naslaan.comZoekenAlle merken

Neff T83I42N2MC, tekst van de handleiding

Pagina's 20–27 van 72 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← begin van de handleidingverder op pagina 28 →

Pagina's 1–19: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 20

Inhoudsopgave

Veiligheidsvoorschriften ......................................................... 20

Oorzaken van schade.....................................................................22

Bescherming van het milieu ................................................... 22

Milieuvriendelijk afvoeren ...............................................................22 Tips om energie te besparen ........................................................22

Koken op Inductie.................................................................... 23

Voordelen van het Koken op Inductie .........................................23 Pannen...............................................................................................23

Het apparaat leren kennen...................................................... 24

Het bedieningspaneel.....................................................................24 De kookzones...................................................................................24 Restwarmte-indicator.......................................................................24

Twist-pad en twist-knop .......................................................... 25

De Tipp-knop verwijderen ..............................................................25 De twist-knop bewaren ...................................................................25 Noodmodus ......................................................................................25

Programmeren van de kookplaat .......................................... 25

De kookplaat in- en uitschakelen .................................................25 De kookzone afstellen ....................................................................25 Kooktabel ..........................................................................................26

Frituurfunctie............................................................................ 27 pannen voor de frituurfunctie.........................................................27 De temperatuurniveaus...................................................................27 Braadsensor instellen .....................................................................28 Tabel...................................................................................................28 Frituurprogramma's .........................................................................29

Kinderslot ................................................................................. 29

Het kinderslot activeren en deactiveren......................................29 Automatisch kinderslot ...................................................................29

Functie Powerboost................................................................. 30

Gebruiksbeperkingen......................................................................30 Activeren............................................................................................30 Deactiveren .......................................................................................30

Timerfunctie ............................................................................. 30

Automatische uitschakeling van een kookzone......................... 30

De kookwekker ................................................................................30

Warmhoudfunctie .................................................................... 31

Activeren............................................................................................31 Deactiveren .......................................................................................31

Beschermingsfunctie bij reiniging......................................... 31

Automatische tijdslimiet ......................................................... 31

Basisinstellingen ..................................................................... 31

Naar de basisinstellingen gaan.....................................................32

Onderhoud en reiniging .......................................................... 32

Kookplaat ..........................................................................................32 Omlijsting van de kookplaat ..........................................................32 Tipp-knop...........................................................................................32

Repareren van storingen......................................................... 33

Normaal geluid tijdens de werking van het apparaat............... 33

Servicedienst ........................................................................... 34

Geteste gerechten.................................................................... 34

Produktinfo

Meer informatie over producten, accessoires, onderdelen en diensten vindt u op het internet: www.neff-international.com en in de online-shop: www.neff-eshop.com

Veiligheidsvoorschriften

Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Berg de gebruiksaanwijzing, het installatievoorschrift en de apparaatpas goed op voor later gebruik of om ze door te geven aan volgende eigenaren.

Controleer het apparaat na het uitpakken. Indien het apparaat schade heeft opgelopen tijdens het transport, schakel het dan niet in, maar neem contact op met de technische dienst en leg de veroorzaakte schade schriftelijk vast. Doet u dat niet, dan gaat elk recht op een schadevergoeding verloren.

Dit apparaat moet worden geïnstalleerd volgens het meegeleverde installatievoorschrift.

Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Gebruik het uitsluitend voor het bereiden van gerechten en drank. Zorg ervoor dat het apparaat onder toezicht gebruikt wordt. Het toestel alleen gebruiken in gesloten ruimtes.

Dek de kookplaat niet af. Dit kan leiden tot ongevallen, bijv. door oververhitting, ontbranding of ontploffend materiaal. Gebruik geen ongeschikte beveiligingsapparaten of tralies voor de bescherming van kinderen. Dit kan leiden tot ongevallen.

Dit apparaat is niet bestemd voor gebruik met een externe tijdschakelklok of een afstandbediening.

Pagina 21

Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met beperkte fysieke, sensorische of geestelijke vermogens of personen die gebrek aan kennis of ervaring hebben, wanneer zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of geleerd hebben het op een veilige manier te gebruiken en zich bewust zijn van de risico's die het gebruik van het toestel met zich meebrengt.

Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud van het toestel mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij zij 8 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan.

Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar uit de buurt blijven van het toestel of de aansluitkabel.

Heeft u een pacemaker of soortgelijk medisch hulpmiddel geïmplanteerd, dan dient u speciale voorzorgsmaatregelen in acht nemen bij het gebruiken of in de buurt komen van inductiekookplaten als die in werking zijn. Raadpleeg uw arts of de fabrikant van het hulpmiddel, om er zeker van te zijn dat het voldoet aan de geldige regelgeving en informeer omtrent mogelijke incompatibiliteit.

Risico van brand!

Risico van brand!

Risico van brand!

Risico van brand!

Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.

Risico van verbranding!

Risico van verbranding!

Risico van verbranding!

Brandgevaar!

Kans op een elektrische schok!

Kans

een elektrische schok!

op

Kans

een elektrische schok!

op

Kans

een elektrische schok!

op

Gevaar door magnetisme!

Afneembare bedieningselementen zijn magnetisch. Magneten kunnen invloed hebben op elektronische implantaten, zoals pacemakers of insulinepompen. Personen met elektronische implantaten dienen het bedieningselement niet in de buurt van hun lichaam te dragen (bijv. in blouse- of broekzak). Houd een minimale afstand van 10 cm tot de pacemaker aan.

Gevaar voor beschadiging!

Deze plaat is uitgerust met een ventilator, die zich aan de onderzijde bevindt. Indien er zich onder de kookplaat een lade bevindt, mogen daar geen kleine of papieren voorwerpen in worden bewaard. Als deze namelijk worden geabsorbeerd kunnen ze de ventilator beschadigen of de koeling verslechteren.

21

Pagina 22

Tussen de inhoud van de lade en de inlaat van de ventilator moet een afstand van ten minste 2 cm worden aangehouden.

Risico van letsel!

Risico van letsel!

Oorzaken van schade

Attentie!

Algemeen overzicht

In de onderstaande tabel vindt u de meest voorkomende vormen van schade:

SchadeOorzaakMaatregel
VlekkenGemorst voedselVerwijder gemorst voedsel onmiddellijk met een glasschraper.
Ongeschikte reinigingsproductenGebruik reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten.
KrassenZout, suiker en zandGebruik de kookplaat niet als werkoppervlak of steun.
Ruwe bodems van pannen kunnen krassen op de vitroceramische plaat veroorzakenControleer de pannen.
VerkleuringenOngeschikte reinigingsproductenGebruik reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten.
Aanraking van de pannenTil kookpannen en koekenpannen op om ze te verplaatsen.
AfbladderingenSuiker, levensmiddelen met een hoog suikergehalteVerwijder gemorst voedsel onmiddellijk met een glasschraper.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

Bescherming van het milieu

Milieuvriendelijk afvoeren

Voer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).

De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.

Tips om energie te besparen

pannenfabrikanten duiden gewoonlijk de bovenste diameter van de pan aan, die meestal groter is dan de diameter van de bodem van de pan.

Pagina 23

Koken op Inductie

Voordelen van het Koken op Inductie

Koken op Inductie betekent een radicale verandering van de traditionele wijze van verwarmen, aangezien de warmte rechtstreeks in de pan wordt gegenereerd. Daarom biedt het een aantal voordelen:

Pannen

Uitsluitend geschikt voor inductiekoken zijn ferromagnetische pannen zoals van:

Kijk, om te weten of de pannen geschikt zijn, of de bodem van de pan wordt aangetrokken door een magneet.

Er bestaat een ander soort pannen speciaal voor inductie, met een niet geheel ferromagnetische bodem.

Bij het gebruik van grote pannen met een ferromagnetische zone met een kleinere diameter, wordt enkel de ferromagnetische zone verwarmd, zodat de warmte niet homogeen kan worden verdeeld.

Pannen met aluminium kookzones in de bodem verkleinen de ferromagnetische zone, zodat het geleverde vermogen lager kan zijn en er problemen kunnen ontstaan bij de detectie van de pan en het kan zelfs zijn dat deze niet wordt gedetecteerd.

Om goede kookresultaten te verkrijgen, is het raadzaam dat de diameter van de ferromagnetische zone van de pan is afgestemd op de maat van de kookzone. Als de pan op een kookzone niet wordt gedetecteerd, probeer hem dan op de zone met een iets kleinere diameter.

Niet geschikte pannen

Gebruik nooit straalplaten of pannen van:

Kenmerken van de bodem van de pan

De kenmerken van de bodem van de pannen kunnen invloed hebben op de homogeniteit van het kookresultaat. Pannen die gemaakt zijn van materialen die warmte verspreiden, zoals "sandwich" pannen van roestvrij staal, verdelen de warmte op gelijkmatige wijze, waardoor tijd en energie worden bespaard.

Geen pan of ongeschikte afmeting

Als er geen pan op de geselecteerde kookzone wordt geplaatst of als deze niet van het geschikte materiaal is of geen geschikte afmeting heeft, knippert de kookstand op de indicator van de kookzone. Plaats een geschikte pan, zodat het knipperen stopt. Als er meer dan 90 seconden wordt gewacht gaat de kookzone automatisch uit.

Lege pannen of pannen met een dunne bodem

Verwarm geen lege pannen en gebruik geen pannen met dunne bodem. De kookplaat is uitgerust met een intern veiligheidssysteem, maar een lege pan kan zo snel heet worden dat de functie “automatisch uitschakelen" geen tijd heeft om te reageren, waardoor de temperatuur erg kan oplopen. De bodem van de pan kan smelten en het glas van de kookplaat beschadigen. Raak in dat geval de pan niet aan en schakel de kookzone uit. Als het apparaat na het afkoelen niet werkt, neem dan contact op met de technische dienst.

Pandetectie

Iedere kookzone heeft een minimumlimiet voor pandetectie, die afhankelijk is van het materiaal van de pan die wordt gebruikt. Daardoor mag alleen de kookzone worden gebruikt die het meest geschikt is voor de pan.

Pagina 24

Het apparaat leren kennen

Op pagina 2 vindt u informatie over afmetingen en vermogens van de kookzones

Het bedieningspaneel

Bedieningsvlakken
Hoofdschakelaar
Warmhoudfunctie en kinderslot
Functie Powerboost
Frituurfunctie
3Timerfunctie

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)

Bedieningsvlakken

Bij het aanraken van een symbool wordt de overeenkomstige functie geactiveerd.

Aanwijzing: Zorg ervoor dat de bedieningsvlakken altijd droog zijn. Vocht heeft een negatieve invloed op de werking.

Indicatoren
Operationaliteit
-Vermogensstanden
/Restwarmte
Functie Powerboost
Kinderslot
Warmhoudfunctie
Timerfunctie
Kookwekker
Automatische uitschakeling
Bescherming bij reiniging
Frituurfunctie
Programma's van de frituurfunctie

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)

De kookzones

Kookzone
• Enkelvoudige kookzoneGebruik een pan met de geschikte afmeting.
• BraadzoneDe zone wordt automatisch ingeschakeld wanneer een pan gebruikt wordt, waarvan de bodem dezelfde maat heeft als de buitenste zone.
Gebruik enkel pannen die geschikt zijn om tekoken op inductie; zie hoofdstuk “Geschikte pannen".

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)

Restwarmte-indicator

De kookplaat beschikt over een restwarmte-indicator in elke kookzone, die aanduidt welke nog warm zijn. Raak kookzones met die indicatie niet aan.

Ook als de plaat uitgeschakeld is,blijft / , branden zo lang de kookzone warm is.

Als de pan van de plaat genomen wordt voordat de kookzone uitgeschakeld is, verschijnen afwisselend de indicator / en de geselecteerde kookstand.

Pagina 25

Twist-pad en twist-knop

Brandgevaar!

Als er gedurende deze 35 seconden een metalen voorwerp op de Tipp-Pad zone wordt gezet, kan de kookplaat blijven verhitten. Zet de kookplaat daarom altijd met de hoofdschakelaar uit.

De twist-knop bewaren

Het twist-pad is het instelgebied waarin u met de twist-knop kookzones kunt kiezen en kookstanden kunt instellen. In het gebied van het twist-pad centreert de twist-knop zich automatisch.

De twist-knop is magnetisch en wordt op het twist-pad gezet. Door de twist-knop in het gebied van een markering aan te raken activeert u de betreffende kookzone. Door aan de twistknop te draaien stelt u de kookstand in.

Het is mogelijk dat de twist-knop zich na plaatsing niet precies in het midden van het twist-pad bevindt. Door de twist-knop licht te bewegen kan hij weer gecentreerd worden.

Aanwijzing: Door het instellen wordt de werking van de twistknop niet beïnvloed.

De Tipp-knop verwijderen

Bij het verwijderen van de Tipp-knop wordt de beschermingsfunctie bij reiniging geactiveerd.

De Tipp-knop kan worden weggehaald terwijl de kookzones in werking zijn. De beschermingsfunctie bij reiniging wordt geactiveerd gedurende 35 seconden. Indien na het verstrijken van de tijd de Tipp-knop niet opnieuw in zijn stand geplaatst wordt, dan gaat de kookplaat uit.

Aan de binnenkant van de twist-knop bevindt zich een sterke magneet. Houd de twist-knop uit de buurt van magnetische gegevensdragers, zoals videocassettes, diskettes, credit cards en kaarten met magneetstroken. Deze zouden kapot kunnen gaan.

Daarnaast kunnen zich storingen voordoen bij televisietoestellen en monitors.

Aanwijzing: De twist-knop is magnetisch. Metalen deeltjes die zich aan de onderkant vastzetten, kunnen krassen veroorzaken op de kookplaat. Maak de twist-knop altijd goed schoon.

Noodmodus

De kookplaat kan ook werken zonder de Tipp-knop:

De kookzone is ingeschakeld.

Aanwijzingen

Programmeren van de kookplaat

In dit hoofdstuk wordt uitgelegd hoe een kookzone kan worden afgesteld. In de tabel staan de kookstanden en de bereidingstijden voor verschillende gerechten vermeld.

De kookplaat in- en uitschakelen

De kookplaat wordt in- en uitgeschakeld met de hoofdschakelaar.

Inschakelen: Druk op het symbool . De indicator boven de hoofdschakelaar gaat branden. De kookplaat is klaar om te werken.

Uitschakelen: druk op het symbool tot de indicator boven de hoofdschakelaar verdwijnt. Alle kookzones zijn uitgeschakeld. De restwarmte-indicator blijft branden tot de kookzones voldoende afkoelen.

Aanwijzingen

De kookzone afstellen

De gewenste vermogensstand afstellen met de Tipp-knop.

Vermogensstand 1 = minimumvermogen.

Vermogensstand 9 = maximumvermogen.

Elke vermogensstand is voorzien van een tussenliggende instelling. Deze wordt aangegeven met een punt.

De kookstand instellen

De kookplaat moet ingeschakeld zijn.

Pagina 26

De kookplaat is nu ingeschakeld.

Wijzigen van de vermogensstand

Selecteer de kookzone en wijzig de vermogensstand met de Tipp-knop.

De kookzone uitschakelen

Selecteer de kookzone en draai de Tipp-knop tot getoond wordt. De kookzone wordt uitgeschakeld en de restwarmte-indicator verschijnt.

Aanwijzing: Als er geen pan op de inductiekookzone geplaatst wordt, zal de gekozen kookstand beginnen knipperen. Na het verstrijken van een tijd gaat de kookzone uit.

Kooktabel

In onderstaande tabel worden enkele voorbeelden gegeven. De kooktijden zijn afhankelijk van de vermogensstand, het type, het gewicht en de kwaliteit van het voedsel. Daarom zijn er variaties.

Bij het verhitten van purees, crèmes en dikke sauzen dient u af en toe te roeren.

Gebruik de vermogensstand 9 als u begint te koken.

VermogensstandKookduur
Smelten
Chocolade, chocoladecouverture Boter, honing, gelatine1-1. 1-2-
-
Verhitten en warmhouden
Maaltijdsoep (bv. linzen) Melk**
Worstjes opgewarmd in water**
1.-2 1.-2. 3-4-
-
-
Ontdooien en verhitten
Diepvriesspinazie Diepvriesgoulash3-4 3-415-25 min. 30-40 min.
Op een zacht vuurtje gaarstoven, op een zacht vuurtje koken
Aardappelballetjes*
Vis*
Witte sauzen, bv. bechamel
Geklopte sauzen, bv. bearnaisesaus, Hollandse saus
4.-5. 4-5 1-2 3-420-30 min. 10-15 min. 3-6 min.
8-12 min.
Koken, stomen, smoren
Rijst (met twee keer zoveel water) Rijstpap
Aardappelen in de schil Geschilde aardappelen met zout Pasta*
Eenpansgerecht, soep
Groenten
Diepvriesgroenten
Koken met de snelkookpan
2-3 2-3 4-5 4-5 6-7 3.-4. 2.-3. 3.-4. 4.-5.15-30 min. 30-40 min. 25-30 min. 15-25 min. 6-10 min. 15-60 min. 10-20 min. 7-20 min.
-
Sudderen
Rollade
Stoofschotel Goulash
4-5 4-5 3-450-60 min. 60-100 min. 50-60 min.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)

* Koken zonder deksel

** Zonder deksel

***Geregeld omdraaien

Pagina 27

VermogensstandKookduur
Braden / frituren met een beetje olie**
Filets, al dan niet gepaneerd
Diepvriesfilets
Koteletten, al dan niet gepaneerd*** Biefstuk (3 cm dik)
Borst (2 cm dik)***
Diepvriesborst***
Hamburgers, gehaktballetjes (3 cm dik)*** Vis en visfilet, ongepaneerd
Vis en visfilet, gepaneerd
Gepaneerde diepvriesvis, bv. vissticks Garnalen en steurgarnalen
Diepvriesgerechten, bv. gesauteerd Pannenkoeken
Omelet
Spiegeleieren
6-7 6-7 6-7 7-8 5-6 5-6 4.-5. 5-6 6-7 6-7 7-8 6-7 6-7 3.-4. 5-66-10 min.
8-12 min.
8-12 min.
8-12 min.
10-20 min.
10-30 min.
30-40 min.
8-20 min.
8-20 min.
8-12 min.
4-10 min.
6-10 min.
een voor een frituren een voor een frituren 3-6 min.
Frituren** (150-200 g per portie in 1-2 l olie)
Diepvriesproducten, bv. frieten, kipnuggets
Diepvrieskroketten
Vlees, bv., stukjes kip
Vis, gepaneerd of in bierdeeg
Groenten, paddenstoelen, gepaneerd of in bierdeeg, bv. champignons Banket, bv. beignets, fruit in bierdeeg
8-9 7-8 6-7 6-7 6-7 4-5een portie na de andere frituren
* Koken zonder deksel
** Zonder deksel
***Geregeld omdraaien

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)

Frituurfunctie

Met deze functie kan worden gefrituurd in de voorste kookzones, waarbij de temperatuur van de koekenpan wordt afgesteld.

Voordelen bij het frituren

De kookzone verwarmt enkel wanneer dit nodig is. Op die manier wordt energie bespaard. De olie en het vet raken niet oververhit.

Aanwijzingen

Controleer of de bodem van de koekenpan de juiste diameter heeft.

pannen voor de frituurfunctie

Er zijn pannen die optimaal geschikt zijn voor deze functie. Ze kunnen achteraf aangekocht worden als optioneel toebehoren, in de vakhandel of bij onze technische dienst. Duid altijd de overeenkomstige referentie aan:

De pannen hebben een antiaanbaklaag. Het is ook mogelijk om voedsel te frituren met weinig olie.

Aanwijzingen

De temperatuurniveaus

Vermogensstand TemperatuurGeschikt voor
max hoogbv. aardappelkoekjes, gesauteerde aardappelen en weinig doorbakken steak.
med middelhoog-hoogbv. "fijne" bakproducten zoals gepaneerde diepvriesproducten, schnitzels, ragout en groente.
low laag-middelhoogbv. grote bakproducten zoals frikandellen en worstjes, vis.
min laagbv. omeletten gebakken in boter, olijfolie of margarine

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)

← begin van de handleidingverder op pagina 28 →Inhoud