naslaan.comZoekenAlle merken

Neff V68YYX4B0, tekst van de handleiding

Pagina's 9–20 van 32 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 2–8verder op pagina 21 →

Pagina 9

Bedieningselement Twist Pad® nl

schreven. Het vermogen kan al naar gelang de grootte of materiaal van het kookgerei variëren.

5.5 Kookzone

Controleer voordat u met het koken begint of het formaat van de pan bij de kookzone past waarmee u kookt:

GebiedType kookzone
Kookzone met enkele kring
Flex-Zone "Flex Zone", Pagina 13

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)

5.6 Restwarmte-indicatie

De kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-indicatie. Zolang de restwarmte-indicator brandt, mag u de kookzone niet aanraken.

GebiedHoogste kookstand
Vermogensstand 9
PowerBoost
2.200 W 3.700 W
Vermogensstand 9
PowerBoost
3.300 W 3.700 W

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)

In de vermogensstand 9 bereikt de kookplaat het in de tabel aangegeven vermogen, om de voorverwarmingstijden te verkorten, en houd dit gedurende een zekere tijd aan, zolang er geen andere kookzone aan dezelfde kan in bedrijf is.

IndicatieBetekenis
De kookzone is heet.
De kookzone is warm.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)

5.7 Verzadigingsindicatie

De plaat is met een verzadigingsindicatie uitgerust. Wanneer de geurfilters zijn verzadigd, dan gaat branden en moet u de filters vervangen.

"Geurfilter of akoestisch filter", Pagina 23

6 Bedieningselement Twist Pad®

Met deze magneetknop kunnen kookzones, vermogensstanden en andere kookplaatinstellingen worden geselecteerd. De knop kan op het centrale gebied van het bedieningspaneel worden geplaatst, waar deze blijft zitten. Daarnaast kan de knop te allen tijde worden verwijderd.

Hij bestaat uit twee delen, welke gemakkelijk verwijderd kunnen worden. Wanneer deze van een metalen oppervlak wordt genomen, dan kan het onderste deel op dit vlak bevestigd blijven. Voor het gebruik de twee delen weer in elkaar zetten.

6.2 Gebruiksaanwijzingen

Binnenin de draaiknop bevindt zich een sterke magneet. Neem daarom volgende aanwijzingen in acht:

6.1 Twist Pad® positioneren en bedienen

De draaiknop niet in de omgeving van magnetische gegevensdragers, zoals creditcards of kaarten met magneetstroken brengen. De gegevensdragers kunnen worden beschadigd. Bovendien kunnen er storingen bij televisies en beeldschermen optreden. Metalen deeltjes die aan de onderkant blijven plakken, kunnen krassen veroorzaken op het oppervlak van de kookplaat. De draaiknop altijd schoon houden. Als de knop vuil is, werkt hij mogelijk niet naar behoren. Zie Reinigen van de knop . Pagina 21

Pagina 10

nl Software-update

6.3 Twist Pad® verwijderen

U kunt de draaiknop tijdens het koken van de kookzone verwijderen.

Wanneer u de draaiknop verwijderd, dan wordt de functie Pauze gedurende 10 minuten ingeschakeld.

Pagina 17 Als u de draaiknop na het verstrijken van deze tijd niet in zijn positie terugzet, schakelt de kookplaat uit.

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

Wanneer u tijdens deze 10 minuten een metalen voorwerp op het gebied van de draaiknop legt, dan kan de kookzone verder verwarmen.

6.4 Gebruik zonder draaiknop Twist Pad®

Wanneer u de draaiknop kwijt bent of in andere situaties, kunt u de kookplaat ook zonder TwistPad gebruiken. Hiervoor:

De kookzone is ingeschakeld en verwarmt.

Opmerkingen

In deze modus is slechts de basisfunctie van de kookzone beschikbaar.

U kunt de draaiknop altijd weer op de programmeerzone positioneren.

7 Software-update

Wanneer het apparaat met Home Connect is verbonden, dan kunnen enkele functies via een software-update beschikbaar zijn.

Verdere informatie over de beschikbaarheid van dergelijke functies vindt u op de website www.nef-home.com

8 Functies

U kunt uw apparaat gebruiken in de luchtafvoermodus of in de luchtcirculatiemodus.

8.1 Gebruik met afvoerlucht

De aangezogen lucht wordt door de vetfilters gereinigd en via een buizensysteem naar de buitenlucht afgevoerd.

De lucht mag niet worden afgevoerd in een schoorsteen die wordt gebruikt voor afvoergassen van apparaten bestemd voor het verbranden van gas of andere brandstoffen (dit geldt niet voor ventilatieapparatuur).

Komt de afvoerlucht terecht in een rook- of afvoergasschoorsteen die niet in gebruik is, dan dient hiervoor toestemming van een vakbekwame schoorsteenveger te worden verkregen.

Wordt de afvoerlucht door de buitenmuur geleid, dan raden wij u aan een telescoop-muurkast te gebruiken.

8.2 Gebruik met circulatielucht

De aangezogen lucht wordt door de vetfilters en een geurfilter gereinigd en weer teruggeleid in de ruimte.

Monteer een geurfilter om geurtjes te voorkomen bij het gebruik van de circulatiefunctie. De verschillende manieren om het apparaat met circulatielucht te gebruiken, vindt u in onze catalogus of kunt u navragen bij uw speciaalzaak. Het daartoe benodigde toebehoren is verkrijgbaar bij de speciaalzaak, de klantenservice of in de online-shop.

Opmerking: Bij intensief en langdurig koken wordt vocht in de lucht van de ruimte afgegeven. Wanneer u het apparaat in de circulatiefunctie gebruikt, dan raden wij aan de keuken afdoende te ventileren, bijvoorbeeld door het kortstondig openen van een raam, om de overtollige vochtigheid af te voeren.

9 Voor het eerste gebruik

Houd de volgende adviezen aan.

9.1 Eerste reiniging

Verpakkingsresten van het kookplaatoppervlak verwijderen en het oppervlak met een vochtige doek afvegen.

Een lijst met de aanbevolen reinigingsmiddelen vindt u op de officiële website www.nef-home.com.

Meer informatie over onderhoud en reiniging.

Pagina 21

Pagina 11

De Bediening in essentie nl

9.2 Apparaat voorbereiden

Voor een correcte werking moet u de componenten in deze volgorde plaatsen:

Opmerking: Het apparaat nooit zonder metalen vetfilter en overloopreservoir gebruiken.

9.3 Koken met inductie

Vergeleken met gangbare kookplaten brengt inductiekoken enkele veranderingen met zich mee en biedt het een aantal voordelen zoals tijdbesparing tijdens het koken en braden, energiebesparing, alsmede eenvoudiger onderhoud en reiniging. Het biedt ook een betere warmteregeling, omdat de warmte direct in het kookgerei wordt opgewekt.

9.4 Kookgerei

Een lijst van het aanbevolen kookgerei vindt u op de officiële website www.nef-home.com.

Meer informatie over het passende kookgerei. Pagina 6

9.5 Functie instellen

Het apparaat wordt geleverd met vooringestelde circulatiefunctie.

Wanneer uw kookplaat met luchtafvoer naar buiten is geïnstalleerd, moet u de instelling op deze modus configureren. Meer informatie kunt u vinden in hoofdstuk "Basisinstelingen", Pagina 17

9.6 Home Connect instellen

Als u het apparaat voor de eerste keer inschakelt, wordt de instelling van het thuisnetwerk opgevraagd. Op het display licht gedurende enkele seconden op. Tik om het verbinden met Home Connect te starten op en houd de aanwijzingen in hoofdstuk aan.

Om de instelling te beëindigen, de kookplaat uitschakelen.

U kunt de instelling Home Connect ook op een ander tijdstip uitvoeren.

10 De Bediening in essentie

10.1 Kookplaat inschakelen

De symbolen van de kookzones en de momenteel beschikbare functies branden.

De kookplaat is gebruiksklaar.

ReStart

10.2 De kookplaat uitschakelen

aanraken tot de indicaties doven. Alle kookzones zijn uitgeschakeld.

Opmerking: Wanneer alle kookzones langer dan 59 seconden uitgeschakeld zijn, dan schakelt de kookplaat uit.

10.3 De vermogensstand in de kookzones instellen

De kookzone heeft 17 vermogensstanden, die van tot met tussenwaarden worden weergegeven. Kies de vermogensstand die voor het product en de geplande bereiding het meest geschikt is.

is helderder verlicht.

De vermogensstand is ingesteld.

Opmerking: Wanneer er geen kookgerei op de kookplaat staat, of de pan niet geschikt is, dan knippert de gekozen vermogensstand. Na een bepaalde tijd wordt de kookzone uitgeschakeld.

QuickStart

Vermogensstand wijzigen of kookzone uitschakelen

De vermogensstand van de kookzone wordt gewijzigd of de kookzone wordt uitgeschakeld.

10.4 Kookadviezen

De tabel geeft aan welke vermogensstand ( ) voor welk levensmiddel geschikt is. De bereidingstijd ( )kan variëren afhankelijk van de soort, het gewicht, de dikte en de kwaliteit van de levensmiddelen. Om voor te verwarmen, vermogensstand 8 - 9 instellen.

Smelten
Boter, honing, gelatine1 - 2-
Verwarmen en warm houden

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)

Pagina 12

nl Kapregeling

Schnitzel, al dan niet gepaneerd6 - 76 - 10
Steak, 3 cm dik7 - 88 - 12
Borst van gevogelte, 2 cm dik5 - 610 - 20
Hamburger (2 cm dik)6 - 710 - 20
Vis en visfilet, gepaneerd6 - 78 - 20
Garnalen en krab7 - 84 - 10
Sauteren van verse groente en paddestoelen7 - 810 - 20
Diepvriesgerechten, bijv. roerbakgerechten6 - 76 - 10
Omelet (na elkaar bakken)3.5 - 4.53 - 10
Braden (150 tot 200 g per portie in 1 tot 2 l olie, in porties
frituren) ¹
Diepvriesproducten, bijv. frites, kipnuggets8 - 9-
Groente, paddestoelen, gepaneerd, in bierdeeg of in tempura6 - 7-
Klein gebak, bijv. beignets, Berliner bollen, fruit in bierdeeg4 - 5-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)

Gekookte worstjes ¹3 - 4-
Ontdooien en opwarmen
Spinazie, diepvries3 - 415 - 25
Stoven, sudderen
Aardappelballetjes ¹4.5 - 5.520 - 30
Geklopte sauzen, bijv. bearnaisesaus, hollandaisesaus3 - 48 - 12
Koken, stomen, stoven
Rijst met dubbele hoeveelheid water2.5 - 3.515 - 30
Aardappelen in schil4.5 - 5.525 - 35
Pasta ¹6 - 76 - 10
Soepen3.5 - 4.515 - 60
Groente2.5 - 3.510 - 20
Eenpansgerecht met de snelkookpan4.5 - 5.5-
Sudderen
Stoofvlees4 - 560 - 100
Goulasch ²3 - 450 - 60
Roosteren/Braden met weinig
vet ¹

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)

11 Kapregeling

De kookzone beschikt over een in het kookvlak geïntegreerd luchtafvoersysteem.

Het luchtafvoersysteem wordt via de luchtkwaliteitssensor aangestuurd, welke automatisch de kookdamp herkent en de optimale stand kiest.

De functies voor het aansturen van het luchtafvoersysteem worden hierna beschreven.

U kunt de fabrieksinstellingen te allen tijde wijzigen. "Basisinstelingen", Pagina 17

Opmerking: Om de prestaties te verbeteren, laag kookgerei gebruiken. Bij hoog kookgerei het deksel schuin plaatsen.

11.1 Automatische start voor de ventilatie

Wanneer u de aan de eerste kookzone een vermogensstand toewijst, dan begint het afvoerluchtsysteem automatisch te werken. De luchtkwaliteitssensor herkent automatische de kookdamp en kiest de optimale stand. De indicatie brandt.

Na deze automatische start kunt u de ventilatiestand wijzigen. Ventilatiestand wijzigen of deactiveren.

Pagina 12

11.2 Functies van de sensoren

U kunt de ventilatiewerking van de luchtkwaliteitssensor te allen tijde in- of uitschakelen.

De luchtkwaliteitssensor herkent automatische de kookdamp en kiest de optimale ventilatiestand.

1 Zonder deksel

2 Voorverwarmen op kookstand 8 - 8.5

12

Voor het uitschakelen de gewenste ventilatiestand kiezen of de draaiknop op zetten.

Om de functie in te schakelen, aan de draaiknop draai- en, totdat gaat branden.

11.3 Kapregeling

De kookzone heeft 17 ventilatiestanden, welke van tot met tussenliggende waarden worden weergegeven.

Ventilatie inschakelen

De ventilatie schakelt met de vooringestelde vermogensstand in.

Ventilatie wijzigen of uitschakelen

11.4 Intensief ventilatiestanden

Er zijn twee intensieve ventilatiestanden, waarbij de ventilatie gedurende een korte tijd met een hoger vermogen draait.

Pagina 13

Favorietenknop nl

Intensiefstanden inschakelen

Opmerking: Nach ca. 8 minuten schakelt het apparaat zelfstandig terug naar ventilatiestand .

Intensiefstanden wijzigen of uitschakelen

11.5 Naventilatie voor ventilatie

De ventilatie loopt nog enkele minuten na het uitschakelen van de kookzone met de hoofdschakelaar na. Een vereiste daarvoor is dat de kookzone minimaal één minuut is ingeschakeld en dat de ventilatie loopt. De ventilatie schakelt zich na het verstrijken van de betreffende tijdsduur automatisch uit. Deze tijdsduur hangt af van de functie, waarin het apparaat is geïnstalleerd. Bij ingeschakelde ventilatie is de ventilatiestand verlicht. U kunt de ventilatie te allen tijde uitschakelen, door op te drukken.

12 Favorietenknop

Met de functie kunt u twee functies of kookinstellingen kiezen, om deze op snel toegankelijk te maken.

12.1 Favorietenknop functies toekennen

Vereiste: Het apparaat met Home Connect verbinden. Home Connect

Functie 1: kort drukken.

Functie 2: lang drukken.

Opmerking: Wanneer u geen functie heeft toegekend, dan schakelt zich uit na het inschakelen van de kookplaat.

13 Flex Zone

De flexibele kookzone maakt het voor u mogelijk om kookgerei in gelijk welke vorm of grootte naar wens te plaatsen. Hij bestaat uit vier inductoren, die onafhankelijk van elkaar functioneren. Is de flexibele kookzone in gebruik, dan wordt alleen het gebied geactiveerd dat door de pan wordt bedekt.

13.1 Plaatsen van het kookgerei

De flexibele kookzone kan op twee manieren worden geconfigureerd, al naar gelang welk kookgerei wordt gebruikt. Om een goede warmteherkenning en warmteverdeling te waarborgen, het kookgerei goed gecentreerd te plaatsen, zoals op de afbeeldingen is weergegeven.

Als een gecombineerde kookzone

Aanbevolen voor het komen met slechts één stuk kookgerei.

Plaatsen van het kookgerei afhankelijk van de grootte:

Aanbevolen langwerpig kookgerei :

Als twee gescheiden kookzones

Aanbevolen voor het koken met twee stukken kookgerei.

U kunt de voorste en achterste zone gescheiden van elkaar gebruiken en voor elke een eigen vermogensstand instellen.

Pagina 14

nl Tijdfuncties

13.2 Schakel Flex Zone in

Al naar gelang de grootte en positie van de pan worden de kookzones automatische gescheiden of verbonden.

Als de flexibele zone is verbonden, licht rood op.

Opmerkingen

U kunt de instellingen van de kookzone handmatig wijzigen door aan te raken.

Wanneer u het kookgerei van een actieve verbonden kookzone verplaatst of optilt, start automatische een zoekfunctie. Elke kookgerei, dat bij deze zoekactie binnen de kookzone wordt gevonden, wordt verwarmd met de eerder gekozen kookstand.

14 Tijdfuncties

Uw kookplaat beschikt over verschillende functies voor het instellen van de bereidingstijd:

Uitschakeltimer Timer

Aan de knop is standaard de functie Uitschakeltimer toegekend. U kunt de sensor echter ook aan één van de hierboven genoemde functies toekennen.Deze instellingen kunt u via de Home Connect app of onder Basisinstellingen wijzigen Pagina 17.

14.1 Uitschakeltimer

Met de functie kunt u een bereidingstijd in een kookzone en de automatische uitschakeling ervan na het verstrijken van de ingestelde tijd programmeren.

Uitschakeltimer inschakelen

en branden.

De bereidingstijd begint af te lopen. 1 minuut voor het verstrijken van de geselecteerde tijd klinkt een signaal. U kunt de toestand van het levensmiddel controleren en indien nodig de bereidingstijd verlengen. Wanneer de bereidingstijd is verstreken, schakelt de kookzone uit en er klinkt een signaal.

Opmerkingen

Wanneer in een kookzone, waarin Frying Sensor is geactiveerd, een bereidingstijd is geprogrammeerd,

begint de geprogrammeerde bereidingstijd af te tellen, zodra het gekozen temperatuurniveau is bereikt. Druk, om de aanwijzing tussen de functietemperatuur Frying Sensor en de geprogrammeerde bereidingstijd te wisselen, op de gekozen temperatuur.

Uitschakeltimer wijzigen of uitschakelen

14.2 Timer

Met de functie kunt u een timer activeren. Deze functie is onafhankelijk van de kookzones en andere instellingen. Deze schakelt de kookzones niet automatisch uit.

Timer inschakelen

Vereiste: de functie toewijzen.

De tijd begint af te lopen.

Als de tijd is verstreken, klinkt er een signaal en knipperen de displays.

Timer wijzigen of uitschakelen

zetten

15 PowerBoost

Met deze functie verhit u grote hoeveelheden water sneller dan met .

Deze functie is voor alle kookzones beschikbaar, voor zover de andere kookzone aan dezelfde kant niet in gebruik is.

15.1 PowerBoost inschakelen

Opmerking: Deze functie kunt u ook bij het koken met samenhangende FlexZone inschakelen.

Pagina 15

PanBoost nl

15.2 PowerBoost uitschakelen

dooft.

De functie is gedeactiveerd.

Opmerking: Om de elektronica-elementen binnenin de kookplaat te beschermen, schakelt deze functie zich onder bepaalde omstandigheden automatisch uit.

16 PanBoost

Met deze functie verhit u pannen sneller dan met . De PowerBoost functie niet met braadpannen gebruiken, de coating kan daarbij beschadigd raken.

U kunt de functie via Home Connect of Favorietenknop activeren.

Deze functie is voor alle kookzones beschikbaar, voor zover de andere kookzone aan dezelfde kant niet in gebruik is. Anders knipperen in de indicatie van de gekozen kookzone en . Vervolgens wordt automatisch ingesteld.

16.1 Gebruiksadviezen

Leg geen deksel op de pan.

Nooit lege pannen zonder toezicht verhitten. Alleen koude pannen gebruiken.

Pannen met volkomen effen bodem gebruiken. Geen pannen met dunne bodem gebruiken.

16.2 Schakel PanBoost in

Vereiste: de functie toewijzen. .

"Favorietenknop", Pagina 13

De functie is geactiveerd.

Opmerking: Deze functie kunt u ook bij het koken met samenhangende FlexZone inschakelen.

16.3 PanBoost uitschakelen

dooft.

De functie is gedeactiveerd.

Opmerking: Om hoge temperaturen te vermijden schakelt deze functie na 30 seconden automatisch uit.

17 Warmhoudfunctie

Deze functie kunt u gebruiken om chocolade of boter te smelten en gerechten warm te houden.

U kunt de functie via Home Connect of Favorietenknop activeren.

17.1 Schakel Warmhoudfunctie in

Vereiste: de functie toewijzen. .

"Favorietenknop", Pagina 13

18 PowerTransfer

Met deze functie kunt u de kookstand en de geprogrammeerde bereidingstijd van de ene naar de andere kookzone overdragen.

18.1 PowerTransfer

Vereiste: Verplaats de pan naar een kookzone die niet ingeschakeld is en nog niet vooraf is ingesteld of waarop eerder geen andere pan stond.

brandt.

De functie is ingeschakeld.

17.2 Schakel Warmhoudfunctie uit

De functie is gedeactiveerd.

Pagina 16

nl Frying Sensor

Het kookgerei wordt herkend.

Op het display van de nieuwe kookzone knipperen afwisselend de eerder gekozen vermogensstand en .

De oorspronkelijke kookzone stelt zich op in. De instellingen zijn op de nieuwe kookzone overgedragen.

Opmerking: Wanneer u een nieuw kookgerei op een andere kookzone plaatst, voordat u de instellingen heeft bevestigd, dan kunt u deze functie voor het nieuwe kookgerei gebruiken.

19 Frying Sensor

Met deze functie kunt u smelten, sauzen bereiden, sauteren, frituren of braden, waarbij de temperatuur onder controle wordt gehouden.

In de plaats van tijdens het koken telkens weer de vermogensstand aan te passen, eenmaal de gewenste temperatuur kiezen. De sensoren onder de keramische glasplaat meten dan de temperatuur van het kookgerei en houden deze tijdens het volledige kookproces constant.

Deze functie is beschikbaar op de kookzones die met zijn gemarkeerd.

FunctiesTemperatuur
Smelten70 - 80ºC
Sauzen bereiden110 - 120ºC
Braden140ºC
Braden160ºC
Braden180 - 200ºC
Braden220ºC

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)

19.1 Aanbevolen kookgerei

Voor deze functie werd speciaal kookgerei ontwikkeld, dat optimale resultaten levert.

Het aanbevolen kookgerei kunt u verkrijgen via de servicedienst, de vakhandel of onze onlineshop www.nef-home.com.

Opmerking: U kunt ook ander kookgerei gebruiken. Afhankelijk van de kwaliteit van het kookgerei kan de bereikte temperatuur echter van de gekozen temperatuurstand afwijken.

19.2 Frying Sensor inschakelen

, en de vooringestelde temperatuur gaan branden op het display van de geselecteerde kookzone.

knippert op het bedieningspaneel tot de ingestelde temperatuur is bereikt.

De gekozen temperatuur en de ontwikkeling van de in de pannen bereikte temperatuur knipperen afwisselend, tot de gekozen temperatuur is bereikt.

De op de displays weergegeven temperatuur is een benaderingswaarde en kan afwijken van de daadwerkelijke temperatuur in de braadpan.

Wanneer de temperatuur is bereikt, dan klinkt een signaal en alsmede het temperatuursymbool houden op te knipperen.

Opmerking: Als u meer dan 250 ml olie nodig hebt om te koken, dan de olie toevoegen en een paar seconden wachten voordat u het te bereiden product toevoegt.

19.3 Schakel Frying Sensor uit

19.4 Adviezen voor het koken met Frying Sensor

In de bijgevoegde documentatie vindt u een tabel met adviezen voor het koken met Frying Sensor.

20 Kinderslot

De kookplaat is voorzien van een kinderslot. Hiermee voorkomt u dat kinderen de kookplaat inschakelen.

20.1 Kinderslot inschakelen

Vereiste: De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.

brandt 10 seconden lang.

De kookplaat is geblokkeerd.

20.2 Kinderslot deactiveren

20.3 Automatisch kinderslot

U kunt het kinderslot ook automatisch elke keer na het uitschakelen van de kookplaat activeren.

Pagina 17

Pauze nl

Hoe u de functie activeert en deactiveert kunt u lezen in het hoofdstuk basisinstellingen Pagina 17.

21 Pauze

Met de functie kunt u actieve bereidingsprocessen tot 10 minuten onderbreken en weer starten zonder de gekozen instellingen te hoeven wijzigen.

De functie kunt u bijvoorbeeld voor het reinigen van het bedieningspaneel inschakelen.

21.1 Pauze-functie activeren

De functie is geactiveerd.

21.2 Pauze-functie deactiveren

Opmerking: Na 10 minuten schakelt de kookzone automatisch uit.

22 Individuele veiligheidsuitschakeling

Wanneer een kookzone langere tijd in gebruik is en u geen instelling wijzigt, dan activeert u de veiligheidsfunctie. De kookzone geeft weer en schakelt uit.

De tijd is afhankelijk van het geselecteerde vermogensniveau.

VermogensstandTijd
1,0 - 1,510 uur

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

VermogensstandTijd
2,0 - 3,55 uur
4,0 - 5,04 uur
5,5 - 6,53 uur
7,0 - 7,52 uur
8,0 - 9,01 uur

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

Druk op een willekeurige button.

23 Basisinstellingen

U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.

23.1 Overzicht van de basisinstellingen

IndicatieInstellingWaarde
Kinderslot "Kinderslot", Pagina 16- Handmatig. ¹ - Automatisch.
- Functie uitgeschakeld.
Akoestische signalen- Het bevestigingssignaal, het foutsignaal en het signaal voor verkeerd gebruik zijn gedeactiveerd.
- Het foutsignaal is geactiveerd.
- Het bevestigingssignaal en het signaal voor verkeerd gebruik zijn geactiveerd.
- Alle geluidssignalen zijn ingeschakeld ¹.
Geluidsvolume van de akoestische signalen- Stil.
- Gemiddeld. ¹
– Luid.
op het bedieningspaneel één van de tijdprogrammeerfuncties toekennen.
"Tijdfuncties", Pagina 14
- Uitschakeltimer. ¹ - Timer.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

1 Fabrieksinstelling

17

Pagina 18

nl Basisinstellingen

IndicatieInstellingWaarde
Vermogensbegrenzing
Daarmee kunt u indien nodig het totale vermogen van de kookplaat vanwege de specificaties van uw elektrische installatie begrenzen. Houd de bepalingen van uw lokale elektriciteitsbedrijf aan. De beschikbare instellingen zijn afhankelijk van het maximale vermogen van de kookplaat. Overige informatie vindt u op het typeplaatje. Wanneer de functie is ingeschakeld en de kookplaat de ingestelde vermogensgrens bereikt, dan knippert de gewenste en toegestane vermogensstand en kunt u geen hogere vermogensstand kiezen.
Het vermogen wordt met elke stap met 500 W verhoogd.
– Uitgeschakeld. Maximale vermogen van de kookplaat
1.
- 1000 W. Laagste vermogen.
. - 1500 W.
...
- 3000 W.
. - 3500 W.
- 4000 W.
. - 4500 W.
...
- Maximale vermogen van de kookplaat.
Demonstratiemodus
Demo-modus van de kookplaat. Wanneer u de kookplaat inschakelt, brandt enkele seconden lang en verwarmen de kookzones niet.
- Uitgeschakeld. ¹ - Ingeschakeld.
Kookgerei-test
Met deze functie kunt u de kwaliteit van het kookgerei testen.
"Kookgerei-test", Pagina 19
- Ongeschikt. - Niet optimaal. - Geschikt.
Luchtcirculatie of luchtafvoer instellen.- Luchtcirculatie configureren. ¹ - Luchtafvoer configureren.
Automatisch starten van de ventilatie instellen.- Uitgeschakeld.
- De ventilatie start met de vooringestelde vermogensstand.
- De ventilatie start bij bedrijf door de sensor. ¹
Sensorgevoeligheid voor de ventilatie instellen.- Laagste instelling van de sensorgevoeligheid. - Middelste instelling van de sensorgevoeligheid. ¹ - Hoogste instelling van de sensorgevoeligheid.
Naventilatie voor ventilatie instellen.- Uitgeschakeld.
- Ingeschakeld. Wanneer uw kookplaat werkt met afvoerluchtfunctie, dan schakelt de ventilatie gedurende ca. 6 minuten met de vermogensstand in. Wanneer de kookplaat met de circulatieluchtfunctie werkt, dan schakelt de ventilatie gedurende ca. 30 minuten met de vermogensstand in. ¹ - Ingeschakeld door de sensor.
Terugzetten naar de fabrieksinstellingen- Individuele instellingen ¹. - Fabrieksinstellingen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)

23.2 Naar de basisinstellingen

Vereiste: De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.

ProductinformatieIndicatie
Klantenserviceoverzicht
Fabricagenummer
Fabricagenummer 1
Fabricagenummer 2

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)

De eerste vier indicaties geven productinformatie weer. aanraken om de afzonderlijke indicaties weer te geven.

1 Fabrieksinstelling

18

De instellingen zijn opgeslagen.

23.3 Wijzigen van de basisinstellingen annuleren

Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgeslagen.

Pagina 19

Kookgerei-test nl

24 Kookgerei-test

De kwaliteit van het kookgerei heeft een grote invloed op de snelheid en het resultaat van het kookproces. Met deze functie kunt u de kwaliteit van het kookgerei testen.

Ga vóór de test na of de diameter van de bodem van de pan met de diameter van de gebruikte kookzone overeenstemt.

De toegang vindt plaats via de basisinstellingen. Pagina 17

24.1 Kookgerei-test uitvoeren

Vereiste: De flexibele kookzone is als enige kookzone zo ingesteld dat deze slechts één enkele stuk kookgerei controleert.

Na 10 seconden verschijnt het resultaat op het kookzonedisplay.

24.2 Resultaat controleren

In de volgende tabel wordt weergegeven wat het resultaat voor kwaliteit en snelheid van het kookproces betekent.

Resultaat
Het kookgerei is voor de kookzone niet geschikt en wordt daarom niet opgewarmd.
Het kookgerei warmt langzamer op dan verwacht en het kookproces verloopt niet optimaal.
Het kookgerei wordt goed warm en het kookproces is in orde.
Omde functie opnieuw in te schakelen, de draaiknop

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)

draaien.

25 Home Connect

Dit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uw apparaat met een mobiel eindapparaat om functies te kunnen bedienen via de Home Connect app, basisinstellingen aan te passen of de actuele gebruikstoestand te bewaken.

De Home Connect diensten zijn niet in elk land beschikbaar. De beschikbaarheid van de functie Home Connect is afhankelijk van de beschikbaarheid van de Home Connect diensten in uw land. Informatie hierover vindt u op: www.home-connect.com.

De Home Connect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces. Volg de aanwijzingen en houd u aan de instructies in de Home Connect app.

Opmerkingen

Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden nageleefd wanneer u het apparaat via de Home Connect app bedient.

"Veiligheid", Pagina 2

De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang. Gedurende deze tijd is de bediening via de Home Connect app niet mogelijk.

In de netwerkgebonden stand-by-stand heeft het apparaat max. 2 W nodig.

25.1 Home Connect instellen

Vereisten

Het apparaat is verbonden met het stroomnet en ingeschakeld.

U beschikt over een mobiel eindapparaat met een actuele versie van het iOS- of Android-besturingssysteem, bijvoorbeeld een smartphone.

Het apparaat heeft op de plaats van opstelling ontvangst van het thuisnetwerk (wifi).

Het mobiele eindapparaat en het apparaat bevinden zich binnen het bereik van het WiFi-signaal van uw thuisnetwerk.

Via de QR-code kunt u de Home Connect app installeren en uw apparaat verbinden.

25.2 WiFi-symbool

De WiFi-indicatie op het bedieningspaneel wijzigt afhankelijk van de status en de kwaliteit van der verbinding en de beschikbaarheid van de Home Connect server.

StatusBeschrijving
Brandt wit.Geen netwerkverbinding opgeslagen.
Brandt rood.Netwerkverbinding opgeslagen en WiFi actief.
Knippert rood.Netwerkverbinding of verbinding met een ander apparaat wordt tot stand gebracht.
De netwerkinstellingen worden gereset.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)

Pagina 20

nl Home Connect

25.3 Wifi-thuisnetwerk toevoegen of verwijderen

In het volgende overzicht ziet u hoe u een wifi-thuisnetwerk kunt toevoegen of verwijderen.

Wifi-thuisnetwerkstatusHandeling
Geen wifi-thuisnetwerk opgeslagen.Om het wifi-thuisnetwerk toe te voegen, kort op drukken.
Het wifi-thuisnetwerk is opgeslagen.Om een ander apparaat te koppelen, lang op drukken.
Het wifi-thuisnetwerk is opgeslagen.Om de instellingen van het wifi-thuisnetwerk te resetten, lang op drukken. Als knippert, dan opnieuw lang indrukken.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)

25.4 Netwerkverbinding deactiveren

ingedrukt houden. Als knippert, dan opnieuw lang indrukken.

De verbinding met het WiFi-netwerk is gedeactiveerd en de netwerkaansluitingen zijn gescheiden.

Opmerking: Om de netwerkverbinding opnieuw te activeren, zie .

"Wifi-thuisnetwerk toevoegen of verwijderen", Pagina 20

25.5 Instellingen via de Home Connect app wijzigen

Met de Home Connect app kunt u de instellingen voor de kookzones wijzigen en naar de kookplaat sturen.

Vereiste: De kookplaat is met het thuisnetwerk en de Home Connect app verbonden.

De aanwijzingen in de Home Connect app opvolgen. Instellingen die u vanuit de Home Connect app naar de kookplaat stuurt, moet u op de kookplaat bevestigen.

Wanneer kookinstellingen naar een kookplaat worden doorgestuurd, begint afhankelijk van de instelling de betreffende kookzone-indicatie te knipperen.

25.6 Bluetooth®-herkenning activeren

Deze draadloze technologie maakt een automatische aanwezigheidsherkenning mogelijk. Wanneer u zich in de buurt van de kookplaat bevindt, hoeft u de instellingen van uw mobiele eindapparaat niet meer op de kookplaat te bevestigen. Wanneer u instellingen naar een kookzone stuurt, kunt u deze direct vanaf uw mobiele eindapparaat bevestigen.

Vereisten

De kookplaat is met het thuisnetwerk en de Home Connect app verbonden.

Het Bluetooth®-systeem is verbonden met het mobiele apparaat.

20

De gebruiker bevindt zich in de buurt van de kookplaat.

Opmerking: De Bluetooth®-verbinding wordt gedeactiveerd als de kookplaat uitgeschakeld wordt en in de energiespaarmodus wordt gebracht. Daarnaast kan de Bluetooth®-verbinding via de Home Connect app worden gedeactiveerd.

25.7 Software-update

Met de functie software-update wordt de software van uw apparaat bijgewerkt, bijv. voor optimalisatie, verhelpen van fouten, voor veiligheidsrelevante updates alsmede voor extra functies en diensten.

Voorwaarde is wel dat u een geregistreerde Home Connect gebruiker bent, de app op uw mobiele eindapparaat hebt geïnstalleerd en een verbinding met de Home Connect server hebt gemaakt.

Zodra er een software-update beschikbaar is, wordt u hierover via de Home Connect app geïnformeerd en kunt u de software-update via de app starten. Na het succesvol downloaden kunt u de installatie via de Home Connect app starten als u in uw WLAN-thuisnetwerk (WiFi) bent. Over een succesvol uitgevoerde installatie wordt u via de Home Connect app geïnformeerd. De actuele softwareversie is in de Home Connect app onder de apparaatinformatie van het apparaat te vinden.

Opmerkingen

De software-update bestaat uit twee stappen.

De installatie duurt enkele minuten. Tijdens de installatie kunt u uw apparaat niet gebruiken.

In geval van een veiligheidsrelevante update is het raadzaam deze zo snel mogelijk te installeren. Het apparaat moet voor aanvang van de update worden uitgeschakeld en tot het afronden van de update uitgeschakeld blijven.

25.8 Afstandsdiagnose

De klantenservice kan via de diagnose op afstand toegang verkrijgen tot uw apparaat als u zich met de desbetreffende wens tot de klantenservice richt, uw apparaat met de Home Connect server verbonden is en de diagnose op afstand in het land waarin u het apparaat gebruikt, beschikbaar is.

Tip: Meer informatie alsook aanwijzingen over de beschikbaarheid van de diagnose op afstand in uw land vindt u in het gedeelte service/support van de lokale website: www.home-connect.com.

25.9 Bescherming persoonsgegevens

Neem de aanwijzingen m.b.t. de bescherming van de persoonsgegevens in acht.

Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een thuisnetwerk dat op het internet is aan-

← pagina's 2–8verder op pagina 21 →Inhoud