Siemens HQ574AER3, tekst van de handleiding
Pagina's 16–29 van 36 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 3–15verder op pagina 30 →
Pagina 16
nl Bereiding met stoom
12.4 Gerecht voor programma voorbereiden
- 1. Het gerecht wegen.
Het gewicht van het gerecht is nodig om het programma juist in te stellen.
- 2. Het gerecht in de vorm doen.
- 3. De vorm op het rooster plaatsen.
Plaats de vorm altijd in de onverwarmde binnenruimte.
12.5 Programma instellen
Het apparaat kiest het optimale verwarmingstype, de temperatuur en de tijdsduur. U hoeft alleen het gewicht in te stellen.
Opmerkingen
Het gewicht kunt u alleen in het daarvoor bestemde bereik instellen.
Na de programmastart kunt u het programma en het gewicht niet meer wijzigen.
- 1. Programma's met de functiekeuzeknop instellen.
- 2. Het gewenste programma met de toets of instellen.
- 3. Op de toets drukken.
- 4. Het gewicht van uw gerecht met de toets of instellen. Altijd op het volgende hogere gewicht instellen.
- Het display toont de berekende tijdsduur. De tijdsduur kan niet worden gewijzigd.
- Bij sommige programma's kan het einde met de toets worden verschoven.
- Om het programma te wijzigen, op de toets drukken.
Na enkele seconden start het programma en de tijdsduur loopt af.
Wanneer het programma is beëindigd, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.
- 5. Wanneer het programma is beëindigd:
- Druk op een willekeurige knop om het signaal voortijdig te beëindigen.
- Om een duur voor het nagaren in te stellen, op de toets drukken. Het apparaat warmt verder op met de instelling van het programma.
- Als uw gerecht klaar is, het apparaat uitschakelen.
13 Bereiding met stoom
Bij het bereiden met stoom ontstaat stoom in het kookcompartiment. Hierdoor krijgt het gerecht een knapperige korst en een glanzend oppervlak. Het product wordt van binnen zacht en mals en reduceert het volume slechts minimaal.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik van het apparaat bereikt het waterreservoir hoge temperaturen.
- Het waterreservoir tijdens het gebruik nooit verwijderen.
- Het waterreservoir pas verwijderen als het is afgekoeld.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verbranding!
Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.
- Apparaatdeur voorzichtig openen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
LET OP
Alleen het waterreservoir gebruiken dat bij het apparaat wordt geleverd.
- Het reservoir nooit vullen tijdens het bereiden. Het waterreservoir alleen gebruiken om te koken met stoom.
- Voordat u andere functies gebruikt, eerst het waterreservoir verwijderen.
- Gebruik geen harde, metalen of scherpe voorwerpen of agressieve reinigingsmiddelen.
13.1 Voor elk gebruik met stoom
Zorg er voor elk gebruik met stoom voor dat het apparaat voldoende water heeft.
Waterschaal plaatsen
- 1. Plaats de waterschaal op de bodem in het midden van de kookcompartiment.
- 2. De waterschaal voldoende vullen.
De markeringen op de rand van de waterschaal geven de waterhoeveelheid aan:
- 100 ml
- 150 ml
- 200 ml
Opmerking: max. 250 ml
Informatie over de passende waterhoeveelheden bij de stoomfunctie vindt u in hoofdstuk .
"Zo lukt het", Pagina 27
13.2 Stoomtoevoer instellen
Vereisten
De binnenruimte is koud.
De waterschaal is gevuld en in het kookcompartiment geplaatst.
"Voor elk gebruik met stoom", Pagina 16
- 1. Hete lucht stoom met de functiekeuzeknop instellen.
- 2. De gewenste temperatuur met de temperatuurknop instellen.
Om een optimale stoomopwekking te waarborgen, een temperatuur van meer dan 100°C instellen. Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen.
- 3. Schakel het apparaat uit wanneer uw gerecht klaar is.
- 4. Droog de binnenruimte.
"Na elk gebruik met stoom", Pagina 16
13.3 Na elk gebruik met stoom
Droog het apparaat na elk gebruik met stoom.
Pagina 17
Reiniging en onderhoud nl
Opmerking: Neem de informatie over de reiniging in acht.
"Reiniging en onderhoud", Pagina 17
Binnenruimte drogen
Vereiste: Het apparaat is afgekoeld.
- 1. De waterschaal uit het kookcompartiment nemen en met een zachte doek reinigen.
- 2. De kookcompartiment drogen met een spons of zachte doek.
- 3. Eventuele kalkvlekken met een in azijn gedrenkte doek verwijderen, met schoon water afnemen en drogen met een zachte doek.
14 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
14.1 Reinigingsmiddelen
Gebruik om de verschillende oppervlakken van het apparaat niet te beschadigen geen ongeschikte reinigingsmiddelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
LET OP
Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen harde schuursponsjes of afwassponsjes gebruiken.
- Geen speciale reinigingsmiddelen gebruiken voor de warmtereiniging.
Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.
- Gebruik nooit ovenreiniger in de warme binnenruimte.
- Vóór het opnieuw opwarmen de resten uit de binnenruimte en van de apparaatdeur volledig verwijderen. Nieuwe vaatdoekjes bevatten resten van de productie.
- Nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen.
14.2 Geschikte schoonmaakmiddelen
Gebruik alleen geschikte reinigingsmiddelen voor de verschillende oppervlakken van uw apparaat. Houd de handleiding aan bij het reinigen van het apparaat.
Voorzijde van het apparaat
| Oppervlak | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
|---|---|---|
| RVS | Warm zeepsop Speciale RVS-onderhoudsmiddelen voor warme oppervlakken | Verwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken op roestvaststalen oppervlakken onmiddellijk om corrosie te vermijden. Verzorgingsmiddel voor roestvrij staal dun aanbrengen. |
| Kunststof of gelakte oppervlakken bijv. bedieningspaneel | Warm zeepsop | Gebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat. |
| Apparaatdeur | ||
| Gebied | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
| Ruiten van de deur | Warm zeepsop RVS-spiraalspons | Gebruik geen schraper voor vitrokeramische kookplaat. Tip: Voor een grondige reiniging de deurruiten demonteren. "Apparaatdeur", Pagina 20 |
| Deurafscherming | Van roestvaststaal: RVS-reiniger van kunststof: Warm zeepsop | Gebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat. Tip: Voor een grondige reiniging de deurafscherming verwijderen. "Apparaatdeur", Pagina 20 |
| Deurgreep | Warm zeepsop | Om vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel direct van de deurgreep verwijderen. |
Pagina 18
nl Reiniging en onderhoud
Binnenruimte
| Gebied | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
|---|---|---|
| Emaille oppervlakken | Warm zeepsop Azijnwater Ovenreiniger RVS-spiraalspons | Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of RVS-spiraalspons gebruiken. Laat om de binnenruimte na het reinigen te drogen de deur van het apparaat open. Tip: Gebruik bij voorkeur de reinigingsfunctie. "Zelfreiniging", Pagina 19 Opmerkingen Email wordt bij zeer hoge temperaturen ingebrand, waardoor er kleine kleurverschillen ontstaan. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd en kunnen ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact. Door resten van levensmiddelen ontstaat er een witte afzetting op de emaille oppervlakken. Deze aanslag is niet schadelijk voor de gezondheid. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. U kunt de aanslag met citroenzuur verwijderen. |
| Glazen kapje van de ovenlamp | Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging ovenreiniger. |
| Rekjes | Warm zeepsop Inox schuurspons | Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of inox schuurspons gebruiken. Tip: Voor het reinigen de rekjes verwijderen. "Rekjes", Pagina 24 |
| Uittreksysteem | Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel. Om het smeervet niet te verwijderen, kunt u de telescooprails het beste in ingeschoven toestand reinigen. Niet in de vaatwasser reinigen. Tip: Voor het reinigen het telescoopsysteem verwijderen. "Rekjes", Pagina 24 |
| Toebehoren | Warm zeepsop Ovenreiniger RVS-spiraalspons | Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of inox schuurspons gebruiken. Geëmailleerde accessoires kunnen in de vaatwasser worden gedaan. |
| Waterschaal | Warm zeepsop | Met een zachte doek wassen en drogen. De waterschaal is geschikt voor de vaatwasser. Gebruik geen harde, metalen of scherpe voorwerpen of agressieve reinigingsmiddelen. "Bereiding met stoom", Pagina 16 Opmerking: Veeg kalkvlekken weg met een zachte doek en azijnwater. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
14.3 Apparaat schoonmaken
Reinig om beschadiging van het apparaat te voorkomen het apparaat uitsluitend zoals aangegeven en met geschikte reinigingsmiddelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.
- Het apparaat voor het schoonmaken laten afkoelen.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.
- Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging.
Vereiste: Houd de aanwijzingen voor het gebruik van de reinigingsmiddelen aan.
"Reinigingsmiddelen", Pagina 17
- 1. Het apparaat met heet zeepsop en een schoonmaakdoekje reinigen.
- Voor sommige oppervlakken kunt u alternatieve reinigingsmiddelen gebruiken.
"Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 17 "Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 17
- 2. Drogen met een zachte doek.
Pagina 19
Zelfreiniging nl
15 Zelfreiniging
Met de reinigingsfunctie Zelfreiniging reinigt de binnenruimte zich vrijwel zelfstandig.
Reinig de binnenruimte om de 2 tot 3 maanden met de reinigingsfunctie. U kunt de reinigingsfunctie desgewenst vaker gebruiken.
De reinigingsfunctie heeft ca. 2,5 - 4,8 kilowattuur nodig.
15.1 Apparaat voor de reinigingsfunctie voorbereiden
Om een goed reinigingsresultaat te verkrijgen, dient u het apparaat zorgvuldig voor te bereiden.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
In de binnenruimte bewaarde brandbare voorwerpen kunnen vlam vatten.
- Bewaar nooit brandbare materialen in de binnenruimte.
- Wanneer er rook wordt geproduceerd moet het apparaat worden uitgeschakeld of de stekker uit het stopcontact worden gehaald en moet de deur gesloten worden gehouden om eventueel optredende vlammen te doven.
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen tijdens de reiniging vlam vatten.
- Verwijder altijd de grove verontreiniging uit de binnenruimte voordat de reiniging start.
- Toebehoren nooit meereinigen.
De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit brandbare voorwerpen, zoals bijv. droogdoeken, aan de deurgreep hangen.
- Voorkant van het apparaat vrijhouden.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Bij beschadigde deurafdichting ontsnapt grote hitte in het bereik van de deur.
- De dichting niet schuren en niet afnemen.
- Nooit het apparaat met beschadigde afdichting of zonder afdichting gebruiken.
- 1. Haal de accessoires en vormen uit de binnenruimte.
- 2. De rekjes losmaken en uit de binnenruimte nemen. "Rekjes", Pagina 24
- 3. Verwijder grove verontreiniging uit de binnenruimte. Grove verontreinigingen kunnen inbranden en daardoor alleen nog met moeite worden verwijderd.
- 4. De binnenkant van de apparaatdeur en de randoppervlakken bij de deurafdichting met zeepsop en een zachte doek reinigen.
De deurafdichting niet verwijderen en niet schuren. Verwijder sterke verontreinigingen op de binnenruit met ovenreiniger.
- 5. Voorwerpen uit de binnenruimte halen. De binnenruimte moet leeg zijn.
15.2 Reinigingsfunctie instellen
Ventileer de keuken zolang de reinigingsfunctie actief is.
WAARSCHUWING ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!
De reinigingsfunctie warmt de binnenruimte tot een heel hoge temperatuur op zodat resten van braden, grillen
en bakken verbranden. Hierbij komen dampen vrij die tot irritaties van de slijmvliezen kunnen leiden.
- Tijdens de reinigingsfunctie de keuken grondig ventileren.
- Niet gedurende langere tijd in de ruimte verblijven.
- Kinderen en huisdieren uit de buurt houden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De binnenruimte wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit de apparaatdeur openen.
- Het apparaat laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit de apparaatdeur aanraken.
- Het apparaat laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Opmerking: De ovenlamp brandt niet tijdens de reinigingsfunctie.
Vereiste:
"Apparaat voor de reinigingsfunctie voorbereiden", Pagina 19
- 1. Zelfreiniging met de functiekeuzeknop instellen.
- 2. De reinigingsstand met de temperatuurkeuzeknop instellen.
| Reinigingsgraad | Mate van reiniging | Tijdsduur in uren |
|---|---|---|
| 1 | Licht | Ca. 1:15 |
| 2 | Gemiddeld | Ca. 1:30 |
| 3 | Hoog | Ca. 2:00 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
Bij sterkere of oudere verontreiniging een hogere reinigingsstand kiezen.
De tijdsduur kan niet worden gewijzigd.
Na enkele seconden start de reinigingsfunctie en de tijdsduur verstrijkt.
Voor uw veiligheid vergrendelt de apparaatdeur van de binnenruimte vanaf een bepaalde temperatuur. Op het display verschijnt .
Als de reinigingsfunctie is beëindigd, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.
- 3. Het apparaat uitschakelen.
Als het apparaat voldoende is afgekoeld, ontgrendelt de apparaatdeur en gaat uit.
- 4. "Apparaat na de reinigingsfunctie gebruiksklaar maken", Pagina 19
15.3 Apparaat na de reinigingsfunctie gebruiksklaar maken
- 1. Laat het apparaat afkoelen.
- 2. Achtergebleven as in het kookcompartiment en bij de apparaatdeur verwijderen.
"Reiniging en onderhoud", Pagina 17
- 3. Witte aanslag met citroenzuur verwijderen.
Opmerking: Witte aanslag op de emaille vlakken kan door te grove verontreinigingen ontstaan. Deze levensmiddelresten zijn ongevaarlijk. De aanslag heeft
Pagina 20
nl humidClean
geen nadelige invloed op de werking van het apparaat.
- 4. De rekjes inhangen. "Rekjes", Pagina 24
16 humidClean
De humidClean is een snel alternatief voor het tussendoor reinigen van het kookcompartiment. De reinigingsondersteuning weekt verontreinigingen door het verdampen van zeepsop in. Verontreinigingen kunnen vervolgens gemakkelijker worden verwijderd.
16.1 Reinigingsondersteuning instellen
Ventileer de keuken zolang de reinigingsfunctie actief is.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verbranding!
Door water in de hete binnenruimte kan hete waterdamp ontstaan.
- Nooit water in de hete binnenruimte gieten.
Vereiste: De binnenruimte is volledig afgekoeld.
- 1. De accessoires uit de binnenruimte verwijderen.
- 2. 0,4 l water met een druppel afwasmiddel mengen en in het midden op de bodem van de binnenruimte gieten. Sluit de deur van het apparaat.
Gebruik geen gedestilleerd water.
- 3. De verwarmingsmethode Onderwarmte met de functiekeuzeknop instellen.
- 4. 80°C met de temperatuurknop instellen.
- 5. Net zo vaak op de knop drukken totdat op het display is gemarkeerd.
- 6. De tijdsduur met de knop of op 4 minuten instellen.
Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen en de duur verstrijkt.
Als de tijdsduur verstreken is, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.
- 7. Het apparaat uitschakelen en het kookcompartiment ca. 20 minuten laten afkoelen.
16.2 Binnenruimte na de reinigingsondersteuning reinigen
LET OP
Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.
- Na de reinigingsondersteuning de binnenruimte uitvegen en volledig laten drogen.
Vereiste: De binnenruimte is afgekoeld.
- 1. Het resterende water in de binnenruimte met een goed opnemende sponsdoek opnemen.
- 2. Reinig gladde emailoppervlakken in de binnenruimte met een schoonmaakdoekje of zachte borstel. Verwijder hardnekkige resten met een schuursponsje van roestvrij staal.
- 3. Verwijder kalkranden met een in azijn gedrenkte doek en daarna met schoon water afnemen.
- 4. De binnenruimte drogen met een zachte doek.
- 5. Als de binnenruimte voldoende is gereinigd:
- Om het kookcompartiment snel te drogen, het apparaat bij geopende deur ca. 5 minuten met 3D Hetelucht en 50°C verwarmen.
17 Apparaatdeur
Om de apparaatdeur grondig te reinigen, kunt u de apparaatdeur demonteren.
Opmerking: Meer informatie:
17.1 Apparaatdeur verwijderen
Opmerking: Al naar gelang het apparaattype zijn de deurgrepen verschillend.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
Wanneer de scharnieren niet beveiligd zijn, kunnen ze met grote kracht dichtklappen.
- Let erop dat de blokkeerhendels altijd helemaal dichtgeklapt zijn, resp. bij het verwijderen van de apparaatdeur helemaal opengeklapt.
- 1. De apparaatdeur helemaal openen .
- 2. De blokkeerhendel op het linker en rechter scharnier opklappen.
Blokkeerhendel opgeklapt
Pagina 21
Apparaatdeur nl
Het scharnier is beveiligd en kan niet dichtklappen.
Blokkeerhendel dichtgeklapt
De apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd.
De vastzethendels zijn opgeklapt. De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen.
- 3. Sluit de apparaatdeur tot de aanslag . De apparaatdeur met beide handen links en rechts vastpakken en er naar boven uit trekken .
- 4. De apparaatdeur voorzichtig op een vlakke ondergrond leggen.
17.2 Apparaatdeur inhangen
- 1. WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Opmerking: Let erop dat u de apparaatdeur zonder weerstand op de scharnieren schuift.
- 2. Schuif de apparaatdeur met beide handen tot de aanslag.
- 3. De apparaatdeur helemaal openen.
- 4. De blokkeerhendel op linker en rechter scharnier dichtklappen.
De vastzethendels zijn dichtgeklapt. De apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd.
- 5. Sluit de deur van het apparaat.
17.3 Deurruiten verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
Opmerking: Al naar gelang het apparaattype heeft het apparaat een metalen strip die kan worden opengeklapt.
- 1. De apparaatdeur helemaal openen.
- 2. De blokkeerhendel op het linker en rechter scharnier opklappen
De vastzethendels zijn opgeklapt. De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen.
- 3. Sluit de apparaatdeur tot de aanslag.
Pagina 22
nl Apparaatdeur
- 4. Druk op het linker en rechter drukvlak , totdat het hoorbaar klikt.
- 5. Schuif de twee schuifkappen in de richting van de pijl naar boven .
- 6. De binnenruit schuin naar boven er uit trekken en voorzichtig op een vlakke ondergrond leggen.
- 7. Al naar gelang het apparaattype de linker en rechter metalen strip in de richting van de pijl open klappen .
- 8. De eerste en tweede binnenruit schuin naar boven er uit trekken en voorzichtig op een vlakke ondergrond leggen.
- 9. WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.
- Gebruik geen scherp of schurend reinigingsmiddel of scherpe metalen schraper voor het reinigen van het glas van de ovendeur omdat dit het oppervlak kan beschadigen.
De gedemonteerde ruiten van beide zijden met glasreiniger en een zachte doek reinigen.
- 10. De apparaatdeur reinigen.
- 11. De deurruiten drogen en weer inbouwen.
Opmerking: Tijdens de reinigingsfunctie verkleurt de binnenlijst van de apparaatdeur of andere delen van RVS van de apparaatdeur. Deze verkleuringen hebben geen nadelige invloed op de werking van het apparaat. De verkleuringen kunnen met een reinigingsmiddel voor RVS worden verwijderd.
17.4 Deurruiten inbouwen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
Opmerking
Al naar gelang het apparaattype heeft het apparaat een metalen strip om dicht te klappen, of twee verschillende tussenruiten.
De tussenruiten zijn met een driehoeksymbool gemarkeerd.
Eerst de tussenruit met een niet gevulde driehoek inbouwen, daarna de tussenruit met een gevulde driehoek .
Pagina 23
Apparaatdeur nl
Let er bij de tussenruiten op dat de pijl zich linksboven bevindt.
- 1. De eerste tussenruit in de onderste houder schuiven en aan de bovenkant aanleggen.
De tussenruit positioneert zich automatisch door de draaibeweging van de afstandshouder.
- 2. De tweede tussenruit in de middelste houder schuiven en boven aanleggen.
- 3. Al naar gelang het apparaattype de metalen strip links en rechts dichtklappen. .
- 4. De binnenste ruit onder in de houder schuiven en boven aanleggen.
De tekst "Pyro" moet boven, zoals in de afbeelding, leesbaar zijn.
- 5. De binnenste ruit boven aandrukken . Schuif twee schuifkappen in de richting van de pijl naar beneden.
- 6. De apparaatdeur helemaal openen.
Pagina 24
nl Rekjes
- 7. De blokkeerhendel op linker en rechter scharnier dichtklappen
- 8. Sluit de deur van het apparaat.
Opmerking: De binnenruimte pas gebruiken wanneer de ruiten naar behoren zijn ingebouwd.
18 Rekjes
Om de rekjes en de binnenruimte te reinigen of om de rekjes te wisselen, kunnen deze worden verwijderd.
18.1 Rekjes verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De rekjes worden heel heet
- Nooit de hete rekjes aanraken.
- Het apparaat altijd laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- 1. Het rekje aan de voorkant licht optillen en losmaken .
- 2. Het rekje naar voren trekken en verwijderen.
- 3. Het rekje reinigen.
"Reinigingsmiddelen", Pagina 17
18.2 Rekjes inhangen
Opmerkingen
De rekjes passen alleen links of rechts.
Let er bij beide telescooprails op dat deze naar voren uitgeschoven kunnen worden.
- 1. Het rekje in het midden van de achterste bus steken , tot het rekje aansluit op de wand van de binnenruimte en naar achteren drukken .
- 2. Het rekje in de voorste bus steken , tot het rekje aansluit op de wand van de binnenruimte en vervolgens naar beneden duwen .
19 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
"Servicedienst", Pagina 26
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
Pagina 25
Storingen verhelpen nl
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door een speciale netaansluitkabel of speciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de fabrikant of de klantenservice.
- Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
19.1 Functiestoringen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat werkt niet. | De zekering in de zekeringenkast is in werking getreden. ▸ Controleer de zekering in de meterkast. |
| Stroomvoorziening is uitgevallen. ▸ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. | |
| Fout van het elektronische systeem 1. Koppel het apparaat minimaal 30 seconden los van het elektriciteitsnet, door de zekering uit te schakelen. 2. Reset de basisinstellingen naar de fabrieksinstellingen. "Basisinstelingen", Pagina 13 | |
| Het apparaat warmt niet op, op het display knippert de dubbele punt. | Demomodus is geactiveerd. 1. Haal de stroom kortstondig van het apparaat door de zekering in de meterkast uit en opnieuw in te schakelen. 2. Deactiveer de demomodus binnen 5 minuten door de basisinstelling in de waarde te wijzigen. "Basisinstelingen", Pagina 13 |
| Apparaatdeur kan niet worden geopend, op het display brandt . | Kinderslot vergrendelt de apparaatdeur. ▸ Deactiveer het kinderslot met de toets . "Kinderslot", Pagina 13 |
| Apparaatdeur kan niet worden geopend, op het display brandt . | Reinigingsfunctie vergrendelt de apparaatdeur. ▸ Het apparaat laten afkoelen tot op het display uitgaat. |
| Op het display brandt en het apparaat kan niet worden ingesteld. | Kinderslot is geactiveerd. ▸ Deactiveer het kinderslot met de toets . "Kinderslot", Pagina 13 |
| Op het display knippert en het apparaat start niet. | Binnenruimte is te heet voor de gekozen modus. 1. Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen. 2. Start de werking opnieuw. |
| Op het display verschijnt . | Maximale gebruiksduur is bereikt. Om een ongewilde permanente werking te vermijden, stopt het apparaat na meerdere uren automatisch met op te warmen als de instellingen onveranderd zijn. ▸ Schakel het apparaat uit. U kunt zo nodig opnieuw instellen. Tip: Om te voorkomen dat het apparaat ongewenst uitschakelt, bijv. bij zeer lange bereidingstijden, kunt u een tijdsduur instellen. "Tijdfuncties", Pagina 12 |
| Op het display verschijnt een melding met , bijv. - . | Elektronicastoring 1. Druk op de toets . ▸ Indien nodig stelt u de tijd opnieuw in. Als de storing eenmalig was, verdwijnt de foutmelding. 2. Als de foutmelding opnieuw verschijnt, neemt u contact op met de servicedienst. Geef de exacte foutmelding en het E-nr. van uw apparaat op. "Servicedienst", Pagina 26 |
| Bereidingsresultaat is niet bevredigend. | Instellingen waren niet geschikt. Instelwaarden, bijv. temperatuur of tijdsduur, zijn van recept-, hoeveelheid- en levensmiddel-afhankelijk. ▸ Stel de volgende keer lagere of hogere waarden in. |
Pagina 26
nl Afvoeren
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Resultaat van de reinigingsfunctie is niet naar tevredenheid. | Kookcompartiment was te sterk verontreinigd. ▸ Verwijder grove verontreinigingen vóór het uitvoeren van de reinigingsfunctie uit het kookcompartiment. ▸ Let op de reiniging en het onderhoud van uw apparaat. "Reiniging en onderhoud", Pagina 17 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
19.2 Ovenlamp vervangen
Wanneer de verlichting in de oven is uitgevallen, vervang dan de ovenlamp.
Opmerking: Hittebestendige 230V-halogeenlampen, 40 - 43 watt, kunt u verkrijgen bij de servicedienst of in speciaalzaken. Gebruik alleen deze lampen. Pak nieuwe halogeenlampen alleen met een schone, droge doek vast. Hierdoor wordt de levensduur van de lamp verlengd.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.
- Wees voorzichtig om het aanraken van verwarmingselementen te voorkomen.
- Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Bij vervanging van de lamp staan de contacten van de lampfitting onder spanning.
- Zorg er vóór het vervangen van de lamp voor dat het apparaat is uitgeschakeld, om een mogelijke elektrische schok te voorkomen.
- Tevens de stekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
De glazen afdekking kan door externe invloeden reeds gebroken zijn of bij inbouw of uitbouw door te veel druk breken.
- Wees voorzichtig bij het inbouwen of uitbouwen van de glazen afdekking.
- Gebruik handschoenen of een theedoek.
Vereisten
Het apparaat moet zijn losgekoppeld van het elektriciteitsnet.
De binnenruimte is afgekoeld.
Een nieuwe halogeenlamp ter vervanging is beschikbaar.
- 1. Leg een theedoek in de binnenruimte om beschadiging te voorkomen.
- 2. Draai het glazen kapje er naar links uit .
- 3. Trek de halogeenlamp zonder deze te draaien er uit .
- 4. Plaats de nieuwe halogeenlamp en duw deze stevig in de fitting.
Let op de stand van de pinnen van de halogeenlamp.
- 5. Afhankelijk van het type apparaat is het glazen kapje voorzien van een afdichtring. De afdichtring plaatsen.
- 6. Het glazen kapje erin schroeven.
- 7. Verwijder de theedoek uit de binnenruimte.
- 8. Sluit het apparaat aan op het elektriciteitsnet.
20 Afvoeren
20.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
- 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- 2. Het netsnoer doorknippen.
- 3. Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
21 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen
26
van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Daarnaast kunt u bij onze klantenservice andere functierelevante en op voorraad liggende originele reserveon-
Pagina 27
Zo lukt het nl
derdelen verkrijgen tot 15 jaar na het op de markt brengen van uw apparaat.
Voor meer informatie kunt u met onze klantenservice contact opnemen.
Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QRcode op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenservice, uw dealer of op onze website.
De contactgegevens van de klantenservice vindt u via de QR-code op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze website.
Dit product bevat lichtbronnen van energieklasse G. De informatie conform verordening (EU) 65/2014, (EU) 66/2014 en (EU) 2023/826 vindt u online op siemenshome.bsh-group.com op de productpagina en de servicepagina van uw apparaat bij de gebruiksaanwijzingen en aanvullende documenten.
21.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) nodig. Deze nummers vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de apparaatdeur opent.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
22 Zo lukt het
Voor verschillende gerechten vindt u hier de bijpassende instellingen alsmede de beste accessoires en vormen. Wij hebben het advies optimaal op uw apparaat afgestemd.
22.1 Algemene aanwijzingen voor de bereiding
Houd deze informatie aan bij het bereiden van alle gerechten.
Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de hoeveelheid en het recept. Daarom zijn instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden.
De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst. Wanneer u toch wilt voorverwarmen, schuif de accessoire dan pas na het voorverwarmen in de binnenruimte. Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruimte.
LET OP
Zuurhoudende levensmiddelen kunnen het rooster beschadigen
- Leg zuurhoudende levensmiddelen zoals bijv. fruit of met zuurhoudende marinade gekruide grillproducten niet direct op het rooster.
Instructie voor mensen met nikkelallergie
In zeldzame gevallen kunnen geringe sporen van nikkel worden overgedragen aan levensmiddelen.
Geschikte accessoires kunt u bij de klantenservice, in de vakhandel of op het internet kopen.
"Meer accessoires", Pagina 10
22.2 Aanwijzingen voor het bakken
Gebruik bij het bakken de aangegeven inschuifhoogtes.
| Bakken op één niveau | Hoogte |
|---|---|
| hoog gebak of vorm op het rooster | 2 |
| plat gebak resp. op bakplaat | 3 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
| Bakken op twee niveaus | Hoogte |
|---|---|
| Braadslede | 3 |
| Bakplaat | 1 |
| Vormen op het rooster: | Hoogte |
| eerste rooster | 3 |
| tweede rooster | 1 |
| Bakken op drie niveaus | Hoogte |
| Bakplaat | 5 |
| Braadslede | 3 |
| Bakplaat | 1 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
Opmerkingen
Gebruik voor het bakken op meerdere niveaus hete lucht. Gebak dat gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeft niet op hetzelfde moment klaar te zijn. Plaats de vormen naast elkaar of verspringend boven elkaar in de binnenruimte.
Voor een optimaal bereidingsresultaat raden wij u aan donkere bakvormen van metaal te gebruiken.
22.3 Aanwijzingen voor het braden en grillen
De instelwaarden gelden voor ongevuld vlees, braadklaar gevogelte en vlees en vis op koelkasttemperatuur, die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst.
Hoe groter het gevogelte, het vlees of de vis, des te lager de temperatuur en des te langer de bereidingstijd.
Keer gevogelte, vlees en vis na ca. 1/2 tot 2/3 van de opgegeven tijd.
Let er bij het keren van gevogelte op dat eerst de borstzijde resp. de kant van het vel onder ligt.
Braden en grillen op het rooster
Het braden op het rooster is bijzonder geschikt voor groot gevogelte of meerdere stukken tegelijk
Giet afhankelijk van de grootte en het soort product tot 1/2 liter water in de braadslede.
Pagina 28
nl Zo lukt het
Van dit opgevangen braadvocht kunt u een saus bereiden. Er ontstaat dan ook minder rook en de binnenruimte wordt minder verontreinigd.
Laat de deur van het apparaat tijdens het grillen gesloten.
Nooit met een geopende apparaatdeur grillen. Leg het te grillen stuk op het rooster. Plaats bovendien de braadslede, met de schuine kant naar de apparaatdeur, ten minste één inschuifhoogte eronder. Zo wordt afdruipend vet opgevangen.
Braden in vormen
Bij de bereiding in gesloten vormen blijft de binnenruimte schoner.
Houd de aanwijzingen van de fabrikant van de braadvorm aan. Vormen van glas zijn het meest geschikt.
Open vorm
Gebruik een hoge braadvorm.
De vorm op het rooster plaatsen.
Wanneer u geen geschikte vorm heeft, kunt u de braadslede gebruiken.
Gesloten vorm
De vorm op het rooster plaatsen.
Vlees, gevogelte en vis kunnen ook in een gesloten braadslede knapperig worden. Gebruik daarvoor een braadslede met glazen deksel. Stel een hogere temperatuur in.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Wanneer hete vormen van glas op een koude of natte ondergrond worden geplaatst, kan het glas barsten.
- Plaats hete glazen vormen op een droge onderzetter.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verbranding!
Bij het openen van het deksel na het bereiden kan zeer hete stoom ontsnappen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.
- Til het deksel zo op, zodat de hete stoom weg van het lichaam kan ontsnappen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
22.4 Selectie van gerechten
Insteladvies voor talrijke levensmiddelen gesorteerd op categorie.
Insteladvies voor verschillende gerechten
| Voedingswaar | Toebehoren / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C / Grillstand | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Cake, eenvoudig | Tulbandvorm of Langwerpige bakvorm | 2 | 150-170 | 50-70 | |
| Cake, eenvoudig | Tulbandvorm of Langwerpige bakvorm | 2 | 150-160 | 70-90 | |
| Cake, fijn (in rechthoekige vorm) | Tulbandvorm of Langwerpige bakvorm | 2 | 150-170 | 60-80 | |
| Cake, 2 niveaus | Tulbandvorm of Langwerpige bakvorm | 3+1 | 140-150 | 70-85 | |
| Vruchten- of kwarktaart met bodem van zandtaartdeeg | Springvorm Ø 26 cm | 2 | 170-190 | 55-80 | |
| Gebak van gistdeeg in de springvorm | Springvorm Ø 28 cm | 2 | 160-170 | 25-35 | |
| Biscuittaart, 6 eieren | Springvorm Ø 28 cm | 2 | 150-160 ¹ | 30-40 | |
| Cakerol | Braadslede | 3 | 180-200 ¹ | 10-15 | |
| Zandtaartdeeggebak met vochtige bedekking | Braadslede | 2 | 160-180 | 55-95 | |
| Gebak van gistdeeg met vochtige bedekking | Braadslede | 3 | 180-200 | 30-55 | |
| Muffins | Muffinplaat | 2 | 170-190 | 20-40 | |
| Klein gebak van gistdeeg | Braadslede | 3 | 160-180 | 25-35 | |
| Klein gebak van gistdeeg | Braadslede | 3 | 160-170 | 25-45 | |
| Koekjes | Braadslede | 3 | 140-160 | 15-25 | |
| Koekjes, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 140-160 | 15-25 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 28)
1 Het apparaat voorverwarmen.
28
Pagina 29
Zo lukt het nl
| Voedingswaar | Toebehoren / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C / Grillstand | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Koekjes, 3 niveaus | 2x Braadslede + Bakplaat | 5+3+1 | 140-160 | 15-25 | |
| Schuimgebak | Braadslede | 3 | 80-90 ¹ | 120-150 | |
| Brood, 1000 g (in rechthoekige vorm en op de plaat) | Braadslede of Langwerpige bakvorm | 2 | 1. 210-220 ¹ 2. 180-190 ¹ | 1. 10-15 2. 40-50 | |
| Pizza, vers - op de bakplaat | Braadslede | 3 | 180-200 | 20-30 | |
| Pizza, vers, dunne bodem, in pizzavorm | Pizzaplaat | 2 | 250-270 ¹ | 8-13 | |
| Quiche | Taartvorm of Zwart blik | 2 | 190-210 | 25-35 | |
| Börek | Braadslede | 1 | 180-200 | 40-50 | |
| Ovenschotel, hartig, gegaarde ingrediënten. | Vuurvaste schaal | 2 | 200-220 | 30-60 | |
| Kip, 1,3 kg, ongevuld | Open vorm | 2 | 200-220 | 60-70 | |
| Kleine kipdelen, à 250 g | Open vorm | 3 | 220-230 | 30-35 | |
| Gans, niet gevuld, 3 kg | Open vorm | 2 | 1. 140 2. 160 | 1. 130-140 2. 50-60 | |
| Varkensrug, mager, 1 kg | Vlakke glazen vorm | 2 | 180 | 90-120 | |
| Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kg | Open vorm | 2 | 160-170 | 130-150 | |
| Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kg | Open vorm | 2 | 190-200 | 120-150 | |
| Runderfilet, medium, 1 kg ² | Braadslede + Rooster | 3 | 210-220 | 40-50 ³ | |
| Gestoofd rundvlees, 1,5 kg ⁴ | Gesloten vorm | 2 | 200-220 | 130-150 | |
| Rosbief, medium, 1,5 kg | Braadslede + Rooster | 3 | 200-220 | 60-70 ³ | |
| Burger, 3-4 cm hoog ⁵ | Rooster | 4 | 3 | 25-30 ⁶ | |
| Lamsbout zonder been, medium, 1,0 kg ingebonden ⁷ | Open vorm | 2 | 170-190 | 70-80 ⁸ | |
| Vis, gegrild, heel 300 g, bijv. forel ² | Rooster | 2 | 160-180 | 20-30 | |
| Vis, gestoofd, heel 300 g, bijv. forel | Gesloten vorm | 2 | 170-190 | 30-40 | |
| Vis, gestoofd, heel 1,5 kg, bijv. zalm | Gesloten vorm | 2 | 180-200 | 55-65 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
| Yoghurt | Yoghurt maken |
| Maak yoghurt met uw apparaat. | 1. De accessoires en de rekjes uit de binnenruimte nemen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
1 Het apparaat voorverwarmen.
2 De braadslede onder het rooster inschuiven.
3 Het gerecht na 1/2 - 2/3 van de totale tijd keren.
4 In het begin vloeistof in de vorm doen, gebraad moet minstens voor 2/3 in vloeistof liggen
5 De braadslede op inschuifhoogte 2 eronder plaatsen.
6 Het gerecht na 2/3 van de totale tijd keren.
7 Water toevoegen, zodat de bodem van de vorm wordt bedekt.
8 Keer het voedsel niet.
29