naslaan.comZoekenAlle merken

Neff S41N69N1EU, tekst van de handleiding

Vaatwasser · Neff · 24 pagina's in het Nederlands · pdf: 28 pagina's, 2,1 MB

Handleiding openen (pdf) Bron: www.neff-home.com

Storingen op pagina 20

Pagina 20

Vanaf de titel; het begin van pagina 20 staat in de pdf.

Storingen zelf verhelpen

De ervaring leert dat veel storingen die in het dagelijks gebruik optreden, door u zelf verholpen kunnen worden. Hiermee bespaart u natuurlijk kosten en bent u er zeker van dat de machine snel weer gebruikt kan worden. In het volgende overzicht vindt u eventuele oorzaken van de storingen en nuttige aanwijzingen om deze te verhelpen.

ã=Waarschuwing

Als op de cijferindicatie een foutcode ( : tot : ), moet altijd eerst de stekker van het apparaat uit het stopcontact getrokken resp. de zekering uitgeschakeld worden en de kraan worden dichtgedraaid.

Bepaalde storingen (zie de volgende beschrijving van storingen) kunt u zelf verhelpen; bij alle andere storingen a.u.b. de Servicedienst inschakelen en de aangegeven storing :XX aangeven.

ã=Waarschuwing

Denk eraan: reparaties mogen alleen door een vakkundig monteur worden uitgevoerd. Mocht het uitwisselen van een onderdeel noodzakelijk zijn, let er dan op dat alleen originele onderdelen gebruikt worden. Ondeskundige reparatie of gebruik van niet-originele onderdelen kan aanzienlijke schade en gevaar voor de gebruiker opleveren.

... bij het inschakelen

Het apparaat start niet.

  • Zekering van de huisinstallatie niet in orde.
  • De stekker zit niet in het stopcontact.
  • De deur van het apparaat is niet goed dicht.

... bij het instellen

De instelling kan niet gewijzigd worden, een programma start.

  • Verkeerde programmatoets ingedrukt. Het programma afbreken (zie hoofdstuk „Programma afbreken (Reset)”) en van voren af aan beginnen.
  • Einde van het programma niet afgewacht.

... aan het apparaat

De onderste sproeiarm draait moeilijk.

  • Sproeiarm geblokkeerd.

De deur kan niet alleen moeilijk geopend worden. *

  • Kinderbeveiliging is geactiveerd.

De gebruiksaanwijzing voor de deactivering bevindt zich achterin in de omslag.

* Afhankelijk van het model De deur kan niet sluiten.

  • Het deurslot is omgesprongen. Om het slot terug te zetten de deur met grote kracht sluiten.

Deksel van het afwasmiddelbakje kan niet gesloten worden.

  • Afwasmiddelbakje te vol of mechanisme door vastgeplakte afwasmiddelresten geblokkeerd.

Afwasmiddelresten in het afwasmiddelbakje.

  • Afwasmiddelbakje was tijdens het vullen vochtig.

Indicatie „Watertoevoer controleren” 8 brandt.

  • Kraan dicht.
  • Watertoevoer onderbroken.
  • Watertoevoerslang geknikt.
  • Zeef aan de kraan verstopt.
  • Apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken.
  • Kraan dichtdraaien.

Pagina 21

Zeven verstopt.

Bijvulindicatie voor zout en/ of glansspoelmiddel brandt niet.

De navulindicatie voor speciaal zout brandt.

Onthardingszout bijvullen.

nl

... bij de afwas

Abnormale schuimvorming

Gemorst glansspoelmiddel leidt tot overmatige schuimvorming. Daarom moet u het gemorste glansspoelmiddel met een doekje verwijderen.

Het programma stopt tijdens de afwas.

Klappende geluiden van de vulventielen

Klappende/kletterende geluiden tijdens de afwas

... aan het serviesgoed

Etensresten op het serviesgoed.

Pagina 22

nl

Witte vlekken op het serviesgoed/de glazen blijven melkkleurig.

Bij het gebruik van afwasmiddel zonder fosfaat kan er bij hard leidingwater eerder witte aanslag op het serviesgoed en de binnenwanden van de machine ontstaan.

Neem contact op met de fabrikant van het reinigingsproduct, vooral als:

Doffe, verkleurde glazen, aanslag kan niet worden afgewassen.

Strepen op glazen en bestek, glazen zien er metaalachtig uit.

Verkleuringen op kunststof delen.

Roestsporen op het bestek.

Glansspoelmiddel gebruiken (instelling zie hoofdstuk Glansspoelmiddel).

Servicedienst

Als u de storing niet zelf kunt verhelpen, neem dan contact op met de

Servicedienst. De contactgegevens van de dichtstbijzijnde Servicedienst vindt u op de achterkant van deze gebruiksaanwijzing of in de bijgesloten lijst met

Servicedienstadressen. Geef aan de Servicedienst typenummer (E­Nr. = 1) en het FD-nummer (FD = 2) op. U vindt deze gegevens op het typeplaatje 9 op de deur van het apparaat.

1 FD

2

Vertrouw op de deskundigheid van de fabrikant. Neem contact met ons op. U bent er dan van verzekerd dat de reparatie door ervaren technici wordt uitgevoerd die gebruik maken van de originele reserveonderdelen voor uw apparaat.

Pagina 23

Installatie

Om de afwasautomaat goed te laten functioneren moet hij vakkundig worden aangesloten. De gegevens van watertoevoer en waterafvoer en de elektrische aansluitwaarden moeten met de vereiste criteria overeenkomen zoals deze in de volgende alinea’s resp. in het montagevoorschrift zijn beschreven. Bij de montage de juiste volgorde van de handelingen aanhouden:

Veiligheidsvoorschriften

nl

In de kunststof behuizing aan de wateraansluiting bevindt zich een elektrisch ventiel, in de toevoerslang bevinden zich de aansluitingsleidingen. De slang niet doorsnijden, de kunststof behuizing niet in water onderdompelen.

ã=Waarschuwing

Als het apparaat niet in een nis staat waardoor een zijwand toegankelijk is, dan moeten de deurscharnieren om veiligheidsredenen aan de zijkant afgedekt worden (kans op verwondingen).

De afdekkingen zijn als extra toebehoren tegen meerprijs bij de Servicedienst of bij uw leverancier verkrijgbaar.

Aflevering

Uw afwasmachine werd in de fabriek grondig gecontroleerd op correct functioneren. Hierbij zijn kleine watervlekken achtergebleven. Deze zijn na de eerste afwas verdwenen.

Pagina 24

nl

Technische gegevens

Gewicht:

max. 60 kg

Spanning:

220–240 V, 50 Hz of 60 Hz

Aansluitwaarde:

1,9–2,3 kW

Zekering:

10/16 A

Waterdruk:

minimaal 0,05 MPa (0,5 bar), maximaal 1 MPa (10 bar). Bij hogere waterdruk: een drukreduceerventiel ervoor installeren. Hoeveelheid binnenstromend water: minimaal 10 liter per minuut.

Temperatuur van het water:

Koud water, bij warm water max.

temperatuur 60 °C.

Plaatsing

De vereiste inbouwmaten vindt u in het montagevoorschrift. Het apparaat met behulp van de verstelbare voetjes waterpas zetten. Let erop dat het apparaat stevig staat.

Aansluiten op de waterafvoer

Let erop dat de waterafvoerslang niet geknikt, ingedrukt of ineen gestrengeld is en dat een stop in de afvoer het wegstromen van het water niet belemmert!

Aansluiten op de watertoevoer

Waterdruk:

minimaal 0,05 MPa (0,5 bar), maximaal 1 MPa (10 bar). Bij hogere waterdruk: een drukreduceerventiel ervoor installeren. Hoeveelheid binnenstromend water: minimaal 10 liter per minuut.

Temperatuur van het water:

Koud water, bij warm water max.

temperatuur 60 °C.

Pagina 25

Warmwateraansluiting

De afwasautomaat kan op koud of warm water tot max. 60 °C worden aangesloten. De aansluiting op warm water wordt aanbevolen als dit uit een energetisch gunstige warmwaterbereiding en een geschikte installatie ter beschikking staat, bijv. een zonneënergie-installatie met circulatieleiding.

Hiermee bespaart energie en tijd.

Met de instelling Warmwater : kunt u uw apparaat optimaal op het gebruik met warm water afstemmen.

Wij adviseren hierbij een watertemperatuur (temperatuur van het instromende water) van minimaal 40 °C en maximaal 60 °C. De aansluiting op warm water wordt niet aanbevolen als het water uit een elektrische boiler ter beschikking wordt gesteld.

Instelling Warmwater:

De indicatie van toets knippert en op de cijferindicatie brandt de door de fabriek ingestelde waarde : .

Om de instelling te wijzigen:

De instelwaarde is opgeslagen.

nl

Elektrische aansluiting

Demontage

Neem ook hier de volgorde van de handelingen in acht.

Pagina 26

nl

Transport

Afwasmachine leeg laten lopen en losse onderdelen vastzetten.

Het apparaat in de volgende stappen legen:

Op de cijferindicatie verschijnt de vermoedelijke duur van het programma.

Programma start.

Na ca. 1 minuut verschijnt op de cijferindicatie : .

Apparaat alleen rechtop vervoeren.

(Om te voorkomen dat resterend water in het besturingsmechanisme terechtkomt wat tot een verkeerd programmaverloop leidt.)

Bescherming tegen vorst Als het apparaat in een voor vorst gevoelige ruimte staat (bijv. in een vakantiehuisje), dan moet u het apparaat helemaal leeg laten lopen (zie Transport).

26 Afvoeren van de verpakking en van uw oude apparaat

Zowel de verpakking van het nieuwe apparaat als het oude apparaat bevat waardevolle grondstoffen en materiaal dat hergebruikt kan worden.

De afzonderlijke delen a.u.b. gesorteerd afvoeren.

U kunt bij uw leverancier of bij de gemeente informeren hoe u uw oude apparaat en het verpakkingsmateriaal kunt (laten) afvoeren.

Verpakking

Alle kunststof delen van het apparaat zijn gemerkt met een gestandaardiseerd afkortingsteken (bijv. >PS< polystyreen). Hierdoor is bij het afvoeren van het apparaat een scheiding per soort van de kunststof afvaldelen mogelijk. Neem a.u.b. de aanwijzingen voor de veiligheid onder „Bij levering” in acht.

Uw oude apparaat

Neem a.u.b. de aanwijzingen voor de veiligheid onder „Bij het afvoeren” in acht.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2002/96/EC afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment

Wijzigingen voorbehouden.

Pagina's 1–2: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 3

nl Inhoudsopgave

Veiligheidsvoorschriften . . . . . . . . . . . . 4

Bij aflevering . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4

Bij de installatie . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4

Dagelijks gebruik . . . . . . . . . . . . . . . . 4

Bij kinderen in het huishouden . . . . . . 4

Deurvergrendeling . . . . . . . . . . . . . . . 4

Toetsenblokkering . . . . . . . . . . . . . . . . 4

Bij schade . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5

Bij het afvoeren van het apparaat . . . . 5

Kennismaking met het apparaat . . . . . . 5

Bedieningspaneel . . . . . . . . . . . . . . . . 5

Binnenkant van het apparaat . . . . . . . 5

Wateronthardingsinstallatie . . . . . . . . . 6

Instellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6

Tabel voor de waterhardheid . . . . . . . 6

Onthardingszout . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7

Gebruik van onthardingszout . . . . . . . 7

Reinigingsproducte met zoutcomponente . . . . . . . . . . . . . 7

Ontharding uitschakelen . . . . . . . . . . . 7

Glansspoelmiddel . . . . . . . . . . . . . . . . . 8

Hoeveelheid glansspoelmiddel instellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8

Indicatie glansspoelmiddel bijvullen uitschakelen . . . . . . . . . . . . . 9

Serviesgoed . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9

Ongeschikt servies . . . . . . . . . . . . . . . 9

Schade aan glas en serviesgoed . . . . 9

Inruimen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10

Uitruimen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10

Kopjes en glazen . . . . . . . . . . . . . . . 10

Pannen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10

Besteklade . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11

Omklapbare bordensteunen . . . . . . . 11

Kopjeshouder . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11

Houder voor kleingoed . . . . . . . . . . . 11

Afwasmiddel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13

Vul afwasmiddel . . . . . . . . . . . . . . . . 13

Gecombineerde reinigingsmiddelen . 14

Programma-overzicht . . . . . . . . . . . . . 15

Programmakeuze . . . . . . . . . . . . . . . 15

Aanwijzingen voor vergelijkende tests 15

Extra functies . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16

Tijd besparen (VarioSpeed) . . . . . . . 16

Halve belading . . . . . . . . . . . . . . . . . 16

Hygiëne . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16

IntensiefZone . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16

Extra drogen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16

Afwassen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16

Programmagegevens . . . . . . . . . . . . 16

Aqua-Sensor . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16

Inschakelen van het apparaat . . . . . . 16

Programmaverloopindicatie . . . . . . . . 16

Resttijdindicatie . . . . . . . . . . . . . . . . . 17

Starttijd kiezen . . . . . . . . . . . . . . . . . . 17

Einde van het programma . . . . . . . . . 17

Uitschakelen van het apparaat . . . . . 17

Onderbreken van het programma . . . 17

Afbreken van het programma . . . . . . 17

Wijzigen van het programma . . . . . . . 17

Schoonmaken en onderhoud . . . . . . . 18

Algemene toestand van de machine . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 18

Onthardingszout en glansspoelmiddel . . . . . . . . . . . . . . . 18

Zeven . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 18

Sproeiarmen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 19

Afvoerpomp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 19

Storingen zelf verhelpen . . . . . . . . . . . 20 ... bij het inschakelen . . . . . . . . . . . . . 20 ... bij het instellen . . . . . . . . . . . . . . . . 20 ... aan het apparaat . . . . . . . . . . . . . . 20 ... bij de afwas . . . . . . . . . . . . . . . . . . 21 ... aan het serviesgoed . . . . . . . . . . . 21

Servicedienst . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 22

Installatie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 23

Veiligheidsvoorschriften . . . . . . . . . . . 23

Aflevering . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 23

Technische gegevens . . . . . . . . . . . . 24

Plaatsing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 24

Aansluiten op de waterafvoer . . . . . . 24

Aansluiten op de watertoevoer . . . . . 24

Warmwateraansluiting . . . . . . . . . . . . 25

Elektrische aansluiting . . . . . . . . . . . . 25

Demontage . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 25

Transport . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 26

Bescherming tegen vorst (Leegmaken van het apparaat) . . . . . 26

Afvoeren van de verpakking en van uw oude apparaat . . . . . . . . . . . . . 26

Verpakking . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 26

Uw oude apparaat . . . . . . . . . . . . . . . 26

Pagina 4

nl

Veiligheidsvoorschriften

Bij aflevering

Bij de installatie

Hoe het apparaat volgens de voorschriften geplaatst en aangesloten moet worden, kunt u nalezen in het hoofdstuk „Installatie”.

Dagelijks gebruik

ã=Waarschuwing

Messen en andere voorwerpen met scherpe punten plat in de besteklade leggen.

Bij kinderen in het huishouden

De vingertjes kunnen in de sleuven beklemd raken.

Kinderbeveiliging (deurvergrendeling) *

De beschrijving van de kinderbeveiliging bevindt zich achterin in de omslag.

* Afhankelijk van het model

Kinderbeveiliging (toetsenblokkering)

U kunt uw afwasautomaat beveiligen tegen het onbedoeld afbreken van het programma (bijv. bij indrukken van toetsen door kinderen).

Pagina 5

Toetsenblokkering activeren:

Als tijdens het programmaverloop een willekeurige toets wordt aangetipt, verschijnt op de cijferindicatie . Afbreken van het programma (Reset) is niet mogelijk.

Toetsenblokkering deactiveren:

Bij schade

uitschakelen. Kraan dichtdraaien.

Bij het afvoeren van het apparaat

ã=Waarschuwing

Kinderen kunnen zichzelf tijdens het spelen in het apparaat opsluiten (kans op stikken) of in een andere gevaarlijke situatie geraken.

Trek daarom de stekker uit het stopcontact. Aansluitkabel doorknippen en verwijderen. Deurslot onklaar maken zodat de deur niet meer sluit.

nl

Kennismaking met het apparaat

De afbeeldingen van het bedieningspaneel en van de binnenruimte van het apparaat vindt u vooraan in de omslag van deze gebruiksaanwijzing.

In de tekst wordt op de verschillende posities gewezen.

Bedieningspaneel

0 Programmatoetsen **

8 Indicatie „Watertoevoer controleren”

* Afhankelijk van het model

** Aantal afhankelijk van het model

Binnenkant van het apparaat

1 Besteklade

1 Bovenste servieskorf

12 Bovenste sproeiarm

1 Tab-opvangschaal

1 Onderste sproeiarm

1 Reservoir voor onthardingszout 1 Zeven

1 Onderste servieskorf

1 Voorraadreservoir voor glansspoelmiddel

1 Afwasmiddelbakje

9 Vergrendeling voor afwasmiddelbakje 9 Typeplaatje

Pagina 6

nl

Wateronthardingsinstallatie

Voor een goed afwasresultaat heeft de afwasautomaat zacht water, d.w.z. water met weinig kalk nodig. Anders zetten zich witte kalkresten op het serviesgoed en de binnenkant van de spoelruimte af. Leidingwater met een hardheidsgraad boven 7° dH (vanaf instelwaarde : ) moet onthard worden. Dit gebeurt met behulp van onthardingszout (regenereerzout) in de wateronthardingsinstallatie van de afwasmachine.

De instelling en daarmee de benodigde hoeveelheid zout zijn afhankelijk van de hardheidsgraad van het leidingwater.

Instellen

De hoeveelheid onthardingszout is van : tot : instelbaar.

Bij de instelwaarde : is geen onthardingszout nodig.

De indicatie van toets knippert en op de cijferindicatie brandt de door de fabriek ingestelde waarde : .

Om de instelling te wijzigen:

De ingestelde waarde is in het geheugen opgeslagen.

Tabel voor de waterhardheid

mmol/l Instelwaarde

Water- Hardheidshardheids- bereik waarde°dH

op machine

0–6zacht0–1,1
7–8zacht1,2–1,4
9–10gemiddeld1,5–1,8
11–12gemiddeld1,9–2,1
13–16gemiddeld2,2–2,9
17–21hard3,0–3,7
22–30hard3,8–5,4
31–50hard5,5–8,9

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 6)

:

:

:

:

:

:

:

:

Pagina 7

Onthardingszout

Gebruik van onthardingszout Onmiddellijk vóór het inschakelen van het apparaat zout bijvullen. Hiermee bereikt u dat de overgelopen zoutoplossing onmiddellijk wordt uitgespoeld en corrosie aan het spoelreservoir wordt voorkomen.

Hierdoor wordt het water verdrongen en loopt weg.

Zodra de indicatie zout bijvullen op het bedieningspaneel brandt, moet opnieuw zout worden bijgevuld.

*

* Afhankelijk van het model

Gebruik van reinigingsproducten met zoutcomponenten

Bij gebruik van gecombineerde reinigingsproducten met zoutcomponenten hoeft in het algemeen tot een waterhardheid van 21°dH (37°fH, 26°Clarke, 3,7mmol/l) geen onthardingszout gebruikt te worden. Bij een waterhardheid boven 21° dH is ook hier het gebruik van onhardingszout noodzakelijk.

nl

Indicatie zout bijvullen/ ontharding uitschakelen Als de indicatie zout bijvullen stoort (bijv. bij gebruik van gecombineerde reinigingsproducten met zoutcomponenten), dan kan deze uitgeschakeld worden.

Hiermee zijn de onthardingsinstallatie en de indicatie zout bijvullen uitgeschakeld.

ã=Waarschuwingen

Pagina 8

nl

Glansspoelmiddel

Als indicatie Glansspoelmiddel bijvullen op het bedieningspaneel brandt, dan is er nog glansspoelmiddel voor 1 – 2 afwasbeurten aanwezig. U moet glansspoelmiddel bijvullen.

Glansspoelmiddel hebt u nodig voor streeploos gedroogd serviesgoed en heldere glazen. Gebruik alleen glansspoelmiddel voor huishoudelijke afwasautomaten.

Gecombineerde reinigingsproducten met glansspoelcomponenten kunnen alleen tot een waterhardheid van 21° dH (37° fH, 26° Clarke, 3,7 mmol/l) gebruikt worden. Bij een waterhardheid boven 21° dH is ook hier het gebruik van glansspoelmiddel noodzakelijk.

max

Hoeveelheid glansspoelmiddel instellen

De hoeveelheid glansspoelmiddel is van : tot : instelbaar.

De stand : is in de fabriek ingesteld. Verander de hoeveelheid glansspoelmiddel alleen als er strepen (lagere stand instellen) of watervlekken (hogere stand instellen) op het serviesgoed achterblijven.

De indicatie van toets knippert en op de cijferindicatie brandt de door de fabriek ingestelde waarde : .

Om de instelling te wijzigen:

De instelwaarde is opgeslagen.

Pagina 9

Indicatie glansspoelmiddel bijvullen uitschakelen

Als de glansspoelmiddelindicatie stoort (bijv. bij gebruik van gecombineerde reinigingsmiddelen met glansspoelcomponenten) dan kan deze worden uitgeschakeld.

zetten.

Hiermee is de indicatie glansspoelmiddel bijvullen uitgeschakeld.

nl

Serviesgoed

Ongeschikt servies

Geglazuurd serviesgoed en voorwerpen van aluminium en zilver kunnen bij het afwassen gaan verkleuren of verbleken. Ook sommige soorten glas (bijv.

voorwerpen van kristal) kunnen dof worden nadat ze vele malen zijn afgewassen.

Schade aan glas en serviesgoed Oorzaken:

Advies:

Pagina 10

nl

Inruimen

Afspoelen onder stromend water is niet nodig.

Hele kleine voorwerpen niet in de machine afwassen. Ze kunnen gemakkelijk uit de servieskorven vallen.

Uitruimen

Om te vermijden dat waterdruppels van de bovenste servieskorf op het serviesgoed in de onderste servieskorf vallen, is het aan te raden het apparaat van onder naar boven uit te ruimen. Heet serviesgoed is stootgevoelig! Laat het daarom na afloop van het programma net zo lang in de afwasautomaat afkoelen tot u het goed kunt vastpakken.

Kopjes en glazen Bovenste servieskorf 1

Pannen

Onderste servieskorf 1

Tip

Erg vervuild serviesgoed (pannen) moet in de onderste korf worden ingeruimd. Door de sterkere sproeistraal verkrijgt u zo een beter afwasresultaat.

Tip

Andere voorbeelden hoe u uw afwasautomaat optimaal kunt inruimen, vindt u op onze homepage. U kunt deze gratis downloaden. Ons internetadres vindt u op de achterkant van deze gebruiksaanwijzing.

Pagina 11

Besteklade

Het bestek zoals afgebeeld in de besteklade 1 inruimen. Apart inruimen van het bestek vergemakkelijkt het uitruimen na het afwassen.

De lade kan eruit gehaald worden.

Omklapbare bordensteunen *

* Afhankelijk van het model De bordensteunen zijn omklapbaar waardoor pannen, schalen en glazen praktischer kunnen worden ingeruimd.

1

nl

Kopjeshouder *

* afhankelijk van het model

Bij het afwassen van kopjes kan de kopjeshouder opgeklapt worden. Door de extra schuine stand blijft er minder water op de onderkant van het kopje liggen.

Bij hoge glazen is het raadzaam de kopjeshouder omgeklapt te laten.

Houder voor kleingoed *

* Afhankelijk van het model

Hier kunnen lichte voorwerpen van kunststof zoals bekers, deksels enz. vastgeklemd worden.

Pagina 12

nl

Verstellen van de korfhoogte De bovenste servieskorf 1 kan in de hoogte op 3 standen versteld worden om in de bovenste of onderste servieskorf meer plaats te creëren.

Hoogte van het apparaat 81,5 cm

Bovenste korfOnderste korf
Stand 1 max. ø16 cm30 cm
Stand 2 max. ø18,5 cm27,5 cm
Stand 3 max. ø21 cm25 cm

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)

Hoogte van het apparaat 86,5 cm

Bovenste korfOnderste korf
Stand 1 max. ø18 cm33 cm
Stand 2 max. ø20,5 cm30,5 cm
Stand 3 max. ø23 cm28 cm

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)

Hierbij de korf aan de zijkant aan de bovenste rand vasthouden om te voorkomen dat hij plotseling naar beneden valt.

Pagina 13

Afwasmiddel

U kunt zowel tabletten als poedervormige of vloeibare afwasmiddelen voor de wasmachine gebruiken, maar nooit handafwasmiddel. Afhankelijk van de vervuiling kan met poedervormig of vloeibaar afwasmiddel de dosering individueel worden aangepast. Tabs bevatten voor alle afwasprogramma’s voldoende werkzame stoffen. Moderne, krachtige afwasmiddelen hebben meestal een laag alkalische receptuur met fosfaat en enzymen. Fosfaten binden de kalk in het water. Enzymen breken zetmeel af en lossen eiwitten op. Minder voorkomend zijn afwasmiddelen zonder fosfaat. Deze hebben iets minder vermogen om kalk te binden en vereisen een hogere dosering. Om gekleurde vlekken (bijv. thee of ketchup) te verwijderen worden meestal bleekmiddelen op basis van zuurstof gebruikt.

Aanwijzing

Neem voor een goed afwasresultaat altijd de aanwijzingen op de verpakking in acht! Hebt u nog andere vragen, dan raden wij u aan contact op te nemen met de fabrikant van het afwasmiddel.

ã=Waarschuwing

Let op de veiligheidsvoorschriften resp. de aanwijzingen bij het gebruik op de verpakkingen van het afwas- en glansspoelmiddel.

nl

Vul afwasmiddel

Afwasmiddel alleen in het droge afwasmiddelbakje 1 gieten (tablet plat neerleggen, niet op zijn kant). Dosering: zie de aanwijzingen van de fabrikant op de verpakking. De indeling in het afwasmiddelbakje 1 biedt hulp bij de juiste dosering van poedervormig of vloeibaar afwasmiddel.

Gewoonlijk volstaat 20 ml–25 ml bij normale vervuiling. Bij gebruik van tabs is één tablet voldoende.

50 ml 25 ml 15 ml

Het afwasmiddelbakje gaat, afhankelijk van het programma, op het juiste tijdstip automatisch open.

Het poedervormige of vloeibare afwasmiddel wordt in het apparaat verdeeld en opgelost, het tablet valt in de tab-opvangschaal en wordt daar gedoseerd opgelost.

Verder lezen op pagina 14Inhoud

Meer handleidingen: Neff vaatwasser