker zijde is los
- De vergrendeling grijpt waarneembaar aan.
- 5. LET OP!
Openen en sluiten van de apparaatdeur in de vergrendelstand leidt tot beschadiging van de deurscharnieren.
- Nooit de apparaatdeur tegen een weerstand openen of sluiten.
- Wanneer het deurscharnier beschadigd werd, neem dan contact op met de klantenservice. De apparaatdeur voorzichtig in de beide pijlrichtingen heen en weer bewegen, totdat een zacht klikgeluid hoorbaar is. De apparaatdeur kan nog slechts minimaal worden bewogen.
- De apparaatdeur zit in de vergrendelingsstand.
Pagina 23
Apparaatdeur nl
- 6. WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
De apparaatdeur heeft een gewicht van 7 - 10 kg en kan bij niet voorzichtig hanteren naar beneden vallen.
- De apparaatdeur voorzichtig hanteren.
De deurgreep is niet geschikt op de apparaat deur aan te dragen. De deurgreep kan afbreken.
- Nooit de apparaatdeur aan de deurgreep dragen.
- Voor het dragen de apparaatdeur links en rechts beetpakken.
Pak de apparaatdeur met beide handen links en rechts vast en draai de deurgreep iets naar boven tot de deur naar boven toe kan worden uitgenomen .
- 7. Leg de apparaatdeur op een vlakke, zachte en schone ondergrond.
17.2 Apparaatdeur inhangen
- 1. Tip: Let erop dat de apparaatdeur niet wordt gekanteld en volledig ingehangen is.
De apparaatdeur tegelijkertijd via de rechter en linker geleiderollen inhangen.
- 2. Draai de deurgreep een beetje naar boven .
- De apparaatdeur glijdt met het laatste stukje volledig naar beneden .
- 3. Maak met een munt de beide vergrendelingen van de apparaatdeur los. Steek de munt in de spleet van de vergrendeling en draai deze tot de aanslag .
‒ Draai de vergrendeling aan de linkerkant linksom.
‒ Draai de vergrendeling aan de rechterkant rechtsom.
- 4. De apparaatdeur tamelijk ver openen tot er een zacht klikgeluid te horen is en vervolgens de apparaatdeur sluiten.
- 5. WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Door een niet vergrendelde deurbeveiliging kan de apparaatdeur uit de hengsels loskomen.
- Na het inbrengen van de apparaatdeur, de linker en rechter deurbeveiliging sluiten.
De schroevendraaier horizontaal houden en de deurbeveiliging (zwart onderdeel) aan beide kanten tot de aanslag naar onder schuiven .
- De deurbeveiliging is gesloten.
Pagina 24
nl Apparaatdeur
17.3 Ruit van de deur verwijderen
Om ze gemakkelijker schoon te maken kunt u de ruiten demonteren.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
Vereiste: De apparaatdeur is verwijderd.
- 1. Leg de apparaatdeur met de voorkant naar beneden op een vlakke, zachte en schone ondergrond.
- 2. De linker en rechter schroef op de apparaatdeur losdraaien en verwijderen.
- 3. De binnenruit voorzichtig schuin naar boven optillen en de houder verwijderen .
- 4. De binnenruit voorzichtig schuin naar boven optillen en in de richting van de pijl verwijderen .
- 5. Druk de tussenruit bij iets naar beneden en til de houder voorzichtig op, tot deze er uit getrokken kan worden.
- 6. De eerste en tweede tussenruit van onderen optillen en in de richting van de pijl verwijderen .
- 7. Zo nodig de afstandshouders en afdichtingen voor reiniging verwijderen.
- 8. WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.
- Gebruik geen scherp of schurend reinigingsmiddel of scherpe metalen schraper voor het reinigen van het glas van de ovendeur omdat dit het oppervlak kan beschadigen.
Reinig de deurruiten aan beide kanten met glasreiniger en een zachte doek.
- 9. Droog de deurruiten en monteer ze weer.
17.4 Deurruiten aanbrengen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Een niet correct ingebouwde deurruit of apparaatdeur is gevaarlijk.
- Let erop dat alle deurruiten en de apparaatdeur correct zijn ingebouwd, voordat u het apparaat weer in bedrijf neemt.
Pagina 25
Apparaatdeur nl
- 1. Tip: Let er bij het inbouwen op dat de deurruiten zich in de oorspronkelijke volgorde bevinden. De middelste ruit zo neerleggen, dat de pijl naar rechtsboven wijst.
- 2. Juiste positie van de 4 afstandhouders en de 2 dichtingen controleren.
‒ De afstandshouder op het midden van de lijnen plaatsen .
‒ De afdichtingen aan de hoeken bevestigen .
- 3. De middelste ruit met afstandshouder en afdichtingen in de richting van de pijl plaatsen .
De pijl op de middelste ruit moet corresponderen met de pijl op het frame .
- 4. Plaats de tweede middelste ruit zonder afstandshouder en afdichtingen en schuif deze in de richting van de pijl, totdat deze in het plaatstalen frame past .
De pijl op de middelste ruit moet corresponderen met de pijl op het frame .
- 5. Duw de eerste tussenruit bij iets naar beneden en schuif de houder schuin er in en aandrukken, totdat deze vergrendelt.
- De houder is ingebracht.
- 6. De binnenruit zo op de apparaatdeur leggen dat het nummer rechts onderaan leesbaar is. De binnenruit schuin naar achteren in de bevestigingsrail plaatsen.
- 7. De binnenruit voorzichtig schuin naar boven optillen en de houder aanbrengen.
Pagina 26
nl Storingen verhelpen
- 8. De binnenruit met de houder in de opening plaatsen.
- 9. Draai de beide schroeven links en rechts op de apparaatdeur er in.
18 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
18.1 Functiestoringen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat werkt niet. | Zekering is defect. ▶ Controleer de zekering in de meterkast. |
| Stroomvoorziening is uitgevallen. ▶ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. Fout van het elektronische systeem 1. Koppel het apparaat kort van het elektriciteitsnet door de zekering uit te schakelen. 2. Reset de basisinstellingen naar de fabrieksinstellingen. → "Basisinstellingen", Pagina 15 | |
| Op het display verschijnt "Sprache Deutsch". | Stroomvoorziening is uitgevallen. ▶ Stel de opties voor het eerste gebruik in. → "Eerste gebruik", Pagina 10 |
| Het apparaat kan niet worden ingeschakeld, op het display verschijnt . | Automatisch kinderslot of kinderslot is geactiveerd ▶ Houd de toets ingedrukt tot "Kinderslot gedeactiveerd" verschijnt. |
| Werking start niet of wordt onderbroken. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. ▶ Controleer de aanwijzingen die op het display verschijnen. → "Informatie weergeven", Pagina 12 |
| Storing ▶ Neem contact op met de klantenservice. → "Servicedienst", Pagina 28 | |
| Apparaat warmt niet op, op het display verschijnt . | De demonstratiemodus is geactiveerd in de basisinstellingen. 1. Haal de stroom kortstondig van het apparaat door de zekering in de meterkast uit en opnieuw in te schakelen. 2. Deactiveer de demo-modus binnen 3 minuten in de → "Basisinstellingen", Pagina 15. |
Pagina 27
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat warmt niet op, op het display verschijnt . | Stroomvoorziening is uitgevallen. ▶ Open en sluit na een stroomuitval de apparaatdeur één keer. • Het apparaat controleert zichzelf en is vervolgens klaar voor gebruik. |
| Als het apparaat uitgeschakeld is, verschijnt de actuele tijd niet. | Basisinstelling werd gewijzigd. ▶ Wijzig de basisinstelling van de tijdsindicatie. → "Basisinstellingen", Pagina 15 |
| Apparaatdeur kan niet worden geopend. | Reinigingsfunctie vergrendelt de apparaatdeur, op het display licht op. ▶ Laat het apparaat afkoelen tot op het display uitgaat. → "Reinigingsfunctie 'zelfreiniging'", Pagina 18 |
| Kinderslot vergrendelt de apparaatdeur. ▶ Deactiveer het kinderslot met de toets . → "Kinderslot", Pagina 14 De vergrendeling kunt u in de basisinstellingen uitschakelen. → "Basisinstellingen", Pagina 15 | |
| Verlichting van de binnenruimte werkt niet. | Halogeenlamp is defect. ▶ Vervang de ovenlamp. → "Ovenlamp vervangen", Pagina 27 |
| Maximale gebruiksduur bereikt. | Om een ongewilde permanente werking te vermijden, stopt het apparaat na meerdere uren automatisch met op te warmen als de instellingen onveranderd zijn. Er verschijnt een aanwijzing op het display. Het tijdstip waarop de maximale gebruiksduur wordt bereikt, is afhankelijk van de functie-instellingen. 1. Om de werking voort te zetten, drukt u op een willekeurige toets. 2. Wanneer u het apparaat niet gebruikt, schakel het dan met uit. Tip: Om te voorkomen dat het apparaat ongewenst uitschakelt, kunt u een tijdsduur instellen. → "Tijdsduur instellen", Pagina 12 |
| Melding met "D" of "E" verschijnt in het display, bijv. D0111 of E0111. | De elektronica heeft een fout geconstateerd. 1. Schakel het apparaat uit en weer in. • Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding. 2. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geef tijdens het telefoongesprek de exacte foutmelding door. → "Servicedienst", Pagina 28 |
| Bereidingsresultaat is niet bevredigend. | Instellingen waren niet geschikt. Instelwaarden, bijv. temperatuur of tijdsduur, zijn van recept, hoeveelheid en levensmiddel afhankelijk. ▶ Stel de volgende keer lagere of hogere waarden in. Tip: Veel informatie over de bereiding en de passende instelwaarden vindt u op onze homepage www.neff-international.com. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
18.2 Ovenlamp vervangen
Wanneer de verlichting in de oven is uitgevallen, vervang dan de ovenlamp.
Opmerking: Hittebestendige 230V-halogeenlampen, 40 watt, kunt u verkrijgen bij de servicedienst of in speciaalzaken. Gebruik uitsluitend originele lampen. Pak nieuwe halogeenlampen uitsluitend beet met een schone, droge doek. Hierdoor wordt de levensduur van de lamp verlengd.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.
- Wees voorzichtig om het aanraken van verwarmingselementen te voorkomen.
- Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Bij vervanging van de lamp staan de contacten van de lampfitting onder stroom.
- Zorg er vóór het vervangen van de lamp voor dat het apparaat is uitgeschakeld, om een mogelijke elektrische schok te voorkomen.
- Tevens de stekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
De glazen afdekking kan door externe invloeden reeds gebroken zijn of bij inbouw of uitbouw door te veel druk breken.
- Wees voorzichtig bij het inbouwen of uitbouwen van de glazen afdekking.
- Gebruik handschoenen of een theedoek.
Pagina 28
nl Afvoeren
Vereisten
- Het apparaat moet zijn losgekoppeld van het elektriciteitsnet.
- De binnenruimte is afgekoeld.
- Een nieuwe halogeenlamp ter vervanging is beschikbaar.
- 1. Leg een theedoek in de binnenruimte om beschadiging te voorkomen.
- 2. Draai het glazen kapje er naar links uit .
- 3. Trek de halogeenlamp zonder deze te draaien er uit .
- 4. Plaats de nieuwe halogeenlamp en duw deze stevig in de fitting.
Let op de stand van de pinnen van de halogeenlamp.
- 5. Afhankelijk van het type apparaat is het glazen kapje voorzien van een afdichtring. De afdichtring plaatsen.
- 6. Het glazen kapje erin schroeven.
- 7. Verwijder de theedoek uit de binnenruimte.
- 8. Sluit het apparaat aan op het elektriciteitsnet.
19 Afvoeren
19.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
- 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- 2. Het netsnoer doorknippen.
- 3. Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
20 Servicedienst
Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website. Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website. Dit product bevat lichtbronnen van energieklasse G.
20.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat. Het typeplaatje met de nummers vindt u onder in de bodem wanneer u de apparaatdeur opent.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
Pagina 29
Zo lukt het nl
21 Zo lukt het
Voor verschillende gerechten vindt u hier de bijpassende instellingen alsmede de beste accessoires en vormen. Wij hebben het advies optimaal op uw apparaat afgestemd.
21.1 Algemene aanwijzingen voor de bereiding
Houd deze informatie aan bij het bereiden van alle gerechten.
- Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de hoeveelheid en het recept. Daarom zijn er instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden.
- De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst. Schuif de accessoire pas na het voorverwarmen in de binnenruimte.
- Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruimte.
21.2 Aanwijzingen voor het bakken
- Voor het bakken van taart, gebak of brood zijn donkere bakvormen van metaal het beste geschikt.
- Gebruik voor ovenschotels en gegratineerde gerechten een platte, brede vorm. In een smalle, hoge vorm hebben de gerechten meer tijd nodig en worden donkerder aan de bovenkant.
- Wanneer u de ovenschotel direct in de braadslede bereidt, schuif deze er dan op niveau 2 in.
- De instelwaarden voor brooddeeg gelden zowel voor deeg op de bakplaat als voor deeg in een rechthoekige vorm.
LET OP!
Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat er waterdamp. Door de temperatuurverandering kan er schade optreden.
- Giet nooit water in de hete binnenruimte.
- Zet nooit servies met water op de bodem van de binnenruimte.
Inschuifhoogtes
Wanneer u verwarmingsmethode CircoTherm® hete lucht gebruikt, kunt u kiezen tussen de inschuifhoogtes 1, 2, 3 en 4.
| Bakken op één niveau | Hoogte |
|---|---|
| Hoog gebak / vorm op het rooster | 2 |
| Plat gebak / bakplaat | 3 |
| Bakken op meerdere niveaus | Hoogte |
| 2 niveaus • Braadslede • Bakplaat | 3 1 |
| 2 niveaus 2 roosters met vormen erop | 3 1 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
| Bakken op meerdere niveaus | Hoogte |
|---|---|
| 3 niveaus • Bakplaat • Braadslede • Bakplaat | 4 3 1 |
| 4 niveaus 4 roosters met bakpapier | 4 3 2 1 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
Gebruik de verwarmingsmethode CircoTherm® hete lucht.
Opmerking: Gebak op bakplaten of in vormen die gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeft niet op hetzelfde moment klaar te zijn.
21.3 Aanwijzingen voor de bereiding bij braden, stoven en grillen
- Het insteladvies geldt voor braadproducten op koelkasttemperatuur alsmede voor ongevuld braadklaar gevogelte.
- Leg het gevogelte met de borstzijde of met de kant van het vel naar beneden op de vorm.
- Keer het braad- of grillproduct of hele vis na ca. ½ tot ⅔ van de aangegeven tijd.
Braden op het rooster
Op het rooster wordt vlees van alle kanten bijzonder knapperig. Braad bijvoorbeeld groot gevogelte of meerdere stukken tegelijkertijd.
- Braad de stukken van gelijk gewicht en gelijke dikte. De grillstukken bruinen gelijkmatig en blijven lekker mals.
- Leg de te braden stukken vlees rechtstreeks op het rooster.
- Schuif om afdruipende vloeistof op te vangen, de braadslede met opgelegd rooster een niveau onder de aangegeven inschuifhoogte in de binnenruimte.
- Giet afhankelijk van de grootte en het soort product tot ½ liter water in de braadslede.
Van dit opgevangen braadvocht kunt u een saus bereiden. Er ontstaat dan ook minder rook en de binnenruimte wordt minder verontreinigd.
Braden in vormen
Bij de bereiding in gesloten vormen blijft de binnenruimte schoner.
Algemene richtlijnen voor braden in vormen
- Gebruik hittebestendige vormen die geschikt zijn voor de oven.
- Plaats de vorm op het rooster.
- Vormen van glas zijn het meest geschikt.
- Houd de aanwijzingen van de fabrikant van de braadvorm aan.
Braden in open vormen
- Gebruik een hoge braadvorm.
- Wanneer u geen geschikte vorm heeft, kunt u de braadslede gebruiken.
Pagina 30
nl Zo lukt het
Braden in gesloten vormen
- Gebruik een passend, goed sluiten deksel.
- Bij vlees moet er tussen het te braden product en het deksel minimaal 3 cm afstand zijn. Het vlees kan tijdens de bereiding uitzetten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Bij het openen van het deksel na het bereiden kan zeer hete stoom ontsnappen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.
- Til het deksel zo op, zodat de hete stoom weg van het lichaam kan ontsnappen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Grillen
Grill de gerechten die knapperig moeten worden.
LET OP!
Zuurhoudende levensmiddelen kunnen het rooster beschadigen
- Leg zuurhoudende levensmiddelen zoals bijv. fruit of met zuurhoudende marinade gekruide grillproducten niet direct op het rooster.
- Grill grillstukken van vergelijkbaar gewicht en vergelijkbare dikte. De grillstukken bruinen gelijkmatig en blijven lekker mals.
- Leg de te grillen stukken rechtstreeks op het rooster.
- Schuif om afdruipende vloeistof op te vangen, de braadslede minstens één niveau onder het rooster in de binnenruimte.
Opmerkingen
- Het grillelement wordt steeds weer in- en uitgeschakeld. Dit is normaal. De frequentie hangt af van de ingestelde temperatuur.
- Bij het grillen kan rook ontstaan.
Instructie voor mensen met nikkelallergie
In zeldzame gevallen kunnen geringe sporen van nikkel worden overgedragen aan levensmiddelen.
21.4 Bereiding van diepvriesproducten
- Gebruik geen sterk met ijs bedekte diepvriesproducten.
- IJs verwijderen.
- Diepvriesproducten zijn ten dele ongelijkmatig voorgebakken. De ongelijkmatige bruine kleur blijft ook na het bakken bestaan.
21.5 Bereiding van kant-en-klare voedingsproducten
- Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen.
- Gebruik een hittebestendige vorm wanneer u het kant-en-klaar gerecht in een vorm bereidt.
21.6 Selectie van gerechten
Insteladvies voor talrijke levensmiddelen gesorteerd op categorie.
Insteladvies voor verschillende gerechten
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode → Pagina 7 | Temperatuur in °C | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Cake, 2 niveaus | Tulbandvorm of Langwerpige bakvorm | 3+1 | 140 - 160 | 60 - 80 | |
| Cake, fijn | Langwerpige bakvorm | 2 | 150 - 170 | 60 - 80 | |
| Vruchten- of kwarktaart met bodem van zandtaartdeeg | Springvorm Ø 26 cm | 2 | 170 - 190 | 60 - 80 | |
| Biscuittaart, 6 eieren | Springvorm Ø 28 cm | 2 | 150 - 170 ¹ | 30 - 50 | |
| Biscuittaart, 6 eieren | Springvorm Ø 28 cm | 2 | 150 - 170 ¹ | 30 - 50 | |
| Biscuittaart, 6 eieren | Springvorm Ø 28 cm | 2 | 150 - 160 | 50 - 60 | |
| Zandtaartdeeggebak met vochtige bedekking | Braadslede | 3 | 160 - 180 | 55 - 75 | |
| Gebak van gistdeeg met vochtige bedekking | Braadslede | 3 | 180 - 200 | 30 - 40 | |
| Cakerol | Bakplaat | 3 | 180 - 200 ¹ | 8 - 15 | |
| Cakerol | Bakplaat | 3 | 180 - 190 ¹ | 15 - 20 | |
| Muffins | Muffinplaat | 3 | 170 - 190 | 15 - 20 | |
| Klein gebak van gistdeeg 1 Het apparaat voorverwarmen. | Bakplaat | 3 | 160 - 180 | 25 - 35 |