Neff C67M50N0, tekst van de handleiding
Pagina's 24–31 van 32 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 24
Gebak in vormen Toebehoren Hoogte
Verwar- Temperatuur Magnetronvermogen Tijdsduur in mings- °C in watt minuten methode
| Cake, eenvoudig | Krans/rechthoekige vorm | 1 3 | 160-180 | 90 W 30-40 | |
| Cake, fijn (bijv. zandtaart) | Krans/rechthoekige vorm | 1 | 150-170 | - 60-80 | |
| Taartbodem van roerdeeg | Vorm vruchtentaartbodem | 2 3 | 160-180 | - 25-35 | |
| Vruchtentaart fijn, roerdeeg | Springvorm/ tulbandvorm | 1 3 | 160-180 | 90 W 30-40 | |
| Biscuitbodem, 2 eieren | Vorm vruchtentaartbodem | 1 | 150-160 | - 20-25 | |
| Biscuittaart, 6 eieren, voorverwarmen | donkere springvorm | 1 | 170-180 | - 30-40 | |
| Bodem zandtaartdeeg met rand | donkere springvorm** | 1 | 170-190 | - 30-40 | |
| Vruchten- of kwarktaart met bodem van zandtaartdeeg* | donkere springvorm | 2 3 | 160-170 | 180 W 30-40 | |
| Zwitserse vruchtentaart | donkere springvorm | 1 | 190-200 | - 40-50 | |
| Tulband | Tulbandvorm | 1 3 | 160-180 | 90 W 30-40 | |
| Notentaart | donkere springvorm | 1 3 | 170-180 | 90 W 35-45 | |
| Pizza, dunne bodem, weinig bedekking, voorverwarmen | ronde pizzaplaat | 1 | 220-240 | - 15-20 | |
| Hartig gebak donkere springvorm** * Gebak ca. 20 minuten in de oven laten afkoelen. ** in de braadslede plaatsen. | 1 | 180-190 | - 50-60 | ||
| Gebak in de braadslede | Toebehoren | Hoogte Verwarmingsmethode | Temperatuur °C | Magnetronvermogen Tijdsduur in in watt minuten | |
| Roerdeeg met droge bedekking | Braadslede | 2 | 160-180 | - 25-35 | |
| Roerdeeg met vochtige bedekking Braadslede (vruchten) | 1 | 3 | 160-180 | 90 W 30-40 | |
| Gistdeeg met droge bedekking | Braadslede | 2 | 170-190 | - 35-45 | |
| Gistdeeg met vochtige bedekking Braadslede (vruchten) | 2 | 170-190 | - 45-55 | ||
| Zandtaartdeeg met droge bedekking Braadslede | 2 | 160-180 | - 25-35 | ||
| Zandtaartdeeg met vochtige bedekking Braadslede (vruchten) | 1 | 160-180 | - 50-60 | ||
| Zwitserse vruchtentaart | Braadslede | 1 | 190-200 | - 40-50 | |
| Biscuitrol, voorverwarmen | Braadslede | 2 | 170-190 | - 10-20 | |
| Broodvlecht van 500 g bloem | Braadslede | 2 | 160-180 | - 40-50 | |
| Kerststol van 500 g bloem | Braadslede | 2 | 150-170 | - 60-70 | |
| Kerststol van 1 kg bloem | Braadslede | 2 | 3 | 140-150 | - 65-75 |
| Strudel, zoet | Braadslede | 1 | 3 | 190-210 | 180 W 30-40 |
| Pizza | Braadslede | 1 | 210-230 | - 25-35 | |
| Flammkuchen, voorverwarmen | Braadslede | 2 | 240-250 | - 15-20 | |
| Klein gebak | Toebehoren | Hoogte Verwarmingsmethode | Temperatuur °C Tijdsduur in minuten | ||
| Koekjes | Braadslede | 2 | 150-170 20-30 | ||
| Bitterkoekjes | Braadslede | 2 | 120-140 35-45 | ||
| Schuimgebak | Braadslede | 2 | 80-100 90-110 | ||
| Muffins | Muffinplaat op het rooster | 2 | 160-180 35-45 | ||
| Deeg van bijv. soesjes | Braadslede | 2 | 200-220 30-40 | ||
Pagina 25
| Klein gebak | Toebehoren | Hoogte Verwarmings- Temperatuur °C Tijdsduur in methode minuten | ||
|---|---|---|---|---|
| Bladerdeeggebak | Braadslede | 2 170-190 | 25-25 | |
| Gistdeeggebak | Braadslede | 2 200-220 | 20-30 | |
| Brood en broodjes | Toebehoren | Hoogte | Verwarmings- Temperatuur °C methode | Tijdsduur in minuten |
| Zuurdeegbrood van 1,2 kg bloem* | Braadslede | 2 | 250 + 170 | 10 40-50 |
| Plat rond brood* | Braadslede | 2 | 3 220-240 | 15-20 |
| Broodjes* | Braadslede | 2 | 200-220 | 20-30 |
| Broodjes van gistdeeg, zoet* | Braadslede | 2 | 190-210 | 15-25 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
* De binnenruimte voorverwarmen.
Tips voor het bakken
| U wilt bakken volgens uw eigen recept. | Raadpleeg de baktabellen voor gelijksoortig gebak. |
| U wilt een vorm van silicone, glas, kunststof of keramiek gebruiken. | De vorm moet tot 250 °C hittebestendig zijn. In deze vormen wordt het gebak minder bruin. Wanneer u de magnetron inschakelt, wordt de tijdsduur eventueel korter dan wat in de tabel staat aangegeven. |
| Zo stelt u vast of de cake goed doorbakken is. | Steek ongeveer 10 minuten voor het einde van de opgegeven baktijd een houten prikker in op de plek waar het gebak het hoogst is. Wanneer er geen deeg meer aan de prikker zit, is het gebak klaar. |
| Het gebak zakt in. | Voeg de volgende keer minder vloeistof toe of stel de oventemperatuur 10 graden lager in en houd een langere baktijd aan. Houd rekening met de omroertijden in het recept. |
| Het gebak is in het midden hoog gerezen en lager bij de randen. | Vet nu de bodem van de springvorm in. Na het bakken maakt u het gebak voorzichtig los met een mes. |
| Het gebak wordt te donker. | Kies een lagere temperatuur en een wat langere baktijd. |
| Het gebak is te droog. | Als het gebak klaar is, prikt u er met een prikker kleine gaatjes in. Vervolgens bedruppelt u het met vruchtensap of alcohol. Stel de temperatuur de volgende keer 10 graden hoger in en houd kortere baktijden aan. |
| Het brood of het gebak (bijv. kwarktaart) ziet er goed uit, maar is van binnen klef (zacht, doortrokken met waterstrepen). | Gebruik de volgende keer wat minder vloeistof en bak iets langer bij een wat lagere temperatuur. Bij gebak met een vochtige bovenkant bakt u eerst de bodem voor, deze bestrooit u met amandelen of paneermeel en vervolgens brengt u de bovenste laag erop aan. Let op recepten en baktijden. |
| Het gebak laat niet los wanneer u het uit de vorm wilt storten. | Laat het gebak na het bakken nog 5 tot 10 minuten afkoelen, dan komt het gemakkelijker los uit de vorm. Als het er nog steeds niet uit komt, maakt u de rand voorzichtig los met een mes. Stort het gebak opnieuw en bedek de vorm meerdere keren met een natte, koude doek. Vet de vorm de volgende keer goed in en strooi er ook paneermeel in. |
| U heeft met uw eigen thermometer de oventemperatuur gemeten en daarbij een afwijking vastgesteld. | De oventemperatuur wordt door de fabrikant met een testrooster na een bepaalde tijd in het middelpunt van de binnenruimte gemeten. Alle vormen en toebehoren hebben invloed op de gemeten waarde, zodat u altijd een verschil zult vaststellen wanneer u zelf meet. |
| Tussen vorm en rooster ontstaan vonken. | Controleer of de vorm van buiten schoon is. Verander de positie van de vorm in de binnenruimte. Als dat niet helpt, bakt u zonder magnetron verder. De bakduur wordt dan langer. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
Braden en grillen
Bij de tabellen
Temperatuur en braadtijd zijn afhankelijk van de kwantiteit en de kwaliteit van de gerechten. In de tabellen zijn bereiken aangegeven. Begin met de laagste waarde en stel zo nodig de volgende keer hoger in.
Bijkomende informatie vindt u onder "Tips voor het braden en grillen" na de tabellen.
Vormen
U kunt elke vorm gebruiken die hittebestendig en geschikt voor de magnetron is. Braad- en bakvormen van metaal zijn alleen geschikt voor gebruik zonder de magnetronfunctie.
De vorm kan heel heet worden. Gebruik pannenlappen wanneer u hem uit de oven haalt.
Zet hete vormen van glas op een droge keukendoek. Wanneer u deze op een natte of koude ondergrond zet, kan het glas knappen.
Aanwijzingen voor het braden
Gebruik voor het bakken en braden van vlees en gevogelte een hoge vorm.
Controleer of de vorm in de binnenruimte past. Deze mag niet te groot zijn.
Vlees:
Zorg ervoor dat de bodem van de vorm net met vloeistof bedekt is. Voeg aan stoofvlees wat meer vloeistof toe. Keer stukken vlees na de helft van de bereidingstijd. Als het vlees klaar is, moet het nog 10 minuten in de uitgeschakelde, gesloten oven blijven. Het vocht kan zich dan beter verdelen.
Pagina 26
Gevogelte:
Keer de stukken vlees na van de bereidingstijd.
Aanwijzingen voor het grillen
Gril altijd met de ovendeur dicht, zonder voorverwarmen.
Gebruik zoveel mogelijk stukken van gelijke dikte voor het grillen. Steaks moeten minstens 2 tot 3 cm dik zijn. Zo worden ze gelijkmatig bruin en blijven ze lekker mals. Zout de steaks pas na het grillen.
Keer de grillstukken met een grilltang. Wanneer u met een vork in het vlees prikt, verliest het sap en wordt het droog.
Donker vlees, bijv. rundvlees, wordt sneller bruin dan licht kalfs- of varkensvlees. Grillstukken van licht vlees of vis zijn vaak alleen aan de oppervlakte lichtbruin, maar van binnen gaar en sappig.
Het grillelement schakelt automatisch uit en weer in. Dit is normaal. Hoe vaak dit gebeurt, is afhankelijk van de ingestelde grillstand.
Aanwijzingen voor het stoven
Gebruik voor het stoven van vis een vorm met deksel.
Doe twee tot drie eetlepels vloeistof en wat citroensap in de vorm.
Rundvlees
Aanwijzingen
- Keer het stoofrundvlees na en van de bereidingstijd. Tot slot nog ca. 10 minuten laten staan.
- Runderfilet en rosbief halverwege de bereidingstijd keren. Tot slot nog ca. 10 minuten laten staan.
- Steaks na van de bereidingstijd keren.
| Rundvlees | Toebehoren | Hoogte | Verwarmingsmethode | Temperatuur °C, grillstand | Magnetronvermogen in watt | Tijdsduur in minuten |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Gestoofd rundvlees, ca. 1 kg | gesloten vorm, rooster | 1 | 190-210 | - | 120-140 | |
| Gestoofd rundvlees, ca. 1,5 kg | gesloten vorm, rooster | 1 | 180-200 | - | 140-160 | |
| Gestoofd rundvlees, ca. 2 kg | gesloten vorm, rooster | 1 | 170-190 | - | 160-180 | |
| Runderfilet, medium, ca. 1 kg | gesloten vorm, rooster | 1 | 200-220 | 90 W | 30-40 | |
| Runderfilet, medium, ca. 1,5 kg | gesloten vorm, rooster | 1 | 230-240 | 90 W | 45-55 | |
| Rosbief, medium, ca. 1 kg | open vorm, rooster | 1 | 240-250 | 180 W | 30-40 | |
| Steak, medium, 3 cm dik | Braadslede + Rooster | 1 3 | 3 | - | 1e kant: ca. 10-15 2e kant: ca. 5-10 | |
| Kalfsvlees | ||||||
| Aanwijzing. Kalfsvlees en -schenkel halverwege de bereidingstijd keren. Tot slot nog ca. 10 minuten laten Kalfsvlees Toebehoren Hoogte | staan. Verwarmingsmethode | Temperatuur in °C | Magnetronvermogen Tijdsduur in in watt minuten | |||
| Gebraden kalfsvlees, ca. 1 kg | gesloten vorm, rooster | 1 | 3 | 210-220 | 90 W | 60-70 |
| Gebraden kalfsvlees, ca. 1,5 kg | gesloten vorm, rooster | 1 | 3 | 200-210 | 90 W | 70-80 |
| Gebraden kalfsvlees, ca. 2 kg | gesloten vorm, rooster | 1 | 3 | 190-200 | 90 W | 80-100 |
| Kalfsschenkel, ca. 1,5 | kg gesloten vorm, rooster | 1 | 4 | 190-200 | - | 120-130 |
| Varkensvlees Aanwijzingen ■ Keer mager varkensvlees en vlees zonder halverwege de bereidingstijd. Tot slot nog laten staan. | ■ zwoerd ca. 10 minuten ■ | Leg het vlees met het zwoerd naar boven in de vorm. Zwoerd insnijden. Het vlees niet keren. Tot slot nog ca. 10 minuten laten staan. Varkensfilet en casselerrib niet keren. Tot slot nog ca. 5 minuten laten staan. | ||||
| ■ | Het halsstuk na | van de bereidingstijd keren. | ||||
| Varkensvlees | Toebehoren | Hoogte Verwar- Temperatuur mings- °C, grillstand methode | Magnetronvermogen in watt | Tijdsduur in minuten | ||
| Vlees zonder zwoerd (bijv. halsstuk), ca. 750 g | gesloten vorm, rooster 1 | 4 | 220-240 | 180 W | 40-50 | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
Vlees met zwoerd open vorm, rooster 1 4 180-200 - 150 (bijv. schouder), ca. 1,5 kg
Pagina 27
| Varkensvlees | Toebehoren | Hoogte Verwar- Temperatuur Magnetronvermogen mings- °C, grillstand in watt methode | Tijdsduur in minuten | |
|---|---|---|---|---|
| Vlees met zwoerd (bijv. schouder), ca. 2 kg | open vorm, rooster | 1 | 4 170-190 - | 180 |
| Varkensfilet, ca. 500 g | gesloten vorm, rooster | 1 | 4 210-230 90 W | 20-25 |
| Varkensvlees, mager, ca. 1 kg | gesloten vorm, rooster | 1 | 4 210-230 90 W | 50-60 |
| Varkensvlees, mager, ca. 1,5 kg | gesloten vorm, rooster | 1 | 4 200-220 90 W | 70-80 |
| Varkensvlees, mager, ca. 2 kg | gesloten vorm, rooster | 1 | 4 190-210 180 W, 10 min. + 90 W, 75-85 min. | 85-95 |
| Casselerrib met been, ca. 1 kg | open vorm, rooster | 1 | - - 360 W | 45-50 |
| Halsstuk, 2 cm dik | Braadslede + Rooster | 1 3 | 2 - | 1e kant: ca. 15-20 2e kant: ca. 10-15 |
| Lams en wildbraad Aanwijzing. Lams- en wildbraad halverwege de bereidingstijd keren. | ||||
| Lams en wildbraad | Toebehoren | Hoogte Verwar- Temperatuur °C, Magnetronvermogen Tijdsduur in mings- grillstand in watt minuten methode | ||
| Lamszadel met been, ca. | 1 kg open vorm, rooster | 1 4 190-210 - | 40-50 | |
| Lamsbout zonder been, medium, ca. 1,5 kg | gesloten vorm, rooster | 1 180-200 - | 90-100 | |
| Reerug met been, ca. 1 kg gesloten vorm, rooster | 1 210-220 - | 40-50 | ||
| Reebout zonder been, ca. 1,5 kg | gesloten vorm, rooster | 1 180-190 - | 105-120 | |
| Wild zwijn ca. 1,5 kg | gesloten vorm, rooster | 1 200-220 - | 90-100 | |
| Hertenvlees, ca. 1,5 kg | gesloten vorm, rooster | 1 200-220 - | 90-100 | |
| Konijn, ca. 1,5 kg | gesloten vorm, rooster | 1 200-220 90 W | 25-35 | |
| Diversen Aanwijzingen | ■ Keer de worstjes na van de bereidingstijd. | |||
| ■ Laat het gehakt tot slot | nog ca. 10 minuten staan. | |||
| Diversen | Toebehoren Hoogte | Verwar- Temperatuur Magnetronvermogen Tijdsduur in mings- °C, grillstand in watt minuten methode | ||
| Gebraden gehakt, ca. 1 kg vlees | open vorm, rooster 1 | 4 170-190 600 W, 10 min. + - 180 W, 40-50 min. | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
Worstjes om te grillen, Braadslede + 1 3 - 1e kant: ca. 10-15 4 tot 6 stuks Rooster 3 2e kant: ca. 5-10 Stuks à ca. 150 g
Gevogelte
Aanwijzingen
- Leg hele kippen, kipfilets en kalkoen met de borstzijde naar onderen. Na van de bereidingstijd keren.
- Leg de poularde met de borstzijde naar beneden. Na van de bereidingstijd keren en het magnetronvermogen op 180 watt zetten.
- Leg halve kippen en stukken kip met de kant van het vel naar boven. Niet omdraaien.
- Eend en gans na en van de bereidingstijd keren.
- Leg eend- en ganzenborst met de kant van het vel naar onderen. Halverwege de bereidingstijd keren.
- Ganzenbouten halverwege de bereidingstijd keren. Gaatjes in het vel prikken.
- Kalkoenrollade na van de bereidingstijdxxx keren.
- Leg kalkoenfilet en bouten met de kant van het vel naar beneden. Na van de bereidingstijd keren.
Pagina 28
Gevogelte Toebehoren Tijdsduur in
Hoogte Verwar- Temperatuur °C, Magnetronvermogen mings- grillstand in watt methode
minuten
| Kip, heel, ca. 1,2 kg gesloten vorm, rooster 1 | 4 | 230-250 | 360 W 25-35 | ||
| Poularde, heel gesloten vorm, rooster 1 | 4 | 200-220 | 360 W 30 180 W 15-25 | ||
| Kip, gehalveerd, open vorm, rooster 1 elk 500 g | 4 | 180-200 | 360 W 30-35 | ||
| Stukken kip, ca. 800 g open vorm, rooster 1 | 4 | 190-210 | 360 W 30-35 | ||
| Stukken kip, ca. 1,5 kg open vorm, rooster 1 | 4 | 190-210 | 360 W 35-40 | ||
| Kipfilet ca. 500 g open vorm, rooster 1 | 4 | 190-210 | 180 W 25-30 | ||
| Eend, heel, 1,5 tot Braadslede 1 1,7 kg | 4 | 170-190 | 180 W 60-80 | ||
| Eendenborst, 2 stuks Rooster + 2 à 300 tot 400 g Braadslede* 1 | 3 | 90 W 18-22 | |||
| Gans, heel, 3 tot 3,5 kg Braadslede 1 | 4 | 170-190 | 180 W 80-90 | ||
| Ganzenborst, 2 stuks Rooster + 2 à 500 g Braadslede* 1 | 4 | 210-230 | 90 W 20-25 | ||
| Ganzenbouten, 4 stuks Rooster + 2 ca. 1,5 kg Braadslede* 1 | 4 | 170-190 | 180 W 30-40 | ||
| Kalkoen, heel, ca. 3 kg Braadslede 1 | 3 | 170-180 | 180 W 60-70 | ||
| Kalkoenrollade, gesloten vorm, rooster 1 ca. 1,5 kg | 4 | 190-200 | 180 W 60-70 | ||
| Kalkoenfilet, ca.1 kg gesloten vorm, rooster 1 | 200-210 | - 80-90 | |||
| Kalkoenbout, ca. 1,3 kg gesloten vorm, rooster 1 * 50 ml water in de braadslede doen | 4 | 210-230 | 360 W 45-50 | ||
| Vis Aanwijzingen ■ Maak hele, gestoofde vis klaar in de zwemhouding. ■ Leg om te grillen de hele vis, bijv. forel, in het midden van het rooster. | |||||
| Vis Toebehoren | Hoogte Verwarmingsmethode | Grillstand | Magnetronver- Tijdsduur in minuten mogen in watt | ||
| Vis heel, bijv. forel ca. 300 g, gegrild Braadslede + rooster* | 1 3 | 2 | - 1e kant: ca. 10-15 2e kant: ca. 8-12 | ||
| Viskotelet, bijv. zalm 3 cm dik, gegrild Braadslede + rooster* | 1 3 | 3 | - 1e kant: ca. 10-12 2e kant: ca. 8-12 | ||
| hele vissen, 2-3 stuks à 300 g, gegrild Braadslede + rooster* | 1 3 | 2 | - 1e kant: ca. 10-15 2e kant: ca. 10-15 | ||
| hele vissen ca. 1 kg, gestoofd gesloten vorm, rooster | 1 | - | - | 600 W 10-15 | |
| hele vissen ca. 1,5 kg, gestoofd gesloten vorm, rooster | 1 | - | - | 600 W 10-15 360 W 5-10 | |
| hele vissen ca. 2 kg, gestoofd gesloten vorm, rooster | 1 | - | - | 600 W 15-20 360 W 10-15 | |
| Visfilet, bijv. zeezalm, ca. 800 g, gesloten vorm, gestoofd rooster | 1 | - | - | 600 W 9-14 | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 28)
* Het rooster eerst met olie invetten.
Tips voor het braden en grillen
| Voor het gewicht van het vlees staan geen gegevens in de tabel. | Kies voor kleinere stukken vlees een hogere temperatuur en een kortere bereidingstijd. Kies voor grotere stukken vlees een lagere temperatuur en een langere bereidingstijd. |
| Hoe kunt u vaststellen of het vlees klaar is? | Gebruik de vleesthermometer (verkrijgbaar in de speciaalzaak) of doe de “lepeltest". Druk met de lepel op het vlees. Voelt het stevig aan, dan is het klaar. |
| Geeft het mee, dan heeft het nog wat tijd nodig. | |
| Het vlees ziet er goed uit, maar de jus is aangebrand. | Neem de volgende keer kleiner braadgerei of voeg wat meer vloeistof toe. |
Pagina 29
Het vlees ziet er goed uit, maar de jus is te licht en te waterig.
Het vlees is niet doorbakken.
Neem de volgende keer groter braadgerei en voeg minder vloeistof toe.
Snijd het vlees open. Maak de saus klaar in het braadgerei en leg de plakken vlees in de saus. Bereid het vlees verder alleen met de magnetron.
Ovenschotels, gegratineerde gerechten, toast
Aanwijzingen
- De tabel geldt voor producten die in de onverwarmde oven worden geplaatst.
- Gebruik voor ovenschotels en gegratineerde gerechten een grote, lage vorm. In kleine, hoge vormen hebben de gerechten meer tijd nodig en wordt de bovenkant donkerder.
- Doe de ovenschotel in een vorm die geschikt is voor de magnetron en zet deze op het rooster
- Laat ovenschotels en gegratineerde gerechten nog 5 minuten in de uitgeschakelde oven nagaren.
- Gebruik voor ovenschotels, gegratineerde aardappels en lasagne een 4 tot 5 cm hoge ovenschaal.
- Doe soufflé in portievormen of in een hoge ovenschaal. De binnenruimte voorverwarmen.
- Gegrilde toasts: 4 stuks naast elkaar in het midden van de braadslede leggen. 12 stuks gelijkmatig over de braadslede verdelen.
| Ovenschotels, gegratineerde gerechten, toast | Toebehoren | Hoogte | Verwarmingsmethode | Temperatuur °C, grillstand | Magnetronvermogen in watt | Tijdsduur in minuten |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Ovenschotel, zoet, ca. 1,5 kg | open vorm, rooster | 1 | 4 | 140-160 | 360 W | 25-35 |
| Soufflé | open vorm, rooster | 1 | 3 | 160-180 | - | 40-50 |
| Soufflé in portievormen | Rooster | 1 | 200-210 | - | 12-17 | |
| Noedelsoufflé, ca. 1 kg | open vorm, rooster | 1 | 4 | 140-160 | 600 W | 20-30 |
| Lasagne ca. 2 kg | open vorm, rooster | 2 | 180-200 | 600 W | 20-30 | |
| Gegratineerde aardappels van rauwe ingrediënten, ca. 1,1 kg | open vorm, rooster | 1 | 4 | 170-190 | 600 W | 20-25 |
| Toast grillen, 4 stuks | Braadslede | 2 | 3 | - | 8-13 | |
| Toast grillen, 12 stuks | Braadslede | 2 | 3 | - | 9-14 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
Kant-en-klaar producten
Aanwijzingen
- Lees de aanwijzingen van de fabrikant op de verpakking.
- De tabel geldt voor producten die in de onverwarmde oven worden geplaatst.
- Frites, kroketten en rösti niet op elkaar leggen.
- Vissticks, kipsticks, nuggets en groenteburgers halverwege de bereidingstijd keren.
- Slagroomtaart zonder toebehoren op de bodem van de oven, hoogte 0, plaatsen.
| Kant-en-klaar producten | Toebehoren | Hoogte | Verwarmingsmethode | Temperatuur in °C | Magnetronvermogen in watt | Tijdsduur in minuten |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Pizza met dunne bodem | Braadslede | 1 | 210-230 | - | 20-25 | |
| Pizza met dikke bodem | Braadslede | 1 | 200-220 | 90 W | 15-25 | |
| Minipizza | Braadslede | 1 | 210-230 | - | 15-20 | |
| Pizza-baguette | Braadslede | 2 | 3 | 180-190 | - | 15-20 |
| Frites | Braadslede | 1 | 220-230 | - | 20-25 | |
| Kroketten | Braadslede | 1 | 200-220 | - | 25-35 | |
| Rösti, gevulde aardappelflappen | Braadslede | 2 | 200-220 | - | 25-35 | |
| Broodjes, baguette | Rooster | 2 | 200-220 | - | 15-20 | |
| Zoute krakelingen, niet voorgebakken | Braadslede* | 2 | 190-210 | - | 20-25 | |
| Afbakbroodje of -stokbrood | Rooster | 2 | 3 | 140-150 | - | 12-15 |
| Vissticks | Braadslede | 2 | 4 | 190-210 | 180 W | 10-15 |
| Kipsticks, nuggets | Braadslede | 2 | 4 | 190-210 | 360 W | 15-20 |
| Groenteburgers | Braadslede | 2 | 4 | 200-220 | 180 W | 15-25 |
| Strudel | Braadslede | 2 | 3 | 200-220 | 90 W | 20-25 |
| Lasagne | Rooster | 2 | 200-210 | 180 W | 18-23 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
* Bekleed de braadslede met bakpapier.
Het bakpapier moet voor deze temperaturen geschikt zijn.
29
Pagina 30
Testgerechten
De kwaliteit en de werking van magnetron-combiapparaten Volgens de norm EN 60705, IEC 60705 resp. DIN 44547 en worden aan de hand van deze gerechten getest door EN 60350 (2009) keuringsdiensten.
| Ontdooien met magnetron Gerecht Magnetronvermogen watt, tijdsduur in minuten | N.B. |
|---|---|
| Vlees 180 W, 5 min. + 90 W, 1015 min. | Pyrexform Ø 22 cm op het rooster, hoogte 1 plaatsen. Na ca. 10 minuten ontdooid vlees verwijderen. |
| Garen met de magnetron Gerecht Magnetronvermogen watt, tijdsduur in minuten | N.B. |
| Vla 360 W, 10 min. + 180 W, 20-25 min. | Pyrexform op het rooster, hoogte 1 plaatsen. |
| Biscuittaart 600 W, 8-10 min. | Pyrexform Ø 22 cm op het rooster, hoogte 1 plaatsen. |
| Gebraden gehakt 600 W, 2025 min. | Pyrexform op het rooster, hoogte 1 plaatsen. |
| Garen in combinatie met de magnetron Gerecht Magnetronvermogen watt, Verwartijdsduur in minuten mingsmethode | Temperatuur °C N.B. |
| Gegratineerde 600 W, 2025 min. 4 aardappels | 170-190 Pyrexform Ø 22 cm op het rooster, hoogte 1 plaatsen. |
| Gebak 180 W, 1520 min. | 180-200 Pyrexvorm Ø 22 cm op het rooster, hoogte 1 plaatsen. |
| Kip* 360 W, 3035 min. 4 | 200-220 Na 15 minuten keren. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 30)
* Plaats het rooster op hoogte 2 en de braadslede op hoogte 1.
Bakken
Aanwijzingen
- De tabel geldt voor producten die in de onverwarmde oven worden geplaatst.
- Bedekte appeltaart: donkere springvormen verspringend naast elkaar plaatsen.
| Vormen | Hoogte | Verwarmingsmethode | Temperatuur °C | Tijdsduur in minuten | |
|---|---|---|---|---|---|
| Sprits | Braadslede | 2 | 160-180 | 20-30 | |
| Braadslede | 2 | 3 | 150-170 | 20-30 | |
| Small cakes | Braadslede | 2 | 150-170 | 25-35 | |
| Braadslede | 2 | 3 | 140-160 | 25-35 | |
| Waterbiscuit | Springvorm op het rooster | 1 | 170-180 | 30-40 | |
| Plaatgebak met gist | Braadslede | 2 | 170-190 | 45-55 | |
| Bedekte appeltaart | 2 springvormen Ø 20 cm + Braadslede | 1 | 180-200 | 70-90 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 30)
Grillen
Verwarmingsmethode
| Toebehoren | Hoogte | Grillstand | Tijdsduur, minuten |
|---|---|---|---|
| Toast gratineren* Rooster | 3 | 3 | 1-2 |
| Beefburger 12 stuks** Rooster + | 3 | 3 | 30 |
| Braadslede | 1 | ||
| * 5 minuten voorverwarmen. | |||
| ** Halverwege de bereidingstijd keren. |
Pagina 31
Acrylamide in levensmiddelen
Om welke gerechten gaat het?
Acrylamide ontstaat vooral bij met hoge verhitting klaargemaakte graan- en aardappelproducten, zoals
bijv. aardappelchips, frites, toast, broodjes, brood, fijne bakwaren (koekjes, taaitaai, speculaas).
Tips voor een acrylamidearme bereiding van gerechten
| Algemeen | Zo kort mogelijke bereidingstijden aanhouden. Gerechten goudgeel, niet te donker laten worden. Grote, dikke gerechten bevatten minder acrylamide. |
| Bakken koekjes | Met boven- en onderwarmte max. 200 °C, met 3D-hetelucht of hete lucht max.180 °C. |
| Oven-frites | Met boven- en onderwarmte max. 190 °C, met 3D-hete lucht of hete lucht max. |
| 170 °C. Ei of eierdooier gaat de vorming van acrylamide tegen. Gelijkmatig en in één laag over de plaat verdelen. Minstens 400 g per plaat bakken, zodat de aardappels niet uitdrogen. |