naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens CB635GBS3, tekst van de handleiding

Pagina's 4–16 van 36 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 2–3verder op pagina 17 →

Pagina 4

nl Materiële schade vermijden

Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.

WAARSCHUWING ‒ Gevaar:

magnetisme!

In het bedieningspaneel of de bedieningselementen bevinden zich permanente magneten. Deze kunnen elektronische implantaten, zoals pacemakers, of insulinepompen beïnvloeden.

WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!

Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.

Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.

1.5 Halogeenlamp

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

De lampen in de binnenruimte worden heel heet. Ook enige tijd na het uitschakelen bestaat er nog een risico van verbranding.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Bij vervanging van de lamp staan de contacten van de lampfitting onder stroom.

2 Materiële schade vermijden

2.1 Algemeen

LET OP!

Als de temperatuur hoger is dan 50°C ontstaat er warmteophoping door voorwerpen op de bodem van de binnenruimte. De bak- en braadtijden kloppen niet meer en het email wordt beschadigd.

Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat er waterdamp. Door de temperatuurverandering kan er schade optreden.

Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.

Pagina 5

Milieubescherming en besparing nl

Wanneer er wordt afgekoeld terwijl de apparaatdeur open staat, raken aangrenzende meubelfronten op den duur beschadigd.

Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, laat vlekken achter die niet meer kunnen worden verwijderd.

Is de afdichting sterk vervuild, dan sluit de deur tijdens het gebruik niet meer goed. De aangrenzende meubelfronten kunnen dan beschadigd raken.

Wanneer de apparaatdeur wordt gebruikt als vlak om iets op te zetten of te leggen kan hij beschadigd raken.

Afhankelijk van het apparaattype kunnen de accessoires krassen veroorzaken op de ruit dan de apparaatdeur wanneer deze gesloten wordt.

3 Milieubescherming en besparing

3.1 Afvoeren van de verpakking

De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.

3.2 Energie besparen

Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.

Verwarm het apparaat alleen voor wanneer het recept of de insteladviezen dit aangeven.

Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen.

Open de apparaatdeur tijdens de bereiding zo weinig mogelijk.

Meerdere gerechten direct achter elkaar of parallel bakken.

Bij langere bereidingstijden het apparaat 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitschakelen.

Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruimte.

Laat diepgevroren producten vóór de bereiding ontdooien.

Opmerking:

Het apparaat verbruikt:

in gebruik met ingeschakeld display max. 1 W in gebruik met uitgeschakeld display max. 0,5 W

Pagina 6

nl Uw apparaat leren kennen

4 Uw apparaat leren kennen

4.1 Bedieningspaneel

Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.

Opmerking: Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op de afbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm.

1Knoppen
De toetsen links en rechts van het bedieningspaneel hebben een drukpunt. De toetsen dienen te worden ingedrukt. Bij apparaten zonder roestvrijstalen front zijn de toetsen eveneens touchvelden.
2Draaiknop
U kunt de draaiknop onbeperkt naar rechts of naar links draaien.
Touchvelden zijn aanraakgevoelige oppervlakken. Om een functie te kiezen, slechts licht op het betreffende veld drukken.
3Display
Op het display ziet u actuele instelwaarden of teksten met aanwijzingen.
4Touch-velden
Touchvelden zijn aanraakgevoelige oppervlakken. Om een functie te kiezen, slechts licht op het betreffende veld drukken.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 6)

4.2 Knoppen

Met de toetsen links en rechts op het bedieningspaneel schakelt u uw apparaat of de werking in en uit.

KnopFunctieGebruik
Aan/UitApparaat in- of uitschakelen.
MenuFunctiekeuze-menu openen
InformatieAanwijzingen laten weergeven Kinderslot activeren en deactiveren
KinderslotKinderslot activeren en deactiveren
TijdfunctiesKort indrukken: werking starten of onderbreken. Ca. 3 seconden ingedrukt houden: werking afbreken.
Snel voorverwarmenSnel voorverwarmen in- en uitschakelen
Start/StopWerking starten, stoppen of afbreken
Veld links van het displayNavigatie naar links
Veld rechts van het displayNavigatie naar rechts

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 6)

4.3 Draaiknop

Met de draaiknop wijzigt u de instelwaarden die op het display worden weergegeven.

Wanneer u bij instelwaarden, bijv. de temperatuur, de minimale of maximale waarde heeft bereikt, blijft deze waarde op het display staan. Draai indien nodig de waarde met de draaiknop opnieuw terug.

Bij lijsten, bijv. de verwarmingsfuncties, begint na de laatste waarde opnieuw de eerste.

4.4 Display

Het display toont u de actuele instelwaarden. De waarde die u op het display kunt wijzigen, is in kleur gemarkeerd.

Statusregel

De statusregel bevindt zich boven in het display. In de statusregel worden de tijd en ingestelde tijdsfuncties weergegeven.

Voortgangslijn

De lijn ligt op het display onder de gemarkeerde waarde.

Pagina 7

Functies nl

Aan de hand van de voortgangslijn ziet u hoever het apparaat al is opgewarmd. De lijn vult zich van links naar rechts.

Tijdsafloop

De tijdsafloop of de duur van de actuele functie kunt u rechtsboven in de statusregel zien.

Als u een duur hebt ingesteld en de duur wordt gewist, dan neemt de tijdsafloop de reeds verstreken tijdsduur van het apparaat over. Zo kunt u controleren hoelang het programma al loopt.

Temperatuurindicatie

De opwarmingscontrole en de restwarmte-indicatie tonen u de temperatuur in de binnenruimte.

Door thermische traagheid kan de weergegeven temperatuur een beetje afwijken van de werkelijke temperatuur in de binnenruimte. Met de toets kunt u de actuele temperatuur opvragen.

Na het starten van de werking geeft de opwarmingscontrole de temperatuurstijging in de binnenruimte weer. Wanneer u voorverwarmt, is het optimale tijdstip voor het plaatsen van het gerecht bereikt zodra alle balken gevuld zijn.

Bij instelstanden verschijnt de opwarmingscontrole niet, bijv. bij grillstanden.

Wanneer het apparaat uitgeschakeld is, geeft het display de restwarmte in de binnenruimte weer. De restwarmte-indicatie gaat uit bij ca. 60°C.

4.5 Binnenruimte

Functies voor de binnenruimte vergemakkelijken het gebruik van uw apparaat.

Rekjes

U kunt accessoires op verschillende hoogtes in de rekjes in de binnenruimte plaatsen.

→ "Accessoires", Pagina 9

Uw apparaat heeft 3 inschuifhoogtes. De inschuifhoogtes worden van beneden naar boven geteld.

5 Functies

Hier krijgt u een overzicht van de hoofd- en andere functies van uw apparaat.

Om het menu te openen op drukken.

De accessoires kunt u, bijvoorbeeld om te reinigen, verwijderen.

→ "Rekjes", Pagina 21

Zelfreinigende oppervlakken

De achterwand in de binnenruimte is zelfreinigend. De zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte zijn voorzien van een laagje poreus, mat keramiek en hebben een ruw oppervlak. Wanneer het apparaat in gebruik is, nemen de zelfreinigende oppervlakken vetspetters van het bakken, braden of grillen op en breken ze af.

Als de zelfreinigende oppervlakken zich tijdens het gebruik niet meer voldoende reinigen, warm de binnenruimte dan gericht op.

→ "Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte reinigen", Pagina 17

Verlichting

Een of meerdere ovenlampen verlichten de binnenruimte.

Wanneer u de deur van het apparaat opent, gaat de verlichting in de binnenruimte aan. Blijft de deur langer dan 15 minuten open, dan gaat de verlichting weer uit. Bij de meeste functies schakelt de verlichting in zodra het gebruik wordt gestart. Als het gebruik wordt beëindigd, schakelt de verlichting uit.

Koelventilator

De koelventilator schakelt afhankelijk van de temperatuur van het apparaat in en uit. De warme lucht ontsnapt via de deur.

LET OP!

De ventilatiesleuven boven de deur van het apparaat niet afdekken. Het apparaat raakt oververhit.

De koelventilator loopt een bepaalde tijd na, zodat het apparaat na gebruik sneller afkoelt.

Apparaatdeur

Wanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik, wordt de werking stopgezet. Sluit u de apparaatdeur, dan wordt de werking niet automatisch voortgezet.

Pagina 8

nl Functies

FunctieGebruik
Verwar-mingsmethodenFijn afgestemde verwarmingsmethoden voor een optimale bereiding van uw gerechten kiezen.
→ "Verwarmingsmethoden", Pagina 8

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)

FunctieGebruik
GerechtenGeprogrammeerde, aanbevolen instellingen voor verschillende gerechten gebruiken.
→ "Gerechten", Pagina 13
BasisinstellingenBasisinstellingen aanpassen. Basisinstellingen → Pagina 15

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)

5.1 Verwarmingsmethoden

Om altijd de passende verwarmingsmethode voor uw gerechten te kunnen bepalen, geven wij hier uitleg over de verschillen en toepassingen.

Aan de hand van de afzonderlijke symbolen ziet u om welke verwarmingsmethoden het gaat.

Wanneer u een verwarmingsmethode kiest, stelt het apparaat u een passende temperatuur of stand voor. U kunt de waarde overnemen of wijzigen in het weergegeven gebied.

Bij temperatuurinstellingen boven 275 °C en grillstand 3 verlaagt het apparaat de temperatuur na ca. 40 minuten tot ca. 275 °C resp. grillstand 1.

SymboolVerwarmingsmethodeTemperatuurbereikGebruik en werkwijze Eventuele extra functies
4D hete lucht30 - 275 °COp één of meer niveaus bakken of braden.
De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte.
Boven- en onderwarmte30 - 300 °CTraditioneel bakken of braden op één niveau. De verwarmingsmethode is bijzonder geschikt voor gebak met vochtige bedekking.
De warmte komt gelijkmatig van onderen en van boven.
Hetelucht Eco30 - 275 °CGekozen gerechten zonder voorverwarmen op een niveau voorzichtig garen.
De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte. Het product wordt in fasen bereid met behulp van restwarmte.
Het meest doeltreffend is de verwarmingsmodus tussen 125 - 275 °C.
Houd de deur van het apparaat tijdens het bereiden gesloten. Deze verwarmingsmethode wordt voor het bepalen van het energieverbruik in de circulatieluchtmodus en de energieklasse gebruikt.
Boven- en onderwarmte Eco30 - 300 °CGekozen gerechten voorzichtig garen.
De warmte komt van boven en van onderen.
Het meest doeltreffend is de verwarmingsmodus tussen 150-250 °C.
Deze verwarmingsmethode wordt gebruikt voor het bepalen van het energieverbruik in de conventionele modus.
Circulatiegrillen30 - 300 °CGevogelte, hele vis of grotere stukken vlees braden.
Het grillelement en de ventilator schakelen afwisselend in en uit. De ventilator wervelt de hete lucht rond het gerecht.
Grill, grootGrillstanden: 1 = zwak
2 = gemiddeld 3 = sterk
Platte grillstukken, zoals steaks, worstjes of toast grillen. Gerechten gratineren.
Het hele oppervlak onder de grill wordt heet.
Grill, kleinGrillstanden: 1 = zwak
2 = gemiddeld 3 = sterk
Kleine hoeveelheden grillen, zoals steak, worstjes of toast. Kleine hoeveelheden gratineren.
Het middelste oppervlak onder de grill wordt heet.
Pizzastand30 - 275 °CPizza's of gerechten klaarmaken die warmte van onderen nodig hebben.
Het onderste verwarmingselement en het ronde verwarmingselement aan de achterwand zijn ingeschakeld.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)

Pagina 9

Accessoires nl

SymboolVerwarmingsmethodeTemperatuurbereikGebruik en werkwijze Eventuele extra functies
Langzaam garen70 - 120 °CKort aangebraden, mals vlees in open vormen voorzichtig en langzaam garen.
De warmte komt bij een lage temperatuur gelijkmatig van boven en van onderen.
Onderwarmte30 - 250 °CGerechten nabakken of au bain-marie bereiden. De warmte komt van onderen.
Warm houden60 - 100 °CGegaarde gerechten warmhouden.
Servies voorverwarmen30 - 70 °CServies voorverwarmen.
CoolStart-functie30 - 275 °CVoor een snelle bereiding van diepvriesproducten op hoogte 1. De temperatuur is afhankelijk van de opgaven van de fabrikant. Gebruik de hoogste temperatuur die op de verpakking staat aangegeven.
De bereidingstijd is zoals aangegeven of korter.
Het heeft geen zin om voor te verwarmen

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)

6 Accessoires

Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd.

Opmerking: Wanneer de accessoires heet worden, kunnen deze vervormen. De vervorming heeft geen invloed op de werking. De vervorming verdwijnt weer nadat de accessoires zijn afgekoeld.

De meegeleverde accessoires kunnen variëren, afhankelijk van het type apparaat.

AccessoiresGebruik
Rooster• Bakvormen
• Ovenschalen
• Vormen
• Vlees, bijv. braad- of grillstukken
• Diepvriesgerechten
Braadslede• Vochtig gebak
• Gebak
• Brood
• Grote braadstukken
• Diepvriesgerechten
• Afdruipende vloeistof opvangen, bijv vet bij het grillen op het rooster.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)

6.1 Vergrendelingsfunctie

De vergrendelingsfunctie voorkomt dat de accessoires kantelen wanneer ze worden uitgetrokken.

U kunt het accessoire tot ongeveer de helft uittrekken, tot deze vastklikt. De kantelbeveiliging functioneert alleen wanneer u het accessoire op de juiste manier in de binnenruimte schuift.

6.2 Accessoire in de binnenruimte schuiven

Het accessoire altijd op de juiste manier in de binnenruimte schuiven. Alleen zo kan het accessoire zonder te kantelen tot ongeveer de helft worden uitgetrokken.

Pagina 10

nl Voor het eerste gebruik

RoosterHet rooster met de open kant naar de apparaatdeur en de welving naar beneden in de oven schuiven.
Plaat bijv. braadslede of bakplaatDe plaat met de afschuining gericht naar de ovendeur in de oven schuiven.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)

Opmerking: Haal de accessoires die u niet nodig hebt bij het gebruik uit de binnenruimte.

Accessoires combineren

Om afdruipende vloeistof op te vangen, kunt u het rooster in combinatie met de braadslede gebruiken.

Rooster op braadslede

6.3 Meer accessoires

Meer accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, in speciaalzaken of op het internet.

U vindt een uitgebreid aanbod voor uw apparaat in onze folders of op internet:

www.siemens-home.bsh-group.com

Voor de verschillende apparaten zijn specifieke accessoires beschikbaar. Geef bij de aankoop altijd de precieze aanduiding (E-nr.) van uw apparaat op.

Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat, kunt u zien in de online-shop of navragen bij de klantenservice.

7 Voor het eerste gebruik

Stel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het apparaat en de accessoires.

7.1 Eerste keer in gebruik nemen

Na het aansluiten op het elektriciteitsnetwerk of na een langere stroomuitval dient u de instellingen voor de eerste ingebruikname van uw apparaat uit te voeren. Het kan enkele seconden duren tot op het display de instellingen verschijnen.

Taal instellen

Tijd instellen

Datum instellen

7.2 Het apparaat reinigen voordat u het voor het eerst gebruikt

Voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met het apparaat dient u de binnenruimte en de accessoires te reinigen.

Verwarmingsmethode4D hetelucht
Temperatuurmaximaal
Tijdsduur1 uur

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)

→ "De Bediening in essentie", Pagina 11

‒ Zorg ervoor dat de keuken geventileerd is zolang het apparaat opwarmt.

Pagina 11

De Bediening in essentie nl

8 De Bediening in essentie

8.1 Apparaat inschakelen

‒ De toets wordt blauw verlicht.

8.2 Apparaat uitschakelen

Schakel het apparaat uit wanneer u het niet nodig heeft. Wanneer u het apparaat langere tijd niet bedient, gaat het automatisch uit.

‒ De verlichting boven de toets gaat uit.

8.3 In werking stellen

Elke functie moet u starten.

8.4 Werking onderbreken of afbreken

U kunt de werking kort onderbreken en weer voortzetten. Breekt u de werking volledig af, dan worden de instellingen gereset.

‒ Kort op drukken.

‒ Om de werking voort te zetten, op drukken.

8.5 Functie instellen

Vereiste: Het apparaat moet ingeschakeld zijn.

Het functiemenu wordt geopend.

8.6 Verwarmingsmethode en temperatuur instellen

Als u het apparaat inschakelt, is automatisch de functie verwarmingsmethoden ingesteld.

Tip: De meest geschikte verwarmingsmethode voor uw gerechten vindt u in de beschrijving van de verwarmingsmethoden.

Opmerking: U kunt aan het apparaat de duur en het einde van de werking instellen.

→ "Tijdfuncties", Pagina 12

Verwarmingsmethode wijzigen

Verandert u de verwarmingsmethode, dan worden ook de andere instellingen teruggezet.

Temperatuur wijzigen

Na het starten van de werking kunt u de temperatuur direct wijzigen.

8.7 Informatie weergeven

In de meeste gevallen kunt u informatie bij de zojuist uitgevoerde functie oproepen. Vele aanwijzingen verschijnen automatisch, bijv. ter bevestiging of als oproep of waarschuwing.

Pagina 12

nl Snel voorverwarmen

9 Snel voorverwarmen

Om tijd te besparen, kunt u bij ingestelde temperaturen vanaf 100 °C de opwarmingsduur verkorten.

Bij deze verwarmingsmethode kunt u de functie snel voorverwarmen gebruiken:

4D hetelucht

9.1 Snel voorverwarmen instellen

Om een gelijkmatig bereidingsresultaat te krijgen, de gerechten pas na het snel voorverwarmen in de binnenruimte plaatsen.

Opmerking: Stel pas een tijdsduur in wanneer het snel voorverwarmen beëindigd is.

Snel voorverwarmen afbreken

10 Tijdfuncties

Uw apparaat beschikt over verschillende tijdfuncties waarmee u de werking kunt sturen.

10.1 Overzicht van de tijdfuncties

Bij de werking kunt u tijdsduur en einde instellen. De timer kan onafhankelijk van de werking worden ingesteld.

TijdfunctieGebruik
TimerDe timer kunt u onafhankelijk van de werking instellen. Hij beïnvloedt het apparaat niet.
TijdsduurWanneer u voor de werking een tijdsduur instelt, houdt het apparaat na het verstrijken van de tijdsduur automatisch op met verwarmen.
EindeVoor de tijdsduur kunt u een tijd instellen waarop de werking eindigt. Het apparaat start automatisch zodat de werking op het gewenste tijdstip klaar is.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)

10.2 Timer instellen

De timer loopt onafhankelijk van de werking. U kunt de timer bij ingeschakeld en uitgeschakeld apparaat tot 24 uur instellen. De timer heeft een eigen signaal, zodat u hoort of de timer of een tijdsduur eindigt.

‒ Druk op om het signaal voortijdig te beëindigen.

‒

Om opnieuw een wekkertijd in te stellen op drukken en de wekkertijd met de draaiknop instellen.

Wekker wijzigen

U kunt de wekkertijd altijd wijzigen.

Wekker afbreken

U kunt de timertijd altijd afbreken.

10.3 Tijdsduur instellen

De tijdsduur voor de werking kunt u tot 23 uur en 59 minuten instellen.

Vereiste: Een verwarmingsmethode en een temperatuur of stand zijn ingesteld.

DraairichtingVoorgestelde waarde
Links10 minuten
Rechts30 minuten

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)

De tijdsduur kan tot een uur worden ingesteld in stappen van een minuut, daarna in stappen van 5 minuten. De eindtijd wordt automatisch berekend.

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op drukken.

‒ Druk om opnieuw een tijdsduur in te stellen op en stel de tijdsduur in met de draaiknop.

Pagina 13

Gerechten nl

‒

Start met om de werking zonder tijdsduur te hervatten.

Schakel het apparaat uit met wanneer het gerecht klaar is.

‒

Tijdsduur wijzigen

U kunt de tijdsduur altijd wijzigen.

Tijdsduur afbreken

U kunt de tijdsduur te allen tijde afbreken.

Op het display worden nu de ingestelde verwarmingsmethode en temperatuur weergegeven.

10.4 Einde instellen

Het tijdstip waarop de tijdsduur afloopt, kunt u tot 23 uur en 59 minuten verschuiven.

Opmerkingen

Vereisten

‒ Druk op om het signaal voortijdig te beëindigen.

‒ Druk om opnieuw een tijdsduur in te stellen op en stel de tijdsduur in met de draaiknop.

‒ Start met om de werking zonder tijdsduur te hervatten.

‒ Schakel het apparaat uit met wanneer het gerecht klaar is.

Einde wijzigen

Het ingestelde einde kan men alleen wijzigen als de oven in de wachtpositie is.

Einde afbreken

Het ingestelde einde kan men alleen wijzigen als de oven in de wachtpositie is.

11 Gerechten

Met de functie "Gerechten" helpt u uw apparaat bij de bereiding van verschillende gerechten en kiest u automatisch de optimale instellingen.

11.1 Vormen

Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de grootte van de vorm.

Gebruik een hittebestendige vorm, die geschikt is voor temperaturen tot 300°C. Vormen van glas of glaskeramiek zijn het meest geschikt. Braadstukken moeten de bodem van de vorm voor ca. 2/3 bedekken.

Vormen van het volgende materiaal zijn niet geschikt:

11.2 Instellingen van de gerechten

Om de gerechten optimaal voor te bereiden, gebruikt het apparaat verschillende instellingen.

Opmerking: Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen. Gebruik verse levensmiddelen, het best op koelkasttemperatuur.

Aanwijzingen bij de instellingen

Als u een gerecht start, geeft het display voor dit gerecht relevante informatie weer, bijv.:

Programma's

Bij programma's zijn het optimale verwarmingstype, de temperatuur en de duur vast vooringesteld.

Pagina 14

nl Kinderslot

Om een optimaal bereidingsresultaat te bereiken, moet u bijkomend het gewicht instellen. Indien niet anders aangegeven, stelt u het totale gewicht van uw gerecht in. Het gewicht kunt u alleen in het daarvoor bestemde bereik instellen.

11.3 Overzicht van de gerechten

Welke gerechten ter beschikking staan, ziet u hier.

Gerechten

11.4 Gerecht instellen

Opmerking: Na de start kunt u het gerecht en de instellingen ervan niet meer veranderen of onderbreken.

Vereiste: Om de functie te starten, moet de binnenruimte afgekoeld zijn.

→ "Einde instellen", Pagina 13

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op drukken.

‒ Bij sommige gerechten kunt u indien gewenst nagaren.

→ "Nagaren", Pagina 14 ‒ Schakel als het gerecht klaar is, het apparaat uit met .

Nagaren

Bij sommige gerechten biedt het apparaat na het verstrijken van de tijdsduur de functie nagaren aan. U kunt zo vaak nagaren als u wilt.

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op drukken.

‒ Druk als u opnieuw wilt nagaren, op .

‒ Als het gerecht klaar is, op drukken en het apparaat met uitschakelen.

12 Kinderslot

Beveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per ongeluk inschakelen of instellingen eraan kunnen wijzigen.

12.1 Kinderslot activeren en deactiveren

U kunt het kinderslot activeren en deactiveren terwijl het apparaat in- of uitgeschakeld is.

Pagina 15

Sabbatinstelling nl

13 Sabbatinstelling

Met de sabbatinstelling kunt u een tijdsduur tot 74 uur instellen. Gerechten kunnen tussen 85 °C en 140 °C met boven- en onderwarmte worden warmgehouden zonder dat u het apparaat hoeft in of uit te schakelen.

13.1 Sabbatinstelling starten

Opmerkingen

Vereiste: De sabbatinstelling is in de basisinstellingen geactiveerd.

→ "Basisinstellingen", Pagina 15

De temperatuur is op 85 °C vooraf ingesteld.

De tijd is op 25 uur vooraf ingesteld.

Het einde kan niet worden verplaatst.

‒ Schakel het apparaat uit met .

Na ca. 10 tot 20 minuten schakelt het apparaat automatisch uit.

14 Basisinstellingen

U kunt uw apparaat instellen volgens uw behoeften.

14.1 Overzicht van de basisinstellingen

Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksinstellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat.

BasisinstellingKeuze
TaalZie de keuze op het apparaat.
TijdTijd in 24 uursformaat.
Datum - dagActuele dag instellen
Datum - maandActuele maand instellen
Datum - jaarActueel jaar instellen
GeluidssignaalKorte duur
Gemiddelde duur¹ Lange duur
ToetssignaalIngeschakeld Uitgeschakeld¹
Helderheid display5 standen
TijdsweergaveUit
Digitaal ¹
VerlichtingIn gebruik uit In gebruik aan¹
KinderslotAlleen toetsblokkering ¹
Na inschakelenHoofdmenu
Verwarmingsmethoden¹ Gerechten
Nachtverduistering 1 Fabrieksinstelling (kan type afwijken)Uitgeschakeld¹
Ingeschakeld afhankelijk van het apparaat-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)

BasisinstellingKeuze
MerklogoWeergeven¹ Niet weergeven
VentilatornaloopAanbevolen¹ Minimaal
TelescooprailsAchteraf aangebracht ¹ Niet achteraf aangebracht
SabbatinstellingIngeschakeld Uitgeschakeld¹
Fabrieksinstelling 1 Fabrieksinstelling (kan type afwijken)Resetten afhankelijk van het apparaat-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)

14.2 Basisinstellingen wijzigen

Het wijzigen van de basisinstellingen afbreken

Pagina 16

nl Reiniging en onderhoud

15 Reiniging en onderhoud

Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.

15.1 Reinigingsmiddelen

Gebruik om de verschillende oppervlakken van het apparaat niet te beschadigen geen ongeschikte reinigingsmiddelen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.

LET OP!

Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.

Geschikte schoonmaakmiddelen

Gebruik alleen geschikte schoonmaakmiddelen voor de verschillende oppervlakken van uw apparaat.

Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.

Nieuwe vaatdoekjes bevatten resten van de productie.

Houd de handleiding aan bij het reinigen van het apparaat.

→ "Apparaat schoonmaken", Pagina 17

Voorzijde van het apparaat

OppervlakGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
RVS• Warm zeepsop
• Speciale RVS-verzorgingsmiddelen voor warme oppervlakken
Om corrosie te voorkomen kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken op roestvrijstalen oppervlakken onmiddellijk verwijderen.
Verzorgingsmiddel voor roestvaststaal dun aanbrengen.
Kunststof of gelakte oppervlakken bijv. bedieningspaneel• Warm zeepsopGebruik geen glasreiniger of schraper.
Om vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel dat op het oppervlak terechtkomt direct verwijderen.
Apparaatdeur
GebiedGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
Ruiten van de deur• Warm zeepsopGebruik geen schraper of rvs-schuursponsje gebruiken. Tip: Voor een grondige reiniging de deurruiten demonteren. → "Apparaatdeur", Pagina 18
Deurafscherming• Van roestvaststaal: RVS-reiniger
• Van kunststof:
Warm zeepsop
Gebruik geen glasreiniger of schraper.
Geen schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal gebruiken. Tip: Voor een grondige reiniging de deurafscherming verwijderen. → "Apparaatdeur", Pagina 18
Roestvrijstalen binnenlijst van de deurRVS-reinigerVerkleuringen kunnen verwijderd worden met reinigingsmiddelen voor roestvrij staal.
Geen schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal gebruiken.
Deurgreep• Warm zeepsopOm vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel dat op het oppervlak terechtkomt direct verwijderen.
Deurafdichting• Warm zeepsopNiet afnemen en niet schuren.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)

← pagina's 2–3verder op pagina 17 →Inhoud