Siemens ED711FQ15E, tekst van de handleiding
Pagina's 3–13 van 68 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← begin van de handleidingverder op pagina 14 →
Pagina's 1–2: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 3
nl
Inhoudsopgave
8 Gebruik volgens de voorschriften . . . . . . . . . . . 4
Belangrijke veiligheidsvoorschriften . . . . . . . . . 5
Oorzaken van schade . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7
7 Milieubescherming. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7
Tips voor energiebesparing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7
Milieuvriendelijk afvoeren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7
Koken met inductie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8
Voordelen bij koken met inductie. . . . . . . . . . . . . . . . . 8
Pannen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8
Het apparaat leren kennen . . . . . . . . . . . . . . . . . 9
Uw nieuwe apparaat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9
Speciale accessoires . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9
Het bedieningspaneel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .10 De kookzones . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .11 Restwarmte-indicatie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .11
Gebruiksmogelijkheden . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12
Gebruik met afvoerlucht. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .12 Gebruik met circulatielucht. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .12
Voor het eerste gebruik. . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12
Functie instellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .12
1 Apparaat bedienen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
Kookplaat in- en uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . .13 De kookzone afstellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .13 Kookadvies . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .14 Handmatige ventilatieregeling . . . . . . . . . . . . . . . . . .16 Intensief-stand . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .16 Automatische start . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .16 Naloop-functie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .16
CombiZone . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 17
Aanwijzingen voor het kookgerei . . . . . . . . . . . . . . . .17 Activeren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .17 Deactiveren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .17
Move-functie. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 17
Tips voor het gebruik van pannen . . . . . . . . . . . . . . .17 Activeren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .18 Deactiveren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .18
Tijdfuncties. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 18
Programmering van de bereidingstijd . . . . . . . . . . . . 18
De kookwekker . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .19
PowerBoost-functie. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 19
Activeren. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .19 Deactiveren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .19
Kinderslot . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 20
Het kinderslot activeren en deactiveren . . . . . . . . . . .20 Automatisch kinderslot . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .20
Wrijfbeveiliging . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 20
Automatische veiligheidsuitschakeling. . . . . . 20
Basisinstellingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 21
Zo komt u bij de basisinstellingen: . . . . . . . . . . . . . . .22
Weergave van het energieverbruik. . . . . . . . . . 23
Kookgerei-test . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 23
Power-Manager . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 24
Reinigen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 24
Schoonmaakmiddelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .24 Onderdelen die dienen te worden gereinigd . . . . . . .25 Kookplaatomlijsting (alleen bij apparaten die hiervan zijn voorzien) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .25 Kookplaat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .25 Ventilatie. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .26 Overloopreservoir schoonmaken . . . . . . . . . . . . . . . .27
Veelgestelde vragen en antwoorden (FAQ). . . 28
3 Wat te doen bij storingen? . . . . . . . . . . . . . . . . 30
4 Servicedienst . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 31
Typenummer (E-nr.) en fabricagenummer (FD-nr.) . . .31
Testgerechten. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 32
Produktinfo
Meer informatie over producten, accessoires, onderdelen en diensten vindt u op het internet: www.siemens-home.bsh-group.com en in de onlineshop: www.siemens-home.bsh-group.com/eshops
Pagina 4
nl Gebruik volgens de voorschriften
8Gebruik volgens de voorschriften
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Berg de gebruiksaanwijzing, het installatievoorschrift en de apparaatpas goed op voor later gebruik of om ze door te geven aan volgende eigenaren.
Controleer het apparaat na het uitpakken. Indien het apparaat schade heeft opgelopen tijdens het transport, schakel het dan niet in, maar neem contact op met de technische dienst en leg de veroorzaakte schade schriftelijk vast. Doet u dat niet, dan gaat elk recht op een schadevergoeding verloren. Alleen een daartoe bevoegd vakman mag apparaten zonder stekker aansluiten. Bij schade door een verkeerde aansluiting maakt u geen aanspraak op garantie.
Dit apparaat moet worden geïnstalleerd volgens het meegeleverde installatievoorschrift.
Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Gebruik het apparaat uitsluitend voor het bereiden van gerechten en dranken. Het kookproces moet regelmatig worden gecontroleerd. Een kort kookproces moet continu in de gaten worden gehouden.
Gebruik het apparaat alleen in gesloten ruimtes.
Dit apparaat is bestemd voor gebruik tot op hoogten van maximaal 2.000 meter boven zeeniveau.
Dek de kookplaat niet af. Dit kan leiden tot ongevallen, bijv. door oververhitting, ontbranding of ontploffend materiaal.
Gebruik uitsluitend beveiligingsvoorzieningen of kindertralies die door ons zijn goedgekeurd. Ongeschikte beveiligingsvoorzieningen of kindertralies kunnen tot ongevallen leiden. Dit apparaat is niet bestemd voor gebruik met een externe tijdschakelklok of een afstandbediening.
Er mag geen gevaarlijk of explosief materiaal of stoom worden weggezogen.
Houd er rekening mee dat er geen kleine deeltjes of vloeistof in het apparaat komen. Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met beperkte fysieke, sensorische of geestelijke vermogens of personen die gebrek aan kennis of ervaring
hebben, wanneer zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of geleerd hebben het op een veilige manier te gebruiken en zich bewust zijn van de risico's die het gebruik van het toestel met zich meebrengt.
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud van het toestel mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij zij 15 aar of ouder zijn en onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar uit de buurt blijven van het toestel of de aansluitkabel.
Draagt u een actief geïmplanteerd medisch apparaat (bijv. een pacemaker of defibrillator), ga dan na of uw arts voldoet aan de richtlijn 90/385/EWG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 20 juni 1990 evenals DIN EN 45502-2-1 en DIN EN 45502-2-2 en dat het apparaat conform VDE-AR-E 2750-10 gekozen, geïmplanteerd en geprogrammeerd is. Is aan deze voorwaarden voldaan en worden bovendien non-ferro pannen met non-ferro handgrepen gebruikt, dan kan deze inductiekookplaat - als het op de juiste manier gebeurt - zonder bezwaar worden gebruikt.
Pagina 5
Belangrijke veiligheidsvoorschriften nl
Belangrijke veiligheidsvoorschriften
Waarschuwing – Verstikkingsgevaar!
Verpakkingsmateriaal is gevaarlijk voor kinderen. Kinderen nooit met verpakkingsmateriaal laten spelen.
Waarschuwing – Levensgevaar!
Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen leiden tot vergiftiging.
Altijd voor voldoende luchttoevoer zorgen, wanneer de luchtafvoer plaatsvindt in een ruimte met een vuurbron die gebruikmaakt van de aanwezige lucht.
Kooktoestellen die de lucht in de ruimte verbruiken (bijv. apparaten die op gas, olie, hout of kolen worden gestookt, geisers, warmwatertoestellen) trekken de verbrandingslucht uit de ruimte van opstelling en voeren de gassen via een afvoer (bijv. schoorsteen) af naar buiten.
In combinatie met een ingeschakelde afzuigkap wordt aan de keuken en aan de ruimtes ernaast lucht onttrokken - zonder voldoende luchttoevoer ontstaat er een onderdruk. Giftige gassen uit de schoorsteen of het afvoerkanaal worden teruggezogen in de woonruimte.
- Zorg daarom altijd voor voldoende toegevoerde lucht.
- Een ventilatiekast in de muur alleen is niet voldoende om aan de minimale eisen te voldoen.
U kunt het apparaat alleen dan zonder risico gebruiken wanneer de onderdruk in de ruimte waarin het kooktoestel zich bevindt niet groter is dan 4 Pa (0,04 mbar). Dit kan worden bereikt wanneer de voor de verbranding benodigde lucht door niet afsluitbare openingen, bijv. in deuren, ramen, in combinatie met een ventilatiekast in de muur of door andere technische voorzieningen, kan worden toegevoerd.
De afvoerlucht mag niet worden weggeleid via een rook- of afvoergasschoorsteen die in gebruik is, noch via een schacht die dient voor de ontluchting van ruimtes met stookplaatsen. Komt de afvoerlucht terecht in een rook- of afvoergasschoorsteen die niet in gebruik is, dan dient u een vakbekwame schoorsteenveger te raadplegen.
Raadpleeg in ieder geval het bedrijf dat in uw huis zorgt voor de schoorsteenreiniging. Dit bedrijf is in staat het totale ventilatiesysteem van uw huis te beoordelen en kan een voorstel doen voor passende maatregelen op het gebied van de luchttoevoer.
Indien de afzuiging alleen met recirculatie wordt gebruikt, is een onbeperkt gebruik mogelijk.
Waarschuwing – Risico van brand!
- Hete olie en heet vet vatten snel vlam. Hete olie en heet vet nooit gebruiken zonder toezicht. Vuur nooit blussen met water. Schakel de kookzone uit. Vlammen voorzichtig met een deksel, smoordeksel of iets dergelijks verstikken.
Risico ■ De kookzones van brand! worden erg heet. Nooit brandbare voorwerpen op de kookplaat leggen. Geen voorwerpen op de kookplaat leggen.
Risico ■ Het van apparaat brand! wordt heet. Nooit brandbare voorwerpen of spuitbussen bewaren in laden direct onder de kookplaat.
Risico ■ De kookplaat van brand! schakelt vanzelf uit en kan niet meer worden bediend. Hij kan later per ongeluk worden ingeschakeld. Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
Risico ■ De vetafzettingen van brand! in het vetfilter kunnen ontbranden. Vetfilter regelmatig reinigen. Apparaat nooit zonder vetfilter gebruiken. Risico ■ Als van de ventilatie brand! is ingeschakeld, kunnen de vetafzettingen in het vetfilter ontbranden. In de buurt van het apparaat nooit werken met een open vlam (bijv. flamberen). Het apparaat alleen in de buurt van een vuurbron voor vaste brandstoffen (bijv. hout of kolen) installeren wanneer er een afgesloten, niet verwijderbare afscherming aanwezig is. Er mogen geen vonken wegspringen.
Pagina 6
nl Belangrijke veiligheidsvoorschriften
Waarschuwing – Risico van verbranding!
- De kookzones en met name een eventueel aanwezige kookplaatomlijsting worden zeer heet. Raak de hete oppervlakken nooit aan. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- Risico De kookzone van verbranding! warmt op, maar de indicatie functioneert niet Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
- Risico Voorwerpen van verbranding! van metaal worden zeer snel heet op de kookplaat. Leg nooit voorwerpen van metaal, zoals messen, vorken, lepels of deksels, op de kookplaat.
- Brandgevaar! Schakel de kookplaat na elk gebruik altijd uit met de hoofdschakelaar. Wacht niet tot de kookplaat automatisch uitschakelt doordat er geen pan op staat.
- Risico Tijdens van verbranding! het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet. De hete onderdelen nooit aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- Risico Het van apparaat verbranding! wordt heet tijdens het gebruik.Als er hete vloeistoffen in het apparaat komen, het apparaat laten afkoelen alvorens het metalen vetfilter of het overloopreservoir of de afdekking te verwijderen.
Waarschuwing – Kans op een elektrische schok!
- Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties en de vervanging van beschadigde aansluitleidingen mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice.
- Kans Binnendringend op een elektrische vocht schoka!n een schok veroorzaken. Geen hogedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken.
- Kans Een op defect een elektrische toestel kan schok! een schok veroorzaken. Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
- Kans Scheuren op een elektrische of barsten schok! in het glaskeramiek kunnen schokken veroorzaken. Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
Waarschuwing – Risico van letsel!
- Bij de bereiding au-bain-marie kunnen de kookplaat en kookvorm barsten door oververhitting. De au-bain-marie kookvorm mag niet in direct contact komen met de bodem van de pan die met water is gevuld. Gebruik alleen hittebestendige vormen.
- Risico Wanneer van letsel! er vloeistof zit tussen de bodem van de pan en de kookzone kunnen kookpannen plotseling in de hoogte springen. Zorg ervoor dat de kookzone en de bodem van de pan altijd droog zijn.
Pagina 7
Oorzaken van schade nl
Oorzaken van schade
Attentie!
- Ruwe bodems van pannen kunnen krassen op de kookplaat veroorzaken.
- Gevaar van beschadiging door harde en puntige voorwerpen. Geen harde of puntige voorwerpen op de kookplaat laten vallen.
- Gevaar van beschadiging door het leegkoken van pannen. Pannen nooit leeg laten koken.
- Plaats geen hete pannen op het bedieningspaneel, de indicatorzones of op de omlijsting van de kookplaat. Dit kan schade veroorzaken.
- Gevaar van beschadiging door aluminiumfolie of vormen van kunststof. Aluminiumfolie en vormen van kunststof nooit op een hete kookzone leggen. Geen beschermingsfolie voor het fornuis gebruiken.
- Beschadiging van het oppervlak, verkleuring en vlekken door ongeschikte reinigingsmiddelen. Gebruik alleen schoonmaakmiddelen die geschikt zijn voor dit soort kookplaten.
- Beschadiging van het oppervlak en verkleuring door slijtage van de pan. Til de pannen op, ze mogen niet worden verschoven.
- Beschadiging van het oppervlak en vlekken door ingebrand voedsel. Overgelopen etensresten direct met een schraper verwijderen.
- Beschadiging van het oppervlak door zout, suiker en zand. Gebruik de kookplaat niet als plaats om iets op te zetten of als werkvlak.
- Beschadiging van het oppervlak door ruwe panbodems. Het kookgerei voor gebruik controleren.
- Oppervlaktebeschadiging of vorming van blaasjes door suiker en sterk suikerhoudende gerechten. Overgelopen etenswaar onmiddellijk met een schraper verwijderen.
7Milieubescherming
In dit hoofdstuk krijgt u informatie over de besparing van energie en de afvoer van het apparaat.
Tips voor energiebesparing
- Gebruik voor elke pan altijd het passende deksel.
Koken zonder deksel verbruikt aanzienlijk meer energie. Gebruik een glazen deksel. Zo kunt u in de pan kijken zonder het deksel op te tillen.
- Gebruik pannen met een vlakke bodem. Door nietegale bodems wordt het energieverbruik hoger.
- Let erop dat de diameter van de bodem van de pan overeenstemt met de grootte van de kookzone.
Houd er rekening mee dat fabrikanten van kookgerei vaak de bovenste diameter van de pan aangeven.
Deze is meestal groter dan de diameter van de panbodem.
- Gebruik voor kleine hoeveelheden kleine pannen.
Een te grote, weinig gevulde pan heeft veel energie nodig.
- Kook gerechten met weinig water. Dat bespaart energie en bij groenten blijven de vitaminen en mineralen bewaard.
- Schakel tijdig terug naar een lagere kookstand.
Anders wordt er energie verspild.
- Zorg tijdens het koken voor voldoende toevoer van lucht, zodat de ventilatie efficiënt en stil werkt.
- Ventilatorstand aanpassen aan de intensiteit van de kookdampen. Gebruik de intensiefstand alleen indien nodig. Een lagere ventilatorstand verbruikt minder energie.
- Kies bij intensieve kookdampen op tijd een hogere ventilatiestand. Reeds in de keuken opgestegen kookdampen vragen een langere werkingstijd van de ventilatie.
- Schakel het apparaat uit wanneer u het niet langer nodig heeft.
- Om de effectiviteit van de ventilatie te verhogen en brandgevaar te voorkomen de filters vaker reinigen resp. vervangen.
Milieuvriendelijk afvoeren
Voer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
Pagina 8: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 9
Het apparaat leren kennen nl
Het apparaat leren kennen
Informatie over afmetingen en vermogens van de kookzones vindt u in Blz. 2
Aanwijzing: Afhankelijk van het apparaattype zijn kleur- en detailafwijkingen mogelijk.
Uw nieuwe apparaat
| Nr. | Aanduiding |
|---|---|
| 1 | Metalen vetfilter |
| 2 | Actief koolstoffilter of akoestisch filter* |
| 3 | Kookplaat |
| 4 | Bedieningspaneel |
| 5 | Overloopreservoir |
| *al naar gelang de apparaatuitvoering | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)
Speciale accessoires
Al naar gelang de inbouwvariant van het apparaat zijn er verschillende accessoires, welke u in de vakhandel, bij de servicedienst of bij onze officiële website kunt kopen:
- Luchtafvoerset
- Luchtcirculatieset
- Actief koolstoffilter: voor luchtcirculatie
- Akoestisch filter: voor luchtafvoer
Pagina 10
nl Het apparaat leren kennen
Het bedieningspaneel
| Keuzesensoren | |
|---|---|
| Hoofdschakelaar | |
| Kookzone kiezen | |
| 0 IIIIIIIIIIII | Instelgedeelte |
| Powerboost-functie Intensief ventilatiestanden | |
| Functie CombiZone | |
| Move-functie | |
| Bedieningspaneel blokkeren voor reinigingsdoeleinden | |
| Kinderslot | |
| 0 | Tijdfuncties |
| Handmatige ventilatieregeling | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
Bedieningsvlakken
Raakt u een symbool aan, dan wordt de betreffende functie geactiveerd.
Aanwijzingen
- Zorg ervoor dat het bedieningspaneel altijd schoon en droog is. Vocht heeft een nadelige invloed op de werking.
- Zorg ervoor dat er geen pannen in de buurt van indicaties en sensoren komen. De elektronica kan dan oververhit raken.
| Indicatie | |
|---|---|
| Bedrijfstoestand | |
| - | Vermogensstanden |
| Tijdfuncties | |
| / | Restwarmte |
| Powerboost-functie Intensief ventilatiestand I | |
| . | Intensief ventilatiestand II |
| Functie CombiZone | |
| Move-functie | |
| Automatische kooktijd | |
| Wekker | |
| Tijdsweergave | |
Pagina 11
Het apparaat leren kennen nl
De kookzones
| Kookzones | ||
|---|---|---|
| • | Kookzone met één ring | Gebruik pannen met de juiste afmetingen |
| • | Gecombineerde kookzone | Zie het hoofdstuk "CombiZone" of "Move-functie" |
| Uitsluitend pannen gebruiken die geschikt zijn voor inductie, zie het hoofdstuk "Koken met inductie" | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)
Restwarmte-indicatie
De kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-indicatie. Hiermee wordt aangegeven dat een kookzone nog heet is. Raak de kookzone niet aan zolang de restwarmte-indicatie verlicht is.
Afhankelijk van de hoogte van de restwarmte wordt het volgende weergegeven:
- Indicatie : hoge temperatuur
- Indicatie : lage temperatuur
Wanneer u de pan tijdens het koken van de kookzone neemt, knipperen afwisselen de restwarmte-indicatie en de gekozen kookstand.
Is de kookzone uitgschakeld, dan is restwarmte-indicatie verlicht. Ook wanneer de kookplaat al uitgeschakeld is, blijft de restwarmte-indicatie verlicht zolang de kookzone nog warm is.
Pagina 12
nl Gebruiksmogelijkheden
Gebruiksmogelijkheden
U kunt dit apparaat gebruiken voor luchtafvoer en circulatielucht.
Gebruik met afvoerlucht
De aangezogen lucht wordt door de vetfilters gereinigd en via een buizensysteem naar de buitenlucht afgevoerd.
Aanwijzing: De afvoerlucht mag niet worden afgevoerd via een in gebruik zijnde rook- of gasafvoer, noch via een schacht die dient voor de ontluchting van ruimtes met vuurbronnen.
- Komt de afvoerlucht terecht in een rook- of gasafvoer die niet in gebruik is, dan dient u een vakbekwame schoorsteenveger te raadplegen.
- Wordt de afvoerlucht door de buitenmuur geleid, dan raden wij u aan een telescoop-muurkast te gebruiken.
Gebruik met circulatielucht
De aangezogen lucht wordt door de vetfilters en een actief koolfilter gereinigd en weer teruggeleid naar de keuken.
Aanwijzing: Om geurtjes te voorkomen bij het gebruik van circulatielucht, dient u een actief koolfilter te monteren. De verschillende manieren om het apparaat met circulatielucht te gebruiken, vindt u in het prospectus of kunt u navragen bij uw speciaalzaak. De daartoe benodigde toebehoren zijn verkrijgbaar bij de speciaalzaak, de klantenservice of de Online-shop.
Voor het eerste gebruik
Volg voordat u het apparaat voor de eerste keer gebruikt de volgende aanwijzing op:
Het apparaat en de accessoires grondig schoonmaken.
Voordat u uw nieuwe apparaat kunt gebruiken moet u enkele instellingen uitvoeren:
De kookplaat met de hoofdschakelaar in- en uitschakelen.
Functie instellen
Het apparaat wordt geleverd met vooringestelde circulatiefunctie.
Wanneer de kookplaat met luchtafvoer naar buiten is geïnstalleerd, moet u de instelling op deze modus configureren. Zie hoofdstuk "Basisinstellingen".
Pagina 13
Apparaat bedienen nl
1Apparaat bedienen
In dit hoofdstuk kunt u lezen hoe u een kookzone instelt. In de tabel vindt u kookstanden en bereidingstijden voor verschillende gerechten.
Tip: Schakel de ventilatie in bij het begin van het koken en schakel deze pas enkele minuten na het einde van het koken weer uit. Zo wordt de keukendamp het effectiefst verwijderd.
Aanwijzing: Gebruik het apparaat nooit zonder metalen vetfilter en overloopreservoir.
Kookplaat in- en uitschakelen
U schakelt de kookplaat met de hoofdschakelaar in en uit.
Inschakelen: raak het symbool aan. Er klinkt een signaal. De indicaties van de hoofdschakelaar en de kookzone-indicaties zijn verlicht.De kookplaat is bedrijfsklaar.
Uitschakelen: het symbool aanraken tot de indicatie verdwijnt. Alle kookzones zijn uitgeschakeld. De restwarmte-indicatie blijft verlicht tot de kookzones voldoende zijn afgekoeld.
Aanwijzingen
- De kookplaat gaat automatisch uit wanneer alle kookzones langer dan 20 seconden uitgeschakeld zijn.
- De gekozen instellingen blijven gedurende de eerste 4 seconden na uitschakeling van de kookplaat bewaard. Wanneer u in deze tijd de kookplaat opnieuw inschakelt, treedt deze in werking met de vorige instellingen.
De kookzone afstellen
Regel de gewenste vermogensstand in de programmeerzone.
Vermogensstand 1 = minimumvermogen.
Vermogensstand 9 = maximumvermogen.
Elke vermogensstand is voorzien van een tussenliggende afstelling. Deze wordt aangegeven met een punt.
Aanwijzingen
- Om de gevoelige onderdelen van het apparaat te beschermen tegen oververhitting of elektrische overbelasting, kan het vermogen van de kookplaat voor korte tijd worden teruggebracht.
- Om geluidshinder van het apparaat te voorkomen kan het vermogen van de kookplaat voor korte tijd worden teruggebracht.
Kookzone en kookstand kiezen
De kookplaat moet ingeschakeld zijn.
- 1. Raak het symbool van de gewenste kookzone aan. Op het display is verlicht.
- 2. Kies vervolgens in het instelgebied de gewenste kookstand.
De kookstand is ingesteld.
De vermogensstand wijzigen
Selecteer de kookzone en regel de gewenste vermogensstand in de programmeerzone.
De kookzone uitschakelen
Selecteer de kookzone en stel af op in de programmeerzone. De kookzone wordt uitgeschakeld en de restwarmte-indicator verschijnt.
Aanwijzingen
- Als er geen pan op de inductiekookzone wordt geplaatst, gaat de geselecteerde vermogensstand knipperen. Na een tijdje wordt de kookzone uitgeschakeld.
- Als er een pan op de kookzone staat voordat de plaat wordt ingeschakeld, zal deze worden gedetecteerd binnen 20 seconden na het indrukken van de hoofdschakelaar en zal de kookzone automatisch worden geselecteerd. Selecteer, zodra deze is gedetecteerd, de vermogensstand binnen 20 seconden, anders wordt de kookzone uitgeschakeld.
Ook al worden er meerdere pannen geplaatst, bij het inschakelen van de kookplaat wordt er maar één gedetecteerd.