naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens HQ574AER3, tekst van de handleiding

Pagina's 3–15 van 36 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina 2verder op pagina 16 →

Pagina 3

Veiligheid nl

Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze 15 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan. Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel kunnen komen.

1.5 Veiliger gebruik

Accessoires altijd op de juiste manier in de binnenruimte schuiven.

"Accessoires", Pagina 9

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

In de binnenruimte bewaarde brandbare voorwerpen kunnen vlam vatten.

Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.

Accessoires of vormen worden zeer heet.

In de hete binnenruimte kunnen alcoholdampen vlam vatten. De apparaatdeur kan openspringen. Er kunnen hete dampen en steekvlammen naar buiten treden.

De telescooprails worden heet bij het gebruik van het apparaat.

WAARSCHUWING ‒ Kans op verbranding!

Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet.

Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.

Door water in de hete binnenruimte kan hete waterdamp ontstaan.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.

Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.

In de hete binnenruimte kunnen alcoholdampen vlam vatten en kan de apparaatdeur openspringen en er eventueel afvallen. De deurramen kunnen kapot gaan en versplinteren. "Materiële schade vermijden", Pagina 5

Pagina 4

nl Veiligheid

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.

Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.

Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.

Na de installatie van het apparaat mogen de openingen in de achterwand van het apparaat niet toegankelijk zijn.

WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!

Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.

Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.

1.6 Halogeenlamp

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

De lampen in de binnenruimte worden heel heet. Ook enige tijd na het uitschakelen bestaat er nog een risico van verbranding.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Bij vervanging van de lamp staan de contacten van de lampfitting onder spanning.

1.7 Bereiding met stoom

Volg deze aanwijzingen op wanneer u bereiding met stoom gebruikt.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik van het apparaat bereikt het waterreservoir hoge temperaturen.

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

Dampen van brandbare vloeistoffen kunnen in de oven door hete oppervlakken ontsteken en een snelle verbranding veroorzaken. De appa-

Pagina 5

Materiële schade vermijden nl

raatdeur kan openspringen. Er kunnen hete dampen en steekvlammen naar buiten treden.

1.8 Reinigingsfunctie

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen tijdens de reiniging vlam vatten.

De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.

Bij beschadigde deurafdichting ontsnapt grote hitte in het bereik van de deur.

WAARSCHUWING ‒ Kans op ernstig tot dodelijk letsel!

Het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen. De antiaanbaklaag van bakplaten en vor-

men wordt aangetast en er ontstaan giftige gassen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!

De reinigingsfunctie warmt de binnenruimte tot een heel hoge temperatuur op zodat resten van braden, grillen en bakken verbranden. Hierbij komen dampen vrij die tot irritaties van de slijmvliezen kunnen leiden.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

De binnenruimte wordt zeer heet tijdens het reinigen.

De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.

2 Materiële schade vermijden

2.1 Algemeen

LET OP

Alcoholdampen kunnen in de hete binnenruimte ontvlammen en tot een permanente beschadiging van het apparaat leiden. Door de explosieve verbranding kan de apparaatdeur openspringen en er eventueel afvallen. De deurramen kunnen kapot gaan en versplinteren. Door de onderdruk die ontstaat kan de binnenruimte naar binnen sterk vervormen.

Water op de bodem van de binnenruimte bij temperaturen boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille.

Als de temperatuur hoger is dan 50°C ontstaat er warmteophoping door voorwerpen op de bodem van de

binnenruimte. De bak- en braadtijden kloppen niet meer en het email wordt beschadigd.

Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat er waterdamp. Door de temperatuurverandering kan er schade optreden.

Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.

5

Pagina 6

nl Milieubescherming en besparing

Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, laat vlekken achter die niet meer kunnen worden verwijderd.

Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.

Wanneer de apparaatdeur wordt gebruikt als vlak om iets op te zetten of te leggen kan de apparaatdeur beschadigd raken.

Afhankelijk van het apparaattype kunnen de accessoires krassen veroorzaken op de ruit dan de apparaatdeur wanneer deze gesloten wordt.

Door aluminiumfolie aan de deurruit kunnen permanente verkleuringen ontstaan.

3 Milieubescherming en besparing

3.1 Afvoeren van de verpakking

De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.

3.2 Energie besparen

Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.

Het apparaat alleen voorverwarmen, wanneer het recept of de instellingsadviezen dat aangeven.

"Zo lukt het", Pagina 27

Wanneer u het apparaat niet voorverwarmt, dan bespaart u tot wel 20% energie.

Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen.

Deze bakvormen nemen de hitte bijzonder goed op.

Open de apparaatdeur tijdens de bereiding zo weinig mogelijk.

De temperatuur in de binnenruimte blijft constant en het apparaat hoeft niet na te verwarmen.

Meerdere gerechten direct achter elkaar of parallel bakken.

De binnenruimte is na de eerste keer bakken opgewarmd. Hierdoor is de baktijd voor het gebak dat vervolgens wordt gebakken korter.

Bij langere bereidingstijden het apparaat 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitschakelen. De restwarmte is voldoende om het gerecht verder te bereiden.

Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruimte.

Overtollige accessoires hoeven niet verwarmd te worden.

Laat diepgevroren producten vóór de bereiding ontdooi- en.

Hierdoor wordt bespaard op de energie om het voedsel te ontdooien.

Opmerking: Volgens de richtlijn 2023/826 eisen inzake ecologisch ontwerp is er bij dit apparaat in uitgeschakelde toestand sprake van een andere toestand. Deze wordt hierna als spaarstand aangeduid.

Ook wanneer de hoofdfunctie niet actief is, heeft het apparaat energie nodig voor:

Detectie van de bediening van de sensortoetsen Bewaking van de deuropening

Bewerking van de tijd (zonder display) Per definitie is er dus noch sprake van een "Uit", nog van een "standby-stand", en daarom wordt de aanduiding spaarstand gebruikt. Voor de meting van de spaarstand moet de norm EN IEC 60350-1:2023 worden gebruikt.

4 Uw apparaat leren kennen

4.1 Bedieningselementen

Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.

Opmerking: Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op de afbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm.

Pagina 7

Uw apparaat leren kennen nl

Functiekeuzeknop

Met de functiekeuzeknop stelt u de verwarmingsmethoden en meer functies in.

De functiekeuzeknop kunt u vanuit de nulstand naar rechts en links draaien.

Afhankelijk van het apparaattype is de functiekeuzeknop verzonken. Voor het vergrendelingen of ontgrendelingen in de nulstand op de functiekeuzeknop drukken.

"Verwarmingsmethoden en functies", Pagina 7

1 Toetsen en display

De toetsen zijn aanrakingsgevoelige vlakken. Om een functie te kiezen, slechts licht op het betreffende veld drukken.

Op het display zijn symbolen van actieve functies en de tijdfuncties te zien.

"Toetsen en display", Pagina 7

Temperatuurknop

Met de temperatuurknop stelt u de temperatuur voor de verwarmingsmethode in en kiest u instellingen voor andere functies.

De temperatuurknop kunt u vanuit de nulstand naar rechts en links draaien.

Afhankelijk van het apparaattype is de temperatuurknop verzonken. Voor het vergrendelingen of ontgrendelingen in de nulstand op de temperatuurknop drukken.

"Temperatuur en instelstanden", Pagina 8

4.2 Toetsen en display

Met de knoppen kunt u verschillende functies van uw apparaat instellen. Op het display ziet u de instellingen. Als een functie actief is, brandt het desbetreffende symbool op de display. Het kloksymbool licht alleen op als u de tijd verandert.

SymboolFunctieGebruik
TijdfunctiesTijd , timer , tijdsduur en einde selecteren.
Om de verschillende tijdfuncties te kiezen, meerdere keren op de toets drukken.
"Tijdfuncties", Pagina 12
Min PlusInstelwaarden verlagen. Instelwaarden verhogen.
GewichtGewicht voor programma's kiezen.
KinderslotKinderslot activeren of deactiveren. "Kinderslot", Pagina 13

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)

4.3 Verwarmingsmethoden en functies

Om altijd de passende verwarmingsmethode voor uw gerechten te kunnen bepalen, geven wij hier uitleg over de verschillen en toepassingen.

Wanneer u een verwarmingsmethode kiest, stelt het apparaat u een passende temperatuur of stand voor. U kunt de waarde overnemen of wijzigen in het weergegeven gebied.

SymboolVerwarmingsmethodeGebruik en werkwijze
3D HeteluchtOp één of meer niveaus bakken of braden.
De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte.
Hete lucht stoomBakken en braden met stoomfunctie is bijzonder geschikt voor het braden van vlees en voor het bakken van brood en taart.
De ventilator verdeelt de warmte en de stoom gelijkmatig in het kookcompartiment.
Opmerking: Altijd met de waterschaal gebruiken.
De informatie omtrent stoom aanhouden.
"Bereiding met stoom", Pagina 16
Hetelucht EcoGekozen gerechten zonder voorverwarmen op één niveau voorzichtig garen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)

Pagina 8

nl Uw apparaat leren kennen

SymboolVerwarmingsmethodeGebruik en werkwijze
De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte.
Het product wordt in fasen bereid met behulp van restwarmte. Houd de deur van het apparaat tijdens het bereiden gesloten. Als u de toesteldeur ook maar kort opent, blijft het apparaat verwarmen zonder gebruik te maken van de restwarmte. Deze verwarmingsmethode wordt voor het bepalen van het energieverbruik in de circulatieluchtmodus en de energieklasse gebruikt.
PizzastandPizza's of gerechten klaarmaken die veel warmte van onderen nodig hebben. Het onderste verwarmingselement en het ronde verwarmingselement aan de achterwand zijn ingeschakeld.
OnderwarmteGerechten nabakken of au bain-marie bereiden. De warmte komt van onderen.
CirculatiegrillenGevogelte, hele vis of grotere stukken vlees braden.
Het grillelement en de ventilator schakelen afwisselend in en uit. De ventilator wervelt de hete lucht rond het gerecht.
Grill, groot Grillstanden: 1 = laag
2 = gemiddeld 3 = hoog
Platte producten, zoals groenten, worstjes of toast grillen. Gerechten gratineren. Het hele oppervlak onder de grill wordt heet.
Boven- en onderwarmteTraditioneel bakken of braden op één niveau. De verwarmingsmethode is bijzonder geschikt voor gebak met vochtige bedekking.
De warmte komt gelijkmatig van boven en van onderen.
Deze verwarmingsmethode wordt gebruikt voor het bepalen van het energieverbruik in de conventionele modus.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)

Meer functies

Hier vindt u een overzicht van bijkomende functies van uw apparaat.

SymboolFunctieGebruik
Snel voorverwarmenDe binnenruimte zonder accessoires snel voorverwarmen. "Snel voorverwarmen", Pagina 11
OvenlampDe binnenruimte zonder verwarming verlichten.
Programma'sDe programmafunctie instellen. "Programma's", Pagina 14
ZelfreinigingReinigt het kookcompartiment vrijwel zelfstandig. "Zelfreiniging", Pagina 19

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)

4.4 Temperatuur en instelstanden

Bij de verwarmingsmethoden en functies zijn er verschillende instellingen.

Opmerking: Bij de instelling grillstand 3 verlaagt het apparaat na ca. 20 minuten op grillstand 1.

SymboolFunctieGebruik
NulstandHet apparaat warmt niet op.
50 - 275TemperatuurbereikDe temperatuur in °C in de binnenruimte instellen.
1, 2, 3 of
I, II, III
GrillstandenDe grillstanden instellen voor Grill, groot en Grill, klein (afhankelijk van het type apparaat).
1 = zwak
2 = gemiddeld
3 = sterk
1, 2, 3 of
I, II, III
ReinigingsstandenDe reinigingsgraden instellen voor de Zelfreiniging. 1 = licht
2 = gemiddeld
3 = intensief

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)

Opwarmindicatie

Het apparaat geeft aan wanneer het opwarmt.

8

Wanneer het apparaat opwarmt, brand op het display het symbool .

Pagina 9

Accessoires nl

Wanneer u voorverwarmt, is het optimale tijdstip voor het inschuiven van het gerecht bereikt zodra het symbool dooft.

Opmerkingen

De opwarmingsindicatie verschijnt alleen bij verwarmingsmethoden waarbij een temperatuur wordt ingesteld. Bij grillstanden bijv. verschijnt de opwarmingsindicatie niet.

Door thermische traagheid kan de weergegeven temperatuur een beetje afwijken van de werkelijke temperatuur in de binnenruimte.

De rekjes kunt u, bijvoorbeeld om te reinigen, verwijderen.

"Rekjes", Pagina 24

4.5 Binnenruimte

Functies voor de binnenruimte vergemakkelijken het gebruik van uw apparaat.

Rekjes

U kunt accessoires op verschillende hoogtes in de rekjes in de binnenruimte schuiven.

Uw apparaat heeft 5 inschuifhoogtes. De inschuifhoogtes worden van beneden naar boven geteld.

Afhankelijk van het type apparaat zijn de accessoires met uitschuif- of clip-telescooprails voorzien. De telescooprails zijn vast gemonteerd en kunnen niet worden verwijderd. De clip-telescooprails kunt u volgens uw wensen op alle vrije inschuifhoogtes aanbrengen.

Koelventilator

De koelventilator schakelt tijdens gebruik automatisch in. De lucht ontsnapt via de deur.

Het apparaat herkend verhoogde vochtigheid in het kookcompartiment. Om de vochtigheid te reguleren, kan de intensiteit en het bedrijfsgeluid van de koelventilator variëren.

LET OP

Door het afdekken van de ventilatiesleuven raakt het apparaat oververhit.

Om het apparaat af te koelen en om restvocht uit het kookcompartiment te verwijderen, loopt de koelventilator na bedrijf nog een bepaalde tijd na.

Opmerking: U kunt de nalooptijd wijzigen in de basisinstellingen. Wanneer u vaak zeer vochtige gerechten bereidt of in het kookcompartiment warm houdt, dan stelt u een langere nalooptijd in.

"Basisinstelingen", Pagina 13

Apparaatdeur

Wanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik, wordt de werking voortgezet.

5 Accessoires

Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd.

Opmerking: Wanneer de accessoires heet worden, kunnen deze vervormen. De vervorming heeft geen invloed op de werking. De vervorming verdwijnt weer nadat de accessoires zijn afgekoeld.

De meegeleverde accessoires kunnen variëren, afhankelijk van het type apparaat.

AccessoiresGebruik
RoosterBakvormen
Ovenschalen
Servies
Vlees, bijv. braad- of grillstukken Diepvriesgerechten

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)

Pagina 10

nl Accessoires

AccessoiresGebruik
BraadsledeVochtig gebak
Gebak
Brood
Grote braadstukken
Diepvriesgerechten
Afdruipende vloeistof opvangen, bijv vet bij het grillen op het rooster.
WaterreservoirBereiden met de stoomfunctie
De horizontale markeringen op het reservoir geven de waterhoeveelheid aan:
100 ml
150 ml
200 ml
Opmerking: max. 250 ml

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)

5.1 Vergrendelingsfunctie

De vergrendelingsfunctie voorkomt dat de accessoires kantelen wanneer ze worden uitgetrokken.

U kunt het accessoire tot ongeveer de helft uittrekken, tot deze vastklikt. De kantelbeveiliging functioneert alleen wanneer u het accessoire op de juiste manier in de binnenruimte schuift.

5.2 Accessoire in de binnenruimte schuiven

Het toebehoren altijd op de juiste manier in de binnenruimte schuiven. Alleen zo kan het accessoire zonder te kantelen tot ongeveer de helft worden uitgetrokken.

RoosterHet rooster met de open kant naar de apparaatdeur en de welving naar beneden in de oven schuiven.
Plaat bijv. braadslede of bakplaatDe plaat met de afschuining gericht naar de ovendeur in de oven schuiven.
Plaats het accessoire op de ingeschoven telescooprail.
Rooster of plaatDe accessoires zo plaatsen dat de rand van de accessoires achter het lipje op de telescooprail zit.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)

Opmerking: Wanneer de telescooprails volledig zijn ingeschoven of uitgeschoven, klikt u deze afhankelijk van het apparaattype in. De telescooprails met een lichte druk uit hun positie halen.

Opmerking: Haal de accessoires die u niet nodig hebt bij het gebruik uit de binnenruimte.

Accessoires combineren

Om afdruipende vloeistof op te vangen, kunt u het rooster in combinatie met de braadslede gebruiken.

Rooster op braadslede

5.3 Meer accessoires

Meer accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, in speciaalzaken of op het internet.

U vindt een uitgebreid aanbod voor uw apparaat in onze folders of op internet:

siemens-home.bsh-group.com

Voor de verschillende apparaten zijn specifieke accessoires beschikbaar. Geef bij de aankoop altijd de precieze aanduiding (E-nr.) van uw apparaat op.

Pagina 11

Voor het eerste gebruik nl

Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat, kunt u zien in de online-shop of navragen bij de klantenservice.

6 Voor het eerste gebruik

Stel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het apparaat en de accessoires.

6.1 Eerste gebruik

U moet instellingen voor de eerste ingebruikneming uitvoeren voordat u uw apparaat kunt gebruiken.

Tijd instellen

Na de aansluiting van het apparaat of na een stroomonderbreking knippert de tijd op het display. De tijd start bij 12:00 uur. Stel de actuele tijd in.

Vereiste: De functiekeuzeknop dient in de nulstand te staan.

Het display toont de ingestelde tijd.

6.2 Het apparaat reinigen voordat u het voor het eerst gebruikt

Voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met het apparaat dient u de binnenruimte en de accessoires te reinigen.

Verwarmingsmethode3D-hetelucht
Temperatuurmaximaal
Tijdsduur1 uur

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)

7 De Bediening in essentie

7.1 Apparaat inschakelen

Het apparaat is ingeschakeld.

7.2 Verwarmingsmethode en temperatuur instellen

Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen.

Tips

De meest geschikte verwarmingsmethode voor uw gerechten vindt u in de beschrijving van de verwarmingsmethoden.

"Verwarmingsmethoden en functies", Pagina 7

8 Snel voorverwarmen

Om tijd te besparen kunt u met de functie snel voorverwarmen de opwarmtijd verkorten.

U kunt aan het apparaat de duur en het einde van de werking instellen.

"Tijdfuncties", Pagina 12

Verwarmingsmethode wijzigen

U kunt de verwarmingsmethode altijd wijzigen.

Temperatuur wijzigen

U kunt de temperatuur altijd wijzigen.

7.3 Machine uitschakelen

Pagina 12

nl Tijdfuncties

8.1 Geschikte verwarmingsmethoden bij coolStart

coolStart kan bij ingestelde temperaturen boven 100°C de opwarmduur verkorten.

De meest geschikte verwarmingsmethoden zijn:

3D Hetelucht

8.2 Snel voorverwarmen instellen

Om een gelijkmatig bereidingsresultaat te krijgen, de gerechten pas na het snel voorverwarmen in de binnenruimte plaatsen.

Na enkele seconden start het snel voorverwarmen. Als het snel voorverwarmen eindigt, dooft de indicatie voor het voorverwarmen.

9 Tijdfuncties

Uw apparaat beschikt over verschillende tijdfuncties waarmee u de werking kunt sturen.

9.1 Overzicht van de tijdfuncties

Met de knop kiest u de verschillende tijdfuncties.

TijdfunctieGebruik
WekkerDe wekker kunt u onafhankelijk van de werking instellen. Hij beïnvloedt het apparaat niet.
TijdsduurWanneer u voor de werking een tijdsduur instelt, houdt het apparaat na het verstrijken van de tijdsduur automatisch op met verwarmen.
EindeVoor de duur kunt u een tijd instellen waarop de werking eindigt. Het apparaat start automatisch zodat de werking op de gewenste tijd klaar is.
TijdU kunt de tijd instellen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)

9.2 Timer instellen

De timer loopt onafhankelijk van de werking. U kunt de timer bij ingeschakeld en uitgeschakeld apparaat tot 23 uur en 59 minuten instellen. De timer heeft een eigen signaal, zodat u hoort of de timer of een tijdsduur eindigt.

Opmerking: De time en een tijdsduur kunnen niet tegelijk lopen. Wanneer er al een tijdsduur is ingesteld, dan kan de timer niet worden ingesteld.

KnopVoorgestelde waarde
5 minuten
10 minuten

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)

Tot 10 minuten kan de timertijd in stappen van 30 seconden worden ingesteld. Daarna worden de tijdstappen groter, naarmate de waarde hoger is.

Na enkele seconden start de timer en loopt de timertijd af.

Wanneer de timertijd is verstreken, klinkt een signaal en op het display staat de timertijd op nul.

Wekker wijzigen

U kunt de wekkertijd altijd wijzigen.

Vereiste: Op het display is gemarkeerd.

Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen.

Wekker afbreken

U kunt de wekkertijd altijd afbreken.

Vereiste: Op het display is gemarkeerd.

9.3 Tijdsduur instellen

De tijdsduur voor de werking kunt u tot 23 uur en 59 minuten instellen.

Vereiste: Een verwarmingsmethode en een temperatuur of stand zijn ingesteld.

KnopVoorgestelde waarde
10 minuten
30 minuten

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)

De tijdsduur kan tot een uur worden ingesteld in stappen van een minuut, daarna in stappen van 5 minuten.

Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen en de duur verstrijkt.

Als de tijdsduur verstreken is, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.

Pagina 13

Kinderslot nl

Tijdsduur wijzigen

U kunt de duur altijd wijzigen.

Vereiste: Op het display is gemarkeerd.

Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen.

Tijdsduur afbreken

U kunt de duur altijd afbreken.

Vereiste: Op het display is gemarkeerd.

Na enkele seconden neemt het apparaat de wijziging over en wordt zonder duur verder opgewarmd.

9.4 Einde instellen

Het tijdstip waarop de tijdsduur afloopt, kunt u tot 23 uur en 59 minuten verschuiven.

Opmerkingen

Bij verwarmingssoorten met grillfunctie kan het einde niet worden ingesteld.

Om een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, wijzigt u het einde niet meer als de werking eenmaal is gestart.

Om te voorkomen dat levensmiddelen bederven, dient u ze niet te lang in de binnenruimte te laten staan.

Vereisten

Een verwarmingsmethode en een temperatuur of stand zijn ingesteld.

Er is een tijdsduur ingesteld.

Het display toont het berekende einde.

Na enkele seconden neemt het apparaat de instelling over en het display toont het ingestelde einde. Als de berekende starttijd is bereikt, begint het apparaat op te warmen en de tijdsduur verstrijkt.

Als de tijdsduur verstreken is, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.

Einde wijzigen

Om een goed kookresultaat te verkrijgen, kunt u het ingestelde einde alleen wijzigen totdat de werking start en de tijdsduur verstrijkt.

Vereiste: Op het display is gemarkeerd.

Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen.

Einde afbreken

U kunt het ingestelde einde altijd wissen.

Vereiste: Op het display is gemarkeerd.

Na enkele seconden neemt het apparaat de wijziging over en begint het apparaat op te warmen. De tijdsduur loopt af.

9.5 Tijd instellen

Na de aansluiting van het apparaat of na een stroomonderbreking knippert de tijd op het display. De tijd start bij 12:00 uur. Stel de actuele tijd in.

Vereiste: De functiekeuzeknop dient in de nulstand te staan.

Het display toont de ingestelde tijd.

10 Kinderslot

Beveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per ongeluk inschakelen of instellingen wijzigen.

10.1 Kinderslot activeren

Vereiste: De functiekeuzeknop staat op de nulstand .

11 Basisinstellingen

U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.

10.2 Kinderslot deactiveren

Vereiste: De functiekeuzeknop staat op de nulstand .

Pagina 14

nl Programma's

11.1 Overzicht van de basisinstellingen

Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksinstellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat.

IndicatieBasisinstellingKeuze
Signaalduur na het verstrijken van een tijdsduur of wekkertijd= 10 seconden = 30 seconden ¹ = 2 minuten
Wachttijd totdat een instelling is overgenomen= 3 seconden ¹ = 6 seconden = 10 seconden
Toetssignaal bij het indrukken van een toets= uit = aan ¹
Helderheid van de displayverlichting= donker = gemiddeld ¹ = helder
Indicatie van de tijd= tijdsweergave uit = tijd weergeven ¹
Kinderslot instelbaar= nee = ja ¹ = ja, met deurvergrendeling
Verlichting van de binnenruimte bij gebruik= nee = ja ¹
Nalooptijd van de koelventilator= kort = gemiddeld ¹ = lang = extra lang
Telescooprails achteraf aangebracht ²= nee ¹ (bij rekjes en enkelvoudig uittreksysteem) = ja (bij 2- en 3-voudig uittreksysteem)
Alle waarden naar de fabrieksinstelling terugzetten= nee ¹ = ja

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)

11.2 Basisinstelling wijzigen

Vereiste: Het apparaat is uitgeschakeld.

Opmerking: Na een stroomonderbreking blijven de ingevoerde wijzigingen van de basisinstellingen behouden.

11.3 Basisinstellingen annuleren

Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgeslagen.

12 Programma's

Met de programma's helpt u uw apparaat bij de bereiding van verschillende gerechten en kiest u automatisch de optimale instellingen.

12.1 Vormen voor programma's

Gebruik een hittebestendige vorm, die geschikt is voor temperaturen tot 300°C.

Vormen van glas of glaskeramiek zijn het meest geschikt. Het vlees moet de bodem van de vorm voor ca. 2/3 bedekken.

Vormen van het volgende materiaal zijn niet geschikt: licht gekleurd, glanzend aluminium

Niet geglazuurde klei Kunststof of kunststof grepen

12.2 Instellingen bij programma's

Het apparaat kiest het optimale verwarmingstype, de temperatuur en de tijdsduur.

Om een optimaal kookresultaat te behalen, hoeft u slechts het gewicht van uw gerecht in te stellen.

Opmerking: Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen. Gebruik verse levensmiddelen, het best op koelkasttemperatuur.

1 Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)

2 Afhankelijk van de apparaatuitvoering

14

Pagina 15

Programma's nl

12.3 Programmatabel

De programmanummers zijn aan bepaalde gerechten toegewezen.

Het gewicht kan in een bereik tussen 0,5 kg en 2,5 kg worden ingesteld.

Nr.GerechtVormenInstelgewichtVloeistof toevoegenInschuif-hoogteAanwijzingen
01Kip, ongevuld panklaar, gekruidBraadpan met glazen dekselGewicht kipnee2met de borst naar boven in de vorm leggen
02Kalkoenfilet van het stuk, gekruidBraadpan met glazen dekselGewicht kalkoenfiletBodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
03Eenpansgerecht, met groente vegetarischhoge braadpan met dekselTotaalgewichtvolgens recept2Groente met een lange bereidingstijd (bijv. wortelen) in kleinere stukken snijden dan groente met een korte bereidingstijd (bijv. tomaten)
04Goulash
Rund- of varkensvlees in blokjes, met groente
hoge braadpan met dekselTotaalgewichtvolgens recept2Eerst het vlees erin doen en daarop de groente leggen Het vlees niet eerst aanbraden
05Gebraden gehakt, vers
Gehakt van rund-, varkens- of lamsvlees
Braadpan met dekselGewicht gehaktnee2-
06Gestoofd rundvlees bijv. klapstuk, schouderstuk, fricandeau of gemarineerd vleesBraadpan met dekselGewicht van het vleesVlees met vloeistof bedekken2Het vlees niet eerst aanbraden
07Runderrollade gevuld met groente of vleesBraadpan met dekselGewicht van alle gevulde rolladesVleesrolletjes bedekken bijv. met bouillon of water2Het vlees niet eerst aanbraden
08Lamsbout, doorbakken zonder been, gekruidBraadpan met dekselGewicht van het vleesBodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
09Gebraden kalfsvlees, mager bijv. lendestuk of fricandeauBraadpan met dekselGewicht van het vleesBodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
10Gebraden varkensnek zonder been, gekruidBraadpan met glazen dekselGewicht van het vleesBodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)

← pagina 2verder op pagina 16 →Inhoud