naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens HB537GBS3B, tekst van de handleiding

Pagina's 3–16 van 36 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina 2verder op pagina 17 →

Pagina 3

Veiligheid nl

Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.

Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze 15 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan.

Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel kunnen komen.

1.5 Veiliger gebruik

Accessoires altijd op de juiste manier in de binnenruimte schuiven.

→ "Accessoires", Pagina 9

WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!

In de binnenruimte bewaarde brandbare voorwerpen kunnen vlam vatten.

Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.

Accessoires of vormen worden zeer heet.

In de hete binnenruimte kunnen alcoholdampen vlam vatten. De apparaatdeur kan openspringen. Er kunnen hete dampen en steekvlammen naar buiten treden.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet.

Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.

Door water in de hete binnenruimte kan hete waterdamp ontstaan.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.

Het apparaat en de delen ervan die aangeraakt kunnen worden kunnen scherpe randen hebben.

Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.

Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.

Pagina 4

nl Veiligheid

In de hete binnenruimte kunnen alcoholdampen vlam vatten en kan de apparaatdeur openspringen en er eventueel afvallen. De deurramen kunnen kapot gaan en versplinteren.

→ "Materiële schade vermijden", Pagina 5

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.

Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.

Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.

Na de installatie van het apparaat mogen de openingen in de achterwand van het apparaat niet toegankelijk zijn.

WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!

Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.

Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.

1.6 Halogeenlamp

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

De lampen in de binnenruimte worden heel heet. Ook enige tijd na het uitschakelen bestaat er nog een risico van verbranding.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Bij vervanging van de lamp staan de contacten van de lampfitting onder spanning.

Pagina 5

Materiële schade vermijden nl

2 Materiële schade vermijden

2.1 Algemeen

LET OP!

Alcoholdampen kunnen in de hete binnenruimte ontvlammen en tot een permanente beschadiging van het apparaat leiden. Door de explosieve verbranding kan de apparaatdeur openspringen en er eventueel afvallen. De deurramen kunnen kapot gaan en versplinteren. Door de onderdruk die ontstaat kan de binnenruimte naar binnen sterk vervormen.

Water op de bodem van de binnenruimte bij temperaturen boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille.

Als de temperatuur hoger is dan 50°C ontstaat er warmteophoping door voorwerpen op de bodem van de binnenruimte. De bak- en braadtijden kloppen niet meer en het email wordt beschadigd.

Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat er waterdamp. Door de temperatuurverandering kan er schade optreden.

Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.

Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, laat vlekken achter die niet meer kunnen worden verwijderd.

Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.

Is de afdichting sterk vervuild, dan sluit de deur tijdens het gebruik niet meer goed. De aangrenzende meubelfronten kunnen dan beschadigd raken.

Wanneer de apparaatdeur wordt gebruikt als vlak om iets op te zetten of te leggen kan de apparaatdeur beschadigd raken.

Afhankelijk van het apparaattype kunnen de accessoires krassen veroorzaken op de ruit dan de apparaatdeur wanneer deze gesloten wordt.

Door aluminiumfolie aan de deurruit kunnen permanente verkleuringen ontstaan.

3 Milieubescherming en besparing

3.1 Afvoeren van de verpakking

De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.

3.2 Energie besparen

Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.

Het apparaat alleen voorverwarmen, wanneer het recept of de instellingsadviezen dat aangeven.

→ "Zo lukt het", Pagina 24

Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen.

Open de apparaatdeur tijdens de bereiding zo weinig mogelijk.

Meerdere gerechten direct achter elkaar of parallel bakken.

Bij langere bereidingstijden het apparaat 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitschakelen.

Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruimte.

Pagina 6

nl Milieubescherming en besparing

Laat diepgevroren producten vóór de bereiding ontdooien.

Opmerking:

Volgens de richtlijn 2023/826 eisen inzake ecologisch ontwerp is er bij dit apparaat in uitgeschakelde toestand sprake van een andere toestand. Deze wordt hierna als spaarstand aangeduid.

Ook wanneer de hoofdfunctie niet actief is, heeft het apparaat energie nodig voor:

Per definitie is er dus noch sprake van een "Uit", nog van een "standby-stand", en daarom wordt de aanduiding spaarstand gebruikt. Voor de meting van de spaarstand moet de norm EN IEC 60350-1:2023 worden gebruikt.

Pagina 7

Uw apparaat leren kennen nl

4 Uw apparaat leren kennen

4.1 Bedieningselementen

Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.

Opmerking: Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op de afbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm.

1

1Toetsen en display
De toetsen zijn aanrakingsgevoelige vlakken. Om een functie te kiezen, slechts licht op het betreffende veld drukken.
Op het display zijn symbolen van actieve functies en de tijdfuncties te zien.
→ "Toetsen en display", Pagina 7
2Functiekeuzeknop
Met de functiekeuzeknop stelt u de verwarmingsmethoden en meer functies in.
De functiekeuzeknop kunt u vanuit de nulstand naar rechts en links draaien.
Afhankelijk van het apparaattype is de functiekeuzeknop verzonken. Voor het vergrendelingen of ontgrendelingen in de nulstand op de functiekeuzeknop drukken.
→ "Verwarmingsmethoden en functies", Pagina 7
3Temperatuurknop
Met de temperatuurknop stelt u de temperatuur voor de verwarmingsmethode in en kiest u instellingen voor andere functies.
De temperatuurknop kunt u vanuit de nulstand naar rechts draaien tot aan de aanslag, niet verder.
Afhankelijk van het apparaattype kan de temperatuurknop worden verzonken. Voor het vergrendelingen of ontgrendelingen in de nulstand op de temperatuurknop drukken.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)

4.2 Toetsen en display

Met de knoppen kunt u verschillende functies van uw apparaat instellen. Op het display ziet u de instellingen.

Als een functie actief is, brandt het desbetreffende symbool op de display. Het kloksymbool licht alleen op als u de tijd verandert.

SymboolFunctieGebruik
TijdfunctiesTijd , timer , tijdsduur en einde selecteren.
Om de verschillende tijdfuncties te kiezen, meerdere keren op de toets drukken.
Bij welke functie de instelling op het display wordt weergegeven, is te zien aan de pijlen boven en onder het desbetreffende symbool. → "Tijdfuncties", Pagina 11
Min PlusInstelwaarden verlagen. Instelwaarden verhogen.
GewichtGewicht voor programma's kiezen.
KinderslotKinderslot activeren of deactiveren. → "Kinderslot", Pagina 13

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)

4.3 Verwarmingsmethoden en functies

Om altijd de passende verwarmingsmethode voor uw gerechten te kunnen bepalen, geven wij hier uitleg over de verschillen en toepassingen.

Wanneer u een verwarmingsmethode kiest, stelt het apparaat u een passende temperatuur of stand voor. U kunt de waarde overnemen of wijzigen in het weergegeven gebied.

Pagina 8

nl Uw apparaat leren kennen

SymboolVerwarmingsmethodeGebruik en werkwijze
3D HeteluchtOp één of meer niveaus bakken of braden.
De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte.
Milde heteluchtGekozen gerechten zonder voorverwarmen op één niveau voorzichtig garen. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte.
Het product wordt in fasen bereid met behulp van restwarmte. Houd de deur van het apparaat tijdens het bereiden gesloten. Als u de toesteldeur ook maar kort opent, blijft het apparaat verwarmen zonder gebruik te maken van de restwarmte.
Kies een temperatuur tussen 120 °C en 230 °C.
Deze verwarmingsmethode wordt voor het bepalen van het energieverbruik in de circulatieluchtmodus en de energieklasse gebruikt.
PizzastandPizza's of gerechten klaarmaken die veel warmte van onderen nodig hebben. Het onderste verwarmingselement en het ronde verwarmingselement aan de achterwand zijn ingeschakeld.
OnderwarmteGerechten nabakken of au bain-marie bereiden. De warmte komt van onderen.
CirculatiegrillenGevogelte, hele vis of grotere stukken vlees braden.
Het grillelement en de ventilator schakelen afwisselend in en uit. De ventilator wervelt de hete lucht rond het gerecht.
Grill, groot Grillstanden: 1 = laag
2 = gemiddeld 3 = hoog
Platte producten, zoals groenten, worstjes of toast grillen. Gerechten gratineren. Het hele oppervlak onder de grill wordt heet.
Boven- en onderwarmteTraditioneel bakken of braden op één niveau. De verwarmingsmethode is bijzonder geschikt voor gebak met vochtige bedekking.
De warmte komt gelijkmatig van boven en van onderen.
Deze verwarmingsmethode wordt gebruikt voor het bepalen van het energieverbruik in de conventionele modus.
Meer functies
Hier vindt ueen overzicht van bijkomende functies van uw apparaat.
SymboolFunctieGebruik
Snel voorverwarmenDe binnenruimte zonder accessoires snel voorverwarmen. → "Snel voorverwarmen", Pagina 11
OvenlampDe binnenruimte zonder verwarming verlichten.
Programma'sDe programmafunctie instellen. → "Programma's", Pagina 14

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)

4.4 Temperatuur en instelstanden

Bij de verwarmingsmethoden en functies zijn er verschillende instellingen.

Opmerking: Bij temperatuurinstellingen boven 250 °C verlaagt het apparaat de temperatuur na ca. 10 minuten tot ca. 240 °C. Als uw apparaat het verwarmingstype boven-/onderwarmte of onderwarmte heeft, vindt de temperatuurverlaging daar niet plaats.

SymboolFunctieGebruik
NulstandHet apparaat warmt niet op.
50 - 275TemperatuurbereikDe temperatuur in °C in de binnenruimte instellen.
1, 2, 3 of
I, II, III
GrillstandenDe grillstanden instellen voor Grill, groot en Grill, klein (afhankelijk van het type apparaat).
1 = zwak
2 = gemiddeld
3 = sterk

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)

Pagina 9

Accessoires nl

Opwarmindicatie

Het apparaat geeft aan wanneer het opwarmt. Wanneer het apparaat opwarmt, is op het display het symbool verlicht. In de verwarmingspauzes dooft het symbool.

Wanneer u voorverwarmt, is het optimale tijdstip voor het inschuiven van het gerecht bereikt zodra het symbool de eerste keer dooft.

Opmerking: Door thermische traagheid kan de weergegeven temperatuur een beetje afwijken van de werkelijke temperatuur in de binnenruimte.

4.5 Binnenruimte

Functies voor de binnenruimte vergemakkelijken het gebruik van uw apparaat.

Rekjes

U kunt accessoires op verschillende hoogtes in de rekjes in de binnenruimte schuiven.

Uw apparaat heeft 5 inschuifhoogtes. De inschuifhoogtes worden van beneden naar boven geteld.

De rekjes kunt u, bijvoorbeeld om te reinigen, verwijderen.

→ "Rekjes", Pagina 21

Zelfreinigende oppervlakken

De achterwand in de binnenruimte is zelfreinigend. De zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte zijn voorzien van een laagje poreus, mat keramiek en hebben ze een ruw oppervlak. Wanneer het apparaat in gebruik is, nemen de zelfreinigende oppervlakken vetspetters van het bakken, braden of grillen op en breken ze af.

Als de zelfreinigende oppervlakken zich tijdens het gebruik niet meer voldoende reinigen, warm de binnenruimte dan gericht op.

→ "Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte reinigen", Pagina 17

Koelventilator

De koelventilator schakelt tijdens gebruik automatisch in. De lucht ontsnapt via de deur.

LET OP!

Door het afdekken van de ventilatiesleuven raakt het apparaat oververhit.

Om het apparaat af te koelen en om restvocht uit het kookcompartiment te verwijderen, loopt de koelventilator na bedrijf nog een bepaalde tijd na.

Opmerking: U kunt de nalooptijd wijzigen in de basisinstellingen. Wanneer u vaak zeer vochtige gerechten bereidt of in het kookcompartiment warm houdt, dan stelt u een langere nalooptijd in.

→ "Basisinstellingen", Pagina 13

Apparaatdeur

Wanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik, wordt de werking voortgezet.

5 Accessoires

Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd.

Opmerking: Wanneer de accessoires heet worden, kunnen deze vervormen. De vervorming heeft geen invloed op de werking. De vervorming verdwijnt weer nadat de accessoires zijn afgekoeld.

De meegeleverde accessoires kunnen variëren, afhankelijk van het type apparaat.

AccessoiresGebruik
Rooster• Bakvormen
• Ovenschalen
• Servies
• Vlees, bijv. braad- of grillstukken
• Diepvriesgerechten
Braadslede• Vochtig gebak
• Gebak
• Brood
• Grote braadstukken
• Diepvriesgerechten
• Afdruipende vloeistof opvangen, bijv vet bij het grillen op het rooster.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)

Pagina 10

nl Voor het eerste gebruik

5.1 Vergrendelingsfunctie

De vergrendelingsfunctie voorkomt dat de accessoires kantelen wanneer ze worden uitgetrokken.

U kunt het accessoire tot ongeveer de helft uittrekken, tot deze vastklikt. De kantelbeveiliging functioneert alleen wanneer u het accessoire op de juiste manier in de binnenruimte schuift.

5.2 Accessoire in de binnenruimte schuiven

Het toebehoren altijd op de juiste manier in de binnenruimte schuiven. Alleen zo kan het accessoire zonder te kantelen tot ongeveer de helft worden uitgetrokken.

RoosterHet rooster met de open kant naar de apparaatdeur en de welving naar beneden in de oven schuiven.
Plaat bijv. braadslede of bakplaatDe plaat met de afschuining gericht naar de ovendeur in de oven schuiven.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)

Opmerking: Haal de accessoires die u niet nodig hebt bij het gebruik uit de binnenruimte.

Accessoires combineren

Om afdruipende vloeistof op te vangen, kunt u het rooster in combinatie met de braadslede gebruiken.

Rooster op braadslede

5.3 Meer accessoires

Meer accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, in speciaalzaken of op het internet.

U vindt een uitgebreid aanbod voor uw apparaat in onze folders of op internet:

siemens-home.bsh-group.com

Voor de verschillende apparaten zijn specifieke accessoires beschikbaar. Geef bij de aankoop altijd de precieze aanduiding (E-nr.) van uw apparaat op.

Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat, kunt u zien in de online-shop of navragen bij de klantenservice.

6 Voor het eerste gebruik

Stel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het apparaat en de accessoires.

6.1 Eerste gebruik

U moet instellingen voor de eerste ingebruikneming uitvoeren voordat u uw apparaat kunt gebruiken.

Tijd instellen

Na de aansluiting van het apparaat of na een stroomonderbreking knippert de tijd op het display. De tijd start bij 12:00 uur. Stel de actuele tijd in.

Vereiste: De functiekeuzeknop dient in de nulstand te staan.

6.2 Het apparaat reinigen voordat u het voor het eerst gebruikt

Voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met het apparaat dient u de binnenruimte en de accessoires te reinigen.

Verwarmingsme- 3D-hetelucht thode

Pagina 11

De Bediening in essentie nl

Temperatuurmaximaal
Tijdsduur1 uur

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)

7 De Bediening in essentie

7.1 Apparaat inschakelen

7.2 Verwarmingsmethode en temperatuur instellen

Tips

→ "Verwarmingsmethoden en functies", Pagina 7

→ "Tijdfuncties", Pagina 11

Verwarmingsmethode wijzigen

U kunt de verwarmingsmethode altijd wijzigen.

Temperatuur wijzigen

U kunt de temperatuur altijd wijzigen.

7.3 Machine uitschakelen

8 Snel voorverwarmen

Om tijd te besparen kunt u met de functie snel voorverwarmen de opwarmtijd verkorten.

8.1 Geschikte verwarmingsmethoden bij coolStart

coolStart kan bij ingestelde temperaturen boven 100°C de opwarmduur verkorten.

De meest geschikte verwarmingsmethoden zijn:

3D Hetelucht

8.2 Snel voorverwarmen instellen

Om een gelijkmatig bereidingsresultaat te krijgen, de gerechten pas na het snel voorverwarmen in de binnenruimte plaatsen.

9 Tijdfuncties

Uw apparaat beschikt over verschillende tijdfuncties waarmee u de werking kunt sturen.

9.1 Overzicht van de tijdfuncties

Met de knop kiest u de verschillende tijdfuncties.

TijdfunctieGebruik
WekkerDe wekker kunt u onafhankelijk van de werking instellen. Hij beïnvloedt het apparaat niet.
TijdsduurWanneer u voor de werking een tijdsduur instelt, houdt het apparaat na het verstrijken van de tijdsduur automatisch op met verwarmen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)

Pagina 12

nl Tijdfuncties

TijdfunctieGebruik
EindeVoor de duur kunt u een tijd instellen waarop de werking eindigt. Het apparaat start automatisch zodat de werking op de gewenste tijd klaar is.
TijdU kunt de tijd instellen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)

9.2 Timer instellen

De timer loopt onafhankelijk van de werking. U kunt de timer bij ingeschakeld en uitgeschakeld apparaat tot 23 uur en 59 minuten instellen. De timer heeft een eigen signaal, zodat u hoort of de timer of een tijdsduur eindigt.

KnopVoorgestelde waarde
5 minuten
10 minuten

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)

Tot 10 minuten kan de timertijd in stappen van 30 seconden worden ingesteld. Daarna worden de tijdstappen groter, naarmate de waarde hoger is.

‒ Druk op een willekeurige knop om de timer uit te schakelen.

Wekker wijzigen

U kunt de wekkertijd altijd wijzigen.

Vereiste: Op het display is gemarkeerd.

Wekker afbreken

U kunt de wekkertijd altijd afbreken.

Vereiste: Op het display is gemarkeerd.

9.3 Tijdsduur instellen

De tijdsduur voor de werking kunt u tot 23 uur en 59 minuten instellen.

Vereiste: Een verwarmingsmethode en een temperatuur of stand zijn ingesteld.

KnopVoorgestelde waarde
10 minuten
30 minuten

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)

De tijdsduur kan tot een uur worden ingesteld in stappen van een minuut, daarna in stappen van 5 minuten.

‒ Druk op een willekeurige knop om het signaal voortijdig te beëindigen.

‒ Om opnieuw een tijdsduur in te stellen, op de knop drukken.

‒ Als uw gerecht klaar is, het apparaat uitschakelen.

Tijdsduur wijzigen

U kunt de duur altijd wijzigen.

Vereiste: Op het display is gemarkeerd.

Tijdsduur afbreken

U kunt de duur altijd afbreken.

Vereiste: Op het display is gemarkeerd.

9.4 Einde instellen

Het tijdstip waarop de tijdsduur afloopt, kunt u tot 23 uur en 59 minuten verschuiven.

Opmerkingen

Vereisten

‒ Druk op een willekeurige knop om het signaal voortijdig te beëindigen.

‒ Om opnieuw een tijdsduur in te stellen, op de knop drukken.

‒ Als uw gerecht klaar is, het apparaat uitschakelen.

Pagina 13

Kinderslot nl

Einde wijzigen

Om een goed kookresultaat te verkrijgen, kunt u het ingestelde einde alleen wijzigen totdat de werking start en de tijdsduur verstrijkt.

Vereiste: Op het display is gemarkeerd.

Einde afbreken

U kunt het ingestelde einde altijd wissen. Vereiste: Op het display is gemarkeerd.

9.5 Tijd instellen

Na de aansluiting van het apparaat of na een stroomonderbreking knippert de tijd op het display. De tijd start bij 12:00 uur. Stel de actuele tijd in.

Vereiste: De functiekeuzeknop dient in de nulstand te staan.

10 Kinderslot

Beveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per ongeluk inschakelen of instellingen wijzigen.Opmerking: Na een stroomuitval is het kinderslot gedeactiveerd.
10.1 Kinderslot activeren10.2 Kinderslot deactiveren
Vereiste: De functiekeuzeknop staat op de nulstand .Vereiste: De functiekeuzeknop staat op de nulstand .
▶ Om het kinderslot te activeren, de toets ingedrukt houden tot op het display verschijnt.▶ Om het kinderslot te deactiveren, de toets ingedrukt houden tot op het display dooft.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)

11 Basisinstellingen

U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.

11.1 Overzicht van de basisinstellingen

Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksinstellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat.

IndicatieBasisinstellingKeuze
Indicatie van de tijd= tijdsweergave uit = tijd weergeven¹
Signaalduur na het verstrijken van een tijdsduur of wekkertijd= 10 seconden = 30 seconden¹ = 2 minuten
Toetssignaal bij het indrukken van een toets= uit = aan¹
Nalooptijd van de koelventilator= kort = gemiddeld = lang¹ = extra lang
Wachttijd totdat een instelling is overgenomen= 3 seconden¹ = 6 seconden = 10 seconden

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)

1 Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)

2 Alleen voor apparaattypen met stoomfunctie

Pagina 14

nl Programma's

IndicatieBasisinstellingKeuze
Kinderslot instelbaar= nee = ja¹
Waterhardheid²= onthard = zacht (tot 1,5 mmol/l) = gemiddeld (1,5 - 2,5 mmol/l) = hard (2,5 - 3,8 mmol/l) = zeer hard (> 3,8 mmol/l)¹

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)

1 Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)

2 Alleen voor apparaattypen met stoomfunctie

11.2 Basisinstelling wijzigen

Vereiste: Het apparaat is uitgeschakeld.

Opmerking: Na een stroomonderbreking worden de basisinstellingen naar de fabrieksinstelling teruggezet.

11.3 Basisinstellingen annuleren

12 Programma's

Met de programma's helpt u uw apparaat bij de bereiding van verschillende gerechten en kiest u automatisch de optimale instellingen.

12.1 Vormen voor programma's

Gebruik een hittebestendige vorm, die geschikt is voor temperaturen tot 300°C.

Vormen van glas of glaskeramiek zijn het meest geschikt. Het vlees moet de bodem van de vorm voor ca. 2/3 bedekken.

Vormen van het volgende materiaal zijn niet geschikt: licht gekleurd, glanzend aluminium

12.2 Instellingen bij programma's

Het apparaat kiest het optimale verwarmingstype, de temperatuur en de tijdsduur.

Om een optimaal kookresultaat te behalen, hoeft u slechts het gewicht van uw gerecht in te stellen. Opmerking: Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen. Gebruik verse levensmiddelen, het best op koelkasttemperatuur.

12.3 Programmatabel

De programmanummers zijn aan bepaalde gerechten toegewezen. Het gewicht kan in een bereik tussen 0,5 kg en 2,5 kg worden ingesteld.

Nr.GerechtVormenInstelgewichtVloeistof toevoegenInschuif-hoogteAanwijzingen
01Kip, ongevuld panklaar, gekruidBraadpan met glazen dekselGewicht kipnee2met de borst naar boven in de vorm leggen
02Kalkoenfilet van het stuk, gekruidBraadpan met glazen dekselGewicht kalkoenfiletBodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)

Pagina 15

Programma's nl

Nr.GerechtVormenInstelgewichtVloeistof toevoegenInschuif-hoogteAanwijzingen
03Eenpansgerecht, met groente vegetarischhoge braadpan met dekselTotaalgewichtvolgens recept2Groente met een lange bereidingstijd (bijv. wortelen) in kleinere stukken snijden dan groente met een korte bereidingstijd (bijv. tomaten)
04Goulash
Rund- of varkensvlees in blokjes, met groente
hoge braadpan met dekselTotaalgewichtvolgens recept2Eerst het vlees erin doen en daarop de groente leggen Het vlees niet eerst aanbraden
05Gebraden gehakt, vers
Gehakt van rund-, varkens- of lamsvlees
Braadpan met dekselGewicht gehaktnee2-
06Gestoofd rundvlees bijv. klapstuk, schouderstuk, fricandeau of gemarineerd vleesBraadpan met dekselGewicht van het vleesVlees met vloeistof bedekken2Het vlees niet eerst aanbraden
07Runderrollade gevuld met groente of vleesBraadpan met dekselGewicht van alle gevulde rolladesVleesrolletjes bedekken bijv. met bouillon of water2Het vlees niet eerst aanbraden
08Lamsbout, doorbakken zonder been, gekruidBraadpan met dekselGewicht van het vleesBodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
09Gebraden kalfsvlees, mager bijv. lendestuk of fricandeauBraadpan met dekselGewicht van het vleesBodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
10Gebraden varkensnek zonder been, gekruidBraadpan met glazen dekselGewicht van het vleesBodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)

12.4 Gerecht voor programma voorbereiden

Gebruik verse levensmiddelen, het best op koelkasttemperatuur.

Het gewicht van het gerecht is nodig om het programma juist in te stellen.

Plaats de vorm altijd in de onverwarmde binnenruimte.

12.5 Programma instellen

Het apparaat kiest het optimale verwarmingstype, de temperatuur en de tijdsduur. U hoeft alleen het gewicht in te stellen.

Opmerkingen

Pagina 16

nl Reiniging en onderhoud

‒ Het display toont de berekende tijdsduur. De tijdsduur kan niet worden gewijzigd.

‒ Bij sommige programma's kan het einde met de toets worden verschoven.

‒ Om het programma te wijzigen, op de toets drukken.

‒ Druk op een willekeurige knop om het signaal voortijdig te beëindigen.

‒ Om een duur voor het nagaren in te stellen, op de toets drukken. Het apparaat warmt verder op met de instelling van het programma. ‒ Als uw gerecht klaar is, het apparaat uitschakelen.

13 Reiniging en onderhoud

13.1 Reinigingsmiddelen

Gebruik om de verschillende oppervlakken van het apparaat niet te beschadigen geen ongeschikte reinigingsmiddelen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.

LET OP!

Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.

Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.

Nieuwe vaatdoekjes bevatten resten van de productie.

13.2 Geschikte schoonmaakmiddelen

Gebruik alleen geschikte reinigingsmiddelen voor de verschillende oppervlakken van uw apparaat.

Houd de handleiding aan bij het reinigen van het apparaat.

Voorzijde van het apparaat

OppervlakGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
RVS• Warm zeepsop
• Speciale RVS-onderhoudsmiddelen voor warme oppervlakken
Verwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken op roestvaststalen oppervlakken onmiddellijk om corrosie te vermijden.
Verzorgingsmiddel voor roestvaststaal dun aanbrengen.
Kunststof of gelakte oppervlakken bijv. bedieningspaneel• Warm zeepsopGebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat.
Glas• Warm zeepsopGeen glasschraper gebruiken.
Apparaatdeur
GedeelteGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
Ruiten van de deur• Warm zeepsop
• Inox Schuurspons
Geen glasschraper gebruiken.
Tip: Voor een grondige reiniging de deurruiten demonteren. → "Apparaatdeur", Pagina 18

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)

← pagina 2verder op pagina 17 →Inhoud