naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens CM876G2B0, tekst van de handleiding

Pagina's 15–25 van 48 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 2–14verder op pagina 26 →

Pagina 15

Snel voorverwarmen nl

8.4 Werking onderbreken of afbreken

U kunt de werking kort onderbreken en weer voortzetten. Breekt u de werking volledig af, dan worden de instellingen gereset.

‒ Kort op drukken.

‒ Om de werking voort te zetten, op drukken.

8.5 Functie instellen

Vereiste: Het apparaat moet ingeschakeld zijn.

Het functiemenu wordt geopend.

Afhankelijk van de functie zijn er verschillende keuzemogelijkheden beschikbaar.

8.6 Verwarmingsmethode en temperatuur instellen

Als u het apparaat inschakelt, is automatisch de functie verwarmingsmethoden ingesteld.

Tip: De meest geschikte verwarmingsmethode voor uw gerechten vindt u in de beschrijving van de verwarmingsmethoden.

Opmerking: U kunt aan het apparaat de duur en het einde van de werking instellen.

→ "Tijdfuncties", Pagina 16

Verwarmingsmethode wijzigen

Verandert u de verwarmingsmethode, dan worden ook de andere instellingen teruggezet.

Temperatuur wijzigen

Na het starten van de werking kunt u de temperatuur direct wijzigen.

8.7 Informatie weergeven

In de meeste gevallen kunt u informatie bij de zojuist uitgevoerde functie oproepen. Vele aanwijzingen verschijnen automatisch, bijv. ter bevestiging of als oproep of waarschuwing.

9 Snel voorverwarmen

Om tijd te besparen, kunt u bij ingestelde temperaturen vanaf 100 °C de opwarmingsduur verkorten.

Bij deze verwarmingsmethode kunt u de functie snel voorverwarmen gebruiken:

4D hetelucht

9.1 Snel voorverwarmen instellen

Om een gelijkmatig bereidingsresultaat te krijgen, de gerechten pas na het snel voorverwarmen in de binnenruimte plaatsen.

Opmerking: Stel pas een tijdsduur in wanneer het snel voorverwarmen beëindigd is.

Snel voorverwarmen afbreken

Pagina 16

nl Tijdfuncties

10 Tijdfuncties

Uw apparaat beschikt over verschillende tijdfuncties waarmee u de werking kunt sturen.

10.1 Overzicht van de tijdfuncties

Bij de werking kunt u tijdsduur en einde instellen. De timer kan onafhankelijk van de werking worden ingesteld.

TijdfunctieGebruik
TimerDe timer kunt u onafhankelijk van de werking instellen. Hij beïnvloedt het apparaat niet.
TijdsduurWanneer u voor de werking een tijdsduur instelt, houdt het apparaat na het verstrijken van de tijdsduur automatisch op met verwarmen.
EindeVoor de tijdsduur kunt u een tijd instellen waarop de werking eindigt. Het apparaat start automatisch zodat de werking op het gewenste tijdstip klaar is.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)

10.2 Timer instellen

De timer loopt onafhankelijk van de werking. U kunt de timer bij ingeschakeld en uitgeschakeld apparaat tot 24 uur instellen. De timer heeft een eigen signaal, zodat u hoort of de timer of een tijdsduur eindigt.

‒ Druk op om het signaal voortijdig te beëindigen.

‒ Om opnieuw een wekkertijd in te stellen op drukken en de wekkertijd met de draaiknop instellen.

Wekker wijzigen

U kunt de wekkertijd altijd wijzigen.

Wekker afbreken

U kunt de timertijd altijd afbreken.

10.3 Tijdsduur instellen

De tijdsduur voor de werking kunt u tot 23 uur en 59 minuten instellen.

Vereiste: Een verwarmingsmethode en een temperatuur of stand zijn ingesteld.

DraairichtingVoorgestelde waarde
Links10 minuten
Rechts30 minuten

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)

De tijdsduur kan tot een uur worden ingesteld in stappen van een minuut, daarna in stappen van 5 minuten. De eindtijd wordt automatisch berekend.

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op drukken.

‒ Druk om opnieuw een tijdsduur in te stellen op en stel de tijdsduur in met de draaiknop.

‒ Start met om de werking zonder tijdsduur te hervatten.

‒ Schakel het apparaat uit met wanneer het gerecht klaar is.

Tijdsduur wijzigen

U kunt de tijdsduur altijd wijzigen.

Tijdsduur afbreken

U kunt de tijdsduur te allen tijde afbreken.

Op het display worden nu de ingestelde verwarmingsmethode en temperatuur weergegeven.

10.4 Einde instellen

Het tijdstip waarop de tijdsduur afloopt, kunt u tot 23 uur en 59 minuten verschuiven.

Opmerkingen

Vereisten

Pagina 17

Magnetron nl

‒ Druk op om het signaal voortijdig te beëindigen.

‒ Druk om opnieuw een tijdsduur in te stellen op en stel de tijdsduur in met de draaiknop.

‒ Start met om de werking zonder tijdsduur te hervatten.

wanneer het

‒ Schakel het apparaat uit met gerecht klaar is.

Einde afbreken

Het ingestelde einde kan men alleen wijzigen als de oven in de wachtpositie is.

Einde wijzigen

Het ingestelde einde kan men alleen wijzigen als de oven in de wachtpositie is.

11 Magnetron

Met de magnetron kunt u bijzonder snel gerechten bereiden, verwarmen, bakken of ontdooien. U kunt de magnetron alleen, of in combinatie met een andere verwarmingsmethode gebruiken.

11.1 Vormen en accessoires met magnetron

Om uw gerechten gelijkmatig op te warmen en het apparaat niet te beschadigen, dient u alleen geschikte vormen en accessoires te gebruiken.

Houd u aan de aanwijzingen van de fabrikant van uw vormen in acht.

Indien niet anders aangegeven, de vormen en accessoires inschuiven op hoogte 1.

Geschikt voor de magnetron

Vormen en accessoiresAanwijzingen
Vormen van hitte- en magnetronbestendig materiaal:
• Glas
• Glaskeramiek
• Porselein
• Temperatuurbestendig kunststof
• Volledig geglaceerd keramiek zonder barsten
Deze materialen laten microgolven door en worden niet beschadigd.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

Vormen en accessoiresAanwijzingen
ServeervormenU hoeft uw gerechten niet om te vullen.
Opmerking: Vormen met gouddecor of zilverdecor alleen gebruiken als de fabrikant de geschiktheid voor gebruik in de magnetron garandeert.
Meegeleverd roosterAlleen het meegeleverde rooster is voor het zuivere gebruik met magnetron geschikt.
Opmerking: Platen, bijv. de universele braadslede of de bakplaat, kunnen vonken vormen en zijn niet geschikt.
Niet geschikt voor de magnetron
Opmerking: Neem de gegevens over het vermijden van materiële schade in acht.
→ "Magnetron", Pagina 8
Vormen en accessoiresAanwijzingen
Vormen en bakvormen van metaalMetaal laat geen microgolven door. Hierdoor worden de gerechten niet of nauwelijks opgewarmd.
Opmerking: Metaal kan bij het zuivere magnetrongebruik vonken vormen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

Vormen en accessoires met CombiSpeed

Door de combinatie van magnetron en een verwarmingsmethode zijn voor vormen en accessoires van metaal mogelijk.

Pagina 18

nl Magnetron

Vormen en accessoiresAanwijzingen
Vormen en bakvormen van metaalMet CombiSpeed kan metaal worden gebruikt.
Opmerking: Voorwerpen die metaal bevatten dienen minstens 2 cm van de wanden van de binnenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd te zijn.
Meegeleverde accessoires:
• Rooster
• Braadslede
De meegeleverde accessoires zijn voor de CombiSpeed geschikt. Er vormen zich geen vonken.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)

Vormen testen op hun magnetronbestendigheid

Als u niet zeker bent of uw vormen geschikt zijn voor het gebruik in de magnetron, voert u een test van de vormen uit.

LET OP!

Het gebruik van het apparaat zonder gerechten in de binnenruimte leidt tot overbelasting.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet.

‒ Wanneer de vorm koud of handwarm blijft, dan is deze geschikt voor de magnetron.

‒ Wanneer de vorm heet wordt of als r vonken ontstaan, dan de serviestest afbreken. De vorm is dan niet geschikt voor de magnetron.

11.2 Magnetron instellen

Opmerkingen

–

Deze droogfunctie kunt u in de basisinstellingen uitschakelen.

→ "Basisinstellingen", Pagina 23

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

De droogfunctie bij de hoogste standen bij de magnetronfunctie schakelt automatisch een verwarmingselement bij en verhit de binnenruimte.

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op drukken.

‒ Indien nodig opnieuw een magnetronvermogen en een tijdsduur instellen.

‒ Schakel het apparaat uit met wanneer het gerecht klaar is.

→ "Drogen", Pagina 28

Opmerking: Wanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik, wordt de werking stopgezet. Als u de ovendeur sluit, moet u de werking met voortzetten. Heeft u de basisinstelling hiervoor gewijzigd, zorg er dan voor dat de magnetron niet verder loopt terwijl hij leeg is.

→ "Basisinstellingen", Pagina 23

Magnetronvermogen wijzigen

Als u het magnetronvermogen wijzigt, wordt de tijdsduur gereset.

Tijdsduur wijzigen

Na het starten van de magnetronwerking kunt u de tijdsduur direct wijzigen.

11.3 Magnetroncombinatie

Om de bereidingsduur te verkorten, kunt u sommige verwarmingsmethoden in combinatie met de magnetron gebruiken.

Mogelijke verwarmingsmethoden zijn:

4D-Hetelucht

Pagina 19

Braadthermometer nl

Mogelijke magnetronvermogens zijn: 90 watt

180 watt

360 watt

Magnetroncombinatie instellen Opmerking:

Zorg voor de juiste omgang met de magnetron: → "Veiligheid", Pagina 2 → "Materiële schade vermijden", Pagina 7

→ "Vormen en accessoires met magnetron", Pagina 17

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op drukken.

‒

Indien nodig opnieuw een combinatie instellen. Schakel het apparaat uit met wanneer het gerecht klaar is.

‒

Temperatuur wijzigen

Na het starten van de magnetronwerking kunt u de temperatuur direct wijzigen.

Tijdsduur wijzigen

Na het starten van de magnetronwerking kunt u de tijdsduur altijd wijzigen.

Magnetronvermogen wijzigen

Na het starten van de magnetronfunctie kunt u het magnetronvermogen direct wijzigen.

Verwarmingsmethode wijzigen

Als u de verwarmingsmethode wijzigt, verandert de temperatuur en de tijdsduur wordt gereset.

12 Braadthermometer

U kunt uw gerechten heel nauwkeurig garen door er een braadthermometer in te steken en een kerntemperatuur in te stellen. Zodra de ingestelde kerntemperatuur in het product is bereikt, houdt het apparaat automatisch op te werken.

12.1 Geschikte verwarmingsmethoden met braadthermometer

Voor het gebruik met de braadthermometer zijn alleen bepaalde verwarmingsmethoden geschikt.

Wanneer de braadthermometer in de binnenruimte is geplaatst, staan de volgende verwarmingsmethoden ter beschikking.

4D hetelucht

12.2 Braadthermometer in het vlees steken

Gebruik de meegeleverde braadthermometer of bestel een geschikte braadthermometer via onze servicedienst.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Bij gebruik van een verkeerde braadthermometer kan de isolatie beschadigd raken.

LET OP!

Anders kan de braadthermometer beschadigd raken.

Als bij het gebruik met magnetron de punt van de braadthermometer niet volledig in het gerecht steekt, dan ontstaan er vonken.

Pagina 20

nl Braadthermometer

De braadthermometer heeft drie meetpunten. Zorg ervoor dat minstens het middelste meetpunt in het gerecht steekt.

Dunne vleesstukkenSteek de braadthermometer opzij in de dikste plaats van het vlees.
Dikke vleesstukkenSteek de thermometer van boven schuin tot de aanslag in het vlees.
GevogelteDe braadthermometer in de dikste plaats van de gevogelteborst steken tot de aanslag. Steek de braadthermometer schuin of in de lengte in het gevogelte, afhankelijk van de vorm.
Het gevogelte draaien en met de borstzijde naar beneden op het rooster leggen.
VisBij hele vis de braadthermometer achter de kop in de richting van de ruggengraat tot de aanslag insteken.
De vis zonder hem te keren in de zwemstand op het rooster plaatsen, bijv. met een halve aardappel als steun.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)

Opmerkingen

12.3 Braadthermometer instellen

De braadthermometer meet de temperatuur in het binnenste van het product tussen 30 °C en 99 °C.

Vereisten

Bij het functiemenu "Gerechten" de kerntemperatuur onder "Aanpassen" instellen.

De temperatuur van de binnenruimte niet hoger instellen dan 250 °C.

De binnenruimte, accessoires en braadthermometer worden zeer heet.

Als de kerntemperatuur is bereikt:

‒ Het apparaat met uitschakelen.

‒ Neem de braadthermometer uit de aansluiting in de binnenruimte.

‒ Neem de braadthermometer uit het product en uit de binnenruimte.

Temperatuur wijzigen

Na het starten van de werking kunt u de temperatuur direct wijzigen.

Temperatuur bij gerechten wijzigen

Na het starten van de werking kunt u de temperatuur wijzigen.

Pagina 21

Gerechten nl

Verwarmingsmethode wijzigen

Verandert u de verwarmingsmethode, dan worden ook de andere instellingen teruggezet.

12.4 Kerntemperatuur van verschillende levensmiddelen

Hier vindt u richtwaarden voor kerntemperaturen van verschillende levensmiddelen.

De richtwaarden hangen af van de kwaliteit en de soort levensmiddelen. Gebruik geen diepvriesproducten.

GevogelteKerntemperatuur in °C
Kip80 - 85
Kipfilet75 - 80
Eend80 - 85
Eendenborst, rosé55 - 60
Kalkoen80 - 85
Kalkoenfilet80 - 85
Gans80 - 90
VarkensvleesKerntemperatuur in °C
Varkensnek85 - 90
Varkensfilet, rosé62 - 70
Varkensrug, doorbakken72 - 80

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)

RundvleesKerntemperatuur in °C
Rosbief of rundvlees, kort gebakken45 - 52
Rosbief of runderfilet, rosé55 - 62
Runderfilet of rosbief, doorbakken65 - 75
KalfsvleesKerntemperatuur in °C
Gebraden kalfsvlees of schouderstuk, mager75 - 80
Gebraden kalfsvlees, schouder75 - 80
Kalfsschenkel85 - 90
LamsvleesKerntemperatuur in °C
Lamsbout, rosé60 - 65
Lamsbout, doorbakken70 - 80
Lamsrug, rosé55 - 60
VisKerntemperatuur in °C
Vis, heel65 - 70
Visfilet60 - 65
DiversenKerntemperatuur in °C
Gebraden gehakt, alle vleessoorten80 - 90
Gerechten opwarmen, regenereren65 - 75

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)

13 Gerechten

Met de functie "Gerechten" helpt u uw apparaat bij de bereiding van verschillende gerechten en kiest u automatisch de optimale instellingen.

13.1 Vormen

Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de grootte van de vorm.

Gebruik een hittebestendige vorm, die geschikt is voor temperaturen tot 300°C. Vormen van glas of glaskeramiek zijn het meest geschikt. Braadstukken moeten de bodem van de vorm voor ca. 2/3 bedekken.

Vormen van het volgende materiaal zijn niet geschikt:

Opmerking: Bij sommige gerechten schakelt het apparaat de magnetron in. Er verschijnt een aanwijzing op het display dat een voor de magnetron geschikte vorm dient te worden gebruikt.

→ "Vormen en accessoires met magnetron", Pagina 17

13.2 Instellingen van de gerechten

Om de gerechten optimaal te bereiden, gebruikt het apparaat verschillende instellingen.

Opmerking: Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen. Gebruik verse levensmiddelen, het best op koelkasttemperatuur. Diepvriesgerechten direct uit het diepvriesvak gebruiken.

Tips en aanwijzingen bij de instellingen

Als u een gerecht instelt, geeft het display voor dit gerecht relevante informatie weer, bijv.:

Druk op"Tip" of om de informatie op te roepen. Sommige aanwijzingen verschijnen automatisch.

Pagina 22

nl Gerechten

Programma's

Bij programma's zijn het optimale verwarmingstype, de temperatuur en de duur vast vooringesteld.

Om een optimaal bereidingsresultaat te bereiken, moet u bijkomend het gewicht instellen. Indien niet anders aangegeven, stelt u het totale gewicht van uw gerecht in. Het gewicht kunt u alleen in het daarvoor bestemde bereik instellen.

Insteladvies

Bij insteladviezen is de optimale verwarmingsmethode vast vooringesteld. Het display toont de verwarmingsmethode.

De vooringestelde temperatuur en de duur kunt u aanpassen.

Braadthermometer

Bij sommige gerechten kunt u de braadthermometer gebruiken.

Als de braadthermometer is ingebracht, kunt u enkel gerechten selecteren die met de braadthermometer mogelijk zijn. Bij elk gerecht krijgt u adviezen over de verwarmingsmethode, de temperatuur en de kerntemperatuur. De temperatuur en de kerntemperatuur kunt u aanpassen.

→ "Braadthermometer", Pagina 19

Magnetrongerechten

Bij enkele gerechten activeert het apparaat automatisch de magnetron. De bereidingstijd verkort hierdoor aanzienlijk.

Neem de informatie over de magnetron in acht. → "Magnetron", Pagina 17

13.3 Overzicht van de gerechten

Welke gerechten ter beschikking staan, ziet u aan het apparaat als u de functie oproept.

De gerechten zijn in categorieën en eten ingedeeld.

CategorieGerechten
GebakGebak in vormen Gebak op de bakplaat Klein gebak
Koekjes
Brood, broodjesBrood
Broodjes
Pizza, hartig gebakPizza
Hartig gebak, quiche
Ovenschotels, soufflésOvenschotel, hartig, vers, gegaarde ingrediënten
Lasagne, vers
Gegratineerde aardappels, rauwe ingrediënten, vlak
Ovenschotel, zoet, vers
Soufflé in portievormen
DiepvriesproductenPizza
Broodje
Ovenschotels
Aardappelproducten Vlees, gevogelte
GevogelteKip
Eend, gans Kalkoen

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

CategorieGerechten
VleesVarkensvlees Rundvlees
Kalfsvlees
Lamsvlees
Wildbraad
Vleesgerechten
VisVis
Bijgerechten, groenteGroente
Aardappelen Rijst
Granen
Gerechten ontdooienBrood, broodjes Gebak
Vlees, gevogelte Vis

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

13.4 Gerecht instellen

Opmerking: Na de start kunt u het gerecht en de instellingen ervan niet meer veranderen of onderbreken.

Vereiste: Om de functie te starten, moet de binnenruimte afgekoeld zijn.

‒ Bij sommige gerechten kunt u de temperatuur, tijdsduur of het einde aanpassen, hierbij op "Aanpassen" drukken.

‒ Bij sommige gerechten kunt u het gewicht direct met de draaiknop instellen.

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op drukken.

‒ Bij sommige gerechten kunt u indien gewenst nagaren.

→ "Nagaren", Pagina 22 ‒ Schakel als het gerecht klaar is, het apparaat uit met .

Nagaren

Bij sommige gerechten biedt het apparaat na het verstrijken van de tijdsduur de functie nagaren aan. U kunt zo vaak nagaren als u wilt.

Pagina 23

Kinderslot nl

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op drukken.

‒ Druk als u opnieuw wilt nagaren, op "Nagaren". ‒ Als het gerecht klaar is, op "Beëindigen" drukken en het apparaat met uitschakelen.

14 Kinderslot

Beveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per ongeluk inschakelen of instellingen eraan kunnen wijzigen.

14.1 Kinderslot activeren en deactiveren

U kunt het kinderslot activeren en deactiveren terwijl het apparaat in- of uitgeschakeld is.

15 Sabbatinstelling

Met de sabbatinstelling kunt u een tijdsduur tot 74 uur instellen. Gerechten kunnen tussen 85 °C en 140 °C met boven- en onderwarmte worden warmgehouden zonder dat u het apparaat hoeft in of uit te schakelen.

15.1 Sabbatinstelling starten

Opmerkingen

Vereiste: De sabbatinstelling is in de basisinstellingen geactiveerd.

→ "Basisinstellingen", Pagina 23

De temperatuur is op 85 °C vooraf ingesteld.

De tijd is op 25 uur vooraf ingesteld.

Het einde kan niet worden verplaatst.

‒ Schakel het apparaat uit met .

Na ca. 10 tot 20 minuten schakelt het apparaat automatisch uit.

16 Basisinstellingen

U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.

16.1 Overzicht van de basisinstellingen

Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksinstellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat.

BasisinstellingKeuze
TaalZie de keuze op het apparaat.
Tijd
1 Fabrieksinstelling (kan type afwijken)
Tijd in 24 uursformaat.
afhankelijk van het apparaat-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)

BasisinstellingKeuze
Datum - dagActuele dag instellen
Datum - maandActuele maand instellen
Datum - jaarActueel jaar instellen
GeluidssignaalKorte duur
Gemiddelde duur¹ Lange duur
ToetssignaalIngeschakeld
Uitgeschakeld ¹
Display helderheid5 standen
1 Fabrieksinstelling (kan type afwijken)afhankelijk van het apparaat-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)

Pagina 24

nl Reiniging en onderhoud

BasisinstellingKeuze
TijdsweergaveUit
Digitaal + datum¹ Analoog
VerlichtingIn gebruik uit In gebruik aan¹
Automatisch voortzetten (alleen voor de functie magnetron)Magnetron niet automatisch
voortzetten ¹
Bij deur sluiten
KinderslotAlleen toetsblokkering ¹ Deurvergrendeling + toetsblokkering
Na inschakelenHoofdmenu
Verwarmingsmethoden¹ Magnetron
Magnetroncombinatie Gerechten
Waarschuwing magnetron bakplaatWeergeven¹ Niet weergeven
NachtdimstandUitgeschakeld¹ Ingeschakeld
MerklogoWeergeven¹ Niet weergeven
Magnetron drogen 1 Fabrieksinstelling (kan type afwijken)Ingeschakeld¹
Uitgeschakeld afhankelijk van het apparaat-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)

BasisinstellingKeuze
VentilatornaloopAanbevolen¹ Minimaal
SabbatinstellingIngeschakeld Uitgeschakeld¹
Fabrieksinstelling 1 Fabrieksinstelling (kan type afwijken)Resetten afhankelijk van het apparaat-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)

16.2 Basisinstellingen wijzigen

Opmerking: Na een stroomonderbreking blijven de ingevoerde wijzigingen van de basisinstellingen behouden.

Het wijzigen van de basisinstellingen afbreken

17 Reiniging en onderhoud

Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.

17.1 Reinigingsmiddelen

Gebruik om de verschillende oppervlakken van het apparaat niet te beschadigen geen ongeschikte reinigingsmiddelen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.

LET OP!

Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.

Geschikte schoonmaakmiddelen

Gebruik alleen geschikte schoonmaakmiddelen voor de verschillende oppervlakken van uw apparaat.

Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.

Nieuwe vaatdoekjes bevatten resten van de productie.

Houd de handleiding aan bij het reinigen van het apparaat.

→ "Apparaat schoonmaken", Pagina 26

Pagina 25

Reiniging en onderhoud nl

Voorzijde van het apparaat

OppervlakGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
RVS• Warm zeepsop
• Speciale RVS-verzorgingsmiddelen voor warme oppervlakken
Om corrosie te voorkomen kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken op roestvrijstalen oppervlakken onmiddellijk verwijderen.
Verzorgingsmiddel voor roestvaststaal dun aanbrengen.
Kunststof of gelakte oppervlakken bijv. bedieningspaneel• Warm zeepsopGebruik geen glasreiniger of schraper.
Om vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel dat op het oppervlak terechtkomt direct verwijderen.
Apparaatdeur
GebiedGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
Ruiten van de deur• Warm zeepsopGebruik geen schraper of rvs-schuursponsje gebruiken. Tip: Voor een grondige reiniging de deurruiten demonteren. → "Apparaatdeur", Pagina 28
Deurafscherming• Van roestvaststaal: RVS-reiniger
• Van kunststof:
Warm zeepsop
Gebruik geen glasreiniger of schraper.
Geen schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal gebruiken. Tip: Voor een grondige reiniging de deurafscherming verwijderen. → "Apparaatdeur", Pagina 28
Roestvrijstalen binnenlijst van de deurRVS-reinigerVerkleuringen kunnen verwijderd worden met reinigingsmiddelen voor roestvrij staal.
Geen schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal gebruiken.
Deurgreep• Warm zeepsopOm vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel dat op het oppervlak terechtkomt direct verwijderen.
Deurafdichting• Warm zeepsopNiet afnemen en niet schuren.
Binnenruimte
GebiedGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
Emaillen oppervlakken• Warm zeepsop
• Azijnwater
• Ovenreiniger
Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel of RVS-spiraalspons. Om de binnenruimte na het reinigen te drogen de deur van het apparaat open laten.
Opmerkingen
• Gebruik bij voorkeur de reinigingsfunctie.
→ "Zelfreiniging", Pagina 26
• Email wordt bij zeer hoge temperaturen ingebrand, waardoor er kleine kleurverschillen ontstaan. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.
• De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd en kunnen ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact.
• Door resten van levensmiddelen ontstaat er een witte afzetting op de emaillen oppervlakken. Deze aanslag is niet schadelijk voor de gezondheid. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. U kunt de aanslag met citroenzuur verwijderen.
Glazen kapje van de ovenlamp• Warm zeepsopGebruik bij sterke verontreiniging ovenreiniger.
Rekjes• Warm zeepsopGebruik bij sterke verontreiniging een borstel of RVS-spiraalspons. Opmerking: Voor een grondige reiniging de rekjes verwijderen. → "Rekjes", Pagina 30

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)

← pagina's 2–14verder op pagina 26 →Inhoud