naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens HB378G6S3, tekst van de handleiding

Pagina's 31–38 van 40 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 15–30

Pagina 31

Zo lukt het nl

Hoe groter het gevogelte, het vlees of de vis, des te lager de temperatuur en des te langer de bereidingstijd.

Keer gevogelte, vlees en vis na ca. 1/2 tot 2/3 van de opgegeven tijd.

Let er bij het keren van gevogelte op dat eerst de borstzijde resp. de kant van het vel onder ligt.

Braden en grillen op het rooster

Het braden op het rooster is bijzonder geschikt voor groot gevogelte of meerdere stukken tegelijk

Giet afhankelijk van de grootte en het soort product tot 1/2 liter water in de braadslede.

Van dit opgevangen braadvocht kunt u een saus bereiden. Er ontstaat dan ook minder rook en de binnenruimte wordt minder verontreinigd.

Laat de deur van het apparaat tijdens het grillen gesloten.

Nooit met een geopende apparaatdeur grillen. Leg het te grillen stuk op het rooster. Plaats bovendien de braadslede, met de schuine kant naar de apparaatdeur, ten minste één inschuifhoogte eronder. Zo wordt afdruipend vet opgevangen.

Braden in vormen

Bij de bereiding in gesloten vormen blijft de binnenruimte schoner.

Houd de aanwijzingen van de fabrikant van de braadvorm aan. Vormen van glas zijn het meest geschikt.

Open vorm

Gebruik een hoge braadvorm.

De vorm op het rooster plaatsen.

Wanneer u geen geschikte vorm heeft, kunt u de braadslede gebruiken.

Gesloten vorm

De vorm op het rooster plaatsen.

Vlees, gevogelte en vis kunnen ook in een gesloten braadslede knapperig worden. Gebruik daarvoor een braadslede met glazen deksel. Stel een hogere temperatuur in.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Wanneer hete vormen van glas op een koude of natte ondergrond worden geplaatst, kan het glas barsten.

WAARSCHUWING ‒ Kans op verbranding!

Bij het openen van het deksel na het bereiden kan zeer hete stoom ontsnappen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.

23.4 Selectie van gerechten

Insteladvies voor talrijke levensmiddelen gesorteerd op categorie.

Insteladvies voor verschillende gerechten

VoedingswaarToebehoren / vormenHoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °C / GrillstandTijdsduur in min.
Cake, eenvoudigTulbandvorm of
Langwerpige bakvorm
2150-17050-70
Cake, eenvoudigTulbandvorm of
Langwerpige bakvorm
2150-16070-90
Cake, fijn (in rechthoekige vorm)Tulbandvorm of
Langwerpige bakvorm
2150-17060-80
Cake, 2 niveausTulbandvorm of
Langwerpige bakvorm
3+1140-15070-85
Vruchten- of kwarktaart met bodem van zandtaartdeegSpringvorm Ø 26 cm2170-19055-80
Gebak van gistdeeg in de springvormSpringvorm Ø 28 cm2160-17025-35
Biscuittaart, 6 eierenSpringvorm Ø 28 cm2150-160 ¹30-40
CakerolBraadslede3180-200 ¹10-15
Zandtaartdeeggebak met vochtige bedekkingBraadslede2160-18055-95
Gebak van gistdeeg met vochtige bedekkingBraadslede3180-20030-55
MuffinsMuffinplaat2170-19020-40
Klein gebak van gistdeegBraadslede3160-18025-35

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 31)

1 Het apparaat voorverwarmen.

31

Pagina 32

nl Zo lukt het

VoedingswaarToebehoren / vormenHoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °C / GrillstandTijdsduur in min.
Klein gebak van gistdeegBraadslede3160-17025-45
KoekjesBraadslede3140-16015-25
Koekjes, 2 niveausBraadslede +
Bakplaat
3+1140-16015-25
Koekjes, 3 niveausBraadslede + 2x
Bakplaat
5+3+1140-16015-25
SchuimgebakBraadslede380-90 ¹120-150
Brood, 1000 g (in rechthoekige vorm en op de plaat)Braadslede of
Langwerpige bakvorm
21. 210-220 ¹
2. 180-190 ¹
1. 10-15
2. 40-50
Pizza, vers - op de bakplaatBraadslede2200-22025-35
Pizza, vers - op de bakplaatBraadslede3180-20020-30
Pizza, vers, dunne bodem, in pizzavormPizzaplaat2250-270 ¹15-20
Pizza, vers, dunne bodem, in pizzavormPizzaplaat2250-270 ¹8-13
QuicheTaartvorm of
Zwart blik
1210-23030-40
QuicheTaartvorm of
Zwart blik
2190-21025-35
BörekBraadslede1180-20040-50
Ovenschotel, hartig, gegaarde ingrediëntenVuurvaste schaal2200-22030-60
Kip, 1,3 kg, ongevuldOpen vorm2200-22060-70
Kleine kipdelen, à 250 gOpen vorm3220-23030-35
Gans, niet gevuld, 3 kgOpen vorm21. 140
2. 160
1. 130-140
2. 50-60
Varkensrug, mager, 1 kgVlakke glazen vorm218090-120
Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kgOpen vorm2160-170130-150
Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kgOpen vorm2190-200120-150
Runderfilet, medium, 1 kg ²Rooster +
Braadslede
3210-22040-50 ³
Gestoofd rundvlees, 1,5 kg ⁴Gesloten vorm2200-220130-150
Rosbief, medium, 1,5 kgRooster +
Braadslede
3200-22060-70 ³
Burger, 3-4 cm hoog ⁵Rooster4325-30 ⁶

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 32)

1 Het apparaat voorverwarmen.

2 De braadslede onder het rooster inschuiven.

3 Het gerecht na 1/2 - 2/3 van de totale tijd keren.

4 In het begin vloeistof in de vorm doen, gebraad moet minstens voor 2/3 in vloeistof liggen

5 De braadslede op inschuifhoogte 2 eronder plaatsen.

6 Het gerecht na 2/3 van de totale tijd keren.

32

Pagina 33

Zo lukt het nl

VoedingswaarToebehoren / vormenHoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °C / GrillstandTijdsduur in min.
Lamsbout zonder been, medium, 1,0 kg ingebonden ¹Open vorm2170-19070-80 ²
Vis, gegrild, heel 300 g, bijv.
forel ³
Rooster2160-18020-30
Vis, gestoofd, heel 300 g, bijv. forelGesloten vorm2170-19030-40
Vis, gestoofd, heel 1,5 kg, bijv. zalmGesloten vorm2180-20055-65

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)

Yoghurt

Maak yoghurt met uw apparaat.

Yoghurt maken

Insteladviezen voor desserts

VoedingswaarToebehoren / vormenHoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °CTijdsduur in min.
YoghurtPortievormenBodem van de binnenruimte40-458-9 uur
YoghurtPortievormenBodem van de binnenruimte40-458-9 uur

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)

23.5 Bijzondere bereidingswijzen en andere toepassingen

Informatie en insteladvies over bijzondere bereidingswijzen en andere toepassingen, bijv. langzaam garen.

Langzaam garen

Voor alle fijne stukken, die rosé of tot in de perfectie bereid moeten worden. Vlees en gevogelte blijven bij langzaam garen bij lage temperaturen sappig en mals.

Voedingswaar langzaam garen

Vereisten

De binnenruimte is koud.

Gebruik vers, en hygiënisch onberispelijk vlees. Het beste kunnen stukken zonder been en zonder veel bindweefsel worden gebruikt.

Insteladvies voor langzaam garen

VoedingswaarToebehoren / vormenHoogteAanbraadduur in min.Verwar-mingsmethodeTemperatuur in °CTijdsduur in min.
Eendenborst, à 300 gOpen vorm26-895 ⁴60-70
Varkenshaas, heelOpen vorm24-685 ⁴75-100

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)

1 Water toevoegen, zodat de bodem van de vorm wordt bedekt.

2 Keer het voedsel niet.

3 De braadslede onder het rooster inschuiven.

4 Het apparaat voorverwarmen.

33

Pagina 34

nl Zo lukt het

VoedingswaarToebehoren / vormenHoogteAanbraadduur in min.Verwar-mingsmethodeTemperatuur in °CTijdsduur in min.
Runderfilet, 4-6 cm dik, 1 kgOpen vorm26-885 ¹90-150
Kalfsmedaillons, 4 cm dikOpen vorm2480 ¹50-70
Lamsrack, zonder been, à 200 gOpen vorm2485 ¹30-70

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)

23.6 Testgerechten

De informatie in dit deel is bedoeld voor testinstituten, om het testen van het apparaat conform EN 60350-1 te vergemakkelijken.

Bakken

De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst.

Neem de aanwijzingen voor het voorverwarmen in het insteladvies in acht. De instelwaarden gelden zonder snel voorverwarmen.

Gebruik bij het bakken eerst de laagste opgegeven temperatuuur.

Gebak op bakplaten of in vormen die gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeft niet op hetzelfde moment klaar te zijn.

Inschuifhoogtes bij het bakken op 2 niveaus:

Bakplaat: hoogte 1

Eerste rooster: hoogte 3

Tweede rooster: hoogte 1

Inschuifhoogtes bij het bakken op 3 niveaus:

Biscuitgebak

Insteladviezen voor het bakken

VoedingswaarToebehoren / vormenHoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °CTijdsduur in min.
SpritsBraadslede3140-150 ²25-35
SpritsBraadslede3140 ²28-38
Sprits, 2 niveausBraadslede +
Bakplaat
3+1140 ²30-40
Sprits, 3 niveausBraadslede + 2x
Bakplaat
5+3+1130-140 ²35-55
Small CakesBraadslede3150 ²25-35
Small CakesBraadslede3150 ²20-30
Small CakesBraadslede317020-30
Small Cakes, 2 niveausBraadslede +
Bakplaat
3+1150 ²25-35
Small Cakes, 3 niveausBraadslede + 2x
Bakplaat
5+3+1140 ²30-40
BiscuitgebakSpringvorm Ø 26 cm2160-170 ³25-35
BiscuitgebakSpringvorm Ø 26 cm2160-17030-40
Biscuitgebak, 2 niveausSpringvorm Ø 26 cm3+1150-160 ³35-50
Apple Pie, 2 stuks2x
Springvorm Ø 20 cm
2180-19075-90

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)

1 Het apparaat voorverwarmen.

2 Warm het apparaat 5 minuten voor. De functie snel voorverwarmen niet gebruiken.

3 Het apparaat voorverwarmen. De functie snel voorverwarmen niet gebruiken.

34

Pagina 35

Montagehandleiding nl

Grillen

Insteladviezen bij het grillen

VoedingswaarToebehoren / vormenHoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °C / GrillstandTijdsduur in min.
Toast bruinenRooster53 ¹5-6

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)

24 Montagehandleiding

Houd rekening met deze informatie bij de montage van het apparaat.

24.1 Algemene montage-instructies

Neem deze aanwijzingen in acht voordat u met het inbouwen van het apparaat begint.

1 Het apparaat niet voorverwarmen.

Niet-bevestigde meubels moeten met een gebruikelijke, in de handel verkrijgbare montagebeugel aan de wand worden bevestigd.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Na de montage van het apparaat mogen de openingen in de achterwand van het apparaat voor kinderen niet toegankelijk zijn, ook niet via de daaronder liggende laden en keukenkastjes. Dit moet door de inbouw worden gewaarborgd. In geval van een kookeiland is een gesloten achterwand noodzakelijk.

35

Pagina 36

nl Montagehandleiding

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

Het gebruik van een verlengd netsnoer en niettoegestane adapters is gevaarlijk.

LET OP

Door het apparaat aan de deurgreep te dragen kan deze afbreken. De deurgreep houdt het gewicht van het apparaat niet.

24.2 Afmetingen van het apparaat

Hier vindt u de afmetingen van het apparaat.

24.3 Inbouw onder een werkblad

Neem de inbouwmaten en de inbouwvoorschriften bij de inbouw onder een werkblad in acht.

Het werkblad moet aan het inbouwmeubel worden bevestigd.

Het eventueel voorhanden installatievoorschrift van de kookplaat in acht nemen.

Afwijkende nationale inbouwvoorschriften van de kookplaat in acht nemen.

Werkbladdiepte van min. 600 mm aanhouden. Let er bij inbouw onder een gaskookplaat op dat het apparaat niet met de gasaansluiting van de gaskookplaat in contact komt.

Schakel eventueel een bevoegde vakkracht voor gasinstallaties in.

24.4 Inbouw in een hoge kast

Neem de inbouwmaten en de inbouwvoorschriften bij de inbouw in een hoge kast in acht.

Met het oog op de luchttoevoer van het apparaat dienen de tussenschotten te beschikken over een ventilatie-opening.

Het apparaat niet te hoog inbouwen, zodat de accessoires er zonder probleem uitgenomen kunnen worden.

24.5 Inbouw van twee apparaten boven elkaar

Uw apparaat kan ook boven of onder een ander apparaat worden ingebouwd. Neem de inbouwmaten en de inbouwvoorschriften bij de inbouw boven elkaar in acht.

Met het oog op de luchttoevoer van het apparaat dient het tussenschot te beschikken over een ventilatie-opening.

In combinatie met inductiekookplaten mag de spleet tussen werkblad en apparaat niet door extra lijsten worden afgesloten.

Met het oog op de luchttoevoer van de apparaten dienen de tussenschotten te beschikken over een ventilatieopening.

Om een voldoende ventilatie van de apparaten te waarborgen, is een ventilatieopening van minimaal

Pagina 37

Montagehandleiding nl

200 cm² in de plint noodzakelijk. Hiervoor de sokkelplaat bijsnijden of een ventilatierooster aanbrengen. Let erop dat de luchtcirculatie volgens de tekening is gewaarborgd.

Apparaten niet te hoog inbouwen, zodat het toebehoren er zonder probleem uitgenomen kan worden.

24.6 Hoekinbouw

Neem de inbouwmaten en de inbouwvoorschriften bij de hoekinbouw in acht.

Houd om ervoor te zorgen dat de ovendeur kan worden geopend, bij de hoekinbouw de minimum afmetingen aan. De maat is afhankelijk van de dikte van het meubelfront en de greep.

24.7 Elektrische aansluiting

Om het apparaat elektrisch veilig te kunnen aansluiten, dient u deze aanwijzingen in acht te nemen.

Het apparaat voldoet aan beveiligingsklasse I en mag alleen met een geaarde aansluiting worden gebruikt. De zekering dient in overeenstemming te zijn met de vermogensopgave op het typeplaatje en de lokale voorschriften.

Het apparaat moet bij alle montagewerkzaamheden spanningsloos zijn.

Het apparaat mag alleen met de meegeleverde aansluitkabel worden aangesloten.

De aansluitkabel moet op de achterzijde worden ingestoken tot een klik hoorbaar is. Een 3 m lange aansluitkabel is bij de klantenservice verkrijgbaar.

De aansluitkabel mag alleen worden vervangen door een originele kabel. Die is bij de service verkrijgbaar. De bescherming tegen aanraking dient door de inbouw te zijn gewaarborgd.

Apparaat met geaarde stekker elektrisch aansluiten

Opmerking: Het apparaat mag alleen op een geaarde contactdoos worden aangesloten die volgens de voorschriften is geïnstalleerd.

Apparaat zonder geaarde stekker elektrisch aansluiten

Opmerking: Het apparaat mag alleen door geschoold personeel worden aangesloten. Bij schade door een verkeerde aansluiting kunt u geen aanspraak maken op garantie.

In de vast geplaatste elektrische installatie moet een scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften zijn ingebouwd.

Bij een verkeerde aansluiting kan het apparaat worden beschadigd.

Zie voor de spanning het typeplaatje.

Pagina 38

nl Montagehandleiding

24.8 Apparaat inbouwen

Opmerking: De spleet tussen werkblad en apparaat mag niet door extra lijsten worden afgesloten.

Aan de zijwanden van de ombouwkast mogen geen isolatieprofielen worden aangebracht.

24.9 Bij greeploze keuken met verticale greeplijst:

24.10 Apparaat demonteren

← pagina's 15–30Inhoud