naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens HB378G6S3, tekst van de handleiding

Pagina's 15–30 van 40 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 3–14verder op pagina 31 →

Pagina 15

Programma's nl

Nr.GerechtVormenGewichtsbereik InstelgewichtVloeistof toevoegenInschuif-hoogteAanwijzingen
06AardappelgratinOvenschaal zonder deksel0,5-3,0 kg Totaalgewichtnee2-
07Pastaschotel met voorgegaarde pastaOvenschaal zonder deksel0,4-3,0 kg Totaalgewichtnee2-
08Aardappels uit de oven, heel ongeschilde, kruimige aardappelsBraadslede0,3-1,5 kg Totaalgewichtnee3-
09Eenpansgerecht, met groente vegetarischhoge braadpan met deksel0,5-2,5 kg Totaalgewichtvolgens recept2Groente met een lange bereidingstijd (bijv. wortelen) in kleinere stukken snijden dan groente met een korte bereidingstijd (bijv. tomaten)
10Eenpansgerecht, met vleeshoge braadpan met deksel0,5-3,0 kg Totaalgewichtvolgens recept2Het vlees niet eerst aanbraden
11Goulash
Rund- of varkensvlees in blokjes, met groente
hoge braadpan met deksel0,5-2,5 kg Totaalgewichtvolgens recept2Eerst het vlees erin doen en daarop de groente leggen Het vlees niet eerst aanbraden
12Vis, heel panklaar, gekruidBraadpan met deksel0,3-1,5 kg
Gewicht van de vis
Bodem van de braadpan bedekken2-
13Kip, ongevuld panklaar, gekruidBraadpan met glazen deksel0,6-2,5 kg Gewicht kipnee2met de borst naar boven in de vorm leggen
14Stukken kip panklaar, gekruidBraadpan met deksel0,1-0,8 kg
Gewicht van het zwaarste deel
Bodem van de braadpan bedekken2-
15Kalkoenfilet van het stuk, gekruidBraadpan met glazen deksel0,5-2,5 kg
Gewicht kalkoenfilet
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2-
16Eend, ongevuld panklaar, gekruidBraadpan zonder deksel1,0-2,7 kg Gewicht eendnee2-
17Gans, niet gevuld panklaar, gekruidBraadpan zonder deksel2,5-3,5 kg Gewicht gansnee2-
18Gestoofd rundvlees bijv. klapstuk, schouderstuk, fricandeau of gemarineerd vleesBraadpan met deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van het vlees
Vlees met vloeistof bedekken2Het vlees niet eerst aanbraden
19Rosbief, medium panklaar, gekruidBraadpan zonder deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van het vlees
nee2met de vetzijde naar boven in de vorm leggen
Het vlees niet eerst aanbraden
20Runderrollade gevuld met groente of vleesBraadpan met deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van alle gevulde rollades
Vleesrolletjes bedekken bijv. met bouillon of water2Het vlees niet eerst aanbraden

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)

Pagina 16

nl Programma's

Nr.GerechtVormenGewichtsbereik InstelgewichtVloeistof toevoegenInschuif-hoogteAanwijzingen
21Gebraden gehakt, vers
Gehakt van rund-, varkens- of lamsvlees
Braadpan met deksel0,5-2,5 kg
Gewicht gehakt
nee2Het vlees niet eerst aanbraden
22Lamsbout, medium zonder been, gekruidBraadpan met deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
23Lamsbout, doorbakken zonder been, gekruidBraadpan met deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
24Gebraden kalfsvlees, doorregen bijv. rug of heupBraadpan met deksel0,5-3,0 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
25Gebraden kalfsvlees, mager bijv. lendestuk of fricandeauBraadpan met deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
26Reebout zonder been, gezoutenBraadpan met deksel0,5-2,0 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2-
27Konijn, heel panklaar, gekruidBraadpan met glazen deksel1,0-2,5 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2-
28Gebraden varkensnek zonder been, gekruidBraadpan met glazen deksel0,5-3,0 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
29Gebraden varkensvlees met korstje bijv. schouder, gekruid en zwoerd ingesnedenBraadpan met glazen deksel0,5-3,0 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2met de kant van het vet naar boven in de vorm leggen, het zwoerd goed zouten
30Gebraden varkenshaas gekruidBraadpan met glazen deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)

Pagina 17

Kinderslot nl

11.4 Gerecht voor programma voorbereiden

Gebruik verse levensmiddelen, het best op koelkasttemperatuur. Diepvriesgerechten direct uit het diepvriesvak gebruiken.

Het gewicht van het gerecht is nodig om het programma juist in te stellen.

Plaats de vorm altijd in de onverwarmde binnenruimte.

11.5 Programma instellen

Het apparaat kiest het optimale verwarmingstype, de temperatuur en de duur. U hoeft alleen het gewicht in te stellen.

Opmerkingen

Het gewicht kunt u alleen in het daarvoor bestemde bereik instellen.

Na de programmastart kunt u het programma en het gewicht niet meer veranderen.

Na enkele seconden start het programma en de tijdsduur loopt af.

Als het programma is beëindigd, weerklinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.

12 Kinderslot

Beveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per ongeluk inschakelen of instellingen wijzigen.

12.1 Kinderslot activeren

Vereiste: De functiekeuzeknop staat op de nulstand .

12.2 Kinderslot deactiveren

Vereiste: De functiekeuzeknop staat op de nulstand .

13 Warmhouden gedurende een langere periode

U kunt met uw apparaat gerechten tot maximaal 70 uur tussen 85°C en 140°C met Boven- en onderwarmte warmhouden, zonder dat u het apparaat hoeft in- of uit te schakelen.

13.1 Warmhouden gedurende een langere periode instellen

Opmerkingen

Als u de apparaatdeur opent tijdens de werking, dan onderbreekt het apparaat de werking niet.

Na de start kunt u niet meer wijzigen of onderbreken. U kunt het einde niet wijzigen.

Vereiste: De betreffende basisinstelling is geactiveerd.

"Basisinstelingen", Pagina 17

Op het display verschijnt .

Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen en de duur verstrijkt.

Na ca. 10 tot 20 minuten schakelt het apparaat automatisch uit.

14 Basisinstellingen

U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.

Pagina 18

nl Reiniging en onderhoud

14.1 Overzicht van de basisinstellingen

Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksinstellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat.

IndicatieBasisinstellingKeuze
Signaalduur na het verstrijken van een tijdsduur of wekkertijd= 10 seconden = 30 seconden ¹ = 2 minuten
Wachttijd totdat een instelling is overgenomen= 3 seconden ¹ = 6 seconden = 10 seconden
Toetssignaal bij het indrukken van een toets= uit = aan ¹
Helderheid van de displayverlichting= donker = gemiddeld ¹ = helder
Indicatie van de tijd= tijdsweergave uit = tijd weergeven ¹
Kinderslot instelbaar= nee = ja ¹ = ja, met deurvergrendeling
Verlichting van de binnenruimte bij gebruik= nee = ja ¹
Nalooptijd van de koelventilator= kort = gemiddeld ¹ = lang = extra lang
Telescooprails achteraf aangebracht ²= nee ¹ (bij rekjes en enkelvoudig uittreksysteem) = ja (bij 2- en 3-voudig uittreksysteem)
Warmhouden gedurende een langere periode= nee ¹ = ja
Automatisch snel voorverwarmen vanaf
200°C ²
= nee = ja ¹
Alle waarden naar de fabrieksinstelling terugzetten= nee ¹ = ja

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)

14.2 Basisinstelling wijzigen

Vereiste: Het apparaat is uitgeschakeld.

Opmerking: Na een stroomonderbreking blijven de ingevoerde wijzigingen van de basisinstellingen behouden.

14.3 Basisinstellingen annuleren

Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgeslagen.

15 Reiniging en onderhoud

15.1 Reinigingsmiddelen

Gebruik om de verschillende oppervlakken van het apparaat niet te beschadigen geen ongeschikte reinigingsmiddelen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.

1 Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)

2 Afhankelijk van de apparaatuitvoering

18

Pagina 19

Reiniging en onderhoud nl

LET OP

Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.

Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.

15.2 Geschikte schoonmaakmiddelen

Gebruik alleen geschikte reinigingsmiddelen voor de verschillende oppervlakken van uw apparaat. Houd de handleiding aan bij het reinigen van het apparaat.

Voorzijde van het apparaat

OppervlakGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
RVSWarm zeepsop Speciale RVS-onderhoudsmiddelen voor warme oppervlakkenVerwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken op roestvaststalen oppervlakken onmiddellijk om corrosie te vermijden.
Verzorgingsmiddel voor roestvaststaal dun aanbrengen.
Kunststof of gelakte oppervlakken bijv. bedieningspaneelWarm zeepsopGebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat.
GlasWarm zeepsopGeen glasschraper gebruiken.
Apparaatdeur
GedeelteGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
Ruiten van de deurWarm zeepsop Inox SchuursponsGeen glasschraper gebruiken.
Tip: Voor een grondige reiniging de deurruiten demonteren. "Apparaatdeur", Pagina 22
DeurafschermingVan roestvaststaal: RVS-reiniger van kunststof:
Warm zeepsop
Gebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat.
Tip: Voor een grondige reiniging de deurafscherming verwijderen. "Apparaatdeur", Pagina 22
DeurgreepWarm zeepsopOm vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel direct van de deurgreep verwijderen.
Binnenruimte
GedeelteGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
Emaille oppervlakkenWarm zeepsop Azijnwater
Ovenreiniger Inox Schuurspons
Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of Inox Schuurspons gebruiken.
Laat om de binnenruimte na het reinigen te drogen de deur van het apparaat open.
Tip: Gebruik bij voorkeur de reinigingsfunctie.
"Zelfreiniging", Pagina 20

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)

Pagina 20

nl Zelfreiniging

GedeelteGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
Opmerkingen
Email wordt bij zeer hoge temperaturen ingebrand, waardoor er kleine kleurverschillen ontstaan. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.
De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd en kunnen ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact.
Door resten van levensmiddelen ontstaat er een witte afzetting op de emaille oppervlakken. Deze aanslag is niet schadelijk voor de gezondheid. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. U kunt de aanslag met citroenzuur verwijderen.
Glazen kapje van de ovenlampWarm zeepsopGebruik bij sterke verontreiniging ovenreiniger.
RekjesWarm zeepsop Inox schuursponsBij sterke verontreiniging inweken en een borstel of inox schuurspons gebruiken.
Tip: Voor het reinigen de rekjes verwijderen.
"Rekjes", Pagina 26
UittreksysteemWarm zeepsopGebruik bij sterke verontreiniging een borstel.
Om het smeervet niet te verwijderen, kunt u de telescooprails het beste in ingeschoven toestand reinigen.
Niet in de vaatwasser reinigen.
Tip: Voor het reinigen het telescoopsysteem verwijderen.
"Rekjes", Pagina 26
ToebehorenWarm zeepsop Ovenreiniger Inox SchuursponsBij sterke verontreiniging inweken en een borstel of Inox Schuurspons gebruiken.
Geëmailleerde accessoires kunnen in de vaatwasser worden gedaan.
KerntemperatuurmeterWarm zeepsopGebruik bij sterke verontreiniging een borstel. Niet in de vaatwasser reinigen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)

15.3 Apparaat schoonmaken

Reinig om beschadiging van het apparaat te voorkomen het apparaat uitsluitend zoals aangegeven en met geschikte reinigingsmiddelen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.

Vereiste: Houd de aanwijzingen voor het gebruik van de reinigingsmiddelen aan.

"Reinigingsmiddelen", Pagina 18

"Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 19

16 Zelfreiniging

Met de reinigingsfunctie Zelfreiniging reinigt de binnenruimte zich vrijwel zelfstandig.

Reinig de binnenruimte om de 2 tot 3 maanden met de reinigingsfunctie. U kunt de reinigingsfunctie desgewenst vaker gebruiken.

De reinigingsfunctie heeft ca. 2,5 - 4,8 kilowattuur nodig.

16.1 Apparaat voor de reinigingsfunctie voorbereiden

Om een goed reinigingsresultaat te verkrijgen, dient u het apparaat zorgvuldig voor te bereiden.

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

In de binnenruimte bewaarde brandbare voorwerpen kunnen vlam vatten.

Pagina 21

humidClean nl

Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen tijdens de reiniging vlam vatten.

De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.

De deurafdichting niet verwijderen en niet schuren. Verwijder sterke verontreinigingen op de binnenruit met ovenreiniger.

16.2 Reinigingsfunctie instellen

Ventileer de keuken zolang de reinigingsfunctie actief is.

WAARSCHUWING ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!

De reinigingsfunctie warmt de binnenruimte tot een heel hoge temperatuur op zodat resten van braden, grillen en bakken verbranden. Hierbij komen dampen vrij die tot irritaties van de slijmvliezen kunnen leiden.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

De binnenruimte wordt zeer heet tijdens het reinigen.

Opmerking: De ovenlamp brandt niet tijdens de reinigingsfunctie.

Vereiste:

"Apparaat voor de reinigingsfunctie voorbereiden", Pagina 20

ReinigingsgraadMate van reinigingTijdsduur in uren
1LichtCa. 1:15
2GemiddeldCa. 1:30
3HoogCa. 2:00

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)

Bij sterkere of oudere verontreiniging een hogere reinigingsstand kiezen.

De tijdsduur kan niet worden gewijzigd.

Na enkele seconden start de reinigingsfunctie en de tijdsduur verstrijkt.

Voor uw veiligheid vergrendelt de apparaatdeur van de binnenruimte vanaf een bepaalde temperatuur. Op het display verschijnt .

Als de reinigingsfunctie is beëindigd, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.

Als het apparaat voldoende is afgekoeld, ontgrendelt de apparaatdeur en gaat uit.

16.3 Apparaat na de reinigingsfunctie gebruiksklaar maken

"Reiniging en onderhoud", Pagina 18

Opmerking: Witte aanslag op de emaille vlakken kan door te grove verontreinigingen ontstaan. Deze levensmiddelresten zijn ongevaarlijk. De aanslag heeft geen nadelige invloed op de werking van het apparaat.

"Rekjes", Pagina 26

17 humidClean

De humidClean is een snel alternatief voor het tussendoor reinigen van het kookcompartiment. De reinigingsondersteuning weekt verontreinigingen door het verdampen van zeepsop in. Verontreinigingen kunnen vervolgens gemakkelijker worden verwijderd.

17.1 Reinigingsondersteuning instellen

Ventileer de keuken zolang de reinigingsfunctie actief is.

Pagina 22

nl Apparaatdeur

WAARSCHUWING ‒ Kans op verbranding!

Door water in de hete binnenruimte kan hete waterdamp ontstaan.

Vereiste: De binnenruimte is volledig afgekoeld.

Gebruik geen gedestilleerd water.

Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen en de duur verstrijkt.

Als de tijdsduur verstreken is, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.

17.2 Binnenruimte na de reinigingsondersteuning reinigen

LET OP

Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.

Vereiste: De binnenruimte is afgekoeld.

18 Apparaatdeur

Om de apparaatdeur grondig te reinigen, kunt u de apparaatdeur demonteren.

Opmerking: Meer informatie:

18.1 Apparaatdeur verwijderen

Opmerking: Al naar gelang het apparaattype zijn de deurgrepen verschillend.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.

Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.

Wanneer de scharnieren niet beveiligd zijn, kunnen ze met grote kracht dichtklappen.

Blokkeerhendel opgeklaptHet scharnier is beveiligd en kan niet dichtklappen.
Blokkeerhendel dichtgeklaptDe apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

De vastzethendels zijn opgeklapt. De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen.

Pagina 23

Apparaatdeur nl

18.2 Apparaatdeur inhangen

Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.

Opmerking: Let erop dat u de apparaatdeur zonder weerstand op de scharnieren schuift.

De vastzethendels zijn dichtgeklapt. De apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd.

18.3 Deurruiten verwijderen

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.

Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.

Opmerking: Al naar gelang het apparaattype heeft het apparaat een metalen strip die kan worden opengeklapt.

De vastzethendels zijn opgeklapt. De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen.

Pagina 24

nl Apparaatdeur

Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.

De gedemonteerde ruiten van beide zijden met glasreiniger en een zachte doek reinigen.

Opmerking: Tijdens de reinigingsfunctie verkleurt de binnenlijst van de apparaatdeur of andere delen van

24

RVS van de apparaatdeur. Deze verkleuringen hebben geen nadelige invloed op de werking van het apparaat. De verkleuringen kunnen met een reinigingsmiddel voor RVS worden verwijderd.

18.4 Deurruiten inbouwen

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.

Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.

Opmerking

Al naar gelang het apparaattype heeft het apparaat een metalen strip om dicht te klappen, of twee verschillende tussenruiten.

De tussenruiten zijn met een driehoeksymbool gemarkeerd.

Eerst de tussenruit met een niet gevulde driehoek inbouwen, daarna de tussenruit met een gevulde driehoek .

Let er bij de tussenruiten op dat de pijl zich linksboven bevindt.

Pagina 25

Apparaatdeur nl

De tussenruit positioneert zich automatisch door de draaibeweging van de afstandshouder.

De tekst "Pyro" moet boven, zoals in de afbeelding, leesbaar zijn.

Opmerking: De binnenruimte pas gebruiken wanneer de ruiten naar behoren zijn ingebouwd.

Pagina 26

nl Rekjes

19 Rekjes

Om de rekjes en de binnenruimte te reinigen of om de rekjes te wisselen, kunnen deze worden verwijderd.

19.1 Rekjes verwijderen

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

De rekjes worden heel heet

19.2 Rekjes inhangen

Opmerkingen

De rekjes passen alleen links of rechts.

Let er bij beide telescooprails op dat deze naar voren uitgeschoven kunnen worden.

19.3 Telescooprail verwijderen

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

De rekjes worden heel heet

Opmerkingen

Al naar gelang het apparaattype moet u bij apparaten met rekjes en telescooprails de basisinstellingen voor de telescooprails aanpassen.

"Basisinstelingen", Pagina 17

Telescopische rails kunnen desgewenst op elk niveau worden ingebouwd.

Indien nodig kunt u alle niveaus met een telescooprail uitrusten.

a

Pagina 27

Storingen verhelpen nl

"Reinigingsmiddelen", Pagina 18

Opmerking: Meer informatie:

19.4 Telescooprail aanbrengen

Opmerking: De telescooprails passen alleen rechts of links. Let er bij het inbrengen op dat ze er naar voren kunnen worden uitgetrokken.

ven. Daarbij met de achterste bevestiging de verticale staaf omvatten.

a

De houder klikt in.

Opmerking: Meer informatie:

20 Storingen verhelpen

Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.

Pagina 28

nl Storingen verhelpen

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

"Servicedienst", Pagina 30

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

20.1 Functiestoringen

StoringOorzaak en probleemoplossing
Apparaat werkt niet.De zekering in de zekeringenkast is in werking getreden.
▸ Controleer de zekering in de meterkast.
Stroomvoorziening is uitgevallen.
▸ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren.
Fout van het elektronische systeem
1. Koppel het apparaat minimaal 30 seconden los van het elektriciteitsnet, door de zekering uit te schakelen.
2. Reset de basisinstellingen naar de fabrieksinstellingen.
"Basisinstelingen", Pagina 17
Apparaat warmt niet op, op het display knippert de dubbele punt en er verschijnt een .Demomodus is geactiveerd.
1. Haal de stroom kortstondig van het apparaat door de zekering in de meterkast uit en opnieuw in te schakelen.
2. Deactiveer de demo-modus binnen 5 minuten door de laatste basisinstelling in de waarde te wijzigen.
"Basisinstelingen", Pagina 17
Apparaatdeur kan niet worden geopend, op het display brandt .Kinderslot vergrendelt de apparaatdeur.
▸ Deactiveer het kinderslot met de toets . "Kinderslot", Pagina 17
Apparaatdeur kan niet worden geopend, op het display brandt .Reinigingsfunctie vergrendelt de apparaatdeur.
▸ Het apparaat laten afkoelen tot op het display uitgaat.
Op het display brandt en het apparaat kan niet worden ingesteld.Kinderslot is geactiveerd.
▸ Deactiveer het kinderslot met de toets . "Kinderslot", Pagina 17
Op het display knippert en het apparaat start niet.Binnenruimte is te heet voor de gekozen modus.
1. Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen.
2. Start de werking opnieuw.
Op het display verschijnt .Maximale gebruiksduur is bereikt. Om een ongewilde permanente werking te vermijden, stopt het apparaat na meerdere uren automatisch met op te warmen als de instellingen onveranderd zijn.
▸ Schakel het apparaat uit.
U kunt zo nodig opnieuw instellen.
Tip: Om te voorkomen dat het apparaat ongewenst uitschakelt, bijv. bij zeer lange bereidingstijden, kunt u een tijdsduur instellen.
"Tijdfuncties", Pagina 12
Op het display verschijnt een melding met , bijv. - .Elektronicastoring
1. Druk op de toets .
▸ Indien nodig stelt u de tijd opnieuw in.
Als de storing eenmalig was, verdwijnt de foutmelding.
2. Als de foutmelding opnieuw verschijnt, neemt u contact op met de servicedienst. Geef de exacte foutmelding en het E-nr. van uw apparaat op. "Servicedienst", Pagina 30

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 28)

Pagina 29

Afvoeren nl

StoringOorzaak en probleemoplossing
Bereidingsresultaat is niet bevredigend.Instellingen waren niet geschikt.
Instelwaarden, bijv. temperatuur of tijdsduur, zijn van recept-, hoeveelheid- en levensmiddel-afhankelijk.
▸ Stel de volgende keer lagere of hogere waarden in.
Resultaat van de reinigingsfunctie is niet naar tevredenheid.Kookcompartiment was te sterk verontreinigd.
▸ Verwijder grove verontreinigingen vóór het uitvoeren van de reinigingsfunctie uit het kookcompartiment.
▸ Let op de reiniging en het onderhoud van uw apparaat.
"Reiniging en onderhoud", Pagina 18

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)

20.2 Ovenlamp vervangen

Wanneer de verlichting in de oven is uitgevallen, vervang dan de ovenlamp.

Opmerking: Hittebestendige 230V-halogeenlampen, 40 - 43 watt, kunt u verkrijgen bij de servicedienst of in speciaalzaken. Gebruik alleen deze lampen. Pak nieuwe halogeenlampen alleen met een schone, droge doek vast. Hierdoor wordt de levensduur van de lamp verlengd.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Bij vervanging van de lamp staan de contacten van de lampfitting onder spanning.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

De glazen afdekking kan door externe invloeden reeds gebroken zijn of bij inbouw of uitbouw door te veel druk breken.

Vereisten

Het apparaat moet zijn losgekoppeld van het elektriciteitsnet.

De binnenruimte is afgekoeld.

Een nieuwe halogeenlamp ter vervanging is beschikbaar.

Let op de stand van de pinnen van de halogeenlamp.

21 Afvoeren

21.1 Afvoeren van uw oude apparaat

Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.

Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).

De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.

29

Pagina 30

nl Servicedienst

22 Servicedienst

Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.

Daarnaast kunt u bij onze klantenservice andere functierelevante en op voorraad liggende originele reserveonderdelen verkrijgen tot 15 jaar na het op de markt brengen van uw apparaat.

Voor meer informatie kunt u met onze klantenservice contact opnemen.

Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QRcode op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenservice, uw dealer of op onze website.

De contactgegevens van de klantenservice vindt u via de QR-code op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze website.

Dit product bevat lichtbronnen van energieklasse G.

De informatie conform verordening (EU) 65/2014, (EU) 66/2014 en (EU) 2023/826 vindt u online op siemenshome.bsh-group.com op de productpagina en de servicepagina van uw apparaat bij de gebruiksaanwijzingen en aanvullende documenten.

22.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)

Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) nodig. Deze nummers vindt u op het typeplaatje van het apparaat.

Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de apparaatdeur opent.

Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.

23 Zo lukt het

Voor verschillende gerechten vindt u hier de bijpassende instellingen alsmede de beste accessoires en vormen. Wij hebben het advies optimaal op uw apparaat afgestemd.

23.1 Algemene aanwijzingen voor de bereiding

Houd deze informatie aan bij het bereiden van alle gerechten.

Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de hoeveelheid en het recept. Daarom zijn instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden.

De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst. Wanneer u toch wilt voorverwarmen, schuif de accessoire dan pas na het voorverwarmen in de binnenruimte. Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruimte.

LET OP

Zuurhoudende levensmiddelen kunnen het rooster beschadigen

Instructie voor mensen met nikkelallergie

In zeldzame gevallen kunnen geringe sporen van nikkel worden overgedragen aan levensmiddelen.

Geschikte accessoires kunt u bij de klantenservice, in de vakhandel of op het internet kopen.

"Meer accessoires", Pagina 10

23.2 Aanwijzingen voor het bakken

Gebruik bij het bakken de aangegeven inschuifhoogtes.

Bakken op één niveauHoogte
hoog gebak of vorm op het rooster2
plat gebak resp. op bakplaat3
Bakken op twee niveausHoogte
Braadslede Bakplaat3 1
Vormen op het rooster:Hoogte
eerste rooster tweede rooster3 1
Bakken op drie niveausHoogte
Bakplaat Braadslede Bakplaat5 3 1

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 30)

Opmerkingen

Gebruik voor het bakken op meerdere niveaus hete lucht. Gebak dat gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeft niet op hetzelfde moment klaar te zijn. Plaats de vormen naast elkaar of verspringend boven elkaar in de binnenruimte.

Voor een optimaal bereidingsresultaat raden wij u aan donkere bakvormen van metaal te gebruiken.

23.3 Aanwijzingen voor het braden en grillen

De instelwaarden gelden voor ongevuld vlees, braadklaar gevogelte en vlees en vis op koelkasttemperatuur, die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst.

← pagina's 3–14verder op pagina 31 →Inhoud