Neff S41N69N1EU, tekst van de handleiding
Pagina's 14–26 van 28 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 14
nl
Tip
Als het serviesgoed niet erg vuil is, kunt u normalerwijze volstaan met minder afwasmiddel dan is aangegeven.
Geschikte reinigings- en onderhoudsmiddelen kunt u online op onze internetsite of bij de Servicedienst bestellen (zie achterkant).
Gecombineerde reinigingsmiddelen
Naast de gebruikelijke afwasmiddelen (Solo) wordt een aantal producten aangeboden met extra functies. Deze producten bevatten behalve afwasmiddel vaak ook glansspoelmiddel en zoutvervangende stoffen (3in1) en, afhankelijk van de combinatie (4in1, 5in1, enz.), ook nog extra componenten zoals glasbescherming of glansmiddel voor roestvrij staal. Gecombineerde reinigingsmiddelen functioneren alleen tot een bepaalde hardheidsgraad (meestal 21°dH). Boven deze grenswaarde moeten zout en glansspoelmiddel worden toegevoegd.
Zodra gecombineerde reinigingsproducten gebruikt worden past het afwasprogramma zich automatisch zodanig aan dat altijd het best mogelijke afwas- en droogresultaat bereikt wordt.
ã=Waarschuwingen
- Leg geen kleine voorwerpen om af te wassen in de tabopvangschaal 1 ; hierdoor kan het tablet niet gelijkmatig oplossen.
- Als u na de start van het programma serviesgoed wilt bijvullen, gebruik de tab-opvangschaal 1 dan niet als handgreep voor de bovenste servieskorf. Het tablet kan er al in liggen waardoor u met het gedeeltelijk opgeloste tablet in contact komt.
Aanwijzingen
- Optimale afwas- en droogresultaten bereikt u door het gebruik van losse afwasmiddelen in combinatie met (apart) gebruik van onthardingszout en glansspoelmiddel.
- Bij korte programma’s kunnen tabletten door een verschillende manier van oplossen eventueel niet de volle reinigingskracht ontwikkelen waardoor er onopgeloste afwasmiddeldeeltjes achterblijven. Voor deze programma's is een reinigingsmiddel in poedervorm beter geschikt.
- Bij het programma „Intensief” (niet bij alle modellen) is de dosering van één tablet voldoende. Bij gebruik van poedervormig afwasmiddel kunt u nog wat extra afwasmiddel op de binnenkant van de deur strooien.
- Ook als de indicatie glansspoelmiddel en/of zout bijvullen brandt, verloopt het afwasprogramma bij gebruik van gecombineerd reinigingsmiddelen zonder problemen.
- Bij gebruik van afwasmiddelen met in water oplosbaar beschermend omhulsel: het omhulsel alleen met droge handen vastpakken. Het afwasmiddelbakje moet vóór het vullen absoluut droog zijn, anders kan het afwasmiddel eraan vastplakken.
- Als u van gecombineerde reinigingsmiddelen op losse afwasmiddelen omschakelt, let er dan op dat de wateronthardingsinstallatie en de hoeveelheid glansspoelmiddel op de juiste waarde zijn ingesteld.
Pagina 15
nl
Programma-overzicht
In dit overzicht staat het maximaal mogelijke aantal programma’s vermeld. De bij uw apparaat behorende programma’s kunt u op het bedieningspaneel aflezen.
| Soort serviesgoed | Soort vervuiling | Programma | Eventuele extra functies | Programmaverloop |
|---|---|---|---|---|
| potten, pannen, niet gevoelig serviesgoed en bestek | erg aangekoekte, ingebrande of opgedroogde zetmeel- of eiwithoudende etensresten | / Intensief 70° | alle | Voorspoelen Reinigen 70° Tussenspoelen Glansspoelen 65° Drogen |
| Auto 45° – 65° | Wordt naar mate van de vervuiling met behulp van het sensorsysteem geoptimaliseerd. | |||
| gemengd serviesgoed en bestek | licht opgedroogde, in het huishouden gebruikelijke etensresten | |||
| / Eco 50° | Voorspoelen Reinigen 50° Tussenspoelen Glansspoelen 65° Drogen | |||
| gevoelig serviesgoed, bestek, temperatuurgevoelige kunststoffen en glazen | weinig aangekoekte verse etensresten | / Glas 40° | IntensiefZone Tijd besparen Halve belading Extra drogen | Voorspoelen Reinigen 40° Tussenspoelen Glansspoelen 55° Drogen |
| / Snel 45° | Extra drogen | Reinigen 45° Tussenspoelen Glansspoelen 55° | ||
| alle soorten serviesgoed | koud voorspoelen, tussentijdse reiniging | / Voorspoelen | geen | Voorspoelen |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
Programmakeuze
Aan de hand van het soort serviesgoed en de mate van vervuiling kunt u een passend programma uitzoeken.
Aanwijzingen voor vergelijkende tests
De voorwaarden voor de vergelijkende test ontvangt u op aanvraag per e-mail dishwasher@test-appliances.com.
Geef wel het typenummer (ENr.) en de fabricagedatum (FD) op. U vindt ze op het typeplaatje 9 op de deur van het apparaat.
Pagina 16
nl
Extra functies
* Afhankelijk van het model Instelbaar via de toetsen extra functies .
Tijd besparen (VarioSpeed) *
Met de functie >>Tijd besparen<< kan de looptijd – afhankelijk van het gekozen afwasprogramma – met ca. 20% tot 50% verkort worden. De op een bepaald ogenblik optredende wijziging van de looptijd wordt op de cijferindicatie aangegeven. Om bij verkorte looptijd optimale reinigingsresultaten te bereiken worden water- en energieverbruik verhoogd.
• Halve belading *
Als u maar weinig afwas hebt (bijv. glazen, kopjes, borden), dan kunt u de „Halve belading” bijschakelen. Hiermee bespaart u water, energie en tijd. Vul het afwasmiddelbakje met iets minder afwasmiddel dan zoals aanbevolen bij een volle belading van de machine.
Hygiëne *
Tijdens het reinigingsproces wordt de temperatuur verhoogd. Hierdoor wordt een verhoogde hygiënestatus bereikt. Deze extra functie is ideaal voor bijv. het afwassen van snijplanken of babyflesjes.
IntensiefZone *
Perfect voor gemengde belading. U kunt erg vuile potten en pannen in de onderste servieskorf samen met normaal vervuild serviesgoed in de bovenste korf afwassen. De sproeidruk in de onderste servieskorf wordt versterkt, de temperatuur van het afwaswater iets verhoogd.
• Extra drogen *
Door een verhoogde temperatuur tijdens het glansspoelen en een verlengde droogfase kunnen ook kunststof delen beter drogen. Het energieverbruik is iets hoger.
Afwassen
Programmagegevens
De programmagegevens (verbruikswaarden) vindt u in de korte handleiding. Ze hebben betrekking op normale omstandigheden en de instelwaarde van de waterhardheid : . Verschillende factoren zoals de temperatuur van het water en de druk in de waterleiding zijn hierbij van invloed en kunnen tot afwijkingen leiden.
Aqua-Sensor *
* Afhankelijk van het model
De Aqua-Sensor is een optisch meetsysteem (met lichtstraal) waarmee de vertroebeling van het afwaswater wordt gemeten.
Afhankelijk van het programma treedt de Aqua-Sensor in werking. Als de Aqua-Sensor actief is, kan „schoon” afwaswater in de volgende reinigingsfase gebruikt worden en het waterverbruik daardoor met 3–6 liter verminderd worden. Is het water te vuil, dan wordt het afgepompt en door vers water vervangen. In de automatische programma’s worden bovendien temperatuur en looptijd aan de mate van vervuiling aangepast.
Inschakelen van het apparaat
- Kraan helemaal opendraaien.
- AAN/UIT-schakelaar inschakelen. De indicatie van het laatst gekozen programma knippert. Dit programma blijft gekozen zolang er geen andere programmatoets 0 wordt ingedrukt. Op de cijferindicatie knippert de vermoedelijke programmaduur.
- START-toets indrukken.
Het programmaverloop start.
Programmaverloopindicatie
/ Het serviesgoed wordt afgewassen.
5/ Het serviesgoed wordt glanzend gespoeld. / Het serviesgoed wordt gedroogd.
Pagina 17
Resttijdindicatie
Bij de keuze van het programma verschijnt op de cijferindicatie de resterende duur van het programma. De programmaduur wordt tijdens het programma bepaald door de temperatuur van het water, de hoeveelheid serviesgoed en de mate van vervuiling en kan (afhankelijk van het gekozen programma) variëren.
Starttijd kiezen *
* Afhankelijk van het model
U kunt het programma tot 24 uur later (in stappen van een uur) laten starten.
- Deur sluiten.
- AAN/UIT-schakelaar inschakelen.
- Toets + indrukken tot de cijferindicatie op : springt.
- Toets + of – net zo vaak indrukken tot de aangegeven tijd aan uw wens voldoet.
- START-toets indrukken, de gekozen starttijd is geactiveerd.
- Om de gekozen starttijd te wissen: de toets + of – net zo vaak indrukken tot op de cijferindicatie : verschijnt.
Tot de starttijd kunt u het programma willekeurig wijzigen.
Einde van het programma Het programma is beëindigd als op de cijferindicatie de waarde : verschijnt.
Uitschakelen van het apparaat Korte tijd na afloop van het programma:
- AAN/UIT-schakelaar uitschakelen.
- Kraan dichtdraaien (niet bij Aqua-Stop).
- Na afkoeling het serviesgoed uit het apparaat halen.
ã=Waarschuwing
Om na afloop van het programma het serviesgoed uit te ruimen: de deur helemaal openen en niet op een kier laten staan. Eventueel nog ontsnappende waterdamp kan gevoelige werkbladen beschadigen.
nl
Onderbreken van het programma
- AAN/UIT-schakelaar uitschakelen. De indicatielampjes gaan uit. Het programma blijft in het geheugen opgeslagen.
Als bij aansluiting op warm water of als het apparaat al is opgewarmd de deur van het apparaat geopend werd, de deur eerst een paar minuten op een kier laten staan en dan pas dichtdoen. Anders kan de deur van het apparaat door expansie (overdruk) openspringen of water uit het apparaat komen.
- Om het programma voort te zetten de AAN/UIT-schakelaar weer inschakelen.
Afbreken van het programma (Reset)
- START-toets gedurende ca. 3 seconden indrukken.
Op de cijferindicatie verschijnt : .
- Het programma is na ca. 1 minuut afgelopen. Op de cijferindicatie verschijnt : .
- AAN/UIT-schakelaar uitschakelen.
Wijzigen van het programma Na het indrukken van de START-toets kan het programma niet gewijzigd worden. Wijzigen van het programma is alleen mogelijk door het programma af te breken (Reset).
Pagina 18
nl
Schoonmaken en onderhoud
Regelmatige controle en onderhoud van het apparaat dragen ertoe bij defecten te voorkomen. Dit bespaart u tijd en ergernis.
Algemene toestand van de machine
- Spoelruimte controleren op kalkaanslag en vetresten.
Als u zulke aanslag aantreft:
- afwasmiddelbakje met afwasmiddel vullen. Het apparaat zonder serviesgoed in het programma met de hoogste afwastemperatuur starten. Om het apparaat te reinigen alleen speciaal voor afwasautomaten geschikte afwas-/schoonmaakmiddelen gebruiken.
- Deurafdichting regelmatig met een vochtig doekje afnemen. Gebruik bij het reinigen van uw afwasautomaat nooit een stoomreiniger. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor eventuele gevolgen.
De voorkant van het apparaat en het bedieningspaneel regelmatig met een vochtig doekje afnemen. Water met een scheutje afwasmiddel is voldoende. Geen schuursponsjes gebruiken of schoonmaakmiddelen met schuurmiddelen. Dit kan krassen op de oppervlakken veroorzaken.
Bij roestvrijstalen apparaten geen sponsjes gebruiken of deze anders vóór het eerste gebruik een aantal keren grondig uitspoelen om corrosie te voorkomen.
ã=Waarschuwing
Gebruik nooit andere huishoudelijke schoonmaakmiddelen die chloor bevatten! Ze kunnen schadelijk zijn voor de gezondheid!
Onthardingszout en glansspoelmiddel
- De bijvulindicaties en controleren. Eventueel zout en/ of glansspoelmiddel bijvullen.
Zeven
De zeven 1 zorgen ervoor dat grove etensresten in het spoelwater niet in de afvoerpomp terechtkomen. Door deze etensresten kunnen de zeven verstopt raken.
Het zevensysteem bestaat uit een grove zeef, een vlakke fijne zeef en een microzeef.
- Na elke afwasbeurt de zeven op etensresten controleren.
- Zeefcylinder zoals afgebeeld losdraaien en het zeefsysteem eruit halen.
- Eventuele etensresten verwijderen en de zeven onder stromend water schoonmaken.
- Zevensysteem in omgekeerde volgorde weer erin zetten en erop letten dat de gemarkeerde pijlen na het sluiten tegenover elkaar staan.
Pagina 19
Sproeiarmen
Kalk en etensresten in het afwaswater kunnen de sproeiopeningen en de lagers van de sproeiarmen 12 en 1 blokkeren.
- Sproeiopeningen van de sproeiarmen op verstopping controleren.
- Bovenste sproeiarm 12 eraf schroeven.
- De onderste sproeiarm 1 naar boven eraf trekken.
- Sproeiarmen onder stromend water schoonmaken.
- Sproeiarmen weer vastdrukken resp. vastschroeven.
nl
Afvoerpomp
Grove etensresten in het afwaswater die niet door de zeven worden tegengehouden, kunnen de afvoerpomp blokkeren. Het afwaswater wordt dan niet afgepompt en blijft boven de zeef staan. In dit geval:
- Altijd eerst de stekker uit het stopcontact trekken resp de zekering uitschakelen of losdraaien.
- Zeven 1 eruit halen.
- Water eruit scheppen, eventueel met behulp van een spons.
- Pompafdekking (zoals afgebeeld) met behulp van een lepel eruit tillen tot u een klik hoort. Hierna de afdekking aan het verbindingsstuk naar boven trekken tot u niet verder kunt en daarna naar voren eruit trekken.
1
- Binnenruimte op vreemde voorwerpen controleren en deze – indien nodig – verwijderen.
- Afdekking weer in de oorspronkelijke stand brengen, naar beneden drukken en vastklikken.
Klick
- Zeven monteren.
Pagina 20
nl
Storingen zelf verhelpen
De ervaring leert dat veel storingen die in het dagelijks gebruik optreden, door u zelf verholpen kunnen worden. Hiermee bespaart u natuurlijk kosten en bent u er zeker van dat de machine snel weer gebruikt kan worden. In het volgende overzicht vindt u eventuele oorzaken van de storingen en nuttige aanwijzingen om deze te verhelpen.
ã=Waarschuwing
Als op de cijferindicatie een foutcode ( : tot : ), moet altijd eerst de stekker van het apparaat uit het stopcontact getrokken resp. de zekering uitgeschakeld worden en de kraan worden dichtgedraaid.
Bepaalde storingen (zie de volgende beschrijving van storingen) kunt u zelf verhelpen; bij alle andere storingen a.u.b. de Servicedienst inschakelen en de aangegeven storing :XX aangeven.
ã=Waarschuwing
Denk eraan: reparaties mogen alleen door een vakkundig monteur worden uitgevoerd. Mocht het uitwisselen van een onderdeel noodzakelijk zijn, let er dan op dat alleen originele onderdelen gebruikt worden. Ondeskundige reparatie of gebruik van niet-originele onderdelen kan aanzienlijke schade en gevaar voor de gebruiker opleveren.
... bij het inschakelen
Het apparaat start niet.
- Zekering van de huisinstallatie niet in orde.
- De stekker zit niet in het stopcontact.
- De deur van het apparaat is niet goed dicht.
... bij het instellen
De instelling kan niet gewijzigd worden, een programma start.
- Verkeerde programmatoets ingedrukt. Het programma afbreken (zie hoofdstuk „Programma afbreken (Reset)”) en van voren af aan beginnen.
- Einde van het programma niet afgewacht.
... aan het apparaat
De onderste sproeiarm draait moeilijk.
- Sproeiarm geblokkeerd.
De deur kan niet alleen moeilijk geopend worden. *
- Kinderbeveiliging is geactiveerd.
De gebruiksaanwijzing voor de deactivering bevindt zich achterin in de omslag.
* Afhankelijk van het model De deur kan niet sluiten.
- Het deurslot is omgesprongen. Om het slot terug te zetten de deur met grote kracht sluiten.
Deksel van het afwasmiddelbakje kan niet gesloten worden.
- Afwasmiddelbakje te vol of mechanisme door vastgeplakte afwasmiddelresten geblokkeerd.
Afwasmiddelresten in het afwasmiddelbakje.
- Afwasmiddelbakje was tijdens het vullen vochtig.
Indicatie „Watertoevoer controleren” 8 brandt.
- Kraan dicht.
- Watertoevoer onderbroken.
- Watertoevoerslang geknikt.
- Zeef aan de kraan verstopt.
- Apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken.
- Kraan dichtdraaien.
Pagina 21
- Zeef in de toevoerslang schoonmaken.
- Stroom weer inschakelen.
- Kraan opendraaien.
- Apparaat inschakelen.
- Na afloop van het programma blijft er water in het apparaat staan.
- ( : ) Waterafvoerslang verstopt of geknikt.
Zeven verstopt.
- ( : ) Waterafvoerpomp geblokkeerd, afdekking van de waterafvoerpomp niet vastgeklikt (zie Schoonmaken en onderhoud).
- Zeven verstopt.
- Programma nog niet beëindigd. Wachten op het einde van het programma (de cijferindicatie geeft : aan) of functie „Reset” uitvoeren.
Bijvulindicatie voor zout en/ of glansspoelmiddel brandt niet.
- Bijvulindicatie(s) uitgeschakeld.
- Voldoende zout/glansspoelmiddel aanwezig.
De navulindicatie voor speciaal zout brandt.
- Het zout ontbreekt.
Onthardingszout bijvullen.
- Sensor herkent de zouttabletten niet. Ander speciaal zout gebruiken.
nl
... bij de afwas
Abnormale schuimvorming
- Handafwasmiddel in het reservoir voor glansspoelmiddel.
Gemorst glansspoelmiddel leidt tot overmatige schuimvorming. Daarom moet u het gemorste glansspoelmiddel met een doekje verwijderen.
Het programma stopt tijdens de afwas.
- Stroomtoevoer onderbroken.
- Watertoevoer onderbroken.
Klappende geluiden van de vulventielen
- Wordt veroorzaakt door de ligging van de waterleiding maar heeft geen invloed op het functioneren van het apparaat. Deze geluiden kunnen niet verholpen worden.
Klappende/kletterende geluiden tijdens de afwas
- De sproeiarm slaat tegen het serviesgoed.
- Het serviesgoed is niet goed ingeruimd.
... aan het serviesgoed
Etensresten op het serviesgoed.
- Serviesgoed te dicht op elkaar ingeruimd, servieskorf te vol.
- Te weinig afwasmiddel.
- Te zwak afwasprogramma gekozen.
- Sproeiarmen konden niet ongehinderd ronddraaien.
- Sproeiers van sproeiarmen verstopt.
- Zeven verstopt.
- Zeven verkeerd ingezet.
- Afvoerpomp geblokkeerd.
- Bovenste servieskorf rechts en links niet op dezelfde hoogte erin gezet. Er zijn resten thee of lippenstift achtergebleven.
- Het afwasmiddel heeft te weinig bleekwerking.
- Te lage afwaswatertemperatuur.
- Te weinig/ongeschikt afwasmiddel.
Pagina 22
nl
Witte vlekken op het serviesgoed/de glazen blijven melkkleurig.
Bij het gebruik van afwasmiddel zonder fosfaat kan er bij hard leidingwater eerder witte aanslag op het serviesgoed en de binnenwanden van de machine ontstaan.
- Te weinig/ongeschikt afwasmiddel.
- Te zwak programma gekozen.
- Geen/te weinig glansspoelmiddel.
- Geen/te weinig onthardingszout.
- Onthardingsinstallatie op een verkeerde waarde ingesteld.
- Deksel van het zoutreservoir niet vastgedraaid.
Neem contact op met de fabrikant van het reinigingsproduct, vooral als:
- het serviesgoed na afloop van het programma erg nat is,
- er kalkaanslag ontstaat.
Doffe, verkleurde glazen, aanslag kan niet worden afgewassen.
- Ongeschikt afwasmiddel.
- Glazen niet geschikt voor afwasmachine.
Strepen op glazen en bestek, glazen zien er metaalachtig uit.
- Te veel glansspoelmiddel.
Verkleuringen op kunststof delen.
- Te weinig/ongeschikt afwasmiddel.
- Te zwak programma gekozen.
Roestsporen op het bestek.
- Bestek niet roestbestendig.
- Zoutgehalte in het afwaswater te hoog doordat het deksel van het zoutreservoir niet goed is vastgedraaid of bij het bijvullen zout gemorst werd. Serviesgoed niet droog.
- De deur van het apparaat werd te vroeg geopend en het serviesgoed werd er te snel uitgehaald.
- Een programma zonder drogen gekozen.
- Te weinig/ongeschikt glansspoelmiddel.
- Het gecombineerde afwasmiddel heeft een slechte droogcapacitiet.
Glansspoelmiddel gebruiken (instelling zie hoofdstuk Glansspoelmiddel).
Servicedienst
Als u de storing niet zelf kunt verhelpen, neem dan contact op met de
Servicedienst. De contactgegevens van de dichtstbijzijnde Servicedienst vindt u op de achterkant van deze gebruiksaanwijzing of in de bijgesloten lijst met
Servicedienstadressen. Geef aan de Servicedienst typenummer (ENr. = 1) en het FD-nummer (FD = 2) op. U vindt deze gegevens op het typeplaatje 9 op de deur van het apparaat.
1 FD
2
Vertrouw op de deskundigheid van de fabrikant. Neem contact met ons op. U bent er dan van verzekerd dat de reparatie door ervaren technici wordt uitgevoerd die gebruik maken van de originele reserveonderdelen voor uw apparaat.
Pagina 23
Installatie
Om de afwasautomaat goed te laten functioneren moet hij vakkundig worden aangesloten. De gegevens van watertoevoer en waterafvoer en de elektrische aansluitwaarden moeten met de vereiste criteria overeenkomen zoals deze in de volgende alinea’s resp. in het montagevoorschrift zijn beschreven. Bij de montage de juiste volgorde van de handelingen aanhouden:
- Bij aflevering controleren
- Plaatsen
- Aansluiten op de waterafvoer
- Aansluiten op de watertoevoer
- Elektrische aansluiting
Veiligheidsvoorschriften
- Het apparaat volgens het installatie- en montagevoorschrift plaatsen en aansluiten.
- Tijdens het installeren mag de afwasautomaat niet op het elektriciteitsnet zijn aangesloten.
- Overtuig u ervan dat het aardingssysteem van de elektrische huisinstallatie volgens de elektrotechnische voorschriften is geïnstalleerd.
- De elektrische aansluitvoorwaarden moeten overeenkomen met de gegevens op het typeplaatje 9 van de afwasautomaat.
- Als de elektrische aansluitkabel van het apparaat beschadigd wordt, dan moet deze door een speciale aansluitkabel vervangen worden. Om gevaren te voorkomen mag deze alleen door de Servicedienst vervangen worden.
- Als de afwasmachine in een hoge kast moet worden ingebouwd, dan moet deze volgens de voorschriften bevestigd worden.
nl
- Voor een goede stabiliteit van het apparaat mogen integreerbare of onderbouwapparaten alleen onder een doorlopend werkblad worden ingebouwd dat aan de kasten ernaast is vastgeschroefd.
- Het apparaat niet in de buurt van een warmtebron (radiator, boiler, fornuis of andere apparaten die warmte afgeven) installeren en niet onder een kookplateau inbouwen.
- Na het plaatsen van het apparaat moet de stekker gemakkelijk te bereiken zijn.
- Bij sommige modellen:
In de kunststof behuizing aan de wateraansluiting bevindt zich een elektrisch ventiel, in de toevoerslang bevinden zich de aansluitingsleidingen. De slang niet doorsnijden, de kunststof behuizing niet in water onderdompelen.
ã=Waarschuwing
Als het apparaat niet in een nis staat waardoor een zijwand toegankelijk is, dan moeten de deurscharnieren om veiligheidsredenen aan de zijkant afgedekt worden (kans op verwondingen).
De afdekkingen zijn als extra toebehoren tegen meerprijs bij de Servicedienst of bij uw leverancier verkrijgbaar.
Aflevering
Uw afwasmachine werd in de fabriek grondig gecontroleerd op correct functioneren. Hierbij zijn kleine watervlekken achtergebleven. Deze zijn na de eerste afwas verdwenen.
Pagina 24
nl
Technische gegevens
Gewicht:
max. 60 kg
Spanning:
220–240 V, 50 Hz of 60 Hz
Aansluitwaarde:
1,9–2,3 kW
Zekering:
10/16 A
Waterdruk:
minimaal 0,05 MPa (0,5 bar), maximaal 1 MPa (10 bar). Bij hogere waterdruk: een drukreduceerventiel ervoor installeren. Hoeveelheid binnenstromend water: minimaal 10 liter per minuut.
Temperatuur van het water:
Koud water, bij warm water max.
temperatuur 60 °C.
Plaatsing
De vereiste inbouwmaten vindt u in het montagevoorschrift. Het apparaat met behulp van de verstelbare voetjes waterpas zetten. Let erop dat het apparaat stevig staat.
- Geïntegreerde en onderbouwapparaten die naderhand als vrijstaand apparaat worden opgesteld, moeten beveiligd worden tegen kantelen, bijv. door vastschroeven aan de wand of door inbouw onder een doorlopend werkblad dat aan de kasten ernaast is vastgeschroefd.
- Het apparaat kan zonder problemen tussen wanden van hout of kunststof in een rij keukenmeubelen worden ingebouwd. Als de stekker niet gemakkelijk bereikbaar is, dan moet er volgens de veiligheidsvoorschriften een meerpolige scheidingsinstallatie met een contactopening van minimaal 3 mm aanwezig zijn.
Aansluiten op de waterafvoer
- De noodzakelijke handelingen vindt u in het montagevoorschrift. Eventueel een sifon met aansluitnippel monteren.
- Afvoerslang met behulp van de meegeleverde onderdelen op de aansluitnippel van de sifon aansluiten.
Let erop dat de waterafvoerslang niet geknikt, ingedrukt of ineen gestrengeld is en dat een stop in de afvoer het wegstromen van het water niet belemmert!
Aansluiten op de watertoevoer
- Aansluiting volgens het montagevoorschrift. De toevoerslang met behulp van de meegeleverde onderdelen op de kraan aansluiten. Let erop dat de toevoerslang niet geknikt, platgedrukt of ineengestrengeld is.
- Bij vervanging van het apparaat moet altijd een nieuwe watertoevoerslang in gebruik worden genomen.
Waterdruk:
minimaal 0,05 MPa (0,5 bar), maximaal 1 MPa (10 bar). Bij hogere waterdruk: een drukreduceerventiel ervoor installeren. Hoeveelheid binnenstromend water: minimaal 10 liter per minuut.
Temperatuur van het water:
Koud water, bij warm water max.
temperatuur 60 °C.
Pagina 25
Warmwateraansluiting
De afwasautomaat kan op koud of warm water tot max. 60 °C worden aangesloten. De aansluiting op warm water wordt aanbevolen als dit uit een energetisch gunstige warmwaterbereiding en een geschikte installatie ter beschikking staat, bijv. een zonneënergie-installatie met circulatieleiding.
Hiermee bespaart energie en tijd.
Met de instelling Warmwater : kunt u uw apparaat optimaal op het gebruik met warm water afstemmen.
Wij adviseren hierbij een watertemperatuur (temperatuur van het instromende water) van minimaal 40 °C en maximaal 60 °C. De aansluiting op warm water wordt niet aanbevolen als het water uit een elektrische boiler ter beschikking wordt gesteld.
Instelling Warmwater:
- Deur sluiten.
- AAN/UIT-schakelaar inschakelen.
- Programmatoets ingedrukt houden en de START-toets net zolang indrukken tot de cijferindicatie : ... brandt.
- Beide toetsen loslaten.
De indicatie van toets knippert en op de cijferindicatie brandt de door de fabriek ingestelde waarde : .
- Programmatoets net zo vaak indrukken tot op de cijferindicatie de in de fabriek ingestelde waarde : verschijnt.
Om de instelling te wijzigen:
- Door indrukken van de toets 3 kunt u de instelling Warmwater uit- : of inschakelen : .
- START-toets indrukken.
De instelwaarde is opgeslagen.
nl
Elektrische aansluiting
- Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften aangebracht, randgeaard stopcontact op 220 V tot 240 V en 50 Hz of 60 Hz aansluiten. Zie het typeplaatje 9 voor de vereiste zekering.
- Het stopcontact moet zich in de buurt van het apparaat bevinden en ook na het inbouwen gemakkelijk bereikbaar zijn.
- Veranderingen in de aansluiting mogen alleen door een vakkundig monteur worden uitgevoerd.
- Een verlenging van de elektrische aansluitkabel mag alleen door de Servicedienst geleverd worden.
- Bij gebruik van een aardlekschakelaar mag alleen een type met het teken geïnstalleerd worden. Alleen deze voldoet aan de nu geldende voorwaarden.
- Het apparaat is voorzien van een waterbeveiligingssysteem. Let op: het functioneert alleen als het apparaat op de stroom is aangesloten.
Demontage
Neem ook hier de volgorde van de handelingen in acht.
- Apparaat van het elektriciteitsnet loskoppelen.
- Kraan dichtdraaien.
- Aansluiting op de waterafvoer en - toevoer loskoppelen.
- Bevestigingsschroeven onder het werkblad eruit draaien.
- De plint – indien aanwezig – demonteren.
- Apparaat eruit halen en daarbij de slang voorzichtig naar voren trekken.
Pagina 26
nl
Transport
Afwasmachine leeg laten lopen en losse onderdelen vastzetten.
Het apparaat in de volgende stappen legen:
- Kraan opendraaien.
- Deur sluiten.
- AAN/UIT-schakelaar inschakelen. De indicaties van het laatst gekozen programma gaan branden.
- Programma met de hoogste temperatuur kiezen.
Op de cijferindicatie verschijnt de vermoedelijke duur van het programma.
- START-toets indrukken.
Programma start.
- Na ca. 4 minuten START-toets net zolang indrukken tot de cijferindicatie : aangeeft.
Na ca. 1 minuut verschijnt op de cijferindicatie : .
- Apparaat uitschakelen en kraan dichtdraaien.
Apparaat alleen rechtop vervoeren.
(Om te voorkomen dat resterend water in het besturingsmechanisme terechtkomt wat tot een verkeerd programmaverloop leidt.)
Bescherming tegen vorst Als het apparaat in een voor vorst gevoelige ruimte staat (bijv. in een vakantiehuisje), dan moet u het apparaat helemaal leeg laten lopen (zie Transport).
- Kraan dichtdraaien, toevoerslang losmaken en laten leeglopen.
26 Afvoeren van de verpakking en van uw oude apparaat
Zowel de verpakking van het nieuwe apparaat als het oude apparaat bevat waardevolle grondstoffen en materiaal dat hergebruikt kan worden.
De afzonderlijke delen a.u.b. gesorteerd afvoeren.
U kunt bij uw leverancier of bij de gemeente informeren hoe u uw oude apparaat en het verpakkingsmateriaal kunt (laten) afvoeren.
Verpakking
Alle kunststof delen van het apparaat zijn gemerkt met een gestandaardiseerd afkortingsteken (bijv. >PS< polystyreen). Hierdoor is bij het afvoeren van het apparaat een scheiding per soort van de kunststof afvaldelen mogelijk. Neem a.u.b. de aanwijzingen voor de veiligheid onder „Bij levering” in acht.
Uw oude apparaat
Neem a.u.b. de aanwijzingen voor de veiligheid onder „Bij het afvoeren” in acht.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2002/96/EC afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment
- WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldende terugname en verwerking van oude apparaten.
Wijzigingen voorbehouden.